Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
2 SEPTEMBER 1993. - Paritair Comité voor de handel in voedingswaren. - Collectieve arbeidsovereenkomst van 2 september 1993. - Organisatie van de waarborg en de faciliteiten van vereffening van de brugpensioenvergoeding (Overeenkomst geregistreerd op 21 januari 1994 onder het nummer 34.748/CO/119).
Titre
2 SEPTEMBRE 1993. - Commission paritaire du commerce alimentaire. - Convention collective de travail du 2 septembre 1993. - Organisation de la garantie et des facilités de liquidation de l'indemnité de prépension (Convention enregistrée le 21 janvier 1994 sous le numéro 34.748/CO/119).
Informations sur le document
Numac: 1993090268
Datum: 1993-09-02
Info du document
Numac: 1993090268
Date: 1993-09-02
Table des matières
Tekst (18)
Texte (18)
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied.
CHAPITRE I. - Champ d'application.
Artikel 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en de werklieden en werksters van de ondernemingen die ressorteren onder de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de handel in voedingswaren.
Article 1. La présente convention collective de travail s'applique aux employeurs et aux ouvriers et ouvrières des entreprises relevant de la compétence de la Commission paritaire du commerce alimentaire.
HOOFDSTUK II. - Principe.
CHAPITRE II. - Principes.
Art. 2. Het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor de handel in voedingswaren" wordt gelast de vereffening te vergemakkelijken en te waarborgen van de vergoeding voorzien in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974 van de Nationale Arbeidsraad tot invoering van een regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij worden ontslagen, en dat in alle gevallen van toepassing van de regeling, behalve de gevallen bedoeld in artikel 8, tweede lid van deze collectieve arbeidsovereenkomst.
Voor de toepassing van deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt de door de overeenkomst nr. 17 van de Nationale Arbeidsraad bedoelde leeftijd van 60 jaar verlaagd tot 58 jaar.
Voor de toepassing van deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt de door de overeenkomst nr. 17 van de Nationale Arbeidsraad bedoelde leeftijd van 60 jaar verlaagd tot 58 jaar.
Art. 2. Le "Fonds social et de garantie du commerce alimentaire" est chargé de faciliter et de garantir le paiement de l'indemnité prévue par la convention collective de travail n° 17 du 19 décembre 1974 du Conseil national du travail instituant un régime d'indemnité complémentaire pour certains travailleurs âgés, en cas de licenciement, et ce dans tous les cas d'application du régime, sauf les cas visés à l'article 8, alinéa 2 de la présente convention collective de travail.
Pour l'application de la présente convention collective de travail, l'âge de 60 ans visé par la convention n° 17 du Conseil national du travail est abaissé à 58 ans.
Pour l'application de la présente convention collective de travail, l'âge de 60 ans visé par la convention n° 17 du Conseil national du travail est abaissé à 58 ans.
HOOFDSTUK III. - Vereffening van de aanvullende vergoeding.
CHAPITRE III. - Paiement de l'indemnité complémentaire.
Art. 3. De werkgever die (een) werk(man) (lieden) en/of (een) werkster(s) ontslaat die recht heeft (hebben) op een aanvullende vergoeding krachtens de overeenkomst bedoeld in artikel 2 of een ondernemingsovereenkomst gesloten in uitvoering van die overeenkomst en die enkel de brugpensioenleeftijd verlaagt, is gehouden daarvan het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor de handel in voedingswaren" in te lichten binnen de zeven dagen die volgen.
Art. 3. L'employeur qui licencie un (des) ouvrier(s) et/ou une (des) ouvrière(s) qui a (ont) droit à une indemnité complémentaire en vertu soit de la convention visée à l'article 2, soit d'une convention d'entreprise conclue en exécution de ladite convention et abaissant uniquement l'âge de la prépension, est tenu d'en informer le "Fonds social et de garantie du commerce alimentaire" dans les sept jours qui suivent.
Art. 4. De werkgever zal aan het sociaal Fonds alle inlichtingen verstrekken die nodig zijn voor de toepassing van deze collectieve arbeidsovereenkomst, bij middel van formulieren die te zijner beschikking zullen worden gesteld.
Art. 4. L'employeur fournira au fonds social tous les renseignements nécessaires pour l'application de la présente convention collective de travail au moyen des formulaires qui seront mis à sa disposition.
Art. 5. Het sociaal fonds zal elke maand, in de plaats van de werkgever, aan de begunstigden de aanvullende vergoeding betalen voorzien door de in artikel 2 bedoelde collectieve arbeidsovereenkomst, volgens de modaliteiten die zullen worden vastgesteld door de raad van beheer.
Art. 5. Le fonds social paiera chaque mois aux bénéficiaires, en lieu et place de leur employeur, l'indemnité complémentaire prévue par la convention collective de travail visée à l'article 2, selon les modalités qui seront fixées par le conseil d'administration.
