Artikel 1. Aan de sociale huisvestingsmaatschappijen, vermeld in de lijst, die als bijlage bij dit besluit gevoegd is, wordt voor de bouw en renovatie van sociale huurwoningen in het kader van de realisatie van innovatieve sociale woonprojecten een subsidie toegekend van in totaal 9.969.082 euro. De Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen, hierna VMSW te noemen, zorgt voor de uitbetaling van de subsidie aan de sociale huisvestingsmaatschappijen op de manier zoals bepaald in artikel 4, eerste lid.
Het bedrag van 9.969.082 euro wordt aangerekend op basisallocatie 1QD681 van het begrotingsartikel QF0-1QDG2QK-IS van de begroting 2022 van het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, en wordt onmiddellijk na de inwerkingtreding van dit besluit aan de VMSW overgemaakt.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
16 DECEMBER 2022. - Besluit van de Vlaamse Regering tot toekenning van een subsidie aan sociale huisvestingsmaatschappijen en aanpassing van het prijsplafond voor de bouw en renovatie van sociale huurwoningen in het kader van de realisatie van innovatieve sociale woonprojecten
Titre
16 DECEMBRE 2022. - Arrêté du Gouvernement flamand octroyant une subvention aux sociétés de logement social et modifiant le plafond des prix pour la construction et la rénovation de logements locatifs sociaux dans le cadre de la réalisation de projets de logement social novateurs
Informations sur le document
Info du document
Tekst (10)
Texte (10)
Article 1er. Une subvention d'un montant total de 9 969 082 euros est accordée aux sociétés de logement social dont la liste est annexée au présent arrêté pour la construction et la rénovation de logements locatifs sociaux dans le cadre de la réalisation de projets de logement social novateurs. La Société flamande du Logement social, ci-après dénommée VMSW, est chargée de verser la subvention aux sociétés de logement social de la manière décrite à l'article 4, alinéa 1er.
Le montant de 9 969 082 euros est imputé à l'allocation de base 1QD681 de l'article budgétaire QF0-1QDG2QK-IS du budget 2022 du ministère de la Communauté flamande et versé à la VMSW immédiatement après l'entrée en vigueur du présent arrêté.
Le montant de 9 969 082 euros est imputé à l'allocation de base 1QD681 de l'article budgétaire QF0-1QDG2QK-IS du budget 2022 du ministère de la Communauté flamande et versé à la VMSW immédiatement après l'entrée en vigueur du présent arrêté.
Art. 2. De subsidie, vermeld in artikel 1, wordt berekend door op elk aandeel van de innovatieve werken binnen het sociaal woonproject een forfait per woning toe te passen volgens het aantal toegepaste pijlers. Voor de berekening van de subsidie wordt gebruik gemaakt van de volgende referentietabel:
Art. 2. La subvention visée à l'article 1er est calculée en appliquant un forfait par habitation à chaque part des travaux innovants au sein du projet de logement social, en fonction du nombre de piliers appliqués. Le tableau de référence suivant est utilisé pour le calcul de la subvention :
| WONINGGEBONDEN PIJLERS: (1) CIRCULAIR BOUWEN, (2) INNOVATIEVE BOUWMETHODEN, (3) INNOVATIE TECHNIEKEN/ENERGIECONCEPTEN | ||||
| Omschrijving | 1 pijler | 2 pijlers | Vanaf 3 pijlers | Meeteenheid |
| Afbraak | 400 | 500 | 600 | per woning |
| Fundering | 1.800 | 2.400 | 2.900 | per woning |
| Riolering en hemelwater | 600 | 800 | 1.000 | per woning |
| Ruwbouw | 5.000 | 6.700 | 8.500 | per woning |
| Gevel + isolatie | 3.200 | 4.200 | 5.300 | per woning |
| Dak + isolatie | 1.500 | 2.000 | 2.500 | per woning |
| Buitenschrijnwerk | 1.800 | 2.400 | 3.000 | per woning |
| Binnenafwerking | 1.800 | 2.400 | 3.000 | per woning |
| Vloeren | 1.200 | 1.600 | 2.000 | per woning |
| Keuken | 800 | 1.200 | 1.500 | per woning |
| Sanitair | 1.200 | 1.600 | 2.000 | per woning |
| Verwarming | 1.500 | 2.000 | 2.500 | per woning |
| Ventilatie | 800 | 1.000 | 1.200 | per woning |
| Elektriciteit + PV | 1.600 | 2.100 | 2.600 | per woning |
| Buitenaanleg | 800 | 1.100 | 1.400 | per woning |
| ANDERE PIJLERS: GROEN BLAUWE INGREPEN, DUURZAME MOBILITEIT, PLANMATIGE CONCEPTEN | ||||
| Omschrijving | 1 pijler | 2 pijlers | 3 pijlers | Meeteenheid |
| Groen/blauwe ingrepen - buitenruimte | 350 | 450 | 550 | per woning |
| Groen/blauwe ingrepen - watergebruik | 750 | 1.000 | 1.250 | per woning |
| Mobiliteit | 1.900 | 2.500 | 3.150 | per niet gerealiseerde parkeerplaats |
| Planmatige concepten | 200 | 250 | 300 | per m2 (vanaf 5 m2 én beperkt tot 25 m2 per woning) |
De berekende subsidiebedragen vormen het maximum van het mogelijk te ontvangen bedrag per deelwerk voor een woning. Om aanspraak te maken op de volwaardige subsidiebedragen, moeten de werkelijke investeringskosten minstens het dubbele van het aangegeven subsidiebedrag bedragen. Als de werkelijke investeringskosten van de deelwerken lager liggen dan deze minimumgrens, dan wordt de subsidie afgetopt op 50% van de aangegeven investeringskosten.
