Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
18 SEPTEMBER 2025. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 70, § 4, tweede lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen
Titre
18 SEPTEMBRE 2025. - Arrêté royal portant exécution de l'article 70, § 4, alinéa 2, de la loi du 6 août 1990 relative aux mutualités et aux unions nationales de mutualités
Informations sur le document
Numac: 2025007297
Datum: 2025-09-18
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2025007297
Date: 2025-09-18
Moniteur: Voir
Tekst (4)
Texte (4)
Artikel 1. Zijn niet van toepassing op de maatschappijen van onderlinge bijstand bedoeld in artikel 43bis, § 1, eerste lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, de volgende bepalingen van dezelfde wet:
  1° artikel 2, § 1, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand geen vereniging van natuurlijke personen zijn, en § 2;
  2° artikel 3, eerste lid, a), tweede lid, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand minstens één dienst bedoeld in artikel 3, eerste lid, b), moeten organiseren om de rechtspersoonlijkheid te verkrijgen of te behouden, en vijfde lid, 1° en 2°, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand minstens één dienst bedoeld in artikel 3, eerste lid, b), moeten organiseren om de rechtspersoonlijkheid te verkrijgen of te behouden;
  3° artikel 5, voor zover niet alle bij de betrokken maatschappij van onderlinge bijstand aangesloten ziekenfondsen zouden muteren naar eenzelfde landsbond van ziekenfondsen;
  4° artikel 6, §§ 1, 1bis, 2, 4 en 5;
  5° artikel 7, § 1, § 3, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet kunnen worden gelijkgesteld met een landsbond voor de toepassing van deze bepaling, en § 4;
  6° artikel 8, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet de aangesloten entiteiten vertegenwoordigen in de door deze bepaling bedoelde organen;
  7° artikel 9, §§ 1bis, eerste lid, 1septies en 1octies ;
  8° artikel 12, § 2, tweede lid, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand die geen eigen website zouden hebben, hun statuten mogen publiceren op de website van de verschillende ziekenfondsen die bij hen zijn aangesloten en/of van de landsbond waarbij ze aangesloten zijn;
  9° artikel 14, §§ 1 en 2;
  10° artikel 15, § 1, 5bis°, 6°, voor zover het een fusie betreft, ofwel met een maatschappij van onderlinge bijstand niet bedoeld in artikel 43bis, § 1, ofwel met een maatschappij van onderlinge bijstand bedoeld in artikel 43bis, § 1 die niet tot dezelfde landsbond van ziekenfondsen behoort, 7° en 8° ;
  11° artikel 15, § 2, 1° tot en met 9, 11° tot en met 13° en 15° tot en met 18° ;
  12° artikel 20, § 2, eerste lid, en § 4, tweede lid;
  13° artikel 23, § 2, tweede lid, 7° tot en met 9°, gelet op het feit dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet over de erin bedoelde bevoegdheden beschikken;
  14° artikel 24, § 2, tweede lid;
  15° artikel 25 slechts wat het feit betreft dat geen erkenning van de raad van bestuur van deze maatschappijen van onderlinge bijstand vereist is om functies bedoeld in dit artikel uit te oefenen in de schoot van ziekenfondsen die bij deze maatschappijen van onderlinge bijstand aangesloten zijn;
  16° artikel 27, eerste lid, slechts wat enerzijds het feit betreft dat aan de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand geen toelagen kunnen worden toegekend in het kader van de uitvoering van de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering, en wat anderzijds het feit betreft dat artikel 7, § 4, niet op hen van toepassing is en tweede lid;
  17° artikel 29, § 3, 1° ;
