Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
29 OKTOBER 2011. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot vaststelling van delegaties van bevoegdheden aan de leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar van Net Brussel, Gewestelijk Agentschap voor Netheid(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 19-12-2011 en tekstbijwerking tot 22-07-2024)
Titre
29 OCTOBRE 2011. - Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale déterminant les délégations de compétences au fonctionnaire dirigeant et au fonctionnaire dirigeant adjoint de Bruxelles-Propreté, Agence régionale pour la propreté(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 19-12-2011 et mise à jour au 22-07-2024)
Informations sur le document
Info du document
Tekst (19)
Texte (19)
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit, dient te worden verstaan onder :
  1° de Minister : het Lid van de Regering of de Gewestelijke Staatssecretaris die de beheersbevoegdheid van het Gewestelijk Agentschap voor Netheid uitoefent;
  2° Agentschap : het Gewestelijk Agentschap voor Netheid.
  I. Werking
  [1 ]3° "afvalstoffen": de afvalstoffen gedefinieerd in artikel 3, 1° van de ordonnantie van 14 juni 2012 betreffende afvalstoffen;
   4° "huishoudelijke afvalstoffen": de huishoudelijke afvalstoffen in de zin van artikel 3, 5° van de ordonnantie van 14 juni 2012 betreffende afvalstoffen;
   5° "andere afvalstoffen dan huishoudelijke": de afvalstoffen niet afkomstig van de normale activiteit van de huishoudens;
   6° "afvalstoffenproducent": de producent van afvalstoffen in de zin van artikel 3, 7°, van de ordonnantie van 14 juni 2012 betreffende afvalstoffen;
   7° "afvalstoffenhouder": de houder van afvalstoffen in de zin van artikel 3, 8°, van de ordonnantie van 14 juni 2012 betreffende afvalstoffen;
   8° "opdrachten": de overheidsopdrachten in de zin van artikel 2, 17°, van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, onder titels 1 en 2 van deze wet, en de raamovereenkomsten in de zin van artikel 2, 35°, van dezelfde wet, eveneens onder titels 1 en 2 van deze wet.-1
  
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, il y a lieu d'entendre :
  1° par Ministre : le Membre du Gouvernement ou le Secrétaire d'Etat régional exerçant le pouvoir de gestion de l'Agence régionale pour la Propreté;
  2° par Agence : l'Agence régionale pour la Propreté.
  I. Fonctionnement
  [1 3° "déchets": les déchets définis par l'article 3, 1°, de l'ordonnance du 14 juin 2012 relative aux déchets;
   4 ° "déchets ménagers": les déchets ménagers au sens de l'article 3, 5°, de l'ordonnance du 14 juin 2012 relative aux déchets;
   5° "déchets autres que ménagers": les déchets ne provenant pas de l'activité normale des ménages ;
   6° "producteur de déchets": le producteur de déchets au sens de l'article 3, 7°, de l'ordonnance du 14 juin 2012 relative aux déchets;
   7° "détenteur de déchets": le détenteur de déchets au sens de l'article 3, 8°, de l'ordonnance du 14 juin 2012 relative aux déchet ;
   8° "marchés": les marchés publics au sens de l'article 2, 17°, de la loi du 17 juin 2016 relative aux marchés publics, relevant des titres 1 et 2 de celle-ci, et les accords-cadres au sens de l'article 2, 35°, de la même loi, relevant également des titres 1 et 2 de celle-ci.]1

