Artikel 1. Artikel 212 van het koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, laatstelijk gewijzigd bij het koninklijk besluit van 29 juni 2021, wordt aangevuld met een lid, luidende :
"Voor de gerechtigde wiens primaire ongeschiktheid of wiens invaliditeit een aanvang neemt vanaf 1 januari 2024, wordt het maximumbedrag van het loon vastgesteld op 105,1873 euro.".
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
12 MAART 2023. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994
Titre
12 MARS 2023. - Arrêté royal modifiant l'arrêté royal du 3 juillet 1996 portant exécution de la loi relative à l'assurance obligatoire soins de santé et indemnités, coordonnée le 14 juillet 1994
Informations sur le document
Numac: 2023201499
Datum: 2023-03-12
Info du document
Numac: 2023201499
Date: 2023-03-12
Tekst (7)
Texte (7)
Article 1er. L'article 212 de l'arrêté royal du 3 juillet 1996 portant exécution de la loi relative à l'assurance obligatoire soins de santé et indemnités coordonnée le 14 juillet 1994, modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 29 juin 2021, est complété par un alinéa rédigé comme suit:
" Pour le titulaire dont l'incapacité primaire ou l'invalidité prend cours à partir du 1er janvier 2024, le montant maximum de la rémunération est fixé à 105,1873 euros. ".
" Pour le titulaire dont l'incapacité primaire ou l'invalidité prend cours à partir du 1er janvier 2024, le montant maximum de la rémunération est fixé à 105,1873 euros. ".
Art.2. In artikel 214, § 1, eerste lid, van hetzelfde besluit, laatstelijk gewijzigd bij het koninklijk besluit van 29 juni 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in de bepaling onder 1° wordt het getal "44,5546" vervangen door het getal "45,6685";
2° in de bepaling onder 2°, a), wordt het getal "35,4810" vervangen door het getal "36,1906";
3° in de bepaling onder 2°, b), wordt het getal "30,4223" vervangen door het getal "31,0307".
1° in de bepaling onder 1° wordt het getal "44,5546" vervangen door het getal "45,6685";
2° in de bepaling onder 2°, a), wordt het getal "35,4810" vervangen door het getal "36,1906";
3° in de bepaling onder 2°, b), wordt het getal "30,4223" vervangen door het getal "31,0307".
Art.2. A l'article 214, § 1er, alinéa 1er, du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 29 juin 2021, les modifications suivantes sont apportées : °
1°, le nombre " 44,5546 " est remplacé par le nombre " 45,6685 ";
2° au 2°, a), le nombre " 35,4810 " est remplacé par le nombre " 36,1906 ";
3° au 2°, b), le nombre " 30,4223 " est remplacé par le nombre " 31,0307 ".
1°, le nombre " 44,5546 " est remplacé par le nombre " 45,6685 ";
2° au 2°, a), le nombre " 35,4810 " est remplacé par le nombre " 36,1906 ";
3° au 2°, b), le nombre " 30,4223 " est remplacé par le nombre " 31,0307 ".
Art.3. In artikel 215bis, § 2, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 10 juli 1998 en laatstelijk gewijzigd bij het koninklijk besluit van 29 juni 2021, wordt het getal "16,7946" vervangen door het getal "16,8786".
Art.3. A l'article 215bis, § 2, du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 10 juillet 1998 et modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 29 juin 2021, le nombre " 16,7946 " est remplacé par le nombre "16,8786".
Art.4. Artikel 237bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 3 juli 2005 en laatstelijk gewijzigd bij het koninklijk besluit van 29 juin 2021, wordt aangevuld met een lid, luidende:
"Het bedrag van de invaliditeitsuitkering van de gerechtigde wiens arbeidsongeschiktheid is aangevangen uiterlijk op 31 december 2007, wordt met ingang van 1 juli 2023 verhoogd met een herwaarderingscoëfficiënt van 0,95 pct. Deze herwaardering is evenwel niet van toepassing op de gerechtigden die een minimumuitkering ontvangen, bedoeld in artikel 214.".
"Het bedrag van de invaliditeitsuitkering van de gerechtigde wiens arbeidsongeschiktheid is aangevangen uiterlijk op 31 december 2007, wordt met ingang van 1 juli 2023 verhoogd met een herwaarderingscoëfficiënt van 0,95 pct. Deze herwaardering is evenwel niet van toepassing op de gerechtigden die een minimumuitkering ontvangen, bedoeld in artikel 214.".
Art.4. L'article 237bis du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 3 juillet 2005 et modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 29 juin 2021, est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Le montant de l'indemnité d'invalidité du titulaire dont l'incapacité de travail a pris cours au plus tard le 31 décembre 2007 est augmenté d'un coefficient de revalorisation de 0,95 p.c. à partir du 1er juillet 2023. Cette revalorisation n'est toutefois pas applicable aux titulaires bénéficiant d'un montant minimum visé à l'article 214. ".
