Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
21 APRIL 2007. - Wet houdende diverse bepalingen betreffende de procedure inzake indiening van Europese octrooiaanvragen en de gevolgen van deze aanvragen en van de Europese octrooien in België.(NOTA : opgeheven in de toekomst bij W2014-04-19/60, art. 32,§2, 015; Inwerkingtreding : onbepaald )(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 04-09-2007 en tekstbijwerking tot 28-12-2017)
Titre
21 AVRIL 2007. - Loi portant diverses dispositions relatives à la procédure de dépôt des demandes de brevet européen et aux effets de ces demandes et des brevets européens en Belgique.(NOTE : abrogé dans le futur par L2014-04-19/60, art. 32,§2, 004; En vigueur : indéterminée ) (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 04-09-2007 et mise à jour au 28-12-2017)
Informations sur le document
Info du document
Tekst (20)
Texte (20)
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
Article 1. La présente loi règle une matière visée à l'article 78 de la Constitution.
Art.1/1. [1 Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder:
   1° Verordening 1257/2012: de Verordening Nr. 1257/2012 van 17 december 2012 van het Europees Parlement en de Raad tot het uitvoering geven aan een nauwere samenwerking op het gebied van de instelling van eenheidsoctrooibescherming;
   2° het Europees octrooi: een octrooi dat door het Europees Octrooibureau ("EOB") volgens de regels en procedures zoals vastgelegd in het Europees Octrooiverdrag is verleend, onafhankelijk van het feit of het Europees octrooi eenheidswerking geniet krachtens de Verordening 1257/2012;
   3° het Europees octrooi met eenheidswerking: het Europees octrooi dat eenheidswerking geniet krachtens de Verordening 1257/2012;
   4° het Europees octrooi zonder eenheidswerking: het Europees octrooi dat geen eenheidswerking heeft krachtens de Verordening 1257/2012;
   5° het eengemaakt octrooigerecht: het gerecht gemeenschappelijk aan de overeenkomstsluitende lidstaten dat werd ingesteld door de Overeenkomst betreffende de oprichting van een eengemaakt octrooigerecht, ondertekend op 19 februari 2013.]1

  
Art.1er /1. [1 Pour l'application de la présente loi, on entend par :
   1° Règlement 1257/2012 : le Règlement (UE) n° 1257/2012 du Parlement européen et du Conseil du 17 décembre 2012 mettant en oeuvre la coopération renforcée dans le domaine de la création d'une protection unitaire conférée par un brevet ;
   2° le brevet européen : un brevet délivré par l'Office européen des brevets ("OEB") conformément aux règles et procédures prévues dans la Convention sur le brevet européen, indépendamment du fait que le brevet jouisse ou non de l'effet unitaire en vertu du Règlement 1257/2012 ;
   3° le brevet européen avec effet unitaire : le brevet européen auquel est conféré un effet unitaire en vertu du Règlement 1257/2012 ;
   4° le brevet européen sans effet unitaire : le brevet européen auquel aucun effet unitaire n'est conféré en vertu du Règlement 1257/2012 ;
   5° la juridiction unifiée du brevet : la juridiction commune aux Etats membres contractants instituée par l'Accord relatif à la création d'une juridiction unifiée du brevet, signé le 19 février 2013.]1

