Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
19 JANUARI 2023. - Koninklijk besluit tot vastleggen van de frequenties van inspecties waarvoor de aanwezigheid van een agent van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen in inrichtingen van de vlees- en vissector in het raam van het controleprogramma van het Agentschap vereist is
Titre
19 JANVIER 2023. - Arrêté royal fixant les fréquences des inspections nécessitant la présence d'un agent de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire dans les établissements du secteur des viandes et du poisson dans le cadre du programme de contrôle de l'Agence
Informations sur le document
Numac: 2023030398
Datum: 2023-01-19
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2023030398
Date: 2023-01-19
Moniteur: Voir
Table des matières
Table des matières
Tekst (12)
Texte (12)
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
  1° inrichting, operator, exploitant: de inrichting, de operator, de exploitant in de zin van het koninklijk besluit van 16 januari 2006 tot vaststelling van de nadere regels van de erkenningen, toelatingen en voorafgaande registraties afgeleverd door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen;
  2° aantal tewerkgestelde personen op jaarbasis: het aantal in de inrichting tewerkgestelde personen in de zin van het koninklijk besluit van 10 november 2005 betreffende heffingen bepaald bij artikel 4 van de wet van 9 december 2004 betreffende de financiering van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen;
  3° aantal tewerkgestelde personen op eender welk moment: het aantal bezoldigde personen van de operator en de bezoldigde personen die ter beschikking zijn gesteld door een uitzendkantoor of een dienstverlener, die in een vestigingseenheid worden ingezet voor het uitvoeren van de activiteiten;
  4° geraffineerde producten: de producten die vallen onder sectie XVI van bijlage 3 van de verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong.
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
  1° établissement, opérateur, exploitant : l'établissement, l'opérateur, l'exploitant au sens de l'arrêté royal du 16 janvier 2006 fixant les modalités des agréments, des autorisations et des enregistrements préalables délivrés par l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire ;
  2° nombre de personnes occupées sur base annuelle : le nombre de personnes occupées dans l'établissement au sens de l'arrêté royal du 10 novembre 2005 relatif aux contributions visées à l'article 4 de la loi du 9 décembre 2004 portant financement de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire ;
  3° nombre de personnes occupées à tout moment : le nombre de personnes salariées de l'opérateur ainsi que les personnes salariées mises à sa disposition par une agence de travail intérimaire ou par un prestataire de services occupées dans une unité d'établissement pour effectuer les activités ;
  4° produits raffinés : les produits couverts par la section XVI de l'annexe 3 du règlement (CE) n° 853/2004 du Parlement européen et du Conseil du 29 avril 2004 fixant des règles spécifiques d'hygiène applicables aux denrées alimentaires d'origine animale.
Art. 2. § 1. Onverminderd de bepalingen van artikel 3 van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen en onverminderd andere reglementaire bepalingen die de aanwezigheid van met het officieel toezicht belaste personen vereisen bij bepaalde activiteiten in de inrichtingen, bepaalt bijlage I, deel A de jaarlijkse inspectiefrequentie en de minimale en maximale inspectieduur in de vermelde inrichtingen, rekening houdend met hun activiteiten, in het raam van het controleprogramma van het Agentschap.
  § 2. In afwijking op paragraaf 1, worden voor inrichtingen die werken met een gemiddeld aantal van maximaal vier tewerkgestelde personen op jaarbasis en met maximaal zes tewerkgestelde personen op eender welk moment, het aantal inspecties die ieder jaar worden verricht in het kader van het controleprogramma en de duur ervan vermeld in deel B van bijlage I, rekening houdende met de activiteiten van deze inrichtingen.
  In een inrichting waar meerdere operatoren onder dezelfde erkenning, dezelfde toelating of dezelfde registratie van een exploitant werken, is het aantal tewerkgestelde personen dat in aanmerking wordt genomen voor de bepaling van het aantal inspecties, de som van het aantal personen die op jaarbasis en op eender welk moment door deze verschillende operatoren worden tewerkgesteld.
  § 3. Indien het Agentschap vaststelt dat de voorwaarden om te kunnen genieten van de afwijking beschreven in paragraaf 2 van het onderhavige artikel niet worden nageleefd, wordt het aantal inspecties in het kader van het controleprogramma en de duur ervan vermeld in deel A van bijlage I, pro rata van het resterend aantal maanden van het lopende jaar.
  § 4. In uitzondering op paragrafen 1 en 2 is bijlage I, deel B, van toepassing voor school- of opleidingsinstellingen die erkend zijn door de Gemeenschappen en waar de activiteiten die zijn opgenomen in bijlage I uitsluitend in het kader van onderwijs worden uitgeoefend.
Art. 2. § 1er. Sans préjudice des dispositions de l'article 3 de l'arrêté royal du 22 février 2001 organisant les contrôles effectués par l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire et modifiant diverses dispositions légales, et sans préjudice d'autres dispositions réglementaires nécessitant la présence de personnes chargées de la surveillance officielle lors de certaines activités dans les établissements, l'annexe I, partie A, fixe la fréquence annuelle des inspections et la durée minimale et maximale des inspections applicables aux établissements mentionnés selon leurs activités, dans le cadre du programme de contrôle de l'Agence.
  § 2. Par dérogation au paragraphe 1er, pour les établissements qui travaillent en moyenne avec un nombre de personnes occupées sur base annuelle de maximum quatre et avec un nombre de personnes occupées de maximum six à tout moment, le nombre d'inspections qui sont effectuées chaque année dans le cadre du programme de contrôle et leur durée sont mentionnés à la partie B de l'annexe I, compte tenu des activités desdits établissements.
  Dans un établissement où plusieurs opérateurs exercent leur activité sous le même agrément ou la même autorisation ou le même enregistrement qu'un exploitant, le nombre de personnes occupées qui est pris en compte pour déterminer la fréquence d'inspection, est la somme des nombres de personnes occupées sur base annuelle et à tout moment par ces différents opérateurs.
  § 3. Si l'Agence constate le non-respect des conditions requises pour bénéficier de la dérogation énoncée au paragraphe 2 du présent article, le nombre d'inspections qui sont effectuées dans le cadre du programme de contrôle et leur durée mentionnés à la partie A de l'annexe I s'appliquent au prorata du nombre restant de mois de l'année en cours.
  § 4. Par dérogation aux paragraphes 1er et 2, l'annexe I, partie B, s'applique aux établissements scolaires ou de formation qui sont reconnus par les Communautés où sont exercées des activités reprises à l'annexe I exclusivement dans le cadre de l'enseignement.
