Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
6 MEI 2009. - Wet houdende diverse bepalingen. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 19-05-2009 en tekstbijwerking tot 22-12-2022)
Titre
6 MAI 2009. - Loi portant des dispositions diverses. (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 19-05-2009 et mise à jour au 22-12-2022)
Informations sur le document
Info du document
Table des matières
TITEL 1. - Algemene bepaling TITEL 2. - Mobiliteit en vervoer HOOFDSTUK 1. - Wijziging van de besluitwet van ... HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de wet van 4 decem... HOOFDSTUK 3. - Wijziging van de wet van 19 dece... HOOFDSTUK 4. - Binnenvaart - Wijziging van arti... HOOFDSTUK 5. - Verzameling van gegevens over de... TITEL 3. - Administratieve Vereenvoudiging en ICT HOOFDSTUK 1. - Onbeslagbaarheid van maaltijdche... HOOFDSTUK 2. - Vereenvoudiging van het deblokke... HOOFDSTUK 3. - Administratieve vereenvoudiginge... HOOFDSTUK 4. - Elektronische notariële aktes HOOFDSTUK 5. - Wijzigingen van de wet van 13 ja... HOOFDSTUK 6. - Wijziging van het Burgerlijk Wet... HOOFDSTUK 7. - Versnelling van de procedure om ... HOOFDSTUK 8. - E-government - Projecten " Inter... TITEL 4. - Financiën HOOFDSTUK 1. - Aanmoediging van het privaat com... Afdeling 1. - Privaat computerbezit verbeteren ... Afdeling 2. - Privaat computerbezit verbeteren ... HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het Wetboek van ... HOOFDSTUK 3. - Mobiliteit TITEL 5. - Werk HOOFDSTUK 1. - Wijziging van de wet van 4 augus... HOOFDSTUK 2. - Moederschapsbescherming HOOFDSTUK 3. - Arbeidsongevallen Afdeling 1. - Adoptie Afdeling 2. - Telewerk HOOFDSTUK 4. - Alcolhol- en drugbeleid in de on... HOOFDSTUK 5. - Uitbreiding van het toepassingsg... TITEL 6. - Sociale Zaken HOOFDSTUK 1. - Rijksdienst voor sociale zekerheid Afdeling 1 - Vergoedingen voor vrijwilligerswerk Afdeling 2 - Baggervaartsector Afdeling 3 - Wetenschappelijk onderzoek Afdeling 4 - Fonds tot vergoeding van de in gev... Afdeling 5 - Verjaring HOOFDSTUK 2. - RSZPPO - Politiehervorming en to... HOOFDSTUK 3. - Rijksdienst voor ziekte- en inva... HOOFDSTUK 4. - Bestuursovereenkomsten TITEL 7. - Volksgezondheid HOOFDSTUK 1. - Wijziging van de programmawet (I... HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de wet van 21 apri... HOOFDSTUK 3. - Wijziging van de wet van 15 juli... HOOFDSTUK 4. - Wijziging van de wet van 14 augu... TITEL 8. - Pensioenen HOOFDSTUK 1. - Aanvullende pensioenen HOOFDSTUK 2. - Opheffing van de artikelen 66 to... HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van het koninklijk b... HOOFDSTUK 4. - Wijziging van de wet van 22 maar... Afdeling 1. - Uitbreiding van de persoonlijke w... Afdeling 2. - Afschaffing van de toelage betaal... Afdeling 3. - Kennisgeving van de beslissingen ... HOOFDSTUK 5. - Solidariteitsbijdrage op de pens... TITEL 9. - Zelfstandigen, KMO, Voedselveilighei... HOOFDSTUK 1. - Wijziging van de wet van 25 apri... HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de wet van 9 decem... HOOFDSTUK 3. - Wetenschapsbeleid Afdeling 1. - Wijziging van de wet van 7 mei 19... Afdeling 2. - Wijziging van de archiefwet van 2... TITEL 10. - Economie HOOFDSTUK 1. - Het gebruik van partituren in he... Afdeling 1. - Wijziging van de wet van 30 juni ... Afdeling 2.- Wijziging van de wet van 22 mei 20... Afdeling 3. - Wijziging van de wet van 4 decemb... HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de wet van 16 juni... HOOFDSTUK 3. - Wijziging van de wet tot bescher... HOOFDSTUK 4. - Wijziging van de wet van 4 juli ... TITEL 11. - Overheidsbedrijven HOOFDSTUK 1. - Wijziging van de wet van 21 maar... HOOFDSTUK 2.- Wijziging van artikel 162 van de ... TITEL 12. - Energie HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van de wet van 29 ap... HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van de wet van 1 jun... HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van de wet van 12 ap... TITEL 13. - Justitie HOOFDSTUK 1. - Bekrachtiging van het koninklijk... HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de faillissementsw... TITEL 14. - Asiel en immigratie ENIG HOOFDSTUK. - Wijzigingen van de wet van 15...
Table des matières
TITRE 1er. - Disposition générale TITRE 2. - Mobilité et transports CHAPITRE 1er. - Modification de l'arrêté-loi du... CHAPITRE 2. - Modification de la loi du 4 décem... CHAPITRE 3. - Modification de la loi du 19 déce... CHAPITRE 4. - Navigation intérieure - Modificat... CHAPITRE 5. - La collecte des données concernan... TITRE 3. - Simplification administrative et TIC CHAPITRE 1er. - Insaisissabilité des titres-repas CHAPITRE 2. - Simplification du déblocage des a... CHAPITRE 3. - Simplifications administratives p... CHAPITRE 4. - Actes notariés électroniques CHAPITRE 5. - Modifications de la loi du 13 jan... CHAPITRE 6. - Modification du Code civil sur la... CHAPITRE 7. - Accélération de la procédure d'ac... CHAPITRE 8. - E-government - Projets " Internet... TITRE 4. - Finances CHAPITRE 1er. - Promotion de la propriété privé... Section 1re. - Améliorer la propriété privée d'... Section 2. - Améliorer la propriété privée d'un... CHAPITRE 2. - Modifications du Code des impôts ... CHAPITRE 3. - Mobilité TITRE 5. - Emploi CHAPITRE 1er. - Modification de la loi du 4 aoû... CHAPITRE 2. - Protection de la maternité CHAPITRE 3. - Accidents du travail Section 1re. - Adoption Section 2. - Télétravail CHAPITRE 4. - Politique en matière d'alcool et ... CHAPITRE 5. - Elargissement du champ d'applicat... TITRE 6. - Affaires sociales CHAPITRE 1er. - Office national de sécurité soc... Section 1re. - Indemnités perçues dans le cadre... Section 2. - Secteur du dragage Section 3. - Recherche Scientifique Section 4. - Fonds d'indemnisation des travaill... Section 5. - Prescription CHAPITRE 2. - ONSSAPL - Réforme des polices et ... CHAPITRE 3. - Institut national d'assurance mal... CHAPITRE 4. - Les contrats d'administration TITRE 7. - Santé publique CHAPITRE 1er. - Modification de la loi-programm... CHAPITRE 2. - Modification de la loi du 21 avri... CHAPITRE 3. - Modification de la loi du 15 juil... CHAPITRE 4. - Modification de la loi du 14 août... TITRE 8. - Pensions CHAPITRE 1er. - Pensions complémentaires CHAPITRE 2. - Abrogation des articles 66 à 68 d... CHAPITRE 3. - Modifications de l'arrêté royal n... CHAPITRE 4. - Modification de la loi du 22 mars... Section 1re. - Extension du champ d'application... Section 2. - Suppression de l'allocation payée ... Section 3. - Notification des décisions par let... CHAPITRE 5. - Cotisation de solidarité sur les ... TITRE 9. - Indépendants, PME, Sécurité alimenta... CHAPITRE 1er. - Modification de la loi du 25 av... CHAPITRE 2. - Modification de la loi du 9 décem... CHAPITRE 3. - Politique scientifique Section 1re. - Modification de la loi du 7 mai ... Section 2. - Modification de la loi relative au... TITRE 10. - Economie CHAPITRE 1er. - L'utilisation des partitions da... Section 1re. - Modification de la loi du 30 jui... Section 2. - Modification de la loi du 22 mai 2... Section 3. - Modification de la loi du 4 décemb... CHAPITRE 2. - Modification de la loi du 16 juin... CHAPITRE 3. - Modification de la loi sur la pro... CHAPITRE 4. - Modification de la loi du 4 juill... TITRE 11. - Entreprises publiques CHAPITRE 1er. - Modification de la loi du 21 ma... CHAPITRE 2. - Modification de l'article 162 de ... TITRE 12. - Energie CHAPITRE 1er. - Modifications de la loi du 29 a... CHAPITRE 2. - Modifications de la loi du 1er ju... CHAPITRE 3. - Modifications de la loi du 12 avr... TITRE 13. - Justice CHAPITRE 1er. - Confirmation de l'arrêté royal ... CHAPITRE 2. - Modification à la loi du 8 août 1... TITRE 14. - Asile et immigration CHAPITRE UNIQUE. - Modifications de la loi du 1...
Tekst (272)
Texte (272)
TITEL 1. - Algemene bepaling
TITRE 1er. - Disposition générale
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
Article 1er. La présente loi règle une matière visée à l'article 78 de la Constitution.
TITEL 2. - Mobiliteit en vervoer
TITRE 2. - Mobilité et transports
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van de besluitwet van 30 december 1946 betreffende het bezoldigd vervoer van personen over de weg met autobussen en met autocars
CHAPITRE 1er. - Modification de l'arrêté-loi du 30 décembre 1946 relatif aux transports rémunérés de voyageurs par route effectués par autobus et par autocars
Art.2. In de besluitwet van 30 december 1946 betreffende het bezoldigd vervoer van personen over de weg met autobussen en met autocars, wordt een artikel 30bis ingevoegd, luidende :
  " Art. 30bis . § 1. Voor de toepassing van de bepalingen van dit artikel, wordt onder opdrachtgever verstaan elke natuurlijke persoon, elke rechtspersoon met of zonder winstoogmerk, elke persoon handelend voor rekening van een vereniging van personen zonder rechtspersoonlijkheid en met of zonder winstoogmerk, alsmede elke onder de publieke overheid ressorterende instelling, ongeacht of deze een eigen rechtspersoonlijkheid bezit of niet of afhangt van een overheid met rechtspersoonlijkheid en die een vervoerovereenkomst afsluit met een ondernemer van personenvervoer over de weg of met een reisbemiddelaar.
  Er wordt onderscheid gemaakt tussen de professionele opdrachtgever en de niet-professionele opdrachtgever.
  Onder professionele opdrachtgever wordt verstaan :
  1° de opdrachtgever die een vervoerovereenkomst afsluit met een ondernemer van personenvervoer over de weg en waarvan de activiteit bestaat uit het tegen betaling of op regelmatige basis organiseren, bestellen of laten uitvoeren van reizen, inzonderheid over de weg;
  2° de ondernemer van personenvervoer over de weg die een overeenkomst van onderaanneming afsluit.
  Onder niet-professionele opdrachtgever wordt verstaan de opdrachtgever die een vervoerovereenkomst afsluit met een ondernemer van personenvervoer over de weg of met een reisbemiddelaar en waarvan de activiteit er niet in bestaat het tegen betaling of op regelmatige basis organiseren, bestellen of laten uitvoeren van reizen, inzonderheid over de weg.
  § 2. De professionele opdrachtgever wordt bestraft overeenkomstig de bepalingen van artikel 30 indien hij, op het ogenblik van het afsluiten van de vervoerovereenkomst betreffende een vervoer dat onder de toepassing valt van de reglementen en bepalingen bedoeld in artikel 30, tweede lid, heeft nagelaten, zelfs door gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg, zich ervan te vergewissen dat de vervoerder beschikt over het origineel van de hem door de bevoegde overheid afgegeven communautaire vervoervergunning; op aanvraag van de opdrachtgever, dient de vervoerder hem een fotokopie te overhandigen van het origineel van deze vervoervergunning.
  § 3. Op het ogenblik van het afsluiten van de vervoerovereenkomst betreffende een vervoer dat onder de toepassing valt van de reglementen en bepalingen bedoeld in artikel 30, tweede lid, dient de vervoerder een fotokopie te overhandigen aan de niet-professionele opdrachtgever van het origineel van de hem door de bevoegde overheid afgegeven communautaire vervoervergunning.
  § 4. De professionele opdrachtgever, de niet-professionele opdrachtgever evenals hun mandatarissen die bevoegd zijn om tijdens de reis instructies te geven aan de bestuurder van het voertuig worden, overeenkomstig de bepalingen van artikel 30 gestraft, indien zij instructies hebben gegeven of daden hebben gesteld, die hebben geleid tot :
  1° de overschrijding van het toegelaten maximum aantal te vervoeren personen, zoals vermeld op het schouwingsbewijs van het voertuig;
  2° de niet-naleving van de voorschriften betreffende de rij- en rusttijden van de bestuurders van voertuigen;
  3° de overschrijding van de toegestane maximumsnelheid van de voertuigen.
  § 5. De vervoerder en de professionele opdrachtgever worden gestraft, overeenkomstig de bepalingen van artikel 30, indien de vervoerder een vervoer heeft uitgevoerd tegen een ongeoorloofd lage prijs of indien de professionele opdrachtgever de vervoerder heeft aangezet een vervoer uit te voeren tegen een ongeoorloofd lage prijs.
  Onder " ongeoorloofd lage prijs " dient te worden verstaan een prijs die onvoldoende is om tegelijkertijd te dekken :
  - de niet te vermijden posten van de kostprijs van het voertuig, in het bijzonder de banden, de brandstof, het onderhoud, de afschrijving en de huur;
  - de kosten voortvloeiende uit wettelijke of reglementaire verplichtingen, in het bijzonder sociale, fiscale, verzekerings- en veiligheidskosten;
  - de kosten voortvloeiende uit het bestuur en de leiding van de onderneming.
  § 6. De houder van het getuigschrift of bewijs van vakbekwaamheid die, in het kader van de reglementering nopens de toegang tot het beroep van ondernemer van personenvervoer over de weg, aangesteld werd om de vervoerwerkzaamheden van de onderneming permanent en daadwerkelijk te leiden en die, zelfs door gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg, deze leiding niet permanent en daadwerkelijk op zich heeft genomen, wordt gestraft overeenkomstig de bepalingen van artikel 30.
  § 7. Elke contractuele bepaling die leidt tot een vermindering of het tenietdoen van de verantwoordelijkheid van de opdrachtgever waarin dit artikel voorziet, wordt nietig verklaard.
  § 8. De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op het gemeenschappelijk stads- en streekvervoer, met inbegrip van de bijzondere vormen van geregeld vervoer bedoeld in artikel 6, § 1, X, eerste lid, 8°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, en, in deze context, op het grensoverschrijdend vervoer op korte afstand. ".
Art.2. Un article 30bis , rédigé comme suit, est inséré dans l'arrêté-loi du 30 décembre 1946 relatif aux transports rémunérés de voyageurs par route effectués par autobus et par autocars :
  " Art. 30bis . § 1er. Pour l'application des dispositions de cet article, on entend par donneur d'ordre, toute personne physique, toute personne morale, avec ou sans but lucratif, toute personne agissant pour le compte d'une association de personnes sans personnalité juridique et avec ou sans but lucratif ainsi que tout organisme relevant de l'autorité publique, qu'il soit doté d'une personnalité juridique propre ou qu'il dépende d'une autorité revêtue de la personnalité juridique, qui conclut un contrat de transport avec un transporteur de voyageurs par route ou avec un intermédiaire de voyages.
  On distingue le donneur d'ordre professionnel et le donneur d'ordre non-professionnel.
  Par donneur d'ordre professionnel, on entend :
  1° le donneur d'ordre qui conclut un contrat de transport avec un transporteur de voyageurs par route et dont l'activité consiste à organiser, à commander ou à faire exécuter, à titre onéreux ou de manière habituelle, des voyages, notamment par route;
  2° le transporteur de voyageurs par route qui conclut un contrat de sous-traitance.
  Par donneur d'ordre non-professionnel, on entend le donneur d'ordre qui conclut un contrat de transport avec un transporteur de voyageurs par route ou avec un intermédiaire de voyage et dont l'activité ne consiste pas à organiser, à commander ou à faire exécuter, à titre onéreux ou de manière habituelle, des voyages, notamment par route.
  § 2. Le donneur d'ordre professionnel est puni conformément aux dispositions de l'article 30 si, au moment de la conclusion du contrat de transport relatif à un transport tombant sous l'application des règlements et dispositions visés à l'article 30, deuxième alinéa, il a omis, même par défaut de prévoyance ou de précaution, de s'assurer que le transporteur dispose de l'original de la licence de transport communautaire lui délivrée par l'autorité compétente; sur demande du donneur d'ordre, le transporteur est tenu de lui remettre une photocopie de l'original de cette licence de transport.
  § 3. Au moment de la conclusion du contrat de transport relatif à un transport tombant sous l'application des règlements et dispositions visés à l'article 30, deuxième alinéa, le transporteur est tenu de remettre au donneur d'ordre non-professionnel une photocopie de l'original de la licence de transport communautaire lui délivrée par l'autorité compétente.
  § 4. Le donneur d'ordre professionnel, le donneur d'ordre non-professionnel ainsi que leurs mandataires habilités à donner des instructions au conducteur du véhicule pendant le voyage, sont punis, conformément aux dispositions de l'article 30, s'ils ont donné des instructions ou posé des actes ayant entraîné :
  1° le dépassement du nombre maximal autorisé de personnes à transporter, tel que ce nombre figure au certificat de visite du contrôle technique du véhicule;
  2° le non-respect des prescriptions relatives aux temps de conduite et de repos des conducteurs de véhicules;
  3° le dépassement de la vitesse maximale autorisée des véhicules.
  § 5. Le transporteur et le donneur d'ordre professionnel sont punis, conformément aux dispositions de l'article 30, si le transporteur a exécuté un transport moyennant un prix abusivement bas ou si le donneur d'ordre professionnel a incité le transporteur à exécuter un transport moyennant un prix abusivement bas.
  Par " prix abusivement bas ", on entend un prix insuffisant que pour couvrir, à la fois :
  - les postes inéluctables du coût de revient du véhicule, notamment les pneus, le carburant, l'entretien, l'amortissement et le loyer;
  - les coûts découlant des obligations légales ou réglementaires, notamment en matières sociale, fiscale, d'assurances et de sécurité;
  - les coûts découlant de l'administration et de la direction de l'entreprise.
  § 6. Le titulaire du certificat ou de l'attestation de capacité professionnelle désigné, dans le cadre de la réglementation relative à l'accès à la profession de transporteur de voyageurs par route, pour diriger effectivement et en permanence les activités de transport de l'entreprise et qui n'a pas assuré cette direction de façon effective et permanente, même par défaut de prévoyance ou de précaution, est puni conformément aux dispositions de l'article 30.
  § 7. Toute disposition contractuelle qui aboutirait à diminuer ou à supprimer la responsabilité du donneur d'ordre, telle que prévue au présent article, est réputée nulle.
  § 8. Les dispositions du présent article ne sont pas applicables au transport en commun urbain et vicinal, en ce compris les services réguliers spécialisés, visé par l'article 6, § 1er, X, alinéa 1er, 8°, de la loi spéciale du 8 août 1980 de réformes institutionnelles, et, dans ce contexte, au transport transfrontalier de courte distance. ".
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de wet van 4 december 2006 betreffende het gebruik van de spoorweginfrastructuur
CHAPITRE 2. - Modification de la loi du 4 décembre 2006 relative à l'utilisation de l'infrastructure ferroviaire
Art.3. In artikel 26, tweede lid, van de wet van 4 december 2006 betreffende het gebruik van de spoorweginfrastructuur, worden de woorden " , in samenwerking met de NMBS-Holding, " opgeheven.
Art.3. Dans l'article 26, alinéa 2, de la loi du 4 décembre 2006 relative à l'utilisation de l'infrastructure ferroviaire, les mots " , en collaboration avec la SNCB Holding, " sont abrogés.
Art.4. In artikel 68, § 1, van dezelfde wet, worden de woorden " , aan de agenten van de spoorweginfrastructuurbeheerder " ingevoegd tussen de woorden " Mobiliteit en Vervoer " en de woorden " en aan de leden ".
Art.4. Dans l'article 68, § 1er, de la même loi, les mots " , aux agents du gestionnaire de l'infrastructure ferroviaire " sont insérés entre les mots " Mobilité et Transports " et les mots " et aux membres ".
HOOFDSTUK 3. - Wijziging van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen
CHAPITRE 3. - Modification de la loi du 19 décembre 2006 relative à la sécurité d'exploitation ferroviaire
Art.5. In artikel 18 van de wet van 19 december 2006 betreffende de exploitatieveiligheid van de spoorwegen, wordt het tweede lid opgeheven.
Art.5. Dans l'article 18 de la loi du 19 décembre 2006 relative à la sécurité d'exploitation ferroviaire, l'alinéa 2 est abrogé.
Art.6. In artikel 58, § 1, van dezelfde wet, worden de woorden " , van de spoorweginfrastructuurbeheerder " ingevoegd tussen de woorden " het Bestuur " en " en van de veiligheidsinstantie ".
Art.6. Dans l'article 58, § 1er, de la même loi, les mots " , du gestionnaire de l'infrastructure ferroviaire " sont insérés entre les mots " de l'Administration " et les mots " et de l'autorité de sécurité ".
HOOFDSTUK 4. - Binnenvaart - Wijziging van artikel 32 van de wet van 5 mei 1936 op de binnenbevrachting
CHAPITRE 4. - Navigation intérieure - Modification de l'article 32 de la loi du 5 mai 1936 sur l'affrètement fluvial
Art.7. Artikel 32, eerste lid, van de wet van 5 mei 1936 op de binnenbevrachting, wordt vervangen als volgt :
  " De schipper is niet aansprakelijk voor de schade aan de lading toegebracht door een scheepvaartongeval, zelfs indien dit ongeval aan een stuurfout te wijten is, maar om voor die ontheffing in aanmerking te komen moet hij een bewijs overleggen waaruit blijkt dat het vaartuig voldoet aan de technische voorschriften voor binnenschepen vastgesteld door de Koning en aantonen dat hij op het ogenblik van het ongeval aan boord was en het vaartuig bemand was in overeenstemming met de door de Koning voorgeschreven regels. ".
Art.7. L'article 32, alinéa 1er, de la loi du 5 mai 1936 sur l'affrètement fluvial, est remplacé comme suit :
  " Le batelier n'est pas responsable du dommage occasionné à la cargaison par un accident de navigation, même si cet accident est dû à une fausse manuvre dans la conduite du bateau, mais il doit, pour bénéficier de cette exonération, produire une preuve dont il ressort que le bateau répond aux conditions techniques pour les bateaux de navigation intérieure, fixées par le Roi, et établir qu'au moment de l'accident il était à bord et que le bateau disposait d'un équipage conformément aux règles prescrites par le Roi. ".
HOOFDSTUK 5. - Verzameling van gegevens over de verplaatsingen van werknemers tussen hun woon- en werkplaats - Wijziging van de programmawet van 8 april 2003
CHAPITRE 5. - La collecte des données concernant les déplacements des travailleurs entre leur domicile et leur lieu de travail - Modification de la loi-programme du 8 avril 2003
Art.8. In artikel 162 van de programmawet van 8 april 2003 worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  a) in paragraaf 1, tweede lid, wordt het woord " ook " geschrapt;
  b) paragraaf 2, eerste lid, wordt angevuld met de volgende zin :
  " De referentieperiode voor deze berekening komt overeen met de vier kwartalen die eindigen op datum van 30 juni van het jaar waarin de diagnostiek wordt opgemaakt. ";
  c) in paragraaf 3, eerste lid, wordt de bepaling onder 2° vervangen als volgt :
  " 2° de indeling van de werknemers op grond van hun woonplaats, met vermelding van de voornaamste verplaatsingwijzen tussen deze woonplaats en hun plaats van tewerkstelling; ";
  d) in paragraaf 3, eerste lid, wordt de bepaling onder 3° opgeheven.
Art.8. A l'article 162 de la loi-programme du 8 avril 2003, les modifications suivantes sont apportées :
  a) au paragraphe 1er, alinéa 2, le mot " également " est supprimé;
  b) le paragraphe 2, alinéa 1er, est complété par la phrase suivante :
  " La période de référence pour ce calcul sont les quatre trimestres se terminant à la date du 30 juin de l'année dans laquelle s'effectue le diagnostic. ";
  c) au paragraphe 3, alinéa 1er, le 2° est remplacé par ce qui suit :
  " 2° la répartition des travailleurs en fonction de leur domicile, avec mention des modes de déplacements principaux entre ce domicile et leur lieu de travail; ";
  d) au paragraphe 3, alinéa 1er, le 3° est supprimé.
Art.9. In artikel 163 van dezelfde wet, gewijzigd bij de programmawet van 22 december 2003, worden de woorden " 30 april " vervangen door de woorden " 31 januari ".
Art.9. A l'article 163 de la même loi, modifié par la loi-programme du 22 décembre 2003, les mots " 30 avril " sont remplacés par les mots " 31 janvier ".
Art.10. Artikel 170 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
  " Art. 170. Dit hoofdstuk treedt in werking op 1 januari 2010. ".
Art.10. L'article 170 de la même loi est remplacé par la disposition suivante :
  " Art. 170. Le présent chapitre entre en vigueur le 1er janvier 2010. ".
Art.11. Artikel 15, l), 3°, van de wet van 20 september 1948 houdende organisatie van het bedrijfsleven, wordt aangevuld met een bepaling, luidende :
  " Bij ontstentenis van een ondernemingsraad, wordt het advies van de vakbondsafvaardiging ingewonnen en meegedeeld aan de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer. Als er noch een ondernemingsraad, noch een vakbondsafvaardiging bestaat, worden de werknemers rechtsreeks op de hoogte gebracht van het verslag, zonder dat ze nog een advies moeten uitbrengen. ".
Art.11. L'article 15, l), 3°, de la loi du 20 septembre 1948 portant organisation de l'économie, est complété par une disposition, rédigée comme suit :
  " Lorsqu'il n'existe pas de conseil d'entreprise, l'avis de la délégation syndicale est sollicité et communiqué au Service public fédéral Mobilité et Transports. En cas d'absence de conseil d'entreprise et de délégation syndicale, les travailleurs sont informés directement au sujet du rapport concerné, sans que ces derniers doivent encore rendre un avis. ".