  
Art.2. De leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar staan in voor het dagelijks beheer van het Agentschap, overeenkomstig de bepalingen van dit besluit.
  Er wordt hun algemene delegatie van ondertekening toegekend voor alle handelingen die tot dit dagelijks beheer behoren.
Art.2. Le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint assurent la gestion journalière de l'Agence conformément aux dispositions du présent arrêté.
  Il leur est accordé délégation générale de signatures pour tous les actes relevant de cette gestion journalière.
Art.3. De leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar nemen gezamenlijk de beslissingen en gaan de verbintenissen aan die nodig zijn voor de uitvoering van de aan het Agentschap toevertrouwde opdrachten en voor het financieel beleid.
Art.3. Le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint prennent conjointement les décisions et les engagements utiles à la réalisation des missions dévolues à l'Agence ainsi qu'à sa gestion financière.
Art.4. § 1. In afwijking van artikel 3 is de leidend ambtenaar bevoegd om :
  1° de begroting van het Agentschap uit te voeren overeenkomstig de vigerende wettelijke en reglementaire bepalingen;
  2° maatregelen te nemen die nodig zijn voor de goede werking van het Agentschap.
  § 2. In afwijking van artikel 3 is de adjunct-leidend ambtenaar bevoegd :
  1° om de overeenkomsten voor commerciële abonnementen te sluiten waarvan het bedrag niet meer dan 124.000 euro bedraagt;
  2° voor de rechtsgedingen waarin het Agentschap optreedt als eiser, als verweerder of als tussenkomende partij, met inbegrip van de bevoegdheid om alle uitgaven die voortvloeien uit deze rechtsgedingen en de uitgaven die uit een desbetreffende berusting, afstand van geding of dading voortvloeien goed te keuren;
  3° om alle nodige maatregelen te treffen inzake verzekering waarvoor het Agentschap verantwoordelijk is en inzake het innen van de vorderingen van het Agentschap.
  § 3. De leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar houden elkaar geregeld op de hoogte van de handelingen die zij verrichten krachtens de bevoegdheden die hun bij dit artikel respectievelijk zijn toegekend.
Art.4. § 1er. Par dérogation à l'article 3, le fonctionnaire dirigeant est compétent :
  1° pour exécuter le budget de l'Agence, conformément aux dispositions légales et réglementaires en vigueur;
  2° pour prendre les mesures utiles au bon fonctionnement de l'Agence.
  § 2 Par dérogation à l'article 3, le fonctionnaire dirigeant adjoint est compétent :
  1° pour conclure les contrats d'abonnements commerciaux dont le montant ne dépasse pas 124.000 euros;
  2° pour les actions judiciaires exercées par l'Agence en demandant, en défendant ou en intervenant, en ce compris la compétence d'approuver les dépenses résultant de ces actions et les dépenses découlant notamment d'acquiescement, désistement ou transaction y relatifs;
  3° pour prendre les mesures utiles en matière d'assurances incombant à l'Agence ainsi qu'en matière de recouvrement des créances de l'Agence.
  § 3. Le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint se tiennent régulièrement informés des actes qu'ils accomplissent en vertu des pouvoirs qui leur sont respectivement délégués par le présent article.
Art.5. In dringende gevallen of ingeval van afwezigheid van meer dan acht dagen, vervangen de leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar elkaar in de uitoefening van hun functies.
Art.5. En cas d'urgence ou d'absence de plus de huit jours, le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint se remplacent mutuellement dans l'exercice de leurs fonctions.
Art.6. De leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar kunnen, indien ze de Minister erover inlichten, binnen de grenzen en onder de voorwaarden die ze samen bepalen, sommige van de hun in de artikelen 2, 3 en 4 toegekende bevoegdheden uitwisselen of delegeren.
Art.6. A condition d'en informer préalablement le Ministre, le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint peuvent échanger ou déléguer, dans les limites et aux conditions qu'ils déterminent conjointement, certains des pouvoirs dont ils sont investis en vertu des articles 2, 3 et 4.
Art.7. § 1. De leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar regelen samen de opdrachten in het buitenland van de personeelsleden, na akkoord van de Minister.
  § 2. In afwijking van § 1, is de voorafgaande toestemming van de Minister niet vereist voor de opdrachten in het buitenland die niet langer dan twee dagen duren.
  II. Overheidsopdrachten
Art.7. § 1er. Le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint organisent conjointement les missions à l'étranger des membres du personnel, après accord du Ministre.
  § 2. Par dérogation au § 1er, l'autorisation préalable du Ministre n'est pas requise pour les missions à l'étranger dont la durée n'excède pas deux jours.
  II. Marchés publics
Art.8. § 1. Binnen de grenzen van de beschikbare kredieten, en onverminderd de toepassing van de wettelijke en reglementaire bepalingen betreffende de overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten, worden de bevoegdheden die zijn toegekend inzake de gunning en de uitvoering van overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten te sluiten en uit te voeren, gedelegeerd :
   1°[3 aan de leidend ambtenaar en aan de adjunct-leidend-ambtenaar, die gezamenlijk optreden, voor de opdrachten waarvan het bedrag, zonder belasting over de toegevoegde waarde, niet hoger is dan:
   - 744.000 euro, voor een openbare procedure;
   - 372.000 euro, voor een niet-openbare procedure]3
;
   2° [3 aan de leidend ambtenaar voor alle opdrachten waarvan het bedrag, zonder belasting over de toegevoegde waarde, niet hoger is dan:
   - 248.000 euro, voor een openbare of niet-openbare procedure;
   - 140.000 euro, voor een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking, een vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking en een mededingingsprocedure met onderhandeling]3
.
   § 2. De in § 1 bedoelde delegaties van bevoegdheden, zijn geldig voor zover het voorwerp van de uitgave goedgekeurd is door de Regering of de Minister, hetzij door goedkeuring, van een programma waarin dit voorwerp vervat zit, hetzij door een bijzondere beslissing betreffende dit voorwerp, of voor zover de uitgave het voorwerp is van bijzondere taken waarmee het Agentschap belast is. Deze goedkeuring is niet vereist voor de lopende dienstuitgaven of voor de uitgaven waarvan het geraamde bedrag [3 niet hoger dan 140.000 euro]3] is.
   § 3. De leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar zijn eveneens bevoegd om, in het kader van de normale uitvoering van de gesloten opdracht en binnen de grenzen van het oorspronkelijk bedoelde voorwerp, de rekeningen en de schuldver
  