  
Art.2. § 1. De octrooiaanvraag verricht volgens de bepalingen van het Europees Octrooiverdrag herzien door de Akte van 29 november 2000 (hierna te noemen " Europees Octrooiverdrag ") kan, naar keuze van de aanvrager, ingediend worden hetzij bij de Dienst voor de Intellectuele Eigendom van de Federale Overheidsdienst Economie [1 (hierna te noemen "de Dienst")]1, hetzij bij het Europees Octrooibureau.
  § 2. De octrooiaanvraag verricht volgens de bepalingen van het Europees Octrooiverdrag, door personen die de Belgische nationaliteit bezitten of hun woonplaats of hun zetel in België hebben en die de verdediging van het grondgebied of de veiligheid van de Staat kan aanbelangen moet bij de Dienst voor de Intellectuele Eigendom worden ingediend. De bepalingen van de wet van 10 januari 1955 betreffende de bekendmaking en de toepassing der uitvindingen en fabrieksgeheimen welke de verdediging van het grondgebied of de veiligheid van de Staat aanbelangen zijn hierop van toepassing.
  § 3. De Europese octrooiaanvraag verleent niet de in het artikel 64 van het Europees Octrooiverdrag bedoelde bescherming. Een redelijke vergoeding, vastgesteld volgens de omstandigheden, kan echter geëist worden van elke persoon die de uitvinding waarop de aanvraag betrekking heeft in België heeft geëxploiteerd vanaf de dag waarop de conclusies voor het publiek toegankelijk zijn gemaakt bij de Dienst voor de Intellectuele Eigendom of aan deze persoon zijn verstrekt in één van de (...) nationale talen. <W 2008-07-24/35, art. 58, 002; Inwerkingtreding : 17-08-2008>
  
Art.2. § 1er. La demande de brevet effectuée suivant les dispositions de la Convention sur le brevet européen révisée par l'Acte du 29 novembre 2000 (ci-après dénommée " Convention sur le brevet européen ") peut être déposée, au choix du demandeur, soit auprès de l'Office de la Propriété Intellectuelle du Service public fédéral Economie [1 (ci-après dénommé "l'Office")]1, soit auprès de l'Office européen des brevets.
  § 2. La demande de brevet, effectuée suivant les dispositions de la Convention sur le brevet européen, par des personnes ayant la nationalité belge ou leur domicile ou leur siège en Belgique et qui peut intéresser la défense du territoire ou la sûreté de l'Etat doit être déposée auprès de l'Office de la Propriété Intellectuelle. Les dispositions de la loi du 10 janvier 1955 relative à la divulgation et à la mise en oeuvre des inventions et secrets de fabrique intéressant la défense du territoire ou la sûreté de l'Etat lui sont applicables.
  § 3. La demande de brevet européen n'assure pas la protection visée à l'article 64 de la Convention sur le brevet européen. Néanmoins une indemnité raisonnable, fixée suivant les circonstances, peut être exigée de toute personne ayant exploité en Belgique l'invention, objet de la demande, à partir de la date à laquelle les revendications ont été rendues accessibles au public auprès de l'Office de la Propriété Intellectuelle ou ont été remises à cette personne dans une des langues nationales.
  
Art.3. [1 § 1. Het Europees octrooi zonder eenheidswerking, zoals verleend naar aanleiding van een aanvraag waarin België wordt aangewezen, of zoals in stand gehouden in gewijzigde of beperkte vorm door het Europees Octrooibureau, verleent aan de houder ervan, onafhankelijk van de officiële taal van het Europees Octrooibureau waarin het octrooi wordt verleend, en in voorkomend geval in stand gehouden, dezelfde rechten als die welke een Belgisch octrooi hem zou verlenen, te rekenen vanaf de datum waarop de vermelding van de verlening van het octrooi in het Europees Octrooiblad gepubliceerd wordt, of, in voorkomend geval, van de beslissing aangaande het behoud van het octrooi in de gewijzigde of beperkte vorm.
   § 2. De Dienst houdt een register van alle Europese octrooien zonder eenheidswerking bedoeld in paragraaf 1 die gevolgen hebben op het nationaal grondgebied. De Dienst stelt de tekst van het octrooi in de officiële taal van het Europees Octrooibureau waarin het octrooi werd verleend of, in voorkomend geval, in stand gehouden ter beschikking van het publiek.
   § 3. De Dienst ontvangt de nationale taksen voor de instandhouding van het Europees octrooi zonder eenheidswerking voor de jaren die volgen op het jaar waarin de publicatie heeft plaatsgehad van de vermelding van de verlening van het octrooi.]1

