Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
13 DECEMBER 2024. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 13 december 2024 tot vaststelling van de nadere regels voor de valorisatie van verworven kennis voor de toelating, de gedeeltelijke of volledige vrijstelling in één of meer onderwijseenheden van het Volwassenenonderwijs (NOTA : vervangen door BFG2025-07-18/42, art. 122, 002; Inwerkingtreding : 25-08-2025)(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 31-01-2025 en tekstbijwerking tot 18-08-2025)
Titre
13 DECEMBRE 2024. - Arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 13 décembre 2024 fixant les modalités de valorisation des acquis pour l'admission, la dispense partielle ou complète dans une ou des unités d'Enseignement pour Adultes (NOTE : modifié par ACF2025-07-18/42, art. 122, 002; En vigueur : 25-08-2025)(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 31-01-2025 et mise à jour au 18-08-2025)
Informations sur le document
Numac: 2025000450
Datum: 2024-12-13
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2025000450
Date: 2024-12-13
Moniteur: Voir
Tekst (23)
Texte (23)
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen
CHAPITRE Ier. - Dispositions générales
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
  1° "Leerresultaten": zoals bepaald in artikel 5bis, 1°, van het decreet van 16 april 1991;
  2° "Formele leerresultaten": leerresultaten die voortvloeien uit onderwijsactiviteiten of leeractiviteiten die gestructureerd zijn in termen van tijd, doelstellingen en middelen en die bekrachtigd worden door een of meer andere bekwaamheidsbewijzen dan die welke als voorafgaande vereiste bekwaamheden dienen, zoals vastgelegd in het pedagogisch dossier en:
  a) afgegeven of gevalideerd door het onderwijs, d.w.z.:
  i) één of meer attesten, één of meer bekwaamheidsbewijzen of studiepunten van hoger onderwijs uitgereikt door een onderwijsinstelling georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, de Vlaamse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap;
  ii) één of meer buitenlandse bekwaamheidsbewijzen die als gelijkwaardig erkend zijn door de Franse Gemeenschap;
  iii) een of meer leergetuigschriften die overeenkomen met de kwalificatiegetuigschriften van het secundair onderwijs met volledig leerplan uitgereikt door het "Institut wallon de Formation en Alternance et des indépendants et Petites et Moyennes Entreprises" of door de "Service de Formation des Petites et Moyennes Entreprises de la Région Bruxelloise";
  of
  b) i) een of meer slaagattesten uitgereikt door de opleidingsinstellingen die een automatische valorisatieovereenkomst opgemaakt hebben met de Regering van de Franse Gemeenschap;
  ii) een of meer bekwaamheidsbewijzen of getuigschriften uitgereikt met toepassing van de samenwerkingsakkoorden die de Franse Gemeenschap heeft ondertekend;
  3° "Informele leerresultaten" : leerresultaten die voortvloeien uit informele leeractiviteiten, zoals bepaald in artikel 2, 7° van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 2 september 2015 houdende algemene regeling van de studies in het secundair [1 Volwassenenonderwijs]1 en in artikel 2, 8°, van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 2 september 2015 houdende algemene regeling van de studies in het [1 Volwassenenonderwijs op hoger niveau]1 van het korte type en het lange type;
  4° "Niet-formele leerresultaten": leerresultaten die voortvloeien uit niet-formele leeractiviteiten zoals bepaald in artikel 2, 6°, van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 2 september 2015 houdende algemene regeling van de studies in het secundair [1 Volwassenenonderwijs]1 en in artikel 2, 7°, van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 2 september 2015 houdende algemene regeling van de studies in het [1 Volwassenenonderwijs op hoger niveau]1 van het korte type en het lange type;
  5° " ARES ": de Academie voor Onderzoek en Hoger Onderwijs bedoeld in artikel 20 van het decreet van 7 november 2013 tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies;
  6° "Studieraad": de Raad zoals bepaald in artikel 5bis, 7°, van het decreet van 16 april 1991;
  7° "Algemene Raad ": de Raad zoals bepaald in artikel 5bis, 16°, van het decreet van 16 april 1991 ;
  8° "Decreet": het decreet van 16 april 1991 van de Franse Gemeenschap houdende organisatie van het [1 Volwassenenonderwijs]1;
  9° "Volledige vrijstelling": vrijstelling van één of meer onderwijseenheden met betrekking tot de bekrachtiging van alle leerresultaten, zoals vermeld in de pedagogische dossiers van de betrokken onderwijseenheden, overeenkomstig het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 15 mei 2014 betreffende de pedagogische dossiers van de onderwijsafdelingen en -eenheden van het [1 Volwassenenonderwijs]1;
  10° "Gedeeltelijke vrijstelling": vrijstelling van één of meer onderwijsactiviteiten verbonden aan één of bepaalde leerresultaten in één of meer onderwijseenheden van het onderwijs van sociale promotie, zoals bepaald in de pedagogische dossiers van de onderwijseenheid, overeenkomstig het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 15 mei 2014 betreffende de pedagogische dossiers van de onderwijsafdelingen en -eenheden van het [1 Volwassenenonderwijs]1;
  11° "Pedagogisch dossier": het pedagogisch dossier zoals bepaald in artikel 1 van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 15 mei 2014 betreffende de pedagogische dossiers van de onderwijsafdelingen en -eenheden van het [1 Volwassenenonderwijs]1;
  12° "Dossier van valorisatie": geheel van de documenten die de student doorslaggevend acht om al de verworven kennis te verantwoorden en die hij aan de Studieraad voorlegt om een valorisatie aan te vragen;
  13° "Opleidingsinstelling":
  a) opleidingscentra van de " Office wallon de la Formation professionnelle de l'Emploi et d'Actiris ";
  b) centra voor beroepsopleiding van het " Institut bruxellois francophone pour la formation professionnelle ";
  c) centra voor permanente vorming voor de middenstand en de kleine en middelgrote ondernemingen;
  d) opleidingsinstellingen die erkend zijn krachtens het Waals decreet van 10 juli 2013 betreffende de centra voor socio-professionele inschakeling;
  e) de opleidingsinstellingen die erkend zijn krachtens het decreet van 27 april 1995 van de Franse Gemeenschapscommissie betreffende de erkenning van organismen voor socio-professionele inschakeling en de subsidiëring van hun beroepsopleidingsactiviteiten voor werklozen en laag geschoolde werkzoekenden gericht op het vergroten van hun kans op het vinden of terugvinden van werk in het raam van gecoördineerde voorzieningen voor socio-professionele inschakeling;
  f) instellingen voor permanente opvoeding, zoals bepaald en erkend door het decreet van de Franse Gemeenschap van 17 juli 2003 met betrekking tot de steun aan het verenigingsleven op het gebied van de permanente opvoeding;
  g) opleidingsdiensten georganiseerd door de overheidsdiensten of de privé- ondernemingen, inclusief diegene die buiten België gevestigd zijn;
  14° "Valorisatie van verworven kennis": proces zoals bepaald in artikel 8 van het decreet van 16 april 1991.