Art. 3. § 1. De inspecties bedoeld in artikel 2 worden ingedeeld in twee types:
  1° De globale inspecties, die, in functie van de activiteiten van de inrichting, een controle inhouden over alle reglementaire bepalingen die tot de bevoegdheid van het Agentschap behoren;
  2° De opvolgingsinspecties, die steekproefsgewijs bepaalde aspecten van deze regelgeving inhouden.
  § 2. Jaarlijks wordt één globale inspectie uitgevoerd per activiteit uitgeoefend in de inrichting. De overige inspecties, zoals bepaald door het totale aantal inspecties, zijn opvolgingsinspecties.
Art. 3. § 1er. Les inspections visées à l'article 2 sont subdivisées en deux types :
  1° Les inspections globales, qui consistent en un contrôle, en fonction des activités de l'établissement, de toutes les dispositions réglementaires relevant de la compétence de l'Agence ;
  2° Les inspections de suivi, qui consistent en un contrôle de certains aspects de cette réglementation sur une base aléatoire.
  § 2. Une inspection globale est réalisée annuellement pour chaque activité exercée dans l'établissement. Les autres inspections, déterminées par le nombre total d'inspections, sont des inspections de suivi.
Art. 4. § 1. De weging van de criteria en de indeling van de inrichtingen in de categorieën in functie van de aldus bekomen resultaten gebeurt overeenkomstig bijlage II.
  § 2. De volgende criteria worden in rekening gebracht, voor het geheel van de activiteiten van de inrichting die onder dit besluit vallen, om te bepalen in welke van de in de bijlage II, punt 3, bepaalde categorie van inrichtingen de individuele inrichtingen worden ondergebracht:
  1° de aanwezigheid of afwezigheid van een gevalideerd of gecertificeerd autocontrolesysteem als bedoeld in het koninklijk besluit van 14 november 2003 betreffende autocontrole, meldingsplicht en traceerbaarheid in de voedselketen;
  2° de opgelopen maatregelen gedurende de twee jaren voorafgaand aan de bepaling van het aantal inspecties.
  Met maatregelen worden bedoeld:
  a) een waarschuwing als bedoeld in artikel 5 van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen;
  b) een proces-verbaal van overtreding zoals bedoeld in artikel 3, paragraaf 4 van het koninklijk besluit van 22 februari 2001 houdende organisatie van de controles die worden verricht door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen en tot wijziging van diverse wettelijke bepalingen;
  c) een schorsing of intrekking van de erkenning, de toelating of de registratie, in de zin van hoofdstuk II, sectie 5, van het koninklijk besluit van 16 januari 2006 tot vaststelling van de nadere regels van de erkenningen, toelatingen en voorafgaande registraties afgeleverd door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen.
  § 3. Het reële aantal inspecties in een gegeven inrichting, naargelang het bekomen resultaat van de weging van de criteria voor de betrokken inrichting uitkomt in de categorie 1, 2 of 3, als bedoeld in de bijlage II, punt 3, is opgenomen in bijlage I, deel A. Inrichtingen in categorie 1 worden gecontroleerd volgens de verlaagde frequentie, inrichtingen in categorie 2 worden gecontroleerd volgens de basisfrequentie en inrichtingen in categorie 3 worden gecontroleerd volgens de verhoogde frequentie.
  Voor de inrichtingen die op 1 januari in categorie 1 uitkomen, is de eerstvolgende globale inspectie niet onderworpen aan retributies.
  § 4. De inspectiefrequenties worden per kalenderjaar bepaald. Zij zijn gebaseerd op de situatie van het bedrijf voor de vorige periode van 1 jaar die eindigt op 31 augustus voor wat betreft het criterium dat voorzien is in § 2, 2° van het onderhavige artikel.
  Deze frequentie wordt aan de inrichtingen meegedeeld in de loop van de maand december voorafgaand aan de periode waarin ze van toepassing zal zijn of bij de eerste inspectie van het jaar waarin ze van toepassing zal zijn.
  § 5. Voor inrichtingen waarvan de toestand betreffende het criterium van § 2, 1°, van het onderhavige artikel, is gewijzigd, wordt het totale aantal inspecties bepaald in de eerste maand volgend op de validatie of intrekking van de validatie van het autocontrolesysteem. De berekening gebeurt pro rata van het resterend aantal maanden van het lopend jaar, de begonnen maand niet meegerekend. Indien van toepassing, wordt het resultaat naar boven afgerond als het eerste cijfer achter de komma gelijk is aan of groter is dan 5, en anders naar beneden, waarbij het totale aantal inspecties niet lager dan één in dit besluit bedoelde inspectie per jaar mag zijn. Het bekomen aantal wordt dan verdeeld in één globale inspectie en een eventueel resterend aantal opvolgingsinspecties. Indien er echter in het lopende jaar reeds een globale inspectie is uitgevoerd, wordt, bij herberekening van het totale aantal inspecties, één globale inspectie vervangen door een opvolgingsinspectie. Het bekomen aantal wordt aan de inrichting meegedeeld bij de eerstvolgende inspectie.
  § 6. Voor inrichtingen waarvan een erkenning, een toelating of een registratie is geschorst of ingetrokken en die binnen het jaar een nieuwe definitieve erkenning, een nieuwe toelating of een nieuwe registratie verkrijgen, wordt het totale aantal inspecties bepaald in de eerste maand die volgt op de beslissing tot verlening van de nieuwe definitieve erkenning, de nieuwe toelating of de nieuwe registratie. De berekening gebeurt pro rata van het resterend aantal maanden van het lopend jaar, de begonnen maand niet meegerekend. Indien van toepassing, wordt het resultaat naar boven afgerond als het eerste cijfer achter de komma gelijk is aan of groter is dan 5, en anders naar beneden, waarbij het totale aantal inspecties niet lager dan één in dit besluit bedoelde inspectie per jaar mag zijn. Het bekomen aantal wordt dan verdeeld in één globale inspectie en een eventueel resterend aantal opvolgingsinspecties. Indien er echter in het lopende jaar reeds een globale inspectie is uitgevoerd, wordt, bij herberekening van het totale aantal inspecties per jaar, één globale inspectie vervangen door een opvolgingsinspectie. Het bekomen aantal wordt aan de inrichting meegedeeld bij de eerstvolgende inspectie.
  § 7. Voor operatoren die voor de eerste maal hun activiteiten aanvatten, wordt in het jaar van het verkrijgen van de definitieve erkenning, van de toelating of van de registratie de basisfrequentie toegepast.
