Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
3 JANUARI 1934. - WET betreffende het aanleggen van onder- of bovengrondsche telefoon- en telegraafverbindingen voor 's Lands defensieve organisatie. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 01-01-1990 en tekstbijwerking tot 24-01-1995)
Titre
3 JANVIER 1934. - LOI relative à l'établissement des liaisons téléphoniques et télégraphiques souterraines ou aériennes pour les besoins de l'organisations défensive du pays. (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 01-01-1990 et mise à jour au 24-01-1995)
Informations sur le document
Info du document
Tekst (21)
Texte (21)
Artikel 1. De Minister van Landsverdediging wordt er toe gemachtigd telegraaf- en telefoonlijnen en telegraaf- en telefoonkantoren aan te leggen ter verbinding van de verschillende organismen, welke deel uitmaken van 's lands defensieve organisatie, en daartoe van de private eigendommen en van het openbaar domein gebruik te maken onder volgende voorwaarden.
Article 1. Le Ministre de la Défense Nationale est autorisé à établir des lignes et bureaux télégraphiques et téléphoniques pour la liaison des différents organismes faisant partie de l'organisation défensive du pays et à faire usage, à cet effet, des propriétés privées et du domaine public, aux conditions suivantes.
Art.2. Het aanleggen, zonder bevestiging of contact, van lijnen boven de private eigendommen en het openbaar domein moet worden gedoogd en geschiedt zonder het vervullen van eenigerlei formaliteit bij de eigenaars en bewoners. Voor het loopen van de lijnen boven de wegenis, schikt het Departement van Landsverdediging zich naar de aan de Regie der telegrafie en telefonie opgelegde voorwaarden.
Art.2. L'établissement des lignes au-dessus des propriétés privées et du domaine public, sans attache ni contact, doit être toléré et ne donne lieu à l'accomplissement d'aucune formalité auprès des propriétaires et occupants. Pour le passage des lignes au-dessus de la voirie, le Département de la Défense Nationale se conforme aux conditions imposées à la Régie des télégraphes et téléphones.
Art.3. Voor het aanleggen van de lijnen en het plaatsen van de draagtoestellen op de daken der gebouwen, alsmede op de voorgevels en de zijgevels, wordt er, in elk geval, rechtstreeks een regeling getroffen tusschen den Minister van Landsverdediging en de rechthebbenden, of, bij gebrek aan een regeling, een beslissing onder aanteekening bij de post, ten minste vijftien dagen te voren door den Minister van Landsverdediging beteekend aan den burgemeester der gemeente. De burgemeester moet de betrokken eigenaars en huurders verwittigen.
  Voor het aanleggen van boven- of ondergrondsche lijnen op en onder de gedeelten van gronden, die niet met muren of gelijkwaardige afsluitingen omringd zijn, wordt op dezelfde wijze gehandeld.
Art.3. Pour le placement des lignes et de leurs supports sur les toitures des bâtiments ainsi que sur les facades et pignons, il est procédé, dans chaque cas, par voie d'entente directe entre le Ministre de la Défense Nationale et les ayants droit ou, à défaut d'entente, par la voie d'une décision notifiée, sous recommandation postale, au bourgmestre du lieu, au moins quinze jours d'avance, par le ministre de la Défense Nationale. Le bourgmestre est chargé d'avertir les propriétaires et locataires intéressés.
  Il est procédé de même pour l'établissement des lignes aériennes ou souterraines sur et sous les parties de terrains non entourées de murs ou de clôtures équivalentes.
Art.4. Binnen de private gebouwen mag geenerlei werk worden uitgevoerd zonder machtiging vanwege den eigenaar en den huurder.
  Wanneer in gebouwen, op daken of platten moet gegaan worden of wanneer toestellen tegen de muren dienen aangebracht voor het uitvoeren, buiten, van studies, werken of herstellingen, moeten de uitvoerders een bevel van den Minister van Landsverdediging of van diens gemachtigde voorleggen, dat den aard en den vermoedelijken duur van het werk vermeldt.
