Artikel 1. Artikel 94 van het koninklijk besluit van 20 juli 1971 houdende instelling van een uitkeringsverzekering en een moederschapsverzekering ten voordele van de zelfstandigen en van de meewerkende echtgenoten, vervangen bij het koninklijk besluit van 7 juni 2007 en laatstelijk gewijzigd bij het koninklijk besluit van 14 augustus 2021, wordt vervangen als volgt :
"Art. 94. Het bedrag van de moederschapsuitkering toegekend voor de door de gerechtigde opgenomen weken van moederschapsrust bedoeld in artikel 93 is gelijk aan:
1° 506,32 euro per week tijdens de eerste vier weken van de moederschapsrust;
2° 463,10 euro per week vanaf de vijfde week van de moederschapsrust.
In geval van halftijdse moederschapsrust wordt het bedrag van de moederschapsuitkering vastgesteld in het vorige lid met de helft verminderd.
De bedragen bedoeld in het eerste lid zijn gekoppeld aan de spilindex 103,14 (basis 1996 = 100). Het bedrag van de moederschapsuitkering toegekend aan de gerechtigde is het bedrag zoals het is aangepast op de eerste dag van elke week van moederschapsrust.".
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
21 JANUARI 2022. - Koninklijk besluit tot vervanging van artikel 94 van het koninklijk besluit van 20 juli 1971 houdende instelling van een uitkeringsverzekering en een moederschapsverzekering ten voordele van de zelfstandigen en van de meewerkende echtgenoten
Titre
21 JANVIER 2022. - Arrêté royal remplaçant l'article 94 de l'arrêté royal du 20 juillet 1971 instituant une assurance indemnités et une assurance maternité en faveur des travailleurs indépendants et des conjoints aidants
Informations sur le document
Numac: 2022200529
Datum: 2022-01-21
Info du document
Numac: 2022200529
Date: 2022-01-21
Tekst (3)
Texte (3)
Article 1er. L'article 94 de l'arrêté royal du 20 juillet 1971 instituant une assurance indemnités et une assurance maternité en faveur des travailleurs indépendants et des conjoints aidants, remplacé par l'arrêté royal du 7 juin 2007 et modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 14 août 2021, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 94. Le montant de l'indemnité de maternité octroyé pour les semaines de repos de maternité visées à l'article 93 prises par la titulaire s'élève à :
1° 506,32 euros par semaine durant les quatre premières semaines du repos de maternité;
2° 463,10 euros par semaine à partir de la cinquième semaine du repos de maternité.
En cas de repos de maternité à mi-temps, le montant de l'indemnité de maternité tel que fixé à l'alinéa précédent est réduit de moitié.
Les montants visés à l'alinéa 1er sont liés à l'indice-pivot 103,14 (base 1996 = 100). Le montant de l'indemnité de maternité accordé à la titulaire est le montant tel qu'il est adapté au premier jour de chaque semaine de repos de maternité. ".
" Art. 94. Le montant de l'indemnité de maternité octroyé pour les semaines de repos de maternité visées à l'article 93 prises par la titulaire s'élève à :
1° 506,32 euros par semaine durant les quatre premières semaines du repos de maternité;
2° 463,10 euros par semaine à partir de la cinquième semaine du repos de maternité.
En cas de repos de maternité à mi-temps, le montant de l'indemnité de maternité tel que fixé à l'alinéa précédent est réduit de moitié.
Les montants visés à l'alinéa 1er sont liés à l'indice-pivot 103,14 (base 1996 = 100). Le montant de l'indemnité de maternité accordé à la titulaire est le montant tel qu'il est adapté au premier jour de chaque semaine de repos de maternité. ".
Art.2. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2022 en is van toepassing op elke week van moederschapsrust die ten vroegste op 1 januari 2022 aanvat.
Art.2. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2022 et s'applique à chaque semaine de repos de maternité qui débute au plus tôt le 1er janvier 2022.
Art. 3. De minister bevoegd voor Sociale Zaken en de minister bevoegd voor Zelfstandigen zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 3. Le ministre qui a les Affaires sociales dans ses attributions et le ministre qui a les Indépendants dans ses attributions sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.