TITEL 3. - Administratieve Vereenvoudiging en ICT
TITRE 3. - Simplification administrative et TIC
HOOFDSTUK 1. - Onbeslagbaarheid van maaltijdcheques
CHAPITRE 1er. - Insaisissabilité des titres-repas
Art.12. In artikel 1409 van het Gerechtelijk Wetboek, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 8 december 2008, wordt een paragraaf 1ter ingevoegd, luidende :
  " § 1ter . De maaltijdcheques bedoeld in artikel 19bis van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders zijn niet vatbaar voor beslag of overdracht indien zij beantwoorden aan de voorwaarden van artikel 19bis , § § 2 en 3, van hetzelfde koninklijk besluit.
  Deze maaltijdcheques vallen niet onder de samenvoeging waarin artikel 1411 voorziet, noch behoren zij tot de uitzonderingen bepaald in artikel 1412. ".
Art.12. Dans l'article 1409 du Code judiciaire, modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 8 décembre 2008, il est inséré un paragraphe 1erter , rédigé comme suit :
  " § 1erter . Les titres-repas visés à l'article 19bis de l'arrêté royal du 28 novembre 1969 pris en exécution de la loi du 27 juin 1969 révisant l'arrêté-loi du 28 décembre 1944 concernant la sécurité sociale des travailleurs ne peuvent pas être saisis ou cédés s'ils satisfont aux conditions de l'article 19bis , § § 2 et 3, du même arrêté.
  Ces titres-repas ne tombent pas sous les cumuls prévus par l'article 1411, et n'appartiennent pas non plus aux exceptions prévues à l'article 1412. ".
HOOFDSTUK 2. - Vereenvoudiging van het deblokkeren van de tegoeden van een overledene
CHAPITRE 2. - Simplification du déblocage des avoirs d'une personne décédée
Art.13. In het Burgerlijk Wetboek wordt een artikel 1240bis ingevoegd, luidende :
  " Art. 1240bis . § 1. Behoudens andersluidende wettelijke bepalingen, geeft een schuldenaar te goeder trouw bevrijdend tegoeden van een overledene vrij, indien dit gebeurt aan of op instructie van de personen aangewezen in een attest van erfopvolging opgesteld door de ontvanger van het successiekantoor bevoegd voor de inlevering van de aangifte van nalatenschap van de overledene, of in een attest of in een akte van erfopvolging opgemaakt door een notaris.
  Het attest of de akte van erfopvolging wordt op verzoek van een belanghebbende afgeleverd met het oog op de in het eerste lid bedoelde vrijgave van tegoeden.
  § 2. De afgeleverde akte of het afgeleverde attest ontslaat de in paragraaf 1 bedoelde schuldenaar in geen geval van eventuele andere wettelijke verplichtingen voorgeschreven voor de deblokkering van deze tegoeden.
  § 3. De belanghebbende heeft de vrije keuze om zich te wenden tot de in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde ontvanger of de notaris. In de gevallen waarin de erfenis van de overledene niet uitsluitend wordt vererfd overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 718 tot 755, in geval van bestaan van onbekwame erfopvolgers of indien er sprake is van een uiterste wilsbeschikking, een contractuele erfstelling of een huwelijkscontract in hoofde van de overledene is alleen de notaris bevoegd om een akte of een attest van erfopvolging af te leveren.
  § 4. Zowel de akte als het attest van erfopvolging vermelden op duidelijke wijze wie de erfgerechtigden zijn die aanspraak kunnen maken op de tegoeden van de overledene, met vermelding van volgende identificatiegegevens : naam, voornamen, plaats en datum van geboorte, adres en eventueel de datum van overlijden.
  § 5. De notaris of de ontvanger van het successiekantoor kunnen elke aflevering van een akte of een attest van erfopvolging weigeren indien zij aan de hand van de door de verzoekende belanghebbende voorgelegde stukken, de gedane verklaringen en de verrichte opzoekingen, niet met zekerheid de erfgenamen kunnen aanwijzen. ".
Art.13. Dans le Code civil est inséré un article 1240bis , rédigé comme suit :
  " Art. 1240bis . § 1er. Sauf disposition légale contraire, un débiteur de bonne foi libère les avoirs d'un défunt de manière libératoire à condition d'avoir été fait aux ou sur instruction des personnes désignées par un certificat d'hérédité rédigé par le receveur du bureau des droits de succession compétent pour le dépôt de la déclaration de succession du défunt ou par un certificat ou un acte d'hérédité rédigé par un notaire.
  Le certificat ou l'acte d'hérédité est délivré sur demande d'une partie intéressée en vue de la libération des avoirs visée à l'alinéa 1er.
  § 2. L'acte ou le certificat délivré n'exempte en aucun cas le débiteur visé au paragraphe 1er, d'éventuelles autres obligations légales prescrites pour le déblocage de ces avoirs.
  § 3. La partie intéressée est libre de s'adresser au receveur visé au paragraphe 1er, alinéa 1er, ou au notaire. Dans les cas où la succession du défunt n'est pas exclusivement dévolue conformément aux dispositions des articles 718 à 755, en cas de présence de successeurs incapables ou s'il est question de dispositions de dernière volonté, d'une institution contractuelle ou d'un contrat de mariage dans le chef du défunt, seul le notaire est autorisé à délivrer un acte ou un certificat d'hérédité.
  § 4. Tant l'acte que le certificat d'hérédité mentionnent clairement qui sont les successibles qui peuvent prétendre aux avoirs du défunt, avec mention des données d'identification suivantes : nom, prénoms, lieu et date de naissance, adresse et éventuellement date de décès.
  § 5. Le notaire ou le receveur du bureau des droits de succession peuvent refuser toute remise de certificat ou d'acte d'hérédité si les pièces présentées par la partie intéressée requérante, les déclarations faites et les recherches effectuées ne leur permettent pas de désigner les héritiers avec certitude. ".
HOOFDSTUK 3. - Administratieve vereenvoudigingen voor VZW's
CHAPITRE 3. - Simplifications administratives pour les ASBL
Art.14. In artikel 6, eerste lid, van de wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de internationale verenigingen zonder winstoogmerk en de stichtingen, gewijzigd bij de wet van 2 mei 2002, wordt het woord " oproepingsbrief " vervangen door het woord " oproeping ".
Art.14. Dans le texte néerlandais de l'article 6, alinéa 1er, de la loi du 27 juin 1921 sur les associations sans but lucratif, les associations internationales sans but lucratif et les fondations, modifié par la loi du 2 mai 2002, le mot " oproepingsbrief " est remplacé par le mot " oproeping ".
Art.15. In artikel 9, eerste lid, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 2 mei 2002, wordt het woord " btw-identificatienummer " vervangen door het woord " ondernemingsnummer ".
Art.15. Dans l'article 9, alinéa 1er, de la même loi, modifiée par la loi du 2 mai 2002, les mots " numéros d'identification de TVA " sont remplacés par les mots " numéro d'entreprise ".
Art.16. Artikel 10 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 2 mei 2002 en 9 juli 2004, wordt aangevuld met een lid, luidende :
  " De verenigingen moeten, bij mondeling of schriftelijk verzoek, aan de overheden, de administraties en de diensten, met inbegrip van de parketten, de griffies en de leden van de hoven, de rechtbanken en alle rechtscolleges en de daartoe wettelijk gemachtigde ambtenaren, onverwijld toegang verlenen tot het register van de leden en deze instanties bovendien de afschriften of uittreksels uit dit register verstrekken welke zij nodig achten. ".
Art.16. L'article 10 de la même loi, modifiée par les lois des 2 mai 2002 et 9 juillet 2004, est complété par un alinéa rédigé comme suit :
  " Les associations doivent, en cas de requête orale ou écrite, accorder immédiatement l'accès au registre des membres aux autorités, administrations et services, y compris les parquets, les greffes et les membres des cours, des tribunaux et de toutes les juridictions et les fonctionnaires légalement habilités à cet effet et doivent fournir en outre à ces instances les copies ou extraits de ce registre estimés nécessaires par celles-ci. ".
Art.17. In artikel 26novies , § 1, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 2 mei 2002, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de bepaling onder het tweede lid, 3°, wordt opgeheven;
  2° het derde lid wordt opgeheven.
Art.17. · l'article 26novies , § 1er, de la même loi, inséré par la loi du 2 mai 2002, les modifications suivantes sont apportées :
  1° l'alinéa 2, 3°, est abrogé;
  2° l'alinéa 3 est abrogé.
HOOFDSTUK 4. - Elektronische notariële aktes
CHAPITRE 4. - Actes notariés électroniques
Art.18. Artikel 12, tweede lid, van de wet van 16 maart 1803 tot regeling van het notarisambt, gewijzigd bij de wetten van 4 mei 1999 en 1 maart 2007, wordt aangevuld met de volgende zin :
  " Van comparanten die enkel als vertegenwoordiger of gemachtigde optreden, of die enkel bijstand verlenen, dienen enkel de naam, voornamen en woonplaats te worden vermeld. ".
Art.18. L'article 12, alinéa 2, de la loi du 16 mars 1803 contenant organisation du notariat, modifié par les lois des 4 mai 1999 et 1er mars 2007, est complété par la phrase suivante :
  " Pour les comparants qui interviennent uniquement comme représentant ou mandataire, ou qui ne font que prêter assistance, seuls doivent être mentionnés les noms, prénoms et domicile. ".
Art.19. [1 [2 In artikel 13, § 1, van dezelfde wet]2, gewijzigd bij de wetten van 10 juli 1951 en 26 juni 2000, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
   1° het huidige eerste lid wordt vervangen als volgt :
   "Notariële akten worden onuitwisbaar, leesbaar, zonder verkortingen, witte vakken, gapingen of tussenruimten opgemaakt, onverminderd de artikelen 971 tot 998 en 1001 van het Burgerlijk Wetboek betreffende de testamenten; op ieder enkel of dubbel blad van een akte die meer dan één blad beslaat, wordt vermeld welk nummer het heeft. Deze vermelding wordt geparafeerd of getekend door alle ondertekenaars van de akte, tenzij hun paraaf of handtekening reeds op het blad voorkomt; een en andere onder verantwoordelijkheid van de notaris en op straffe van 2,50 euro geldboete te zijnen laste.";
   2° het huidige tweede lid wordt vervangen als volgt :
   "De Koning schrijft, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de nodige maatregelen voor om de onveranderlijkheid, de vertrouwelijkheid en de bewaring van notariële akten te waarborgen.";
   3° na het eerste lid wordt een nieuw lid ingevoegd, luidende :
   "De notariële akte kan ook in gedematerialiseerde vorm worden verleden. De in het eerste lid bedoelde voorschriften voor de notariële akten die op papier worden verleden, zijn niet van toepassing op de notariële akten die in gedematerialiseerde vorm worden verleden.]1

  
Art.19. [1 [2 Dans l'article 13, § 1er, de la même loi]2, modifié par les lois des 10 juillet 1951 et 26 juin 2000, les modifications suivantes sont apportées :
   1° l'alinéa 1er actuel est remplacé comme suit :
   "Les actes notariés sont établis d'une manière indélébile, lisiblement, sans abréviations, blancs, lacunes ni intervalles, sans préjudice des articles 971 à 998 et 1001 du Code civil relatifs aux testaments; chaque feuillet simple ou double d'un acte comportant plusieurs feuillets portera la mention de sa numérotation. Cette mention sera paraphée ou signée par tous les signataires de l'acte, à moins que le feuillet ne porte déjà leur paraphe ou signature; le tout, sous la responsabilité du notaire, et à peine d'une amende de 2,50 euros contre lui.";
   2° l'alinéa 2 actuel est remplacé comme suit :
   "Le Roi prescrit, par arrêté délibéré en Conseil des ministres, les mesures nécessaires afin de garantir l'inaltérabilité, la confidentialité et la conservation des actes notariés.";
   3° après l'alinéa 1er, il est inséré un nouvel alinéa rédigé comme suit :
   "L'acte notarié peut également être reçu sous forme dématérialisée. Les prescriptions visées à l'alinéa 1er pour les actes notariés qui sont reçus sur support papier, ne s'appliquent pas aux actes notariés reçus sous forme dématérialisée.]1

  
Art.20. [1 In artikel 18 van dezelfde wet, opgeheven bij de wet van 9 april 1980, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
   1° artikel 18 wordt hersteld als volgt :
   "Art. 18. De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op advies van de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, ingericht door de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens, en na advies van de Koninklijke Federatie van het Belgisch Notariaat, met eerbiediging van artikel 23 en van artikel 458 van het Strafwetboek, de wijze waarop en de voorwaarden waaronder de Notariële Aktebank zal worden ingericht, beheerd en georganiseerd, de toegang ertoe en de modaliteiten van opstelling en bewaring van de gedematerialiseerde afschriften van de akten die worden verleden overeenkomstig de bepalingen van artikel 13, eerste lid.";
   2° het artikel, vervangen bij de bepaling onder 1°, wordt vervangen als volgt :
   "Art. 18. § 1. Een gedematerialiseerd afschrift van elke akte die is verleden overeenkomstig de bepalingen van artikel 13, eerste lid, wordt bewaard in een daartoe bestemde Notariële Aktebank die wordt beheerd door de Koninklijke Federatie van het Belgisch Notariaat. Het gedematerialiseerd afschrift moet binnen de [2 termijn die is voorgeschreven voor de aanbieding ter registratie, overeenkomstig artikel 32 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten]2 van de akte worden neergelegd en opgenomen in de Notariële Aktebank. Dit afschrift heeft dezelfde bewijswaarde als de eerste uitgifte van de minuut op papier.
   Deze bepaling geldt niet voor testamenten, herroepingen van testament en contractuele erfstellingen bij afzonderlijke akte.
   Minstens eenmaal per jaar wordt in opdracht van de Nationale Kamer van notarissen een audit uitgevoerd van de Notariële Aktebank, onder meer met betrekking tot de conformiteit met de wettelijke vereisten, de integriteit en de technische aspecten ervan. De Nationale Kamer van notarissen brengt verslag uit aan de minister van Justitie over de resultaten van de audit en de gevolgen die de beheerder van de Notariële Aktebank er aan geeft.
   § 2. De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op advies van de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, ingericht door de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens, en na advies van de Koninklijke Federatie van het Belgisch Notariaat, met eerbiediging van artikel 23 en van artikel 458 van het Strafwetboek, de wijze waarop en de voorwaarden waaronder de Notariële Aktebank wordt ingericht, beheerd en georganiseerd, de toegang ertoe en de modaliteiten van opstelling van de gedematerialiseerde afschriften.";
   3° in de eerste paragraaf, gewijzigd bij de bepaling onder 2°, wordt tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, luidende :
   "De minuut van de akte die [3 overeenkomstig artikel 13, § 1, tweede lid]3, is verleden in gedematerialiseerde vorm wordt overeenkomstig het eerste lid neergelegd en bewaard in de Notariële Aktebank. [3 ...]3]1

  
Art.20. [1 Dans l'article 18 de la même loi, abrogé par la loi du 9 avril 1980, sont apportées les modifications suivantes :
   1° l'article 18 est rétabli comme suit :
   "Art. 18. Le Roi détermine, par arrêté délibéré en Conseil des ministres, sur avis de la Commission de la protection de la vie privée, créée par la loi du 8 décembre 1992 relative à la protection de la vie privée à l'égard des traitements de données à caractère personnel, et après avis de la Fédération Royale du Notariat belge, dans le respect de l'article 23 et de l'article 458 du Code pénal, la manière dont et les conditions sous lesquelles la Banque des actes notariés sera créée, gérée et organisée, l'accès à celle-ci, ainsi que les modalités d'établissement et de conservation des copies dématérialisées des actes reçus conformément aux dispositions de l'article 13, alinéa 1er.";
   2° l'article, remplacé par le 1°, est remplacé comme suit :
   "Art. 18. § 1er. Une copie dématérialisée de tous les actes qui sont reçus conformément aux dispositions de l'article 13, alinéa 1er, est conservée dans une Banque des actes notariés gérée par la Fédération Royale du Notariat belge. La copie dématérialisée doit être déposée et enregistrée dans la Banque des actes notariés dans [2 le délai prescrit pour la présentation à l'enregistrement, conformément à l'article 32 du Code des droits d'enregistrement, d'hypothèque et de greffe]2 de l'acte. Cette copie a la même valeur probante que la première expédition de la minute sur support papier.
   Cette disposition ne vaut pas pour les testaments, les révocations de testament et les institutions contractuelles par acte séparé.
   Au moins une fois par an, il est procédé, pour le compte de la Chambre nationale des notaires, à un audit de la Banque des actes notariés, ayant trait, entre autres, au respect des exigences légales, à son intégrité et à ses aspects techniques. La Chambre nationale des notaires fait rapport au ministre de la Justice au sujet des résultats de l'audit et les suites que le gestionnaire de la Banque des actes notariés y donne.
   § 2. Le Roi détermine, par arrêté délibéré en Conseil des ministres, sur avis de la Commission de la protection de la vie privée, créée par la loi du 8 décembre 1992 relative à la protection de la vie privée à l'égard des traitements de données à caractère personnel, et après avis de la Fédération Royale du Notariat belge, dans le respect de l'article 23 et de l'article 458 du Code pénal, la manière dont et les conditions sous lesquelles la Banque des actes notariés sera créée, gérée et organisée, l'accès à celle-ci, ainsi que les modalités d'établissement et de conservation des copies dématérialisées.";
   3° dans le paragraphe 1er, modifié par le 2°, un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 1er et 2 :
   "La minute de l'acte qui est reçue sous forme dématérialisée [3 conformément à l'article 13, § 1er, alinéa 2]3, est déposée et conservée dans la Banque des actes notariés conformément à l'alinéa 1er. [3 ...]3]1

  
Art.21. In artikel 20 van dezelfde wet wordt tussen het eerste en het tweede lid, een lid ingevoegd, luidende :
  " De notaris is niet verplicht om de minuut te bewaren van een in gedematerialiseerde vorm verleden akte nadat hij de bevestiging ontvangen heeft van de deponering van de akte in de in artikel 18 bedoelde Notariële Aktebank. De Notariële Aktebank geldt als authentieke bron voor de akten die erin opgenomen zijn. ".
Art.21. Dans l'article 20 de la même loi, un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 1er et 2 :
  " Le notaire n'est pas tenu de conserver la minute d'un acte reçu sous forme dématérialisée après qu'il a reçu la confirmation du dépôt de l'acte dans la Banque des actes notariés visée à l'article 18. La Banque des actes notariés a la valeur de source authentique pour les actes qui y sont enregistrés. ".
Art.23. Artikel 26 [1 , eerste lid,]1 van dezelfde wet wordt aangevuld met de woorden " of onder de minuut wordt neergelegd. ".
  
Art.23. L'article 26 [1 , alinéa 1er,]1 de la même loi est complété par les mots " ou déposée au rang des minutes. ".
  
Art.24. Artikel 29, eerste lid, van dezelfde wet wordt aangevuld met de volgende zin :
  " Hij houdt dit repertorium hetzij op papier hetzij op de gedematerialiseerde wijze die is vastgesteld door de Nationale Kamer van notarissen in een door de Koning goedgekeurd reglement. ".
Art.24. L'article 29, alinéa 1er, de la même loi est complété par la phrase suivante :
  " Il tient ce répertoire, soit sur support papier, soit sous la forme dématérialisée déterminée par la Chambre nationale des notaires dans un règlement approuvé par le Roi. ".
Art.25. [1 Artikel 1317 van het Burgerlijk Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 11 maart 2003 en 4 mei 2016, wordt gewijzigd als volgt :
   1° tussen het tweede en het derde lid wordt een lid ingevoegd, luidende :
   "De overeenkomstig de wet van 16 maart 1803 op het notarisambt ingerichte Notariële Aktebank geldt als authentieke bron voor de akten die erin opgenomen zijn.";
   2° het derde lid wordt vervangen als volgt :
   "De notariële akten die in gedematerialiseerde vorm zijn verleden, worden opgemaakt en bewaard overeenkomstig de wet van 16 maart 1803 op het notarisambt. De overeenkomstig dezelfde wet ingerichte Notariële Aktebank geldt als authentieke bron voor de akten die erin opgenomen zijn.]1

  
Art.25. [1 L'article 1317 du Code civil, modifié par les lois des 11 mars 2003 et 4 mai 2016, est modifié comme suit :
   1° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 2 et 3 :
   "La Banque des actes notariés instituée conformément à la loi du 16 mars 1803 contenant organisation du notariat a la valeur de source authentique pour les actes qui y sont enregistrés.";
   2° l'alinéa 3 est remplacé comme suit :
   "Les actes notariés qui sont reçus sous forme dématérialisée sont établis et conservés conformément à la loi du 16 mars 1803 contenant organisation du notariat. La Banque des actes notariés instituée conformément à cette même loi a la valeur de source authentique pour les actes qui y sont enregistrés.]1

  
Art.26. [1 Met uitzondering van artikel 18, treedt dit hoofdstuk in werking als volgt :
   1° de artikelen 19, 1° en 2°, 20, 1°, en 24 hebben uitwerking met ingang van 1 januari 2017;
   2° de artikelen 19, 3°, 20, 3°, 21, [2 ...]2 23 en 25, 2°, treden in werking op een door de Koning te bepalen datum;
   3° de artikelen 20, 2° en 25, 1°, treden in werking op een door de Koning te bepalen datum en uiterlijk op 1 januari 2020.
   De toepassing van de bepalingen van artikel 20 is enkel verplicht voor de akten die zijn verleden vanaf de in het eerste lid, 2°, bedoelde datum.]1

  
Art.26. [1 A l'exception de l'article 18, ce chapitre entre en vigueur comme suit :
   1° les articles 19, 1° et 2°, 20, 1°, et 24 produisent leurs effets le 1er janvier 2017 ;
   2° les articles 19, 3°, 20, 3°, 21, [2 ...]2 23 et 25, 2°, entrent en vigueur à une date à fixer par le Roi ;
   3° les articles 20, 2° et 25, 1°, entrent en vigueur à une date à fixer par le Roi et au plus tard le 1er janvier 2020.
   L'application des dispositions reprises à l'article 20 n'est obligatoire que pour les actes reçus à partir de la date visée à l'alinéa 1er, 2°.]1

  
HOOFDSTUK 5. - Wijzigingen van de wet van 13 januari 1977 houdende goedkeuring van de overeenkomst inzake de vaststelling van een stelsel van registratie van testamenten, opgemaakt te Bazel op 16 mei 1972, met het oog op de invoering van een centraal huwelijksovereenkomstenregister
CHAPITRE 5. - Modifications de la loi du 13 janvier 1977 portant approbation de la Convention relative à l'établissement d'un système d'inscription des testaments, faite à Bâle le 16 mai 1972, en vue de l'introduction d'un registre central des contrats de mariage
Art.27. Het opschrift van de wet van 13 januari 1977 houdende goedkeuring van de overeenkomst inzake de vaststelling van een stelsel van registratie van testamenten, opgemaakt te Bazel op 16 mei 1972, wordt aangevuld met de woorden " en tot invoering van een centraal huwelijksovereenkomstenregister. "
Art.27. L'intitulé de la loi du 13 janvier 1977 portant approbation de la Convention relative à l'établissement d'un système d'inscription des testaments, faite à Bâle le 16 mai 1972, est complété par les mots " et portant introduction d'un registre central des contrats de mariage ".
Art.28. Artikel 4 van dezelfde wet, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, wordt aangevuld met een paragraaf 2, luidende :
  " § 2. In het centraal huwelijksovereenkomstenregister worden de huwelijksovereenkomsten en de gewijzigde huwelijksovereenkomsten opgenomen met aanduiding van het stelsel. ".
Art.28. Dans la même loi, l'article 4, dont le texte actuel formera le paragraphe 1er, est complété par un paragraphe 2, rédigé comme suit :
  " § 2. Les contrats de mariage et les contrats de mariage modifiés sont repris dans le registre central des contrats de mariage avec indication du régime. ".
Art.29. In dezelfde wet wordt een artikel 6/1 ingevoegd, luidende :
  " Art. 6/1. De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op advies van de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer ingericht door de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens, de gegevens die inzake huwelijksovereenkomsten door de Koninklijke Federatie van het Belgisch notariaat in het centraal huwelijksovereenkomstenregister moeten worden opgenomen, de vorm en de nadere regels van de registratie, de nadere regels inzake de toegang tot het register, de datum van de inwerkingtreding van de verplichting tot registratie van alle huwelijksovereenkomsten en het tarief van de kosten. ".
Art.29. Dans la même loi, il est inséré un article 6/1, rédigé comme suit :
  " Art. 6/1. Le Roi détermine, par arrêté délibéré en Conseil des ministres, sur avis de la Commission de la protection de la vie privée créée par la loi du 8 décembre 1992 relative à la protection de la vie privée à l'égard des traitements de données à caractère personnel, quelles données relatives aux contrats de mariage doivent être reprises par la Fédération royale du notariat belge au registre central des contrats de mariage, la forme et les modalités de l'enregistrement, les modalités d'accès au registre, la date d'entrée en vigueur de l'obligation d'enregistrement de tous les contrats de mariage et le tarif des frais. ".
Art.30. In dezelfde wet wordt een artikel 6/2 ingevoegd, luidende :
  " Art. 6/2. De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de van kracht zijnde wettelijke bepalingen inzake de verplichte registratie en bekendmaking van huwelijksovereenkomsten opheffen, aanvullen en wijzigen teneinde te voorzien in een uniek registratiesysteem.
  De krachtens het eerste lid genomen koninklijke besluiten die niet bij wet zijn bekrachtigd op de eerste dag van de vierentwintigste maand na die waarin ze zijn bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad, houden op uitwerking te hebben. ".
Art.30. Dans la même loi, il est inséré un article 6/2, rédigé comme suit :
  " Art. 6/2. Le Roi peut, par arrêté délibéré en Conseil des ministres, abroger, compléter et modifier les dispositions légales en vigueur en matière d'enregistrement obligatoire et de publication des contrats de mariage afin de pourvoir à un système unique d'enregistrement.
  Les arrêtés royaux pris en vertu de l'alinéa 1er qui ne sont pas confirmés par la loi au premier jour du vingt-quatrième mois suivant celui de leur publication au Moniteur belge, cessent d'avoir effet. ".