Art.8. § 1er. Dans les limites des crédits disponibles, et sans préjudice de l'application des dispositions légales et réglementaires régissant les marchés publics de travaux, de fournitures et de services, les pouvoirs en matière de passation et d'exécution des marchés de travaux, de fournitures et de services sont délégués :
  1° [3 au fonctionnaire dirigeant et au fonctionnaire dirigeant adjoint, agissant conjointement, pour les marchés dont le montant est inférieur à, hors taxe sur la valeur ajoutée:
   - 744.000 euros, en cas de procédure ouverte;
   - 372.000 euros, en cas de procédure restreinte;]3
;
  2° [3 au fonctionnaire dirigeant pour les marchés dont le montant est inférieur à, hors taxe sur la valeur ajoutée:
   - 248.000 euros, en cas de procédure ouverte ou restreinte;
   - 140.000 euros, en cas de procédure négociée sans publication préalable, de procédure négociée directe avec publication préalable et de procédure concurrentielle avec négociation.]3

  § 2. Les délégations de pouvoir prévues au § 1er sont valables pour autant que l'objet de la dépense ait été autorisé par le Gouvernement ou le Ministre, soit par l'approbation d'un programme incluant cet objet, soit par une décision particulière à cet objet, ou que la dépense fasse l'objet de missions particulières dont l'Agence est chargée. Cette autorisation n'est pas requise pour les dépenses courantes de service ou pour les dépenses dont le montant estimé [3 est inférieur à 140.000 euros]3.
  § 3. Le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint sont également habilités à approuver, dans le cadre de l'exécution normale du marché, conclu et dans les limites de la réalisation de l'objet initialement visé, les factures et les déclarations de créance relatives aux marchés de travaux, de fournitures et de services dont le montant dépasse les délégations de pouvoirs prévues au § 1er.
  
Art.9. Na de sluiting van de opdracht binnen de grenzen is de gedelegeerde overheid die de opdracht heeft toegekend gemachtigd om, onverminderd de toepassing van de wettelijke en reglementaire bepalingen betreffende de overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten, inzonderheid [1 [2 de artikelen 5, lid 2, 37, 50, 80 en 81 van het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van overheidsopdrachten]2.]1 bij het voormelde koninklijk besluit, met een met redenen omklede beslissing af te wijken van de toepassing van bepaalde bedingen van de opdracht.
  
Art.9. Après la conclusion du marché, l'autorité déléguée qui a attribué le marché est autorisée, sans préjudice de l'application des dispositions légales et réglementaires régissant les marchés publics de travaux, de fournitures et de services notamment [1 [2 les articles 5, alinéa 2, 37, 50, 80 et 81 de l'arrêté royal du 14 janvier 2013 établissant les règles générales d'exécution des marchés publics]2.]1 de l'arrêté précité, à déroger par décision motivée à l'application de certaines clauses du marché, sans toutefois en changer l'objet.
  