  18° artikel 31 slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet over de bevoegdheden van een landsbond beschikken ter zake ten opzichte van de aangesloten ziekenfondsen;
  19° artikel 32, derde lid, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet over de bevoegdheid van een landsbond beschikken om een voorstel ter zake te doen ten opzichte van de aangesloten ziekenfondsen;
  20° artikel 34, § 1, eerste lid, 3° ;
  21° artikel 39, § 1, tweede lid;
  22° artikel 43bis, § 1, eerste en derde lid, § 2, § 2bis, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet kunnen worden gelijkgesteld met een landsbond voor de toepassing van deze bepaling, § 4bis, en § 5;
  23° artikel 44, § 1, eerste lid, voor zover het een fusie zou betreffen, ofwel met een maatschappij van onderlinge bijstand niet bedoeld in artikel 43bis, § 1, ofwel met een maatschappij van onderlinge bijstand bedoeld in artikel 43bis, § 1, die niet tot dezelfde landsbond van ziekenfondsen behoort;
  24° artikel 44, § 2, tweede lid, in de zin dat een fusie van aangesloten ziekenfondsen niet door de algemene vergadering van een bedoelde maatschappij van onderlinge bijstand dient te worden goedgekeurd;
  25° artikel 44bis;
  26° artikel 46, § 1, tweede lid, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet over de bevoegdheid van een landsbond beschikken om een voorstel ter zake te doen ten opzichte van de aangesloten ziekenfondsen;
  27° artikel 47, § 2;
  28° artikel 48, §§ 1bis en 2bis;
  29° artikel 52, eerste lid, 11°, 12° en 13°, en tweede en derde lid;
  30° artikel 53;
  31° artikel 59, tweede lid, 9°, en derde lid, 2° ;
  32° de artikelen 62bis tot 62undecies;
  33° artikel 68, eerste lid, 2° ;
  34° artikel 69;
  35° artikel 70, § 1, § 2, eerste en derde lid, § 3, eerste en tweede lid, § 5, § 6, § 7, en § 9;
  36° artikel 75, § 2.
Article 1er. Ne sont pas applicables aux sociétés mutualistes visées à l'article 43bis, § 1er, alinéa 1er, de la loi du 6 août 1990 relative aux mutualités, les dispositions suivantes de cette même loi :
  1° l'article 2, § 1er, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne constituent pas une association de personnes physiques, et § 2 ;
  2° l'article 3, alinéas 1er, a), 2, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées doivent organiser au moins un service visé à l'article 3, alinéa 1er, b), pour obtenir ou maintenir la personnalité juridique, et 5, 1° et 2° , uniquement en ce les sociétés mutualistes concernées doivent organiser au moins un service visé à l'article 3, alinéa 1er, b), pour obtenir ou maintenir la personnalité juridique;
  3° l'article 5, en tant que les mutualités affiliées à la société mutualiste concernée ne muteraient pas toutes vers une même union nationale de mutualités ;
  4° l'article 6, §§ 1er, 1erbis, 2, 4 et 5 ;
  5° l'article 7, § 1er, § 3, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne peuvent pas être assimilées à une union nationale pour l'application de cette disposition, et § 4 ;
  6° l'article 8, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne représentent pas les mutualités affiliées auprès des organes visés par cette disposition ;
  7° l'article 9, §§ 1erbis, alinéa 1er, 1ersepties et 1erocties ;
  8° l'article 12, § 2, alinéa 2, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées qui ne disposeraient pas d'un site internet propre peuvent publier leurs statuts sur le site internet des différentes mutualités qui leur sont affiliées et/ou de l'union nationale auprès de laquelle elles sont affiliées" ;
  9° l'article 14, §§ 1er et 2 ;