HOOFDSTUK 6. - Wijziging van het Burgerlijk Wetboek inzake de wijze waarop testamenten kunnen worden opgesteld
CHAPITRE 6. - Modification du Code civil sur la manière dont les testaments peuvent être rédigés
Art.31. In artikel 972 van het Burgerlijk Wetboek, gewijzigd bij de wet van 16 december 1922, worden het eerste en tweede lid vervangen als volgt :
  " Wanneer het testament wordt verleden voor één of twee notarissen wordt het, zoals het hem of hun door de erflater werd gedicteerd, opgemaakt overeenkomstig artikel 13, § 2, van de wet van 16 maart 1803 tot regeling van het notarisambt. ".
Art.31. A l'article 972 du Code civil, modifié par la loi du 16 décembre 1922, les alinéas 1er et 2 sont remplacés par ce qui suit :
  " Si le testament est reçu par un ou deux notaires, il doit, tel qu'il lui ou leur est dicté par le testateur, être rédigé conformément à l'article 13, § 2, de la loi du 16 mars 1803 contenant l'organisation du notariat. ".
HOOFDSTUK 7. - Versnelling van de procedure om een onroerend goed te kopen of te verkopen
CHAPITRE 7. - Accélération de la procédure d'achat ou de vente d'un bien immobilier
Art.32. In artikel 1, eerste lid, van de hypotheekwet van 16 december 1851, gewijzigd bij de wetten van 8 juli 1924 en 30 juni 1994, worden na de woorden " met inbegrip van de authentieke akten bedoeld in de artikelen 577-4, § 1, en 577-13, § 4, van het Burgerlijk Wetboek, alsmede van de daarin aangebrachte wijzigingen, worden ", de woorden " , de dag van ontvangst " ingevoegd.
Art.32. Dans l'article 1er, alinéa 1er, de la loi hypothécaire du 16 décembre 1851, modifié par les lois des 8 juillet 1924 et 30 juin 1994, les mots " le jour de la réception " sont insérés après les mots " y compris les actes authentiques visés aux articles 577-4, § 1er, et 577-13, § 4, du Code civil, ainsi que les modifications y apportées seront transcrits ".
Art.33. In artikel 2, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 10 oktober 1913, worden het tweede en het derde lid vervangen als volgt :
  " De notarissen en al degenen, openbare ambtenaren of anderen, die belast zijn met het verlenen van authenticiteit aan de akten die aan overschrijving zijn onderworpen, zijn gehouden de vervulling van de formaliteit te vorderen binnen de maand na de dagtekening van die akten, behalve voor de akten houdende openbare verkoop of deze die betrekking hebben op onroerende goederen die in onderscheiden ambtsgebieden zijn gelegen waarvoor de termijn op twee maanden wordt gebracht. ".
Art.33. Dans l'article 2 de la même loi, remplacé par la loi du 10 octobre 1913, les alinéas 2 et 3 sont remplacés par ce qui suit :
  " Les notaires et tous ceux, officiers publics ou autres, qui sont chargés de donner l'authenticité aux actes sujets à transcription, seront tenus de requérir la formalité dans le mois de leur date, sauf pour les actes relatifs aux ventes publiques ou ceux qui concernent des immeubles situés dans des ressorts différents, pour lesquels le délai est porté à deux mois. ".
Art.34. Artikel 126 van dezelfde wet, gewijzigd bij het Regentsbesluit van 26 juni 1947, wordt aangevuld met een lid, luidende :
  " De uitgiften van de in artikel 1 bedoelde akten of vonnissen, bevattend of met toevoeging van de vermelding van de vervulling van de overschrijving, worden door de bewaarders binnen de maand na de in artikel 1 van deze wet bepaalde dag van overschrijving teruggestuurd aan de verzoeker. ".
Art.34. L'article 126 de la même loi, modifié par l'arrêté du Régent du 26 juin 1947, est complété par un alinéa rédigé comme suit :
  " Les expéditions des actes ou des jugements visés à l'article 1er, comprenant ou avec ajout de la mention de l'exécution de la transcription, sont renvoyées au requérant par les conservateurs dans le mois qui suit la date de transcription visée à l'article premier de cette loi. ".
HOOFDSTUK 8. - E-government - Projecten " Internet voor iedereen II " en " PC-Recup "
CHAPITRE 8. - E-government - Projets " Internet pour tous II " et " PC-Recup "
Art.35. § 1. Een pakket onder de benaming " Internet voor iedereen " wordt slechts voor de in artikel 43 omschreven doeleinden erkend, voor zover door de verkoper wordt aangetoond dat het is samengesteld uit de in paragraaf 2 opgesomde elementen en voldoet aan de voorwaarden, normen en vereisten overeenkomstig paragraaf 3.
  § 2. Elk pakket bestaat uit minstens de volgende onderdelen :
  - een computer met kaartlezer waarmee de elektronische identiteitskaart kan worden gebruikt;
  - basissoftware, waaronder minimaal wordt begrepen een besturingssysteem, een internetbrowser, een kantoorsuite en beveiligingssoftware overeenkomstig hetgeen is bepaald in artikel 114, tweede lid, van de wet van 13 juni 2005 betreffende de elektronische communicatie;
  - een aansluiting op een breedbandnetwerk, met inbegrip van een abonnement voor 12 maanden;
  - een basisopleiding tot het gebruik van computer en internet.
  § 3. De Koning bepaalt bij een besluit, vastgesteld na overleg in de Ministerraad :
  1° de nadere erkenningvoorwaarden, de nadere technische normen en kwalitatieve vereisten voor elk van de in paragraaf 2 bedoelde onderdelen;
  2° de procedure die gevolgd moet worden voor het verkrijgen en het behouden van de erkenning bedoeld in paragraaf 1, met inbegrip van de controlebepalingen en de bepalingen voor de herroeping van de erkenning;
  3° de gevolgen van de erkenning voor de verkoper van een erkend pakket, evenals de sancties bij inbreuken op de bepalingen van dit hoofdstuk en zijn uitvoeringsbesluiten.
Art.35. § 1er. Un paquet portant l'appellation " Internet pour tous " ne sera agréé qu'aux fins reprises à l'article 43, pour autant que le vendeur prouve que le paquet se compose des éléments mentionnés au paragraphe 2 et répond aux conditions, normes et exigences conformément au paragraphe 3.
  § 2. Chaque paquet se compose au moins des éléments suivants :
  - un ordinateur avec lecteur de carte permettant d'utiliser la carte d'identité électronique;
  - un software de base, comprenant notamment au minimum un système d'exploitation, un navigateur internet, une suite bureautique et un logiciel de sécurisation conformément aux dispositions de l'article 114, alinéa 2, de la loi du 13 juin 2005 relative aux communications électroniques;
  - une connexion à un réseau à large bande, y compris un abonnement de 12 mois;
  - une formation de base relative à l'utilisation de l'ordinateur et d'internet.
  § 3. Le Roi détermine, par arrêté délibéré en Conseil des ministres :
  1° les conditions d'agréation détaillées ainsi que les normes techniques et exigences de qualité détaillées pour chacune des composantes visées au paragraphe 2;
  2° la procédure à suivre pour l'obtention et le maintien de l'agréation visée au paragraphe 1er, y compris les dispositions de contrôle et les dispositions sur la révocation de l'agréation;
  3° les conséquences de l'agréation pour le vendeur d'un paquet agréé, ainsi que les sanctions en cas d'infractions aux dispositions de ce chapitre et ses arrêtés d'exécution.
Art.36. Met het oog op de toepassing van het in artikel 44 omschreven belastingkrediet en in afwijking van artikel 54 van de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument, is het een verkoper van een erkend pakket " Internet voor iedereen " toegelaten een pakket in de handel te brengen, te verkopen en aan te bieden, bestaande uit de in artikel 35, paragraaf 2, omschreven onderdelen.
Art.36. En vue de l'application du crédit d'impôt défini à l'article 44 et par dérogation à l'article 54 de la loi du 14 juillet 1991 sur les pratiques du commerce et sur l'information et la protection du consommateur, le vendeur d'un paquet " Internet pour tous " agréé est autorisé à commercialiser, vendre et proposer un paquet se composant des éléments repris à l'article 35, paragraphe 2.
Art.37. De Federale Overheidsdienst Informatie- en Communicatietechnologie wordt belast met de uitvoering van en de controle op de naleving van dit hoofdstuk en van zijn uitvoeringsbesluiten.
Art.37. Le Service public fédéral Technologie de l'Information et de la Communication est chargé de l'exécution de et du contrôle sur le respect de ce chapitre et de ses arrêtés d'exécution.
Art.38. Artikel 192 van de wet van 27 december 2005 houdende diverse bepalingen, wordt opgeheven.
Art.38. L'article 192 de la loi du 27 décembre 2005 portant des dispositions diverses, est abrogé.
Art.39. In afwijking van artikel 143, § 1, van de wetten op de Rijkscomptabiliteit, gecoördineerd op 17 juli 1991, wordt aan de minister van Financiën, de minister bevoegd voor Maatschaappelijke Integratie en zijn staatssecretaris, en de minister bevoegd voor de Informatisering van de Staat machtiging verleend om, voor de begrotingsjaren 2009, 2010 en 2011, een overheidsopdracht op te maken om het bij de federale overheidsdiensten en de federale publiekrechtelijke rechtspersonen afgedankte computermateriaal te schenken of te verkopen in het kader van de verwezenlijking van het Nationaal Plan ter bestrijding van de Digitale Kloof.
  De Koning bepaalt de voorwaarden volgens welke het materiaal kan worden geschonken of verkocht.
  In afwijking van de artikelen 3 en 28 van de wetten op de Rijkscomptabiliteit, gecoördineerd op 17 juli 1991, kunnen de door de verkoop van het materiaal ontvangen opbrengsten aangewend worden voor de uitgaven verbonden aan het ophalen, opschonen en verdelen van het computermateriaal.
Art.39. En dérogation à l'article 143, § 1er, des lois sur la comptabilité de l'Etat coordonnées le 17 juillet 1991, le ministre des Finances, le ministre qui a l'Intégration Sociale dans ses attributions et son secrétaire d'Etat, et le ministre qui a l'Informatisation de l'Etat dans ses attributions sont autorisés, pour les années budgétaires 2009, 2010 et 2011, à établir un marché public en vue de donner ou de vendre le matériel informatique déclassé des services publics fédéraux et des personnes morales fédérales de droit public dans le cadre de la réalisation du Plan national de lutte contre la fracture numérique.
  Le Roi établit les conditions auxquelles ce matériel peut être donné ou vendu.
  Par dérogation aux articles 3 et 28 des lois sur la comptabilité de l'Etat, coordonnées le 17 juillet 1991, les recettes issues de la vente de ce matériel, peuvent être affectées aux dépenses liées à l'enlèvement, au nettoyage et à la distribution dudit matériel informatique.
TITEL 4. - Financiën
TITRE 4. - Finances
HOOFDSTUK 1. - Aanmoediging van het privaat computerbezit
CHAPITRE 1er. - Promotion de la propriété privée d'un ordinateur
Afdeling 1. - Privaat computerbezit verbeteren door middel van een PC-Privé
Section 1re. - Améliorer la propriété privée d'un ordinateur au moyen d'un PC privé
Art.40. Artikel 38, § 1, eerste lid, 17°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de programmawet (I) van 24 december 2002, wordt vervangen als volgt :
  " 17° ten belope van maximaal 550 euro per belastbaar tijdperk, de tussenkomsten van de werkgever in de aankoopprijs die door de werknemer wordt betaald voor de aankoop in nieuwe staat van een pc al dan niet met randapparatuur, internetaansluiting en internetabonnement, op voorwaarde dat de bruto belastbare bezoldigingen van die betrokken werknemer 21 600 euro niet overschrijden en zonder dat die werkgever op enig ogenblik zelf eigenaar van de voormelde elementen mag zijn. Wat de aankoop van een pc of randapparatuur betreft, wordt deze vrijstelling slechts een maal per periode van drie belastbare tijdperken toegekend; ".
Art.40. L'article 38, § 1er, alinéa 1er, 17°, du Code des impôts sur les revenus 1992, inséré par la loi-programme (I) du 24 décembre 2002, est remplacé par ce qui suit :
  " 17° à concurrence de 550 euros maximum par période imposable, les interventions de l'employeur dans le prix d'achat payé par le travailleur pour l'achat à l'état neuf d'un pc avec ou sans périphériques, connexion internet et abonnement à l'internet, à condition que les rémunérations brutes imposables de ce travailleur n'excèdent pas 21 600 euros et sans que cet employeur ne puisse à aucun moment être lui-même propriétaire des éléments susmentionnés. En ce qui concerne l'achat d'un pc ou de périphériques, cette exonération n'est octroyée qu'une fois par période de trois périodes imposables; ".
Art.41. In hetzelfde Wetboek wordt een artikel 533 ingevoegd dat luidt als volgt :
  " Art. 533. Artikel 38, § 1, eerste lid, 17°, zoals het bestond alvorens te zijn vervangen bij artikel 40 van de wet van 6 mei 2009 houdende diverse bepalingen, blijft van toepassing op de tussenkomsten van de werkgever in uitvoering van aanbiedingen die zijn gedaan vóór 1 januari 2009. ".
Art.41. Dans le même Code, il est inséré un article 533, rédigé comme suit :
  " Art. 533. L'article 38, § 1er, alinéa 1er, 17°, tel qu'il existait avant d'être remplacé par l'article 40 de la loi du 6 mai 2009 portant des dispositions diverses reste applicable aux interventions de l'employeur en exécution d'offres qui sont faites avant le 1er janvier 2009. ".
Art.42. Deze afdeling heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2009.
Art.42. La présente section produit ses effets le 1er janvier 2009.
Afdeling 2. - Privaat computerbezit verbeteren door middel van een project " Internet voor iedereen II "
Section 2. - Améliorer la propriété privée d'un ordinateur au moyen d'un projet " Internet pour tous II "
Art.43. Met de personenbelasting of, voor de in artikel 227, 1°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, bedoelde belastingplichtigen, met de belasting van niet-inwoners, wordt een belastingkrediet verrekend voor de uitgaven die werkelijk zijn betaald [1 van 1 mei 2009 tot 31 december 2010]1 met het oog op de aankoop van een erkend pakket " Internet voor iedereen " zoals omschreven in artikel 35.
  
Art.43. Il est imputé un crédit d'impôt sur l'impôt des personnes physiques ou, pour les contribuables visés à l'article 227, 1°, du Code des impôts sur les revenus 1992, sur l'impôt des non-résidents, pour les dépenses effectivement payées [1 du 1er mai 2009 au 31 décembre 2010]1 en vue de l'achat d'un paquet agréé " Internet pour tous " visé à l'article 35.
  
Art.44. Het bedrag van het in artikel 43 bedoelde belastingkrediet is gelijk aan 21 pct. van de aankoopwaarde exclusief btw van het erkend basispakket zoals bepaald door de Koning, met een maximum per belastingplichtige van 147,50 euro in het geval van een desktop-pc en 172 euro in het geval van een draagbare pc.
  Dit bedrag wordt volledig verrekend met de personenbelasting of, voor de in artikel 227, 1°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 bedoelde belastingplichtigen, met de belasting van niet-inwoners.
  Het eventuele overschot wordt verrekend met de aanvullende belastingen en het saldo wordt teruggegeven indien het ten minste 2,50 euro bedraagt.
Art.44. Le montant du crédit d'impôt visé à l'article 43 est égal à 21 p.c. du prix d'achat, hors TVA, du paquet [1 de base]1 agréé tel que défini par le Roi avec un maximum par contribuable de 147,50 euros dans le cas d'un ordinateur de bureau et de 172 euros dans le cas d'un ordinateur portable.
  Ce montant est imputé intégralement sur l'impôt des personnes physiques ou, pour les contribuables visés à l'article 227, 1°, du Code des impôts sur les revenus 1992, sur l'impôt des non-résidents.
  L'excédent éventuel est imputé sur les taxes additionnelles et le surplus est restitué pour autant qu'il atteigne 2,50 euros.
  
Art.45. De maatregel is evenwel niet van toepassing voor hetzelfde jaar en voor hetzelfde materiaal :
  - voor uitgaven die geheel of gedeeltelijk in aanmerking worden genomen als werkelijke beroepskosten;
  - wanneer de belastingplichtige de vrijstelling verkrijgt als bedoeld in artikel 38, § 1, eerste lid, 17°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.
Art.45. La mesure n'est toutefois pas applicable, pour la même année et pour le même matériel :
  - aux dépenses qui sont prises en considération, en tout ou en partie, à titre de frais professionnels réels;
  - lorsque le contribuable bénéficie de l'exonération visée à l'article 38, § 1er, alinéa 1er, 17°, du Code des impôts sur les revenus 1992.
Art.46. De belastingplichtige die de verrekening van het belastingkrediet vraagt moet de volgende documenten ter beschikking houden van de Federale Overheidsdienst Financiën :
  - de factuur of het aankoopbewijs dat naast de aankoopprijs eveneens het serienummer van het aangekochte pakket bevat;
  - het attest dat bepaalt dat het voormelde pakket voldoet aan de criteria vermeld in artikel 35;
  - het betalingsbewijs van de som die op de factuur of het aankoopbewijs voorkomt.
Art.46. Le contribuable qui sollicite l'imputation du crédit d'impôt doit tenir à la disposition du Service public fédéral Finances :
  - la facture ou la preuve d'achat reprenant, outre le prix d'achat, le numéro de série du paquet acheté;
  - l'attestation stipulant que ledit paquet est conforme aux critères visés à l'article 35;
  - la preuve du paiement de la somme figurant sur la facture ou la preuve d'achat.
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992
CHAPITRE 2. - Modifications du Code des impôts sur les revenus 1992
Art.47. In artikel 69, § 1, eerste lid, 3°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de wet van 27 december 2004 en gewijzigd bij de wet van 25 april 2007, worden de woorden " voor de beveiliging van de beroepslokalen " vervangen door de woorden " voor de beveiliging van de beroepslokalen en hun inhoud ".
Art.47. Dans l'article 69, § 1er, alinéa 1er, 3°, du Code des impôts sur les revenus 1992, inséré par la loi du 27 décembre 2004 et modifié par la loi du 25 avril 2007, les mots " à la sécurisation des locaux professionnels " sont remplacés par les mots " à la sécurisation des locaux professionnels et de leur contenu ".
Art.48. In artikel 376, § 3, 1° en 2°, van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de wet van 15 maart 1999 en gewijzigd bij de wet van 10 augustus 2001, wordt het woord " drie " vervangen door het woord " vijf ".
Art.48. Dans l'article 376, § 3, 1° et 2°, du même Code, remplacé par la loi du 15 mars 1999 et modifié par la loi du 10 août 2001, le mot " trois " est remplacé par le mot " cinq ".
Art.49. Artikel 47 heeft uitwerking op de vaste activa die zijn verkregen of tot stand gebracht tijdens een belastbaar tijdperk dat is verbonden aan aanslagjaar 2009 of een later aanslagjaar.
Art.49. L'article 47 sort ses effets pour les immobilisations acquises ou constituées pendant une période imposable se rattachant à l'exercice d'imposition 2009 ou à un exercice d'imposition ultérieur.
HOOFDSTUK 3. - Mobiliteit
CHAPITRE 3. - Mobilité
Art.50. In artikel 44ter , § 2, 4°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij de wet van 25 april 2007, worden de woorden " gelijktijdig beantwoorden aan minstens twee van de volgende voorwaarden " vervangen door de woorden " gelijktijdig beantwoorden aan minstens twee van de volgende voorwaarden, met uitzondering van de binnenschepen met een maximum tonnenmaat van 1 500 ton die uitsluitend aan de in a) hierna bedoelde voorwaarde moeten voldoen : ".
Art.50. Dans l'article 44ter , § 2, 4°, du Code des impôts sur les revenus 1992, inséré par la loi du 25 avril 2007, les mots " répondent simultanément à au moins deux des conditions suivantes : " sont remplacés par les mots " répondent simultanément à au moins deux des conditions suivantes, à l'exception des bateaux de navigation intérieure de maximum 1 500 tonnes de capacité qui doivent remplir uniquement la condition visée au a) ci-après : ".
Art.51. Artikel 50 is van toepassing op de meerwaarden gerealiseerd vanaf 1 januari 2009 en voor zover de datum van verwezenlijking ten vroegste betrekking heeft op het belastbaar tijdperk dat verbonden is aan het aanslagjaar 2010.
Art.51. L'article 50 est applicable aux plus-values réalisées à partir du 1er janvier 2009 et pour autant que la date de réalisation se rapporte au plus tôt à la période imposable qui se rattache à l'exercice d'imposition 2010.
TITEL 5. - Werk
TITRE 5. - Emploi
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk
CHAPITRE 1er. - Modification de la loi du 4 août 1996 relative au bien-être des travailleurs lors de l'exécution de leur travail
Art.52. Artikel 30 van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, wordt opgeheven.
Art.52. L'article 30 de la loi du 4 août 1996 relative au bien-être des travailleurs lors de l'exécution de leur travail, est abrogé.
HOOFDSTUK 2. - Moederschapsbescherming
CHAPITRE 2. - Protection de la maternité
Art.53. In artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971, wordt het tweede lid vervangen als volgt :
  " De werkneemster mag geen arbeid verrichten vanaf de zevende dag die de vermoedelijke datum van de bevalling voorafgaat tot het verstrijken van een periode van negen weken die begint te lopen op de dag van de bevalling. De periode van negen weken begint te lopen de dag na de dag van de bevalling wanneer de werkneemster de arbeid nog heeft aangevat op de dag van de bevalling. ".
Art.53. Dans l'article 39 de la loi sur le travail du 16 mars 1971, l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
  " La travailleuse ne peut effectuer aucun travail à partir du septième jour qui précède la date présumée de l'accouchement jusqu'à la fin d'une période de neuf semaines qui prend cours le jour de l'accouchement. La période de neuf semaines commence à courir le jour après le jour de l'accouchement lorsque la travailleuse a entamé le travail le jour de l'accouchement. ".
Art.54. In artikel 114 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994, vervangen bij de programmawet van 9 juli 2004, wordt het tweede lid vervangen als volgt :
  " De nabevallingsrust strekt zich uit over een tijdvak van negen weken te rekenen vanaf de dag van de bevalling. De periode van negen weken begint te lopen de dag na de dag van de bevalling wanneer de werkneemster de arbeid nog heeft aangevat op de dag van de bevalling. Dat tijdvak kan worden verlengd met de periode tijdens welke de gerechtigde is blijven doorwerken of zich verder in gecontroleerde werkloosheid heeft bevonden vanaf de zesde tot en met de tweede week vóór de bevalling en vanaf de achtste tot en met de tweede week ingeval van geboorte van een meerling. De Koning kan bepalen welke tijdvakken, voor het verlengen van de nabevallingsrust, mogen worden gelijkgesteld met een periode tijdens welke de gerechtigde is blijven doorwerken of verder werkloos is gebleven binnen voormeld tijdvak. ".
Art.54. Dans l'article 114 de la loi du 14 juillet 1994 relative à l'assurance obligatoire soins de santé et indemnités coordonnée le 14 juillet 1994, remplacé par la loi-programme du 9 juillet 2004, l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
  " Le repos postnatal s'étend à une période de neuf semaines qui prend cours le jour de l'accouchement. La période de neuf semaines commence à courir le jour après le jour de l'accouchement lorsque la travailleuse a entamé le travail le jour de l'accouchement. Cette période peut être prolongée à concurrence de la période pendant laquelle la titulaire a continué le travail ou le chômage contrôlé de la sixième à la deuxième semaine y incluse précédant l'accouchement et de la huitième à la deuxième semaine y incluse en cas de naissance multiple. Le Roi peut déterminer les périodes qui peuvent être assimilées pour la prolongation du repos postnatal à une période au cours de laquelle la titulaire a continué à travailler ou à chômer pendant la période susvisée. ".
Art.55. De bepalingen van dit hoofdstuk treden in werking op 1 maart 2009 en zijn van toepassing op bevallingen die plaatshebben vanaf deze datum.
Art.55. Les dispositions du présent chapitre entrent en vigueur le 1er mars 2009 et sont d'application aux accouchements qui se produisent à partir de cette date.
HOOFDSTUK 3. - Arbeidsongevallen
CHAPITRE 3. - Accidents du travail
Afdeling 1. - Adoptie
Section 1re. - Adoption
Art.56. In artikel 14 van de arbeidsongevallenwet van 10 april 1971, gewijzigd bij de wet van 29 april 1996, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1 worden de woorden " vóór het overlijden " afgeschaft;
  2° in § 3 worden de woorden " artikel 365 " vervangen door de woorden " artikel 353-15 ";
  3° paragraaf 5 wordt vervangen als volgt :
  " § 5. De bepalingen van dit artikel zijn uitsluitend van toepassing op de gewone adoptie. ".
Art.56. A l'article 14 de la loi du 10 avril 1971 sur les accidents du travail, modifié par la loi du 29 avril 1996, les modifications suivantes sont apportées :
  1° au § 1er, les mots " avant le décès " sont abrogés;
  2° au § 3, les mots " article 365 " sont remplacés par les mots " article 353-15 ";
  3° le paragraphe 5 est remplacé par ce qui suit :
  " § 5. Les dispositions du présent article s'appliquent uniquement à l'adoption simple. ".
Art.57. In artikel 17bis van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 13 juli 2006, wordt het eerste lid vervangen als volgt :
  " Zo de afstamming vastgesteld of de adoptie toegekend wordt na het overlijden van de getroffene en indien deze afstamming of adoptie een invloed heeft op de rechten van andere rechthebbenden, heeft ze pas uitwerking voor de toepassing van deze afdeling vanaf de dag waarop de definitieve beslissing die de afstamming vaststelt of de adoptie toekent, aan de verzekeringsonderneming wordt betekend. ".
Art.57. Dans l'article 17bis de la même loi, inséré par la loi du 13 juillet 2006, l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
  " En cas d'établissement de la filiation ou d'octroi de l'adoption après le décès de la victime et si cette filiation ou adoption a une influence sur les droits des autres ayants droit, celle-ci n'a d'effet pour l'application de la présente section qu'à partir du jour où la décision définitive qui établit la filiation ou accorde l'adoption est notifiée à l'entreprise d'assurances. ".