| PILIERS LIES A L'HABITATION : (1) CONSTRUCTION CIRCULAIRE, (2) METHODES DE CONSTRUCTION NOVATRICES, (3) TECHNIQUES/CONCEPTS ENERGETIQUES NOVATEURS | ||||
| Description | 1 pilier | 2 piliers | A partir de 3 piliers | Unité de mesure |
| Démolition | 400 | 500 | 600 | par habitation |
| Fondations | 1 800 | 2 400 | 2 900 | par habitation |
| Eaux usées et eaux pluviales | 600 | 800 | 1 000 | par habitation |
| Gros oeuvre | 5 000 | 6 700 | 8 500 | par habitation |
| Façade + isolation | 3 200 | 4 200 | 5 300 | par habitation |
| Toiture + isolation | 1 500 | 2 000 | 2 500 | par habitation |
| Menuiseries extérieures | 1 800 | 2 400 | 3 000 | par habitation |
| Finition intérieure | 1 800 | 2 400 | 3 000 | par habitation |
| Planchers | 1 200 | 1 600 | 2 000 | par habitation |
| Cuisine | 800 | 1 200 | 1 500 | par habitation |
| Installations sanitaires | 1 200 | 1 600 | 2 000 | par habitation |
| Chauffage | 1 500 | 2 000 | 2 500 | par habitation |
| Ventilation | 800 | 1 000 | 1 200 | par habitation |
| Electricité + installation PV | 1 600 | 2 100 | 2 600 | par habitation |
| Aménagement extérieur | 800 | 1 100 | 1 400 | par habitation |
| AUTRES PILIERS : INTERVENTIONS VERT-BLEU, MOBILITE DURABLE, CONCEPTS METHODIQUES | ||||
| Description | 1 pilier | 2 piliers | 3 piliers | Unité de mesure |
| Interventions vert/bleu - espace extérieur | 350 | 450 | 550 | par habitation |
| Interventions vert/bleu - consommation d'eau | 750 | 1 000 | 1 250 | par habitation |
| Mobilité | 1 900 | 2 500 | 3 150 | par emplacement de parking non réalisé |
| Concepts méthodiques | 200 | 250 | 300 | par m2 (à partir de 5 m2 et limité à 25 m2 par habitation) |
Les montants de subvention calculés représentent le montant maximal possible à recevoir par poste de travaux pour une habitation. Pour prétendre aux montants totaux de la subvention, le coût d'investissement réel doit être au moins le double du montant de la subvention indiqué. Si le coût d'investissement réel des postes de travaux est inférieur à cette limite minimale, la subvention est plafonnée à 50 % du coût d'investissement déclaré.
Art. 3. Om in aanmerking te komen voor de subsidie, vermeld in artikel 1, moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:
1° het innovatief sociaal woonproject zoals omschreven door de projectaanvrager in het ingediende projectvoorstel wordt binnen de drie jaar gerealiseerd, te rekenen vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de goedkeuring van dit besluit;
2° de projectaanvrager maakt ten laatste zes maanden na de oplevering van de werken een eindverslag over aan de VMSW dat minstens de volgende zaken bevat:
a) een toelichting in verband met de principes van het innovatief concept en de opgedane ervaring rond de ontwikkeling;
b) de technische uitvoering;
c) de financiële haalbaarheid;
d) het verder gebruik tijdens de verhuring en het draagvlak bij de bewoners;
3° de projectaanvrager voorziet in voldoende activiteiten tot kennisdeling zoals opgenomen in het ingediende projectvoorstel;
4° de projectaanvrager werkt mee aan de evaluatie van de projectoproep.