  
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, il y a lieu d'entendre par :
  1° " Acquis d'apprentissage " : tel que défini par l'article 5bis, 1°, du décret du 16 avril 1991 ;
  2° " Acquis d'apprentissage formel " : acquis d'apprentissage résultant d'activités d'enseignement ou d'activités d'apprentissage structurées en termes de temps, d'objectifs et de ressources et sanctionnées par un ou des titres autres que celui tenant lieu de capacités préalables requises tel que renseigné(s) au sein du dossier pédagogique et :
  a) délivré ou validé par l'enseignement, c'est-à-dire :
  i) une ou des attestations, un ou des titres, des crédits d'études supérieures délivrés par un établissement d'enseignement organisé ou subventionné par la Communauté française, la Communauté flamande, la Communauté germanophone ;
  ii) un ou des titres étrangers reconnus comme équivalent par la Communauté française ;
  iii) un ou des certificats d'apprentissage correspondant aux certificats de qualification de l'enseignement secondaire de plein exercice délivré par l'Institut wallon de Formation en Alternance et des indépendants et Petites et Moyennes Entreprises ou par le Service de Formation des Petites et Moyennes Entreprises de la Région Bruxelloise ;
  ou
  b) i) une ou des attestations de réussite délivrées par des organismes de formation ayant établi une convention automatique de valorisation avec le Gouvernement de la Communauté française ;
  ii) un ou des titres ou certificat délivré(s) en application d'accords de coopération dont la Communauté française est signataire ;
  3° " Acquis d'apprentissage informel " : acquis d'apprentissage résultant d'activités d'apprentissages informelles telles que définies à l'article 2, 7°, de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 2 septembre 2015 portant règlement général des études de l'enseignement secondaire de promotion sociale et à l'article 2, 8°, de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 2 septembre 2015 portant règlement général des études de l'[2 Enseignement pour Adultes de niveau supérieur]2 de type court et de type long ;
  4° " Acquis d'apprentissage non-formel " : acquis d'apprentissage résultant d'activités d'apprentissages non formelles telles que définies à l'article 2, 6°, de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 2 septembre 2015 portant règlement général des études de l'enseignement secondaire de promotion sociale et à l'article 2, 7°, de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 2 septembre 2015 portant règlement général des études de l'[2 Enseignement pour Adultes de niveau supérieur]2 de type court et de type long ;
  5° " ARES " : l'Académie de Recherche et d'Enseignement supérieur visée à l'article 20 du décret du 7 novembre 2013 définissant le paysage de l'enseignement supérieur et l'organisation académique des études ;
  6° " Conseil des études " : le Conseil tel que défini à l'article 5bis, 7°, du décret du 16 avril 1991 ;
  7° " Conseil général " : le Conseil tel que défini à l'article 5bis, 16°, du décret du 16 avril 1991;
  8° " Décret " : le décret du 16 avril 1991 de la Communauté française organisant l'[1 Enseignement pour Adultes]1 ;
  9° " Dispense complète " : dispense d'une ou de plusieurs unités d'enseignement portant sur la sanction de tous les acquis d'apprentissage tels que précisés aux dossiers pédagogiques des unités d'enseignement concernées, conformément à l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 15 mai 2014 relatif aux dossiers pédagogiques des sections et unités d'enseignement de l'[1 Enseignement pour Adultes]1 ;
  10° " Dispense partielle " : dispense d'une ou de certaines activités d'enseignement liées à un ou à certains acquis d'apprentissage dans une ou plusieurs unités d'enseignement de l'[1 Enseignement pour Adultes]1 tels que précisés aux dossiers pédagogiques de l'unité d'enseignement, conformément à l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 15 mai 2014 relatif aux dossiers pédagogiques des sections et unités d'enseignement de l'[1 Enseignement pour Adultes]1 ;
  11° " Dossier pédagogique " : le dossier pédagogique tel que défini à l'article 1er de l'arrêté de Gouvernement de la Communauté française du 15 mai 2014 relatif aux dossiers pédagogiques des sections et unités d'enseignement de l'[1 Enseignement pour Adultes]1 ;
  12° " Dossier de valorisation " : ensemble des documents que l'étudiant estime probants pour justifier tous ses acquis et qu'il soumet au Conseil des études pour demander une valorisation ;
  13° " Organisme de formation " :
  a) centres de formation de l'Office wallon de la Formation professionnelle de l'Emploi et d'Actiris ;