  De berekening van het totale aantal inspecties gebeurt pro rata van het resterend aantal maanden van het jaar waarin de definitieve erkenning, de toelating of de registratie werd verkregen, de begonnen maand niet meegerekend. Indien van toepassing, wordt het resultaat naar boven afgerond als het eerste cijfer achter de komma gelijk is aan of groter is dan 5, en anders naar beneden, waarbij het totale aantal inspecties niet minder dan één in dit besluit bedoelde inspectie per jaar mag zijn. Het bekomen aantal wordt dan verdeeld in één globale inspectie en een uiteindelijk resterend aantal opvolgingsinspecties.
  Vanaf het jaar volgend op het jaar waarin de definitieve erkenning, de toelating of de registratie werd verleend, wordt het aantal inspecties bepaald overeenkomstig § 2 en § 3.
Art. 4. § 1er. La pondération des critères et le classement des établissements en catégories en fonction des résultats ainsi obtenus se fait conformément à l'annexe II.
  § 2. Les critères suivants sont pris en compte, pour l'ensemble des activités de l'établissement visées par le présent arrêté, afin de déterminer dans quelle catégorie d'établissement définie à l'annexe II, point 3, sont classés les établissements individuels :
  1° la présence ou l'absence d'un système d'autocontrôle validé ou certifié visé à l'arrêté royal du 14 novembre 2003 relatif à l'autocontrôle, à la notification obligatoire et à la traçabilité dans la chaîne alimentaire ;
  2° les mesures encourues au cours des deux années précédant la détermination du nombre d'inspections.
  Les mesures visées sont les suivantes :
  a) un avertissement tel que visé à l'article 5 de l'arrêté royal du 22 février 2001 organisant les contrôles effectués par l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire et modifiant diverses dispositions légales ;
  b) un procès-verbal d'infraction tel que visé à l'article 3, paragraphe 4 de l'arrêté royal du 22 février 2001 organisant les contrôles effectués par l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire et modifiant diverses dispositions légales ;
  c) une suspension ou un retrait d'agrément, d'autorisation ou d'enregistrement, au sens du chapitre II, section 5, de l'arrêté royal du 16 janvier 2006 fixant les modalités des agréments, des autorisations et des enregistrements préalables délivrés par l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire.
  § 3. Le nombre réel d'inspections dans un établissement donné, selon que le résultat obtenu de la pondération des critères classe l'établissement en question dans la catégorie 1, 2 ou 3 comme visé au point 3 de l'annexe II, est repris dans l'annexe I, partie A. Les établissements de la catégorie 1 sont contrôlés selon la fréquence réduite, les établissements de la catégorie 2 sont contrôlés selon la fréquence de base et les établissements de la catégorie 3 sont contrôlés selon la fréquence élevée.
  Pour les établissements qui relèvent de la catégorie 1 au 1er janvier, la prochaine inspection globale n'est pas soumise au paiement de rétributions.
  § 4. Les fréquences des inspections sont déterminées par année civile. Elles sont basées sur la situation de l'entreprise pour la période précédente d'un an se terminant au 31 août pour ce qui concerne le critère prévu au paragraphe 2, 2° du présent article.
  Cette fréquence est communiquée aux établissements dans le courant du mois de décembre précédant la période où elle sera d'application ou lors de la première inspection de l'année où elle sera d'application.
  § 5. Pour les établissements dont la situation concernant le critère du § 2, 1°, du présent article a changé, le nombre total d'inspections est déterminé dans le premier mois qui suit la validation ou le retrait de validation du système d'autocontrôle. Il est calculé au prorata du nombre restant de mois de l'année en cours, le mois entamé n'étant pas compris dans le calcul. Le cas échéant, le résultat est arrondi à l'unité supérieure si le premier chiffre après la virgule est égal ou supérieur à 5 et à l'unité inférieure dans le cas contraire sachant que la fréquence totale d'inspections ne peut être inférieure à une inspection visée par le présent arrêté par an. Le nombre d'inspections ainsi obtenu est ensuite réparti en une inspection globale et des inspections de suivi éventuelles. Cependant, si une inspection globale a déjà été effectuée au cours de l'année en cours, au moment du recalcul du nombre total annuel d'inspections, une inspection globale est remplacée par une inspection de suivi. Le nombre obtenu est notifié à l'établissement lors de l'inspection suivante.
  § 6. Pour les établissements dont un agrément, une autorisation ou un enregistrement est suspendu ou retiré et qui dans l'année obtiennent un nouvel agrément définitif, une nouvelle autorisation ou un nouvel enregistrement, le nombre total d'inspections est déterminé dans le premier mois qui suit la décision d'octroi du nouvel agrément définitif, de la nouvelle autorisation ou du nouvel enregistrement. Il est calculé au prorata du nombre restant de mois de l'année en cours, le mois entamé n'étant pas compris dans le calcul. Le cas échéant, le résultat est arrondi à l'unité supérieure si le premier chiffre après la virgule est égal ou supérieur à 5 et à l'unité inférieure dans le cas contraire sachant que le nombre total d'inspections ne peut être inférieure à une inspection visée par le présent arrêté par an. Le nombre d'inspections ainsi obtenu est ensuite réparti en une inspection globale et des inspections de suivi éventuelles. Cependant, si une inspection globale a déjà été effectuée au cours de l'année en cours, au moment du recalcul du nombre total annuel d'inspections, une inspection globale est remplacée par une inspection de suivi. Le nombre obtenu est notifié à l'établissement lors de l'inspection suivante.
  § 7. Pour les opérateurs qui débutent pour la première fois leurs activités, la fréquence de base est appliquée dans l'année d'obtention de l'agrément définitif, de l'autorisation ou de l'enregistrement.
  Le nombre total d'inspections est calculé au prorata du nombre restant de mois de l'année au cours de laquelle l'agrément définitif, l'autorisation ou l'enregistrement a été obtenu, le mois entamé n'étant pas inclus dans le calcul. Le cas échéant, le résultat est arrondi à l'unité supérieure si le premier chiffre après la virgule est égal ou supérieur à 5 et à l'unité inférieure dans le cas contraire sachant que le nombre total d'inspections ne peut être inférieur à une inspection visée par le présent arrêté par an. Le nombre d'inspections ainsi obtenu est ensuite réparti en une inspection globale et des inspections de suivi éventuelles.
  A partir de l'année qui suit celle de l'octroi de l'agrément définitif, de l'autorisation ou de l'enregistrement, le nombre d'inspections est déterminé conformément au § 2 et au § 3.
Art. 5. § 1. Voor de toepassing van de bepaling van artikel 2, 6°, van het koninklijk besluit van 10 november 2005 betreffende retributies bepaald bij artikel 5 van de wet van 9 december 2004 houdende de financiering van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen, worden de minimale en de maximale duur van de inspecties van elke activiteit bedoeld in dit besluit vastgelegd in bijlage I naargelang de aard en de omvang van deze activiteit in de inrichting.