De projectaanvrager die de voorwaarden, vermeld in het eerste lid, niet naleeft, betaalt een vergoeding. Die vergoeding is gelijk aan het resterende gedeelte van de uitbetaalde subsidie, vermeld in artikel 1, als die subsidie gedurende drieëndertig jaar elk jaar lineair wordt afgeschreven.
De projectaanvrager die het innovatief sociaal woonproject niet binnen de termijn, vermeld in eerste lid, 1°, kan realiseren, dient bij het agentschap Wonen in Vlaanderen een aanvraag tot verlenging in waarbij een stand van zaken wordt gegeven van het project en een verantwoording voor de termijnverlenging. Een termijnverlenging wordt enkel toegestaan als de vertraging het gevolg is van overmacht.
1° het innovatief sociaal woonproject zoals omschreven door de projectaanvrager in het ingediende projectvoorstel wordt binnen de drie jaar gerealiseerd, te rekenen vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de goedkeuring van dit besluit;
2° de projectaanvrager maakt ten laatste zes maanden na de oplevering van de werken een eindverslag over aan de VMSW dat minstens de volgende zaken bevat:
a) een toelichting in verband met de principes van het innovatief concept en de opgedane ervaring rond de ontwikkeling;
b) de technische uitvoering;
c) de financiële haalbaarheid;
d) het verder gebruik tijdens de verhuring en het draagvlak bij de bewoners;
3° de projectaanvrager voorziet in voldoende activiteiten tot kennisdeling zoals opgenomen in het ingediende projectvoorstel;
4° de projectaanvrager werkt mee aan de evaluatie van de projectoproep.
De projectaanvrager die de voorwaarden, vermeld in het eerste lid, niet naleeft, betaalt een vergoeding. Die vergoeding is gelijk aan het resterende gedeelte van de uitbetaalde subsidie, vermeld in artikel 1, als die subsidie gedurende drieëndertig jaar elk jaar lineair wordt afgeschreven.
De projectaanvrager die het innovatief sociaal woonproject niet binnen de termijn, vermeld in eerste lid, 1°, kan realiseren, dient bij het agentschap Wonen in Vlaanderen een aanvraag tot verlenging in waarbij een stand van zaken wordt gegeven van het project en een verantwoording voor de termijnverlenging. Een termijnverlenging wordt enkel toegestaan als de vertraging het gevolg is van overmacht.
Art. 3. Les conditions suivantes doivent être remplies pour prétendre à la subvention visée à l'article 1er :
1° le projet de logement social novateur tel que décrit par le demandeur de projet dans la proposition de projet introduite doit être réalisé dans un délai de trois ans à compter du premier jour du mois suivant l'approbation du présent arrêté ;
2° au plus tard six mois après la réception des travaux, le demandeur de projet soumet à la VMSW un rapport final contenant au minimum les éléments suivants :
a) des explications quant aux principes de concept novateur et à l'expérience acquise autour du développement ;
b) l'exécution technique ;
c) la faisabilité financière ;
d) l'utilisation ultérieure pendant la location et le soutien des occupants ;
3° le demandeur de projet prévoit suffisamment d'activités de partage des connaissances, comme repris dans la proposition de projet soumise ;
4° le demandeur de projet participe à l'évaluation de l'appel à projets.
Le demandeur de projet qui ne respecte pas les conditions visées à l'alinéa premier doit payer une indemnité. Cette indemnité correspond au solde de la subvention versée, telle que visée à l'article 1er si cette subvention est amortie de manière linéaire chaque année pendant trente-trois ans.
Le demandeur de projet qui ne peut réaliser le projet de logement social novateur dans le délai mentionné à l'alinéa 1er, 1°, introduit une demande de prolongation auprès de l'Agence du Logement - Flandre, en indiquant l'état d'avancement du projet et en justifiant sa demande de prolongation du délai. Une prolongation de délai n'est accordée que si le retard est dû à un cas de force majeure.
1° le projet de logement social novateur tel que décrit par le demandeur de projet dans la proposition de projet introduite doit être réalisé dans un délai de trois ans à compter du premier jour du mois suivant l'approbation du présent arrêté ;
2° au plus tard six mois après la réception des travaux, le demandeur de projet soumet à la VMSW un rapport final contenant au minimum les éléments suivants :
a) des explications quant aux principes de concept novateur et à l'expérience acquise autour du développement ;
b) l'exécution technique ;
c) la faisabilité financière ;
d) l'utilisation ultérieure pendant la location et le soutien des occupants ;
3° le demandeur de projet prévoit suffisamment d'activités de partage des connaissances, comme repris dans la proposition de projet soumise ;
4° le demandeur de projet participe à l'évaluation de l'appel à projets.