  
Art.3. [1 § 1er. Le brevet européen sans effet unitaire délivré, ou maintenu tel que modifié ou limité par l'Office européen des brevets, à la suite d'une demande dans laquelle la Belgique est désignée, confère à son titulaire, indépendamment de la langue officielle de l'Office européen des brevets dans laquelle il est délivré, et le cas échéant maintenu, les mêmes droits qu'un brevet belge lui conférerait, à compter de la date de publication au Bulletin européen des brevets de la mention de la délivrance du brevet, ou, le cas échéant de la décision relative au maintien du brevet sous sa forme modifiée ou limitée.
   § 2. L'Office de la Propriété Intellectuelle tient un registre de tous les brevets européens sans effet unitaire visés au paragraphe 1er qui ont effet sur le territoire national. L'Office met à la disposition du public le texte du brevet dans la langue officielle de l'Office européen des brevets dans laquelle il est délivré et, le cas échéant, maintenu.
   § 3. L'Office de la Propriété Intellectuelle perçoit les taxes nationales pour le maintien en vigueur du brevet européen sans effet unitaire pour les années qui suivent celle au cours de laquelle a eu lieu la publication de la mention de la délivrance du brevet.]1

  
Art.4. [1 De hoven en rechtbanken kunnen een volledige vertaling eisen van de aanvraag of van het verleend octrooi zonder eenheidswerking in de taal van de gerechtelijke procedure.]1
  
Art.4. [1 Les cours et tribunaux peuvent exiger une traduction intégrale de la demande ou du brevet sans effet unitaire délivré dans la langue de la procédure judiciaire.]1
  
Art. 4/1. [1 De Dienst stelt taaltechnologische diensten die de automatische vertaling van octrooi-informatie mogelijk maken, ter beschikking via een door de Koning aangeduide website waar de Europese octrooiaanvragen en de verleende Europese octrooien onder gelijke voorwaarden kunnen worden geraadpleegd in alle nationale talen.
   De Koning kan de nadere regels en de voorwaarden van terbeschikkingstelling van de bedoelde taaltechnologische diensten verder uitwerken.]1

  
Art. 4/1. [1 L'Office met à disposition les services d'ingénierie linguistique permettant la traduction automatique des informations relatives aux brevets, par le biais d'un site internet désigné par le Roi, sur lequel les demandes de brevet européen et les brevets européens délivrés peuvent être consultés dans les mêmes conditions, dans toutes les langues nationales.
   Le Roi peut préciser les modalités et les conditions de la mise à disposition des services d'ingénierie linguistique visés.]1

  
Art.4/2. [1 De bepalingen van de Overeenkomst betreffende het eengemaakt octrooigerecht zijn van toepassing op de Europese octrooien zonder eenheidswerking die op het Belgische grondgebied als een nationaal octrooi van kracht zijn geworden, onder voorbehoud van de toepassing van artikel 83, paragrafen 1 tot 3 en paragraaf 5 van deze overeenkomst.]1
  
Art.4/2. [1 Les dispositions de l'Accord relatif à la juridiction unifiée du brevet s'appliquent aux brevets européens sans effet unitaire qui ont pris effet sur le territoire belge en tant que brevets nationaux, sous réserve de l'application de l'article 83, paragraphes 1 à 3 et paragraphe 5 de cet Accord.]1
  
Art.4/3. [1 Wanneer de eenheidswerking van een Europees octrooi is geregistreerd krachtens de Verordening 1257/2012, wordt dit Europees octrooi geacht niet als een nationaal octrooi van kracht te zijn geworden op de datum van de publicatie van de vermelding van de verlening in het Europees Octrooiblad.]1
  
Art.4/3. [1 Lorsque l'effet unitaire d'un brevet européen a été enregistré en vertu du Règlement 1257/2012, ce brevet européen est réputé n'avoir pas pris effet en tant que brevet national à la date de publication de la mention de sa délivrance dans le Bulletin européen des brevets.]1
  
