Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
14 OKTOBER 2018. - Wet tot wijziging van de wetgeving inzake mandatenlijst en vermogensaangifte wat de transparantie over de vergoedingen, de uitbreiding naar overheidsbestuurders, de elektronische indiening en de controle betreft
Titre
14 OCTOBRE 2018. - Loi modifiant la législation relative aux déclarations de mandats et de patrimoine en ce qui concerne la transparence des rémunérations, l'extension aux administrateurs publics, le dépôt électronique et le contrôle
Informations sur le document
Numac: 2018205385
Datum: 2018-10-14
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2018205385
Date: 2018-10-14
Moniteur: Voir
Tekst (18)
Texte (18)
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling
CHAPITRE 1er. - Disposition générale
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet.
Article 1er. La présente loi règle une matière visée à l'article 77 de la Constitution.
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van de wet van 2 mei 1995 betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen, alsmede een vermogensaangifte in te dienen
CHAPITRE 2. - Modifications de la loi du 2 mai 1995 relative à l'obligation de déposer une liste de mandats, fonctions et professions et une déclaration de patrimoine
Art. 2. In artikel 1 van de wet van 2 mei 1995 betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen, alsmede een vermogensaangifte in te dienen, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 3 juni 2007, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de bepaling onder 8., opgeheven bij de wet van 3 juni 2007, wordt hersteld in de volgende lezing :
  "8. de leden die in die hoedanigheid rechtstreeks of onrechtstreeks een vergoeding ontvangen, van de raden van bestuur, de adviesraden en de directiecomités :
  a) van de intercommunale en interprovinciale verenigingen;
  b) van de rechtspersonen waarop een overheid of verschillende overheden samen rechtstreeks of onrechtstreeks een overheersende invloed uitoefenen :
  - door ofwel met deze rechtspersonen een beheerscontract of bestuursovereenkomst af te sluiten;
  - door ofwel, rechtstreeks of onrechtstreeks, meer dan de helft van de leden van het bestuurs-, beheers- of directieorgaan aan te wijzen of door een of meerdere personen aan te wijzen die het toezicht in hun midden moeten uitoefenen;
  - door ofwel, rechtstreeks of onrechtstreeks, de meerderheid van het geplaatst kapitaal te bezitten;
  - door ofwel, rechtstreeks of onrechtstreeks, te beschikken over de meerderheid van de stemmen verbonden aan de door de rechtspersoon uitgegeven aandelen;";
  2° de bepaling onder 9. wordt vervangen als volgt :
  "9. de regeringscommissarissen en de leden van de raden van bestuur, de adviesraden en de directiecomités van een rechtspersoon die er door een beslissing van een overheid deel van uitmaken en hiervoor rechtstreeks of onrechtstreeks een vergoeding ontvangen;";
  3° het artikel wordt aangevuld met een bepaling onder 14., luidende :
  "14. de met het uitbrengen van adviezen inzake beleid, politieke strategie en communicatie belaste medewerkers van de beleidsorganen van de leden van de federale regering en van de kabinetten van de leden van de regering van de Duitstalige Gemeenschap;";
  4° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende:
  "Onder regeringscommissarissen in de zin van het eerste lid, 9, wordt verstaan elkeen die, ongeacht de benaming van zijn mandaat, namens de regering controle uitoefent om te beletten dat de wet wordt geschonden of het algemeen belang geschaad.".
Art. 2. A l'article 1er de la loi du 2 mai 1995 relative à l'obligation de déposer une liste de mandats, fonctions et professions et une déclaration de patrimoine, modifié en dernier lieu par la loi du 3 juin 2007, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le 8., abrogé par la loi du 3 juin 2007, est rétabli dans la rédaction suivante :
  "8. membres, qui perçoivent de façon directe ou indirecte une rémunération à cet effet, des conseils d'administration, des conseils consultatifs et des comités de direction :
  a) des intercommunales et des interprovinciales;
  b) des personnes morales sur lesquelles une ou plusieurs autorités publiques exercent directement ou indirectement une influence dominante :
  - soit en concluant avec ces personnes morales un contrat de gestion ou un contrat d'administration;
  - soit en désignant, directement ou indirectement, plus de la moitié des membres de leur organe d'administration, de gestion ou de direction, ou en désignant une ou plusieurs personnes chargées d'exercer la tutelle en leur sein;
  - soit en détenant, directement ou indirectement, la majorité du capital souscrit;
  - soit en disposant, directement ou indirectement, de la majorité des voix attachées aux parts émises par la personne morale;";
  2° le 9. est remplacé par ce qui suit :
  "9. commissaires du gouvernement et aux membres des conseils d'administration, des conseils consultatifs et des comités de direction d'une personne morale qui en font partie à la suite d'une décision d'une autorité publique et qui perçoivent directement ou indirectement une rémunération à ce titre;";
  3° l'article est complété par un 14., rédigé comme suit :
  "14. collaborateurs chargés de rendre des avis sur la politique, la stratégie politique et la communication, des organes stratégiques des membres du gouvernement fédéral et des cabinets des membres du gouvernement de la Communauté germanophone;";
  4° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit:
  "Au sens de l'alinéa 1er, 9, on entend par commissaires de gouvernement toute personne qui, indépendamment de la dénomination de son mandat, exerce, au nom du gouvernement un contrôle pour empêcher que la loi soit violée ou l'intérêt général blessé.".