Le demandeur de projet qui ne respecte pas les conditions visées à l'alinéa premier doit payer une indemnité. Cette indemnité correspond au solde de la subvention versée, telle que visée à l'article 1er si cette subvention est amortie de manière linéaire chaque année pendant trente-trois ans.
Le demandeur de projet qui ne peut réaliser le projet de logement social novateur dans le délai mentionné à l'alinéa 1er, 1°, introduit une demande de prolongation auprès de l'Agence du Logement - Flandre, en indiquant l'état d'avancement du projet et en justifiant sa demande de prolongation du délai. Une prolongation de délai n'est accordée que si le retard est dû à un cas de force majeure.
Art. 4. De VMSW betaalt 80% van de toegekende subsidie, vermeld in artikel 1, uit aan de projectaanvrager uitbetaald bij bestelling van de werken en na het bezorgen van de bestelbrief aan de VMSW. De VMSW maakt het saldo van de subsidie over na de voorlopige oplevering van de werken.
Indien substantiële delen van de projectaanvraag niet werden uitgevoerd, wordt het corresponderende aandeel van de subsidie teruggevorderd.
Indien substantiële delen van de projectaanvraag niet werden uitgevoerd, wordt het corresponderende aandeel van de subsidie teruggevorderd.
Art. 4. La VMSW verse 80 % de la subvention allouée visée à l'article 1er au demandeur de projet lors de la commande des travaux et après réception de la lettre de commande. La VMSW verse le solde de la subvention après la réception provisoire des travaux.
Si des parties substantielles de la demande de projet n'ont pas été réalisées, la part correspondante de la subvention est récupérée.
Si des parties substantielles de la demande de projet n'ont pas été réalisées, la part correspondante de la subvention est récupérée.
Art. 5. Het bedrag van de lening, vermeld in artikel 5.44, van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, voor de financiering van het innovatief sociaal woonproject mag niet hoger zijn dan de som van het prijsplafond, zoals vastgesteld in uitvoering van artikel 5.40 of artikel 5.41, van het voormelde besluit, en het subsidiebedrag, vermeld in de lijst, gevoegd als bijlage bij dit besluit.
Bij de vaststelling van het maximale bedrag van de lening wordt het subsidiebedrag, vermeld in het eerste lid, geïndexeerd naar de laatste gepubliceerde ABEX-index, waarbij als basis de ABEX-index van juli 2022 wordt gebruikt.
Bij de vaststelling van het maximale bedrag van de lening wordt het subsidiebedrag, vermeld in het eerste lid, geïndexeerd naar de laatste gepubliceerde ABEX-index, waarbij als basis de ABEX-index van juli 2022 wordt gebruikt.
Art. 5. Le montant du prêt, mentionné à l'article 5.44 de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, pour le financement du projet de logement social novateur, ne peut dépasser la somme du plafond des prix, tel que déterminé en application de l'article 5.40 ou de l'article 5.41 de l'arrêté précité, et du montant de la subvention, mentionné dans la liste jointe en annexe au présent arrêté.
Lors de la détermination du montant maximal du prêt, le montant de la subvention mentionné à l'alinéa premier est indexé sur le dernier indice ABEX publié, en prenant comme base l'indice ABEX de juillet 2022.
Lors de la détermination du montant maximal du prêt, le montant de la subvention mentionné à l'alinéa premier est indexé sur le dernier indice ABEX publié, en prenant comme base l'indice ABEX de juillet 2022.
Art. 6. Het besluit van de Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatsteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen is van toepassing op de subsidie, vermeld in artikel 1.
Art. 6. La décision de la Commission du 20 décembre 2011 relative à l'application de l'article 106, paragraphe 2 du Traité sur le fonctionnement de l'Union européenne aux aides d'Etat sous forme de compensations de service public octroyées à certaines entreprises chargées de la gestion de services d'intérêt économique général s'applique à la subvention visée à l'article 1er.
Art. 7. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 16 december 2022.
Art. 7. Le présent arrêté produit ses effets le 16 décembre 2022.
Art. 8. De Vlaamse minister, bevoegd voor het woonbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 8. Le ministre flamand qui a la politique du logement dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 27-03-2023, p. 34164)
Art. N. (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 27-03-2023, p. 34168)