Afdeling 2. - Telewerk
Section 2. - Télétravail
Art.58. Artikel 7 van de arbeidsongevallenwet van 10 april 1971 wordt aangevuld met een lid luidende :
  " Het ongeval overkomen aan de telewerker wordt, behoudens tegenbewijs, geacht overkomen te zijn tijdens de uitvoering van de arbeidsovereenkomst :
  1° wanneer het ongeval gebeurt op de plaats of de plaatsen die deze laatste schriftelijk heeft gekozen als de plaats om zijn werk te verrichten;
  2° wanneer het ongeval gebeurt tijdens de periode van de dag die schriftelijk voorzien werd als de periode waarin arbeid kan verricht worden. Bij ontstentenis van dergelijke vermelding in de schriftelijke overeenkomst zal het vermoeden van toepassing zijn tijdens de werkuren die de telewerker zou moeten presteren indien hij in de lokalen van de werkgever zou tewerkgesteld zijn. ".
Art.58. L'article 7 de la loi du 10 avril 1971 sur les accidents du travail, est complété par un alinéa rédigé comme suit :
  " L'accident qui survient au télétravailleur est présumé, jusqu'à preuve du contraire, survenu pendant l'exécution du contrat de travail :
  1° s'il se produit sur le ou les lieux que ce dernier a choisi par écrit comme lieu d'exécution de son travail;
  2° s'il se produit durant la période de la journée prévue par écrit comme période pendant laquelle le travail peut s'effectuer. · défaut d'une telle mention dans la convention écrite, la présomption s'appliquera pendant les heures de travail que le télétravailleur devrait prester s'il était occupé dans les locaux de l'employeur. ".
HOOFDSTUK 4. - Alcolhol- en drugbeleid in de onderneming
CHAPITRE 4. - Politique en matière d'alcool et de drogues dans l'entreprise
Art.59. Artikel 14 van de wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen, gewijzigd bij de wetten van 12 augustus 2000, 11 juni 2002, 27 december 2006 en 3 juni 2007, wordt aangevuld als volgt :
  " v) de door de werkgever, in het kader van de collectieve arbeidsovereenkomst gesloten in de Nationale Arbeidsraad betreffende het voeren van een preventief alcohol en drugbeleid in de onderneming, vastgestelde uitgangspunten en doelstellingen van het alcohol- en drugbeleid in de onderneming en de beleids- of intentieverklaring voor het beleid. ".
Art.59. L'article 14 de la loi du 8 avril 1965 instituant les règlements de travail, modifié par les lois des 12 août 2000, 11 juin 2002, 27 décembre 2006 et 3 juin 2007, est complété comme suit :
  " v) les points de départ et les objectifs de la politique en matière d'alcool et de drogues dans l'entreprise ainsi que la déclaration de politique ou d'intention relative à cette même politique, établis par l'employeur, dans le cadre d'une convention collective de travail conclue au sein du Conseil national du travail concernant la mise en oeuvre d'une politique préventive en matière d'alcool et de drogues dans l'entreprise. ".
HOOFDSTUK 5. - Uitbreiding van het toepassingsgebied van het Ervaringsfonds
CHAPITRE 5. - Elargissement du champ d'application du Fonds de l'expérience professionnelle
Art.60. In artikel 27 van de wet van 5 september 2001 ter verbetering van de werkgelegenheidsgraad van de werknemers, gewijzigd bij de wet van 27 december 2004, wordt tussen het eerste en het tweede lid, een lid ingevoegd, luidende :
  " Met werknemers worden voor de toepassing van dit artikel gelijkgesteld, de in het kader van een herstructurering zoals bedoeld in artikel 33 van de wet van 23 december 2005 betreffende het generatiepact, ontslagen werknemers die zich hebben ingeschreven bij een tewerkstellingscel. ".
Art.60. Dans l'article 27 de la loi du 5 septembre 2001 visant à améliorer le taux d'emploi des travailleurs, modifié par la loi du 27 décembre 2004, un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 1er et 2 :
  " Sont assimilés aux travailleurs pour l'application de cet article, les travailleurs licenciés dans le cadre d'une restructuration au sens de l'article 33 de la loi du 23 décembre 2005 relative au pacte de solidarité entre les générations, qui se sont inscrits dans une cellule de reconversion. ".
TITEL 6. - Sociale Zaken
TITRE 6. - Affaires sociales
HOOFDSTUK 1. - Rijksdienst voor sociale zekerheid
CHAPITRE 1er. - Office national de sécurité sociale
Afdeling 1 - Vergoedingen voor vrijwilligerswerk
Section 1re. - Indemnités perçues dans le cadre du volontariat
Art.61. Artikel 6, § 3, van de wet van 3 juli 2005 betreffende de rechten van vrijwilligers, wordt aangevuld met de woorden " evenals de minimumgarantievoorwaarden wanneer hij de verzekeringscontracten voorzien in § 1 uitbreidt krachtens § 2. ".
Art.61. L'article 6, § 3, de la loi du 3 juillet 2005 relative aux droits des volontaires, est complété par les mots " ainsi que les conditions minimales de garantie lorsqu'il étend les contrats d'assurance prévu au § 1er en vertu du § 2. ".
Art.62. Artikel 10 van de wet van 3 juli 2005 betreffende de rechten van vrijwilligers, gewijzigd bij de wetten van 27 december 2005 en 19 juli 2006, wordt aangevuld als volgt :
  " De forfaitaire en reële kostenvergoedingen mogen in hoofde van de vrijwilliger niet gecombineerd worden.
  Een combinatie van de forfaitaire kostenvergoeding met een terugbetaling van de reële vervoerskosten is echter mogelijk voor maximaal 2000 kilometer per jaar per vrijwilliger.
  Wat betreft het gebruik van de eigen wagen, worden de reële vervoerskosten vastgesteld overeenkomstig artikel 13 van het koninklijk besluit van 18 januari 1965 houdende de algemene regeling inzake reiskosten. De reële vervoerskosten door het gebruik van de eigen fiets, worden vastgesteld overeenkomstig artikel 6 van het koninklijk besluit van 20 april 1999 houdende toekenning van een vergoeding voor het gebruik van de fiets aan de personeelsleden van sommige overheidsdiensten. Het totaal uitgekeerd jaarlijks bedrag ter vergoeding van het gebruik van openbaar vervoer, de eigen wagen of fiets mag maximaal 2000 maal de kilometervergoeding bedoeld in artikel 13 van het koninklijk besluit van 18 januari 1965 houdende algemene regeling inzake reiskosten bedragen. ".
Art.62. L'article 10 de la loi du 3 juillet 2005 relative aux droits des volontaires, modifié par les lois des 27 décembre 2005 et 19 juillet 2006, est complété comme suit :
  " Dans le chef du volontaire, il est interdit de combiner l'indemnisation forfaitaire et celle des frais réels.
  Il est toutefois possible de combiner l'indemnité forfaitaire et le remboursement des frais réels de déplacement pour maximum 2000 kilomètres par an par volontaire.
  En ce qui concerne l'utilisation d'une voiture personnelle, ces frais réels de déplacement sont fixés conformément aux dispositions de l'article 13 de l'arrêté royal du 18 janvier 1965 portant réglementation générale en matière de frais de parcours. Les frais réels de déplacement liés à l'utilisation d'une bicyclette personnelle, sont fixés conformément aux dispositions de l'article 6 de l'arrêté royal du 20 avril 1999 accordant une indemnité pour l'utilisation de la bicyclette aux membres du personnel de certains services publics. Le montant maximum qui peut être alloué annuellement par volontaire pour l'utilisation du transport en commun, la voiture ou bicyclette personnelle, ne peut dépasser 2000 fois l'indemnité kilométrique fixé à l'article 13 de l'arrêté royal du 18 janvier 1965 portant réglementation générale en matière de frais de parcours. ".
Afdeling 2 - Baggervaartsector
Section 2. - Secteur du dragage
Art.63. In artikel 37ter van de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers, Nederlandse versie, gewijzigd bij de wet van 20 juli 2005, worden de woorden " werkzaamheden op zee " vervangen door de woorden " vervoer op zee ".
Art.63. Dans l'article 37ter de la loi du 29 juin 1981 établissant les principes généraux de la sécurité sociale des travailleurs salariés, version néerlandaise, modifié par la loi du 20 juillet 2005, les mots " werkzaamheden op zee " sont remplacés par les mots " vervoer op zee ".
Art.64. Artikel 63 heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2005.
Art.64. L'article 63 produit ses effets le 1er juillet 2005.
Afdeling 3 - Wetenschappelijk onderzoek
Section 3. - Recherche Scientifique
Art.65. Artikel 185, § 1, van de wet van 29 april 1996 houdende sociale bepalingen, gewijzigd bij de wet van 24 december 1999, wordt aangevuld met een lid, luidende :
  " Geen rekening wordt gehouden met de loonmatigingsbijdrage bedoeld in artikel 38, § 3bis , eerste lid, van dezelfde wet, die niet werd berekend op de werkgeversbijdragen bedoeld in voornoemd artikel 38, § 3, 1° tot 8°, en § 3bis , eerste en tweede lid, van dezelfde wet. ".
Art.65. L'article 185, § 1er, de la loi du 29 avril 1996 portant des dispositions sociales, modifié par la loi du 24 décembre 1999, est complété par un alinéa rédigé comme suit :
  " Il n'est pas tenu compte de la cotisation de modération salariale visée à l'article 38, § 3bis , alinéa 1er, de la même loi, qui n'aurait pas été calculée sur la base des cotisations patronales visées à l'article 38 précité, § 3, 1° à 8°, et § 3bis , alinéas 1er et 2, de cette même loi. ".
Art.66. Deze afdeling treedt in werking op 1 januari 2009.
Art.66. La présente section entre en vigueur le 1er janvier 2009.
Afdeling 4 - Fonds tot vergoeding van de in geval van sluiting van ondernemingen ontslagen werknemers
Section 4. - Fonds d'indemnisation des travailleurs licenciés en cas de fermeture d'entreprises
Art.67. In artikel 58, § 3, van de wet van 26 juni 2002 betreffende de sluiting van de ondernemingen, vervangen door de wet van 11 juli 2006, wordt de zin " Voor de toepassing van artikel 33 moet de betaling van de bijdragen maar gebeuren vanaf het trimester volgend op de periode van vier trimesters in de loop waarvan de onderneming tenminste gemiddeld tien werknemers tewerkstelde. " opgeheven.
Art.67. Dans l'article 58, § 3, de la loi du 26 juin 2002 relative aux fermetures d'entreprises, remplacé par la loi du 11 juillet 2006, la phrase " Pour l'application de l'article 33, le paiement des cotisations ne s'effectue qu'à partir du trimestre qui suit la période de quatre trimestres au cours de laquelle l'entreprise occupait en moyenne au moins dix travailleurs. " est abrogée.
Art.68. Deze afdeling treedt in werking op 1 januari 2009.
Art.68. La présente section produit ses effets le 1er janvier 2009.
Afdeling 5 - Verjaring
Section 5. - Prescription
Art.69. In artikel 75 van de programmawet van 22 december 2008, worden volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de woorden " artikel 42, eerste en derde lid " worden vervangen door de woorden " artikel 42, eerste en tweede lid ";
  2° de woorden " datum van inwerkingtreding van artikel 71 " worden vervangen door de woorden " datum van inwerkingtreding van artikel 74 ".
Art.69. Dans l'article 75 de la loi-programme du 22 décembre 2008, sont apportées les modifications suivantes :
  1° les mots " article 42, alinéas 1er et 3 " sont remplacés par les mots " article 42, alinéas 1er et 2 ";
  2° les mots " date d'entrée en vigueur de l'article 71 " sont remplacés par les mots " date d'entrée en vigueur de l'article 74 ".
Art.70. Afdeling 5 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2009.
Art.70. La section 5 produit ses effets le 1er janvier 2009.
HOOFDSTUK 2. - RSZPPO - Politiehervorming en toepassing van de sancties wegens laattijdige indiening van de sociale zekerheidsaangifte, onvolledige of onjuiste sociale zekerheidsaangifte
CHAPITRE 2. - ONSSAPL - Réforme des polices et application des sanctions en cas d'introduction tardive de la déclaration de sécurité sociale, de déclaration incomplète ou inexacte
Art.71. Artikel 3 van de wet van 1 augustus 1985 houdende sociale bepalingen, gewijzigd door de wet van 24 februari 2003, wordt als volgt aangevuld :
  " Wanneer de aangifte voor de lokale politiezones gebeurt door de Centrale Dienst voor vaste uitgaven (CDVU) in toepassing van artikel 140ter van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, worden de sancties wegens laattijdige aangifte ten laste gelegd van de CDVU.
  Indien de CDVU, op basis van de in de jaarkalender weerhouden afsluitings- en betalingsdata, het bewijs levert dat die Dienst geen verantwoordelijkheid draagt bij de laattijdige indiening van de aangifte, zal de RSZPPO de sancties wegens laattijdige aangifte ten laste leggen van het Secretariaat van de Geïntegreerde Politie (SSGPI).
  Indien het SSGPI, op zijn beurt, op basis van de in de jaarkalender weerhouden afsluitings- en betalingsdata, het bewijs levert dat dat Secretariaat geen verantwoordelijkheid bij de laattijdige indiening van de aangifte, zal de RSZPPO de sancties wegens laattijdige aangifte rechtstreeks recupereren bij de betrokken politiezone. Het SSGPI vat alle gegevens, ontvangen vóór de tiende kalenderdag van elke maand, voor de volgende sluitingsdatum.
  De jaarkalender met afsluitings- en betalingsdata wordt in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd.
  De Koning kan de toepassingsmodaliteiten van deze bepalingen vastleggen. ".
Art.71. L'article 3 de la loi du 1er août 1985 portant des dispositions sociales, modifié par la loi du 24 février 2003, est complété comme suit :
  " Lorsque les déclarations pour les zones de police locale sont faites par le Service central des dépenses fixes (SCDF) en application de l'article 140ter de la loi du 7 décembre 1998 organisant un service de police intégré, structuré à deux niveaux, les sanctions pour rentrée tardive de la déclaration sont imputées au SCDF.
  Lorsque le SCDF apporte, sur base des dates de clôture et paiement reprises dans le calendrier annuel, la preuve que ce Service n'endosse aucune responsabilité dans cette introduction tardive de la déclaration, l'ONSSAPL imputera les sanctions pour rentrée tardive de la déclaration auprès du Secrétariat de la Police Intégrée (SSGPI).
  Lorsque le SSGPI apporte, à son tour, sur base des dates de clôture et paiement reprises dans le calendrier annuel, la preuve que ce Secrétariat n'endosse aucune responsabilité dans l'introduction tardive de la déclaration, l'ONSSAPL imputera les sanctions pour rentrée tardive de la déclaration auprès de la zone de police concernée. Le SSGPI introduit toutes les données, reçues avant le dixième jour calendrier de chaque mois, avant la date de clôture suivante.
  Le calendrier annuel des dates de clôture et paiement est publié au Moniteur belge.
  Le Roi peut fixer les modalités d'application des ces dispositions. ".
HOOFDSTUK 3. - Rijksdienst voor ziekte- en invaliditeitsverzekering Collectieve schuldenregeling
CHAPITRE 3. - Institut national d'assurance maladie-invalidité Règlement collectif des dettes
Art.72. In artikel 31bis , § 2, eerste lid, van de wet van 29 juni 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werkemers, ingevoegd bij de wet van 13 december 2005, worden de woorden " 1 januari 2007 : " vervangen door de woorden " 1 juli 2010 : ".
Art.72. Dans l'article 31bis , § 2, premier alinéa, de la loi du 29 juin 1981 établissant les principes généraux de la sécurité sociale des travailleurs salariés, inséré par la loi du 13 décembre 2005, les mots " 1er janvier 2007 : " sont remplacés par les mots " 1er juillet 2010 : ".
HOOFDSTUK 4. - Bestuursovereenkomsten
CHAPITRE 4. - Les contrats d'administration
Art.73. Artikel 8 van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, gewijzigd bij de wet van 9 juli 2004, wordt aangevuld met een paragraaf 5, luidende :
  " § 5. In afwijking van § 1 wordt de tweede bestuursovereenkomst gesloten voor een duur van vier jaar.
  Over de tweede bestuursovereenkomst wordt door de voogdijminister verslag uitgebracht aan de Ministerraad gedurende de negenendertigste maand na de inwerkingtreding ervan.
  In afwijking van § 1 eindigt de eerste tussen de Belgische Staat en de Dienst voor de Overzeese Sociale Zekerheid gesloten bestuursovereenkomst, van rechtswege verlengd, op dezelfde datum als de tweede in eerste lid bedoelde bestuursovereenkomst en maakt ze het voorwerp uit van het in tweede lid bedoelde verslag tegelijkertijd met deze tweede overeenkomst.
  Ten gevolge van de bespreking van het verslag kan de Ministerraad de voogdijminister opdragen, om, in afwijking van § 2, eerste lid, de onderhandelingen van een nieuwe bestuursovereenkomst onmiddellijk aan te vatten. ".
Art.73. L'article 8 de l'arrêté royal du 3 avril 1997 portant des mesures en vue de la responsabilisation des institutions publiques de sécurité sociale, en application de l'article 47 de la loi du 26 juillet 1996 portant modernisation de la sécurité sociale et assurant la viabilité des régimes légaux des pensions, modifié par la loi du 9 juillet 2004, est complété par un paragraphe 5, rédigé comme suit :
  " § 5. Par dérogation au § 1er, le second contrat d'administration est conclu pour une durée de quatre ans.
  Le second contrat d'administration fait l'objet d'un rapport par le ministre de tutelle au Conseil des ministres, dans le courant du trente-neuvième mois après son entrée en vigueur.
  Par dérogation au § 1er, le premier contrat d'administration conclu entre l'Etat belge et l'Office de Sécurité sociale d'Outre-Mer, prorogé de plein droit, prend fin à la même date que le second contrat d'administration visé à l'alinéa 1er et fait l'objet du rapport visé à l'alinéa 2 en même temps que ce second contrat.
  Suite à la discussion du rapport, le Conseil des ministres peut charger le ministre de tutelle d'entamer immédiatement, par dérogation au § 2, alinéa 1er, les négociations en vue d'un nouveau contrat d'administration. ".
TITEL 7. - Volksgezondheid
TITRE 7. - Santé publique
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van de programmawet (I) van 24 december 2002
CHAPITRE 1er. - Modification de la loi-programme (I) du 24 décembre 2002
Art.74. In artikel 261, 2°, van de programmawet (I) van 24 december 2002 worden de woorden " geneesheren, tandheelkundigen, apothekers, kinesitherapeuten, verpleegkundigen, de beoefenaars van een paramedisch beroep zoals bedoeld in artikel 22 van " vervangen door de woorden " de gezondheidszorgberoepen zoals bedoeld in ".
Art.74. Dans l'article 261, 2°, de la loi-programme (I) du 24 décembre 2002, les mots " les médecins, les dentistes, les pharmaciens, les kinésithérapeutes, les infirmiers, les praticiens d'une profession paramédicale au sens de l'article 22 de " sont remplacés par les mots " les professions des soins de santé visées par ".
Art.75. In artikel 270, § 1, van dezelfde programmawet, gewijzigd bij de wetten van 23 december 2005 en 13 december 2006, worden volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in lid 1 worden de woorden " negentien leden " vervangen door de woorden " eenentwintig leden ";
  2° lid 1 wordt aangevuld met de bepaling onder 12°, luidende :
  " 12° twee leden voorgedragen door de representatieve beroepsorganisaties van verpleegkundigen ";
  3° in lid 4, worden de woorden " en 10° " vervangen door de woorden " , 10° en 12° ";
  4° in lid 5, worden de woorden " en 10° " vervangen door de woorden " , 10° en 12° ";
  5° in lid 8, worden de woorden " en 9° " vervangen door de woorden " , 9° en 12° ".
Art.75. A l'article 270, § 1er, de la même loi-programme, modifié par les lois des 23 décembre 2005 et 13 décembre 2006, sont apportées les modifications suivantes :
  1° à l'alinéa 1er, les mots " dix neuf membres " sont remplacés par les mots " vingt et un membres ";
  2° l'alinéa 1er est complété par le 12°, rédigé comme suit :
  " 12° deux membres proposés par les organisations professionnelles représentatives des infirmiers ";
  3° à l'alinéa 4, les mots " et 10° " sont remplacés par les mots " , 10° et 12° ";
  4° à l'alinéa 5, les mots " et 10° " sont remplacés par les mots " , 10° et 12° ";
  5° à l'alinéa 8, les mots " et 9° " sont remplacés par les mots " , 9° et 12° ".
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de wet van 21 april 2007 tot aanwijzing van de vertegenwoordigers van de thuisverpleegkundigen in de overeenkomstencommissie verpleegkundigen-verzekeringsinstellingen
CHAPITRE 2. - Modification de la loi du 21 avril 2007 désignant les représentants des infirmiers à domicile à la commission de conventions infirmiers-organismes assureurs
Art.76. In artikel 4 van de wet van 21 april 2007 tot aanwijzing van de vertegenwoordigers van de thuisverpleegkundigen in de overeenkomstencommissie verpleegkundigen-verzekeringsinstellingen, gewijzigd bij de wet van 24 juli 2008, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 2, vijfde streepje, worden de woorden " geïnd te zijn tijdens " vervangen door de woorden " betrekking te hebben op ";
  2° in paragrafen 3, 4 en 5, vijfde lid, worden de woorden " minister bevoegd voor Sociale Zaken " vervangen door de woorden " leidend ambtenaar van de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering ";
  3° in paragraaf 5, eerste lid, worden de woorden " , op de administratieve zetel van de beroepsvereniging die als representatief wil erkend worden, " opgeheven;
  4° in paragraaf 5, derde lid, worden de woorden " in het jaar " vervangen door de woorden " met betrekking tot het jaar ".
Art.76. A l'article 4 de la loi du 21 avril 2007 désignant les représentants des infirmiers à domicile à la Commission de conventions infirmiers-organismes assureurs, modifié par la loi du 24 juillet 2008, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 2, cinquième tiret, les mots " avoir été perçue durant " sont remplacés par les mots " se rapporter à ";
  2° dans les paragraphes 3, 4 et 5, alinéa 5, les mots " ministre ayant les Affaires sociales dans ses attributions " sont remplacés par les mots " fonctionnaire dirigeant du Service des soins de santé de l'Institut national d'assurance maladie-invalidité ";
  3° dans le paragraphe 5, alinéa 1er, les mots " , au siège administratif de l'association professionnelle qui souhaite être reconnue comme représentative, " sont abrogés;
  4° dans le paragraphe 5, alinéa 3, le mot " durant " est remplacé par les mots " se rapportant à ".
Art.77. Artikel 76 treedt in werking op dezelfde dag als de wet van 21 april 2007 tot aanwijzing van de vertegenwoordigers van de thuisverpleegkundigen in de overeenkomstencommissie verpleegkundigen-verzekeringsinstellingen.
Art.77. L'article 76 entre en vigueur le même jour que la loi du 21 avril 2007 désignant les représentants des infirmiers à domicile à la Commission de conventions infirmiers-organismes assureurs.
HOOFDSTUK 3. - Wijziging van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productiestimulerende werking
CHAPITRE 3. - Modification de la loi du 15 juillet 1985 relative à l'utilisation de substances à effet hormonal, à effet anti-hormonal, à effet bêta-adrénergique ou à effet stimulateur de production chez les animaux
Art.78. Artikel 2 van de wet van 15 juli 1985 betreffende het gebruik bij dieren van stoffen met hormonale, anti-hormonale, beta-adrenergische of productie-stimulerende werking, gewijzigd bij de wetten van 17 maart 1997 en 9 juli 2004, wordt aangevuld met een punt 6°, luidende :
  " 6° monster : staal genomen op het dier of op om het even welke stof of materiaal ".
Art.78. L'article 2 de la loi du 15 juillet 1985 relative à l'utilisation de substances à effet hormonal, à effet anti-hormonal, à effet bêta-adrénergique ou à effet stimulateur de production chez les animaux, modifié par les lois du 17 mars 1997 et du 9 juillet 2004, est complété par un 6°, rédigé comme suit :
  " 6° échantillon : prélèvement opéré sur l'animal ou sur toute substance ou matériel ".
Art.79. In artikel 8, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 17 maart 1997 en het koninklijk besluit van 22 februari 2001, worden volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het derde lid wordt vervangen als volgt :
  " Indien tenminste één uitslag van het onderzoek van de genomen monsters of, in voorkomend geval, van het tegenonderzoek, positief is, worden alle voorlopig in beslag genomen dieren onder permanente controle geplaatst door de in artikel 6 bedoelde personen op het bedrijf van de betrokkene en op diens kosten. Er moeten bijkomende monsters worden genomen door de in artikel 6 bedoelde personen met het oog op de opsporing van niet toegelaten stoffen bedoeld in de artikelen 3 en 4 van deze wet. ".
  2° in het vijfde lid, worden de woorden " voor de dieren behandeld in overtreding met de bepalingen van deze wet of van de uitvoeringsbesluiten ervan " opgeheven.
Art.79. Dans l'article 8 de la même loi, modifié par la loi du 17 mars 1997 et l'arrêté royal du 22 février 2001, les modifications sont apportées :
  1° l'alinéa 3 est remplacé par ce qui suit :
  " Si au moins un résultat de l'analyse des échantillons prélevés ou, le cas échéant, de la contre-analyse, est positif, tous les animaux faisant l'objet de la saisie provisoire sont placés sous contrôle permanent par les personnes visées à l'article 6 à l'exploitation de l'intéressé et aux frais de celui-ci. Des échantillons complémentaires devront être pris par les personnes visées à l'article 6 en vue de la recherche de substances non autorisées visées par les articles 3 et 4 de la présente loi ".
  2° dans l'alinéa 5, les mots " , pour les animaux traités en infraction aux dispositions de la présente loi ou de ses arrêtés d'exécution " sont abrogés.
HOOFDSTUK 4. - Wijziging van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren
CHAPITRE 4. - Modification de la loi du 14 août 1986 relative à la protection et au bien-être des animaux
Art.80. In artikel 3bis , § 2, 3°, tweede lid, van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren, worden de woorden " Hij bepaalt tevens het tarief en de regels voor de betaling van de retributie voor het aanvragen van de erkenning bedoeld in b). " ingevoegd tussen de woorden " voor de toepassing van het bepaalde in a) en b). " en de woorden " Hij kan bovendien bijzondere voorwaarden ".