  § 2. Voor inrichtingen die meerdere van de in bijlage I genoemde activiteiten uitvoeren, worden evenwel de minimale en maximale duur die aan deze inspecties zijn gekoppeld, vermenigvuldigd met een coëfficiënt. Deze coëfficiënt bedraagt 1,50 wanneer er twee activiteiten worden uitgevoerd, 1,75 wanneer er drie activiteiten worden uitgevoerd en 2 wanneer er vier of meer activiteiten worden uitgevoerd. Indien van toepassing, wordt het resultaat naar boven afgerond als het eerste cijfer achter de komma gelijk is aan of groter is dan 5, en anders naar beneden.
  § 3. Voor de inrichtingen die op jaarbasis werken met meer dan 100 tewerkgestelde personen wordt de maximale duur van de inspecties vermenigvuldigd met een coëfficiënt van 1,50. Indien van toepassing, wordt het resultaat naar boven afgerond als het eerste cijfer achter de komma gelijk is aan of groter is dan 5, en anders naar beneden.
Art. 5. § 1er. Pour l'application de la disposition de l'article 2, 6°, de l'arrêté royal du 10 novembre 2005 relatif aux rétributions visées à l'article 5 de la loi du 9 décembre 2004 portant financement de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire, les durées minimale et maximale des inspections de chaque activité visée au présent arrêté sont fixées à l'annexe I en fonction de la nature et du volume de cette activité au sein de l'établissement.
  § 2. Pour les établissements qui exercent plusieurs des activités figurant à l'annexe I, les durées minimale et maximale liées à ces inspections sont toutefois multipliées par un coefficient. Ce coefficient est de 1,50 lorsque deux activités sont exercées, 1,75 lorsque trois activités sont exercées et 2 lorsque quatre activités et plus sont exercées. Le cas échéant, le résultat est arrondi à l'unité supérieure si le premier chiffre après la virgule est égal ou supérieur à 5 et à l'unité inférieure dans le cas contraire.
  § 3. Pour les établissements opérant sur une base annuelle avec plus de 100 personnes occupées, la durée maximale des inspections est multipliée par un coefficient de 1,50. Le cas échéant, le résultat est arrondi à l'unité supérieure si le premier chiffre après la virgule est égal ou supérieur à 5 et à l'unité inférieure dans le cas contraire.
Art. 6. Inspecties die worden uitgevoerd op vraag van de exploitant of ingevolge andere reglementaire verplichting of ter controle van het tijdig en passend realiseren van maatregelen die werden opgelegd ingevolge vastgestelde tekortkomingen, worden niet beschouwd als behorend tot de inspecties waarvan het aantal wordt geregeld bij dit besluit.
Art. 6. Les inspections qui sont effectuées à la demande de l'exploitant ou à la suite d'une autre obligation réglementaire ou pour contrôler si des mesures imposées à la suite de manquements constatés sont réalisées à temps et de façon adéquate ne sont pas considérées comme faisant partie des inspections dont le nombre est réglé par le présent arrêté.
Art. 7. De minister kan de bijlagen van dit besluit wijzigen om rekening te houden met de evolutie van de inspectieresultaten in de bedrijven.
Art. 7. Le Ministre peut modifier les annexes du présent arrêté afin de prendre en compte l'évolution des résultats des inspections dans les entreprises.
Art. 8. Het koninklijk besluit van van 22 december 2005 tot vastleggen van de frequenties van inspecties waarvoor de aanwezigheid van een agent van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen in inrichtingen van de vlees- en vissector in het raam van het controleprogramma van het Agentschap vereist is, wordt opgeheven.
Art. 8. L'arrêté royal du 22 décembre 2005 fixant les fréquences des inspections nécessitant la présence d'un agent de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire dans les établissements du secteur des viandes et du poisson dans le cadre du programme de contrôle de l'Agence est abrogé.
Art. 9. De minister bevoegd voor de veiligheid van de voedselketen is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 9. Le ministre qui a la sécurité de la chaîne alimentaire dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGEN.
ANNEXES.
Art. N1. Bijlage I
  Deel A. de inrichtingen en hun activiteiten, de overeenstemmende jaarlijkse basisfrequentie, verlaagde frequentie en verhoogde frequentie van de inspecties en de minimum en maximum duur van de inspecties naargelang hun type
Art. N1. Annexe 1.
  Partie A. Les établissements et leurs activités, la fréquence annuelle de base, la fréquence annuelle réduite et la fréquence annuelle élevée des inspections correspondante et la durée minimale et maximale des inspections selon leur type
 Jaarlijkse verlaagd frequentie uitgedrukt in aantal Jaarlijkse basisfrequentie uitgedrukt in aantal Jaarlijkse verhoogd frequentie uitgedrukt in aantal
1. uitsnijderijen 2 4 6
2. inrichtingen voor bewerking    
a) inrichtingen voor de vervaardiging van gehakt vlees, vleesbereidingen en separatorvlees; 2 4 6
b) inrichtingen waar visserijproducten worden bewerkt; 2 4 6
c) zuiveringscentra en verzendingscentra voor levende tweekleppige weekdieren 2 4 6
3. inrichtingen voor verwerking    
a) de vervaardiging van vleesproducten; 2 4 6
b) het verzamelen, opslaan en verwerken van grondstoffen tot gesmolten dierlijke vetten en kanen; 2 4 6
c) de behandeling van magen, darmen en blazen; 2 4 6
d) de vervaardiging van gelatine; 2 4 6
e) de vervaardiging van collageen; 2 4 6
f) de verwerking van bloed; 2 4 6
g) de vervaardiging van vleesextracten; 2 4 6
h) de verwerking van visserijproducten; 2 4 6
i) de productie van geraffineerde producten 2 4 6
4. Koel- en vrieshuizen met en zonder herverpakking 2 4 6
5. Andere inrichtingen    
a) inrichtingen waar kikkerbillen of slakken worden bereid of verwerkt; 2 4 6
b) inrichtingen waar reptielenvlees wordt bewerkt of verwerkt; 2 4 6
c) inrichtingen waar insecten worden bereid of verwerkt 2 4 6