  10° l'article 15, § 1er, 5bis°, 6°, en tant qu'il s'agirait d'une fusion, soit avec une société mutualiste non visée à l'article 43bis, § 1er, soit avec une société mutualiste visée à l'article 43bis, § 1er n'appartenant pas à la même union nationale de mutualités, 7° et 8° ;
  11° l'article 15, § 2, 1° à 9° inclus, 11° à 13° inclus et 15° à 18° inclus,
  12° l'article 20, § 2, alinéa 1er, et § 4, alinéa 2 ;
  13° l'article 23, § 2, alinéa 2, 7° à 9° inclus, en ce que les sociétés mutualistes concernées ne disposent pas des compétences qui y sont visées ;
  14° l'article 24, § 2, alinéa 2 ;
  15° l'article 25 uniquement en ce qu'un agrément du conseil d'administration de ces sociétés mutualistes n'est pas requis pour l'exercice de fonctions visées dans cet article au sein de mutualités affiliées à ces sociétés mutualistes ;
  16° l'article 27, alinéa 1er, uniquement, d'une part, en ce que les sociétés mutualistes concernées ne peuvent pas se voir octroyer des subventions dans le cadre de l'exécution de l'assurance maladie - invalidité obligatoire et d'autre part, en ce que l'article 7, § 4, ne leur est pas applicable et alinéa 2 ;
  17° l'article 29, § 3, 1° ;
  18° l'article 31 uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne possèdent pas les compétences d'une union nationale en la matière sur les mutualités affiliées ;
  19° l'article 32, alinéa 3, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne possèdent pas la compétence de proposition d'une union nationale en la matière à l'égard des mutualités affiliées ;
  20° l'article 34, § 1er, alinéa 1er, 3° ;
  21° l'article 39, § 1er, alinéa 2 ;
  22° l'article 43bis, § 1er, alinéas 1er et 3, § 2, § 2bis, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne peuvent pas être assimilées à une union nationale pour l'application de cette disposition, § 4bis, et § 5 ;
  23° l'article 44, § 1er, alinéa 1er, en tant qu'il s'agirait d'une fusion, soit avec une société mutualiste non visée à l'article 43bis, § 1er, soit avec une société mutualiste visée à l'article 43bis, § 1er, n'appartenant pas à la même union nationale de mutualités ;
  24° l'article 44, § 2, alinéa 2, en ce qu'une fusion de mutualités affiliées ne doit pas être approuvée par l'assemblée générale d'une société mutualiste concernée ;
  25° l'article 44bis ;
  26° l'article 46, § 1er, alinéa 2, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne possèdent pas la compétence de proposition d'une union nationale en la matière à l'égard des mutualités affiliées ;
  27° l'article 47, § 2 ;
  28° l'article 48, §§ 1erbis et 2bis ;
  29° l'article 52, alinéas 1er, 11°, 12° et 13°, 2 et 3 ;
  30° l'article 53 ;
  31° l'article 59, alinéas 2, 9°, et 3, 2° ;
  32° les articles 62bis à 62undecies ;
  33° l'article 68, alinéa 1er, 2° ;
  34° l'article 69 ;
  35° l'article 70, § 1er, § 2, alinéas 1er et 3, § 3, alinéas 1er et 2, § 5, § 6, § 7, et § 9 ;
  36° l'article 75, § 2.
Art. 2. Zijn niet van toepassing op de maatschappijen van onderlinge bijstand bedoeld in artikel 43bis, § 1, tweede lid, van de voornoemde wet van 6 augustus 1990, de volgende bepalingen van deze zelfde wet:
  1° artikel 2, § 1, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand geen vereniging van natuurlijke personen zijn, en § 2;
  2° artikel 3, eerste lid, a), tweede en vijfde lid;
  3° artikel 5;
  4° artikel 6, §§ 1, 2, 4 en 5;
  5° artikel 7, § 1, § 2, eerste lid, indien de bevoegde overheid niet in de mogelijkheid voorziet om diensten die door deze bepaling bedoeld worden te organiseren, § 3, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet kunnen worden gelijkgesteld met een landsbond voor de toepassing van deze bepaling, en § 4;