Art. 3. In artikel 2 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 26 juni 2004, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 1, eerste lid, wordt het woord "april" vervangen door het woord "oktober" en wordt het woord "schriftelijke" opgeheven;
  2° in paragraaf 1 worden tussen het eerste en het tweede lid vier leden ingevoegd, luidende :
  "Deze aangifte vermeldt het brutobedrag op jaarbasis dat rechtstreeks of onrechtstreeks wordt toegekend als vergoeding voor de mandaten en ambten bedoeld in artikel 1, 1. tot 9.
  De aangifte vermeldt de grootteorde van het brutobedrag op jaarbasis dat rechtstreeks of onrechtstreeks wordt toegekend als vergoeding voor alle andere mandaten, leidende ambten of beroepen dan deze bedoeld in artikel 1, 1. tot 9. De gehanteerde vork is opgebouwd als volgt :
  1. niet vergoed;
  2. tussen 1 en 5 000 euro bruto per jaar;
  3. tussen 5 001 en 10 000 euro bruto per jaar;
  4. tussen 10 001 en 50 000 euro bruto per jaar;
  5. tussen 50 001 en 100 000 euro bruto per jaar;
  6. meer dan 100 000 euro bruto per jaar, waarbij men het bedrag vermeldt afgerond op het dichtstbijzijnde honderdduizendtal.
  Elk jaar worden de bedragen geïndexeerd, op basis van de schommelingen van het indexcijfer van de consumptieprijzen volgens de hiernavolgende formule: het nieuwe bedrag = basisbedrag x nieuw indexcijfer/aanvangsindexcijfer, waarbij :
  a) het basisbedrag het bedrag is dat geldig is voor jaar x;
  b) het aanvangsindexcijfer het indexcijfer is van de maand oktober van het jaar x-1;
  c) het nieuwe indexcijfer het indexcijfer is van de consumptieprijzen van de maand oktober van het jaar x.
  De bedragen worden afgerond op de euro, waarbij bedragen van 50 cent of hoger worden afgerond naar de hogere euro, beneden de 50 cent naar de lagere euro. De aldus geïndexeerde bedragen worden van kracht op 1 januari van het jaar x+1.";
  3° in paragraaf 1, tweede lid, dat het zesde lid wordt, worden de woorden "en vermeldt voor elk mandaat, elk ambt of elk beroep of ze al dan niet bezoldigd zijn" opgeheven;
  4° in paragraaf 2 worden de woorden "en op de website van het Rekenhof" ingevoegd tussen het woord "Staatsblad" en het woord "wordt".
Art. 3. A l'article 2 de la même loi, modifié par la loi du 26 juin 2004, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, le mot "avril" est remplacé par le mot "octobre" et le mot "écrite" est abrogé;
  2° dans le paragraphe 1er, quatre alinéas rédigés comme suit sont insérés entre les alinéas 1er et 2 :
  "Cette déclaration mentionne le montant brut sur base annuelle octroyé directement ou indirectement à titre de rémunération pour les mandats et fonctions visés à l'article 1er, 1. à 9.
  La déclaration mentionne l'ordre de grandeur du montant brut sur base annuelle octroyé directement ou indirectement à titre de rémunération pour l'ensemble des mandats, fonctions dirigeantes ou professions autres que ceux visés à l'article 1er, 1. à 9. La fourchette appliquée se décompose comme suit :
  1. non rémunéré;
  2. entre 1 et 5 000 euros brut par an;
  3. entre 5 001 et 10 000 euros brut par an;
  4. entre 10 001 et 50 000 euros brut par an;
  5. entre 50 001 et 100 000 euros brut par an;
  6. plus de 100 000 euros brut par an, le montant mentionné étant arrondi à la centaine de milliers la plus proche.
