Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
24 MEI 2024. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming en het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2018 tot financiering van sommige sociale akkoorden in bepaalde gezondheidsinrichtingen en -diensten
Titre
24 MAI 2024. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 novembre 2018 portant exécution du décret du 18 mai 2018 relatif à la protection sociale flamande et l'arrêté du Gouvernement flamand du 7 décembre 2018 portant financement de certains accords sociaux dans certains établissements et services de santé
Informations sur le document
Info du document
Tekst (30)
Texte (30)
HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming
CHAPITRE 1er. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 novembre 2018 portant exécution du décret du 18 mai 2018 relatif à la protection sociale flamande
Artikel 1. In artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 6 oktober 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° er wordt een punt 5° /0 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "5° /0 besluit van 9 mei 2014: het besluit van de Vlaamse Regering van 9 mei 2014 houdende de regels voor de erkenning van meerdere vestigingen van een woonzorgcentrum, een centrum voor kortverblijf, een dagverzorgingscentrum of een dagverzorgingscentrum met bijkomende erkenning als één woonzorgcentrum, één centrum voor kortverblijf, één dagverzorgingscentrum of één dagverzorgingscentrum met bijkomende erkenning;";
  2° er worden een punt 28° /1, 28° /2 en 28° /3 ingevoegd, die luiden als volgt:
  "28° /1 IFIC: sectorale analytische functieclassificatie en daaraan gekoppeld loonhuis dat ontwikkeld is door het Instituut voor Functieclassificatie (IFIC-vzw) in samenwerking met de sociale partners met het doel gelijkwaardige functies te identificeren en op een gelijkwaardige manier te belonen;
  28° /2 IFIC-categorie: categorie die van toepassing is in de functieclassificatie voor de gezondheidszorg, met daaraan gekoppeld een loonbarema;
  28° /3 IFIC-code: unieke code die toelaat om de functie van het personeelslid te identificeren;";
  3° er wordt een punt 29° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "29° /1 INSZ-nummer: het identificatienummer bedoeld in artikel 8, § 1, 1° of 2°, van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid;";
  4° er wordt een punt 55° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "55° /1 vestiging: een of meer gebouwen die op dezelfde plaats liggen en die als woonzorgcentrum, centrum voor kortverblijf type 1 of centrum voor dagverzorging worden uitgebaat;".
Article 1er. A l'article 1er de l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 novembre 2018 portant exécution du décret du 18 mai 2018 relatif à la protection sociale flamande, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 octobre 2023, les modifications suivantes sont apportées :
  1° il est inséré un point 5° /0, rédigé comme suit :
  " 5° /0 arrêté du 9 mai 2014 : l'arrêté du Gouvernement flamand du 9 mai 2014 fixant les règles régissant l'agrément de plusieurs implantations d'un centre de soins résidentiels, d'un centre de court séjour, d'un centre des soins de jour ou d'un centre de soins de jour disposant d'un agrément supplémentaire comme un seul centre de soins résidentiels, un seul centre de court séjour, un seul centre de soins de jour ou un seul centre de soins disposant d'un agrément supplémentaire ; " ;
  2° il est inséré des points 28° /1, 28° /2 et 28° /3, rédigés comme suit :
  " 28° /1 IFIC : classification analytique sectorielle des fonctions et maison salariale associée, développée par l'Institut de Classification de Fonctions (IFIC asbl) en coopération avec les partenaires sociaux, dans le but d'identifier les fonctions équivalentes et de les récompenser de manière équivalente ;
  28° /2 catégorie IFIC : catégorie qui s'applique à la classification des fonctions pour les soins de santé, avec le barème salarial associé ;
  28° /3 code IFIC : code unique permettant d'identifier la fonction du membre du personnel ; " ;
  3° il est inséré un point 29° /1, rédigé comme suit :
  " 29° /1 numéro NISS : le numéro d'identification visé à l'article 8, § 1er, 1° ou 2°, de la loi du 15 janvier 1990 relative à l'institution et à l'organisation d'une Banque-carrefour de la sécurité sociale ; " ;
  4° il est inséré un point 55° /1, rédigé comme suit :
  " 55° /1 implantation : un ou plusieurs bâtiments dans le même lieu exploités comme centre de soins résidentiels, centre de court séjour de type 1 ou centre de soins de jour ; " ;
Art.2. In boek 3, deel 1, titel 1, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019, wordt een artikel 415/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 415/1. Als meerdere vestigingen als één woonzorgcentrum, al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf of centrum voor kortverblijf met een bijkomende erkenning, zijn erkend met toepassing van artikel 2 of 3 van het besluit van 9 mei 2014, wordt elk van die vestigingen als een afzonderlijk woonzorgcentrum, al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf of centrum voor kortverblijf met een bijkomende erkenning, beschouwd voor de toepassing van dit boek.
  Als meerdere verschillende vestigingen als één centrum voor dagverzorging, één centrum voor dagverzorging voor personen met een ernstige ziekte of één centrum voor dagverzorging voor zorgafhankelijke personen zijn erkend met toepassing van artikel 5/1 en 5/2 van het besluit van 9 mei 2014, wordt elk van die vestigingen als een afzonderlijk centrum voor dagverzorging, centrum voor dagverzorging voor personen met een ernstige ziekte of centrum voor dagverzorging voor zorgafhankelijke personen beschouwd voor de toepassing van dit boek.".