Art.5. § 1. Voor zover een Belgisch octrooi betrekking heeft op een uitvinding waarvoor een Europees octrooi is verleend aan dezelfde uitvinder of aan zijn rechtverkrijgende met dezelfde aanvraagdatum of, indien voorrang is ingeroepen, met dezelfde voorrangsdatum, heeft het Belgisch octrooi voor zover het dezelfde uitvinding als het Europees octrooi beschermt geen rechtsgevolgen meer vanaf hetzij de datum waarop de voor het instellen van oppositie tegen het Europees octrooi vastgestelde termijn is verstreken zonder dat oppositie is ingesteld hetzij de datum waarop de oppositieprocedure is afgesloten waarbij het Europees octrooi is in stand gehouden.
  Het beëindigen of de nietigverklaring van het Europees octrooi op een later tijdstip laat de bepalingen van dit artikel onverlet.
  § 2. De rechtbank van koophandel van Brussel stelt vast dat het Belgisch octrooi opgehouden heeft geheel of gedeeltelijk rechtsgevolgen te hebben in de voorwaarden bepaald in § 1.
  De griffiers der hoven en rechtbanken delen, per gewone brief, aan de Dienst voor de Intellectuele Eigendom kosteloos een afschrift mede van de rechterlijke beslissingen op grond van deze paragraaf gewezen binnen één maand na het in kracht van gewijsde gaan van het vonnis of arrest, of van het instellen van een beroep of verzet tegen het vonnis of arrest.
  § 3. Wanneer het arrest of het vonnis in kracht van gewijsde is gegaan dan wordt de vaststelling ingeschreven in het register en ter kennis van het publiek gebracht.
Art.5. § 1er. Dans la mesure où un brevet belge a pour objet une invention pour laquelle un brevet européen a été délivré au même inventeur ou à son ayant cause avec la même date de dépôt ou, si une priorité a été revendiquée, avec la même date de priorité, le brevet belge, pour autant qu'il couvre la même invention que le brevet européen, cesse de produire ses effets soit à la date à laquelle le délai prévu pour la formation de l'opposition au brevet européen est expiré sans qu'une opposition ait été formée, soit à la date à laquelle la procédure d'opposition est close, le brevet européen ayant été maintenu.
  L'extinction ou l'annulation ultérieure du brevet européen n'affecte pas les dispositions du présent article.
  § 2. Le tribunal de commerce de Bruxelles constate que le brevet belge a cessé de produire ses effets en tout ou en partie dans les conditions prévues au § 1er.
  Les greffiers des cours et tribunaux communiquent gratuitement, par lettre ordinaire, à l'Office de la Propriété Intellectuelle une copie des décisions judiciaires rendues sur la base du présent paragraphe au plus tard un mois après la date à laquelle l'arrêt ou le jugement a été coulé en force de chose jugée ou après la date à laquelle un appel a été interjeté ou une opposition a été formée contre cette décision.
  § 3. Lorsque l'arrêt ou le jugement est coulé en force de chose jugée, la constatation est inscrite au registre des brevets et portée à la connaissance du public.
Art.6. De houder van een Europese aanvraag kan vragen in de gevallen bedoeld in artikel 135, § 1, onder a, van het Europees Octrooiverdrag de nationale verleningsprocedure voor een Belgisch uitvindingsoctrooi te beginnen. Deze aanvraag zal afgewezen worden indien er niet binnen een termijn van drie maanden na ontvangst door de Dienst voor de Intellectuele Eigendom, van de aanvraag tot omzetting aan de volgende voorwaarden is voldaan :
  a) de betaling van de nationale indieningstaks;
  b) de indiening van de tekst van de aanvraag in één van de nationale talen indien de Europese octrooiaanvraag niet gesteld is in één van deze talen.
  Het verslag van nieuwheidsonderzoek kan, indien het is opgesteld door het Europees Octrooibureau gebruikt worden in de verleningsprocedure.
