Aller au contenu principal

ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220307.3N.2

Détails de la décision

🏛️ Hof van Cassatie 📅 🌐 NL

Matière

Handelsrecht

Résumé

Risicoverzwaring in de zin van artikel 26, § 1, Wet Landverzekeringsovereenkomst onderstelt dat nieuwe of gewijzigde omstandigheden intreden waardoor de kans toeneemt dat het verzekerde schadegeval zich realiseert; omstandigheden die enkel de gevolgen of de omvang van e...

Texte intégral

Nr. C.21.0384.N 1. M.S., 2. BROUWERIJ F.S. bv, eiseressen, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseressen woonplaats kiezen, tegen 1. SOCIÉTÉ COOPÉRATIVE D’ASSURANCE cv, afgekort C.D.A., met zetel te 1080 Sint-Jans-Molenbeek, Jubelfeestlaan 86, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0402.203.372, eerste verweerster, vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Brussel, Terhulpensesteenweg 177/7, waar de eerste verweerster woonplaats kiest, 2. M.E., tweede verweerder, 3. M.V., derde verweerster, 4. PRIMAGAZ BELGIUM – PRIMAGAZ INTERNATIONAL BELGIUM nv, met zetel te 3980 Tessenderlo, Industriezone Ravenshout 3310, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0441.210.636, in haar hoedanigheid van rechtsopvolgster van Westgas Logistics bv, met zetel te 3980 Tessenderlo, Ravenshout 3310, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0826.586.884, vierde verweerster, vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Brussel, Terhulpensesteenweg 177/7, waar de vierde verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 25 maart 2021. De zaak is bij beschikking van de eerste voorzitter van 25 januari 2022 verwezen naar de derde kamer. Raadsheer Sven Mosselmans heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Henri Vanderlinden heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseressen voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel Ontvankelijkheid 1. De eerste en vierde verweersters voeren een grond van niet-ontvankelijkheid aan: het middel voert enkel schending aan van artikel 26, § 1, Wet Landverzekeringsovereenkomst, thans artikel 81, § 1, Wet Verzekeringen, en niet van artikel 26, § 3, Wet Landverzekeringsovereenkomst, thans artikel 81, § 3 Wet Verzekeringen. 2. Het middel betreft enkel de draagwijdte van de in artikel 26, § 1, Wet Landverzekeringsovereenkomst bedoelde verplichting van de verzekeringnemer om in de loop van de verzekeringsovereenkomst de nieuwe omstandigheden of de wijzigingen van de omstandigheden aan te geven die van aard zijn om een aanmerkelijke en blijvende verzwaring van het risico dat het verzekerde voorval zich voordoet te bewerkstelligen. Het verwijt de appelrechter deze draagwijdte in strijd met de wettekst te hebben uitgebreid en zodoende zijn beslissing omtrent de aangifteverplichting van de eerste eiseres als verzekeringnemer en zijn verdere beslissing omtrent de verzekeringsdekking van de eerste verweerster als verzekeraar niet naar recht te verantwoorden. Het middel kan derhalve volstaan met de aanvoering van artikel 26, § 1, Landverzekeringsovereenkomst als geschonden wetsbepaling. De grond van niet-ontvankelijkheid moet worden verworpen. Gegrondheid 3. Krachtens artikel 26, § 1, Wet Landverzekeringsovereenkomst heeft de verzekeringnemer bij een brandverzekeringsovereenkomst de verplichting in de loop van deze overeenkomst en onder nader bepaalde voorwaarden de nieuwe omstandigheden of de wijzigingen van de omstandigheden aan te geven die van aard zijn om een aanmerkelijke en blijvende verzwaring van het risico dat het verzekerde voorval zich voordoet te bewerkstelligen. Risicoverzwaring in de zin van voormelde wetsbepaling onderstelt dat nieuwe of gewijzigde omstandigheden intreden waardoor de kans toeneemt dat het verzekerde schadegeval zich realiseert. Omstandigheden die enkel de gevolgen of de omvang van een eventueel schadegeval kunnen vergroten, vormen geen risicoverzwaring in de zin van voormelde wetsbepaling. 4. De appelrechter oordeelt dat de uitbating van een parenclub een ander te verzekeren risico vormt dan een restaurant, niet alleen omwille van de aard van de activiteiten maar ook omwille van de inrichting, aangezien bij een parenclub een indeling in verschillende kamers noodzakelijk is, wat de bluswerken kan bemoeilijken. De appelrechter die zodoende, bij de beoordeling van de aangifteverplichting van de eerste eiseres als verzekeringnemer en de verdere beoordeling van de verzekeringsdekking van de eerste verweerster als verzekeraar ingevolge een brandschadegeval, enkel acht slaat op een omstandigheid met betrekking tot de gevolgen of de omvang van dergelijk brandschadegeval, verantwoordt zijn beslissing dat de eerste eiseres tot aangifte was verplicht en de eerste verweerster niet tot verzekeringsdekking is gehouden niet naar recht. Het middel is gegrond. Tweede middel (…) Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest, in zoverre het oordeelt over de wederkerige vorderingen van de eiseressen en de eerste verweerster en uitspraak doet over de kosten in hun proceshouding. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Veroordeelt de eiseressen tot de helft van de kosten, houdt de overige kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Bepaalt de kosten voor de eiseressen op 1.463,97 euro en op de som van 650 euro rolrecht verschuldigd aan de Belgische Staat. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Antwerpen. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer, samengesteld uit eerste voorzitter Beatrijs Deconinck, als voorzitter, sectievoorzitter Koen Mestdagh, en de raadsheren Antoine Lievens, Ilse Couwenberg en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 7 maart 2022 uitgesproken door eerste voorzitter Beatrijs Deconinck, in aanwezigheid van advocaat-generaal Henri Vanderlinden, met bijstand van griffier Mike Van Beneden.