Art.2. Dans le livre 3, partie 1re, titre 1er, du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 28 juin 2019, il est inséré un article 415/1, rédigé comme suit :
  " Art. 415/1. Si plusieurs implantations ont été agréées comme un seul centre de soins résidentiels, avec ou sans centre de court séjour associé ou centre de court séjour disposant d'un agrément supplémentaire, en application de l'article 2 ou 3 de l'arrêté du 9 mai 2014, chacune de ces implantations est considérée comme un centre de soins résidentiels distinct, avec ou sans centre de court séjour associé ou centre de court séjour disposant d'un agrément supplémentaire pour l'application du présent livre.
  Si plusieurs implantations différentes ont été agréées comme un seul centre de soins de jour, un seul centre de soins de jour pour personnes souffrant d'une maladie grave ou un seul centre de soins de jour pour personnes dépendantes en application des articles 5/1 et 5/2 de l'arrêté du 9 mai 2014, chacune de ces implantations est considérée comme un centre de soins de jour distinct, un centre de soins de jour pour personnes souffrant d'une maladie grave ou un centre de soins de jour pour personnes dépendantes pour l'application du présent livre. ".
Art.3. In artikel 453, § 1, eerste lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 7 december 2018, 14 oktober 2022 en 6 oktober 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° de woorden "onder meer" worden opgeheven;
  2° aan punt 2° wordt een punt l) toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "l) de IFIC-code en de IFIC-categorie;";
  3° aan punt 2° /1 wordt een punt i) toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "i) de IFIC-code en de IFIC-categorie;";
  4° aan punt 2° /2 wordt een punt i) toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "i) de IFIC-code en de IFIC-categorie;";
  5° aan punt 2° /3 wordt een punt h) toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "h) de IFIC-code en IFIC-categorie;";
Art.3. A l'article 453, § 1er, du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 7 décembre 2018, 14 octobre 2022 et 6 octobre 2023, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le mot " notamment " est abrogé ;
  2° le point 2° est complété par un point l), rédigé comme suit :
  " l) le code IFIC et la catégorie IFIC ; " ;
  3° le point 2° /1 est complété par un point i), rédigé comme suit :
  " i) le code IFIC et la catégorie IFIC ; " ;
  4° le point 2° /2 est complété par un point i), rédigé comme suit :
  " i) le code IFIC et la catégorie IFIC ; " ;
  5° le point 2° /3 est complété par un point h), rédigé comme suit :
  " h) le code IFIC et la catégorie IFIC ; " ;
Art.4. In artikel 473, § 4, eerste lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2021, wordt de zinsnede "artikel 45, 4° " vervangen door de zinsnede "artikel 45, § 1, 3° ".
Art.4. Dans l'article 473, § 4, alinéa 1er, du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 28 juin 2019 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juillet 2021, le membre de phrase " article 45, 4° " est remplacé par le membre de phrase " article 45, § 1er, 3° ".
Art.5. In het opschrift van boek 3/1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019, wordt het woord "bijzondere" vervangen door het woord "bijkomende".
Art.5. Dans l'intitulé du livre 3/1 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019, le mot " spécial " est remplacé par le mot " supplémentaire ".
Art.6. In boek 3/1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2022, wordt een artikel 534/0 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 534/0. Als meerdere vestigingen als één woonzorgcentrum zijn erkend met toepassing van artikel 2 van het besluit van 9 mei 2014, wordt elk van die vestigingen als een afzonderlijk woonzorgcentrum beschouwd voor de toepassing van dit boek.".
Art.6. Dans le livre 3/1 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019, et modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2022, il est inséré un article 534/0, rédigé comme suit :
  " Art. 534/0. Si plusieurs implantations sont agréées comme un seul centre de soins résidentiels, en application de l'article 2 de l'arrêté du 9 mai 2014, chacune de ces implantations est considérée comme un centre de soins résidentiels distinct pour l'application du présent livre. ".
Art.7. Artikel 534/1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019, wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 534/1. In dit boek wordt verstaan onder bijkomende erkenning: een bijkomende erkenning voor de zorg en ondersteuning van personen met jongdementie als vermeld in artikel 66,1°, van bijlage 11 bij het besluit van 28 juni 2019.".
Art.7. L'article 534/1 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019, est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 534/1. Dans le présent livre, on entend par agrément supplémentaire : un agrément supplémentaire pour les soins et le soutien de personnes atteintes de démence précoce telles que visées à l'article 66, 1°, de l'annexe 11 de l'arrêté du 28 juin 2019. ".
Art.8. In artikel 534/2 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° de woorden "administrateur-generaal van het agentschap" worden vervangen door de woorden "leidend ambtenaar";
  2° het woord "bijzondere" wordt vervangen door het woord "bijkomende".
Art.8. A l'article 534/2 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019, les modifications suivantes sont apportées :
  1° les mots " l'administrateur général de l'agence " sont remplacés par les mots " le fonctionnaire dirigeant " ;
  2° le mot " spécial " est remplacé par le mot " supplémentaire ".
