Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
19 JULI 2012. - Bijzondere wet houdende een correcte financiering van de Brusselse Instellingen(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 22-08-2012 en tekstbijwerking tot 31-01-2014)
Titre
19 JUILLET 2012. - Loi spéciale portant un juste financement des Institutions bruxelloises(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 22-08-2012 et mise à jour au 31-01-2014)
Informations sur le document
Numac: 2012204229
Datum: 2012-07-19
Info du document
Numac: 2012204229
Date: 2012-07-19
Table des matières
Tekst (9)
Texte (9)
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling
CHAPITRE 1er. - Disposition générale
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet.
Article 1er. La présente loi règle une matière visée à l'article 77 de la Constitution.
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de Gemeenschappen en Gewesten
CHAPITRE 2. - Modifications de la loi spéciale du 16 janvier 1989 relative au financement des Communautés et des Régions
Art.2. In artikel 63 van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de Gemeenschappen en de Gewesten, vervangen bij de wet van 16 juli 1993, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° in § 3, eerste lid, worden de woorden " voor ten minste 72 % " vervangen door het woord " volledig ";
2° in § 3, tweede lid, eerste streepje, worden de woorden " vastgesteld op 1 januari 1993 " vervangen door de woorden " vastgesteld op 1 januari van het voorgaande jaar ";
3° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 4, luidende :
" § 4. Jaarlijks wordt op de begroting van de FOD Binnenlandse Zaken een bijzonder krediet uitgetrokken ten gunste van de gewesten op het grondgebied waarvan zich eigendommen bevinden die zijn vrijgesteld van de onroerende voorheffing. Dit krediet, dat wordt berekend op de in de paragrafen 1 tot 3 bepaalde wijze, dekt volledig de niet-inning van de onroerende voorheffing door de gewesten. Voor het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest dekt deze vergoeding ook volledig de niet-inning van de opcentiemen van de agglomeratie op die voorheffing waartoe op 1 januari van het voorgaande jaar is beslist. ".
1° in § 3, eerste lid, worden de woorden " voor ten minste 72 % " vervangen door het woord " volledig ";
2° in § 3, tweede lid, eerste streepje, worden de woorden " vastgesteld op 1 januari 1993 " vervangen door de woorden " vastgesteld op 1 januari van het voorgaande jaar ";
3° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 4, luidende :
" § 4. Jaarlijks wordt op de begroting van de FOD Binnenlandse Zaken een bijzonder krediet uitgetrokken ten gunste van de gewesten op het grondgebied waarvan zich eigendommen bevinden die zijn vrijgesteld van de onroerende voorheffing. Dit krediet, dat wordt berekend op de in de paragrafen 1 tot 3 bepaalde wijze, dekt volledig de niet-inning van de onroerende voorheffing door de gewesten. Voor het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest dekt deze vergoeding ook volledig de niet-inning van de opcentiemen van de agglomeratie op die voorheffing waartoe op 1 januari van het voorgaande jaar is beslist. ".
Art.2. A l'article 63 de la loi spéciale du 16 janvier 1989 relative au financement des Communautés et des Régions, remplacé par la loi du 16 juillet 1993, les modifications suivantes sont apportées :
1° au § 3, alinéa 1er, les mots " à 72 % au moins " sont remplacés par le mot " entièrement ";
2° au § 3, alinéa 2, premier tiret, les mots " arrêtés à la date du 1er janvier 1993 " sont remplacés par les mots " arrêtés au 1er janvier de l'année précédente ";
3° l'article est complété par un paragraphe 4 rédigé comme suit :
" § 4. Un crédit spécial est inscrit chaque année au budget du SPF Intérieur en faveur des régions sur le territoire desquelles se trouvent des propriétés immunisées du précompte immobilier. Ce crédit, calculé selon les modalités fixées aux paragraphes 1er à 3, couvre entièrement la non-perception du précompte immobilier par les régions. Pour la Région de Bruxelles-Capitale, cette compensation couvre aussi entièrement la non-perception des centimes additionnels d'agglomération audit précompte arrêtés au 1er janvier de l'année précédente. ".