Art.4. Aucun travail ne peut être exécuté à l'intérieur des immeubles privés sans l'autorisation du propriétaire et du locataire.
  Dans le cas où il sera nécessaire de pénétrer dans les immeubles, de circuler sur les toits ou plates-formes, ou d'appliquer des engins contre les murs, pour l'exécution d'études, de travaux ou de réparations à l'extérieur, les exécutants devront produire un ordre du Ministre de la Défense Nationale ou de son délégué, mentionnant la nature et la durée approximative du travail.
Art.5. De bezetting moet de bestemming van het benuttigd goed onverlet laten om het even of het openbaar dan wel privaat domein geldt. Ze brengt geenerlei ontzetting uit het bezit mede. Behoudens de beperkingen voortspruitende uit de van kracht zijnde wetten op de militaire servituten, behoudt de eigenaar het recht om te bouwen, te beplanten en den toestand der plaatsen te wijzigen, onder voorbehoud dat geen maatregelen worden getroffen die enkel zouden ten doel hebben het Departement van Landsverdediging te verplichten zijne inrichtingen te wijzigen of te verplaatsen.
  De eigenaar, die zijn recht om te bouwen, te beplanten, enz., wil uitoefenen, moet bij aangeteekenden brief aan het departement kennis geven van zijne ontwerpen, ten minste twee maand vóór hij ze ten uitvoer legt. Worden de werken niet binnen den termijn van één jaar, te rekenen van de verwittiging uitgevoerd, dan kan het Departement van Landsverdediging den oorspronkelijken toestand herstellen en de terugbetaling vergen van de veroorzaakte kosten.
Art.5. L'occupation doit respecter l'usage auquel est affecté le bien emprunté, qu'il s'agisse du domaine public ou du domaine privé. Elle n'entraîne aucune dépossession. Sauf les restrictions résultant des lois en vigueur sur les servitudes militaires, le propriétaire conserve le droit de construire, de planter et celui de modifier l'état des lieux sous réserve de ne pas prendre des dispositions qui n'auraient d'autre but que d'obliger le Département de la Défense Nationale à modifier ou déplacer ses installations.
  Le propriétaire qui veut user de son droit de bâtir, planter, etc., doit avertir le département de ses projets, par lettre recommandée, deux mois au moins avant de les mettre à exécution. Si les travaux n'ont pas été exécutés dans un délai d'un an à dater de l'avertissement, le Département de la Défense Nationale pourra rétablir la situation primitive et réclamer le remboursement des frais qui lui ont été occasionnés.
Art.6. Wanneer op een privaat eigendom geplante boomen met de aan het Departement van Landsverdediging toebehoorende draden in aanraking komen of kunnen komen, kan dit departement den eigenaar van de boomen verplichten de noodige snoeiingen te doen. Weigert de eigenaar zulks of wordt er niet gesnoeid binnen de vijftien dagen, dan kan het departement ambtshalve dit werk doen uitvoeren.
Art.6. Lorsque les arbres plantés en propriété privée viennent ou peuvent venir en contact avec des fils appartenant au Département de la Défense Nationale, celui-ci peut obliger le propriétaire des arbres à procéder aux élagages nécessaires. En cas de refus de la part du propriétaire ou si l'élagage n'a pas été exécuté dans les quinze jours, le département peut y procéder d'office.
Art.7. Voor werken tot aanleg, wijziging en onderhoud van de lijnen, welke dienen uitgevoerd boven of onder de banen, plaatsen, straten, wegen, paden, loopende wateren, vaarten, spoorwegen en andere verkeerswegen, wordt ter plaatse overleg gepleegd door de gemachtigden der bevoegde diensten en, namelijk, door een afgevaardigde van den centralen dienst van electriciteit en electromechanica van het Ministerie van Openbare Werken, zoo de werken moeten geschieden in de nabijheid van lijnen tot overbrenging of verdeeling van electrische energie.
