Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
5 JUNI 1928. - Wet houdende herziening van het Tucht- en Strafwetboek voor de koopvaardij en de zeevisscherij. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 03-08-1995 en tekstbijwerking tot 01-08-2019)
Titre
5 JUIN 1928. - Loi portant revision du Code disciplinaire et pénal pour la marine marchande et la pêche maritime. (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 03-08-1995 et mise à jour au 01-08-2019)
Informations sur le document
Info du document
Tekst (102)
Texte (102)
Inleidende bepalingen.
Dispositions préliminaires.
Artikel 1. <W 1997-10-21/30, art. 2, 004; Inwerkingtreding : 07-12-1997> De feiten die dit wetboek strafbaar stelt, zijn scheepvaartmisdrijven.
  [1 ...]1
  Feiten waarop het correctionele straffen stelt, zijn wanbedrijven.
  Feiten waarop het criminele straffen stelt, zijn misdaden.
  
Article 1. Les infractions établies par le présent Code sont des infractions maritimes.
  [1 ...]1
  Les infractions qu'il punit de peines correctionnelles sont des délits.
  Les infractions qu'il punit de peines criminelles sont des crimes.
  
Art.3. <W 1997-10-21/30, art. 2, 004; Inwerkingtreding : 07-12-1997> De bepalingen van dit wetboek zijn van toepassing op ieder die is ingeschreven op de monsterrol van een Belgisch koopvaardijschip of vissersvaartuig of die aan boord is toegelaten om de reis mee te maken.
  Op de ingeschrevenen op de monsterrol zijn zij van toepassing vanaf het tijdstip vastgesteld voor de aanvang van hun dienst aan boord tot en met hun afmonstering.
  [1 ...]1
  Ingeval het schip verloren gaat door schipbreuk, oorlogsgeweld of enige andere oorzaak, blijven de personen bedoeld in het tweede lid van dit artikel aan deze rechtsregeling onderworpen, totdat zij ter beschikking van een Belgische autoriteit kunnen worden gesteld.
  Hetzelfde geldt voor degenen die op bevel van een Belgische autoriteit ingescheept worden om gerepatrieerd te worden.
  In afwijking van het bepaalde in het eerste lid van dit artikel, zijn de straffen, gesteld bij [1 artikel 57]1, toepasselijk op ieder die schuldig is aan de aldaar omschreven misdrijven.
  
Art.3. Sont assujetties aux dispositions du présent Code, toutes les personnes inscrites au rôle d'équipage d'un navire belge de commerce ou de pêche ou reçues à bord en vue d'effectuer le voyage.
  Les personnes inscrites au rôle d'équipage y sont assujetties à partir du moment fixé pour le commencement de leur service à bord, jusques et y compris le moment de leur débarquement régulier.
  [1 ...]1
  Les personnes mentionnées à l'alinéa 2 du présent article continuent d'être placées sous ce régime en cas de perte du navire par naufrage, chance de guerre ou autre cause, jusqu'à ce qu'elles aient pu être remises à une autorité belge.
  Il en est de même des personnes qui, sur l'ordre d'une autorité belge, auront été embarquées pour être rapatriées.
  (Par dérogation aux dispositions du premier alinéa de cet article, les peines prévues [1 à l'article 57]1, s'appliquent à toute personne coupable d'avoir commis les infractions qui y sont visées.) <L 13-09-1974, art. 1>
  
Art.4. <W 1997-10-21/30, art. 2, 004; Inwerkingtreding : 07-12-1997> Voor de toepassing van dit wetboek wordt verstaan onder:
  "kapitein": ieder aan wie het gezag over het schip is toevertrouwd of die dat gezag feitelijk voert;
  "officieren": benevens de stuurman, de luitenants en de werktuigkundigen, de hoofdadministrateurs, de scheepsarts, de radiotelegrafisten, alsmede ieder die als officier op de monsterrol is ingeschreven;
  "schepelingen" of "bemanning": zij die op de monsterrol ingeschreven zijn, officieren inbegrepen;
  [1 ...]1
  [1 ...]1
  [1 ...]1
  [1 ...]1
  [1 ...]1
  [1 ...]1
  