  b) centres de formation professionnelle de l'Institut bruxellois francophone pour la formation professionnelle ;
  c) centres de formation permanente pour les classes moyennes et les petites et moyennes entreprises ;
  d) organismes de formation agréés en vertu du décret wallon du 10 juillet 2013 relatif aux centres d'insertion socioprofessionnelle ;
  e) organismes de formation agréés en vertu du décret du 27 avril 1995 de la Commission communautaire française relatif à l'agrément de certains organismes d'insertion socioprofessionnelle et de subventionnement de leurs activités de formation professionnelle en vue d'accroître les chances des demandeurs d'emploi inoccupés et peu qualifiés de trouver ou de retrouver du travail dans le cadre de dispositifs coordonnés d'insertion socioprofessionnelle ;
  f) organismes d'éducation permanente tels que définis et reconnus par le décret de la Communauté française du 17 juillet 2003 relatif au soutien de l'action associative dans le champ de l'Education permanente ;
  g) les services de formation organisés par les services publics ou les entreprises privées, en ce compris situés en dehors de la Belgique ;
  14° " Valorisation des acquis " : processus tel que défini à l'article 8 du décret du 16 avril 1991.
  
HOOFDSTUK II. - Valorisatie van verworven kennis in het kader van de toelating in één of meer onderwijseenheden
CHAPITRE II. - Valorisation des acquis dans le cadre de l'admission dans une ou plusieurs unités d'enseignement
Art. 2. § 1. De voorafgaande bekwaamheden die vereist zijn voor de toelating in een onderwijseenheid van het [1 Volwassenenonderwijs]1 of de bekwaamheidsbewijzen die gelden als bewijs ervan, worden nader bepaald in het pedagogisch dossier van de onderwijseenheid overeenkomstig het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 15 mei 2014 betreffende de pedagogische dossiers van de onderwijsafdelingen en -eenheden van het [1 Volwassenenonderwijs]1.
  § 2. In het kader van de valorisatie van de formele leerresultaten gaat de Studieraad over tot de toelating in één of meer onderwijseenheden van het [1 Volwassenenonderwijs]1 in het geval dat de student één of meer bewijsdocumenten bedoeld in artikel 1, 2° indient waarbij de Studieraad de voldoende en globale beheersing kan evalueren van bekwaamheden die gelijk aan of hoger zijn dan de vereiste voorafgaande bekwaamheden, zoals bepaald in het pedagogisch dossier van de betrokken onderwijseenheid of -eenheden.
  Wat betreft de documenten voorzien in artikel 1, 2°, a), laat de Studieraad de student toe na te hebben nagekeken dat deze documenten betrekking hebben op de beoordeling van bekwaamheden op een niveau gelijk aan of hoger dan de vereiste voorafgaande bekwaamheden, zoals bepaald in het pedagogisch dossier van de betrokken onderwijseenheid of -eenheden.
  Wat betreft de documenten bedoeld in artikel 1, 2°, b), laat de Studieraad, na de betrokken documenten te hebben nagekeken, de student toe zonder test in de onderwijseenheid of -eenheden.
  De student wordt meegeteld voor de vorming van lestijden-leerlingen en de gewogen lestijden-leerlingen mits inachtneming van de andere bepalingen.
  § 3. In het kader van de valorisatie van niet-formele of informele leerresultaten:
  - kan de Studieraad ofwel overgaan tot de toelating van de student die voor een test of een proef erin slaagt waarbij de voldoende en globale beheersing van de voorafgaande bekwaamheden van één of meer onderwijseenheden kan bewezen worden;
  - kan de student ofwel documenten voorleggen die hij doorslaggevend acht en die bestaan uit een dossier van valorisatie van verworven kennis en bekwaamheden:
  * tijdens studies, opleidingen georganiseerd door een openbare of privé-instelling,
  * en/of tijdens professionele en persoonlijke ervaring,
  en die aantonen dat ze een voldoende en globale beheersing hebben die gelijk is aan of groter is dan de slagingsdrempel van de vereiste bekwaamheden van een of meer onderwijseenheden. Na analyse van de documenten kan de Studieraad de student zonder test of proef toelaten tot één of meer onderwijseenheden.
  De student wordt meegeteld voor de vorming van lestijden-leerlingen en de gewogen lestijden-leerlingen mits inachtneming van de andere bepalingen.
  
Art. 2. § 1er. Les capacités préalables requises pour l'admission dans une unité d'enseignement de l'[1 Enseignement pour Adultes]1 ou les titres qui peuvent en tenir lieu sont précisés dans le dossier pédagogique de l'unité d'enseignement, conformément à l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 15 mai 2014 relatif aux dossiers pédagogiques des sections et unités d'enseignement de l'[1 Enseignement pour Adultes]1.