  Onder aanteekening bij de post, wordt van de uit te voeren werken kennis gegeven aan de betrokken provincie- en gemeentebesturen, zoodra ter plaatse overleg is gepleegd en, uiterlijk, tien dagen vóór den aanvang der werken.
  Bij deze kennisgeving worden nooit plans gevoegd. Van deze plans kan slechts inzage worden genomen door de betrokken provincie- en gemeentebesturen, die zulks uitdrukkelijk zullen hebben aangevraagd.
  Geacht wordt dat het provincie- of gemeentebestuur geen opwerpingen te maken heeft, indien het een termijn van tien dagen, ingaande den dag der verzending van de kennisgeving, heeft laten verstrijken zonder zijn opwerpingen in te dienen bij de militaire overheid, van welke de kennisgeving uitging.
  In geval van blijvende oneenigheid, wordt er beslist bij een koninklijk besluit, genomen door tusschenkomst van de Minister van Landsverdediging.
Art.7. Les travaux d'établissement, de modification et d'entretien des lignes à exécuter sur ou sous les routes, places, rues, chemins, sentiers, cours d'eau, canaux, chemins de fer et autres voies de communication, sont concertés sur les lieux par les délégués des services compétents et notamment d'un délégué de l'office central d'électricité et d'électromécanique du Ministère des Travaux publics, en cas de voisinage avec des lignes de transport ou de distribution d'énergie électrique.
  Notification des travaux à exécuter est envoyée, sous recommandation postale, aux administrations provinciales et communales intéressées, immédiatement après la réunion sur les lieux et au plus tard dix jours avant de procéder aux travaux.
  Cette notification ne sera jamais accompagnée de plans. Ceux-ci pourront seulement être consultés par les administrations provinciales et communales intéressées qui en auront fait la demande expresse.
  L'administration provinciale ou communale est censée n'avoir rien à objecter si, à l'expiration d'un délai de dix jours, à dater de l'envoi de la notification, elle n'a pas fait parvenir ses objections à l'autorité militaire de qui émanait la notification.
  En cas de désaccord persistant, il est statué par un arrêté royal pris à l'intervention du Ministre de la Défense Nationale.
Art.8. Behelst het ontwerp het aanleggen van een boven- of ondergrondsche telefoon- of telegraaflijn langsheen een openbaren weg, waarvan de twee zijden reeds door eene of meer electrische lijnen bezet zijn, dan moeten de eigenaar of de eigenaars dier lijnen, met inbegrip van de Regie der telegrafie en telefonie, een zijde van den weg vrij maken voor de installaties van het Departement van Landsverdediging, zoo de Minister van Landsverdediging zulks onontbeerlijk acht.
Art.8. Lorsque le projet comporte l'établissement d'une ligne téléphonique ou télégraphique, aérienne ou souterraine, le long d'une voie publique dont les deux côtés sont déjà occupés par une ligne ou des lignes électriques, le ou les propriétaires de ces lignes, y compris la Régie des télégraphes et téléphones, doivent faire place aux installations du Département de la Défense Nationale en abandonnant à celui-ci un côté de la voie si le Ministre de la Défense Nationale le juge indispensable.
Art.9. Bij gebreke van andersluidende overeenkomst, worden de op aanvraag van het Departement van Landsverdediging veroorzaakte uitgaven wegens veranderingen aan water-, gas- en electriciteitsleidingen en andere werken van openbaar nut, waarvan de installatie of de inbedrijfneming, volgens de regels der kunst, het aanleggen van zijn boven- en ondergrondsche lijnen belemmert, op de begrooting van dit departement aangerekend.
  Omgekeerd, zijn de wijzigingen, welke aan de boven of onder de wegenis aangelegde telegraaf- en telefoonlijnen dienen aangebracht om andere werken van openbaar nut te kunnen tot stand brengen, ten laste van de eigenaars dezer laatste.