Art.9. In artikel 534/3, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019, wordt het woord "bijzondere" vervangen door het woord "bijkomende".
Art.9. Dans l'article 534/3, alinéa 1er, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019, le mot " spécial " est remplacé par le mot " supplémentaire ".
Art.10. In artikel 534/4 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1 wordt het woord "bijzondere" telkens vervangen door het woord "bijkomende";
  2° in paragraaf 2 worden de woorden "administrateur-generaal van het agentschap" vervangen door de woorden "leidend ambtenaar" en wordt het woord "bijzondere" vervangen door het woord "bijkomende".
Art.10. A l'article 534/4 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2022, les modifications suivantes sont apportées :
  1° au paragraphe 1er, le mot " spécial " est chaque fois remplacé par le mot " supplémentaire " ;
  2° au paragraphe 2, les mots " L'administrateur général de l'agence " sont remplacés par les mots " Le fonctionnaire dirigeant " et le mot " spécial " est remplacé par le mot " supplémentaire ".
Art.11. In artikel 534/5, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019, wordt het woord "bijzondere" vervangen door het woord "bijkomende".
Art.11. Dans l'article 534/5, alinéa 1er, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019, le mot " spécial " est remplacé par le mot " supplémentaire ".
Art.12. In artikel 534/7, tweede en vierde lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019, wordt het woord "bijzondere" vervangen door het woord "bijkomende".
Art.12. Dans l'article 534/7, alinéas 2 et 4, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019, le mot " spécial " est remplacé par le mot " supplémentaire ".
Art.13. In artikel 534/8 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019, wordt het woord "bijzondere" telkens vervangen door het woord "bijkomende".
Art.13. Dans l'article 534/8 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019, le mot " spécial " est chaque fois remplacé par le mot " supplémentaire ".
Art.14. In artikel 534/170, § 2, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 november 2023, wordt punt 7° opgeheven.
Art.14. Dans l'article 534/170, § 2, alinéa 1er, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 novembre 2023, le point 7° est abrogé.
Art.15. Aan artikel 534/198, § 2, eerste lid, 1°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 november 2023, worden de woorden "en het INSZ-nummer" toegevoegd.
Art.15. L'article 534/198, § 2, alinéa 1er, 1°, du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 novembre 2023, est complété par les mots " et le numéro NISS ".
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2018 tot financiering van sommige sociale akkoorden in bepaalde gezondheidsinrichtingen en -diensten
CHAPITRE 2. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 7 décembre 2018 portant financement de certains accords sociaux dans certains établissements et services de santé
Art.16. In artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2018 tot financiering van sommige sociale akkoorden in bepaalde gezondheidsinrichtingen en -diensten, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 10 mei 2019, 16 september 2022, 12 mei 2023 en 20 oktober 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° punt 1° wordt vervangen door wat volgt:
  "1° administratie: het Agentschap voor Vlaamse Sociale Bescherming, vermeld in artikel 9 van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming;";
  2° er wordt een punt 1° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "1° /1 besluit van 28 juni 2019: het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en gebruikers;";
  3° punt 2° wordt vervangen door wat volgt:
  "2° centrum voor kortverblijf:
  a) een centrum voor kortverblijf type 1 vermeld in artikel 26, § 1, tweede lid, 1°, van het Woonzorgdecreet van 15 februari 2019, met uitsluiting van het centrum voor kortverblijf dat uitgebaat wordt in de daartoe bestemde lokalen van een erkend centrum voor herstelverblijf;
  b) een centrum voor kortverblijf met een bijkomende erkenning vermeld in artikel 26, § 2, van het Woonzorgdecreet van 15 februari 2019:
  een centrum voor kortverblijf dat gebruikers die thuis wonen tijdelijk en op een multidisciplinaire wijze een intensief observatie- en begeleidingstraject aanreikt met als doel de gebruikers te oriënteren naar het meest passende woonzorgaanbod, en dat daardoor een bijkomende erkenning als oriënterend kortverblijf heeft verkregen;";
  4° punt 3° wordt vervangen door wat volgt:
  "3° centrum voor dagverzorging:
  a) een centrum voor dagverzorging als vermeld in artikel 23 van het Woonzorgdecreet van 15 februari 2019, dat een bijkomende erkenning heeft conform artikel 6, § 2, eerste lid, 1°, en tweede lid, van het besluit van 28 juni 2019;
  b) een centrum voor dagverzorging voor personen met een ernstige ziekte: een centrum voor dagverzorging met een bijkomende erkenning als centrum voor dagverzorging voor personen die lijden aan een ernstige ziekte als vermeld in artikel 6, § 2, eerste lid, 1°, en tweede lid, van het besluit van 28 juni 2019;
  c) een centrum voor dagverzorging voor zorgafhankelijke personen: een centrum voor dagverzorging met een bijkomende erkenning als centrum voor dagverzorging voor zorgafhankelijke personen als vermeld in artikel 6, § 2, eerste lid, 1°, en tweede lid, van het besluit van 28 juni 2019;";
  5° er wordt een punt 4° /2 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "4° /2 initiatief van beschut wonen: een initiatief van beschut wonen als vermeld in artikel 2, 9°, van het decreet van 6 juli 2018;";
  6° punt 11° wordt vervangen door wat volgt:
  "11° woonzorgcentrum: een woonzorgcentrum als vermeld in artikel 33 van het Woonzorgdecreet van 15 februari 2019, dat erkend is conform artikel 4 van het besluit van 28 juni 2019;".