Jaarlijkse verlaagd frequentie uitgedrukt in aantal Jaarlijkse basisfrequentie uitgedrukt in aantal Jaarlijkse verhoogd frequentie uitgedrukt in aantal 1. uitsnijderijen 2 4 6 2. inrichtingen voor bewerking a) inrichtingen voor de vervaardiging van gehakt vlees, vleesbereidingen en separatorvlees; 2 4 6 b) inrichtingen waar visserijproducten worden bewerkt; 2 4 6 c) zuiveringscentra en verzendingscentra voor levende tweekleppige weekdieren 2 4 6 3. inrichtingen voor verwerking a) de vervaardiging van vleesproducten; 2 4 6 b) het verzamelen, opslaan en verwerken van grondstoffen tot gesmolten dierlijke vetten en kanen; 2 4 6 c) de behandeling van magen, darmen en blazen; 2 4 6 d) de vervaardiging van gelatine; 2 4 6 e) de vervaardiging van collageen; 2 4 6 f) de verwerking van bloed; 2 4 6 g) de vervaardiging van vleesextracten; 2 4 6 h) de verwerking van visserijproducten; 2 4 6 i) de productie van geraffineerde producten 2 4 6 4. Koel- en vrieshuizen met en zonder herverpakking 2 4 6 5. Andere inrichtingen a) inrichtingen waar kikkerbillen of slakken worden bereid of verwerkt; 2 4 6 b) inrichtingen waar reptielenvlees wordt bewerkt of verwerkt; 2 4 6 c) inrichtingen waar insecten worden bereid of verwerkt 2 4 6
 Fréquence annuelle réduite
  exprimée en nombre
Fréquence annuelle de base
  exprimée en nombre
Fréquence annuelle élevée
  exprimée en nombre
1. les ateliers de découpe 2 4 6
2. les établissements de traitement    
a) les établissements pour la préparation de viandes hachées, de préparations de viandes et de viandes séparées mécaniquement ; 2 4 6
b) les établissements où sont préparés les produits de la pêche ; 2 4 6
c) les centres de purification et d'expédition de mollusques bivalves vivants ; 2 4 6
3. les établissements de transformation    
a) la fabrication de produits à base de viande ; 2 4 6
b) la collecte, l'entreposage et la transformation de matières premières en graisses animales fondues et en cretons ; 2 4 6
c) le traitement des estomacs, boyaux et vessies ; 2 4 6
d) la fabrication de gélatine ; 2 4 6
e) la fabrication de collagène ; 2 4 6
f) la transformation de sang ; 2 4 6
g) la fabrication d'extraits de viande ; 2 4 6
h) la transformation de produits de la pêche ; 2 4 6
i) la fabrication de produits raffinés ; 2 4 6
4. Les entrepôts frigorifiques avec et sans réemballage 2 4 6
5. Les autres établissements    
a) les établissements où sont préparés ou transformés les cuisses de grenouilles ou les escargots ; 2 4 6
b) les établissements où sont préparées ou transformées des viandes de reptiles ; 2 4 6
c) les établissements où sont préparés ou transformés des insectes 2 4 6
Fréquence annuelle réduite
  exprimée en nombre Fréquence annuelle de base
  exprimée en nombre Fréquence annuelle élevée
  exprimée en nombre 1. les ateliers de découpe 2 4 6 2. les établissements de traitement a) les établissements pour la préparation de viandes hachées, de préparations de viandes et de viandes séparées mécaniquement ; 2 4 6 b) les établissements où sont préparés les produits de la pêche ; 2 4 6 c) les centres de purification et d'expédition de mollusques bivalves vivants ; 2 4 6 3. les établissements de transformation a) la fabrication de produits à base de viande ; 2 4 6 b) la collecte, l'entreposage et la transformation de matières premières en graisses animales fondues et en cretons ; 2 4 6 c) le traitement des estomacs, boyaux et vessies ; 2 4 6 d) la fabrication de gélatine ; 2 4 6 e) la fabrication de collagène ; 2 4 6 f) la transformation de sang ; 2 4 6 g) la fabrication d'extraits de viande ; 2 4 6 h) la transformation de produits de la pêche ; 2 4 6 i) la fabrication de produits raffinés ; 2 4 6 4. Les entrepôts frigorifiques avec et sans réemballage 2 4 6 5. Les autres établissements a) les établissements où sont préparés ou transformés les cuisses de grenouilles ou les escargots ; 2 4 6 b) les établissements où sont préparées ou transformées des viandes de reptiles ; 2 4 6 c) les établissements où sont préparés ou transformés des insectes 2 4 6
Duur van de inspectie uitgedrukt in uur
Globale inspectie Opvolgingsinspectie
 Min Max Min Max
1. uitsnijderijen 2 8 1 4
2. inrichtingen voor bewerking     
a) inrichtingen voor de vervaardiging van gehakt vlees, vleesbereidingen en separatorvlees; 2 8 1 4
b) inrichtingen waar visserijproducten worden bewerkt; 2 8 1 4
c) zuiveringscentra en verzendingscentra voor levende tweekleppige weekdieren 2 8 1 4
3. inrichtingen voor verwerking     
a) de vervaardiging van vleesproducten; 2 8 1 4
b) het verzamelen, opslaan en verwerken van grondstoffen tot gesmolten dierlijke vetten en kanen; 2 8 1 4
c) de behandeling van magen, darmen en blazen; 2 8 1 4
d) de vervaardiging van gelatine; 2 12 1 4
e) de vervaardiging van collageen; 2 12 1 4
f) de verwerking van bloed; 2 12 1 4
g) de vervaardiging van vleesextracten; 2 8 1 4
h) de verwerking van visserijproducten; 2 8 1 4
i) de productie van geraffineerde producten 2 12 1 4
4. Koel- en vrieshuizen met en zonder herverpakking 2 12 1 4
5. Andere inrichtingen     
a) inrichtingen waar kikkerbillen of slakken worden bereid of verwerkt; 2 8 1 4
b) inrichtingen waar reptielenvlees wordt bewerkt of verwerkt; 2 8 1 4
c) inrichtingen waar insecten worden bereid of verwerkt 2 8 1 4
Duur van de inspectie uitgedrukt in uur Globale inspectie Opvolgingsinspectie Min Max Min Max 1. uitsnijderijen 2 8 1 4 2. inrichtingen voor bewerking a) inrichtingen voor de vervaardiging van gehakt vlees, vleesbereidingen en separatorvlees; 2 8 1 4 b) inrichtingen waar visserijproducten worden bewerkt; 2 8 1 4 c) zuiveringscentra en verzendingscentra voor levende tweekleppige weekdieren 2 8 1 4 3. inrichtingen voor verwerking a) de vervaardiging van vleesproducten; 2 8 1 4 b) het verzamelen, opslaan en verwerken van grondstoffen tot gesmolten dierlijke vetten en kanen; 2 8 1 4 c) de behandeling van magen, darmen en blazen; 2 8 1 4 d) de vervaardiging van gelatine; 2 12 1 4 e) de vervaardiging van collageen; 2 12 1 4 f) de verwerking van bloed; 2 12 1 4 g) de vervaardiging van vleesextracten; 2 8 1 4 h) de verwerking van visserijproducten; 2 8 1 4 i) de productie van geraffineerde producten 2 12 1 4 4. Koel- en vrieshuizen met en zonder herverpakking 2 12 1 4 5. Andere inrichtingen a) inrichtingen waar kikkerbillen of slakken worden bereid of verwerkt; 2 8 1 4 b) inrichtingen waar reptielenvlees wordt bewerkt of verwerkt; 2 8 1 4 c) inrichtingen waar insecten worden bereid of verwerkt 2 8 1 4
Deel B. de inrichtingen en hun activiteiten, de overeenstemmende jaarlijkse basisfrequentie, verlaagde frequentie en verhoogde frequentie van de inspecties en de minimum en maximum duur van de inspecties naargelang hun type: voor de inrichtingen die vallen onder de afwijking voorzien in artikel 2, § 2.