  § 2. Dans le cadre de la valorisation d'acquis d'apprentissages formels, le Conseil des études procède à l'admission dans une ou plusieurs unités d'enseignement de l'[1 Enseignement pour Adultes]1 dans le cas où l'étudiant produit un ou plusieurs des documents probants visés à l'article 1er, 2°, qui permettront au Conseil des études d'évaluer la maitrise suffisante et globale de capacités équivalentes ou supérieures au seuil de réussite des capacités préalables requises telles que fixées au dossier pédagogique de l'unité ou des unités d'enseignement concernées.
  En ce qui concerne les documents prévus à l'article 1er, 2°, a), le Conseil des études admet l'étudiant après avoir vérifié que lesdits documents portent sur l'évaluation de capacités de niveau égal ou supérieur aux capacités préalables requises telles que fixées au dossier pédagogique de l'unité ou des unités d'enseignement concernées.
  En ce qui concerne les documents prévus à l'article 1er, 2°, b), le Conseil des études admet sans test l'étudiant dans l'unité ou des unités d'enseignement considérées après vérification desdits documents.
  L'étudiant est comptabilisé pour la génération des périodes-élèves et des périodes-élèves pondérées moyennant le respect des autres dispositions.
  § 3. Dans le cadre de la valorisation d'acquis d'apprentissages informels ou non formels :
  - soit le Conseil des études peut procéder à l'admission de l'étudiant qui réussit un test ou une épreuve prouvant sa maitrise suffisante et globale au seuil de réussite des capacités préalables d'une ou de plusieurs unités d'enseignement ;
  - soit l'étudiant peut fournir des documents probants et constituer le dossier de valorisation reprenant ses savoirs et compétences acquis :
  * lors d'études, de formations émanant d'un organisme public ou privé,
  * et/ou lors de ses expériences professionnelles et personnelles,
  et prouvant la maitrise suffisante et globale égale ou supérieure au seuil de réussite des capacités préalables d'une ou de plusieurs unités d'enseignement. Le Conseil des études, après analyse des documents, peut admettre l'étudiant dans une ou plusieurs unités d'enseignement sans test ou épreuve.
  L'étudiant est comptabilisé pour la génération des périodes-élèves et des périodes-élèves pondérées moyennant le respect des autres dispositions.
  
HOOFDSTUK III. - Valorisatie van verworven kennis in het kader van een gedeeltelijke vrijstelling van één of meer onderwijsactiviteiten in een onderwijseenheid
CHAPITRE III. - Valorisation des acquis dans le cadre d'une dispense partielle d'une ou de plusieurs activités d'enseignement d'une unité d'enseignement
Art. 3. § 1. In het kader van de valorisatie van de formele leerresultaten gaat de Studieraad over tot de gedeeltelijke vrijstelling van één of meer onderwijseenheden gebonden aan één of meer leerresultaten in één of meer onderwijseenheden als de student de bewijsstukken bedoeld in artikel 1, 2°, voorlegt.
  Deze documenten stellen de Studieraad in staat om te beoordelen of er sprake is van voldoende en globale beheersing van bekwaamheden die gelijk zijn aan of hoger zijn dan de slaagdrempel voor een of meer van de leerresultaten die vereist zijn voor vrijstelling van onderwijsactiviteiten, zoals bepaald in het onderwijsdossier voor de betrokken onderwijseenheid of onderwijseenheden.
  De Studieraad verleent, na te hebben nagekeken dat deze documenten betrekking hebben op de beoordeling van bekwaamheden op een niveau dat gelijk is aan of hoger is dan de slaagdrempel van een of bepaalde leerresultaten die nodig zijn voor de vrijstelling van onderwijsactiviteiten van deze onderwijseenheid of -eenheden, een vrijstelling aan de student zonder test of proef.
  De student wordt meegeteld voor de vorming van lestijden-leerlingen en de gewogen lestijden-leerlingen mits inachtneming van de andere bepalingen.
  § 2. In het kader van de valorisatie van de eerder verworven niet-formele of informele leerresultaten, als de student bewijskrachtige documenten kan leveren en het valorisatiedossier kan samenstellen dat zijn kennis en vaardigheden hervat die hij heeft verworven:
  - tijdens een studie, een opleiding van een openbare of particuliere instelling,
  - en/of bij zijn professionele en personele ervaringen,
  en dat de voldoende en algemene beheersing van vaardigheden die gelijkwaardig zijn aan of hoger zijn dan de slaagdrempel voor een of meer leerresultaten van een of meer onderwijseenheden bewijst, kan de Studieraad, na analyse van de documenten, vrijstelling verlenen van een of meer onderwijsactiviteiten van een of meer onderwijseenheden zonder toets of examen.
  De student wordt meegeteld voor het genereren van lestijden-leerlingen en gewogen lestijden-leerlingen, onder voorbehoud van naleving van de andere bepalingen.
Art. 3. § 1er. Dans le cadre de la valorisation des acquis d'apprentissages formels, le Conseil des études procède à la dispense partielle d'une ou de certaines activités d'enseignement liées à un ou à certains acquis d'apprentissage dans une ou plusieurs unités d'enseignement dans le cas où l'étudiant produit des documents probants visés à l'article 1er, 2°.
  Ces documents permettent au Conseil des études d'évaluer la maitrise suffisante et globale de capacités équivalentes ou supérieures au seuil de réussite d'un ou de certains acquis d'apprentissage nécessaires à la dispense d'activités d'enseignement tels que fixés au dossier pédagogique de l'unité ou des unités d'enseignement concernées.
