Artikel 1. In artikel 7 van het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden, wordt paragraaf 9, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 juli 2013, vervangen als volgt :
" § 9. De werknemer die op het ogenblik van de indienstneming uitkeringsgerechtigde volledige werkloze was, is, in afwijking van artikel 44 van het voormeld koninklijk besluit van 25 november 1991 en volgens de voorwaarden van voormeld koninklijk besluit van 25 november 1991 gedurende de maand van indienstneming en de vijfendertig daarop volgende maanden gerechtigd op een werkuitkering van ten hoogste 500 EUR per kalendermaand voor zover de aangeworven werknemer tegelijk aan volgende voorwaarden voldoet :
1° hij is op de dag van de indienstneming jonger dan 30 jaar;
2° hij is werkzoekende op de dag van de indienstneming;
3° hij is werkzoekende geweest gedurende minstens 156 dagen, gerekend in het zesdagenstelsel, in de loop van de maand van indienstneming en de 9 kalendermaanden daaraan voorafgaand;
4° hij bezit geen diploma of getuigschrift van het hoger secundair onderwijs.".
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
26 JANUARI 2014. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden en tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 (I), betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de socialezekerheidsbijdragen
Titre
26 JANVIER 2014. - Arrêté royal modifiant l'arrêté royal du 19 décembre 2001 de promotion de mise à l'emploi des demandeurs d'emploi de longue durée et modifiant l'arrêté royal du 16 mai 2003 pris en exécution du Chapitre 7 du Titre IV de la loi-programme du 24 décembre 2002 (I), visant à harmoniser et à simplifier les régimes de réductions de cotisations de sécurité sociale
Informations sur le document
Info du document
Tekst (5)
Texte (5)
Article 1er. Dans l'article 7 de l'arrêté royal du 19 décembre 2001 de promotion de mise à l'emploi des demandeurs d'emploi de longue durée, la paragraphe 9, insérée par l'arrêté royal du 17 juillet 2013, est remplacée par ce qui suit :
" § 9. Le travailleur qui, au moment de l'engagement, était chômeur complet indemnisé, a droit, par dérogation à l'article 44 de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité et selon les conditions de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité, à une allocation de travail de maximum 500 EUR par mois calendrier pour le mois de l'engagement et les trente-cinq mois suivants, pour autant que le travailleur engagé remplisse simultanément les conditions suivantes :
1° il a moins de 30 ans à la date de l'engagement;
2° il est demandeur d'emploi à la date de l'engagement;
3° il a été demandeur d'emploi pendant au moins 156 jours, calculés dans le régime des 6 jours, au cours du mois de l'engagement et des 9 mois calendrier qui précèdent;
4° il ne possède pas de diplôme ou de certificat de l'enseignement secondaire supérieur.".
" § 9. Le travailleur qui, au moment de l'engagement, était chômeur complet indemnisé, a droit, par dérogation à l'article 44 de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité et selon les conditions de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 précité, à une allocation de travail de maximum 500 EUR par mois calendrier pour le mois de l'engagement et les trente-cinq mois suivants, pour autant que le travailleur engagé remplisse simultanément les conditions suivantes :
1° il a moins de 30 ans à la date de l'engagement;
2° il est demandeur d'emploi à la date de l'engagement;
3° il a été demandeur d'emploi pendant au moins 156 jours, calculés dans le régime des 6 jours, au cours du mois de l'engagement et des 9 mois calendrier qui précèdent;
4° il ne possède pas de diplôme ou de certificat de l'enseignement secondaire supérieur.".
Art. 2. In artikel 13, tiende lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 28 maart 2007 en gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 1 februari 2010 en 17 juli 2013, worden de woorden "27 jaar," telkens vervangen door de woorden "30 jaar,".
Art. 2. Dans l'article 13, alinéa 10, du même arrêté, inséré par l'arrêté royal du 28 mars 2007 et remplacé par les arrêtés royaux des 1er février 2010 et 17 juillet 2013, les mots "27 ans" sont chaque fois remplacés par les mots "30 ans".
Art. 3. In artikel 9, 7°, van het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 (I), betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de socialezekerheidsbijdragen worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° in a) worden de woorden "27 jaar" vervangen door de woorden "30 jaar";
2° in c) worden de woorden "312 dagen" vervangen door de woorden "156 dagen" en worden de woorden "18 kalendermaanden" vervangen door de woorden "9 kalendermaanden".
1° in a) worden de woorden "27 jaar" vervangen door de woorden "30 jaar";
2° in c) worden de woorden "312 dagen" vervangen door de woorden "156 dagen" en worden de woorden "18 kalendermaanden" vervangen door de woorden "9 kalendermaanden".
Art. 3. Dans l'article 9, 7°, de l'arrêté royal du 16 mai 2003 pris en exécution du Chapitre 7 du Titre IV de la loi-programme du 24 décembre 2002 (I), visant à harmoniser et à simplifier les régimes de réductions de cotisations de sécurité sociale, les modifications suivantes sont apportées :
1° au a), les mots "27 ans" sont remplacés par les mots "30 ans";
2° au c), les mots "312 jours" sont remplacés par les mots "156 jours" et les mots "18 mois calendrier" sont remplacés par les mots "9 mois calendrier".
1° au a), les mots "27 ans" sont remplacés par les mots "30 ans";
2° au c), les mots "312 jours" sont remplacés par les mots "156 jours" et les mots "18 mois calendrier" sont remplacés par les mots "9 mois calendrier".
Art. 4. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2014.
Art. 4. Le présent arrêté produit ses effets le 1er janvier 2014.
Art. 5. De minister bevoegd voor Sociale Zaken en de minister bevoegd voor Werk zijn, ieder wat hen betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 5. Le ministre qui a les Affaires sociales dans ses attributions et le ministre qui a l'Emploi dans ses attributions sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.
Gegeven te Brussel, 26 januari 2014.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Sociale Zaken,
Mevr. L. ONKELINX.
De Minister van Werk,
Mevr. M. DE CONINCK.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Sociale Zaken,
Mevr. L. ONKELINX.
De Minister van Werk,
Mevr. M. DE CONINCK.
Donné à Bruxelles, le 26 janvier 2014.
PHILIPPE
Par le Roi :
La Ministre des Affaires sociales,
Mme L. ONKELINX
La Ministre de l'Emploi,
Mme M. DE CONINCK
PHILIPPE
Par le Roi :
La Ministre des Affaires sociales,
Mme L. ONKELINX
La Ministre de l'Emploi,
Mme M. DE CONINCK