Art. 6. Het sociaal fonds zal op ieder ogenblik aan de begunstigden van de aanvullende vergoeding kunnen vragen het bewijs te leveren van hun recht op werkloosheidsuitkeringen.
Wanneer ingeval van arbeidsongeschiktheid de werkman of de werkster afziet van de aanvullende vergoeding om aanspraak te maken op de vergoeding ziekte en invaliditeitsverzekering, dient hij (zij) onmiddellijk het sociaal fonds daarvan te verwittigen.
Wanneer ingeval van arbeidsongeschiktheid de werkman of de werkster afziet van de aanvullende vergoeding om aanspraak te maken op de vergoeding ziekte en invaliditeitsverzekering, dient hij (zij) onmiddellijk het sociaal fonds daarvan te verwittigen.
Art. 6. Le fonds social pourra demander à tout moment aux bénéficiaires de l'indemnité complémentaire, d'apporter la preuve de leur droit aux allocations de chômage.
Lorsqu'en cas d'incapacité de travail, l'ouvrier ou l'ouvrière renonce à l'indemnité complémentaire pour prétendre à l'indemnité assurance maladie et invalidité, il (elle) est tenu(e) d'avertir immédiatement le fonds social de sa renonciation.
Lorsqu'en cas d'incapacité de travail, l'ouvrier ou l'ouvrière renonce à l'indemnité complémentaire pour prétendre à l'indemnité assurance maladie et invalidité, il (elle) est tenu(e) d'avertir immédiatement le fonds social de sa renonciation.
Art. 7. Het sociaal fonds zal elk kalenderkwartaal aan de betrokken werkgevers de bedragen meedelen die in de loop van het voorgaand kwartaal krachtens artikel 5 zijn betaald aan de werklieden en werksters van hun ondernemingen en hun verzoeken deze bedragen binnen de 30 daarop volgende dagen terug te betalen.
De administratieve kosten die voortvloeien uit de verrichte betalingen zijn ten laste van het sociaal fonds; ze zullen nochtans kunnen teruggevorderd worden bij de betrokken werkgevers bij eenvoudige beslissing van de raad van bestuur van het sociaal fonds.
In geval van niet terugbetaling of laattijdige terugbetaling door de werkgever, worden de door deze laatste verschuldigde bedragen verhoogd met verwijlinteresten, zonder dat ingebrekestelling is vereist. De toegepaste verwijlinteresten zijn dezelfde als deze die van toepassing zijn bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.
De administratieve kosten die voortvloeien uit de verrichte betalingen zijn ten laste van het sociaal fonds; ze zullen nochtans kunnen teruggevorderd worden bij de betrokken werkgevers bij eenvoudige beslissing van de raad van bestuur van het sociaal fonds.
In geval van niet terugbetaling of laattijdige terugbetaling door de werkgever, worden de door deze laatste verschuldigde bedragen verhoogd met verwijlinteresten, zonder dat ingebrekestelling is vereist. De toegepaste verwijlinteresten zijn dezelfde als deze die van toepassing zijn bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.
Art. 7. Le fonds social fera connaître chaque trimestre civil aux employeurs concernés les montants payés en vertu de l'article 5 au cours du trimestre précédent aux ouvriers et ouvrières de leurs entreprises et les inviterera à rembourser ces montants dans les 30 jours qui suivent.
Les frais administratifs découlant des paiements effectués sont à charge du fonds social; ils pourront toutefois être récupérés auprès des employeurs concernés sur simple décision du conseil d'administration du fonds social.
En cas de non-remboursement ou de remboursement tardif de l'employeur, les montants dus par celui-ci seront augmentés d'intérêts de retard, sans qu'une mise en demeure soit nécessaire. Les intérêts de retard appliqués sont les mêmes que ceux qui sont d'application à l'Office national de sécurité sociale.
Les frais administratifs découlant des paiements effectués sont à charge du fonds social; ils pourront toutefois être récupérés auprès des employeurs concernés sur simple décision du conseil d'administration du fonds social.
En cas de non-remboursement ou de remboursement tardif de l'employeur, les montants dus par celui-ci seront augmentés d'intérêts de retard, sans qu'une mise en demeure soit nécessaire. Les intérêts de retard appliqués sont les mêmes que ceux qui sont d'application à l'Office national de sécurité sociale.
HOOFDSTUK IV. - Waarborg van betaling van de aanvullende vergoeding.
CHAPITRE IV. - Garantie de paiement de l'indemnité complémentaire.
Art. 8. Het sociaal fonds zal instaan voor de waarborg van de aanvullende vergoeding voorzien bij de in artikel 2 bedoelde collectieve arbeidsovereenkomst ingeval een werkgever niet de verplichtingen nakomt die hem zijn opgelegd krachtens de artikelen 4 tot 7 van deze collectieve arbeidsovereenkomst.