Art.6. Le titulaire d'une demande européenne peut demander dans les cas visés à l'article 135, § 1er, lettre a, de la Convention sur le brevet européen, d'engager la procédure de délivrance d'un brevet d'invention belge. Cette demande sera rejetée s'il ne satisfait pas, dans un délai de trois mois après réception par l'Office de la Propriété Intellectuelle de la requête en transformation, aux conditions suivantes :
  a) acquitter la taxe nationale de dépôt;
  b) produire le texte de la demande dans une des langues nationales si la demande de brevet européen n'est pas rédigée dans une de ces langues.
  Le rapport de recherche, s'il a été établi par l'Office européen des brevets, pourra être utilisé dans la procédure de délivrance.
Art.7. De Koning wijst de nationale autoriteiten aan tot wie het Europees bureau zich kan wenden voor administratieve en gerechtelijke samenwerking in toepassing van artikel 131 van het Europees Octrooiverdrag.
Art.7. Le Roi désigne les autorités nationales auxquelles l'Office européen peut s'adresser pour demander une coopération administrative et judiciaire en vertu de l'article 131 de la Convention sur le brevet européen.
Art.8. Het verzoek om een technisch advies bedoeld in artikel 25 van het Europees Octrooiverdrag mag rechtstreeks aan het Europees Octrooibureau gestuurd worden.
Art.8. La requête pour un avis technique, visée à l'article 25 de la Convention sur le brevet européen peut être directement adressée à l'Office européen des brevets.
Art.10. Artikel 574 van het Gerechtelijk Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 22 juli 1991, 17 juli 1997, 10 februari 1998, 10 februari 1999, 7 mei 1999, 24 maart 2003, 22 juli 2004 en 20 december 2005, wordt aangevuld met het volgende lid :
  " 15° de vordering om te laten vaststellen dat er een cumulatie is van verworven beschermingen voor éénzelfde uitvinding door het Belgische octrooi en door het Europese octrooi, ingesteld bij toepassing van artikel 5 van de wet van ... houdende diverse bepalingen betreffende de procedure voor het indienen van Europese octrooiaanvragen en de gevolgen van deze aanvragen en van de Europese octrooien in België ".
Art.10. L'article 574 du Code judiciaire, modifié par les lois du 22 juillet 1991, 17 juillet 1997, 10 février 1998, 10 février 1999, 7 mai 1999, 24 mars 2003, 22 juillet 2004 et 20 décembre 2005, est complété par l'alinéa suivant :
  " 15° de l'action visant à faire constater le cumul des protections acquises, pour une même invention, par le brevet belge et par le brevet européen et formée en application de l'article 5 de la loi du ... portant diverses dispositions relatives à la procédure de dépôt des demandes de brevet européen et aux effets de ces demandes et des brevets européens en Belgique ".
Art.11. In artikel 633quinquies van het Gerechtelijk Wetboek ingevoegd bij de wet van 20 december 2005, worden de woorden " in de gevallen zoals bedoeld in artikel 574, 11° en 14° " vervangen door de woorden " in de gevallen zoals bedoeld in artikel 574, 11°, 14° en 15° ".
Art.11. Dans l'article 633quinquies du Code judiciaire, inséré par la loi du 20 décembre 2005, les mots " dans les cas prévus à l'article 574, 11° et 14° " sont remplacés par les mots " dans les cas prévus à l'article 574, 11°, 14° et 15° ".
Art.12. In artikel 2, § 2, van de wet van 8 juli 1977 houdende goedkeuring van volgende internationale akten :
  1. Verdrag betreffende de eenmaking van enige beginselen van het octrooirecht, opgemaakt te Straatsburg op 27 november 1963;
  2. Verdrag tot samenwerking inzake octrooien, en Uitvoeringsreglement, opgemaakt te Washington op 19 juni 1970;
  3. Verdrag betreffende de verlening van Europese octrooien (Europees Octrooiverdrag), Uitvoeringsreglement en vier Protocollen, opgemaakt te München op 5 oktober 1973;
  4. Verdrag betreffende het Europees octrooi voor de Gemeenschappelijke Markt (Gemeenschapsoctrooiverdrag), en Uitvoeringsreglement, opgemaakt te Luxemburg op 15 december 1975,