  Le Conseil des études, après avoir vérifié que ces documents portent sur l'évaluation de capacités de niveau égal ou supérieur au seuil de réussite d'un ou de certains acquis d'apprentissage nécessaires à la dispense d'activités d'enseignement de cette ou de ces unités d'enseignement dispense l'étudiant sans test ou épreuve.
  L'étudiant est comptabilisé pour la génération des périodes-élèves et des périodes-élèves pondérées moyennant le respect des autres dispositions.
  § 2. Dans le cadre de la valorisation des acquis d'apprentissages non formels ou informels, lorsque l'étudiant peut fournir des documents probants et constituer le dossier de valorisation reprenant ses savoirs et compétences acquis :
  - lors d'études, de formations émanant d'un organisme public ou privé,
  - et/ou lors de ses expériences professionnelles et personnelles,
  et prouvant la maitrise suffisante et globale de capacités équivalentes ou supérieures au seuil de réussite d'un ou de certains acquis d'apprentissage d'une ou de plusieurs unités d'enseignement, le Conseil des études, après analyse des documents, peut dispenser d'une ou de plusieurs activités d'enseignement d'une ou de plusieurs unités d'enseignement sans test ou épreuve.
  L'étudiant est comptabilisé pour la génération des périodes-élèves et des périodes-élèves pondérées moyennant le respect des autres dispositions.
HOOFDSTUK IV. - Valorisatie van de leerresultaten in het kader van een volledige vrijstelling van een of meer onderwijseenheden
CHAPITRE IV. - Valorisation des acquis dans le cadre d'une dispense complète d'une ou plusieurs unités d'enseignement
Art. 4. § 1. In het kader van de valorisatie van de eerder verworven formele leerresultaten verleent de Studieraad volledige vrijstelling van een of meer onderwijseenheden van het [1 Volwassenenonderwijs]1 als de student de in artikel 1, 2°, bedoelde bewijskrachtige documenten oplevert die de Studieraad in staat stellen om voor alle leerresultaten van één of meer van de betrokken onderwijseenheden een voldoende en algemene beheersing van vaardigheden te beoordelen die gelijkwaardig zijn aan of hoger zijn dan de slaagdrempel.
  Wat de documenten bedoeld in artikel 1, 2°, a), betreft, verleent de Studieraad een volledige vrijstelling aan de student nadat hij heeft gecontroleerd dat de genoemde documenten betrekking hebben op de beoordeling van vaardigheden op een niveau gelijk aan of hoger dan de slaagdrempel voor alle leerresultaten van een of meer van de betrokken onderwijseenheden.
  Wat de documenten bedoeld in artikel 1, 2°, b), betreft, verleent de Studieraad een volledige vrijstelling van de betrokken onderwijseenheid of -eenheden na controle van deze documenten.
  In het geval van de volledige vrijstelling wordt de student niet meegeteld als regelmatige leerling.
  § 2. In het kader van de valorisatie van de eerder verworven niet-formele of informele leerresultaten kan de Studieraad een student volledig vrijstellen van een of meer onderwijseenheid of -eenheden als deze student het valorisatiedossier voorlegt met bewijskrachtige documenten die zijn kennis en vaardigheden hervat die hij heeft verworven:
  - tijdens een studie, een opleiding van een openbare of particuliere instelling,
  - en/of bij zijn professionele en personele ervaringen,
  en die bewijzen dat hij de verworven leerresultaten die gelijkwaardig zijn aan of hoger zijn dan de slaagdrempel van deze bedoeld in het of de pedagogische dossiers, voldoende en volledig beheerst.
  Als de Studieraad, na analyse van het dossier, beoordeelt dat dit voldoende is, verleent hij de volledige vrijstelling aan de student van een of meer onderwijseenheden zonder die aan een extra test of examen te onderwerpen. Als hij beoordeelt dat dit onvoldoende is, bepaalt hij welke toets(en) of examen(s) de student moet maken.
  In het geval van de volledige vrijstelling wordt de student niet meegeteld als regelmatige leerling.
  § 3. De Studieraad reikt het of de "Valorisatie"-slaagattest(en) uit, verkregen in het kader van de valorisatie van de verworven vaardigheden, aan de student die geniet van het valorisatieproces in het kader van de volledige vrijstelling van één of meerdere onderwijseenheden die deel uitmaken van een afdeling of buiten een afdeling.
  Deze valorisatieattesten kunnen echter geen betrekking hebben op de volgende onderwijseenheden:
  1° de geïntegreerde proeven;
  2° de onderwijseenheden die geen prestaties van studenten omvatten;
  3° onderwijseenheden waarvoor specifieke voorschriften de student verplichten deze te volgen.
  Het "Valorisatie"-slaagattest kan op verzoek van de student worden uitgereikt na publicatie van de resultaten van de beraadslagingen van de studieraad van de betrokken onderwijseenheid.
  De door een onderwijsinstelling voor [1 Volwassenenonderwijs]1 uitgereikte "Valorisatie"-slaagattesten zijn tegenstelbaar aan alle andere onderwijsinstellingen voor [1 Volwassenenonderwijs]1.
  § 4. Het "Valorisatie"-slaagattest dat in deze context wordt behaald, omvat onder andere:
  1° de leerresultaten;
  2° de lijst van de onderwijsactiviteiten van de betrokken onderwijseenheid;
  3° in voorkomend geval, het aantal studiepunten, zoals bepaald in het pedagogisch dossier overeenkomstig artikel 1, § 2, van het bovenvermelde besluit van 15 mei 2014;
  4° in voorkomend geval, het niveau dat bereikt wordt door de student in het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor Talen;
  5° de handtekeningen van ten minste twee derde van de leden van de Studieraad;
  6° het behaalde percentage;
  7° het zegel van de inrichting.