De bepaling van het eerste lid is niet van toepassing op de werkgever die in de onmogelijkheid is zijn verplichtingen na te komen wegens sluiting van onderneming, daar de waarborg van betaling van de aanvullende vergoeding dan is verzekerd door het fonds tot vergoeding van de werknemers ontslagen in geval van sluiting van onderneming krachtens artikel 2 van de wet van 30 juni 1967.
De bepaling van het eerste lid is niet van toepassing op de werkgever die in de onmogelijkheid is zijn verplichtingen na te komen wegens sluiting van onderneming, daar de waarborg van betaling van de aanvullende vergoeding dan is verzekerd door het fonds tot vergoeding van de werknemers ontslagen in geval van sluiting van onderneming krachtens artikel 2 van de wet van 30 juni 1967.
Art. 8. Le fonds social assure la garantie de l'indemnité complémentaire prévue par la convention collective de travail visée à l'article 2 dans le cas où l'employeur ne s'acquitte pas des obligations qui lui incombent en vertu des articles 4 à 7 de cette convention collective de travail.
La disposition de l'alinéa 1er ne s'applique pas à l'employeur qui est dans l'impossibilité de s'acquitter de ses obligations pour cause de fermeture d'entreprise, la garantie de paiement de l'indemnité complémentaire étant assurée par le fonds d'indemnisation des travailleurs licenciés en cas de fermeture d'entreprise, en vertu de l'article 2 de la loi du 30 juin 1967.
La disposition de l'alinéa 1er ne s'applique pas à l'employeur qui est dans l'impossibilité de s'acquitter de ses obligations pour cause de fermeture d'entreprise, la garantie de paiement de l'indemnité complémentaire étant assurée par le fonds d'indemnisation des travailleurs licenciés en cas de fermeture d'entreprise, en vertu de l'article 2 de la loi du 30 juin 1967.
HOOFDSTUK V. - Diverse bepalingen.
CHAPITRE V. - Dispositions diverses.
Art. 9. In geval van niet verschuldigde betaling van de aanvullende vergoeding ingevolge vergissing of verkeerde inlichting, is de werkman of de werkster gehouden aan het fonds de onverschuldigde betaalde bedragen terug te betalen.
Art. 9. En cas de paiement indu de l'indemnité complémentaire à la suite d'une erreur ou d'une information erronée, l'ouvrier ou l'ouvrière est tenu(e) de rembourser au fonds les sommes payées indûment.
Art. 10. De werkman (werkster) die schuldeiser is van de aanvullende vergoeding zal het sociaal fonds in zijn (haar) plaats stellen voor zijn (haar) rechten en vorderingen voor de inning bij de werkgever-schuldenaar van de vergoeding, van de bedragen betaald en de kosten gedragen in toepassing van de artikelen 5, 7 en 8.
Art. 10. L'ouvrier(ère) créancier(ère) de l'indemnité complémentaire subrogera le fonds social dans ses droits et actions pour le recouvrement auprès de l'employeur débiteur de l'indemnité des montants payés et des frais supportés en application des articles 5, 7 et 8.
Art. 11. Op verzoek van de ondernemingen die op hun niveau een regeling van brugpensioen hebben ingesteld die voor de werklieden en werksters gunstiger is dan deze vastgesteld bij de in artikel 2 bedoelde collectieve arbeidsovereenkomst, en dat krachtens een ondernemingsovereenkomst kan het Paritair Comité voor de handel in voedingswaren een afwijking toestaan van sommige bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst in de voorwaarden en volgens de modaliteiten die het vaststelt.
Art. 11. A la demande des entreprises qui ont instauré à leur niveau un régime de prépension plus favorable aux ouvriers et ouvrières que celui fixé par la convention collective de travail visée à l'article 2, et cela en vertu d'une convention d'entreprise, la Commission paritaire du commerce alimentaire peut accorder une dérogation à certaines dispositions de la présente convention collective de travail, dans les conditions et selon les modalités qu'elle fixe.
Art. 12. Elke betwisting met betrekking tot de toepassing van de overeenkomst kan worden voorgelegd aan de raad van beheer van het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor de handel in voedingswaren".
Art. 12. Toute litige au sujet de l'application de la présente convention collective de travail peut être soumis au conseil d'administration du "Fonds social et de garantie du commerce alimentaire".
Art. 13. Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 april 1993 en houdt op van kracht te zijn op 1 april 1995.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 19 mei 1994.
(Voor het KB, zie 1994-05-19/58)
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 19 mei 1994.
(Voor het KB, zie 1994-05-19/58)
Art. 13. La présente convention collective de travail entre en vigueur le 1er avril 1993 et cesse d'être en vigueur le 1er avril 1995.
Vu pour être annexé à l'arrêté royal du 19 mai 1994.
(Pour l'AR, voir 1994-05-19/58)
Vu pour être annexé à l'arrêté royal du 19 mai 1994.
(Pour l'AR, voir 1994-05-19/58)