Art.16. A l'article 1er de l'arrêté du Gouvernement flamand du 7 décembre 2018 portant financement de certains accords sociaux dans certains établissements et services de santé, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 10 mai 2019, 16 septembre 2022, 12 mai 2023 et 20 octobre 2023, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le point 1° est remplacé par ce qui suit :
  " 1° administration : l'Agence de la Protection sociale flamande visée l'article 9 du décret du 18 mai 2018 relatif à la protection sociale flamande ;
  2° il est inséré un point 1° /1, rédigé comme suit :
  " 1° /1 arrêté du 28 juin 2019 : l'arrêté du Gouvernement flamand du 28 juin 2019 relatif à la programmation, aux conditions d'agrément et au régime de subventionnement de structures de soins résidentiels et d'associations d'intervenants de proximité et d'usagers ; " ;
  3° le point 2° est remplacé par ce qui suit :
  " 2° centre de court séjour :
  a) un centre de court séjour de type 1, visé à l'article 26, § 1er, alinéa 2, 1°, du décret sur les soins résidentiels du 15 février 2019, à l'exclusion du centre de court séjour qui est exploité dans les locaux destinés à cet effet d'un centre de convalescence agréé ;
  b) un centre de court séjour disposant d'un agrément supplémentaire, tel que visé à l'article 26, § 2, du décret sur les soins résidentiels du 15 février 2019 ;
  un centre de court séjour qui offre, de façon temporaire et multidisciplinaire, à des usagers qui vivent à domicile un trajet d'observation et d'accompagnement intensif pour les orienter vers l'offre de soins résidentiels la plus appropriée et qui a, de ce fait, obtenu un agrément supplémentaire comme centre de court séjour d'orientation ; " ;
  4° le point 3° est remplacé par ce qui suit :
  " 3° centre de soins de jour :
  a) un centre de soins de jour tel que visé à l'article 23 du décret sur les soins résidentiels du 15 février 2019, qui a un agrément supplémentaire conformément à l'article 6, § 2, alinéa 1er, 1°, et alinéa 2, de l'arrêté du 28 juin 2019 ;
  b) un centre de soins de jour pour personnes souffrant d'une maladie grave : un centre de soins de jour disposant d'un agrément supplémentaire comme centre de soins de jour pour personnes souffrant d'une maladie grave, telles que visées à l'article 6, § 2, alinéa 1er, 1°, et alinéa 2, de l'arrêté du 28 juin 2019 ;
  c) un centre de soins de jour pour personnes dépendantes : un centre de soins de jour disposant d'un agrément supplémentaire comme centre de soins de jour pour personnes dépendantes, telles que visées à l'article 6, § 2, alinéa 1er, 1°, et alinéa 2, de l'arrêté du 28 juin 2019 ; " ;
  5° il est inséré un point 4° /2, rédigé comme suit :
  " 4° /2 initiative d'habitation protégée : une initiative d'habitation protégée telle que visée à l'article 2, 9°, du décret du 6 juillet 2018 ; " ;
  6° le point 11° est remplacé par ce qui suit :
  " 11° centre de soins résidentiels : un centre de soins résidentiels tel que visé à l'article 33 du décret sur les soins résidentiels du 15 février 2019, qui est agréé conformément à l'article 4 de l'arrêté du 28 juin 2019 ; " ;
Art.17. Aan hoofdstuk 1 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 10 mei 2019, 16 september 2022, 12 mei 2023 en 20 oktober 2023, wordt een artikel 1/1 toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 1/1. In dit artikel wordt verstaan onder vestiging: een of meer gebouwen die op dezelfde plaats liggen en die als woonzorgcentrum, centrum voor kortverblijf type 1 of centrum voor dagverzorging worden uitgebaat.
  Als meerdere vestigingen als één woonzorgcentrum, al dan niet met centrum voor kortverblijf of centrum voor kortverblijf met een bijkomende erkenning zijn erkend met toepassing van artikel 2 of 3 van het besluit van 9 mei 2014 houdende de regels voor de erkenning van meerdere vestigingen van een woonzorgcentrum, een centrum voor kortverblijf, een dagverzorgingscentrum of een dagverzorgingscentrum met bijkomende erkenning als één woonzorgcentrum, één centrum voor kortverblijf, één dagverzorgingscentrum of één dagverzorgingscentrum met bijkomende erkenning, wordt elk van die vestigingen als een afzonderlijk woonzorgcentrum, al dan niet met bijbehorend centrum voor kortverblijf of centrum voor kortverblijf met een bijkomende erkenning beschouwd voor de toepassing van dit besluit.
  Als meerdere vestigingen als één centrum voor dagverzorging, één centrum voor dagverzorging voor personen met een ernstige ziekte of één centrum voor dagverzorging voor zorgafhankelijke personen zijn erkend met toepassing van artikel 5/1 en 5/2 van het voormelde besluit, wordt elk van die vestigingen als een afzonderlijk centrum voor dagverzorging, centrum voor dagverzorging voor personen met een ernstige ziekte of centrum voor dagverzorging voor zorgafhankelijke personen beschouwd voor de toepassing van dit besluit.".