  Les montants sont indexés chaque année sur la base des fluctuations de l'indice des prix à la consommation selon la formule suivante: le nouveau montant = le montant de base x le nouvel indice/l'indice de départ, où :
  a) le montant de base est le montant valable pour l'année x;
  b) l'indice de départ est l'indice du mois d'octobre de l'année x-1;
  c) le nouvel indice est l'indice des prix à la consommation du mois d'octobre de l'année x.
  Les montants sont arrondis à l'euro, les montants égaux ou supérieurs à 50 cents étant arrondis à l'euro supérieur, et les montants inférieurs à 50 cents à l'euro inférieur. Les montants ainsi indexés entrent en vigueur le 1er janvier de l'année x+1.";
  3° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, devenant l'alinéa 6, les mots ", qui est certifiée sur l'honneur exacte et sincère, précise pour chaque mandat, fonction ou profession, s'il est rémunéré ou non" sont remplacés par les mots "est certifiée sur l'honneur exacte et sincère";
  4° dans le paragraphe 2, les mots "et sur le site web de la Cour des comptes" sont insérés entre le mot "belge" et le mot "selon".
Art. 4. In artikel 3, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 26 juni 2004 en 12 maart 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid worden de woorden ", uitgezonderd deze bedoeld in artikel 1, 8., 9. en 14." ingevoegd tussen het woord "uitoefenen" en het woord ", dienen";
  2° in het eerste lid wordt het woord "april" vervangen door het woord "oktober";
  3° in het derde lid wordt het woord "april" telkens vervangen door het woord "oktober".
Art. 4. A l'article 3, § 1er, de la même loi, modifié par les lois des 26 juin 2004 et 12 mars 2009, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa 1er, les mots "à l'exception des personnes visées à l'article 1er, 8., 9. et 14.," sont insérés entre les mots "l'article 1er" et le mot "déposent";
  2° dans l'alinéa 1er, le mot "avril" est remplacé par le mot "octobre";
  3° dans l'alinéa 3, le mot "avril" est chaque fois remplacé par le mot "octobre".
Art. 5. In artikel 6 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 2 wordt het woord "frank" vervangen door het woord "euro";
  2° paragraaf 2 wordt aangevuld met de volgende bepaling :
  "Bij herhaling binnen drie jaar te rekenen van een in kracht van gewijsde gegane veroordeling wegens overtreding van deze paragraaf of van artikel 6, § 2, van de bijzondere wet van 2 mei 1995 betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen, alsmede een vermogensaangifte in te dienen, wordt deze boete verdrievoudigd en wordt een ontzetting uit het recht om verkozen te worden voor een periode van vijf jaar uitgesproken.";
  3° in paragraaf 3 worden de woorden "en op de website van het Rekenhof" ingevoegd tussen het woord "Staatsblad" en het woord "wordt".
Art. 5. A l'article 6 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 2, le mot "francs" est remplacé par le mot "euros";
  2° le paragraphe 2 est complété par la disposition suivante :
  "En cas de récidive dans les trois ans qui suivent un jugement de condamnation coulé en force de chose jugée du chef d'une infraction au présent paragraphe ou à l'article 6, § 2, de la loi spéciale du 2 mai 1995 relative à l'obligation de déposer une liste de mandats, fonctions et professions et une déclaration de patrimoine, cette amende est triplée et une interdiction d'éligibilité pour une période de cinq ans est prononcée.";
  3° dans le paragraphe 3, les mots "et sur le site web de la Cour des comptes" sont insérés entre les mots "Moniteur belge" et les mots "en même temps".
Art. 6. Dezelfde wet wordt aangevuld met een artikel 7, luidende :
  "Art. 7. § 1. Het Rekenhof deelt, in geval van overtreding van deze wet en de wet van 26 juni 2004 tot uitvoering en aanvulling van de wet van 2 mei 1995 betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen, alsmede een vermogensaangifte in te dienen, zijn grieven mee aan de overtreder, alsook het beoogde bedrag van de administratieve geldboete en de mogelijkheid om beroep aan te tekenen.
  De administratieve geldboete bedraagt 100 tot 1 000 euro en wordt verdrievoudigd in geval van een nieuwe overtreding van de in het eerste lid vermelde wetten binnen drie jaar na een veroordeling krachtens artikel 6, § 2. De geldboete komt toe aan de Schatkist.
  § 2. Indien de feiten zowel een strafrechtelijke als een administratiefrechtelijke overtreding vormen, wordt het origineel van het proces-verbaal toegestuurd aan de procureur des Konings. De procureur des Konings beschikt over een termijn van een maand, te rekenen van de dag van de ontvangst van het origineel van het proces-verbaal, om het Rekenhof in te lichten dat een opsporingsonderzoek of een gerechtelijk onderzoek werd opgestart of een strafrechtelijke vervolging werd ingesteld. Deze mededeling doet de mogelijkheid vervallen voor het Rekenhof om een administratieve geldboete op te leggen. Voor het verstrijken van deze termijn kan het Rekenhof geen administratieve geldboete opleggen, behoudens voorafgaande mededeling door de procureur des Konings dat deze geen gevolg aan het feit wenst te geven. Na het verstrijken van deze termijn kunnen de feiten enkel nog administratiefrechtelijk worden gesanctioneerd.".
