- " De wet " : de wet van 30 december 1992 houdende sociale en diverse bepalingen en in het bijzonder hoofdstuk III, oprichting van een Algemeen Beheerscomité voor het sociaal statuut der zelfstandigen;
- " Algemeen Beheerscomité " : het Algmeen Beheerscomité voor het sociaal statuut der zelfstandigen, zoals opgericht bij artikel 107 van de wet;
- " Rijksinstituut " : het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen;
- " Voorzitter " : de voorzitter van het Algemeen Beheerscomité benoemd in toepassing van artikel 108, § 3, van de wet;
- " Stemgerechtigde leden " : de leden bedoeld in artikel 108, § 2, van de wet;
- " Raadgevende leden " : de leden bedoeld in artikel 108, § 4 van de wet;
- " Leden " : de stemgerechtigde en de raadgevende leden samen;
- " Plaatsvervangers " : de plaatsvervangers zoals bedoeld in artikel 108, § 5, van de wet;
- " Secretaris " : [1 de secretaris benoemd krachtens de artikelen 108, § 1 en 114, § 3 van de wet]1;
- " Secretariaat " : [1 de Secretaris,]1 de verslaggevers en andere personeelsleden van het Rijksinstituut, die door de Administrateur-generaal ter beschikking van het Algemeen Beheerscomité worden gesteld in toepassing van artikel 114, § 1, van de wet;
- " Deskundigen " : de personen bedoeld in artikel 113 van de wet;
- " Werkgroepen " : de werkgroepen opgericht door het Algemeen Beheerscomité krachtens artikel 113 van de wet;
- " Derden " : andere personen dan die welke hiervoor vermeld worden.