  Wijziging van bestaande werken dient van weerszijden enkel gevorderd in geval van volstrekte noodzakelijkheid.
Art.9. En l'absence de convention contraire, les dépenses occasionnées par les modifications qui sont apportées sur la demande du Département de la Défense Nationale aux conduites d'eau, de gaz, d'électricité et autres ouvrages d'utilité publique dont l'installation ou l'exploitation suivant les règles de l'art met obstacle à l'établissement de ses lignes aériennes ou souterraines, seront imputées sur le budget de ce département.
  Réciproquement, les modifications que les lignes télégraphiques et téléphoniques établies en voirie doivent subir pour permettre la construction d'autres ouvrages d'utilité publique sont à charge des propriétaires de ces derniers.
  La modification des ouvrages existants ne doit être réclamée, de part et d'autre, qu'en cas de nécessité absolue.
Art.10. Het Departement van Landsverdediging is gehouden tot herstel van de stoffelijke en rechtstreeksche schade, veroorzaakt door het aanleggen, in stand houden, onderhouden, verplaatsen en afschaffen van zijn lijnen.
  Bij het graven van putten of gleuven in den openbaren weg moet het bij de werken opgebroken gedeelten van de wegenis voorgoed in hun oorspronkelijken staat herstellen.
  De rechtspleging, welke dient gevolgd voor het vaststellen en ramen der schade, alsmede voor het betalen der vergoedingen, zal bij koninklijk besluit worden bepaald. De belanghebbenden zullen niettemin het recht hebben desnoods hunne toevlucht te nemen tot de gewone rechtbanken.
Art.10. Le Département de la Défense Nationale doit réparation des dommages matériels et directs causés par l'établissement, le maintien, l'entretien, le déplacement et la suppression de ses lignes.
  Lorsqu'il creuse des fouilles ou des tranchées dans la voie publique, il doit rétablir définitivement dans leur état primitif les parties de voiries atteintes par ces travaux.
  La procédure à suivre pour la constatation et l'évaluation des dommages et pour le paiement des indemnités sera déterminée par arrêté royal. Les intéressés auront néanmoins le droit de recours aux tribunaux ordinaires.
Art.11. De boven- en ondergrondsche telegraaf- en telefoonlijnen moeten doelmatig worden beschermd tegen de gevaren van toevallig contact met de lijnen bestemd voor het overbrengen en verdeelen van electrische energie. De beschermingsverrichtingen worden door de eigenaars van de electrische lijnen, op eigen kosten, tot stand gebracht en onderhouden. Laatstbedoelden zijn verantwoordelijk voor de ongevallen en de schade teweeggebracht door ontoereikendheid of gemis van bescherming. Zij zijn er toe gehouden hunne lijnen spanningloos te maken om de werken voor het aanleggen, onderhouden of herstellen van de telegraaf- en telefoonlijnen in volkomen veiligheid te laten uitvoeren.
  De beschermingsinrichtingen in de nabuurschap of op de kruispunten van allerhande lijnen van energie en die ter aanvulling komen van die uitgevaardigd bij koninklijk besluit van 28 December 1931, genomen ter uitvoering van de wet van 10 Maart 1925, op de verdeeling van electrische energie, worden bepaald bij een koninklijk besluit genomen op initiatief van de Ministers van Landsverdediging en van Openbare Werken.
Art.11. Les lignes télégraphiques et téléphoniques aériennes et souterraines doivent être protégées efficacement contre les risques de contact accidentel avec les lignes affectées au transport et à la distribution de l'énergie électrique. Les dispositifs de protection sont réalisés et entretenus par les soins et aux frais des propriétaires des lignes d'énergie. Ces derniers répondent des accidents et dommages provoqués par l'insuffisance ou l'absence de protection. Ils sont tenus de mettre leurs lignes hors de tension pour permettre d'exécuter, en parfaite sécurité, les travaux de pose, d'entretien ou de réparation des lignes télégraphiques et téléphoniques.