Art. 6. La même loi est complétée par un article 7 rédigé comme suit :
  "Art. 7. § 1er. En cas d'infraction à la présente loi et à la loi du 26 juin 2004 exécutant et complétant la loi du 2 mai 1995 relative à l'obligation de déposer une liste de mandats, fonctions et professions et une déclaration de patrimoine, la Cour des comptes informe le contrevenant de ses griefs, ainsi que du montant escompté de l'amende administrative et de la possibilité d'interjeter appel.
  L'amende administrative s'élève à 100 à 1 000 euros et est multipliée par trois en cas de nouvelle infraction aux lois visées à l'alinéa 1er dans les trois ans suivant une condamnation en vertu de l'article 6, § 2. L'amende revient au Trésor.
  § 2. Si les faits sont à la fois constitutifs d'une infraction pénale et d'une infraction administrative, l'original du procès-verbal est envoyé au procureur du Roi. Le procureur du Roi dispose d'un délai d'un mois à compter du jour de la réception de l'original du procès-verbal pour informer la Cour des comptes qu'une information ou une instruction judiciaire ont été entamées ou que des poursuites pénales ont été engagées. Cette communication éteint la possibilité pour la Cour des comptes d'infliger une amende administrative. La Cour des comptes ne peut infliger l'amende administrative avant l'échéance de ce délai, sauf communication préalable par le procureur du Roi que ce dernier ne souhaite pas réserver de suite au fait. Passé ce délai, les faits ne pourront être sanctionnés que de manière administrative.".
HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van de wet van 26 juni 2004 tot uitvoering en aanvulling van de wet van 2 mei 1995 betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen, alsmede een vermogensaangifte in te dienen
CHAPITRE 3. - Modifications de la loi du 26 juin 2004 exécutant et complétant la loi du 2 mai 1995 relative à l'obligation de déposer une liste de mandats, fonctions et professions et une déclaration de patrimoine
Art. 7. In artikel 2 van de wet van 26 juni 2004 tot uitvoering en aanvulling van de wet van 2 mei 1995 betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen, alsmede een vermogensaangifte in te dienen, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het eerste lid wordt aangevuld met de woorden "en desgevallend het ondernemingsnummer zoals bedoeld in het Wetboek van economisch recht, van de onderneming waar de indiener een mandaat, ambt of beroep uitoefent";
  2° het tweede lid wordt opgeheven.
Art. 7. A l'article 2 de la loi du 26 juin 2004 exécutant et complétant la loi du 2 mai 1995 relative à l'obligation de déposer une liste de mandats, fonctions et professions et une déclaration de patrimoine, les modifications suivantes sont apportées :
  1° l'alinéa 1er est complété par les mots "et, le cas échéant, le numéro d'entreprise tel que visé par le Code de droit économique de l'entreprise dans laquelle le déclarant exerce un mandat, une fonction ou une profession";
  2° l'alinéa 2 est abrogé.
Art. 8. In artikel 4 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt :
  " § 1. De aangiften bedoeld in artikel 2 van de wet van 2 mei 1995 worden elektronisch ingediend.
  De aangifte bedoeld in artikel 3 van de wet van 2 mei 1995 wordt van hand tot hand of bij aangetekende zending met ontvangstmelding ingediend.";
  2° in paragraaf 2 worden de woorden "elektronisch of" ingevoegd tussen de woorden "en van de" en het woord "aangetekend".
Art. 8. A l'article 4 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
  " § 1er. Les déclarations visées à l'article 2 de la loi du 2 mai 1995 sont déposées par voie électronique.
  La déclaration visée à l'article 3 de la loi du 2 mai 1995 est soit remise de la main à la main, soit envoyée par envoi recommandé avec accusé de réception.";
  2° dans le paragraphe 2, les mots "électroniques ou" sont insérés entre les mots "des envois" et le mot "recommandés".