Art.10. Op voorwaarde dat de Minister ervan op voorhand wordt ingelicht, kunnen de leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar, mits ze de overeenstemmende bevoegdheden beperken, sommige van de hun in artikel 8 toegekende bevoegdheden uitwisselen of gezamenlijk delegeren.
  III. Personeel
Art.10. A condition d'en informer préalablement le Ministre, le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint peuvent échanger ou déléguer conjointement, en limitant les pouvoirs correspondants, certains des pouvoirs qui leur sont octroyés par l'article 8.
  III. Personnel
Art.11. De leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar zijn bevoegd, elk voor zijn eigen taalrol, om de eedaflegging van de personeelsleden van niveau 2+, 2, 3 en 4 te ontvangen.
Art.11. Le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint sont compétents, chacun pour leur rôle linguistique, pour recevoir la prestation de serment des agents des niveaux 2+, 2, 3 et 4.
Art.12. De leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar zijn gezamenlijk bevoegd om :
  1° de vacante betrekkingen in niveau 2+, 2, 3 en 4 bekend te maken om erin te voorzien door promotie of aanwerving;
  2° de personeelsleden van niveau 2+, 2, 3 en 4 in disponibiliteit te stellen door intrekking van werk in het belang van de dienst;
  3° de personeelsleden in disponibiliteit te stellen om persoonlijke redenen of bijzondere opdracht;
  4° [2 om, met toepassing van het personeelsplan goedgekeurd door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, het contractueel personeel aan te werven en te ontslaan". Elk jaar zal het Agentschap de lijst bezorgen met de prioritaire functies van niveau 1 die moeten worden ingevuld in uitvoering van het personeelsplan, teneinde het akkoord van de Minister te krijgen voordat de desbetreffende aanwervingsprocedures worden gestart.]2.
  
Art.12. Le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint sont compétents conjointement :
  1° pour déclarer les vacances d'emplois aux niveaux 2+, 2, 3 et 4 en vue d'y pourvoir par promotion ou recrutement;
  2° pour mettre les agents de niveaux 2+, 2, 3 et 4, en disponibilité par retrait d'emploi dans l'intérêt du service;
  3° pour placer les agents en disponibilité pour convenance personnelle ou mission spéciale;
  4° [2 pour engager, en application du plan de personnel adopté par le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, et pour licencier le personnel contractuel. L'Agence fait parvenir annuellement la liste des fonctions prioritaires de niveau 1 à pourvoir en exécution du plan de personnel en vue d'obtenir l'accord du Ministre avant le lancement des procédures d'engagement qui s'y rapportent.]2.
  