Art.4. Pour l'application du présent Code :
  Le terme " capitaine " désigne toute personne à qui est confié le commandement du navire ou qui l'exerce en fait.
  Le terme " officier " désigne, outre le second, les lieutenants et les mécaniciens, les chefs commissaires de bord, les médecins, les radio-télégraphistes, ainsi que toute personne portée comme officier au rôle d'équipage.
  L'expression " hommes d'équipage " désigne les personnes inscrites au rôle d'équipage, y compris les officiers.
  [1 ...]1
  [1 ...]1
  [1 ...]1
  [1 ...]1
  [1 ...]1
  [1 ...]1
  
TITEL I. - Strafbepalingen.
TITRE I. - De la pénalité.
HOOFDSTUK I. - Straffen.
CHAPITRE I. - Des peines.
Art.7. <W 1997-10-21/30, art. 2, 004; Inwerkingtreding : 07-12-1997> De correctionele straffen zijn gevangenisstraf van acht dagen tot vijf jaar en geldboete van ten minste zesentwintig frank.
Art.7. Les peines correctionnelles sont l'emprisonnement de huit jours à cinq ans et l'amende de vingt-six francs au moins.
Art.8. <W 1997-10-21/30, art. 2, 004; Inwerkingtreding : 07-12-1997> De criminele straffen zijn de straffen genoemd in artikel 7 van het Strafwetboek.
Art.8. Les peines en matière criminelle sont les mêmes que celles spécifiées à l'article 7 du Code pénal.
HOOFDSTUK II. - Misdrijven en bestraffing.
CHAPITRE II. - Des infractions et de leur répression.
Afdeling I. - Vergrijpen tegen de tucht.
Section 1. - Des fautes de discipline.
Afdeling II. - Scheepvaartmisdaden en -wanbedrijven.
Section 2. - Des délits et des crimes maritimes.
Art.52. <W 1997-10-21/30, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997> De kapitein of schepeling die de wetten en verordeningen betreffende de politie over de zeevaart overtreedt, wordt gestraft met gevangenisstraf van drie dagen tot drie maanden en met geldboete van zesentwintig frank tot driehonderd frank of met een van die straffen alleen, onverminderd de zwaardere straffen bij bijzondere wetten gesteld.
  [1 Dit artikel is niet van toepassing op de federale wetten en verordeningen inzake zeevaartpolitie.]1
  
Art.52. Sera puni d'un emprisonnement de trois jours à trois mois et d'une amende de vingt-six francs à trois cents francs, ou d'une de ces peines seulement, à moins qu'une sanction plus forte ne résulte de l'application d'une loi particulière, tout capitaine ou homme d'équipage qui aura contrevenu aux lois et règlements de police maritime.
  [1 Le présent article n'est pas applicable aux lois et règlements fédéraux de police maritme.]1
  
Art.53. <W 1997-10-21/30, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997> Met dezelfde straffen wordt gestraft de kapitein of de wachthebbende officier, die zich schuldig maakt aan overtreding van de wetten en verordeningen betreffende de veiligheid van de scheepvaart, onverminderd de zwaardere straffen bij bijzondere wetten gesteld.
  [1 Dit artikel is niet van toepassing op de federale wetten en verordeningen inzake zeevaartpolitie.]1
  
Art.53. Sera puni des mêmes peines, à moins qu'une sanction plus forte ne résulte de l'application d'une loi particulière, tout capitaine ou tout officier de quart qui se sera rendu coupable d'une contravention aux lois et règlements relatifs à la sécurité de la navigation.
  [1 Le présent article n'est pas applicable aux lois et règlements fédéraux de police maritme.]1
  
Art.54. <W 1997-10-21/30, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997> De loods die zich schuldig maakt aan een misdrijf als omschreven in de artikelen 52 en 53, wordt gestraft met de aldaar gestelde straffen.
Art.54. Le pilote coupable des infractions visées aux articles 52 et 53 ci-dessus est passible des peines y prévues.
Art.56. <W 1997-10-21/30, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997> De kapitein van een vreemd schip, die zich in de wateren van het Rijk schuldig maakt aan een misdrijf als omschreven [1 in artikel 52]1, wordt gestraft met de aldaar gestelde straffen.
  