1° au § 3, alinéa 1er, les mots " à 72 % au moins " sont remplacés par le mot " entièrement ";
2° au § 3, alinéa 2, premier tiret, les mots " arrêtés à la date du 1er janvier 1993 " sont remplacés par les mots " arrêtés au 1er janvier de l'année précédente ";
3° l'article est complété par un paragraphe 4 rédigé comme suit :
" § 4. Un crédit spécial est inscrit chaque année au budget du SPF Intérieur en faveur des régions sur le territoire desquelles se trouvent des propriétés immunisées du précompte immobilier. Ce crédit, calculé selon les modalités fixées aux paragraphes 1er à 3, couvre entièrement la non-perception du précompte immobilier par les régions. Pour la Région de Bruxelles-Capitale, cette compensation couvre aussi entièrement la non-perception des centimes additionnels d'agglomération audit précompte arrêtés au 1er janvier de l'année précédente. ".
Art.3. In dezelfde bijzondere wet wordt een artikel 64bis ingevoegd, luidende :
" Art. 64bis. Vanaf het begrotingsjaar 2012 wordt aan het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest een bijzondere dotatie gestort omwille van het mobiliteitsbeleid. Die dotatie bedraagt 45 miljoen euro in 2012, 75 miljoen euro in 2013, 105 miljoen euro in 2014 en 135 miljoen euro in 2015.
Vanaf het begrotingsjaar 2016 wordt het bedrag van het voorgaande jaar jaarlijks aangepast aan de procentuele verandering van het gemiddelde indexcijfer van de consumptieprijzen, evenals aan 50 % van de reële groei van het bruto binnenlands product van het betrokken begrotingsjaar, op de in artikel 47, § 2, bepaalde wijze. ".
" Art. 64bis. Vanaf het begrotingsjaar 2012 wordt aan het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest een bijzondere dotatie gestort omwille van het mobiliteitsbeleid. Die dotatie bedraagt 45 miljoen euro in 2012, 75 miljoen euro in 2013, 105 miljoen euro in 2014 en 135 miljoen euro in 2015.
Vanaf het begrotingsjaar 2016 wordt het bedrag van het voorgaande jaar jaarlijks aangepast aan de procentuele verandering van het gemiddelde indexcijfer van de consumptieprijzen, evenals aan 50 % van de reële groei van het bruto binnenlands product van het betrokken begrotingsjaar, op de in artikel 47, § 2, bepaalde wijze. ".
Art.3. Dans la même loi spéciale, il est inséré un article 64bis rédigé comme suit :
" Art. 64bis. A partir de l'année budgétaire 2012, une dotation spéciale est versée à la Région de Bruxelles-Capitale en raison de la politique de mobilité. Cette dotation est de 45 millions d'euros en 2012, 75 millions d'euros en 2013, 105 millions d'euros en 2014 et 135 millions d'euros en 2015.
A partir de l'année budgétaire 2016, le montant de l'année précédente est adapté annuellement au taux de fluctuation de l'indice moyen des prix à la consommation ainsi qu'à 50 % de la croissance réelle du produit intérieur brut de l'année budgétaire concernée, suivant les modalités fixées à l'article 47, § 2. ".
" Art. 64bis. A partir de l'année budgétaire 2012, une dotation spéciale est versée à la Région de Bruxelles-Capitale en raison de la politique de mobilité. Cette dotation est de 45 millions d'euros en 2012, 75 millions d'euros en 2013, 105 millions d'euros en 2014 et 135 millions d'euros en 2015.
A partir de l'année budgétaire 2016, le montant de l'année précédente est adapté annuellement au taux de fluctuation de l'indice moyen des prix à la consommation ainsi qu'à 50 % de la croissance réelle du produit intérieur brut de l'année budgétaire concernée, suivant les modalités fixées à l'article 47, § 2. ".