  vervallen de woorden " en van de wet van 4 augustus 1955 betreffende de veiligheid van de Staat op het gebied van atoomenergie ".
Art.12. Dans l'article 2, § 2, de la loi du 8 juillet 1977 portant approbation des actes internationaux suivants :
  1. Convention sur l'unification de certains éléments du droit des brevets d'inventions, faite à Strasbourg le 27 novembre 1963;
  2. Traité de coopération en matière de brevets et Règlement d'exécution, faits à Washington le 19 juin 1970;
  3. Convention sur la délivrance des brevets européens (Convention sur le brevet européen) et quatre Protocoles, faits à Munich le 5 octobre 1973;
  4. Convention relative au brevet européen pour le Marché commun (convention sur le brevet communautaire) et Règlement d'exécution, faits à Luxembourg le 15 décembre 1975,
  les mots " et de la loi du 4 août 1955 concernant la sûreté de l'Etat dans le domaine de l'énergie nucléaire " sont supprimés.
Art.13. In artikel 3, § 2 van dezelfde wet vervallen de woorden " en van de wet van 4 augustus 1955 betreffende de veiligheid van de Staat op het gebied van atoomenergie ".
Art.13. Dans l'article 3, § 2 de la même loi, les mots " et de la loi du 4 août 1955 concernant la sûreté de l'Etat dans le domaine de l'énergie nucléaire " sont supprimés.
Art.14. In artikel 7, § 2, van dezelfde wet worden de woorden " De rechtbanken van eerste aanleg stellen vast " vervangen door de woorden " De rechtbank van koophandel van Brussel stelt vast ".
Art.14. Dans l'article 7, § 2, de la même loi, les mots " Les tribunaux de première instance constatent " sont remplacés par les mots " Le tribunal de commerce de Bruxelles constate ".
Art.15. Deze wet is van toepassing op alle Europese octrooiaanvragen die worden ingediend na de inwerkingtreding ervan, alsmede op alle Europese octrooien die zijn verleend naar aanleiding van die aanvragen.
  Onverminderd beslissingen van de Raad van bestuur van de Europese octrooiorganisatie genomen in toepassing van artikel 7, § 1, tweede zin en § 2, van de Akte van herziening van het Verdrag inzake de verlening van Europese octrooien (Verdrag inzake het Europees octrooi) van 5 oktober 1973, laatst gewijzigd op 17 december 1991, gedaan te München op 29 november 2000, is deze wet niet van toepassing op Europese octrooien die reeds zijn verleend op de datum van de inwerkingtreding ervan noch op Europese octrooiaanvragen die op dat tijdstip in behandeling zijn.
Art.15. La présente loi s'applique à toutes les demandes de brevet européen déposées après son entrée en vigueur et aux brevets européens délivrés sur la base de ces demandes.
  Sans préjudice de décisions du Conseil d'administration de l'Organisation européenne des brevets prises en application de l'article 7, § 1er, deuxième phrase et § 2, de l'Acte portant révision de la Convention sur la délivrance de brevets européens (Convention sur le brevet européen) du 5 octobre 1973, révisée en dernier lieu le 17 décembre 1991, fait à Munich le 29 novembre 2000, la présente loi ne s'applique pas aux brevets européens déjà délivrés lors de son entrée en vigueur, ni aux demandes de brevet européen qui sont pendantes à cette date.
Art. 16. Deze wet treedt in werking op de datum van het in werking treden ten aanzien van België van het Verdrag inzake de verlening van Europese octrooien van 5 oktober 1973, herzien door de Akte gedaan te München op 29 november 2000. ( Inwerkingtreding : 13-12-2007, zie http://www.epo.org/patents/law/legal-texts/html/epc/1973/f/ma1.html)
Art. 16. La présente loi entre en vigueur à la date d'entrée en vigueur à l'égard de la Belgique de la Convention sur la délivrance de brevets européens du 5 octobre 1973, révisée par l'Acte fait à Munich le 29 novembre 2000. ( En vigueur : 13-12-2007, voir http://www.epo.org/patents/law/legal-texts/html/epc/1973/f/ma1.html)