Art.80. Dans l'article 3bis , § 2, 3°, alinéa 2, de la loi du 14 août 1986 relative à la protection et au bien-être des animaux, les mots " Il fixe également le tarif et les règles pour le payement de la redevance pour la demande de l'agrément mentionné au b). " sont insérés entre les mots " pour l'application du a) et du b). " et les mots " Il peut en outre fixer des conditions particulières ".
Art.81. Artikel 34, § 2, van dezelfde wet, wordt aangevuld met een lid, luidende :
  " Ze kunnen assistentie vorderen van de politie voor de opdrachten waarbij er een risico kan geïdentificeerd worden voor de veiligheid van de personen. ".
Art.81. L'article 34, § 2, de la même loi, est complété par un alinéa rédigé comme suit :
  " Ils peuvent requérir l'assistance des forces de police pour des missions où un risque pour la sécurité des personnes peut être identifié. ".
Art.82. In artikel 41 van dezelfde wet, worden de woorden " een geldboete van één frank tot vijfentwintig frank " vervangen door de woorden " een geldboete van 26 euro tot 250 euro ".
Art.82. Dans l'article 41 de la même loi, les mots " d'une amende d'un franc à vingt-cinq francs " sont remplacés par les mots " d'une amende de 26 euros à 250 euros ".
TITEL 8. - Pensioenen
TITRE 8. - Pensions
HOOFDSTUK 1. - Aanvullende pensioenen
CHAPITRE 1er. - Pensions complémentaires
Art.83. Artikel 14 van de wet van 27 oktober 2006 betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening, wordt vervangen als volgt :
  " Art.14. § 1. Met uitzondering van de bijdragende ondernemingen die uitsluitend betrokken zijn bij de activiteiten bedoeld in artikel 55, eerste lid, 2°, dient elke bijdragende onderneming lid te zijn van het organisme voor de financiering van pensioenen zolang dat belast is met het beheer van haar pensioenregeling(en).
  § 2. Kunnen lid zijn van het organisme voor de financiering van pensioenen :
  1° de bijdragende onderneming(en);
  2° de aangeslotenen of de begunstigden, of hun vertegenwoordigers;
  3° andere vennootschappen verbonden of geassocieerd aan één van deze bedoeld onder punt 1°, in de zin van de artikelen 11 of 12 uit het Wetboek der vennootschappen van 7 mei 1999.
  De in het eerste lid, 1° en 2°, bedoelde leden moeten samen minstens twee derde van de stemrechten in de algemene vergadering bezitten.
  § 3. De algemene vergadering is samengesteld uit alle leden van het organisme voor de financiering van pensioenen.
  De statuten kunnen de leden onderverdelen in gewone leden en buitengewone leden.
  Elk gewoon lid heeft minstens één stem.
  De buitengewone leden hebben geen stem tenzij de statuten daar anders over beslissen.
  § 4. Het organisme voor de financiering van pensioenen telt minstens één gewoon lid.
  De statuten voorzien in een procedure opdat het organisme voor de financiering van pensioenen niet langer dan zes maanden zonder gewoon lid zou kunnen werken.
  Onverminderd de bepalingen van afdeling V kunnen de buitengewone leden of, bij ontstentenis daarvan, de raad van bestuur beslissen tot de ontbinding van het organisme voor de financiering van pensioenen, indien dat, na afloop van de in het tweede lid bedoelde termijn, geen enkel gewoon lid telt. Als geen akkoord wordt bereikt tussen de buitengewone leden of binnen de raad van bestuur, kan elk buitengewoon lid en elk lid van de raad van bestuur de ontbinding van het organisme eisen. ".
Art.83. L'article 14 de la loi du 27 octobre 2006 relative au contrôle des institutions de retraite professionnelle, est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 14. § 1er. A l'exception des entreprises d'affiliation concernées uniquement par les activités visées à l'article 55, alinéa 1er, 2°, chaque entreprise d'affiliation doit être membre de l'organisme de financement de pensions aussi longtemps que celui-ci est chargé de la gestion de son ou de ses régimes de retraite.
  § 2. Peuvent être membres de l'organisme de financement de pensions :
  1° la ou les entreprises d'affiliation;
  2° les affiliés ou les bénéficiaires, ou leurs représentants;
  3° d'autres sociétés liées ou associées à l'une de celles visées au 1°, au sens des articles 11 ou 12 du Code des sociétés du 7 mai 1999.
  Les membres visés à l'alinéa 1er, 1° et 2°, doivent posséder ensemble au moins les deux tiers des droits de vote à l'assemblée générale.
  § 3. L'assemblée générale se compose de tous les membres de l'organisme de financement de pensions.
  Les statuts peuvent répartir les membres en membres ordinaires et membres extraordinaires.
  Chaque membre ordinaire dispose d'au moins une voix.
  Les membres extraordinaires n'ont pas de voix à moins que les statuts en décident autrement.
  § 4. L'organisme de financement de pensions compte au moins un membre ordinaire.
  Les statuts prévoient une procédure afin que l'organisme de financement de pensions ne puisse fonctionner sans membre ordinaire pendant plus de six mois.
  Sans préjudice des dispositions de la section V, si, au terme du délai visé à l'alinéa 2, l'organisme de financement de pensions ne comporte pas de membre ordinaire, les membres extraordinaires ou, à défaut, le conseil d'administration, peuvent décider la dissolution de l'organisme de financement de pensions. A défaut d'accord entre les membres extraordinaires ou au sein du conseil d'administration, chaque membre extraordinaire et chaque membre du conseil d'administration peut requérir la dissolution de l'organisme. ".
Art.84. In artikel 15 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid worden de woorden " een vaste vertegenwoordiger " vervangen door de woorden " minstens één vaste vertegenwoordiger ";
  2° in het tweede lid worden de woorden " Deze vertegenwoordiger " vervangen door de woorden " Elke vertegenwoordiger " en de woorden " zijn vertegenwoordiger " door de woorden " een vertegenwoordiger ".
Art.84. A l'article 15 de la même loi sont apportées les modifications suivantes :
  1° dans l'alinéa 1er, les mots " un représentant permanent " sont remplacés par " au moins un représentant permanent ";
  2° dans l'alinéa 2, les mots " Ce représentant " sont remplacés par les mots " Chaque représentant " et les mots " son représentant " sont remplacés par " un représentant ".
Art.85. In artikel 21 van dezelfde wet worden de woorden " en die over een vertegenwoordigingsbevoegdheid ten aanzien van derden beschikken " geschrapt.
Art.85. Dans l'article 21 de la même loi les mots " et qui disposent d'une compétence de représentation vis-à-vis des tiers " sont supprimés.
Art.86. Artikel 23 van dezelfde wet, wordt vervangen als volgt :
  " Art. 23. Wanneer een rechtspersoon aangewezen wordt tot lid van een operationeel orgaan van een organisme voor de financiering van pensioenen, duidt deze onder zijn vennoten, zaakvoerders, bestuurders, leden van het directiecomité of werknemers een vaste vertegenwoordiger aan die belast wordt met de uitvoering van die opdracht in naam en voor rekening van de rechtspersoon.
  Deze vertegenwoordiger moet aan dezelfde voorwaarden voldoen en is burgerrechtelijk aansprakelijk en strafrechtelijk verantwoordelijk alsof hij zelf de betrokken opdracht in eigen naam en voor eigen rekening zou volbracht hebben, onverminderd de hoofdelijke aansprakelijkheid van de rechtspersoon die hij vertegenwoordigt. Deze laatste mag zijn vertegenwoordiger niet ontslaan zonder tegelijk een opvolger te benoemen. ".
Art.86. L'article 23 de la même loi, est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 23. Lorsqu'une personne morale est nommée membre d'un organe opérationnel d'un organisme de financement de pensions, elle est tenue de désigner parmi ses associés, gérants, administrateurs, membres du comité de direction ou travailleurs un représentant permanent chargé de l'exécution de cette mission au nom et pour compte de la personne morale.
  Ce représentant est soumis aux mêmes conditions et encourt les mêmes responsabilités civiles et pénales que s'il exerçait cette mission en nom et pour compte propres, sans préjudice de la responsabilité solidaire de la personne morale qu'il représente. Celle-ci ne peut révoquer son représentant qu'en désignant simultanément son successeur. ".
Art.87. Artikel 29 van dezelfde wet wordt aangevuld met een lid, luidende :
  " De bijdragende ondernemingen en de aangeslotenen of hun vertegenwoordigers moeten de meerderheid uitmaken in de raad van bestuur van het organisme voor de financiering van pensioenen. ".
Art.87. L'article 29 de la même loi est complété par un alinéa rédigé comme suit :
  " Les entreprises d'affiliation et les affiliés ou leurs représentants doivent constituer la majorité du conseil d'administration de l'organisme de financement de pensions. ".
Art.88. In artikel 36 van dezelfde wet, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid, 5°, worden de woorden " artikel 14, § 1, tweede lid " vervangen door de woorden " artikel 14, § 4, tweede lid ";
  2° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende :
  " In het in het eerste lid, 5°, bedoelde geval kan het verzoek ook worden ingediend door een buitengewoon lid of een lid van de raad van bestuur van het organisme voor de financiering van pensioenen op de voorwaarden bepaald in artikel 14, § 4, derde lid. ".
Art.88. A l'article 36 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa 1er, 5°, les mots " l'article 14, § 1er, alinéa 2 " sont remplacés par les mots " l'article 14, § 4, alinéa 2 ";
  2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
  " Dans le cas visé à l'alinéa 1er, 5°, la requête peut également être introduite par un membre extraordinaire ou un membre du conseil d'administration de l'organisme de financement de pensions dans les conditions visées à l'article 14, § 4, alinéa 3. ".
Art.89. In artikel 49, tweede lid, 2°, van dezelfde wet, worden de woorden " de leden van de operationele organen " vervangen door de woorden " de bestuurders ".
Art.89. Dans l'article 49, alinéa 2, 2°, de la même loi, les mots " des membres des organes opérationnels " sont remplacés par les mots " des administrateurs ".
Art.90. Artikel 59 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
  " Art. 59. De CBFA stelt de lijst op van de toegelaten instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening. Zij vermeldt voor welk van beide activiteiten bedoeld in artikel 55, eerste lid, de instelling is toegelaten, evenals, in voorkomend geval, de andere lidstaten dan België waarin de instelling een grensoverschrijdende activiteit uitoefent. Deze lijst en alle daarin aangebrachte wijzigingen worden op haar website bekendgemaakt. ".
Art.90. L'article 59 de la même loi est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 59. La CBFA établit la liste des institutions de retraite professionnelle agréées. La liste indique pour laquelle des deux activités visées à l'article 55, alinéa 1er, l'institution est agréée ainsi que, le cas échéant, les Etats membres autres que la Belgique dans lesquels l'institution exerce une activité transfrontalière. Cette liste et toutes les modifications qui y sont apportées sont publiées sur le site internet de la CBFA. ".
Art.91. In artikel 61, eerste lid, van dezelfde wet, wordt de zin " De afstand wordt in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt. " opgeheven.
Art.91. Dans l'article 61, alinéa 1er, de la même loi, la phrase " Elle est publiée au Moniteur belge. " est abrogée.
Art.92. In artikel 67 van dezelfde wet, worden de woorden " Binnen de twee maanden te rekenen vanaf de mededeling bedoeld in artikel 66, " vervangen door de woorden " Meteen bij de ontvangst ervan ".
Art.92. Dans l'article 67 de la même loi, les mots " Dans les deux mois de la communication visée à l'article 66 " sont remplacés par les mots " Dès leur réception ".
Art.93. In artikel 68 van dezelfde wet worden de woorden " bij het verstrijken van de in dat artikel genoemde termijn " vervangen door de woorden " bij het verstrijken van een termijn van twee maanden die aanvangt op de datum van de in artikel 66 bedoelde mededeling van het dossier ".
Art.93. Dans l'article 68 de la même loi, les mots " à l'expiration du délai y visé " sont remplacés par les mots " à l'expiration d'un délai de deux mois prenant cours à la date de la communication du dossier visée à l'article 66 ".
Art.94. In artikel 75, 1°, van dezelfde wet, worden de woorden " in artikel 32, § 1, vierde lid " vervangen door de woorden " in artikel 3, § 1, vierde lid ".
Art.94. Dans l'article 75, 1°, de la même loi, les mots " à l'article 32, § 1er, alinéa 4 " sont remplacés par les mots " à l'article 3, § 1er, alinéa 4 ".
Art.95. In artikel 98 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid worden de woorden " van jaarrekening en " geschrapt;
  2° tussen het eerste en het tweede lid wordt een lid ingevoegd, luidende :
  " De instelling voor bedrijfspensioenvoorziening bezorgt aan de CBFA de ontwerpjaarrekening ten laatste op de door deze laatste vastgestelde datum. ";
  3° in het vierde lid, dat het vijfde lid is geworden, worden de woorden " of, bij gebrek daaraan, door het beslissingsorgaan, " geschrapt.
Art.95. A l'article 98 de la même loi sont apportées les modifications suivantes :
  1° dans l'alinéa 1er, les mots " de comptes annuels et " sont supprimés;
  2° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 1er et 2 :
  " L'institution de retraite professionnelle communique à la CBFA les projets de comptes annuels au plus tard à la date fixée par celle-ci. ";
  3° dans l'alinéa 4, devenu alinéa 5, les mots " ou, à son défaut, par l'organe de décision, " sont supprimés.
Art.96. Artikel 103 van dezelfde wet wordt aangevuld met een lid, luidende :
  " De voorschriften van boek IV, titel VII, van het Wetboek van vennootschappen met betrekking tot de commissarissen zijn van toepassing op de erkende commissarissen en erkende revisoraatvennootschappen aangesteld door de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening. Ten behoeve van deze wet moeten de woorden " vennoten ", " wetboek ", " vennootschap " en " rechtbank van koophandel ", aangewend in het Wetboek van vennootschappen, worden verstaan als respectievelijk " leden ", " wet ", " instelling voor bedrijfspensioenvoorziening " en " rechtbank van eerste aanleg ". ".
Art.96. L'article 103 de la même loi est complété par un alinéa, rédigé comme suit :
  " Les dispositions du livre IV, titre VII, du Code des sociétés relatives aux commissaires sont applicables aux commissaires agréés et sociétés de révision agréées désignés par les institutions de retraite professionnelle. Pour les besoins de la présente loi, les mots " associés ", " code ", " société " et " tribunal de commerce " utilisés dans le Code des sociétés s'entendent comme étant respectivement " membres ", " loi ", " institution de retraite professionnelle " et " tribunal de première instance ". ".
Art.97. In artikel 122, tweede lid, van dezelfde wet, worden de woorden " het rendement van de activa " vervangen door de woorden " het nettorendement van de activa ".
Art.97. Dans l'article 122, alinéa 2, de la même loi, les mots " du rendement des actifs " sont remplacés par les mots " du rendement net des actifs ".
Art.98. In artikel 130 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het tweede, het derde en het vierde lid worden opgeheven;
  2° aan het eerste lid, dat paragraaf 1 zal vormen, wordt een lid toegevoegd, luidende :
  " Elke beslissing tot intrekking van de toelating wordt ter kennis gebracht van de instelling voor bedrijfspensioenvoorziening. ";
  3° er wordt een paragraaf 2 ingevoegd, luidende :
  " § 2. De toelating vervalt van rechtswege in geval van ontbinding van een instelling voor bedrijfspensioenvoorziening. ";
  4° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 3, luidende :
  " § 3. Zonder afbreuk te doen aan artikel 59 kan de CBFA, indien zij oordeelt dat de vrijwaring van de rechten van de aangeslotenen en de begunstigden dat vereist, op kosten van de betrokken instelling voor bedrijfspensioenvoorziening de intrekking van de toelating of het verval van rechtswege van de toelating bekendmaken op de wijze die zij bepaalt. In dat bericht wordt de datum vermeld waarop de intrekking of het verval van rechtswege van de toelating uitwerking heeft. ".
Art.98. A l'article 130 de la même loi sont apportées les modifications suivantes :
  1° les alinéas 2, 3 et 4 sont abrogés;
  2° à l'alinéa 1er, qui formera le paragraphe 1er, est ajouté un alinéa, rédigé comme suit :
  " Toute décision portant révocation de l'agrément est notifiée à l'institution de retraite professionnelle. ";
  3° il est inséré un paragraphe 2, rédigé comme suit :
  " § 2. L'agrément expire de plein droit en cas de dissolution de l'institution de retraite professionnelle. ";
  4° l'article est complété par un paragraphe 3, rédigé comme suit :
  " § 3. Sans préjudice de l'article 59, la CBFA peut, si elle estime que la sauvegarde des droits des affiliés et des bénéficiaires le requiert, publier de la manière qu'elle détermine et aux frais de l'institution de retraite professionnelle concernée, un avis de révocation ou d'expiration de plein droit de l'agrément. Cet avis mentionne la date à laquelle la révocation ou l'expiration de plein droit produit ses effets. ".
Art.99. Artikel 143 van dezelfde wet wordt aangevuld met een lid, luidende :
  " De CBFA stelt de lijst op van de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening van andere lidstaten dan België die in België een grensoverschrijdende activiteit uitoefenen. Deze lijst en alle daarin aangebrachte wijzigingen worden op haar website bekendgemaakt. ".
Art.99. L'article 143 de la même loi est complété par un alinéa, rédigé comme suit :
  " La CBFA établit la liste des institutions de retraite professionnelle d'Etats membres autres que la Belgique qui exercent une activité transfrontalière en Belgique. Cette liste et toutes les modifications qui y sont apportées sont publiées sur son site internet. ".
Art.100. In titel III, hoofdstuk IV, van dezelfde wet wordt een artikel 148/1 ingevoegd, luidende :
  " Art. 148/1. § 1. Wanneer de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van herkomst de vrije beschikking over activa van een op hun grondgebied gevestigde instelling voor bedrijfspensioenvoorziening hebben verboden, kunnen deze autoriteiten vragen dat dit verbod wordt toegepast voor de activa die worden gehouden door een in België gevestigde depositaris of bewaarder.
  § 2. De lidstaat van herkomst richt zijn verzoek tot de CBFA en maakt daarbij bekend voor welke activa dit verbod geldt.
  De CBFA stelt de depositarissen of bewaarders van deze activa in kennis van het verbod dat is opgelegd door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van herkomst. Dit verbod is van kracht vanaf de ontvangst van de kennisgeving.
  § 3. Indien de betrokken activa ten dele bestaan uit onroerende goederen, wordt op die onroerende goederen een wettelijke hypotheek genomen ten bate van alle aangeslotenen en begunstigden van de pensioenregelingen die door de instelling voor bedrijfspensioenvoorziening worden beheerd.
  De bepalingen van artikel 120, § 2, tweede, vierde en vijfde lid, zijn van toepassing.
  Indien de betrokken activa ten dele bestaan uit voor bewaargeving vatbare roerende goederen, zijn die roerende goederen onderworpen aan de bepalingen van artikel 120, § 3.
  De Koning kan de regels vaststellen inzake de bewarende maatregelen waaraan de waarden die niet voor bewaargeving vatbaar zijn, kunnen worden onderworpen. ".
Art.100. Dans le titre III, chapitre IV, de la même loi, il est inséré un article 148/1, rédigé comme suit :
  " Art. 148/1. § 1er. Lorsque les autorités compétentes de l'Etat membre d'origine ont interdit la libre disposition d'actifs appartenant à une institution de retraite professionnelle située sur leur territoire, ces autorités peuvent demander que cette interdiction soit effective en ce qui concerne les actifs détenus par un dépositaire ou conservateur établi en Belgique.
  § 2. L'Etat membre d'origine adresse sa demande à la CBFA et désigne les actifs qui sont visés par ces mesures.
  La CBFA notifie aux dépositaires ou conservateurs de ces actifs l'interdiction prononcée par les autorités compétentes de l'Etat membre d'origine. L'interdiction est effective à partir de la réception de la notification.
  § 3. Si les actifs visés comprennent des biens immobiliers, ceux-ci sont soumis à une hypothèque légale au profit de l'ensemble des affiliés et des bénéficiaires des régimes de retraite gérés par l'institution de retraite professionnelle.
  Les dispositions de l'article 120, § 2, alinéas 2, 4 et 5, sont applicables.
  Si les actifs visés comprennent des biens mobiliers susceptibles de dépôt, ceux-ci sont soumis aux dispositions de l'article 120, § 3.
  Le Roi peut fixer les règles relatives aux mesures conservatoires auxquelles les valeurs non susceptibles de dépôt peuvent être soumises. ".
Art.101. In artikel 158, § 2, van dezelfde wet wordt het eerste lid vervangen als volgt :
  " De CBFA stelt de lijst op van de ingeschreven instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening. Deze lijst en alle daarin aangebrachte wijzigingen worden op haar website bekendgemaakt. ".
Art.101. Dans l'article 158, § 2, de la même loi, l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
  " La CBFA établit la liste des institutions de retraite professionnelle inscrites. Cette liste et toutes les modifications qui y sont apportées sont publiées sur son site internet. ".
Art.102. In artikel 167 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 1 wordt het tweede lid opgeheven;
  2° in paragraaf 2, tweede lid, worden de woorden " vóór 1 januari 2007 " geschrapt.
  Het aldus gewijzigde artikel 167 treedt in werking de dag waarop deze wet in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art.102. A l'article 167 de la même loi sont apportées les modifications suivantes :
  1° dans le paragraphe 1er, l'alinéa 2 est abrogé;
  2° au paragraphe 2, alinéa 2, les mots " avant le 1er janvier 2007 " sont supprimés.
  L'article 167 ainsi modifié entre en vigueur le jour de la publication de la présente loi au Moniteur belge.
Art.103. In artikel 173, § 2, van dezelfde wet, worden de woorden " De ondernemingen en de fondsen voor bestaanszekerheid die krachtens de artikelen 165 en 170, § 2, " vervangen door de woorden " De ondernemingen, de publiekrechtelijke entiteiten en rechtspersonen en de fondsen voor bestaanszekerheid die krachtens de artikelen 165, 168, § 1, tweede lid, en 170, § 2, " en worden de woorden " 1 januari 2008 " vervangen door de woorden " 1 januari 2010 ".
Art.103. Dans l'article 173, § 2, de la même loi, les mots " Les entreprises et les fonds de sécurité d'existence qui, en vertu des articles 165 et 170, § 2, " sont remplacés par les mots " Les entreprises, les entités et personnes morales de droit public, et les fonds de sécurité d'existence qui, en vertu des articles 165, 168, § 1er, alinéa 2, et 170, § 2, " et les mots " 1er janvier 2008 " sont remplacés par les mots " 1er janvier 2010 ".
Art.104. De bepalingen van dit hoodstuk treden in werking de dag waarop deze wet in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt, met uitzondering van :
  1° de artikelen 94 en 103, die uitwerking hebben met ingang van 1 januari 2007;
  2° artikel 95, 1° en 2°, dat van toepassing is op de jaarrekening van het boekjaar 2008.
Art.104. Les dispositions du présent chapitre entrent en vigueur le jour de la publication de la présente loi au Moniteur belge, à l'exception :
  1° des articles 94 et 103, qui produisent leurs effets au 1er janvier 2007;
  2° de l'article 95, 1° et 2°, qui est applicable aux comptes annuels de l'exercice 2008.
HOOFDSTUK 2. - Opheffing van de artikelen 66 tot en met 68 van de wet van 30 december 1992 houdende sociale en diverse bepalingen
CHAPITRE 2. - Abrogation des articles 66 à 68 de la loi du 30 décembre 1992 portant des dispositions sociales et diverses
Art.105. In titel 2, hoofdstuk 2, van de wet van 30 december 1992 houdende sociale en diverse bepalingen, wordt afdeling 1, die de artikelen 66 ot en met 68 bevat, opgeheven.
Art.105. Dans le titre 2, chapitre 2, de la loi du 30 décembre 1992 portant des dispositions sociales et diverses, la section 1ère, comportant les articles 66 à 68, est abrogée.
Art.106. In artikel 37 van het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers, ingevoegd bij de wet van 25 januari 1999, worden de bepalingen onder 2° en 4° opgeheven.
Art.106. Dans l'article 37 de l'arrêté royal n° 50 du 24 octobre 1967 relatif à la pension de retraite et de survie des travailleurs salariés, inséré par la loi du 25 janvier 1999, les 2° et 4° sont abrogés.
Art.107. Dit hoofdstuk treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand na die waarin het is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.
Art.107. Le présent chapitre entre en vigueur le premier jour du deuxième mois qui suit sa publication au Moniteur belge.
HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers
CHAPITRE 3. - Modifications de l'arrêté royal n° 50 du 24 octobre 1967 relatif à la pension de retraite et de survie des travailleurs salariés
Art.108. Artikel 49bis , derde lid, van het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers, ingevoegd bij het koninklijk besluit nr. 513 van 27 maart 1987 en vervangen bij de wet van 25 januari 1999, wordt aangevuld met de volgende zin :
  " Met de instemming van de Raad, mag de administrateur-generaal de hem verleende bevoegdheden evenwel aan een of meer leden van het personeel geheel of gedeeltelijk overdragen. ".
Art.108. L'article 49bis , alinéa 3, de l'arrêté royal n° 50 du 24 octobre 1967 relatif à la pension de retraite et de survie des travailleurs salariés, inséré par l'arrêté royal n° 513 du 27 mars 1987 et remplacé par la loi du 25 janvier 1999, est complété par la phrase suivante :
  " Avec l'accord du Conseil, l'administrateur général peut, cependant, déléguer à un ou plusieurs membres du personnel tout ou partie des pouvoirs qui lui sont conférés. ".
Art.109. Dit hoofdstuk treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand na die waarin het is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.
Art.109. Le présent chapitre entre en vigueur le premier jour du deuxième mois qui suit sa publication au Moniteur belge.