  6° artikel 8, wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet de aangesloten ziekenfondsen vertegenwoordigen in de door deze bepaling bedoelde organen en hun eigen afvaardiging kunnen hebben in sommige van deze organen;
  7° artikel 9, §§ 1bis, eerste lid, 1septies en 1octies;
  8° artikel 12, § 2, tweede lid, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand die geen eigen website zouden hebben, hun statuten mogen publiceren op de website van de verschillende ziekenfondsen die bij hen zijn aangesloten en/of van de landsbond waarbij ze aangesloten zijn;
  9° artikel 14, §§ 1 en 2;
  10° artikel 15, § 1, 5bis°, 6°, voor zover het een fusie betreft, ofwel met een maatschappij van onderlinge bijstand niet bedoeld in artikel 43bis, § 1, ofwel met een maatschappij van onderlinge bijstand bedoeld in artikel 43bis, § 1 die niet tot dezelfde landsbond van ziekenfondsen behoort, 7° en 8° ;
  11° artikel 15, § 2, 1° tot en met 13° en 15° tot en met 18° ;
  12° artikel 20, § 2, eerste lid;
  13° de woorden 'of door een aangesloten ziekenfonds' van artikel 20, § 2, tweede lid;
  14° artikel 20, § 4, tweede lid;
  15° artikel 23, § 2, tweede lid, 7° tot en met 9°, gelet op het feit dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet over de erin bedoelde bevoegdheden beschikken;
  16° artikel 24, § 2, tweede lid;
  17° artikel 25 slechts wat het feit betreft dat geen erkenning van de raad van bestuur van deze maatschappijen van onderlinge bijstand vereist is om functies bedoeld in dit artikel uit te oefenen in de schoot van ziekenfondsen die bij deze maatschappijen van onderlinge bijstand aangesloten zijn;
  18° artikel 27, tweede lid;
  19° artikel 29, § 3, 1° ;
  20° artikel 31 slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet kunnen worden gelijkgesteld met een landsbond voor de toepassing van deze bepaling;
  21° artikel 32, derde lid, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet over de bevoegdheid van een landsbond beschikken om een voorstel ter zake te doen ten opzichte van de aangesloten ziekenfondsen;
  22° artikel 34, § 1, eerste lid, 3° ;
  23° artikel 39, § 1, tweede lid;
  24° artikel 43bis, § 1, eerste en derde lid, § 2bis, § 4bis en § 5;
  25° artikel 44, § 1, eerste lid, voor zover het een fusie zou betreffen, ofwel met een maatschappij van onderlinge bijstand niet bedoeld in artikel 43bis, § 1, ofwel met een maatschappij van onderlinge bijstand bedoeld in artikel 43bis, § 1 die niet tot dezelfde landsbond van ziekenfondsen behoort;
  26° artikel 44, § 2, tweede lid, in de zin dat een fusie van aangesloten ziekenfondsen niet door de algemene vergadering van een bedoelde maatschappij van onderlinge bijstand dient te worden goedgekeurd;
  27° artikel 44bis;
  28° artikel 46, § 1, tweede lid, slechts wat het feit betreft dat de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand niet over de bevoegdheid van een landsbond beschikken om een voorstel ter zake te doen ten opzichte van de aangesloten ziekenfondsen;
  29° artikel 47, § 1, indien de bevoegde overheid niet in de mogelijkheid voorziet, voor de bedoelde maatschappijen van onderlinge bijstand, om diensten die door deze bepaling bedoeld worden te organiseren;
  30° artikel 47, § 2;
  31° artikel 48, §§ 1bis en 2bis;
  32° artikel 52, eerste lid, 11° 12° en 13°, 2 en 3;
  33° artikel 53;
  34° artikel 59, tweede lid, 9°, en derde lid, 2° ;
  35° de artikelen 62bis tot 62undecies;
  36° artikel 68, eerste lid, 2° ;
  37° artikel 69;
  38° artikel 70, § 1, § 2, eerste en derde lid, § 3, eerste en tweede lid, § 5, § 6, § 7, en § 9;
  39° artikel 75, § 2.