  
Art. 4. § 1er. Dans le cadre de la valorisation des acquis d'apprentissages formels, le Conseil des études procède à la dispense complète d'une ou de plusieurs unités d'enseignement de l'[1 Enseignement pour Adultes]1 dans le cas où l'étudiant produit des documents probants visés à l'article 1er, 2°, qui permettront au Conseil des études d'évaluer la maitrise suffisante et globale de capacités équivalentes ou supérieures au seuil de réussite de tous les acquis d'apprentissage d'une ou des unités d'enseignement concernées.
  En ce qui concerne les documents prévus à l'article 1er, 2°, a), le Conseil des études dispense complètement l'étudiant après avoir vérifié que lesdits documents portent sur l'évaluation de capacités de niveau égal ou supérieur au seuil de réussite de tous les acquis d'apprentissage d'une ou des unités d'enseignement concernées.
  En ce qui concerne les documents prévus à l'article 1er, 2°, b), le Conseil des études dispense complètement de l'unité ou des unités d'enseignement considérées après vérification desdits documents.
  Dans le cas de la dispense complète, l'étudiant n'est pas comptabilisé comme élève régulier.
  § 2. Dans le cadre de la valorisation des acquis d'apprentissages non formels ou informels, le Conseil des études peut dispenser complètement d'une ou plusieurs unités d'enseignement, l'étudiant qui présente le dossier de valorisation avec des documents probants à l'appui reprenant ses savoirs et compétences acquis :
  - lors d'études, de formations émanant d'un organisme public ou privé,
  - et/ou lors de ses expériences professionnelles et personnelles,
  et prouvant qu'il maîtrise de manière suffisante et globale les acquis d'apprentissage équivalents ou supérieurs au seuil de réussite de ceux prévus dans le ou les dossiers pédagogiques.
  Si le Conseil des études, après analyse dudit dossier, juge ce dernier suffisant, il dispense complètement l'étudiant d'une ou de plusieurs unités d'enseignement sans le soumettre à un test ou une épreuve complémentaire. S'il le juge insuffisant, il détermine le(s) test(s) ou l'(les) épreuve(s) à faire passer à l'étudiant.
  Dans le cas de la dispense complète, l'étudiant n'est pas comptabilisé comme élève régulier.
  § 3. Le Conseil des études délivre l'attestation ou les attestations de réussite " Valorisation ", obtenues dans le cadre de la valorisation des acquis, à l'étudiant qui bénéficie du processus de valorisation dans le cadre de la dispense complète d'une ou de plusieurs unités d'enseignement constitutives d'une section ou hors section.
  Ces attestations de valorisation ne peuvent toutefois pas porter sur les unités d'enseignement suivantes :
  1° les épreuves intégrées ;
  2° les unités d'enseignement qui ne comportent pas de prestations d'étudiants ;
  3° les unités d'enseignement pour lesquelles une réglementation spécifique impose qu'elles soient suivies par l'étudiant.
  L'attestation de réussite " Valorisation " peut être délivrée à la demande de l'étudiant après la publication des résultats de délibération du conseil des études de l'unité d'enseignement concernée.
  Les attestations de réussite " Valorisation " délivrées par un établissement d'[1 Enseignement pour Adultes]1 sont opposables à tous les autres établissements de l'[1 Enseignement pour Adultes]1.
  § 4. L'attestation de réussite " Valorisation " obtenue dans ce cadre reprend notamment :
  1° les acquis d'apprentissage ;
  2° la liste des activités d'enseignement de l'unité d'enseignement concernée ;
  3° le cas échéant, le nombre de crédits tel que défini dans le dossier pédagogique conformément à l'article 1er, § 2, de l'arrêté du 15 mai 2014 précité ;
  4° le cas échéant, le niveau atteint par l'étudiant dans le Cadre européen commun de référence pour les langues ;
  5° les signatures d'au moins deux tiers des membres du Conseil des études ;
  6° le pourcentage obtenu ;
  7° le sceau de l'établissement.
  
HOOFDSTUK V. - Gemeenschappelijke bepalingen voor de toelating, de gedeeltelijke en de volledige vrijstelling
CHAPITRE V. - Dispositions communes à l'admission, la dispense partielle et complète
Art. 5. De Studieraad is als enige bevoegd om de voorafgaande bekwaamheden die vereist zijn voor de toelating, alsook het of de leerresultaten betreffende de gedeeltelijke of volledige vrijstelling van een onderwijseenheid, na te kijken.
  De beslissingen die door de Studieraad worden genomen of waarvan hij akte genomen heeft, zijn definitief. Ze worden opgenomen in processen-verbaal die door de leden van de Studieraad worden ondertekend. Die processen-verbaal worden bewaard gedurende vier jaar ten zetel van de inrichting en moeten te allen tijde kunnen worden voorgesteld aan de leden van de inspectie- en verificatiediensten van het [1 Volwassenenonderwijs]1, samen met de bewijsdocumenten.
  De beslissingen die door de Studieraad worden genomen of waarvan hij akte genomen heeft, of ze nu positief of negatief zijn, worden door de inrichtingen ingevoerd in een computerapplicatie die door de diensten van de regering ter beschikking wordt gesteld voor controledoeleinden.