HOOFDSTUK 4. - Wijziging van de wet van 22 maart 2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen
CHAPITRE 4. - Modification de la loi du 22 mars 2001 instituant la garantie de revenus aux personnes âgées
Afdeling 1. - Uitbreiding van de persoonlijke werkingssfeer van de wet van 22 maart 2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen
Section 1re. - Extension du champ d'application personnel de la loi du 22 mars 2001 instituant la garantie de revenus aux personnes âgées
Afdeling 2. - Afschaffing van de toelage betaald door de Rijksdienst voor Pensionen aan de eerstaanwezend inspecteurs bij een fiscaal bestuur
Section 2. - Suppression de l'allocation payée par l'Office national des Pensions aux inspecteurs principaux auprès d'une administration fiscale
Art.112. In artikel 13, § 2, van de wet van 22 maart 2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen, word het derde lid opgeheven.
Art.112. Dans l'article 13, § 2, de la loi du 22 mars 2001 instituant la garantie de revenus aux personnes âgées, l'alinéa 3 est abrogé.
Art.113. Deze afdeling treedt in werking op 1 januari 2009.
Art.113. La présente section produit ses effets le 1er janvier 2009.
Afdeling 3. - Kennisgeving van de beslissingen bij gewone brief
Section 3. - Notification des décisions par lettre ordinaire
Art.114. In artikel 5, § 5, van de wet van 22 maart 2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen, wordt de laatste zin vervangen als volgt :
  " De beslissing wordt aan de betrokkene met een gewone brief betekend. De beslissing tot terugvordering van de schuld en de beslissing waarvan zij de uitvoering verzekert worden echter samen met een ter post aangetekend schrijven betekend. ".
Art.114. A l'article 5, § 5, de la loi du 22 mars 2001 instituant la garantie de revenus aux personnes âgées, la dernière phrase est remplacée par la disposition suivante :
  " La décision est notifiée à l'intéressé par lettre ordinaire. Toutefois, la décision de répétition d'indu et la décision dont elle assure l'exécution sont notifiées ensemble par lettre recommandée à la poste. ".
Art.115. Deze afdeling treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand na die waarin het is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.
Art.115. La présente section entre en vigueur le premier jour du deuxième mois qui suit sa publication au Moniteur belge.
HOOFDSTUK 5. - Solidariteitsbijdrage op de pensioenen
CHAPITRE 5. - Cotisation de solidarité sur les pensions
Art.116. Het koninklijk besluit van 1 juli 2008 tot uitvoering van artikel 68, § 10, van de wet van 30 maart 1994 houdende sociale bepalingen, wordt bekrachtigd met ingang van de dag van zijn inwerkingtreding.
Art.116. L'arrêté royal du 1er juillet 2008 portant exécution de l'article 68, § 10, de la loi du 30 mars 1994 portant des dispositions sociales, est confirmé avec effet à la date de son entrée en vigueur.
Art.117. Dit hoofdstuk heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2008.
Art.117. Le présent chapitre produit ses effets le 1er juillet 2008.
TITEL 9. - Zelfstandigen, KMO, Voedselveiligheid en Wetenschapsbeleid
TITRE 9. - Indépendants, PME, Sécurité alimentaire et Politique scientifique
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van de wet van 25 april 2007 houdende diverse bepalingen (IV), betreffende de bescherming van de hoofdverblijfplaats van de zelfstandige
CHAPITRE 1er. - Modification de la loi du 25 avril 2007 portant des dispositions diverses (IV), relatives à la protection de la résidence principale du travailleur indépendant
Art.118. Artikel 72 van de wet van 25 april 2007 houdende diverse bepalingen(IV), wordt aangevuld met de volgende leden :
  " Voor de bepaling van het hoofdberoep wordt rekening gehouden met de cumulatie van afzonderlijke zelfstandige activiteiten die samen het hoofdberoep uitmaken.
  De activiteit van mandataris van een rechtspersoon maakt een zelfstandige beroepsbezigheid uit in de zin van het eerste lid. ".
Art.118. L'article 72 de la loi du 25 avril 2007 portant des dispositions diverses(IV), est complété par les alinéas suivants :
  " Pour déterminer la profession à titre principal, le cumul d'activités indépendantes séparées qui constituent ensemble la profession à titre principal est pris en compte.
  L'activité de mandataire d'une personne morale constitue une activité professionnelle indépendante au sens de l'alinéa premier. ".
Art.119. Artikel 73 van dezelfde wet wordt aangevuld met het volgend lid :
  " De verbintenis van een zelfstandige om geen verklaring af te leggen in de toekomst is absoluut nietig. ".
Art.119. L'article 73 de la même loi est complété par l'alinéa suivant :
  " L'engagement d'un travailleur indépendant de ne pas faire de déclaration à l'avenir est frappé de nullité absolue. ".
Art.120. Artikel 82 van dezelfde wet wordt een aangevuld met een derde lid, luidend als volgt :
  " De honoraria bedoeld in het eerste lid zijn maar een keer verschuldigd wanneer de aangifte of de herroeping betrekking hebben op een zelfstandige en zijn meewerkende echtgenoot of op twee zelfstandingen, die gehuwd zijn of wettelijk samenwonen, en die gezamenlijk hun activiteit uitoefenen, in dezelfde vestigingseenheid. ".
Art.120. L'article 82 de la même loi est complété par un alinéa 3, rédigé comme suit :
  " Les honoraires visés à l'alinéa 1er ne sont dus qu'une seule fois lorsque la déclaration ou sa révocation concerne un travailleur indépendant et son conjoint aidant ou deux travailleurs indépendants mariés ou cohabitants légaux exerçant conjointement leur activité dans la même unité d'établissement. ".
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de wet van 9 december 2004 betreffende de financiering van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen
CHAPITRE 2. - Modification de la loi du 9 décembre 2004 relative au financement de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire
Art.121. In artikel 2 van de wet van 9 december 2004 betreffende de financiering van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in de bepaling onder 3° wordt het woord " volksgezondheid " vervangen door de woorden " veiligheid van de voedselketen ";
  2° de bepaling onder 7° wordt vervangen als volgt :
  " 7° operator : de natuurlijke persoon, niet-werknemer, de onderneming in de zin van artikel 4 van de wet van 16 januari 2003 tot oprichting van een Kruispuntbank van Ondernemingen, tot modernisering van het handelsregister, tot oprichting van erkende ondernemingsloketten en houdende diverse bepalingen, of de vereniging, zowel publiek- als privaatrechtelijk, die al dan niet met winstoogmerk actief is, in enig stadium van de productie, verwerking en distributie van een product; ".
Art.121. · l'article 2 de la loi du 9 décembre 2004 relative au financement de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne alimentaire, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le 3°, les mots " santé publique " sont remplacés par les mots " sécurité de la chaîne alimentaire ";
  2° le 7° est remplacé par ce qui suit :
  " 7° opérateur : la personne physique, non salariée, l'entreprise au sens de l'article 4 de la loi du 16 janvier 2003 portant création d'une Banque-Carrefour des entreprises, modernisation du registre de commerce, création de guichets-entreprises agréés et portant diverses dispositions, ou l'association de droit public ou de droit privé, assurant, dans un but lucratif ou non, des activités liées aux étapes de la production, de la transformation et de la distribution d'un produit; ".
Art.122. Artikel 11, § § 1, 2 en 2bis , van de wet van 9 december 2004 betreffende de financiering van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen, ingevuld bij de wet van 27 december 2005, wordt vervangen door de volgende bepaling :
  " Art. 11. § 1. Het bedrag van de heffingen en retributies dat bij het verstrijken van de betaaltermijn niet is betaald wordt automatisch en van rechtswege vermeerderd met 10 % .
  Er wordt bij een ter post aangetekende brief een aanmaning verzonden waarin een uiterste betaaldatum wordt vastgesteld.
  Het bedrag van de heffingen en de retributies en dat van de vermeerdering worden automatisch en van rechtswege verdubbeld als zij nog niet zijn betaald op de uiterste betaaldatum.
  Als de betaling dan nog geheel of gedeeltelijk uitblijft wordt een ingebrekestelling verzonden die de aanrekening met zich meebrengt van de verwijlinteresten tegen de wettelijke interestvoet op de aldus vermeerderde bedragen.
  De ingebrekestelling bevat de tekst van deze paragraaf.
  De Koning stelt de termijnen en de wijze van kennisgeving van de aanmaning en de ingebrekestelling vast.
  § 2. De operator kan voor het verstrijken van de in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde termijn bij een ter post aangetekende brief een met redenen omkleed beroep met toevoeging van de bewijsstukken indienen bij de gedelegeerd bestuurder van het Agentschap.
  Dat beroep schorst de termijn voor het verzenden van de aanmaning en de ingebrekestelling.
  Binnen dertig dagen na ontvangst van het beroep betekent de gedelegeerd bestuurder aan de operator zijn beslissing samen met, eventueel, een nieuw verzoek om betaling van het verschuldigde bedrag dat, indien het beroep ongegrond werd verklaard, wordt vermeerderd conform hetgeen bepaald is in paragraaf 1, eerste lid.
  § 2bis . Vóór de in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde vervaldatum kan de operator die tijdelijk in de onmogelijkheid verkeert om de heffingen en retributies binnen de termijn te betalen, bij ter post aangetekende brief bij de gedelegeerd bestuurder een met redenen omklede aanvraag om afbetalingstermijnen indienen met toevoeging van bewijsstukken.
  Die aanvraag schorst de toepassing van de in paragraaf 1, eerste en tweede lid, bedoelde maatregelen.
  De gedelegeerd bestuurder kan, rekening houdende met de situatie van de operator, de betaling van het verschuldigde bedrag uitstellen met of spreiden over ten hoogste twee jaar.
  Er kan geen afbetalingsplan worden toegestaan zolang nog een vorig afbetalingsplan loopt.
  De beslissing van de gedelegeerd bestuurder wordt aan de operator betekend.
  De beslissing tot weigering van de toekenning van afbetalingstermijnen brengt automatisch de toepassing met zich mee van de in paragraaf 1, eerste en tweede lid bedoelde maatregelen.
  Niet-naleving van het afbetalingsplan leidt van rechtswege tot verval van de termijnbepaling en tot onmiddellijke toepassing van de in paragraaf 1, eerste en tweede lid, bedoelde maatregelen. ".
Art.122. L'article 11, § § 1er, 2 et 2bis , de la loi du 9 décembre 2004 relative au financement de l'Agence fédérale pour la Sécurité de la Chaîne Alimentaire, complété par la loi du 27 décembre 2005, est remplacé par la disposition suivante :
  " Art. 11. § 1er. Le montant des contributions et rétributions, impayé à l'échéance de paiement, est de plein droit et automatiquement majoré de 10 % .
  Il est envoyé par recommandé un rappel de paiement qui fixe un ultime délai de paiement.
  Le montant des contributions et rétributions, ainsi que celui de la majoration sont automatiquement et de plein droit doublés lorsqu'ils demeurent impayés à l'échéance de l'ultime délai de paiement.
  En cas de persistance de non paiement total ou partiel, il est adressé une mise en demeure, qui emporte la débition des intérêts de retard calculés au taux légal, portant sur les montants tels que majorés de cette manière.
  Cette mise en demeure reproduit le texte du présent paragraphe.
  Le Roi fixe les délais et modalités de notification des rappel et mise en demeure.
  § 2. Avant l'échéance visée au paragraphe 1er, alinéa 1er, l'opérateur peut introduire par lettre recommandée à la poste auprès de l'administrateur délégué de l'Agence un recours motivé auquel sont jointes les pièces justificatives.
  Ce recours suspend le délai d'envoi des rappel et mise en demeure.
  Dans les trente jours suivant la réception de ce recours, l'administrateur délégué notifie sa décision à l'opérateur avec, le cas échéant, une nouvelle invitation à payer le montant dû, majoré, au cas où le recours a été déclaré non fondé, conformément aux dispositions du paragraphe 1er, alinéa 1er.
  § 2bis . Avant l'échéance visée au paragraphe 1er, alinéa 1er, l'opérateur qui se trouve dans l'impossibilité temporaire de payer les contributions et rétributions dans le délai, peut introduire, par lettre recommandée à la poste, auprès de l'administrateur délégué une demande motivée de termes et délais, à laquelle sont joints les documents probants.
  Cette demande suspend l'application des mesures visés au paragraphe 1er, alinéas 1er et 2.
  L'administrateur délégué, compte tenu de la situation de l'opérateur, peut reporter ou échelonner, dans la limite de deux années, le paiement du montant dû.
  Il ne peut être octroyé de plan d'apurement durant le cours d'un précédent plan d'apurement.
  La décision de l'administrateur délégué est notifiée à l'opérateur.
  La décision de refus d'octroi de termes et délais entraîne automatiquement l'application des mesures visées au paragraphe 1er, alinéas 1er et 2.
  Le non respect du plan d'apurement déclenche de plein droit la déchéance du terme ainsi que l'application immédiate des mesures visées au paragraphe 1er, alinéas 1er et 2. ".
Art.123. In artikel 12 van diezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 21 december 2007, worden de woorden " tweede ingebrekestelling " telkens vervangen door het woord " ingebrekestelling ".
Art.123. Dans l'article 12 de cette même loi, modifié par la loi du 21 décembre 2007, les mots " seconde mise en demeure " sont à chaque fois remplacés par les mots " mise en demeure ".
HOOFDSTUK 3. - Wetenschapsbeleid
CHAPITRE 3. - Politique scientifique
Afdeling 1. - Wijziging van de wet van 7 mei 1999 houdende oprichting, binnen de Federale Diensten voor wetenschappelijke, technische en culturele aangelegenheden, van een Staatsdienst genoemd " Belgisch telematica onderzoeksnetwerk, BELNET "
Section 1re. - Modification de la loi du 7 mai 1999 portant création, au sein des Services fédéraux des affaires scientifiques, techniques et culturelles, d'un service de l'Etat à gestion séparée dénommé " Réseau télématique belge de la recherche, BELNET "
Art.124. Artikel 3 van de wet van 7 mei 1999 houdende oprichting, binnen de Federale Diensten voor wetenschappelijke, technische en culturele aangelegenheden, van een Staatsdienst genoemd " Belgisch telematica onderzoeksnetwerk, BELNET " wordt als volgt vervangen :
  " Art. 3. § 1. BELNET heeft tot doel bij te dragen tot de ontplooiing van de kennis- en informatiemaatschappij via het leveren en ondersteunen van innovatieve en kwaliteitsvolle netwerkinfrastructuren en bijhorende diensten ten behoeve van het onderzoek, de wetenschap en het onderwijs. BELNET levert in dat verband aan zijn gebruikers onder meer geavanceerde telematicadiensten.
  § 2. BELNET kan alle activiteiten verrichten die verenigbaar zijn met, of rechtstreeks of onrechtstreeks bijdragen tot de verwezenlijking van de in § 1 vermelde activiteiten, zoals onder meer de uitbating van het Belgische internetknooppunt ten behoeve van de sector (het Belgian National Internet eXchange, afgekort " BNIX "), de ontwikkeling, uitbating en het beheer van telematica-activiteiten en -netwerken op verzoek van en ten behoeve van overheden, administraties en openbare instellingen. ".
Art.124. L'article 3 de la loi du 7 mai 1999 portant création, au sein des Services fédéraux des affaires scientifiques, techniques et culturelles, d'un service de l'Etat à gestion séparée dénommé " Réseau télématique belge de la recherche, BELNET " est remplacé par la disposition suivante :
  " Art. 3. § 1er. BELNET a pour objet de contribuer au déploiement de la société de la connaissance et de l'information via la fourniture et la consolidation d'infrastructures de réseaux innovantes et de qualité et des services y afférant au profit de la recherche, de la science et de l'enseignement. Dans ce cadre BELNET fournit entre autres à ses usagers des services télématiques avancés.
  § 2. BELNET peut effectuer toutes les activités qui sont compatibles avec ou susceptibles, soit directement soit indirectement, de contribuer à la réalisation des activités mentionnées au paragraphe § 1er, comme entre autres l'exploitation du noeud internet belge au profit du secteur (le Belgian National Internet eXchange, en abrégé " BNIX ") et le développement, l'exploitation et la gestion des activités et des réseaux de télématiques à la demande et au profit des autorités publiques, des administrations et des institutions publiques. ".
Art.125. Artikel 4 van dezelfde wet wordt aangevuld met een tweede lid, luidend als volgt :
  " De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, eveneens de voorwaarden bepalen voor de bezoldiging van het contractueel ICT-personeel ten laste van de begroting van de Staatsdienst met afzonderlijk beheer. ".
Art.125. L'article 4 de la même loi est complété par un deuxième alinéa, rédigé comme suit :
  " Le Roi peut également, par arrêté délibéré en Conseil des ministres, déterminer les conditions de rémunération du personnel contractuel ICT à charge du budget du service d'état à gestion séparée. ".
Afdeling 2. - Wijziging van de archiefwet van 24 juni 1955
Section 2. - Modification de la loi relative aux archives du 24 juin 1955
Art.126. In artikel 1 van de archiefwet van 24 juni 1955 worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het derde lid wordt opgeheven;
  2° het vroegere vierde, vijfde en zesde lid worden respectievelijk het derde, vierde en vijfde lid;
  3° in het eerste tot derde lid, worden de woorden " honderd jaar " vervangen door de woorden " dertig jaar ";
  4° in het eerste lid, de woorden " en de provincies " worden vervangen door de woorden " de provincies en de openbare instellingen die aan hun controle of administratief toezicht zijn onderworpen ";
  5° in het eerste lid, de woorden " in goede, geordende en toegankelijke staat " worden ingevoegd " tussen de woorden " vrijstelling " en " in het Rijksarchief ";
  6° in het tweede lid, de woorden " die aan hun controle of administratief toezicht zijn onderworpen " worden ingevoegd tussen de woorden " openbare instellingen " en " kunnen ";
  7° in het vierde lid, de woorden " of van private verenigingen " worden vervangen door de woorden " en privaatrechtelijke vennootschappen of verenigingen ";
  8° in de Franse tekst :
  a) worden in het derde lid de woorden " au dépôt " vervangen door de woorden " au versement ";
  b) wordt in het vijfde lid het woord " dépôts " vervangen door het woord " versements " en worden de woorden " en transfert " geschrapt;
  9° in de Nederlandse tekst :
  a) worden in het eerste, tweede en derde lid de woorden " in het Rijksarchief " en " neergelegd " respectievelijk vervangen door de woorden " naar het Rijksarchief " en " overgebracht ";
  b) wordt in het vierde lid het woord " bijzondere " geschrapt;
  c) worden in het vijfde lid de woorden " neerlegging en " de eerste maal geschrapt en de tweede maal vervangen door " overbrenging ".
Art.126. Dans l'article 1er de la loi relative aux archives du 24 juin 1955, sont apportées les modifications suivantes :
  1° l'alinéa 3 est abrogé;
  2° les alinéas 4, 5 et 6 anciens deviennent respectivement les alinéas 3, 4, 5;
  3° aux alinéas 1er à 3, les mots " cent ans " sont remplacés par les mots " trente ans ";
  4° à l'alinéa 1er, les mots " et les provinces " sont remplacés par " les provinces et les établissements publics qui sont soumis à leur contrôle ou à leur surveillance administrative ";
  5° à l'alinéa 1er, les mots " en bon état, ordonnées et accessibles " sont insérés entre les mots " accordée " et " aux Archives de l'Etat ";
  6° à l'alinéa 2, les mots " qui sont soumis à leur contrôle ou à leur surveillance administrative " sont insérés entre les mots " établissements publics " et " peuvent ";
  7° à l'alinéa 4, les mots " ou des associations privées " sont remplacés par les mots " des sociétés ou des associations de droit privé ";
  8° dans la version française :
  a) à l'alinéa 3, les mots " au dépôt " sont remplacés par " au versement ";
  b) à l'alinéa 5, le mot " dépôts " est remplacé par le mot " versements " et les mots " en transfert " sont supprimés;
  9° dans la version néerlandaise :
  a) aux alinéas 1er, 2 et 3, les mots " in het Rijksarchief " et " neergelegd " sont remplacés respectivement par les mots " naar het Rijksarchief " et " overgebracht ";
  b) à l'alinéa 4, le mot " bijzondere " est supprimé;
  c) à l'alinéa 5, les mots " neerlegging en " sont supprimés et le deuxième mot " neerlegging " est remplacé par " overbrenging ".
Art.127. In artikel 2 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de woorden " of de privaatrechtelijke vennootschap of vereniging " worden ingevoegd tussen de woorden " persoon " en " die de overbrenging verricht heeft ";
  2° in de Franse tekst wordt het woord " versés " vervangen door het woord " reposant ";
  3° in de Nederlandse tekst wordt het woord " geplaatste " vervangen door het woord " berustende ".
Art.127. Dans l'article 2 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées :
  1° les mots " ou la société ou l'association de droit privé " sont insérés entre les mots " personnes privée " et " qui en a opéré le transfert ";
  2° dans la version française, le mot " versés " est remplacé par le mot " reposant ";
  3° dans la version néerlandaise, le mot " geplaatste " est remplacé par le mot " berustende ".
Art.128. In artikel 3, eerste lid, van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het woord " neergelegde " wordt vervangen door het woord " overgebrachte ";
  2° de woorden " Een reglement van orde, vastgesteld door de minister van Openbaar Onderwijs, bepaalt de regelen volgens welke zij aan navorsers ter inzage kunnen verstrekt worden " worden vervangen door de woorden " De Koning bepaalt de regelen volgens welke zij aan het publiek ter inzage kunnen gegeven worden, met name de toegang tot en de werking van de leeszaal, de materiële voorwaarden die de toegang tot documenten beperken en de voorwaarden voor reproductie ".
Art.128. Dans l'article 3, alinéa 1er, de la même loi, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le mot " déposés " est remplacé par le mot " versés ";
  2° les mots " Un règlement d'ordre intérieur, arrêté par le ministre de d'Instruction publique, détermine les modalités selon lesquelles ils sont communiqués aux chercheurs " sont remplacés par les mots " Le Roi détermine les modalités selon lesquelles ils sont communiqués au public, notamment l'accès et le fonctionnement de la salle de lecture, les conditions matérielles qui limitent l'accès aux documents et les conditions de reproduction ".
Art.129. Artikel 4 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
  " Art. 4. De Koning bepaalt eveneens de voorwaarden waaronder de krachtens artikel 1, derde en vierde lid, in het Rijksarchief berustende stukken kunnen geraadpleegd worden, met name de toegang tot en de werking van de leeszaal, de materiële voorwaarden die de toegang tot documenten beperken en de voorwaarden voor reproductie ".
Art.129. L'article 4 de la même loi est remplacé comme suit :
  " Art. 4. Le Roi détermine également les conditions dans lesquelles les documents reposant aux Archives de l'Etat en vertu de l'article 1er, alinéas 3 et 4, peuvent être consultés, notamment l'accès et le fonctionnement de la salle de lecture, les conditions matérielles qui limitent l'accès aux documents et les conditions de reproduction ".
Art.130. In de artikelen 1 en 5 van de Nederlandse tekst van dezelfde wet wordt het woord " bescheiden " vervangen door het woord " archiefdocumenten ".
Art.130. Aux articles 1er et 5 de la version néerlandaise de la même loi, le mot " bescheiden " est remplacé par le mot " archiefdocumenten ".
Art.131. Artikel 6 van dezelfde wet wordt aangevuld met volgend lid :
  " De Koning bepaalt de wijze waarop dit toezicht dient te worden uitgeoefend. ".
Art.131. L'article 6 de la même loi est complété par l'alinéa suivant :
  " Le Roi détermine la manière dont cette surveillance doit être exercée. ".
Art.132. In dezelfde wet wordt een artikel 6bis ingevoegd, luidende :
  " Art. 6bis . De Koning bepaalt de duur van de overgangsperiode en de voorwaarden waaronder de overbrenging van documenten bedoeld in artikel 1, eerste lid, bij het in werking treden van deze wet in de tijd kan worden gespreid. ".
Art.132. Dans la même loi est inséré un article 6bis , rédigé comme suit :
  " Art. 6bis . Le Roi détermine la durée de la période transitoire et les conditions dans lesquelles le versement des documents visés à l'article 1er, alinéa 1er, pourra être échelonné lors de l'entrée en vigueur de la présente loi. ".
TITEL 10. - Economie
TITRE 10. - Economie
HOOFDSTUK 1. - Het gebruik van partituren in het onderwijs
CHAPITRE 1er. - L'utilisation des partitions dans l'enseignement
Afdeling 1. - Wijziging van de wet van 30 juni 1994 betreffende het auteursrecht en de naburige rechten
Section 1re. - Modification de la loi du 30 juin 1994 relative au droit d'auteur et aux droits voisins
Art.133. In artikel 22, § 1, van de wet van 30 juni 1994 betreffende het auteursrecht en de naburige rechten, laatstelijk gewijzigd door artikel 83 van de wet van 22 december 2008 houdende diverse bepalingen (I), wordt de bepaling onder 4°bis vervangen als volgt :
  " 4°bis . De gedeeltelijke of integrale reproductie op papier of op een soortgelijke drager, van artikelen, van bladmuziek, van werken van grafische of beeldende kunst, of van korte fragmenten uit andere werken, met behulp van ongeacht welke fotografische techniek of enige andere werkwijze die een soortgelijk resultaat oplevert, wanneer die reproductie wordt verricht terillustratie bij onderwijs of voor wetenschappelijk onderzoek, voor zover zulks verantwoord is door de nagestreefde niet-winstgevende doelstelling en geen afbreuk doet aan de normale exploitatie van het werk, en voor zover de bron, waaronder de naam van de auteur, wordt vermeld, tenzij dit niet mogelijk blijkt; ".
Art.133. Dans l'article 22, § 1er, de la loi du 30 juin 1994 relative au droit d'auteur et aux droits voisins, modifié en dernier lieu par l'article 83 de la loi du 22 décembre 2008 portant des dispositions diverses (I), le 4°bis est remplacé par ce qui suit :
  " 4°bis . La reproduction fragmentaire ou intégrale d'articles, de partitions, d'oeuvres d'art plastique ou graphique ou celle de courts fragments d'autres oeuvres lorsque cette reproduction est effectuée sur papier ou sur un support similaire, au moyen de toute technique photographique ou de toute autre méthode produisant un résultat similaire, à des fins d'illustration de l'enseignement ou de recherche scientifique, dans la mesure justifiée par le but non lucratif poursuivi et qui ne porte pas préjudice à l'exploitation normale de l'oeuvre, pour autant, à moins que cela ne s'avère impossible, que la source, y compris le nom de l'auteur, soit indiquée; ".
Art.134. Artikel 133 treedt in werking op de datum bepaald door de Koning.