Art.17. Le chapitre 1er du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 10 mai 2019, 16 septembre 2022, 12 mai 2023 et 20 octobre 2023, est complété par un article 1/1, rédigé comme suit :
  " Art. 1/1. Dans le présent article, on entend par implantation : un ou plusieurs bâtiments dans le même lieu exploités comme centre de soins résidentiels, centre de court séjour de type 1 ou centre de soins de jour.
  Si plusieurs implantations ont été agréées comme un seul centre de soins résidentiels, avec ou sans centre de court séjour ou centre de court séjour disposant d'un agrément supplémentaire, en application de l'article 2 ou 3 de l'arrêté du 9 mai 2014 fixant les règles régissant l'agrément de plusieurs implantations d'un centre de soins résidentiels, d'un centre de court séjour, d'un centre de soins de jour ou d'un centre de soins de jours disposant d'un agrément supplémentaire comme un seul centre de soins résidentiels, un seul centre de court séjour, un seul centre de soins de jour ou un seul centre de soins de jour disposant d'un agrément supplémentaire, chacune de ces implantations est considérée comme un centre de soins résidentiels distinct, avec ou sans centre de court séjour associé ou centre de court séjour disposant d'un agrément supplémentaire pour l'application du présent arrêté.
  Si plusieurs implantations ont été agréées comme un seul centre de soins de jour, un seul centre de soins de jour pour personnes souffrant d'une maladie grave ou un seul centre de soins de jour pour personnes dépendantes en application des articles 5/1 et 5/2 de l'arrêté précité, chacune de ces implantations est considérée comme un centre de soins de jour distinct, un centre de soins de jour pour personnes souffrant d'une maladie grave ou un centre de soins de jour pour personnes dépendantes pour l'application du présent arrêté. ".
Art.18. In artikel 2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 12 mei 2023 en 20 oktober 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid, 1°, c), wordt de zinsnede "met uitzondering van de dagverzorgingscentra die erkend zijn voor zorg- en dienstverlening uitsluitend aan gebruikers aan wie gezinszorg of aanvullende thuiszorg wordt verleend, als vermeld in artikel 51 van bijlage IX van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers" opgeheven;
  2° aan het eerste lid, 1°, wordt een punt h) toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "h) de initiatieven van beschut wonen;".
Art.18. A l'article 2 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 12 mai 2023 et 20 octobre 2023, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa 1er, 1°, c), le membre de phrase " , à l'exception des centres de soins de jour qui sont agréés pour les soins et services exclusivement à des usagers à qui de l'aide aux familles ou de l'aide complémentaire à domicile est octroyée, telle que visée à l'article 51 de l'annexe IX de l'arrêté du Gouvernement flamand du 24 juillet 2009 relatif à la programmation, aux conditions d'agrément et au régime de subventionnement de structures de services de soins et de logement et d'associations d'usagers et d'intervenants de proximité " est abrogé ;
  2° l'alinéa 1er, 1°, est complété par un point h), rédigé comme suit :
  " h) les initiatives d'habitations protégées ; " ;
Art.19. In artikel 4, tweede lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 18 september 2020, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in punt 10° worden tussen het woord "verpleegkundige" en het woord "volgen" de woorden "of zorgkundige" ingevoegd;
  2° in punt 11° worden tussen het woord "verpleegkundige" en het woord "volgen" de woorden "of zorgkundige" ingevoegd;
  3° er worden een punt 22° tot en met 26° toegevoegd, die luiden als volgt:
  "22° de logistieke medewerkers in de zorg;
  23° de zijinstroomzorgkundigen, vermeld in artikel 1,58° /1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming;
  24° de BelRAI-coördinator voor het deel dat gefinancierd wordt in deel A2 op basis van artikel 487 van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 november 2018 houdende de uitvoering van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming;
  25° de personeelsleden die een opleiding volgen tot verpleegkundige of zorgkundige in het kader van het federaal project #kiesvoordezorg;
  26° de personeelsleden die gefinancierd worden krachtens andere wetten, decreten, ordonnanties, reglementaire bepalingen of krachtens een individueel of collectief gesloten overeenkomst.".
Art.19. A l'article 4, alinéa 2, du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 18 septembre 2020, les modifications suivantes sont apportées :
  1° au point 10°, il est inséré les mots " ou d'aide-soignant " après les mots " d'infirmier " ;
  2° au point 11°, il est inséré les mots " ou d'aide-soignant " après les mots " d'infirmier " ;
  3° il est inséré les points 22° à 26°, rédigés comme suit :
  " 22° les collaborateurs logistiques dans les soins ;
  23° les aides-soignants pour l'afflux indirect, visés à l'article 1er, 58° /1, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 novembre 2018 portant exécution du décret du 18 mai 2018 relatif à la protection sociale flamande ;
  24° le coordinateur BelRAI pour la partie financée dans la partie A 2 sur la base de l'article 487 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 novembre 2018 portant exécution du décret du 18 mai 2018 relatif à la protection sociale flamande ;
  25° les membres du personnel qui suivent une formation d'infirmier ou d'aide-soignant dans le cadre du projet fédéral #choisislessoins ;
  26° les membres du personnel qui sont financés en vertu d'autres lois, décrets, ordonnances, dispositions réglementaires ou en vertu d'un contrat conclu à titre individuel ou collectif. ".