  
Art. 5. Le Conseil des études est seul habilité à vérifier les capacités préalables requises à l'admission et le ou les acquis d'apprentissage relatifs à la dispense partielle ou complète d'une unité d'enseignement.
  Les décisions prises ou actées par le Conseil des études sont définitives. Elles sont consignées dans des procès-verbaux signés par les membres du Conseil des études. Ces procès-verbaux sont conservés pendant quatre ans au siège de l'établissement et doivent pouvoir être présentés à tout moment aux membres des services d'inspection et de vérification de l'[1 Enseignement pour Adultes]1, accompagnés des documents probants.
  Ces décisions prises ou actées par le Conseil des études, qu'elles soient positives ou négatives, sont encodées par les établissements dans une application informatique mise à disposition par les services du gouvernement à des fins de monitoring.
  
Art. 6. De beslissing van de Studieraad te erkennen dat de kandidaat de voorafgaande bekwaamheden bezit die vereist zijn voor de toelating tot een onderwijseenheid kan, alleen daardoor, niet leiden tot het uitreiken van een slaagattest van een andere onderwijseenheid die vooraf moet gaan.
  In het geval van onderwijseenheden die hiërarchisch zijn, omdat de leerresultaten van de ene eenheid de vereiste basisvaardigheden voor een andere eenheid zijn, kan elke instelling echter de leerresultaten in de context van een volledige vrijstelling valoriseren door middel van een algemene toets die de leerresultaten van deze eenheden omvat, met het oog op de afgifte van slaagattesten voor elke eenheid.
Art. 6. La décision du Conseil des études de reconnaître que le candidat possède les capacités préalables requises à l'admission dans une unité d'enseignement ne peut, de ce seul fait, entraîner la délivrance d'une attestation de réussite d'une autre unité d'enseignement qui lui est préalable.
  Toutefois, pour des unités d'enseignement hiérarchisées, car les acquis d'apprentissage de l'une sont les capacités préalables requises d'une autre, chaque établissement peut procéder à la valorisation des acquis dans le cadre d'une dispense complète par une épreuve globale couvrant les acquis d'apprentissage de ces unités en vue de délivrer les attestations de réussite de chacune des unités.
Art. 7. Op straffe van nietigheid moet het slaagattest van een onderwijseenheid worden uitgereikt door een gemachtigde instelling en, in het kader van het hoger onderwijs, door een instelling die gemachtigd is tot het organiseren van de afdeling die de betrokken onderwijseenheid omvat.
  De samenstelling van de Studieraad moet overeenstemmen met deze die bepaald is in de algemene studiereglementen.
Art. 7. Sous peine de nullité, l'attestation de réussite d'une unité d'enseignement doit être délivrée par un établissement autorisé et, dans le cadre de l'enseignement supérieur, habilité à organiser la section comprenant l'unité d'enseignement concernée.
  La composition du Conseil des études doit être conforme à celle prévue dans les règlements généraux des études.
Art. 8. De valorisatie van verworven kennis in het kader van de toelating of de gedeeltelijke of volledige vrijstelling in het hoger onderwijs gebeurt overeenkomstig artikelen 84, 117, 118, 119, 120 en 130 van het decreet van 7 november 2013 tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies.
Art. 8. La valorisation des acquis dans le cadre de l'admission ou de la dispense partielle ou complète dans l'enseignement supérieur s'opère conformément aux articles 84, 117, 118, 119, 120 et 130 du décret du 7 novembre 2013 définissant le paysage de l'enseignement supérieur et l'organisation académique des études.
HOOFDSTUK VI. - Valorisatie van verworven kennis voor de toelating en de volledige vrijstelling in het kader van een automatische overeenkomst voor de valorisatie met een opleidingsinstelling
CHAPITRE VI. - Valorisation des acquis pour l'admission et la dispense complète dans le cadre d'une convention automatique de valorisation avec un organisme de formation
Afdeling 1. - Gemeenschappelijke bepalingen voor het secundair en het [1 Volwassenenonderwijs op hoger niveau]1
Section 1. - Dispositions communes à l'enseignement secondaire et supérieur de l'[1 Enseignement pour Adultes]1
Art. 9. § 1. In het kader van artikel 8, eerste lid, van het decreet kunnen in een overeenkomst tussen de Regering van de Franse Gemeenschap en de opleidingsinstellingen, na advies van de Algemene Raad en de Inspectiedienst van het [1 Volwassenenonderwijs]1, bijzondere nadere regels worden vastgelegd voor de valorisatie van het opleidingstraject dat toegang geeft tot één of meer onderwijseenheden waarvan de voorafgaande bekwaamheden niet door de Studieraad zullen worden nagekeken.
  § 2. Op dezelfde manier kan een automatische volledige vrijstelling van een of meer onderwijseenheden worden overeengekomen zonder verificatie van de leerresultaten, met uitzondering van de geïntegreerde proef, die nooit kan worden gevaloriseerd.
  § 3. De in paragraaf 1 bedoelde overeenkomst bevat de lijst van de betrokken onderwijseenheden waarvoor toelating of volledige vrijstelling wordt verleend zonder verificatie van de vereiste voorafgaande vaardigheden of leerresultaten. Die bevat ook een verbintenis van de erkende opleidingsinstelling om te voldoen aan de pedagogische dossiers van de onderwijseenheden in kwestie en in het bijzonder het studieniveau en de beoordeling van de leerresultaten voor de onderwijseenheden die door een overeenkomst kunnen worden gevaloriseerd.