Art. 9. Artikel 5 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 12 maart 2009, wordt vervangen als volgt :
  "Art. 5. De ambtenaar die daartoe door de eerste minister wordt aangewezen, zendt in de loop van de maand januari van ieder jaar aan het Rekenhof elektronisch de lijst van :
  - de intercommunale en interprovinciale verenigingen;
  - de rechtspersonen waarop de Federale Staat of de Federale Staat samen met andere overheden rechtstreeks of onrechtstreeks een overheersende invloed uitoefent;
  - de rechtspersonen waar een lid van de raad van bestuur, de adviesraad of het directiecomité door een beslissing van de Federale Staat of de Federale Staat samen met andere overheden deel uitmaakt van deze organen.
  De eerste minister brengt het Rekenhof van die aanwijzing op de hoogte. Voor het opstellen van de voormelde lijst wordt rekening gehouden met de toestand van het voorgaande jaar.
  De ambtenaar die daartoe door de voorzitter van de regering van de Duitstalige Gemeenschap wordt aangewezen, zendt in de loop van de maand januari van ieder jaar aan het Rekenhof elektronisch de lijst van :
  - de instellingen van openbaar nut waarover de Duitstalige Gemeenschap toezicht uitoefent;
  - de rechtspersonen waarop de Duitstalige Gemeenschap of de Duitstalige Gemeenschap samen met andere overheden rechtstreeks of onrechtstreeks een overheersende invloed uitoefent;
  - de rechtspersonen waar een lid van de raad van bestuur, de adviesraad of het directiecomité door een beslissing van de Duitstalige Gemeenschap of de Duitstalige Gemeenschap samen met andere overheden deel uitmaakt van deze organen.
  De voorzitter brengt het Rekenhof van die aanwijzing op de hoogte. Voor het opstellen van de voormelde lijst wordt rekening gehouden met de toestand van het voorgaande jaar.
  De ambtenaar die ertoe gehouden is de in het eerste en het derde lid bedoelde inlichtingen aan het Rekenhof mede te delen en die deze verplichting niet of laattijdig vervult, is strafbaar met geldboete van honderd euro tot duizend euro.".
Art. 9. L'article 5 de la même loi, modifié par la loi du 12 mars 2009, est remplacé par ce qui suit :
  "Art. 5. Le fonctionnaire désigné à cette fin par le premier ministre adresse à la Cour des comptes par voie électronique, dans le courant du mois de janvier de chaque année, la liste :
  - des intercommunales et des interprovinciales;
  - des personnes morales sur lesquelles l'Etat fédéral ou l'Etat fédéral conjointement avec d'autres autorités exerce, directement ou indirectement, une influence dominante;
  - des personnes morales dont un membre du conseil d'administration, du conseil consultatif ou du comité de direction fait partie de ces organes à la suite d'une décision prise par l'Etat fédéral ou l'Etat fédéral conjointement avec d'autres autorités.
  Le premier ministre avise la Cour des comptes de cette désignation. Pour l'établissement de cette liste, il est tenu compte de la situation de l'année précédente.
  Le fonctionnaire désigné à cette fin par le président du gouvernement de la Communauté germanophone adresse à la Cour des comptes par voie électronique, dans le courant du mois de janvier de chaque année, la liste :
  - des organismes d'intérêt public sur lesquels la Communauté germanophone exerce la tutelle;
  - des personnes morales sur lesquelles la Communauté germanophone ou la Communauté germanophone conjointement avec d'autres autorités exerce, directement ou indirectement, une influence dominante;
  - des personnes morales dont un membre du conseil d'administration, du conseil consultatif ou du comité de direction fait partie de ces organes à la suite d'une décision prise par la Communauté germanophone ou la Communauté germanophone conjointement avec d'autres autorités.
  Le président avise la Cour des comptes de cette désignation. Pour l'établissement de cette liste, il est tenu compte de la situation de l'année précédente.
  Le fonctionnaire qui, tenu de communiquer à la Cour des comptes les renseignements visés aux alinéas 1er et 3, ne s'acquitte pas de cette obligation ou s'en acquitte avec retard, est passible d'une amende de cent euros à mille euros.".