Art. 2. Ne sont pas applicables aux sociétés mutualistes visées à l'article 43bis, § 1er, alinéa 2, de la loi précitée du 6 août 1990, les dispositions suivantes de cette même loi :
  1° l'article 2, § 1er, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne constituent pas une association de personnes physiques, et § 2 ;
  2° l'article 3, alinéas 1er, a), 2 et 5 ;
  3° l'article 5;
  4° l'article 6, §§ 1er, 2, 4 et 5 ;
  5° l'article 7, § 1er, § 2, alinéa 1er, si l'autorité compétente ne prévoit pas la possibilité d'organiser des services qui sont visés dans cette disposition, § 3, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne peuvent pas être assimilées à une union nationale pour l'application de cette disposition, et § 4 ;
  6° l'article 8, en ce que les sociétés mutualistes concernées ne représentent pas les mutualités affiliées auprès des organes visés par cette disposition et peuvent avoir leur délégation propre auprès de certains de ces organes ;
  7° l'article 9, §§ 1erbis, alinéa 1er, 1ersepties et 1erocties ;
  8° l'article 12, § 2, alinéa 2, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées qui ne disposeraient pas d'un site internet propre peuvent publier leurs statuts sur le site internet des différentes mutualités qui leur sont affiliées et/ou de l'union nationale auprès de laquelle elles sont affiliées" ;
  9° l'article 14, §§ 1er et 2 ;
  10° l'article 15, § 1er, 5bis°, 6°, en tant qu'il s'agirait d'une fusion, soit avec une société mutualiste non visée à l'article 43bis, § 1er, soit avec une société mutualiste visée à l'article 43bis, § 1er n'appartenant pas à la même union nationale de mutualités, 7° et 8° ;
  11° l'article 15, § 2, 1° à 13° inclus et 15° à 18° inclus ;
  12° l'article 20, § 2, alinéa 1er ;
  13° les mots " ou par une mutualité affiliée " de l'article 20, § 2, alinéa 2 ;
  14° l'article 20, § 4, alinéa 2 ;
  15° l'article 23, § 2, alinéa 2, 7° à 9° inclus, en ce que les sociétés mutualistes concernées ne disposent pas des compétences qui y sont visées ;
  16° l'article 24, § 2, alinéa 2 ;
  17° l'article 25 uniquement en ce qu'un agrément du conseil d'administration de ces sociétés mutualistes n'est pas requis pour l'exercice de fonctions visées dans cet article au sein de mutualités affiliées à ces sociétés mutualistes ;
  18° l'article 27, alinéa 2 ;
  19° l'article 29, § 3, 1° ;
  20° l'article 31 uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne peuvent pas être assimilées à une union nationale pour l'application de cette disposition;
  21° l'article 32, alinéa 3, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne possèdent pas la compétence de proposition d'une union nationale en la matière à l'égard des mutualités affiliées ;
  22° l'article 34, § 1er, alinéa 1er, 3° ;
  23° l'article 39, § 1er, alinéa 2 ;
  24° l'article 43bis, § 1er, alinéas 1er et 3, § 2bis, § 4bis, et § 5 ;
  25° l'article 44, § 1er, alinéa 1er, en tant qu'il s'agirait d'une fusion, soit avec une société mutualiste non visée à l'article 43bis, § 1er, soit avec une société mutualiste visée à l'article 43bis, § 1er, n'appartenant pas à la même union nationale de mutualités ;
  26° l'article 44, § 2, alinéa 2, uniquement en ce qu'une fusion de mutualités affiliées ne doit pas être approuvée par l'assemblée générale d'une société mutualiste concernée ;
  27° l'article 44bis ;
  28° l'article 46, § 1er, alinéa 2, uniquement en ce que les sociétés mutualistes concernées ne possèdent pas la compétence de proposition d'une union nationale en la matière à l'égard des mutualités affiliées ;
  29° l'article 47, § 1er, si l'autorité compétente ne prévoit pas la possibilité, pour les sociétés mutualistes concernées, d'organiser des services visés dans cette disposition ;
  30° l'article 47, § 2 ;
  31° l'article 48, §§ 1erbis et 2bis ;
  32° l'article 52, alinéas 1er, 11°, 12° et 13°, 2 et 3 ;
  33° l'article 53 ;
  34° l'article 59, alinéas 2, 9°, et 3, 2° ;
  35° les articles 62bis à 62undecies ;
  36° l'article 68, alinéa 1er, 2° ;
  37° l'article 69 ;
  38° l'article 70, § 1er, § 2, alinéas 1er et 3, § 3, alinéas 1er et 2, § 5, § 6, § 7, et § 9 ;
  39° l'article 75, § 2.
Art. 3. Het koninklijk besluit van 17 september 2010 tot uitvoering van artikel 70, § 4, tweede lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 18 april 2013, wordt opgeheven.
Art. 3. L'arrêté royal du 17 septembre 2010 portant exécution de l'article 70, § 4, alinéa 2, de la loi du 6 août 1990 relative aux mutualités et aux unions nationales de mutualités, modifié par l'arrêté royal du 18 avril 2013, est abrogé.
Art. 4. De Minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 4. Le Ministre qui a les Affaires sociales dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.