  Les dispositifs de protection au voisinage ou aux croisements des lignes d'énergie de toutes catégories et qui sont complémentaires de ceux édictés par l'arrêté royal du 28 décembre 1931, pris en exécution de la loi du 10 mars 1925, sur les distributions d'énergie électrique seront fixés par un arrêté royal pris à l'initiative des Ministres de la Défense Nationale et des Travaux publics.
Art.12. Al de electrische installaties, om het even op welken afstand ze van de telegraaf- en telefoonlijnen gelegen zijn, moeten, zelfs wanneer ze geen enkel gedeelte van den openbaren weg bezetten, derwijze naar de regels der kunst aangelegd, onderhouden en benuttigd worden dat, noch door inductie, noch door nevensluiting , noch op eenige andere wijze, storing kan gebracht worden, in den dienst van die lijnen, welke ook volgens de regels der kunst aangelegd en in bedrijf genomen worden.
Art.12. Toutes les installations électriques, à quelque distance qu'elles se trouvent des lignes télégraphiques et téléphoniques, doivent, alors même qu'elles n'empruntent aucune partie du domaine public, être établies, entretenues et utilisées suivant les règles de l'art, de manière à n'apporter, par induction, dérivation ou de toute autre façon, aucun trouble dans le service de ces lignes établies et exploitées elles aussi suivant les règles de l'art.
Art.14. Wordt gestraft met één tot zeven dagen gevangenisstraf en eene geldboete van één tot vijf en twintig frank, of met een dezer straffen alleen, alwie, behalve in geval van overmacht, zonder er den Minister van Landsverdediging of diens gemachtigde ten minste acht dagen te voren van verwittigd te hebben, boomen snoeit of velt, putten of gleuven graaft, gebouwen optrekt of afbreekt, stellingen plaatst of elk ander werk uitvoert, waardoor een telegraaf- of telefoonlijn kan beschadigd, of de werking ervan in gevaar kan gebracht worden.
Art.14. Sera puni d'un emprisonnement d'un à sept jours et d'une amende d'un franc à vingt-cinq francs ou d'une de ces peines seulement, quiconque aura, hors le cas de force majeure, procédé, sans en avoir averti le Ministre de la Défense Nationale ou son délégué au moins huit jours d'avance, à l'élagage ou à l'abatage d'arbres, au creusement de fouilles ou de tranchées, à des constructions ou démolitions, au placement d'échafaudages ou à tout autre travail susceptible soit de dégrader une ligne télégraphique ou téléphonique, soit d'en compromettre le fonctionnement.
Art.15. Worden gestraft met één dag tot zeven dagen gevangenisstraf en een geldboete van vijftien tot vijf en twintig frank, of met een dezer straffen alleen, zij die, bij gebrek aan voorzorg, onvrijwillig, hetzij het verkeer over een militaire telegraaf- of telefoonlijn gehinderd of belet, hetzij eenig tot den dienst van die lijn bestemd werk of voorwerp vernield, afgebroken of beschadigd hebben.
  Werd de overtreder binnen de twaalf voorgaande maanden reeds veroordeeld voor dezelfde overtreding, dan kan de rechtbank, benevens de geldboete, een gevangenisstraf van ten hoogste twaalf dagen uitspreken.
Art.15. Seront punis d'un emprisonnement d'un jour à sept jours et d'une amende de quinze francs à vingt-cinq francs ou d'une de ces peines seulement, ceux qui, par défaut de précaution, auront involontairement, soit gêné ou empêché la correspondance sur une ligne télégraphique ou téléphonique militaire, soit détruit, abattu ou dégradé tout ouvrage ou objet affecté à son usage.
  Lorsque le contrevenant a déjà été condamné dans les douze mois précédents pour la même contravention, le tribunal pourra prononcer, indépendamment de l'amende, un emprisonnement de douze jours au plus.