Art. 10. In artikel 6, eerste lid, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 3 juni 2007 en 12 maart 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de inleidende zin wordt vervangen als volgt :
  "In de loop van de maand februari van ieder jaar en binnen een maand na een ambtsaanvaarding of ambtsbeëindiging worden de naam, voornamen, plaats en datum van geboorte, woonplaats en het ambt van de aan de wet van 2 mei 1995 onderworpen personen, alsmede de datum van ambtsaanvaarding, van de ambtsbeëindiging en van het verstrijken van de periode van vijf jaar bedoeld in artikel 3, § 1, derde lid, van die wet en de vergoedingen bedoeld in artikel 2, § 1, tweede lid, van die wet of de grootteorde van de vergoedingen bedoeld in artikel 2, § 1, derde lid, van die wet, elektronisch aan het Rekenhof medegedeeld door de hierna aangewezen personen: ";
  2° de bepaling onder 1° wordt aangevuld als volgt :
  ", evenals voor de met het uitbrengen van adviezen inzake beleid, politieke strategie en communicatie belaste medewerkers van de beleidsorganen van de leden van de federale regering en voor elke andere persoon bedoeld in artikel 1, punt 9, van de wet van 2 mei 1995 die door een regering wordt aangewezen om haar te vertegenwoordigen in de raad van bestuur van eender welke structuur met rechtspersoonlijkheid.";
  3° in de bepaling onder 4° worden de woorden "en de adjunct-kabinetschefs van de ministeriële kabinetten van die regering" vervangen door de woorden ", de adjunct-kabinetschefs en de met het uitbrengen van adviezen inzake beleid, politieke strategie en communicatie belaste medewerkers van de ministeriële kabinetten van die regering";
  4° de bepaling onder 8° wordt vervangen als volgt :
  "8° de voorzitter van de raad van bestuur van iedere intercommunale en interprovinciale vereniging, van iedere rechtspersoon waarop een overheid of verschillende overheden samen rechtstreeks of onrechtstreeks een overheersende invloed uitoefenen en van iedere rechtspersoon waar minstens een lid door een beslissing van een overheid deel uitmaakt van de betrokken raad van bestuur, de betrokken adviesraad of het betrokken directiecomité, voor de leden van de raad van bestuur, van de adviesraden en van het directiecomité die in die hoedanigheid rechtstreeks of onrechtstreeks een vergoeding ontvangen;".
Art. 10. A l'article 6, alinéa 1er, de la même loi, modifié par les lois des 3 juin 2007 et 12 mars 2009, les modifications suivantes sont apportées :
  1° la phrase introductive est remplacée par ce qui suit :
  "Dans le courant du mois de février de chaque année et dans le mois qui suit l'entrée en fonction ou la cessation de la fonction, les nom, prénoms, lieu et date de naissance, domicile et fonction des personnes assujetties à la loi du 2 mai 1995 ainsi que la date de l'entrée en fonction, de la cessation de la fonction et de l'expiration de la période de cinq ans visée à l'article 3, § 1er, alinéa 3, de ladite loi et les rémunérations visées à l'article 2, § 1er, alinéa 2, de ladite loi ou l'ordre de grandeur des rémunérations visées à l'article 2, § 1er, alinéa 3, de ladite loi, sont communiqués électroniquement à la Cour des comptes par les personnes suivantes: ";
  2° le 1° est complété par ce qui suit :
  ", et pour les collaborateurs chargés de rendre des avis sur la politique, la stratégie politique et la communication, des organes stratégiques des membres du gouvernement fédéral ainsi que pour toute autre personne visée dans l'article 1er, 9, de la loi du 2 mai 1995 qui est désignée par un gouvernement afin de le représenter au sein du conseil d'administration de quelque structure que ce soit dotée de la personnalité juridique.";
  3° dans le 4°, les mots "et chefs de cabinet adjoints des cabinets ministériels de ce gouvernement" sont remplacés par les mots ", les chefs de cabinet adjoints et les collaborateurs chargés de rendre des avis sur la politique, la stratégie politique et la communication, des cabinets ministériels de ce gouvernement";
  4° le 8° est remplacé par ce qui suit :
  "8° le président du conseil d'administration de toute intercommunale et interprovinciale, de toute personne morale sur laquelle une ou plusieurs autorités publiques exercent, directement ou indirectement, une influence dominante et de toute personne morale dont un membre au moins, à la suite d'une décision d'une autorité publique, fait partie du conseil d'administration, du conseil consultatif ou du comité de direction concerné, pour les membres du conseil d'administration, des conseils consultatifs et du comité de direction qui perçoivent, directement ou indirectement, une rémunération à ce titre;".