Art.13. § 1. De leidend ambtenaar is bevoegd om :
  1° de beslissingen te nemen voor de benoeming promotie en wijziging van graad van de stagedoende en vastbenoemde personeelsleden en arbeiders van niveau 2+, 2, 3 en 4;
  2° de beslissingen te nemen tot vaststelling van de wedde van de personeelsleden en arbeiders van niveau 1, 2+, 2, 3 en 4.
  3° de beslissingen te nemen inzake indeling bij een dienst en overplaatsing van de personeelsleden van niveau 1, 2+, 2, 3 en 4, na advies van de adjunct-leidend ambtenaar voor wat het begeleidingspersoneel betreft.
  § 2. De adjunct-leidend ambtenaar is bevoegd om :
  1° de beslissingen te nemen betreffende de toelating tot de stage van personeelsleden van niveau 1, 2+, 2, 3 en 4;
  2° de beslissingen te nemen betreffende de aanvaarding van vrijwillig ontslag of normale oppensioenstelling van vastbenoemde of tijdelijke personeelsleden van niveau 2+, 2, 3 en 4;
  3° het vereiste voorstel voor de benoeming, de verandering van graad of de promotie door verhoging in graad of door overgang naar een hoger niveau voor de personeelsleden van niveau 2+, 2, 3 en 4 op te stellen;
  4° de beschikbaarheid van rechtswege wegens ziekte of invaliditeit van de personeelsleden van niveau 1, 2+, 2, 3 en 4 vast te stellen en om het hun toe te kennen wachtgeld vast te leggen;
  5° aan de personeelsleden van niveau 1 - met uitzondering van zij die tot rang 15 behoren, die onder de bevoegdheid van de leidend ambtenaar vallen - en van niveau 2+, 2, 3 en 4 de verloven van alle aard waarop ze recht hebben, toe te kennen, en om ter zake de krachtens het reglement voorziene beslissingen te nemen.
Art.13. § 1er. Le fonctionnaire dirigeant est compétent :
  1° pour prendre les décisions portant nomination, promotion et changement de grade des agents et ouvriers stagiaires et définitifs des niveaux 2+, 2, 3 et 4;
  2° pour prendre les décisions portant fixation de traitement des agents et ouvriers des niveaux 1, 2+, 2, 3 et 4;
  3° pour prendre les décisions en matière d'affectation de service et de mutation des agents des niveaux 1, 2+, 2, 3 et 4, après avis du fonctionnaire dirigeant adjoint pour ce qui concerne le personnel d'encadrement.
  § 2. Le fonctionnaire dirigeant adjoint est compétent :
  1° pour prendre les décisions portant admission au stage des agents de niveaux 1, 2+, 2, 3 et 4;
  2° pour prendre les décisions portant acceptation de la démission volontaire ou la mise en retraite normale des agents définitifs ou temporaires de niveaux 2+, 2, 3 et 4;
  3° pour établir la proposition requise pour la nomination, le changement de grade ou la promotion par avancement de grade ou par accession au niveau supérieur pour les agents des niveaux 2+, 2, 3 et 4;
  4° pour constater la disponibilité de plein droit pour maladie ou infirmité des agents de niveaux 1, 2+, 2, 3 et 4 et fixer le traitement d'attente à leur octroyer;
  5° pour accorder aux membres du personnel de niveau 1 - à l'exception de ceux appartenant au rang 15 lesquels relèvent du fonctionnaire dirigeant - et des niveaux 2+, 2, 3, et 4 les congés de toute nature dont ils peuvent bénéficier et pour prendre en cette matière les décisions réglementairement prévues.
Art.14. Op voorwaarde dat de Minister er op voorhand van wordt ingelicht, kunnen de leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar, na gezamenlijk akkoord, sommige van de bevoegdheden die hun respectievelijk bij de artikelen 12 en 13 zijn toevertrouwd, uitwisselen of delegeren.
Art.14. A condition d'en informer préalablement le Ministre, le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint peuvent échanger ou déléguer, de commun accord, certaines des attributions qui leur sont respectivement conférées par les articles 12 et 13.
Art.14/1. [1 1. De leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar zijn samen bevoegd om, in het kader van de door de Minister bepaalde richtsnoeren, de toepasselijke tarifering te bepalen voor de prestaties van het Agentschap ten aanzien van de producenten of houders van andere afvalstoffen dan huishoudelijke die een beroep doen op zijn diensten]1
  
Art.14/1. [1 Le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint sont compétents conjointement pour déterminer, dans le cadre des lignes directrices données par le Ministre, la tarification applicable aux prestations de l'Agence à l'égard des producteurs ou détenteurs de déchets autres que ménagers qui font appel à ses services. ]1
  
Art.14/2. [1 De leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar zijn samen bevoegd om, in het kader van de door de Minister bepaalde richtsnoeren, de toepasselijke ophaalmodaliteiten te bepalen voor de producenten of houders van andere afvalstoffen dan huishoudelijke die een beroep doen op de diensten van het Agentschap. ]1
  
Art.14/2. [1 . Le fonctionnaire dirigeant et le fonctionnaire dirigeant adjoint sont compétents conjointement pour déterminer, dans le cadre des lignes directrices données par le Ministre, les modalités de collecte applicables aux producteurs ou détenteurs de déchets autres que ménagers qui font appel aux services de l'Agence. ]1
  
Art.15. Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 23 maart 1995 tot vaststelling van delegaties van bevoegdheden aan de leidend ambtenaar en de adjunct-leidend ambtenaar van het Gewestelijk Agentschap voor Netheid wordt opgeheven.
Art.15. L'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale 23 mars 1995 déterminant les délégations de compétences au fonctionnaire dirigeant et au fonctionnaire dirigeant adjoint de l'Agence régionale pour la Propreté est abrogé.
Art.16. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekend gemaakt.
Art.16. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.
Art. 17. De Minister bevoegd voor Openbare Netheid is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 17. Le Ministre qui a la Propreté publique dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.