Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
18 MEI 2024. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de inkomsten die in aanmerking kunnen worden genomen voor de berekening van de vergoeding van de bewindvoerders alsook van de kosten die als uitzonderlijk en de ambtsverrichtingen die als buitengewoon kunnen worden beschouwd
Titre
18 MAI 2024. - Arrêté royal déterminant les revenus qui peuvent être pris en compte dans le calcul de la rémunération des administrateurs ainsi que les frais et les devoirs qui peuvent être considérés comme exceptionnels
Informations sur le document
Numac: 2024005296
Datum: 2024-05-18
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2024005296
Date: 2024-05-18
Moniteur: Voir
Tekst (9)
Texte (9)
HOOFDSTUK 1. - Inkomsten van de beschermde persoon
CHAPITRE 1er. - Revenus de la personne protégée
Artikel 1. De inkomsten van de beschermde persoon die als berekeningsbasis dienen voor het forfait bedoeld in artikel 497/5, § 1, van het oud Burgerlijk Wetboek zijn de volgende netto inkomsten:
  1° de inkomsten uit arbeid;
  2° de gewone, brug- en aanvullende pensioenen in geval van uitkering in een maandelijkse of jaarlijkse rente, dan wel volgens de tabel van de evolutie van de levensverwachting in geval van uitkering in kapitaal;
  3° de inkomsten uit intellectuele rechten zoals auteursrechten, patenten en octrooien;
  4° de teruggaven van inkomstenbelastingen;
  5° de inkomsten uit huur en pacht;
  6° de lijfrenten;
  7° de persoonlijke onderhoudsuitkeringen;
  8° de schadevergoeding wegens inkomstenverlies in geval van uitkering in een maandelijkse of jaarlijkse rente, dan wel volgens de tabel van de evolutie van de levensverwachting in geval van uitkering in kapitaal;
  9° de uitgekeerde interesten van tak 21-verzekeringen;
  10° de ontvangen opbrengsten van roerende kapitalen, zoals de dividenden op aandelen, coupons op obligaties, interesten en gerealiseerde definitief verworven meerwaarden van effecten ten aanzien van de waarde van de titel op het ogenblik van aanduiding van de bewindvoerder;
  11° de kinder- of wezenbijslag van de beschermde persoon zelf;
  12° vervangingsinkomsten zoals werkloosheids-, ziekte- en invaliditeitsuitkeringen, aanvullende uitkeringen wegens ziekte, invaliditeit, beroepsziekte of arbeidsongeval en de inkomensvervangende tegemoetkomingen, met uitzondering van uitkeringen die bedoeld zijn om een specifieke uitgave te compenseren;
  13° het leefloon zoals bepaald in de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie;
  14° de integratietegemoetkoming voor personen met een handicap, het zorgbudget en het vrij besteedbaar gedeelte van de tegemoetkomingen voor personen met een handicap, met uitzondering van uitkeringen die bedoeld zijn om een specifieke uitgave te compenseren;
  15° de tegemoetkomingen aan ouderen, zoals het zorgbudget voor ouderen met zorgnood en de inkomensgarantie voor ouderen, met uitzondering van uitkeringen die bedoeld zijn om een specifieke uitgave te compenseren;
  16° de uitkeringen van een zorgverzekering, met uitzondering van de terugbetaling van geneeskundige verstrekkingen of van uitkeringen die bedoeld zijn om een specifieke uitgave te compenseren;
  17° het leefloon voor studenten of andere studietoelagen voor de beschermde persoon;
  18° de aanvullende pensioenen uit verzekeringsproducten, volgens de tabel van de evolutie van de levensverwachting in geval van uitkering in kapitaal;
  19° de meerwaarde op de geschatte prijs volgens een recent schattingsverslag van de verkoop van een onroerend goed.
  De inkomsten bedoeld in het eerste lid waarop de beschermde persoon recht heeft, maar waarvan de betaling geschorst werd door zijn vrijheidsberoving, worden beschouwd als inkomsten.