Art. 11. In artikel 7 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 12 maart 2009 en 6 januari 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 1, eerste lid, wordt de eerste zin die aanvangt met de woorden "Op 30 april" en eindigt met de woorden "niet heeft ontvangen." vervangen als volgt :
  "Op 31 oktober van ieder jaar stelt het Rekenhof de voorlopige lijst op van de personen die aan de wet van 2 mei 1995 en aan deze wet onderworpen zijn en van wie het de lijst, bedoeld in artikel 2 van de wet van 2 mei 1995, of de aangifte, bedoeld in artikel 3 van de wet van 2 mei 1995, of de lijst, bedoeld in artikel 5 of 6 van deze wet, niet heeft ontvangen.";
  2° in paragraaf 1, eerste lid, wordt de derde zin die aanvangt met de woorden "De persoon die" en eindigt met de woorden "op de hoogte." vervangen als volgt :
  "De persoon die van oordeel is dat hij niet aan de wet van 2 mei 1995 of aan deze wet onderworpen is, brengt hiervan het Rekenhof uiterlijk op 15 november bij aangetekende brief op de hoogte.";
  3° in paragraaf 1, eerste lid, wordt de vierde zin die aanvangt met de woorden "Het Rekenhof onderzoekt" en eindigt met de woorden "aan de belanghebbende mede." vervangen als volgt :
  "Het Rekenhof onderzoekt de aangevoerde motieven en deelt zijn definitief standpunt over de onderworpenheid van de persoon aan de wet van 2 mei 1995 of aan deze wet alsook desgevallend het beoogde bedrag van de administratieve geldboete en de mogelijkheid om beroep aan te tekenen, bij aangetekende brief en uiterlijk op 30 november aan de belanghebbende mede.";
  4° in paragraaf 1, tweede lid, worden de woorden "15 mei" vervangen door de woorden "15 november";
  5° in paragraaf 1, tweede lid, wordt de derde zin die aanvangt met de woorden "Het Rekenhof deelt" en eindigt met de woorden "de belanghebbende mede." vervangen als volgt :
  "Het Rekenhof deelt zijn definitief standpunt nopens de volledigheid en de juistheid van de lijst alsook het beoogde bedrag van de administratieve geldboete en de mogelijkheid om beroep aan te tekenen, bij aangetekende brief en uiterlijk op 30 november aan de belanghebbende mede.";
  6° paragraaf 2, eerste lid, wordt vervangen als volgt :
  "Indien het Rekenhof tot het besluit komt dat een persoon onderworpen is aan de wet van 2 mei 1995 of aan deze wet, of dat hij een onvolledige of onjuiste aangifte of lijst heeft ingediend, of een persoon veroordeelt tot een administratieve geldboete als bedoeld in artikel 7 van de wet van 2 mei 1995, kan die persoon zich uiterlijk op 15 december bij aangetekende brief wenden, naargelang van het geval, tot de Kamer van volksvertegenwoordigers, de Senaat of het Parlement van de Duitstalige Gemeenschap, om te horen zeggen dat hij niet onderworpen is aan de wet van 2 mei 1995 of aan deze wet, hetzij dat zijn aangifte of lijst volledig en juist is.";
  7° in paragraaf 2, tweede lid, worden de woorden "over de ontvankelijkheid en de gegrondheid van het beroep" ingevoegd tussen het woord "uitspraak" en het woord "zonder";
  8° in paragraaf 2, tweede lid, worden de woorden "30 juni" vervangen door de woorden "31 december";
  9° in paragraaf 3, eerste zin, worden de woorden "15 juli" vervangen door de woorden "15 januari";
  10° in paragraaf 3 wordt de tweede zin die aanvangt met de woorden "De twee lijsten" en eindigt met de woorden "op 15 augustus bekendgemaakt." vervangen als volgt :
  "De twee lijsten worden uiterlijk op 15 februari in het Belgisch Staatsblad en op de website van het Rekenhof bekendgemaakt.".
Art. 11. A l'article 7 de la même loi, modifié par les lois des 12 mars 2009 et 6 janvier 2014, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, la première phrase, qui commence par les mots "Le 30 avril" et s'achève par les mots "de la même loi.", est remplacée par ce qui suit :
  "Le 31 octobre de chaque année, la Cour des comptes établit la liste provisoire des personnes qui sont assujetties à la loi du 2 mai 1995 et à la présente loi et qui ne lui ont pas fait parvenir la liste prévue à l'article 2 de la loi du 2 mai 1995, ou la déclaration prévue à l'article 3 de la loi du 2 mai 1995, ou la liste prévue à l'article 5 ou 6 de la présente loi.";
  2° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, la troisième phrase, qui commence par les mots "La personne qui" et s'achève par les mots "le 15 mai.", est remplacée par ce qui suit :
  "La personne qui considère qu'elle n'est pas assujettie à la loi du 2 mai 1995 ou à la présente loi, en avise la Cour des comptes par lettre recommandée, au plus tard le 15 novembre.";
  3° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, la quatrième phrase, qui commence par les mots "La Cour des comptes examine" et s'achève par les mots "du 2 mai 1995.", est remplacée par ce qui suit :