Art.134. L'article 133 entre en vigueur à la date fixée par le Roi.
Afdeling 2.- Wijziging van de wet van 22 mei 2005 houdende de omzetting in Belgisch recht van de Europese Richtlijn 2001/29/EG van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij
Section 2. - Modification de la loi du 22 mai 2005 transposant en droit belge la directive européenne 2001/29/CE du 22 mai 2001 sur l'harmonisation de certains aspects du droit d'auteur et des droits voisins dans la société de l'information
Art.135. In artikel 4 van de wet van 22 mei 2005 houdende de omzetting in Belgisch recht van de Europese Richtlijn 2001/29/EG van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij, wordt de bepaling onder c) opgeheven.
Art.135. Dans l'article 4 de la loi du 22 mai 2005 transposant en droit belge la directive européenne 2001/29/CE du 22 mai 2001 sur l'harmonisation de certains aspects du droit d'auteur et des droits voisins dans la société de l'information, le c) est abrogé.
Art.136. In artikel 40 van dezelfde wet, wordt het woord " , c) " geschrapt.
Art.136. Dans l'article 40 de la même loi, le mot " , c) " est supprimé.
Art.137. Deze afdeling treedt in werking op de dag van bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad.
Art.137. La présente section entre en vigueur le jour de la publication de la présente loi au Moniteur belge.
Afdeling 3. - Wijziging van de wet van 4 december 2006 houdende de omzetting in Belgische recht van de richtlijn 2001/84/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2001 betreffende het volgrecht ten behoeve van de auteur van een oorspronkelijk kunstwerk
Section 3. - Modification de la loi du 4 décembre 2006 transposant en droit belge la directive 2001/84/CE du Parlement européen et du Conseil du 27 septembre 2001 relative au droit de suite au profit de l'auteur d'une oeuvre d'art originale
Art.138. In artikel 7 van de wet van 4 december 2006 houdende de omzetting in Belgisch recht van de richtlijn 2001/84 EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2001 betreffende het volgrecht ten behoeve van de auteur van een oorspronkelijk kunstwerk, wordt de bepaling onder c) opgeheven.
Art.138. Dans l'article 7 de la loi du 4 décembre 2006 transposant en droit belge la directive 2001/84/CE du Parlement européen et du Conseil du 27 septembre 2001 relative au droit de suite au profit de l'auteur d'une oeuvre d'art originale, le c) est abrogé.
Art.139. In artikel 9, tweede lid, van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de woorden " 7, b) en c) " worden vervangen door de woorden " 7, b) ";
  2° de woorden " 4, b) en c) " worden vervangen door de woorden " 4,b) ".
Art.139. Dans l'article 9, alinéa 2, de la même loi, les modifications suivantes sont apportées :
  1° les mots " 7, b) et c) " sont remplacés par les mots " 7, b) ";
  2° les mots " 4, b) et c) " sont remplacés par les mots " 4, b) ".
Art.140. Deze afdeling treedt in werking op de dag van bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad.
Art.140. La présente section entre en vigueur le jour la publication de la présente loi au Moniteur belge.
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de wet van 16 juni 1970 betreffende de meeteenheden, de meetstandaarden en de meetwerktuigen
CHAPITRE 2. - Modification de la loi du 16 juin 1970 sur les unités, étalons et instruments de mesure
Art.141. In artikel 31, tweede lid, van de wet van 16 juni 1970 betreffende de meeteenheden, de meetstandaarden en de meetwerktuigen, worden de woorden " en 13, § 3 " vervangen door de woorden " en 13, § 4 ".
Art.141. Dans l'article 31, alinéa 2, de la loi du 16 juin 1970 sur les unités, étalons et instruments de mesure, les mots " et 13, § 3 " sont remplacés par les mots " et 13, § 4 ".
HOOFDSTUK 3. - Wijziging van de wet tot bescherming van de economische mededinging
CHAPITRE 3. - Modification de la loi sur la protection de la concurrence économique
Art.142. In de artikelen 1, 29, 34, 36, 37, 41, 44, 46, 55, 70, 71, 74, 88 en 96, evenals in de titel van hoofdstuk III, afdeling 2, van de wet tot bescherming van de economische mededinging, gecoördineerd op 15 september 2006, worden de woorden " Dienst voor de mededinging " vervangen door de woorden " Algemene Directie mededinging ".
Art.142. Dans les articles 1er, 29, 34, 36, 37, 41, 44, 46, 55, 70, 71, 74, 88 et 96, ainsi que dans le titre du chapitre III, Section 2, de la loi sur la protection de la concurrence économique, coordonnée le 15 septembre 2006, les mots " Service de la concurrence " sont remplacés par les mots " Direction générale de la concurrence ".
Art.143. In artikel 13 van dezelfde wet worden de woorden " , met dien verstande dat na drie jaar de voorzitter en de ondervoorzitter onderling van functie wisselen " geschrapt.
Art.143. Dans l'article 13 de la même loi, les mots " étant entendu qu'après trois ans, le président et le vice-président invertissent leur fonction " sont supprimés.
Art.144. Artikel 18 van dezelfde wet wordt aangevuld met een paragraaf 4, luidende :
  " § 4. De leden van de algemene vergadering van de Raad genieten in de uitoefening van hun ambt van dezelfde immuniteiten als magistraten. ".
Art.144. L'article 18 de la même loi est complété par un paragraphe 4, rédigé comme suit :
  " § 4. Les membres de l'assemblée générale du Conseil bénéficient dans l'exercice de leur fonction des mêmes immunités que les magistrats. ".
Art.145. Artikel 29, § 1, 3°, van dezelfde wet wordt aangevuld met de woorden " behalve wanneer de ambtenaren van de Algemene Directie mededinging de ambtenaren van de Europese Commissie bijstaan voor een door de Europese Commissie bevolen inspectie bij toepassing van Verordening (EG) 1/2003 betreffende de uitvoering van de mededingingsregels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag. ".
Art.145. L'article 29, § 1er, 3°, de la même loi est complété par les mots " sauf quand les fonctionnaires de la Direction générale de la concurrence assistent les fonctionnaires de la Commission européenne pour une inspection ordonnée par la Commission européenne en application du Règlement (CE) 1/2003 relatif à la mise en oeuvre des règles de concurrence prévues aux articles 81 et 82 du Traité. ".
Art.146. Artikel 34, 1° van dezelfde wet wordt aangevuld met de woorden " en het aanduiden van ambtenaren van de Algemene Directie om mee te werken aan inspecties door ambtenaren van de Europese Commissie bij toepassing van Verordening (EG) nr. 1/2003 betreffende de uitvoering van de mededingingsregels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag. ".
Art.146. L'article 34, 1°, de la même loi est complété par les mots " et la désignation des fonctionnaires de la Direction générale afin d'assister aux inspections par les fonctionnaires de la Commission européenne en application du Règlement (CE) 1/2003 relatif à la mise en oeuvre des règles de concurrence prévues aux articles 81 et 82 du Traité. ".
Art.147. Artikel 36 van dezelfde wet wordt aangevuld met de woorden " Zij mogen deze gegevens enkel gebruiken voor het doel waarvoor deze gegevens werden ingewonnen. ".
Art.147. L'article 36 de la même loi est complété par les mots " Ils ne peuvent utiliser ces données qu'aux fins pour lesquelles elles ont été recueillies. ".
Art.148. In artikel 37, tweede lid, van dezelfde wet worden de woorden " Deze verplichting " vervangen door de woorden " De verplichting uit artikel 36 ".
Art.148. Dans l'article 37, deuxième alinéa, de la même loi, les mots " Cette obligation " sont remplacés par les mots " L'obligation énoncée à l'article 36 ".
Art.149. In artikel 38, tweede lid, van dezelfde wet worden de woorden " artikel 37 " vervangen door de woorden " de artikelen 36 en 37 ".
Art.149. Dans l'article 38, deuxième alinéa, de la même loi, les mots " article 37 " sont remplacés par les mots " les articles 36 et 37 ".
Art.150. In de artikelen 39, eerste lid, en 40, eerste lid, van dezelfde wet worden de woorden " op een ander niveau dan het lokale of provinciale niveau " ingevoegd na het woord " verkiezing ".
Art.150. Dans l'article 39, premier alinéa, et l'article 40, premier alinéa, de la même loi, les mots " à un niveau différent du niveau local ou provincial " sont insérés après le mot " élection ".
Art.151. Aan artikel 39 van dezelfde wet, waarvan de bestaande tekst § 1 zal vormen, wordt een tweede paragraaf toegevoegd, luidende :
  " § 2. Ten hoogste twee leden van het auditoraat kunnen worden gedetacheerd. Zij kunnen niet tot dezelfde taalrol behoren.
  Een adjunct-auditeur kan niet worden gedetacheerd.
  De leden van het auditoraat die gedetacheerd zijn kunnen vervangen worden ongeacht het aantal leden vastgesteld in artikel 25. De houders van de functies toegekend om de vervanging te verzekeren worden vast benoemd, in voorkomend geval in overtal. Zij nemen met volle recht de plaatsen in voorzien in artikel 25 naargelang er vacante plaatsen zijn. ".
Art.151. L'article 39 de la même loi, dont le texte actuel formera le § 1er, est complété par un deuxième paragraphe, rédigé comme suit :
  " § 2. Deux membres au plus de l'auditorat peuvent être détachés. Ils ne peuvent appartenir au même rôle linguistique.
  Un auditeur adjoint ne peut être détaché.
  Les membres de l'auditorat qui sont détachés peuvent être remplacés nonobstant le nombre de places fixé par l'article 25. Les titulaires des fonctions conférées pour assurer le remplacement sont nommés définitivement, le cas échéant en surnombre. Ils accèdent de plein droit, au fur et à mesures des vacances aux places prévues par l'article 25. ".
Art.152. In artikel 44, § 1, 2°, van dezelfde wet worden de woorden " wanneer daartoe ernstige aanwijzingen bestaan " geschrapt en wordt het woord " 52, " ingevoegd tussen de woorden " 9, § 5, " en " 53 ".
Art.152. A l'article 44, § 1er, 2°, de la même loi, les mots " lorsque des indications sérieuses le justifient " sont supprimés, et le mot " 52, " est inséré entre la référence aux articles " 9, § 5, " et " 53 ".
Art.153. Artikel 44, § 3, vijfde lid, 2°, van dezelfde wet wordt aangevuld als volgt : " of door een lid van de algemene vergadering van de Raad dat hiertoe door de voorzitter is gemachtigd ".
Art.153. L'article 44, § 3, alinéa 5, 2°, de la même loi est complété par les mots " ou par un membre de l'assemblée générale du Conseil qui y est mandaté par le président ".
Art.154. In artikel 45, § 2, van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de woorden " Het auditoraat kan een klacht of een verzoek ook bij een met redenen omklede beslissing seponeren gelet op het prioriteitenbeleid en de beschikbare middelen. " worden ingevoegd tussen de eerste en de tweede zin;
  2° in de tweede zin van deze bepaling worden de woorden " Deze beslissing " vervangen door de woorden " Een sepotbeslissing ".
Art.154. · l'article 45, § 2, de la même loi, les modifications suivantes sont apportées :
  1° les mots " L'auditorat peut aussi classer une plainte ou une demande par décision motivée eu égard à la politique de priorités et les moyens disponibles. " sont insérés entre la première et la seconde phrase;
  2° dans la deuxième phrase de cette disposition, les mots " Cette décision " sont remplacés par les mots " Une décision de classement ".
Art.155. In het eerste lid van artikel 65 van dezelfde wet worden de woorden " en dwangsommen " toegevoegd na de woorden " bedoelde geldboeten ".
Art.155. Dans le premier alinéa de l'article 65 de la même loi, les mots " et astreintes " sont insérés après les mots " les amendes ".
Art.156. Artikel 88, § 1, van dezelfde wet wordt aangevuld met het volgende lid :
  " In geval van voortdurende of herhaalde inbreuken loopt deze termijn niettemin slechts vanaf de dag dat de inbreuk een einde heeft genomen. ".
Art.156. L'article 88, § 1er, de la même loi est complété par un deuxième alinéa, rédigé comme suit :
  " Toutefois, pour les infractions continues ou répétées, ce délai ne court qu'à compter du jour où l'infraction a pris fin. ".
HOOFDSTUK 4. - Wijziging van de wet van 4 juli 1962 betreffende de openbare statistiek
CHAPITRE 4. - Modification de la loi du 4 juillet 1962 relative à la statistique publique
Art.157. In de Nederlandse tekst van het tweede lid van artikel 21octies van de wet van 4 juli 1962 betreffende de openbare statistiek, ingevoegd bij de wet van 22 december 2008 houdende diverse bepalingen (I), worden de woorden " of zijn afgevaardigde " ingevoegd tussen de woorden " leidend ambtenaar van het Nationaal Instituut voor de Statistiek " en de woorden " , nadat de overtreder ".
Art.157. Dans le texte néerlandais de l'alinéa 2 de l'article 21octies de la loi du 4 juillet 1962 relative à la statistique publique, inséré par la loi du 22 décembre 2008 portant des dispositions diverses (I), les mots " of zijn afgevaardigde " sont insérés entre les mots " leidend ambtenaar van het Nationaal Instituut voor de Statistiek " et les mots " , nadat de overtreder ".
TITEL 11. - Overheidsbedrijven
TITRE 11. - Entreprises publiques
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven - Tarieven van de niet-voorbehouden universele postdiensten
CHAPITRE 1er. - Modification de la loi du 21 mars 1991 portant réforme de certaines entreprises publiques économiques - Tarifs des services postaux universels non-réservés
Art.158. Artikel 144ter van de wet van 21 maart 1991 houdende hervorming van sommige economische overheidsbedrijven, wordt aangevuld met een paragraaf 4, luidend als volgt :
  " § 4. In afwijking van artikel 9, derde lid, tweede en derde zin, en vierde lid, worden de tarieven van de niet-voorbehouden universele postdiensten waarvoor artikel 144ter , § 3, geen formule voorschrijft, bepaald door de leverancier van de universele dienst. ".
Art.158. L'article 144ter de la loi du 21 mars 1991 portant réforme de certaines entreprises publiques économiques, est complété par un paragraphe 4, rédigé comme suit :
  " § 4. Par dérogation à l'article 9, troisième alinéa, deuxième et troisième phrases, et quatrième alinéa, les tarifs des services postaux universels non-réservés pour lesquels l'article 144ter , § 3, ne prescrit pas une formule, sont fixés par le prestataire du service universel. ".
HOOFDSTUK 2.- Wijziging van artikel 162 van de wet van 24 juli 2008 houdende diverse bepalingen
CHAPITRE 2. - Modification de l'article 162 de la loi du 24 juillet 2008 portant des dispositions diverses
Art.159. Artikel 162, § 2, van de wet van 24 juli 2008 houdende diverse bepalingen, wordt aangevuld met volgend lid :
  " De deelname in de winsten toegewezen aan de directie en het personeel van De Post met toepassing van artikel 5, § 2, van de wet van 6 juli 1971 houdende oprichting van De Post, alsook deze toegewezen aan de kaderleden en het personeel van Belgacom met toepassing van artikel 62, § 2, 1°, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige overheidsbedrijven, kunnen de vorm aannemen van niet-recurrente resultaatsgebonden voordelen geregeld in dit hoofdstuk. ".
Art.159. L'article 162, § 2, de la loi du 24 juillet 2008 portant des dispositions diverses, est complété par l'alinéa suivant :
  " La participation aux bénéfices octroyée à la direction et au personnel de La Poste par application de l'article 5, § 2, de la loi du 6 juillet 1971 portant création de La Poste, ainsi que celle octroyée au cadre et au personnel de Belgacom par application de l'article 62, § 2, 1°, de la loi du 21 mars 1991 portant réforme de certaines entreprises publiques économiques peuvent prendre la forme d'avantages non-récurrents liés aux résultats régis par le présent chapitre. ".
TITEL 12. - Energie
TITRE 12. - Energie
HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt
CHAPITRE 1er. - Modifications de la loi du 29 avril 1999 relative à l'organisation du marché de l'électricité
Art.160. Artikel 3 van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt, gewijzigd bij de wet van 1 juni 2005, wordt vervangen als volgt :
  " Art. 3. § 1. De prospectieve studie wordt opgesteld door de Algemene Directie Energie in samenwerking met het Federaal Planbureau.
  De netbeheerder, de commissie en de Nationale Bank van België worden geraadpleegd.
  Het ontwerp van prospectieve studie wordt voor advies voorgelegd aan de Interdepartementale Commissie Duurzame Ontwikkeling en aan de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven. De adviezen worden bezorgd binnen de zestig dagen na het verzoek om advies. Bij gebrek aan advies wordt de procedure inzake de uitwerking van de prospectieve studie voortgezet.
  De prospectieve studie strekt zich uit over minstens tien jaar. Ze wordt om de vier jaar na de publicatie van de vorige studie aangepast.
  § 2. De prospectieve studie bevat de volgende elementen :
  1° ze maakt een schatting van de evolutie van de vraag naar elektriciteit op middellange en lange termijn en identificeert de behoeften aan productiemiddelen die daaruit voortvloeien;
  2° ze bepaalt de richtsnoeren inzake de keuze van primaire bronnen met zorg voor een gepaste diversificatie van de brandstoffen, de bevordering van het gebruik van hernieuwbare energiebronnen en de inpassing van de door de Gewesten bepaalde randvoorwaarden inzake leefmilieu;
  3° ze bepaalt de aard van de productiekanalen waaraan de voorrang moet worden gegeven met zorg voor de bevordering van productietechnologieën met lage emissie van broeikasgassen;
  4° ze evalueert de bevoorradingszekerheid inzake elektriciteit en formuleert, wanneer deze in het gedrang dreigt te komen, aanbevelingen dienaangaande.
  § 3. De minister bezorgt de prospectieve studie aan de federale Wetgevende Kamers en de Gewestregeringen. Hij ziet erop toe dat de prospectieve studie op passende wijze wordt bekendgemaakt.
  § 4. In het raam van het volbrengen van de opdrachten die haar krachtens dit artikel zijn toegewezen kan de Algemene Directie Energie de elektriciteitsbedrijven die op de Belgische markt een rol spelen, verzoeken haar binnen de dertig dagen volgend op haar aanvraag alle informatie te bezorgen die zij nodig heeft. Ingeval geweigerd wordt de gevraagde informatie binnen de dertig dagen te verstrekken kan zij overgaan tot een plaatsbezoek waarbij zij alle inlichtingen en documenten kan raadplegen die nodig zijn voor het volbrengen van de haar toegewezen opdrachten en die desgevallend kopiëren. ".
Art.160. L'article 3 de la loi du 29 avril 1999 relative à l'organisation du marché de l'électricité, modifié par la loi du 1er juin 2005, est remplacé par la disposition suivante :
  " Art. 3. § 1er. L'étude prospective est établie par la Direction générale de l'Energie en collaboration avec le Bureau fédéral du Plan.
  Le gestionnaire du réseau, la commission et la Banque nationale de Belgique sont consultés.
  Le projet d'étude prospective est soumis pour avis à la Commission interdépartementale du Développement durable et au Conseil central de l'Economie. Les avis sont transmis dans les soixante jours de la demande d'avis. A défaut d'avis, la procédure d'établissement de l'étude prospective est poursuivie.
  L'étude prospective a une portée d'au moins dix ans. Elle est actualisée tous les quatre ans à dater de la publication de l'étude précédente.
  § 2. L'étude prospective contient les éléments suivants :
  1° elle procède à une estimation de l'évolution de la demande d'électricité à moyen et long terme et identifie les besoins en moyens de production qui en résultent;
  2° elle définit les orientations en matière de choix des sources primaires en veillant à assurer une diversification appropriée des combustibles, à promouvoir l'utilisation des sources d'énergie renouvelables et à intégrer les contraintes environnementales définies par les Régions;
  3° elle définit la nature des filières de production à privilégier en veillant à promouvoir les technologies de production à faible émission de gaz à effet de serre;
  4° elle évalue la sécurité d'approvisionnement en matière d'électricité et formule, quand celle-ci risque d'être compromise, des recommandations à ce sujet.
  § 3. Le ministre communique l'étude prospective aux Chambres législatives fédérales et aux Gouvernements de région. Il veille à une publication appropriée de l'étude prospective.
  § 4. Dans le cadre de l'accomplissement des missions qui lui sont assignées en vertu du présent article, la Direction générale de l'Energie peut requérir des entreprises d'électricité intervenant sur le marché belge de lui fournir toutes les informations qui lui sont nécessaires, dans les trente jours suivant sa demande. En cas de refus de transmettre les informations demandées dans les trente jours, elle peut procéder à une visite sur place au cours de laquelle elle peut consulter tous les renseignements et les documents nécessaires à l'accomplissement des missions qui lui sont dévolues et, le cas échéant, les copier. ".
Art.161. In artikel 4 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 31 januari 2003, 1 juni 2005 en 20 juli 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1, eerste lid, worden de woorden " op voorstel " vervangen door de woorden " na advies ";
  2° § 3, 1°, wordt vervangen door de volgende bepaling :
  " 1° de procedure voor de toekenning van de in § 1, eerste lid, bedoelde vergunningen, meer bepaald de vorm van de aanvraag, het onderzoek van het dossier, de termijnen waarbinnen de minister moet beslissen en zijn beslissing aan de aanvrager en de commissie moet meedelen, en de vergoeding die aan de Algemene Directie Energie moet worden betaald voor het onderzoek van het dossier. ".
Art.161. Dans l'article 4, de la même loi, modifié par les lois du 31 janvier 2003, du 1er juin 2005 et du 20 juillet 2005, les modifications suivantes sont apportées :
  1° au § 1er, alinéa 1er, les mots " sur proposition " sont remplacés par les mots " après avis ";
  2° le § 3, 1°, est remplacé par la disposition suivante :
  " 1° la procédure d'octroi des autorisations visées au § 1er, alinéa 1er, notamment la forme de la demande, l'instruction du dossier, les délais dans lesquels le ministre doit statuer et notifier sa décision au demandeur et à la commission, et la redevance à payer à la Direction générale de l'Energie pour l'analyse du dossier. ".
Art.162. In artikel 9ter van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 1 juni 2005, wordt punt 4° vervangen als volgt :
  " 4° de eventuele verplichting van de netbeheerder om te aanvaarden dat geschillen betreffende transmissieaangelegenheden, die onder meer betrekking kunnen hebben op de toegang tot het transmissienet, de toepassing van het technisch reglement of de tarieven bedoeld in artikelen 12 tot 12novies , worden voorgelegd aan bemiddeling of arbitrage overeenkomstig het reglement bedoeld in artikel 28. ".
Art.162. Dans l'article 9ter de la même loi, inséré par la loi du 1er juin 2005, le point 4° est remplacé comme suit :
  " 4° l'éventuelle obligation du gestionnaire de réseau d'accepter que des différends relatifs à des activités de transport, qui, entre autres, peuvent se rapporter à l'accès au réseau de transport, à l'application du règlement technique et aux tarifs visés aux articles 12 à 12novies , soient soumis à conciliation ou arbitrage conformément au règlement visé à l'article 28. ".
Art.163. In artikel 13, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 1 juni 2005, wordt het vijfde lid vervangen als volgt :
  " Het ontwikkelingsplan dekt een periode van minstens tien jaar. Het wordt om de vier jaar aangepast. Die aanpassing moet plaatsvinden binnen de twaalf maanden na de publicatie van de prospectieve studie. ".
Art.163. Dans l'article 13, § 1er, de la même loi, modifié par la loi du 1er juin 2005, l'alinéa 5 est remplacé comme suit :
  " Le plan de développement couvre une période d'au moins dix ans. Il est actualisé tous les quatre ans. Cette actualisation doit avoir lieu dans les douze mois de la publication de l'étude prospective. ".
Art.164. In artikel 17 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 1 juni 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1 worden de woorden " op voorstel " vervangen door de woorden " na advies ";
  2° in § 2 wordt de eerste zin aangevuld met de woorden " meer bepaald de vorm van de aanvraag, het onderzoek van het dossier, de termijnen waarbinnen de minister moet beslissen en zijn beslissing aan de aanvrager en de commissie moet meedelen, alsmede de vergoeding die aan de Algemene Directie Energie moet worden betaald voor het onderzoek van het dossier ".
Art.164. Dans l'article 17 de la même loi, modifiée par la loi du 1er juin 2005, sont apportées les modifications suivantes :
  1° au § 1er, les mots " sur proposition " sont remplacés par les mots " après avis ";
  2° au § 2, la première phrase est complétée par les mots " notamment la forme de la demande, l'instruction du dossier, les délais dans lesquels le ministre doit statuer et notifier sa décision au demandeur et à la commission, ainsi que la redevance à payer à la Direction Générale de l'Energie pour l'analyse du dossier ".
Art.165. In artikel 23, § 2, tweede lid, 6°, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 1 juni 2005, worden de woorden " en controle uitoefenen op de naleving van de voorwaarden van de afgeleverde vergunningen " geschrapt.
Art.165. Dans l'article 23, § 2, alinéa 2, 6°, de la même loi, modifié par la loi du 1er juin 2005, les mots " et contrôle le respect des conditions des autorisations délivrées " sont supprimés.
Art.166. Artikel 23, § 2, 7°, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 1 juni 2005, wordt opgeheven.
Art.166. L'article 23, § 2, 7°, de la même loi, remplacé par la loi du 1er juin 2005, est abrogé.
Art.167. In artikel 28 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 27 juli 2005, wordt de eerste zin vervangen als volgt :
  " De commissie richt een bemiddelings- en arbitragedienst in voor geschillen betreffende transmissieaangelegenheden. Deze geschillen kunnen onder meer de toegang tot het transmissienet, de toepassing van het technisch reglement en de tarieven bedoeld in artikelen 12 tot 12novies betreffen. ".
Art.167. Dans l'article 28 de la même loi, modifié par la loi du 27 juillet 2005, la première phrase est remplacée comme suit :
  " La commission organise un service de conciliation et d'arbitrage pour les différends relatifs aux activités de transport. Ces différends peuvent entres autres concerner l'accès au réseau de transport, l'application du règlement technique et les tarifs visés aux articles 12 à 12novies . ".