Art.20. In artikel 5 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, punt 2°, b), worden de woorden "inschrijvingsnummer in het Rijksregister" vervangen door het woord "INSZ-nummer";
  2° in paragraaf 1, punt 2°, g), worden de woorden "en de geldelijke anciënniteit" opgeheven;
  3° in paragraaf 1, punt 3° wordt punt b) vervangen door wat volgt:
  "b) het INSZ-nummer van de werknemer;";
  4° aan paragraaf 1 wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Op basis van het INSZ-nummer dat wordt meegedeeld conform het eerste lid, haalt de administratie de volgende gegevens zelf op uit het Rijksregister of uit de Kruispuntbankregisters, vermeld in artikel 4 van de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid
  1° voor- en achternaam;
  2° geboortedatum."
  5° er wordt een paragraaf vier toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 4. De administratie bewaart de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 1, gedurende maximaal tien jaar nadat de voorziening de gegevens in kwestie heeft bezorgd.".
Art.20. A l'article 5 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 mai 2023, les modifications suivantes sont apportées :
  1° au paragraphe 1er, point 2°, b), les mots " numéro d'inscription au Registre national " sont remplacés par les mots " numéro NISS " ;
  2° au paragraphe 1er, point 2°, g), les mots " et l'ancienneté pécuniaire " sont abrogés ;
  3° au paragraphe 1er, point 3°, le point b) est remplacé par ce qui suit :
  " le numéro NISS du travailleur ; " ;
  4° le paragraphe 1er est complété par un alinéa 2, rédigé comme suit :
  " Sur la base du numéro NISS communiqué conformément à l'alinéa 1er, l'administration récupère les données suivantes dans le Registre national ou dans les registres de la Banque-carrefour, visés à l'article 4 de la loi du 15 janvier 1990 relative à l'institution et à l'organisation d'une Banque-carrefour de la sécurité sociale.
  1° prénom et nom ;
  2° date de naissance. "
  5° il est inséré un paragraphe 4, rédigé comme suit :
  " § 4. L'administration conserve les données personnelles, visées au paragraphe 1er, pendant une durée maximale de dix ans après que la structure a fourni les données en question. ".
Art.21. In artikel 8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 26 juni 2020, 12 mei 2023 en 20 oktober 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1 wordt het tweede lid vervangen door wat volgt:
  "Voor de voorzieningen die de voorwaarden, vermeld in artikel 5, § 2, naleven, worden de voorschotten en de definitieve tegemoetkomingen op de volgende wijze geregeld:
  1° het voorschot van 31 januari en 31 juli van het jaar J is gelijk aan: 1/2 x (bedrag van de definitieve tegemoetkoming voor het derde en vierde trimester van het jaar J-2 en het eerste en tweede trimester van het jaar J-1 x 1,02). Het voorschot van 31 januari wordt betaald in januari. Het voorschot van 31 juli wordt samen met het eventueel resterende verschil, vermeld in paragraaf 2, betaald in juli;
  2° vervolgens wordt het verschil tussen de tegemoetkomingen voor de laatste twee trimesters van het jaar J en de eerste twee trimesters van het jaar J + 1, en de voorschotten voor diezelfde trimesters betaald in januari van het jaar J+2.";
  2° in paragraaf 2 wordt het woord "vier" vervangen door het woord "twee".
Art.21. A l'article 8 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 26 juin 2020, 12 mai 2023 et 20 octobre 2023, les modifications suivantes sont apportées :
  1° au paragraphe 1er, l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
  " pour les structures qui respectent les conditions, visées à l'article 5, § 2, les acomptes et les interventions définitives sont réglés de la manière suivante :
  1° l'acompte du 31 janvier et du 31 juillet de l'année A est égal à : 1/2 x (montant de l'intervention définitive pour les troisième et quatrième trimestres de l'année A-2 et pour les premier et deuxième trimestres de l'année A-1 x 1,02). L'acompte du 31 janvier est payé en janvier. L'acompte du 31 juillet ainsi que l'éventuelle différence restante, visée au paragraphe 2, sont payés en juillet ;
  2° ensuite, la différence entre les interventions des deux derniers trimestres de l'année A et des deux premiers trimestres de l'année A+1, ainsi que les acomptes pour les mêmes trimestres, sont payés en janvier de l'année A+2. " ;
  2° au paragraphe 2, le mot " quatre " est remplacé par le mot " deux ".
Art.22. In artikel 15 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 17 december 2021 en 12 mei 2023, wordt de datum "31 januari" vervangen door de datum "30 juni".
Art.22. Dans l'article 15 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 17 décembre 2021 et 12 mai 2023, la date " 31 janvier " est remplacée par la date " 30 juin ".