" Le montant de l'indemnité d'invalidité du titulaire dont l'incapacité de travail a pris cours au plus tard le 31 décembre 2007 est augmenté d'un coefficient de revalorisation de 0,95 p.c. à partir du 1er juillet 2023. Cette revalorisation n'est toutefois pas applicable aux titulaires bénéficiant d'un montant minimum visé à l'article 214. ".
Art.5. Artikel 237bis/1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 mei 2019 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 29 juni 2021, wordt aangevuld met twee leden, luidende:
"In afwijking van het eerste lid wordt voor de gerechtigde wiens arbeidsongeschiktheid uiterlijk op 31 december 2023 de duur van vijf jaar bereikt, het bedrag van de invaliditeitsuitkering vanaf 1 juli 2023 met een herwaarderingscoëfficiënt van 2 pct. verhoogd. Deze herwaardering is evenwel niet van toepassing op de gerechtigden die een minimumuitkering ontvangen, bedoeld in artikel 214.
In afwijking van het eerste lid wordt voor de gerechtigde wiens arbeidsongeschiktheid uiterlijk op 31 december 2024 de duur van vijf jaar bereikt, het bedrag van de invaliditeitsuitkering vanaf 1 januari 2024 met een herwaarderingscoëfficiënt van 2 pct. verhoogd. Deze herwaardering is evenwel niet van toepassing op de gerechtigden die een minimumuitkering ontvangen, bedoeld in artikel 214.".
"In afwijking van het eerste lid wordt voor de gerechtigde wiens arbeidsongeschiktheid uiterlijk op 31 december 2023 de duur van vijf jaar bereikt, het bedrag van de invaliditeitsuitkering vanaf 1 juli 2023 met een herwaarderingscoëfficiënt van 2 pct. verhoogd. Deze herwaardering is evenwel niet van toepassing op de gerechtigden die een minimumuitkering ontvangen, bedoeld in artikel 214.
In afwijking van het eerste lid wordt voor de gerechtigde wiens arbeidsongeschiktheid uiterlijk op 31 december 2024 de duur van vijf jaar bereikt, het bedrag van de invaliditeitsuitkering vanaf 1 januari 2024 met een herwaarderingscoëfficiënt van 2 pct. verhoogd. Deze herwaardering is evenwel niet van toepassing op de gerechtigden die een minimumuitkering ontvangen, bedoeld in artikel 214.".
Art.5. L'article 237bis/1 du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 17 mai 2019 et modifié par l'arrêté royal du 29 juin 2021, est complété par deux alinéas rédigés comme suit:
" Par dérogation à l'alinéa 1er, pour le titulaire dont l'incapacité de travail atteint la durée de cinq ans au plus tard le 31 décembre 2023, le montant de l'indemnité d'invalidité est augmenté d'un coefficient de revalorisation de 2 p.c. à partir du 1er juillet 2023. Cette revalorisation n'est toutefois pas applicable aux titulaires bénéficiant d'un montant minimum visé à l'article 214.
Par dérogation à l'alinéa 1er, pour le titulaire dont l'incapacité de travail atteint la durée de cinq ans au plus tard le 31 décembre 2024, le montant de l'indemnité d'invalidité est augmenté d'un coefficient de revalorisation de 2 p.c. à partir du 1er janvier 2024. Cette revalorisation n'est toutefois pas applicable aux titulaires bénéficiant d'un montant minimum visé à l'article 214. ".
" Par dérogation à l'alinéa 1er, pour le titulaire dont l'incapacité de travail atteint la durée de cinq ans au plus tard le 31 décembre 2023, le montant de l'indemnité d'invalidité est augmenté d'un coefficient de revalorisation de 2 p.c. à partir du 1er juillet 2023. Cette revalorisation n'est toutefois pas applicable aux titulaires bénéficiant d'un montant minimum visé à l'article 214.
Par dérogation à l'alinéa 1er, pour le titulaire dont l'incapacité de travail atteint la durée de cinq ans au plus tard le 31 décembre 2024, le montant de l'indemnité d'invalidité est augmenté d'un coefficient de revalorisation de 2 p.c. à partir du 1er janvier 2024. Cette revalorisation n'est toutefois pas applicable aux titulaires bénéficiant d'un montant minimum visé à l'article 214. ".
Art.6. Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2023, met uitzondering van artikel 1 dat in werking treedt op 1 januari 2024.
Art.6. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er juillet 2023, à l'exception de l'article 1er qui entre en vigueur le 1er janvier 2024.
Art. 7. De minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 7. Le ministre qui a les affaires sociales dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.