  § 4. De Inspectiedienst van het [1 Volwassenenonderwijs]1 is verantwoordelijk voor het bewaken en controleren van de naleving van deze verplichting door de erkende instellingen.
  Hij brengt verslag uit aan de Regering van de Franse Gemeenschap, die de overeenkomst kan opzeggen indien de opleidingsinstelling deze verbintenis niet nakomt.
  
Art. 9. § 1er. Dans le cadre de l'article 8, alinéa 1er, du décret, une convention entre le Gouvernement de la Communauté française et des organismes de formation peut définir, après avis du Conseil général et du Service d'inspection de l'[1 Enseignement pour Adultes]1, des modalités particulières de valorisation de parcours de formation donnant accès à une ou des unités d'enseignement dont les capacités préalables ne feront pas l'objet d'une vérification par le Conseil des études.
  § 2. De même, une dispense complète automatique d'une ou plusieurs unités d'enseignement pourra être convenue sans vérification des acquis d'apprentissage, à l'exception de l'épreuve intégrée qui ne peut jamais être valorisée.
  § 3. La convention visée au paragraphe 1er contient la liste des unités d'enseignement concernées qui feront l'objet d'une admission ou d'une dispense complète sans vérification des capacités préalables requises ou des acquis d'apprentissage. Elle contient également l'engagement de l'organisme de formation conventionné à respecter les dossiers pédagogiques des unités d'enseignement visées et particulièrement le niveau des études et l'évaluation des acquis d'apprentissage des unités d'enseignement valorisables par convention.
  § 4. Le Service d'inspection de l'[1 Enseignement pour Adultes]1 est chargé du contrôle et de la vérification du respect par les organismes conventionnés de cet engagement.
  Il fait rapport au Gouvernement de la Communauté française qui peut mettre fin à la convention en cas de non-respect de cet engagement par l'organisme de formation.
  
Afdeling 2. - Valorisatie van verworven kennis voor de toelating en de volledige vrijstelling in het kader van een automatische overeenkomst voor de valorisatie in het [1 Volwassenenonderwijs op hoger niveau]1
Section 2. - Valorisation des acquis pour l'admission et la dispense complète dans le cadre d'une convention automatique de valorisation dans l'[1 Enseignement pour Adultes de niveau supérieur]1
Art. 10. Een overeenkomst betreffende de toelating tot of de volledige vrijstelling van één of meer onderwijseenheden van het hoger onderwijs van het korte type kan worden gesloten met openbare operatoren inzake opleiding overeenkomstig artikel 118 van het decreet van 7 november 2013 tot bepaling van het hogeronderwijslandschap en de academische organisatie van de studies.
  De Algemene Raad geeft een raadgevend advies en stuurt de aanvraag door naar de ARES voor advies. Het advies van de ARES wordt voorgelegd aan de Regering van de Franse Gemeenschap, die de beslissing op eensluidend advies van de ARES besluit.
  De overeenkomst betreffende het hoger onderwijs van het korte type vermeldt de referenties met betrekking tot de kwaliteitsprocessen gevolgd door de openbare operatoren inzake opleiding die een valorisatiesovereenkomst aanvraagt, alsook het verslag van de inspectiedienst indien deze instelling reeds het voorwerp uitmaakte van een verslag.
Art. 10. Une convention concernant l'admission ou la dispense complète dans une ou plusieurs unités d'enseignement de niveau d'enseignement supérieur de type court peut être conclue avec des opérateurs publics de formation conformément à l'article 118 du décret du 7 novembre 2013 définissant le paysage de l'enseignement supérieur et l'organisation académique des études.
  Le Conseil général rend un avis consultatif et transmet la demande à l'ARES pour avis. L'avis de l'ARES est remis au Gouvernement de la Communauté française qui arrête la décision sur avis conforme de l'ARES.
  La convention relevant de l'enseignement supérieur de type court mentionne les références relatives aux processus de qualité suivis par l'opérateur public de formation sollicitant une convention de valorisation, ainsi que le rapport du service d'Inspection si cet organisme a déjà fait l'objet d'un rapport.
Art. 11. De in artikel 10 bedoelde overeenkomst mag slechts betrekking hebben op ten hoogste 2/3 van de totale studiepunten van de betrokken afdeling.
Art. 11. La convention visée à l'article 10 ne peut porter que sur un maximum de 2/3 de la totalité des crédits de la section concernée.
HOOFDSTUK VII. - Opheffings- en slotbepalingen
CHAPITRE VII. - Dispositions abrogatoires et finales
Art. 12. Het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 29 november 2017 tot vaststelling van de nadere regels voor de valorisatie van verworven kennis voor de toelating, de vrijstelling en de bekrachtiging in één of meer onderwijseenheden voor [1 Volwassenenonderwijs]1 wordt opgeheven.
  
Art. 12. L'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 29 novembre 2017 fixant les modalités de valorisation des acquis pour l'admission, la dispense et la sanction dans une ou des unités d'[1 Enseignement pour Adultes]1 est abrogé.
  
Art. 13. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2025. In afwijking hiervan treedt artikel 5, derde lid, in werking voor het academiejaar 2026-2027.
Art. 13. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2025. Par dérogation, l'article 5, alinéa 3, entre en vigueur pour l'année académique 2026-2027.
Art. 14. De Minister bevoegd voor het [1 Volwassenenonderwijs]1 is belast met de uitvoering van dit besluit.
  
Art. 14. Le Ministre qui a l'[1 Enseignement pour Adultes]1 dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.