Art.23. In artikel 16/3 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 mei 2019 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° het eerste lid wordt vervangen door wat volgt:
  "De administratie berekent voor het centrum voor dagverzorging een tegemoetkoming voor de premies voor titels en beroepskwalificaties die de voorziening betaald heeft aan de rechthebbende verpleegkundige met toepassing van artikel 1, § 1 en § 2, van het koninklijk besluit van 28 december 2011 betreffende uitvoering van het attractiviteitsplan voor het verpleegkundig beroep, in bepaalde federale gezondheidssectoren, wat betreft de premies voor de titels en bijzondere beroepsbekwaamheden en ongemakkelijke prestaties. De voormelde tegemoetkoming wordt op de volgende wijze berekend:
  1° voor de rechthebbende op de premie, vermeld in artikel 1, § 1, van het voormelde koninklijk besluit, conform de volgende formule: (1656,02 euro x het aantal te financieren voltijdsequivalenten van verpleegkundigen in de voorziening dat beschikt over een beroepsbekwaamheid van geriatrisch verpleegkundige of een beroepsbekwaamheid van verpleegkundige met een bijzondere deskundigheid in de palliatieve zorg);
  2° voor de rechthebbende voor de premie, vermeld in artikel 1, § 2, van het voormelde koninklijk besluit, conform de volgende formule: (4968,07 euro x het aantal te financieren voltijdsequivalenten van verpleegkundigen in de voorziening die beschikken over een beroepstitel van geriatrisch verpleegkundige).";
  2° het tweede en derde lid worden vervangen door wat volgt:
  "De administratie stort de tegemoetkoming, vermeld in het eerste lid, aan de rechthebbende uiterlijk op 31 december van het jaar waarin het centrum voor dagverzorging die tegemoetkoming heeft uitbetaald.
  De administratie kan de facturen, en eventuele bijkomende informatie, van de voorziening opvragen ter controle.".
Art.23. A l'article 16/3 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 mai 2019 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 mai 2023, les modifications suivantes sont apportées :
  1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
  " L'administration calcule pour le centre de soins de jour une intervention pour les primes pour des titres et des qualifications professionnelles payées par la structure à l'infirmier bénéficiaire en application de l'article 1er, §§ 1er et 2 de l'arrêté royal du 28 décembre 2011 relatif à l'exécution du plan d'attractivité pour la profession infirmière, dans certains secteurs fédéraux de la santé, en ce qui concerne les primes pour des titres et qualifications professionnels particuliers et les prestations inconfortables. L'intervention précitée est calculée de la manière suivante :
  1° pour le bénéficiaire de la prime visée à l'article 1er, § 1er, de l'arrêté royal précité, conformément à la formule suivante : (1 656,02 euros x le nombre d'équivalents temps plein d'infirmiers à financer dans la structure, qui disposent d'une compétence professionnelle d'infirmier gériatrique ou une compétence professionnelle d'infirmier spécialisé en soins palliatifs) ;
  2° pour le bénéficiaire de la prime visée à l'article 1er, § 2, de l'arrêté royal précité, conformément à la formule suivante : (4 968,07 euros x le nombre d'équivalents temps plein d'infirmiers à financer dans la structure, qui disposent d'un titre professionnel d'infirmier gériatrique). " ;
  2° les alinéas 2 et 3 sont remplacés par ce qui suit :
  " L'administration verse l'intervention, visée à l'alinéa 1er, au bénéficiaire au plus tard le 31 décembre de l'année au cours de laquelle le centre de soins de jour a payé cette intervention.
  L'administration peut demander à la structure les factures et toute information complémentaire pour contrôle. ".
Art. 24. Aan de bijlage bij hetzelfde besluit worden de volgende bepalingen toegevoegd:
  "Bedrag van de jaarlijkse loonkosten in het kader van de financiering van de eindeloopbaan (tegen spilindexcijfer 103,04 (1 juni 2017; basis 2013 = 100)) als vermeld in artikel 6, specifiek voor de initiatieven voor beschut wonen.
  Aanwijzing categorie per functie:
Art. 24. L'annexe au même arrêté est complétée par les dispositions suivantes :
  " Montant des coûts salariaux annuels dans le cadre du financement de la fin de carrière (à l'indice-pivot 103,04 (1er juin 2017 ; base 2013 = 100)) tel que visé à l'article 6, spécifiquement pour les initiatives d'habitations protégées.
