1° afwezigheidsdag : de opvangdag die besteld is door het gezin in het opvangplan in de schriftelijke overeenkomst tussen de organisator en het gezin, waarop het kind afwezig is;
2° agentschap : het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, opgericht bij artikel 3 van het decreet van 30 april 2004;
3° attest van toezicht : het attest van toezicht, vermeld in artikel 3, § 1, van het Kwaliteitsbesluit Buitenschoolse Opvang van 16 mei 2014;
4° buitenschoolse opvang : de buitenschoolse opvang, vermeld in artikel 1, 1°, van het Kwaliteitsbesluit Buitenschoolse Opvang van 16 mei 2014;
5° decreet van 30 april 2004 : het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie;
6° decreet van 20 april 2012 : het decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van kinderopvang van baby's en peuters;
7° doelgroepbeperking : de beperking van het type gezin dat mag gebruikmaken van de kinderopvang of buitenschoolse opvang, opgelegd aan de organisator van kinderopvang of buitenschoolse opvang. De doelgroepbeperking is opgelegd in het kader van de bestrijding van de COVID-19-epidemie door een federale maatregel, een Vlaamse maatregel, of een maatregel van de provinciegouverneur of de burgemeester als vermeld in artikel 27 van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken. De maatregelen ten aanzien van gezinnen die betrekking hebben op de thuisisolatie vallen daar niet onder;
8° gezinsopvang voor buitenschoolse kinderen : de gezinsopvang, vermeld in artikel 1, 4°, van het Kwaliteitsbesluit Buitenschoolse Opvang van 16 mei 2014;
9° groepsopvang voor buitenschoolse kinderen : de groepsopvang, vermeld in artikel 1, 5°, van het Kwaliteitsbesluit Buitenschoolse Opvang van 16 mei 2014;
10° kinderopvang : de kinderopvang, vermeld in artikel 2 van het decreet van 20 april 2012;
11° lokale dienst : de lokale dienst, vermeld in artikel 1, 15°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 houdende de voorwaarden voor de erkenning en de subsidiëring van gemandateerde voorzieningen, coördinatiepunten en flexibele opvangpools van doelgroepwerknemers, de voorwaarden voor de toestemming en de subsidiëring van lokale diensten buurtgerichte buitenschoolse opvang, en de voorwaarden voor een aanvullende subsidie voor organisatoren met een vergunning groepsopvang en een plussubsidie;
12° minister : de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding;
13° openingsdag : de dag waarop men beschikbaar is om kinderen op te vangen;
14° opvangmoment : een van de volgende momenten op een openingsdag waarop een kind buitenschools opgevangen wordt :
a) vóór schooltijd;
b) na schooltijd;
c) op woensdagnamiddag;
d) op een schoolvrije dag;
e) een schoolvakantiedag;
15° opvang op een schooldag : de opvang vóór schooltijd, na schooltijd of op woensdagnamiddag;
16° opvang op een schoolvrije dag : de opvang op een schoolvrije dag of gedurende de schoolvakantie;
17° project FCUD buitenschoolse opvang : het project, vermeld in artikel 1, 4°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 betreffende de subsidiëring van projecten vanuit het vroegere Fonds voor Collectieve Uitrustingen en Diensten en voor personeelsleden met een gewezen gescostatuut, dat buitenschoolse opvang organiseert;
18° subsidie voor buitenschoolse opvang in een afzonderlijke binnenruimte : de subsidie voor buitenschoolse opvang in een afzonderlijke binnenruimte, vermeld in artikel 42 tot en met 48 van het Subsidiebesluit Buitenschoolse Opvang van 16 mei 2014;
19° subsidie voor initiatief buitenschoolse opvang : de subsidie voor initiatief voor buitenschoolse opvang, vermeld in artikel 19 tot en met 31 van het Subsidiebesluit Buitenschoolse Opvang van 16 mei 2014;
20° subsidie voor inkomenstarief voor buitenschoolse opvang : de subsidie voor inkomenstarief, vermeld in artikel 36 tot en met 41 van het Subsidiebesluit Buitenschoolse Opvang van 16 mei 2014;
21° verplichte sluiting : de gedeeltelijke of volledige sluiting van een kinderopvanglocatie of opvanglocatie die een direct gevolg is van een van de volgende situaties :
a) de sluiting is opgelegd in het kader van de bestrijding van de COVID-19-epidemie door een van de volgende maatregelen :
1) een federale maatregel;
2) een Vlaamse maatregel;
3) een maatregel van de provinciegouverneur of de burgemeester als vermeld in artikel 27 van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken;
b) de volledige of gedeeltelijke sluiting van de opvanglocatie door de [1 plotse]1 afwezigheid van een of meer kinderbegeleiders naar aanleiding van [1 een quarantaineattest wegens hoogrisicocontact of besmetting, of naar aanleiding van een besmetting]1 met het COVID-19-virus waardoor de gewone werking niet kan verdergezet worden overeenkomstig de geldende voorwaarden. Die sluiting is aan het agentschap gemeld conform de administratieve richtlijnen van het agentschap. [1 Een sluiting naar aanleiding van een quarantaineattest wegens het behoren tot een risicogroep is geen verplichte sluiting]1;
c) een situatie van overmacht die aan COVID-19 gerelateerd is;
22° werkdag : een dag die geen zaterdag, zondag of een van de tien wettelijke feestdagen is.