Art.4. In dezelfde bijzondere wet wordt een artikel 64ter ingevoegd, luidende :
" Art. 64ter. § 1. Een voorafneming op de opbrengst van de personenbelasting wordt toegewezen aan het tweede deelfonds, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de wet van 10 augustus 2001 tot oprichting van een Fonds ter financiering van de internationale rol en de hoofdstedelijke functie van Brussel en tot wijziging van de organieke wet van 27 december 1990 houdende oprichting van begrotingsfondsen.
Deze voorafneming bedraagt 55 miljoen euro vanaf het begrotingsjaar 2012.
De uitgaven, met inbegrip van de toelagen voor de lokale politiezones en gemeenten, die kunnen worden gedaan ten laste van het in het eerste lid bedoelde fonds, zijn uitgaven die verbonden zijn aan de veiligheid voortvloeiend uit de organisatie van de Europese Toppen in Brussel en uitgaven voor veiligheid en preventie die verbonden zijn aan de nationale en internationale hoofdstedelijke functie van Brussel.
§ 2. De gewestelijke leden van de samenwerkingscommissie bedoeld in artikel 43 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse Instellingen, beslissen, na advies van de federale leden van deze commissie, over het gebruik van de in paragraaf 1 bedoelde middelen. ".
" Art. 64ter. § 1. Een voorafneming op de opbrengst van de personenbelasting wordt toegewezen aan het tweede deelfonds, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de wet van 10 augustus 2001 tot oprichting van een Fonds ter financiering van de internationale rol en de hoofdstedelijke functie van Brussel en tot wijziging van de organieke wet van 27 december 1990 houdende oprichting van begrotingsfondsen.
Deze voorafneming bedraagt 55 miljoen euro vanaf het begrotingsjaar 2012.
De uitgaven, met inbegrip van de toelagen voor de lokale politiezones en gemeenten, die kunnen worden gedaan ten laste van het in het eerste lid bedoelde fonds, zijn uitgaven die verbonden zijn aan de veiligheid voortvloeiend uit de organisatie van de Europese Toppen in Brussel en uitgaven voor veiligheid en preventie die verbonden zijn aan de nationale en internationale hoofdstedelijke functie van Brussel.
§ 2. De gewestelijke leden van de samenwerkingscommissie bedoeld in artikel 43 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse Instellingen, beslissen, na advies van de federale leden van deze commissie, over het gebruik van de in paragraaf 1 bedoelde middelen. ".
Art.4. Dans la même loi spéciale, il est inséré un article 64ter rédigé comme suit :
" Art. 64ter. § 1er. Un prélèvement sur le produit de l'impôt des personnes physiques est affecté au deuxième sous-fonds visé à l'article 2, alinéa 2, de la loi du 10 août 2001 créant un Fonds de financement du rôle international et de la fonction de capitale de Bruxelles et modifiant la loi organique du 27 décembre 1990 créant des fonds budgétaires.
Ce prélèvement s'élève à 55 millions d'euros à partir de l'année budgétaire 2012.
Les dépenses, y compris les subventions aux zones de police locale et aux communes, qui peuvent être effectuées à charge du fonds, visé à l'alinéa 1er, sont des dépenses liées à la sécurité découlant de l'organisation des Sommets européens à Bruxelles, ainsi que des dépenses de sécurité et de prévention en relation avec la fonction de capitale nationale et internationale de Bruxelles.
§ 2. Les membres régionaux du comité de coopération visé à l'article 43 de la loi spéciale du 12 janvier 1989 relative aux Institutions bruxelloises, après avis des membres fédéraux de ce comité, décident de l'utilisation des moyens visés au paragraphe 1er. ".
" Art. 64ter. § 1er. Un prélèvement sur le produit de l'impôt des personnes physiques est affecté au deuxième sous-fonds visé à l'article 2, alinéa 2, de la loi du 10 août 2001 créant un Fonds de financement du rôle international et de la fonction de capitale de Bruxelles et modifiant la loi organique du 27 décembre 1990 créant des fonds budgétaires.
Ce prélèvement s'élève à 55 millions d'euros à partir de l'année budgétaire 2012.