Art.168. Artikel 29 van dezelfde wet, opgeheven bij de wet van 27 juli 2005, wordt hersteld in de volgende lezing :
  " Art. 29. § 1. Binnen de commissie wordt een autonoom orgaan opgericht, Geschillenkamer genoemd, dat, op verzoek van één van de partijen, beslist over geschillen tussen de netbeheerder en de netgebruikers betreffende de toegang tot het transmissienet en de tarieven bedoeld in artikelen 12 tot 12novies , behalve geschillen inzake contractuele rechten en verbintenissen.
  § 2. De Geschillenkamer bestaat uit een voorzitter, twee andere leden en drie plaatsvervangers, benoemd bij een besluit vastgesteld na overleg in Ministerraad, voor een hernieuwbare termijn van zes jaar. In afwijking van het voorgaande worden bij de oprichting van de Geschillenkamer één lid en één plaatsvervanger benoemd voor een aanvankelijke termijn van twee jaar en één lid en één plaatsvervanger voor een aanvankelijke termijn van vier jaar.
  De voorzitter en één plaatsvervanger worden aangewezen onder de magistraten van de rechterlijke orde; de andere leden en plaatsvervangers worden aangewezen omwille van hun deskundigheid inzake mededinging. De leden en de plaatsvervangers mogen niet onder de leden van de organen en de personeelsleden van de commissie worden gekozen. De Koning bepaalt het bedrag van de vergoedingen die hun worden toegekend.
  § 3. De Geschillenkamer beslist met een gemotiveerde administratieve beslissing over de aangelegenheden die bij haar aanhangig worden gemaakt, na de betrokken partijen te hebben gehoord. Zij kan overgaan of doen overgaan tot alle nuttige onderzoeken en kan, indien nodig, deskundigen aanwijzen en getuigen horen. Zij kan bewarende maatregelen opleggen in dringende gevallen.
  Bij een besluit vastgesteld na overleg in Ministerraad, bepaalt de Koning de procedureregels die van toepassing zijn voor de Geschillenkamer. ".
Art.168. L'article 29 de la même loi, abrogé par la loi du 27 juillet 2005, est rétabli dans la rédaction suivante :
  " Art. 29. § 1er. Il est créé au sein de la commission un organe autonome dénommé Chambre de litiges qui, à la demande de l'une des parties, statue sur les différends entre le gestionnaire et les utilisateurs du réseau relatifs à l'accès au réseau de transport et aux tarifs visés aux articles 12 à 12novies , à l'exception des différends portant sur des droits et obligations contractuels.
  § 2. La Chambre de litiges est composée d'un président, de deux autres membres et de trois suppléants nommés par arrêté royal délibéré en Conseil des ministres pour un terme renouvelable de six ans. Par dérogation à ce qui précède, lors de la constitution de la Chambre de litiges un membre et un suppléant sont nommés pour un terme initial de deux ans et un membre et un suppléant pour un terme initial de quatre ans.
  Le président et un suppléant sont désignés parmi les magistrats de l'ordre judiciaire; les autres membres et suppléants sont désignés en raison de leur compétence en matière de concurrence. Les membres et les suppléants ne peuvent être choisis parmi les membres des organes et les employés de la commission. Le Roi fixe le montant des allocations qui leur sont attribuées.
  § 3. La Chambre de litiges statue par une décision administrative motivée sur les affaires dont elle est saisie, après avoir entendu les parties en cause. Elle peut procéder ou faire procéder à toutes investigations utiles et peut au besoin désigner des experts et entendre des témoins. Elle peut ordonner des mesures conservatoires en cas d'urgence.
  Par arrêté délibéré en Conseil des ministres, le Roi fixe les règles de procédure applicables devant la Chambre de litiges. ".
Art.169. De Koning bepaalt, bij een besluit uitgesteld na overleg in de ministerraad, de datum van inwerkingtreding van de artikelen 161, 164 en 165.
Art.169. Le Roi, par arrêté délibéré en Conseil des ministres, fixe la date d'entrée en vigueur des articles 161, 164 et 165.
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van de wet van 1 juni 2005 tot wijziging van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie vande elektriciteitsmarkt
CHAPITRE 2. - Modifications de la loi du 1er juin 2005 portant modification de la loi du 29 avril 1999 relative à l'organisation du marché de l'électricité
Art.170. De artikelen 4 en 15 van de wet van 1 juni 2005 tot wijziging van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt, worden opgeheven.
Art.170. Les articles 4 et 15 de la loi du 1er juin 2005 portant modification de la loi du 29 avril 1999 relative à l'organisation du marché de l'électricité, sont abrogés.
HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen
CHAPITRE 3. - Modifications de la loi du 12 avril 1965 relative au transport de produits gazeux et autres par canalisations
Art.171. Artikel 15/13 van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen, ingevoegd bij de wet van 29 april 1999 en, gewijzigd bij de wetten van 1 juni 2005 en 13 februari 2006, wordt vervangen als volgt :
  " Art. 15/13. § 1. Een prospectieve studie betreffende de zekerheid van aardgasbevoorrading wordt opgesteld door de Algemene Directie Energie in samenwerking met het Federaal Planbureau.
  De beheerder van het aardgasvervoersnet, de beheerder van de opslaginstallatie voor aardgas, de beheerder van de LNG-installatie, de commissie en de Nationale Bank van België worden geraadpleegd.
  Het ontwerp van prospectieve studie wordt voor advies voorgelegd aan de Interdepartementale Commissie Duurzame Ontwikkeling en aan de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven. De adviezen worden bezorgd binnen de zestig dagen na het verzoek om advies. Bij gebrek aan advies wordt de procedure inzake de uitwerking van de prospectieve studie voortgezet.
  De prospectieve studie strekt zich uit over minstens tien jaar. Ze wordt om de vier jaar na de publicatie van de vorige studie aangepast.
  § 2. De prospectieve studie bevat de volgende elementen :
  1° de raming van de evolutie van de vraag en het aanbod voor aardgas op middellange en lange termijn;
  2° de richtsnoeren inzake diversificatie van de bevoorradingsbronnen en de identificatie van de nieuwe behoeften inzake bevoorrading in aardgas;
  3° een indicatief investeringsprogramma met het oog op het behoud en de ontwikkeling van het aardgasvervoersnet, de opslaginstallatie voor aardgas en de LNG-installatie;
  4° een evaluatie van de bevoorradingszekerheid inzake aardgas en, wanneer deze in het gedrang dreigt te komen, een opsomming van aanbevelingen dienaangaande;
  5° op het gebied van de opslagcapaciteit voor aardgas, de minimale streefdoelen die moeten worden bereikt in het kader van de bevoorradingszekerheid van het land.
  § 3. De Koning bepaalt de nadere regels voor de uitwerking en de publicatie van de prospectieve studie.
  § 4. In het raam van het volbrengen van de opdrachten die haar krachtens dit artikel zijn toegewezen kan de Algemene Directie Energie de aardgasbedrijven die op de Belgische markt een rol spelen, verzoeken haar binnen de dertig dagen volgend op haar aanvraag alle informatie te bezorgen die zij nodig heeft. Ingeval geweigerd wordt de gevraagde informatie binnen de dertig dagen te verstrekken kan zij overgaan tot een plaatsbezoek waarbij zij alle inlichtingen en documenten kan raadplegen die nodig zijn voor het volbrengen van de haar toegewezen opdrachten en die desgevallend kopiëren. ".
Art.171. L'article 15/13 de la loi du 12 avril 1965 relative au transport de produits gazeux et autres par canalisations, inséré par la loi du 29 avril 1999 et, modifié par les lois des 1er juin 2005 et 13 février 2006, est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 15/13. § 1er. Une étude prospective concernant la sécurité d'approvisionnement en gaz naturel est établie par la Direction générale de l'Energie en collaboration avec le Bureau fédéral du Plan.
  Le gestionnaire du réseau de transport de gaz naturel, le gestionnaire d'installation de stockage de gaz naturel, le gestionnaire d'installation de GNL, la commission et la Banque nationale de Belgique sont consultés.
  Le projet d'étude prospective est soumis pour avis à la Commission interdépartementale du développement durable et au Conseil central de l'Economie. Les avis sont transmis dans les soixante jours de la demande d'avis. A défaut d'avis, la procédure d'établissement de l'étude prospective est poursuivie.
  L'étude prospective a une portée d'au moins dix ans. Elle est actualisée tous les quatre ans à dater de la publication de l'étude précédente.
  § 2. L'étude prospective contient les éléments suivants :
  1° l'estimation de l'évolution de la demande et de l'offre de gaz naturel à moyen et long terme;
  2° les orientations en matière de diversification des sources d'approvisionnement et l'identification des besoins nouveaux d'approvisionnement en gaz naturel;
  3° un programme indicatif d'investissements en vue du maintien et du développement du réseau de transport de gaz naturel, d'installation de stockage de gaz naturel et d'installation de GNL;
  4° une évaluation de la sécurité d'approvisionnement en gaz naturel et, quand celle-ci risque d'être compromise, la formulation de recommandations à ce sujet;
  5° en matière de capacité de stockage de gaz naturel, les objectifs minimaux à atteindre dans le cadre de la sécurité d'approvisionnement du pays.
  § 3. Le Roi règle les modalités d'élaboration et de publication de l'étude prospective.
  § 4. Dans le cadre de l'accomplissement des missions qui lui sont assignées en vertu du présent article, la Direction générale de l'Energie peut requérir des entreprises de gaz naturel intervenant sur le marché belge de lui fournir toutes les informations qui lui sont nécessaires, dans les trente jours suivant sa demande. En cas de refus de transmettre les informations demandées dans les trente jours, elle peut procéder à une visite sur place au cours de laquelle elle peut consulter tous les renseignements et les documents nécessaires à l'accomplissement des missions qui lui sont dévolues et, le cas échéant, les copier. ".
Art.172. Artikel 15/14, § 2, 5°, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 29 april 1999 en gewijzigd bij de wet van 1 juni 2005, wordt opgeheven.
Art.172. L'article 15/14, § 2, 5°, de la même loi, inséré par la loi du 29 avril 1999 et modifié par la la loi du 1er juin 2005, est abrogé.
Art.173. In artikel 15/17 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 29 april 1999 en, gewijzigd bij de wetten van 16 juli 2001, 1 juni 2005 en 27 juli 2005, worden de woorden " tot het aardgasvervoersnet, de aardgas-opslaginstallaties of de LNG-installaties " ingevoegd tussen de woorden " de toegang tot " en " de upstreamings installaties ".
Art.173. Dans l'article 15/17 de la même loi, inséré par la loi du 29 avril 1999 et, modifié par les lois du 16 juillet 2001, du 1er juin 2005 et du 27 juillet 2005, les mots " au réseau de transport de gaz naturel, aux installations de stockage de gaz naturel, aux installations de GNL, " sont insérés entre les mots " l'accès " et " aux installations en amont ".
Art.174. Artikel 15/18 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 29 april 1999 en opgeheven bij de wet van 27 juli 2005, wordt hersteld in de volgende lezing :
  " Art. 15/18. De Geschillenkamer, opgericht bij artikel 29 van de wet van 29 april 1999, beslist op verzoek van één van de partijen over de geschillen tussen de netgebruikers en de beheerder van het aardgasvervoersnet, de beheerder van de aardgasopslaginstallatie of de beheerder van de LNG-installatie die betrekking hebben op de toegang tot het aardgasvervoersnet, de aardgas-opslaginstallaties, de LNG-installaties of de upstreaminstallaties, en op de tarieven bedoeld in de artikelen 15/5 tot 15/5decies, behalve geschillen inzake contractuele rechten en verbintenissen. ".
Art.174. L'article 15/18 de la même loi, inséré par la loi du 29 avril 1999 et abrogé par la loi du 27 juillet 2005, est rétabli dans la rédaction suivante :
  " Art. 15/18. La Chambre de litiges, créée par l'article 29 de la loi du 29 avril 1999, statue à la demande de l'une des parties sur les différends, entre les utilisateurs du réseau et le gestionnaire du réseau de transport de gaz naturel, le gestionnaire d'installation de stockage de gaz naturel ou le gestionnaire d'installation de GNL, qui sont relatifs à l'accès au réseau de transport de gaz naturel, aux installations de stockage de gaz naturel, aux installations de GNL ou aux installations en amont, ainsi qu'aux tarifs visés aux articles 15/5 à 15/5decies, à l'exception des différends portant sur des droits et obligations contractuels. ".
TITEL 13. - Justitie
TITRE 13. - Justice
HOOFDSTUK 1. - Bekrachtiging van het koninklijk besluit van 8 oktober 2008 tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen ingevolge Richtlijn 2006/68/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 september 2006 tot wijziging van Richtlijn 77/91/EEG van de Raad met betrekking tot de oprichting van de naamloze vennootschap, alsook de instandhouding en wijziging van haar kapitaal
CHAPITRE 1er. - Confirmation de l'arrêté royal du 8 octobre 2008 modifiant le Code des sociétés conformément à la Directive 2006/68/CE du Parlement européen et du Conseil du 6 septembre 2006 modifiant la Directive 77/91/CEE du Conseil en ce qui concerne la constitution d'une société anonyme ainsi que le maintien et les modifications de son capital
Art.175. De artikelen van het koninklijk besluit van 8 oktober 2008 tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen ingevolge Richtlijn 2006/68/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 september 2006 tot wijziging van Richtlijn 77/91/EEG van de Raad met betrekking tot de oprichting van de naamloze vennootschap, alsook de instandhouding en wijziging van haar kapitaal, worden bekrachtigd met uitwerking op de datum van hun inwerkingtreding.
Art.175. Les articles de l'arrêté royal du 8 octobre 2008 modifiant le Code des sociétés conformément à la Directive 2006/68/CE du Parlement européen et du Conseil du 6 septembre 2006 modifiant la Directive 77/91/CEE du Conseil en ce qui concerne la constitution d'une société anonyme ainsi que le maintien et les modifications de son capital, sont confirmés avec effet à la date de leur entrée en vigueur.
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de faillissementswet van 8 augustus 1997
CHAPITRE 2. - Modification à la loi du 8 août 1997 sur les faillites
Art.176. Artikel 50 van de faillissementswet van 8 augustus 1997, gewijzigd bij de wet van 6 december 2005, wordt vervangen als volgt :
  " Art. 50. De aan de gefailleerde gerichte brievenpost wordt afgegeven aan de curators door elke postoperator, mits een door de curators ondertekende schriftelijke aanvraag gericht aan de postoperator met vermelding van naam en adres van de gefailleerde en de betaling van een vergoeding vastgesteld door de Koning aan de postoperator. De curators openen de brievenpost. Indien de gefailleerde aanwezig is, woont hij de opening bij. De brievenpost die niet uitsluitend betrekking heeft op de handelsactiviteit van de gefailleerde, wordt door de curators aan de gefailleerde bezorgd of medegedeeld op het adres door de gefailleerde aangewezen.
  Na de neerlegging van het eerste proces-verbaal van verificatie van de schuldvorderingen kan de gefailleerde natuurlijke persoon de rechter-commissaris verzoeken zelf de aan hem gerichte brievenpost te mogen openen.
  Bij weigering moet de rechter-commissaris zijn beslissing motiveren, overeenkomstig artikel 35. ".
Art.176. L'article 50 de la loi sur les faillites du 8 août 1997, modifié par la loi du 6 décembre 2005, est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 50. Les envois de correspondance adressés au failli sont remis aux curateurs par chaque opérateur postal, sur requête écrite signée par les curateurs adressée à l'opérateur postal mentionnant les nom et adresse du failli ainsi que paiement d'une indemnité fixée par le Roi à l'opérateur postal. Les curateurs ouvrent les envois de correspondance. Si le failli est présent, il assiste à l'ouverture. Les envois de correspondance qui ne concernent pas exclusivement l'activité commerciale du failli sont transmis au failli ou communiqués par les curateurs à l'adresse indiquée par le failli.
  Après le dépôt du premier procès-verbal de vérification des créances, le failli, personne physique, peut demander au juge-commissaire l'autorisation de procéder personnellement à l'ouverture des envois de correspondance qui lui sont adressés.
  En cas de refus, le juge-commissaire est tenu de motiver sa décision, conformément à l'article 35. ".
TITEL 14. - Asiel en immigratie
TITRE 14. - Asile et immigration
ENIG HOOFDSTUK. - Wijzigingen van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen
CHAPITRE UNIQUE. - Modifications de la loi du 15 décembre 1980 sur l'accès au territoire, le séjour, l'établissement et l'éloignement des étrangers
Art.177. In artikel 8bis , § 5, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, ingevoegd bij de wet van 1 september 2004, worden de woorden " , 40bis of 40ter " ingevoegd tussen de woorden " artikel 40 " en de woorden " bedoelde vreemdelingen ".
Art.177. L'article 8bis , § 5, de la loi du 15 décembre 1980 sur l'accès au territoire, le séjour, l'établissement et l'éloignement des étrangers, inséré par la loi du 1er septembre 2004, est complété par les mots " , 40bis ou 40ter ".
Art.178. In artikel 9bis , § 1, tweede lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 15 september 2006, worden de woorden " waarop het beroep niet toelaatbaar wordt verklaard " vervangen door de woorden " waarop een verwerpingsarrest inzake het toegelaten beroep is uitgesproken ".
Art.178. Dans l'article 9bis , § 1er, alinéa 2, de la même loi, inséré par la loi du 15 septembre 2006, les mots " où le recours est déclaré non admissible " sont remplacés par les mots " où un arrêt de rejet du recours admis est prononcé ".
Art.179. In artikel 9ter , § 1, derde lid van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 15 september 2006, worden de woorden " de asielzoeker wiens asielaanvraag niet het voorwerp heeft uitgemaakt van een definitieve beslissing of die een overeenkomstig artikel 20 van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, toelaatbaar verklaard administratief cassatieberoep heeft ingediend " vervangen door de woorden " de asielzoeker wiens asielaanvraag niet definitief werd afgewezen of die tegen deze beslissing een overeenkomstig artikel 20 van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, toelaatbaar cassatieberoep heeft ingediend ".
Art.179. Dans le texte néerlandais de l'article 9ter , § 1er, alinéa 3, de la même loi, inséré par la loi du 15 septembre 2006, les mots " de asielzoeker wiens asielaanvraag niet het voorwerp heeft uitgemaakt van een definitieve beslissing of die een overeenkomstig artikel 20 van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, toelaatbaarverklaard administratief cassatieberoep heeft ingediend " sont remplacés par les mots " de asielzoeker wiens asielaanvraag niet definitief werd afgewezen of die tegen deze beslissing een overeenkomstig artikel 20 van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, toelaatbaar cassatieberoep heeft ingediend ".
Art.180. In artikel 12 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 6 augustus 1993, 24 mei 1994 en 15 september 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid worden de woorden " de bevolkingsregisters en de identiteitskaarten " vervangen door de woorden " de bevolkingsregisters, de identiteitskaarten, de vreemdelingenkaarten en de verblijfsdocumenten ";
  2° in het tweede lid worden de woorden " die zich vluchteling verklaart of die vraagt om als vluchteling te worden erkend " vervangen door de woorden " die een asielaanvraag indient ";
  3° in het tweede lid worden de woorden " § 1, " ingevoegd tussen de woorden " artikel 1, " en de woorden " eerste lid, 2° ".
Art.180. · l'article 12 de la même loi, modifié par les loi des 6 août 1993, 24 mai 1994 et 15 septembre 2006, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa 1er, les mots " registres de la population et aux cartes d'identité " sont remplacés par les mots " registres de la population, aux cartes d'identité, aux cartes d'étranger et aux documents de séjour ";
  2° dans l'alinéa 2, les mots " qui se déclare réfugié ou qui demande la reconnaissance de la qualité de réfugié " sont remplacés par les mots " qui introduit une demande d'asile ";
  3° dans l'alinéa 2, les mots " § 1er, " sont insérés entre les mots " l'article 1er, " et les mots " alinéa 1er, 2° ".
Art.181. In artikel 12bis , § 1, tweede lid, 3°, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 6 augustus 1983 en vervangen bij de wet van 15 september 2006, wordt het woord " uitzonderlijke " vervangen door het woord " buitengewone ".
Art.181. Dans le texte néerlandais de l'article 12bis , § 1er, alinéa 2, 3°, de la même loi, inséré par la loi du 6 août 1983 et remplacé par la loi du 15 septembre 2006, le mot " uitzonderlijke " est remplacé par le mot " buitengewone ".
Art.182. In artikel 12bis , § 3, vierde lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 6 augustus 1983 en vervangen bij de wet van 15 september 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het woord " tweemaal " wordt ingevoegd tussen de woorden " kan de minister of zijn gemachtigde deze termijn " en de woorden " met een periode ";
  2° in de Franse tekst worden de woorden " de l'administration communale " vervangen door de woorden " du demandeur ".
Art.182. · l'article 12bis , § 3, alinéa 4, de la même loi, inséré par la loi du 6 août 1983 et remplacé par la loi du 15 septembre 2006, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le texte néerlandais, le mot " tweemaal " est inséré entre les mots " kan de minister of zijn gemachtigde deze termijn " et les mots " met een periode ";
  2° les mots " de l'administration communale " sont remplacés par les mots " du demandeur ".
Art.183. In artikel 21, § 3, 2°, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 26 mei 2005, wordt het woord " optie " vervangen door het woord " nationaliteitskeuze ".
Art.183. Dans le texte néerlandais de l'article 21, § 3, 2°, de la même loi, remplacé par la loi du 26 mai 2005, le mot " optie " est remplacé par le mot " nationaliteitskeuze ".
Art.184. In artikel 25, vierde lid, van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 15 juli 1996, worden de woorden " van het verzoek tot herziening " vervangen door de woorden " van het bedoelde annulatieberoep in artikel 39/79, § 1, tweede lid, 4° ".
Art.184. Dans l'article 25, alinéa 4, de la même loi, remplacé par la loi du 15 juillet 1996, les mots " de la demande en révision " sont remplacés par les mots " du recours en annulation visé à l'article 39/79, § 1er, alinéa 2, 4° ".
Art.185. In artikel 33, laatste lid, van dezelfde wet, worden de woorden " moeten van Belgische nationaliteit zijn. Zij " opgeheven.
Art.185. Dans l'article 33, dernier alinéa, de la même loi, les mots " doivent être de nationalité belge. Ils " sont abrogés.
Art.186. In artikel 40bis , § 2, tweede lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 april 2007, worden de woorden " van de vreemdeling " vervangen door de woorden " van de burger van de Unie ".
Art.186. Dans l'article 40bis , § 2, alinéa 2, de la même loi, inséré par la loi du 25 avril 2007, les mots " de l'étranger " sont remplacés par les mots " du citoyen de l'Union ".
Art.187. In artikel 57/6, eerste lid, 8°, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 14 juli 1987 en vervangen bij de wet van 15 september 2006, wordt het woord " vreemdelingen " vervangen door het woord " vluchtelingen ".
Art.187. Dans le texte néerlandais de l'article 57/6, alinéa 1er, 8°, de la même loi, inséré par la loi du 14 juillet 1987 et remplacé par la loi du 15 septembre 2006, le mot " vreemdelingen " est remplacé par le mot " vluchtelingen ".
Art.188. In artikel 61/4, § 1, tweede lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 15 september 2006, worden de woorden " tweede lid " vervangen door de woorden " § 1, vijfde lid, en § 2 ".
Art.188. Dans l'article 61/4, § 1er, alinéa 2, de la même loi, inséré par la loi du 15 septembre 2006, les mots " alinéa 2 " sont remplacés par les mots " § 1er, alinéa 5, et § 2 ".
Art.189. In artikel 61/8 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 april 2007, worden de woorden " § 2bis " vervangen door de woorden " § 3 ".
Art.189. Dans l'article 61/8 de la même loi, inséré par la loi du 25 avril 2007, les mots " § 2bis " sont remplacés par les mots " § 3 ".
Art.190. In artikel 73, tweede lid, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 15 juli 1996, worden de woorden " zijn verzoek tot herziening " vervangen door de woorden " zijn annulatieberoep ".
Art.190. Dans l'article 73, alinéa 2, de la même loi, modifié par la loi du 15 juillet 1996, les mots " sa demande en révision " sont remplacés par les mots " son recours en annulation ".
Art.191. In artikel 74/5, § 5, tweede lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 18 juli 1991 en vervangen bij de wet van 15 september 2006, worden de woorden " of de subsidiaire beschermingsstatus " ingevoegd tussen de woorden " gelijkgesteld met een beslissing tot weigering van de vluchtelingenstatus " en de woorden " in de zin van artikel 52, § 2 ".
Art.191. · l'article 74/5, § 5, alinéa 2, de la même loi, inséré par la loi du 18 juillet 1991 et remplacé par la loi du 15 septembre 2006, les mots " ou du statut de protection subsidiaire " sont insérés entre les mots " de plein droit à une décision de refus du statut de réfugié " et les mots " au sens de l'article 52, § 2 ".
Art. 192. In artikel 74/8, § 1, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 15 juli 1996 en gewijzigd bij de wet van 15 september 2006, worden de woorden " wordt opgesloten overeenkomstig de artikelen 7, derde lid, en 27, derde lid, of ter beschikking wordt gesteld van de regering overeenkomstig artikel 25, vierde lid, of wordt vastgehouden overeenkomstig artikel 74/5, § 1, en 74/6, § § 1 en 1bis " vervangen door de woorden " wordt opgesloten, ter beschikking gesteld van de Regering of vastgehouden overeenkomstig de artikelen 7, 8bis , § 4, 25, 27, 29, tweede lid, 51/5, § 1 of § 3, 52/4, vierde lid, 54, 57/32, § 2, tweede lid, 74/5 of 74/6, § 1 of § 1bis ".
Art. 192. Dans l'article 74/8, § 1er, de la même loi, inséré par la loi du 15 juillet 1996 et modifié par la loi du 15 septembre 2006, les mots " est détenu en application des articles 7, alinéa 3, et 27, alinéa 3, mis à la disposition du gouvernement en application de l'article 25, alinéa 4, ou maintenu en application des articles 74/5, § 1er, et 74/6, § § 1er et 1erbis " sont remplacés par les mots " est détenu, mis à la disposition du Gouvernement ou maintenu en application des articles 7, 8bis , § 4, 25, 27, 29, alinéa 2, 51/5, § 1er ou § 3, 52/4, alinéa 4, 54, 57/32, § 2, alinéa 2, 74/5 ou 74/6, § 1er ou § 1er bis ".