Durée de l'inspection exprimée en heures
Inspection globale Inspection de suivi
 Min Max Min Max
1. les ateliers de découpe 2 8 1 4
2. les établissements de traitement     
a) les établissements pour la préparation de viandes hachées, de préparations de viandes et de viandes séparées mécaniquement ; 2 8 1 4
b) les établissements où sont préparés les produits de la pêche ; 2 8 1 4
c) les centres de purification et d'expédition de mollusques bivalves vivants ; 2 8 1 4
3. les établissements de transformation     
a) la fabrication de produits à base de viande ; 2 8 1 4
b) la collecte, l'entreposage et la transformation de matières premières en graisses animales fondues et en cretons ; 2 8 1 4
c) le traitement des estomacs, boyaux et vessies ; 2 8 1 4
d) la fabrication de gélatine ; 2 12 1 4
e) la fabrication de collagène ; 2 12 1 4
f) la transformation de sang ; 2 12 1 4
g) la fabrication d'extraits de viande ; 2 8 1 4
h) la transformation de produits de la pêche ; 2 8 1 4
i) la fabrication de produits raffinés ; 2 12 1 4
4. Les entrepôts frigorifiques avec et sans réemballage 2 12 1 4
5. Les autres établissements     
a) les établissements où sont préparés ou transformés les cuisses de grenouilles ou les escargots ; 2 8 1 4
b) les établissements où sont préparées ou transformées des viandes de reptiles ; 2 8 1 4
c) les établissements où sont préparés ou transformés des insectes 2 8 1 4
Durée de l'inspection exprimée en heures Inspection globale Inspection de suivi Min Max Min Max 1. les ateliers de découpe 2 8 1 4 2. les établissements de traitement a) les établissements pour la préparation de viandes hachées, de préparations de viandes et de viandes séparées mécaniquement ; 2 8 1 4 b) les établissements où sont préparés les produits de la pêche ; 2 8 1 4 c) les centres de purification et d'expédition de mollusques bivalves vivants ; 2 8 1 4 3. les établissements de transformation a) la fabrication de produits à base de viande ; 2 8 1 4 b) la collecte, l'entreposage et la transformation de matières premières en graisses animales fondues et en cretons ; 2 8 1 4 c) le traitement des estomacs, boyaux et vessies ; 2 8 1 4 d) la fabrication de gélatine ; 2 12 1 4 e) la fabrication de collagène ; 2 12 1 4 f) la transformation de sang ; 2 12 1 4 g) la fabrication d'extraits de viande ; 2 8 1 4 h) la transformation de produits de la pêche ; 2 8 1 4 i) la fabrication de produits raffinés ; 2 12 1 4 4. Les entrepôts frigorifiques avec et sans réemballage 2 12 1 4 5. Les autres établissements a) les établissements où sont préparés ou transformés les cuisses de grenouilles ou les escargots ; 2 8 1 4 b) les établissements où sont préparées ou transformées des viandes de reptiles ; 2 8 1 4 c) les établissements où sont préparés ou transformés des insectes 2 8 1 4
Partie B. Les établissements et leurs activités, la fréquence annuelle de base, la fréquence annuelle réduite et la fréquence annuelle élevée des inspections correspondante et la durée minimale et maximale des inspections selon leur type : pour les établissements qui relèvent de la dérogation prévue à l'article 2, § 2.
 Jaarlijkse verlaagde frequentie uitgedrukt in aantal Jaarlijkse basisfrequentie uitgedrukt in aantal Jaarlijkse verhoogde frequentie
  uitgedrukt in aantal
1. uitsnijderijen 1 2 4
2. inrichtingen voor bewerking    
a) inrichtingen voor de vervaardiging van gehakt vlees, vleesbereidingen en separatorvlees; 1 2 4
b) inrichtingen waar visserijproducten worden bewerkt; 1 2 4
c) zuiveringscentra en verzendingscentra voor levende tweekleppige weekdieren 1 2 4
3. inrichtingen voor verwerking    
a) de vervaardiging van vleesproducten; 1 2 4
b) het verzamelen, opslaan en verwerken van grondstoffen tot gesmolten dierlijke vetten en kanen; 1 2 4
c) de behandeling van magen, darmen en blazen; 1 2 4
d) de vervaardiging van gelatine; 1 2 4
e) de vervaardiging van collageen; 1 2 4
f) de verwerking van bloed; 1 2 4
g) de vervaardiging van vleesextracten; 1 2 4
h) de verwerking van visserijproducten; 1 2 4
i) de productie van geraffineerde producten 1 2 4
4. Koel- en vrieshuizen met en zonder herverpakking 1 2 4
5. Andere inrichtingen    
a) inrichtingen waar kikkerbillen of slakken worden bereid of verwerkt; 1 2 4
b) inrichtingen waar reptielenvlees wordt bewerkt of verwerkt; 1 2 4
c) inrichtingen waar insecten worden bereid of verwerkt 1 2 4
Jaarlijkse verlaagde frequentie uitgedrukt in aantal Jaarlijkse basisfrequentie uitgedrukt in aantal Jaarlijkse verhoogde frequentie
  uitgedrukt in aantal 1. uitsnijderijen 1 2 4 2. inrichtingen voor bewerking a) inrichtingen voor de vervaardiging van gehakt vlees, vleesbereidingen en separatorvlees; 1 2 4 b) inrichtingen waar visserijproducten worden bewerkt; 1 2 4 c) zuiveringscentra en verzendingscentra voor levende tweekleppige weekdieren 1 2 4 3. inrichtingen voor verwerking a) de vervaardiging van vleesproducten; 1 2 4 b) het verzamelen, opslaan en verwerken van grondstoffen tot gesmolten dierlijke vetten en kanen; 1 2 4 c) de behandeling van magen, darmen en blazen; 1 2 4 d) de vervaardiging van gelatine; 1 2 4 e) de vervaardiging van collageen; 1 2 4 f) de verwerking van bloed; 1 2 4 g) de vervaardiging van vleesextracten; 1 2 4 h) de verwerking van visserijproducten; 1 2 4 i) de productie van geraffineerde producten 1 2 4 4. Koel- en vrieshuizen met en zonder herverpakking 1 2 4 5. Andere inrichtingen a) inrichtingen waar kikkerbillen of slakken worden bereid of verwerkt; 1 2 4 b) inrichtingen waar reptielenvlees wordt bewerkt of verwerkt; 1 2 4 c) inrichtingen waar insecten worden bereid of verwerkt 1 2 4