Les dépenses, y compris les subventions aux zones de police locale et aux communes, qui peuvent être effectuées à charge du fonds, visé à l'alinéa 1er, sont des dépenses liées à la sécurité découlant de l'organisation des Sommets européens à Bruxelles, ainsi que des dépenses de sécurité et de prévention en relation avec la fonction de capitale nationale et internationale de Bruxelles.
§ 2. Les membres régionaux du comité de coopération visé à l'article 43 de la loi spéciale du 12 janvier 1989 relative aux Institutions bruxelloises, après avis des membres fédéraux de ce comité, décident de l'utilisation des moyens visés au paragraphe 1er. ".
Art.5. In dezelfde bijzondere wet wordt een artikel 65ter ingevoegd, luidende :
" Art. 65ter. Aan het bedrag dat jaarlijks wordt verkregen met toepassing van artikel 65bis wordt in 2012, 2013, 2014 en 2015 jaarlijks een bijkomend bedrag van 10 miljoen euro toegevoegd. Deze bijkomende bedragen worden cumulatief toegevoegd aan de bedragen die berekend zijn op basis van artikel 65bis voor de jaren 2012, 2013, 2014 en 2015 en evolueren volgens de bij datzelfde artikel bepaalde mechanismen, vanaf het jaar dat volgt op de toevoeging ervan aan het basisbedrag. ".
" Art. 65ter. Aan het bedrag dat jaarlijks wordt verkregen met toepassing van artikel 65bis wordt in 2012, 2013, 2014 en 2015 jaarlijks een bijkomend bedrag van 10 miljoen euro toegevoegd. Deze bijkomende bedragen worden cumulatief toegevoegd aan de bedragen die berekend zijn op basis van artikel 65bis voor de jaren 2012, 2013, 2014 en 2015 en evolueren volgens de bij datzelfde artikel bepaalde mechanismen, vanaf het jaar dat volgt op de toevoeging ervan aan het basisbedrag. ".
Art.5. Dans la même loi spéciale, il est inséré un article 65ter rédigé comme suit :
" Art. 65ter. Au montant obtenu annuellement en application de l'article 65bis est ajouté chaque année en 2012, 2013, 2014 et 2015 un montant additionnel de 10 millions d'euros. Ces montants additionnels s'ajoutent cumulativement aux montants tels que calculés sur la base de l'article 65bis pour les années 2012, 2013, 2014 et 2015 et évoluent selon les mécanismes prévus dans ce même article, dès l'année qui suit leur ajout au montant de base. ".
" Art. 65ter. Au montant obtenu annuellement en application de l'article 65bis est ajouté chaque année en 2012, 2013, 2014 et 2015 un montant additionnel de 10 millions d'euros. Ces montants additionnels s'ajoutent cumulativement aux montants tels que calculés sur la base de l'article 65bis pour les années 2012, 2013, 2014 et 2015 et évoluent selon les mécanismes prévus dans ce même article, dès l'année qui suit leur ajout au montant de base. ".
HOOFDSTUK 3. - Inwerkingtreding
CHAPITRE 3. - Entrée en vigueur
Art. 6. [1 Artikel 2 treedt in werking op 1 januari 2014.
Voor de begrotingsjaren 2012 en 2013 wordt een jaarlijkse forfaitaire dotatie toegekend aan het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest gelijk aan 24 miljoen euro.]1
Voor de begrotingsjaren 2012 en 2013 wordt een jaarlijkse forfaitaire dotatie toegekend aan het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest gelijk aan 24 miljoen euro.]1
Modifications
Art. 6. [1 L'article 2 entre en vigueur le 1er janvier 2014.
Pour les années budgétaires 2012 et 2013, une dotation forfaitaire annuelle est accordée à la Région de Bruxelles-Capitale égale à 24 millions d'euros.]1
Pour les années budgétaires 2012 et 2013, une dotation forfaitaire annuelle est accordée à la Région de Bruxelles-Capitale égale à 24 millions d'euros.]1