Art.56. Le capitaine d'un navire étranger qui, dans les eaux du royaume, se rendra coupable des infractions visées [1 à l'article 52]1 ci-dessus, sera passible des peines y prévues.
  
Art.57. <W 1997-10-21/30, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997> Met gevangenisstraf van acht dagen tot een maand en met geldboete van zesentwintig frank tot vijfhonderd frank of met een van die straffen alleen wordt gestraft hij die, door gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg, de vernieling, beschadiging, verplaatsing of losrukking veroorzaakt van bakens, lichten of boeien of van enig ander toestel dat dient voor de veiligheid van de scheepvaart.
  Worden de feiten opzettelijk gepleegd, dan wordt de schuldige gestraft met de straffen gesteld bij artikel 526 van het Strafwetboek.
  Verzuimt de schuldige aan de bevoegde overheid zo spoedig mogelijk kennis te geven van de veroorzaakte schade, dan is de gevangenisstraf ten minste vijftien dagen en de geldboete ten minste tweehonderd frank.
  Onverminderd het hierboven bepaalde, worden de vernielde, beschadigde, meegesleepte, verplaatste of losgerukte bakens, lichten, boeien of andere toestellen als daar bedoeld, vervangen op kosten van de vermoedelijke schuldigen, tenzij deze bewijzen dat de schade te wijten is aan overmacht.
Art.57. Sera punie d'un emprisonnement de huit jours à un mois, et d'une amende de vingt-six francs à cinq cents francs ou d'une de ces peines seulement, toute personne qui par défaut de prévoyance ou de précaution a causé la destruction, la détérioration, le déplacement ou l'arrachement des balises, feux ou bouées ou de tous autres engins servant à la sécurité de la navigation.
  Si ces faits ont été commis intentionnellement, le coupable sera puni des peines prévues par l'article 526 du Code pénal.
  Si le coupable a négligé, dès qu'il le pouvait, d'informer l'autorité compétente des dommages qu'il a causés, l'emprisonnement sera de quinze jours et l'amende de deux cents francs au moins.
  Sans préjudice des dispositions ci-dessus, les balises, feux, bouées ou autres engins y visés, détruits, emportés, endommagés, déplacés ou arrachés seront remplacés aux frais des personnes présumées coupables à moins qu'elles ne prouvent que le dommage résulte d'un cas de force majeure.
Art.67. <W 1997-10-21/30, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997> De [2 ...]2 loods die, belast met het voeren van een schip, het met misdadig opzet doet stranden, vernielt of doet verloren gaan, of zwaar beschadigt anders dan door brandstichting, wordt gestraft met de straffen gesteld bij de artikelen 510, 511, 513, 514 en 518 van het Strafwetboek, volgens de aldaar gemaakte onderscheidingen.
  [2 ...]2
  De straffen, bij artikel 510 van het Strafwetboek gesteld, zijn toepasselijk op degenen die uit handelingen als omschreven in het eerste lid van dit artikel voordeel trekken, wetende dat die handelingen opzettelijk zijn gepleegd.
  De straffen, bij artikel 516 van het Strafwetboek gesteld, zijn toepasselijk op hen die met misdadig opzet handelingen als omschreven in het eerste en tweede lid van dit artikel uitlokken of ertoe aanzetten.
  
Art.67. Tout [2 ...]2 pilote chargé de la conduite d'un navire qui, dans une intention criminelle, l'aura échoué, détruit ou perdu, ou gravement endommagé par tout moyen autre que l'incendie, sera puni des peines prévues aux articles 510, 511, 513, 514 et 518 du Code pénal suivant les distinctions y établies.
  [2 ...]2
  Les peines prévues à l'article 510 du Code pénal seront applicables à quiconque ayant eu connaissance du caractère volontaire, des faits visés à l'alinéa premier du présent article en aura retiré un profit.
  Les peines prévues à l'article 516 du Code pénal seront applicables à ceux qui auront, dans une intention criminelle, provoqué ou instigué les faits visés aux alinéas 1 et 2 du présent article.
  