  "La Cour des comptes examine les motifs invoqués et fait part à l'intéressé, par lettre recommandée, au plus tard le 30 novembre, de sa position définitive quant à l'assujettissement de cette personne à la loi du 2 mai 1995 ou à la présente loi, ainsi que, le cas échéant, du montant envisagé de l'amende administrative et de la possibilité d'introduire un recours.";
  4° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, les mots "15 mai" sont remplacés par les mots "15 novembre";
  5° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, la troisième phrase, qui commence par les mots "La Cour des comptes fait part" et s'achève par les mots "de la liste.", est remplacée par ce qui suit :
  "La Cour des comptes fait part à l'intéressé, par lettre recommandée, au plus tard le 30 novembre, de sa position définitive quant au caractère complet et exact de la liste ainsi que du montant envisagé de l'amende administrative et de la possibilité d'introduire un recours.";
  6° le paragraphe 2, alinéa 1er, est remplacé par ce qui suit :
  "Si la Cour des comptes conclut qu'une personne est assujettie à la loi du 2 mai 1995 ou à la présente loi, ou lui a fait parvenir une déclaration ou liste incomplète ou inexacte, ou condamne une personne à une amende administrative visée à l'article 7 de la loi du 2 mai 1995, cette personne peut s'adresser, par lettre recommandée, à la Chambre des représentants, au Sénat ou au Parlement de la Communauté germanophone, au plus tard le 15 décembre, pour entendre dire soit qu'elle n'est pas soumise à la loi du 2 mai 1995 ou à la présente loi, soit que sa déclaration ou liste est complète et exacte.";
  7° dans le paragraphe 2, alinéa 2, les mots "sur la recevabilité et sur le bien-fondé du recours" sont insérés entre le mot "statue" et le mot "sans";
  8° dans le paragraphe 2, alinéa 2, les mots "30 juin" sont remplacés par les mots "31 décembre";
  9° dans le paragraphe 3, première phrase, les mots "15 juillet" sont remplacés par les mots "15 janvier";
  10° dans le paragraphe 3, la deuxième phrase, qui commence par les mots "Les deux listes" et s'achève par les mots "le 15 août.", est remplacée par ce qui suit :
  "Les deux listes sont publiées au Moniteur belge et sur le site web de la Cour des comptes au plus tard le 15 février.".
Art. 12. In artikel 8 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 1 wordt het woord "schriftelijk" opgeheven en worden de woorden "en op de website van het Rekenhof" ingevoegd tussen het woord "Staatsblad" en de woorden "wordt bekendgemaakt";
  2° in paragraaf 2, eerste lid, worden de woorden "of op de website van het Rekenhof" ingevoegd tussen het woord "Staatsblad" en het woord "vaststelt" en wordt het woord "schriftelijk" opgeheven;
  3° paragraaf 2, vierde lid, wordt aangevuld met de woorden "en op de website van het Rekenhof";
  4° in paragraaf 3, eerste lid, worden de woorden "en op de website van het Rekenhof" ingevoegd tussen het woord "Staatsblad," en het woord "informatie", en tussen het woord "Staatsblad" en de woorden "zijn bekendgemaakt";
  5° paragraaf 3, derde lid, wordt aangevuld met de woorden "en op de website van het Rekenhof".
Art. 12. A l'article 8 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, le mot "écrite" est abrogé et les mots "et sur le site web de la Cour des comptes" sont insérés après les mots "au Moniteur belge";
  2° dans le paragraphe 2, alinéa 1er, les mots "ou sur le site web de la Cour des comptes" sont insérés après les mots "au Moniteur belge" et le mot "écrite" est abrogé;
  3° le paragraphe 2, alinéa 4, est complété par les mots "et sur le site web de la Cour des comptes";
  4° dans le paragraphe 3, alinéa 1er, les mots "et sur le site web de la Cour des comptes" sont insérés entre les mots "Moniteur belge" et les mots ", une information" ainsi qu'entre les mots "au Moniteur belge" et les mots ", la Cour";
  5° le paragraphe 3, alinéa 3, est complété par les mots "et sur le site web de la Cour des comptes".
Art. 13. In dezelfde wet wordt een artikel 8/1 ingevoegd, luidende :
  "Art. 8/1. Het Rekenhof stelt met inachtneming van de artikelen 2, 5, 6 en 8, § 1, en § 2, eerste lid, de aard en de structuur vast van de daarin bepaalde mededelingen, die langs elektronische weg worden ingediend."
Art. 13. Dans la même loi, il est inséré un article 8/1 rédigé comme suit :
  "Art. 8/1. La Cour des comptes définit, dans le respect des articles 2, 5, 6 et 8, § 1er, et § 2, alinéa 1er, la nature et la structure des communications y précisées qui sont introduites par voie électronique."
HOOFDSTUK 4. - Inwerkingtreding
CHAPITRE 4. - Entrée en vigueur
Art. 14. Deze wet treedt in werking op 1 januari 2019.
Art. 14. La présente loi entre en vigueur le 1er janvier 2019.