  Désignation de la catégorie par fonction :
functie categorie
de verpleegkundigen, de sociaal verpleegkundigen en de assistenten in de ziekenhuisverzorging i
de kinesitherapeuten, de ergotherapeuten, de logopedisten, de diëtisten, de opvoeders-begeleiders, geïntegreerd in de zorgteams, de maatschappelijk assistenten en de psychologisch assistenten in de zorgteams of geïntegreerd in het therapeutische programma, de psychologen, de orthopedagogen en de pedagogen in de zorgteams of geïntegreerd in het therapeutische programma ii
de verzorgenden en de werknemers, vermeld in artikel 152 en 153 van de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen iii
het gelijkgestelde personeel en de logistieke assistenten iv
functie categorie de verpleegkundigen, de sociaal verpleegkundigen en de assistenten in de ziekenhuisverzorging i de kinesitherapeuten, de ergotherapeuten, de logopedisten, de diëtisten, de opvoeders-begeleiders, geïntegreerd in de zorgteams, de maatschappelijk assistenten en de psychologisch assistenten in de zorgteams of geïntegreerd in het therapeutische programma, de psychologen, de orthopedagogen en de pedagogen in de zorgteams of geïntegreerd in het therapeutische programma ii de verzorgenden en de werknemers, vermeld in artikel 152 en 153 van de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen iii het gelijkgestelde personeel en de logistieke assistenten iv
Bedrag van de jaarlijkse loonkosten in het kader van de financiering van de eindeloopbaan op 1 juni 2017 (tegen spilindexcijfer 103,04 (basis 2013 = 100)), specifiek voor de initiatieven voor beschut wonen:
fonction catégorie
les infirmiers, les infirmiers sociaux et les assistants en soins hospitaliers i
les kinésithérapeutes, les ergothérapeutes, les logopèdes, les diététiciens, les éducateurs accompagnants intégrés dans les équipes de soins, les assistants sociaux et les assistants en psychologie occupés dans les équipes de soins ou intégrés dans le plan thérapeutique, les psychologues, les orthopédagogues et les pédagogues occupés dans les équipes de soins ou intégrés dans le plan thérapeutique ii
les soignants et les travailleurs visés aux articles 152 et 153 de la loi coordonnée du 10 mai 2015 relative à l'exercice des professions des soins de santé iii
le personnel assimilé et les assistants en logistique iv
fonction catégorie les infirmiers, les infirmiers sociaux et les assistants en soins hospitaliers i les kinésithérapeutes, les ergothérapeutes, les logopèdes, les diététiciens, les éducateurs accompagnants intégrés dans les équipes de soins, les assistants sociaux et les assistants en psychologie occupés dans les équipes de soins ou intégrés dans le plan thérapeutique, les psychologues, les orthopédagogues et les pédagogues occupés dans les équipes de soins ou intégrés dans le plan thérapeutique ii les soignants et les travailleurs visés aux articles 152 et 153 de la loi coordonnée du 10 mai 2015 relative à l'exercice des professions des soins de santé iii le personnel assimilé et les assistants en logistique iv
Montant des coûts salariaux annuels dans le cadre du financement de la fin de carrière le 1er juin 2017 (à l'indice-pivot 103,04 (base 2013 = 100)), spécifiquement pour les initiatives d'habitations protégées :
categorie premie vervanging
i 68.719,04 50.286,36
ii 68.719,04 50.286,36
iii 51.179,99 40.592,66
iv 46.245,61 40.554,10
categorie premie vervanging i 68.719,04 50.286,36 ii 68.719,04 50.286,36 iii 51.179,99 40.592,66 iv 46.245,61 40.554,10
".
catégorie prime remplacement
i 68 719,04 50 286,36
ii 68 719,04 50 286,36
iii 51 179,99 40 592,66
iv 46 245,61 40 554,10
catégorie prime remplacement i 68 719,04 50 286,36 ii 68 719,04 50 286,36 iii 51 179,99 40 592,66 iv 46 245,61 40 554,10
".
HOOFDSTUK 3. - Slotbepalingen
CHAPITRE 3. - Dispositions finales
Art.25. In afwijking van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2018 tot financiering van sommige sociale akkoorden in bepaalde gezondheidsinrichtingen en -diensten gelden voor de initiatieven van beschut wonen voor de periode tot en met 31 december 2024 de volgende regels:
  1° in het inhaalbedrag voor het jaar 2024 - periode 1 januari 2024 tot en met 31 december 2024 - wordt de voorlopige financiering eindeloopbaan 2023 als volgt verrekend en als voorschot toegekend aan het inhaalbedrag van de herziening 2023: (definitieve afrekening 2022*indexeringen in 2023)/365*181 dagen);
  2° uiterlijk juli 2024 stort de administratie aan elk initiatief van beschut wonen een eenmalig voorschot dat betrekking heeft op de periode van 1 januari 2023 tot en met 30 juni 2023, aan de hand van de volgende formule: (definitief bedrag eindeloopbaan 2022 *1,02)/365*181 dagen.
Art.25. Par dérogation à l'arrêté du Gouvernement flamand du 7 décembre 2018 portant financement de certains accords sociaux dans certains établissements et services de santé, les règles suivantes s'appliquent aux initiatives d'habitations protégées pour la période jusqu'au 31 décembre 2024 :
  1° dans le montant de rattrapage de l'année 2024 - période du 1er janvier 2024 au 31 décembre 2024 - le financement provisoire de fin de carrière 2023 est compensé et attribué comme acompte au montant de rattrapage de la révision 2023 comme suit : (décompte définitif 2022*indexations en 2023)/365*181 jours) ;
  2° au plus tard en juillet 2024, l'administration verse à chaque initiative d'habitations protégées un acompte unique couvrant la période du 1er janvier 2023 au 30 juin 2023, selon la formule suivante : (montant définitif de fin de carrière 2022 *1,02)/365*181 jours.
Art.26. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2024.
  Artikel 21 heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2023.
Art.26. Le présent arrêté produit ses effets à partir du 1er janvier 2024.
  L'article 21 produit ses effets à partir du 1er juillet 2023.
Art. 27. De Vlaamse minister, bevoegd voor de sociale bescherming, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 27. Le ministre flamand qui a la Protection sociale dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.