 Fréquence annuelle réduite
  exprimée en nombre
Fréquence annuelle de base
  exprimée en nombre
Fréquence annuelle élevée
  exprimée en nombre
1. les ateliers de découpe 1 2 4
2. les établissements de traitement    
a) les établissements pour la préparation de viandes hachées, de préparations de viandes et de viandes séparées mécaniquement ; 1 2 4
b) les établissements où sont préparés les produits de la pêche ; 1 2 4
c) les centres de purification et d'expédition de mollusques bivalves vivants ; 1 2 4
3. les établissements de transformation    
a) la fabrication de produits à base de viande ; 1 2 4
b) la collecte, l'entreposage et la transformation de matières premières en graisses animales fondues et en cretons ; 1 2 4
c) le traitement des estomacs, boyaux et vessies ; 1 2 4
d) la fabrication de gélatine ; 1 2 4
e) la fabrication de collagène ; 1 2 4
f) la transformation de sang ; 1 2 4
g) la fabrication d'extraits de viande ; 1 2 4
h) la transformation de produits de la pêche ; 1 2 4
i) la fabrication de produits raffinés ; 1 2 4
4. Les entrepôts frigorifiques avec et sans réemballage 1 2 4
5. Les autres établissements    
a) les établissements où sont préparés ou transformés les cuisses de grenouilles ou les escargots ; 1 2 4
b) les établissements où sont préparées ou transformées des viandes de reptiles ; 1 2 4
c) les établissements où sont préparés ou transformés des insectes 1 2 4
Fréquence annuelle réduite
  exprimée en nombre Fréquence annuelle de base
  exprimée en nombre Fréquence annuelle élevée
  exprimée en nombre 1. les ateliers de découpe 1 2 4 2. les établissements de traitement a) les établissements pour la préparation de viandes hachées, de préparations de viandes et de viandes séparées mécaniquement ; 1 2 4 b) les établissements où sont préparés les produits de la pêche ; 1 2 4 c) les centres de purification et d'expédition de mollusques bivalves vivants ; 1 2 4 3. les établissements de transformation a) la fabrication de produits à base de viande ; 1 2 4 b) la collecte, l'entreposage et la transformation de matières premières en graisses animales fondues et en cretons ; 1 2 4 c) le traitement des estomacs, boyaux et vessies ; 1 2 4 d) la fabrication de gélatine ; 1 2 4 e) la fabrication de collagène ; 1 2 4 f) la transformation de sang ; 1 2 4 g) la fabrication d'extraits de viande ; 1 2 4 h) la transformation de produits de la pêche ; 1 2 4 i) la fabrication de produits raffinés ; 1 2 4 4. Les entrepôts frigorifiques avec et sans réemballage 1 2 4 5. Les autres établissements a) les établissements où sont préparés ou transformés les cuisses de grenouilles ou les escargots ; 1 2 4 b) les établissements où sont préparées ou transformées des viandes de reptiles ; 1 2 4 c) les établissements où sont préparés ou transformés des insectes 1 2 4
Duur van de inspectie uitgedrukt in uur
Globale inspectie Opvolgingsinspectie
 Min Max Min Max
1. uitsnijderijen 1 4 1 2
2. inrichtingen voor bewerking     
a) inrichtingen voor de vervaardiging van gehakt vlees, vleesbereidingen en separatorvlees; 1 4 1 2
b) inrichtingen waar visserijproducten worden bewerkt; 1 4 1 2
c) zuiveringscentra en verzendingscentra voor levende tweekleppige weekdieren 1 4 1 2
3. inrichtingen voor verwerking     
a) de vervaardiging van vleesproducten; 1 4 1 2
b) het verzamelen, opslaan en verwerken van grondstoffen tot gesmolten dierlijke vetten en kanen; 1 4 1 2
c) de behandeling van magen, darmen en blazen; 1 4 1 2
d) de vervaardiging van gelatine; 1 6 1 2
e) de vervaardiging van collageen; 1 6 1 2
f) de verwerking van bloed; 1 6 1 2
g) de vervaardiging van vleesextracten; 1 4 1 2
h) de verwerking van visserijproducten; 1 4 1 2
i) de productie van geraffineerde producten 1 6 1 2
4. Koel- en vrieshuizen met en zonder herverpakking 1 6 1 2
5. Andere inrichtingen     
a) inrichtingen waar kikkerbillen of slakken worden bereid of verwerkt; 1 4 1 2
b) inrichtingen waar reptielenvlees wordt bewerkt of verwerkt; 1 4 1 2
c) inrichtingen waar insecten worden bereid of verwerkt 1 4 1 2
Duur van de inspectie uitgedrukt in uur Globale inspectie Opvolgingsinspectie Min Max Min Max 1. uitsnijderijen 1 4 1 2 2. inrichtingen voor bewerking a) inrichtingen voor de vervaardiging van gehakt vlees, vleesbereidingen en separatorvlees; 1 4 1 2 b) inrichtingen waar visserijproducten worden bewerkt; 1 4 1 2 c) zuiveringscentra en verzendingscentra voor levende tweekleppige weekdieren 1 4 1 2 3. inrichtingen voor verwerking a) de vervaardiging van vleesproducten; 1 4 1 2 b) het verzamelen, opslaan en verwerken van grondstoffen tot gesmolten dierlijke vetten en kanen; 1 4 1 2 c) de behandeling van magen, darmen en blazen; 1 4 1 2 d) de vervaardiging van gelatine; 1 6 1 2 e) de vervaardiging van collageen; 1 6 1 2 f) de verwerking van bloed; 1 6 1 2 g) de vervaardiging van vleesextracten; 1 4 1 2 h) de verwerking van visserijproducten; 1 4 1 2 i) de productie van geraffineerde producten 1 6 1 2 4. Koel- en vrieshuizen met en zonder herverpakking 1 6 1 2 5. Andere inrichtingen a) inrichtingen waar kikkerbillen of slakken worden bereid of verwerkt; 1 4 1 2 b) inrichtingen waar reptielenvlees wordt bewerkt of verwerkt; 1 4 1 2 c) inrichtingen waar insecten worden bereid of verwerkt 1 4 1 2
Durée de l'inspection exprimée en heures
Inspection globale inspection de suivi
 Min Max Min Max
1. les ateliers de découpe 1 4 1 2
2. les établissements de traitement     
a) les établissements pour la préparation de viandes hachées, de préparations de viandes et de viandes séparées mécaniquement ; 1 4 1 2