TITEL II. - Rechtsmacht.
TITRE II. - De la juridiction.
HOOFDSTUK I. - Rechtsmacht in tuchtzaken.
CHAPITRE I. - De la juridiction en matiere de discipline.
HOOFDSTUK II. - Rechtsmacht inzake scheepvaartmisdaden en -wanbedrijven.
CHAPITRE II. - De la juridiction en matière de délits et crimes maritimes.
Art.73. [1 Artikel 4.3.3.2, paragrafen 1, 2 en 4, en artikel 4.3.3.3 van het Belgisch Scheepvaartwetboek zijn op een in deze wet omschreven misdaad of wanbedrijf van overeenkomstige toepassing.]1
  
Art.73. [1 L'article 4.3.3.2, paragraphes 1, 2 et 4, et l'article 4.3.3.3 du Code belge de la Navigation sont d'application sur un crime ou délit définis dans la présente loi.]1
  
TITEL III. - Rechtspleging.
TITRE III. - De la forme de procéder.
HOOFDSTUK I. - Rechtspleging inzake vergrijpen tegen de tucht.
CHAPITRE I. - De la forme de procéder en matière de fautes de discipline.
HOOFDSTUK II. - Rechtspleging inzake scheepvaartmisdaden en -wanbedrijven.
CHAPITRE II. - De la forme de procéder en matière de crimes ou de délits maritimes.
Art.77. <W 1997-10-21/30, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997> Wanneer gedurende de reis [1 een in deze wet omschreven misdaad of wanbedrijf]1 wordt gepleegd, stelt de kapitein, bijgestaan door de rapporterende officier, een summier vooronderzoek in en hoort de getuigen.
  Van een en ander wordt een proces-verbaal opgemaakt, dat wordt ondertekend door de kapitein en de rapporterende officier en vermeld in het scheepsdagboek.
  Het aldus opgemaakte proces-verbaal heeft bewijskracht, behoudens tegenbewijs.
  
Art.77. Lorsqu'[1 un crime ou délit définis dans la présente loi]1 aura été commis pendant le voyage, le capitaine assisté de l'officier qui aura fait rapport procédera aussitôt à une instruction sommaire et préparatoire, recevra les dépositions des témoins.
  Il sera dressé procès-verbal du tout, signé par le capitaine et l'officier déclarant et mention en sera faite sur le registre de bord.
  Le procès-verbal ainsi dressé fera foi jusqu'à preuve du contraire.
  
Art.78. [1 Onder voorbehoud van de artikel en 77 en 81, is artikel 4.2.3.2. van het Belgisch Scheepvaartwetboek op een in deze wet omschreven misdaad of wanbedrijf van overeenkomstige toepassing.]1
  
Art.78. [1 Sans préjudice des articles 77 et 81, l'article 4.2.3.2 du Code belge de la Navigation s'applique à un crime ou délit définis dans la présente loi .]1
  
Art.81. <W 1997-10-21/30, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997> De consuls en (de met de politie te water belaste hoofden van de federale politie) (...) maken akte op van de verschijning van de kapitein en van zijn verklaringen; hun processen-verbaal hebben bewijskracht, behoudens tegenbewijs. <W 1999-05-03/30, art. 45, 006; Inwerkingtreding : 01-04-1999>
  [1 ...]1
  (lid opgeheven) <W 1997-10-21/30, art. 5, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997>
  [1 ...]1
  
Art.81. Les consuls et (les chefs de la police fédérale chargés de la police des eaux) (...) dresseront acte de la comparution du capitaine et de ses déclarations; leurs procès-verbaux feront foi de ce qu'ils constatent jusqu'à preuve du contraire. <L 1997-10-21/30, art. 5, 005; En vigueur : 07-12-1997> <L 1999-05-03/30, art. 45, 006; En vigueur : 01-04-1999>
  [1 ...]1
  (alinéa abrogé) <L 1997-10-21/30, art. 5, 005; En vigueur : 07-12-1997>
  [1 ...]1
  