Article 1er. Les revenus de la personne protégée servant de base de calcul du forfait visé à l'article 497/5, § 1er, de l'ancien Code civil sont les revenus nets suivants :
  1° les revenus du travail ;
  2° les pensions ordinaires, prépensions et pensions complémentaires en cas de versement sous forme d'une rente mensuelle ou annuelle, ou selon le tableau de l'évolution de l'espérance de vie en cas de versement en capital ;
  3° les revenus de droits intellectuels comme les droits d'auteur et les brevets ;
  4° les remboursements d'impôts sur les revenus ;
  5° les revenus locatifs et de fermage ;
  6° les rentes viagères ;
  7° les pensions alimentaires personnelles ;
  8° les indemnités pour perte de revenus en cas de versement sous forme d'une rente mensuelle ou annuelle, ou selon le tableau de l'évolution de l'espérance de vie en cas de versement en capital ;
  9° les intérêts payés d'assurances de la branche 21 ;
  10° les produits perçus de capitaux mobiliers, comme les dividendes sur actions, les coupons sur obligations, les intérêts ainsi que des plus-values sur titres réalisées définitivement acquises par rapport à la valeur du titre au moment de la désignation de l'administrateur ;
  11° les allocations familiales ou d'orphelin de la personne protégée elle-même ;
  12° les revenus de remplacement tels que les allocations de chômage, les indemnités de maladie et d'invalidité, les indemnités complémentaires pour cause de maladie, d'invalidité, de maladie professionnelle ou d'accident de travail et compris les allocations de remplacement de revenus, à l'exception des prestations destinées à compenser une dépense spécifique;
  13° le revenu d'intégration tel que visé dans la loi du 26 mai 2002 concernant le droit à l'intégration sociale ;
  14° l'allocation d'intégration pour des personnes handicapées, le budget de soins et la quotité librement disponible des indemnités pour les personnes handicapées, à l'exception des prestations destinées à compenser une dépense spécifique;
  15° les allocations aux personnes âgées, telles que le budget de soins pour les personnes âgées nécessitant des soins et la garantie de revenus aux personnes âgées, à l'exception des prestations destinées à compenser une dépense spécifique;
  16° les prestations d'une assurance soins de santé, à l'exception des remboursements de prestations médicales ou des prestations destinées à compenser une dépense spécifique ;
  17° les frais de subsistance des étudiants ou autres bourses d'études pour la personne protégé ;
  18° les pensions complémentaires des produits d'assurance, selon le tableau de l'évolution de l'espérance de vie en cas de versement en capital;
  19° la plus-value sur le prix estimé selon un rapport d'évaluation récent de la vente d'un bien immobilier.
  Les revenus visés à l'alinéa 1er auxquels la personne protégée a droit mais dont le versement a été suspendu en raison de sa privation de liberté, sont considérés comme des revenus.
HOOFDSTUK 2. - Buitengewone ambtsverrichtingen
CHAPITRE 2. - Devoirs exceptionnels
Art. 2. § 1. Onder meer volgende ambtsverrichtingen van de bewindvoerder worden als buitengewoon beschouwd:
  1° het indienen van een gemotiveerd verzoekschrift tot een machtiging bij de vrederechter, voor zover het verzoekschrift ontvankelijk en niet manifest ongegrond is en, in voorkomend geval, het bijwonen van een zitting over dergelijk verzoekschrift en het uitvoeren van de verleende machtiging;
  2° de beheers- en beschikkingsdaden m.b.t. onroerende en roerende goederen, met uitzondering van deze bedoeld in paragraaf 2;
  3° de ontruiming van een pand;
  4° de vertegenwoordiging in rechte in zijn hoedanigheid van bewindvoerder, andere dan in het kader van het bewindsdossier;
  5° het voeren van een administratieve procedure en het aanvragen van machtigingen, andere dan deze bedoeld in paragraaf 2, 16° ;
  6° de afhandeling van nalatenschappen en verdelingen;
  7° het opstellen en onderhandelen van contracten in het algemeen en de opvolging van contracten die een bijzondere werklast met zich meebrengen;
  8° ondersteuning bieden bij legaten en schenkingen;
  9° het indienen van een aanbesteding voor een bouwwerk of renovatie alsook de opvolging van bouwwerken en renovaties;
  10° de plaatsing of de verhuis van de beschermde persoon en de teruggave van een gehuurd onroerend goed;
  11° onverminderd paragraaf 2, 1°, een bijkomend inhoudelijk overleg houden over het bewindsdossier met het zorgteam van de beschermde persoon, of met derden, met uitzondering van één overleg per jaar;
  12° elk onderzoek naar de fiscale situatie van de beschermde persoon, met uitzondering van de belastingaangifte als bedoeld in paragraaf 2, 13° ;
  13° onverminderd paragraaf 2, 9°, het beheer en de opvolging van sociale uitkeringen, zoals het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap-budget;
  14° het aanstellen van een advocaat, een curator bij een onbeheerde nalatenschap, een sekwester of een voorlopige bewindvoerder voor de nalatenschap;
  15° onverminderd paragraaf 2, 12°, het afsluiten van een bewindsdossier, anders dan bij vervanging van de bewindvoerder door tekortkomingen in zijn beheer;
  16° de vertegenwoordiging van de beschermde persoon bij een fiscale controle;
  17° de opmaak van een minnelijk afbetalingsplan voor openstaande schulden bij aanvang van het bewind;
  18° de ambtsverrichting waarvan de werklast de normaal te verwachten werklast in het kader van het dagelijks beheer in aanzienlijke mate overstijgt, ten belope van deze overschrijding.