Art.16. Worden gestraft met één maand tot drie jaar gevangenisstraf en een geldboete van vijftig tot vijfhonderd frank, zij die, op welke wijze ook, het verkeer over eene militaire telegraaf- of telefoonlijn vrijwillig gehinderd of belet, en zij die eenig tot ten dienst van die lijn bestemd werk of voorwerp vrijwillig vernield, afgebroken of beschadigd hebben.
Art.16. Seront punis d'un emprisonnement d'un mois à trois ans et d'une amende de cinquante à cinq cents francs, ceux qui, par un moyen quelconque, auront volontairement gêné ou empêché la correspondance sur une ligne télégraphique ou téléphonique militaire et ceux qui auront volontairement détruit, abattu ou dégradé tout ouvrage ou objet affecté à son service.
Art.17. Worden de bij artikel 16 voorziene feiten gepleegd in vereeniging of in bende, en met geweld, feitelijkheden of bedreigingen, dan is artikel 525 van het Strafwetboek toepasselijk.
Art.17. Lorsque les faits prévus par l'article 16 auront été commis en réunion ou en bande et à l'aide de violences, de voies de fait ou de menaces, l'article 525 du Code pénal sera applicable.
Art.18. Wordt wederspannigheid genaamd en bestraft met de straffen voorzien bij artikelen 271 en 274 van het Strafwetboek, naar het aldaar gemaakt onderscheid, elke aanval, elke weerstand met geweld of bedreiging, hetzij tegen de beambten of bedienden van de militaire overheid, handelend in de uitoefening van hun bediening, hetzij tegen om 't even welken persoon, handelend voor het overzenden, per telegraaf of telefoon, der militaire berichten.
Art.18. Est qualifiée rébellion et sera punie des peines prévues aux articles 271 à 274 du Code pénal, suivant les distinctions y établies, toute attaque, toute résistance avec violences ou menaces soit contre les employés ou agents de l'autorité militaire agissant dans l'exercice de leurs fonctions, soit contre toute personne agissant pour la transmission des communications télégraphiques ou téléphoniques militaires.
Art.19. Artikelen 1, 3 en 4 van de wet van 25 Maart 1891, tot beteugeling van het aanzetten tot misdaden of wanbedrijven, zijn toepasselijk op hem die, op een van de bij artikel 1 van die wet voorziene wijzen, rechtstreeks en met boos inzicht heeft aangezet, zonder dat deze aanzetting uitwerking heeft gehad, tot het plegen van een der wanbedrijven voorzien bij de artikelen 16 en 18 van deze wet.
Art.19. Les articles 1, 3 et 4 de la loi du 25 mars 1891 portant répression de la provocation à commettre des crimes ou délits s'appliquent à celui qui, par un des modes indiqués à son article 1er, aura directement et méchamment provoqué, sans que cette provocation ait été suivie d'effet, à commettre un des délits prévus par les articles 16 et 18 de la présente loi.
Art.20. Overtreding van de ter voldoening aan deze wet genomen besluiten wordt gestraft met de bij die besluiten bepaalde straffen, welke niet meer mogen bedragen dan acht dagen tot één maand gevangenisstraf en eene geldboete van zes en twintig frank tot tweehonderd frank.
Art.20. Les infractions aux arrêtés pris pour l'exécution de la présente loi seront punies des peines qu'ils détermineront et qui ne pourront excéder un emprisonnement de huit jours à un mois et une amende de vingt-six francs à deux cents francs.
Art. 21. Al de bepalingen van het eerste boek van het Strafwetboek zijn toepasselijk op de misdrijven, voorzien bij deze wet en bij de ter voldoening daaraan genomen besluiten.
Art. 21. Toutes les dispositions du livre premier du Code pénal s'appliquent aux infractions prévues par la présente loi et par les arrêtés pris pour son exécution.