Art.82. [1 De artikel en 4.3.3.6. en 4.3.3.7 van het Belgisch Scheepvaartwetboek zijn op een in deze wet omschreven misdaad of wanbedrijf van overeenkomstige toepassing.]1
  
Art.82. [1 Les articles 4.3.3.6 et 4.3.3.7 du Code belge de la Navigation s'appliquent à un crime ou délit définis dans la présente loi.]1
  
Bijzondere bepalingen.
Dispositions spéciales.
Art.84. <W 1997-10-21/30, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997> Voor zover in deze wet niet anders is bepaald, zijn alle bepalingen van boek I van het Strafwetboek toepasselijk op [1 de in deze wet omschreven scheepvaartmisdrijven]1.
  [1 ...]1
  
Art.84. A défaut de dispositions contraires dans la présente loi, toutes les dispositions du Livre Ier du Code pénal sont applicables aux [1 infractions maritimes définies dans la présente loi]1.
  [1 ...]1
  
Art.87. <W 1997-10-21/30, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997> [1 De in deze wet omschreven scheepvaartmisdaden en scheepvaartwanbedrijven]1 verjaren door verloop van onderscheidenlijk tien jaar en vijf jaar, te rekenen van de dag van het misdrijf, volgens de regels vastgesteld bij artikel 21 van de wet van 17 april 1878.
  [1 ...]1
  
Art.87. [1 Les crimes et les délits maritimes définis dans la présente loi]1 se prescriront respectivement par dix années et par cinq années révolues à compter du jour de l'infraction, selon les règles établies par l'article 21 de la loi du 17 avril 1878.
  [1 ...]1
  
Art. 88. <W 1997-10-21/30, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 07-12-1997> Opgeheven worden de wetten van 21 juni 1849 houdende het Tucht- en Strafwetboek voor de Koopvaardij en Zeevisserij; de wetten van 13 april 1851 en 23 mei 1854; de wet van 26 juni 1889 ter beteugeling van buitensporigheden van runners en van het rondventen van sterkedrank aan boord van zeeschepen, alsmede het tweede en derde lid van artikel 6 van de wet van 30 juli 1926 tot wijziging van voornoemde wet van 1849; de wet van 28 juli 1923 tot beteugeling van het tersluiks inschepen van personen; het derde, vierde en vijfde lid van artikel 255 van boek II van het Wetboek van Koophandel; het tweede lid van artikel 265 van boek II van hetzelfde wetboek; de artikelen 17 en 18 van de wet van 20 september 1903 op de zeebrieven; het eerste en tweede lid van artikel 138 van de wet van 31 december 1851 op de consulaten en de consulaire rechtsmacht; de wet van 27 mei 1890 betreffende het uitoefenen van het beroep van schipper ter visserij.
Art. 88. Sont abrogés par la présente loi, les lois du 21 juin 1849, formant le Code disciplinaire et pénal pour la marine marchande et la pêche maritime; les lois des 13 avril 1851 et 23 mai 1854; la loi du 26 juin 1889, portant répression des excès des runners et du colportage des boissons alcooliques à bord des navires de mer, ainsi que les alinéas 2 et 3 de l'article 6 de la loi du 30 juillet 1926, modifiant la loi précitée de 1849; la loi du 28 juillet 1923 portant répression des embarquements en fraude de personnes; les alinéas 3, 4 et 5 de l'article 255 du livre II du Code de Commerce; l'alinéa 2 de l'article 265 du livre II du même Code; les articles 17 et 18 de la loi du 20 septembre 1903 sur les lettres de mer; les alinéas 1er et 2 de l'article 138 de la loi du 31 décembre 1851 sur les consulats et la juridiction consulaire; la loi du 27 mai 1890 relative à l'exercice de la profession de patron pêcheur.