b) les établissements où sont préparés les produits de la pêche ; 1 4 1 2
c) les centres de purification et d'expédition de mollusques bivalves vivants ; 1 4 1 2
3. les établissements de transformation     
a) la fabrication de produits à base de viande ; 1 4 1 2
b) la collecte, l'entreposage et la transformation de matières premières en graisses animales fondues et en cretons ; 1 4 1 2
c) le traitement des estomacs, boyaux et vessies ; 1 4 1 2
d) la fabrication de gélatine ; 1 6 1 2
e) la fabrication de collagène ; 1 6 1 2
f) la transformation de sang ; 1 6 1 2
g) la fabrication d'extraits de viande ; 1 4 1 2
h) la transformation de produits de la pêche ; 1 4 1 2
i) la fabrication de produits raffinés ; 1 6 1 2
4. Les entrepôts frigorifiques avec et sans réemballage 1 6 1 2
5. Les autres établissements     
a) les établissements où sont préparés ou transformés les cuisses de grenouilles ou les escargots ; 1 4 1 2
b) les établissements où sont préparées ou transformées des viandes de reptiles ; 1 4 1 2
c) les établissements où sont préparés ou transformés des insectes 1 4 1 2
Durée de l'inspection exprimée en heures Inspection globale inspection de suivi Min Max Min Max 1. les ateliers de découpe 1 4 1 2 2. les établissements de traitement a) les établissements pour la préparation de viandes hachées, de préparations de viandes et de viandes séparées mécaniquement ; 1 4 1 2 b) les établissements où sont préparés les produits de la pêche ; 1 4 1 2 c) les centres de purification et d'expédition de mollusques bivalves vivants ; 1 4 1 2 3. les établissements de transformation a) la fabrication de produits à base de viande ; 1 4 1 2 b) la collecte, l'entreposage et la transformation de matières premières en graisses animales fondues et en cretons ; 1 4 1 2 c) le traitement des estomacs, boyaux et vessies ; 1 4 1 2 d) la fabrication de gélatine ; 1 6 1 2 e) la fabrication de collagène ; 1 6 1 2 f) la transformation de sang ; 1 6 1 2 g) la fabrication d'extraits de viande ; 1 4 1 2 h) la transformation de produits de la pêche ; 1 4 1 2 i) la fabrication de produits raffinés ; 1 6 1 2 4. Les entrepôts frigorifiques avec et sans réemballage 1 6 1 2 5. Les autres établissements a) les établissements où sont préparés ou transformés les cuisses de grenouilles ou les escargots ; 1 4 1 2 b) les établissements où sont préparées ou transformées des viandes de reptiles ; 1 4 1 2 c) les établissements où sont préparés ou transformés des insectes 1 4 1 2
Art. N2. Bijlage II
  Weging der criteria en categorisatie der inrichtingen
  1. de weging der criteria bedoeld in artikel 4 is als volgt:
  a) voor criterium 1° worden 30 punten toegekend indien een gecertificeerd of, naargelang het geval, een door het Agentschap gevalideerd systeem van autocontrole aanwezig is in de inrichting. In alle andere gevallen worden voor dit criterium geen punten toegekend;
  b) voor het criterium 2° worden 50 punten toegekend in geval geen maatregelen werden genomen. Indien maatregelen werden genomen, wordt dit basisaantal verminderd als volgt:
  - na één waarschuwing: vermindering met 4 punten; na twee waarschuwingen: vermindering met 8 punten; vanaf drie waarschuwingen en meer: vermindering met 20 punten,
  - na één proces-verbaal van overtreding: vermindering met 8 punten; na twee proces-verbalen van overtreding: vermindering met 20 punten; vanaf drie proces-verbalen van overtreding: vermindering met 50 punten,
  - na één schorsing of intrekking van de erkenning of de toelating: vermindering met 50 punten.
  2. het individueel resultaat voor een inrichting stemt overeen met het totaal van de punten toegekend overeenkomstig punt 1;
  3. de inrichting wordt op grond van het individueel resultaat ingedeeld in één van volgende categorieën:
  a) categorie 1: ingeval het puntentotaal zich bevindt vanaf 61 tot 80;
  b) categorie 2: ingeval het puntentotaal zich bevindt vanaf 29 tot 60;
  c) categorie 3: ingeval het puntentotaal is minder dan 29.
Art. N2. {Annexe II
  La pondération des critères et la catégorisation des établissements
  1. La pondération des critères visés à l'article 4 est la suivante :
  a) pour le critère 1°, 30 points sont attribués si un système d'autocontrôle certifié ou, le cas échéant, un système d'autocontrôle validé par l'Agence est présent dans l'établissement. Dans tous les autres cas, il n'est pas attribué de points pour ce critère ;
  b) pour le critère 2°, 50 points sont attribués au cas où aucune mesure n'a été prise. Si des mesures ont été prises, ce nombre de base est diminué comme suit :
  - après un avertissement : diminution de 4 points ; après deux avertissements : diminution de 8 points ; à partir de trois avertissements et plus : diminution de 20 points,
  - après un procès-verbal d'infraction : diminution de 8 points ; après deux procès-verbaux d'infraction : diminution de 20 points ; à partir de trois procès-verbaux d'infraction : diminution de 50 points,
  - après une suspension ou un retrait d'agrément, d'autorisation ou d'enregistrement : diminution de 50 points.
  2. Le résultat individuel pour un établissement correspond au total des points attribués conformément au point 1 ;
  3. L'établissement est classé dans l'une des catégories suivantes sur base de son résultat individuel :
  a) catégorie 1 : lorsque le total des points est compris entre 61 à 80 inclus ;
  b) catégorie 2 : lorsque le total des points est compris entre 29 et 60 inclus ;
  c) catégorie 3 : lorsque le total des points est inférieur à 29.