  § 2. Onder meer volgende ambtsverrichtingen van de bewindvoerder worden niet als buitengewoon beschouwd:
  1° normale contacten onderhouden met onder andere de beschermde persoon, de familie, de instelling, behalve wanneer deze contacten nodig zijn voor het stellen van buitengewone ambtsverrichtingen en de inhoud ervan in het jaarverslag wordt opgenomen;
  2° de lopende rekeningen betalen;
  3° de inkomsten ontvangen en kwijting geven;
  4° het openen en sluiten van financiële rekeningen of het overdragen ervan naar een andere financiële instelling en de overdracht van gelden tussen rekeningen;
  5° landverzekeringsovereenkomsten afsluiten en opzeggen;
  6° onverminderd paragraaf 1, 7°, de onroerende goederen onderhouden en eventuele kleine herstellingen laten uitvoeren;
  7° de kosten van medische behandeling en verzorging betalen;
  8° het aanvragen van de sociale voorzieningen, zoals o.a. thuiszorg, OCMW-maaltijden, parkeerkaarten, ...;
  9° het aanvragen van sociale uitkeringen, zoals de integratietegemoetkoming, de ziekte-uitkeringen, ...;
  10° onverminderd paragraaf 1, 17°, de schulden betalen en afbouwen op een verantwoorde wijze;
  11° bijstand verlenen bij alle rechtshandelingen, tenzij anders bepaald in de aanstellingsbeschikking;
  12° het opstellen van het aanvangsverslag, het jaarverslag en het eindverslag;
  13° jaarlijks de aangifte van de personenbelasting invullen en opvolgen, wanneer dit geen invulling van bijkomende gegevens met zich meebrengt;
  14° diverse administratieve taken;
  15° een bankkluis beheren;
  16° alle eenvoudige machtigingen, zoals een loutere machtiging tot geldafhaling van de spaarrekening;
  17° het onderhoud met de vrederechter over het dossier van de beschermde persoon, al dan niet in aanwezigheid van de beschermde persoon;
  18° het onmiddellijk melden van een adreswijziging of het overlijden van de beschermde persoon.
Art. 2. § 1er. Sont notamment considérés comme exceptionnels les devoirs suivants de l'administrateur :
  1° introduire une requête d'autorisation motivée auprès du juge de paix pour autant que la demande soit déclarée recevable et pas manifestement non-fondée et, le cas échéant, assister à une audience portant sur une telle demande et exécuter l'autorisation accordée ;
  2° les actes de gestion et de disposition concernant des biens immobiliers et mobiliers, à l'exception de ceux visés au paragraphe 2 ;
  3° l'évacuation d'un immeuble ;
  4° représenter en justice en sa qualité d'administrateur, autrement que dans le cadre du dossier d'administration;
  5° mener une procédure administrative et demander des autorisations autres que celles visées au paragraphe 2, 16° ;
  6° régler des successions et partages ;
  7° rédiger et négocier des contrats en général et assurer le suivi de contrats qui génèrent une charge de travail particulière ;
  8° fournir un soutien en cas de legs et donations ;
  9° lancer une adjudication pour des travaux de construction ou de rénovation ainsi que pour le suivi de ceux-ci ;
  10° placer la personne protégée ou effectuer le déménagement de celle-ci et restituer un bien immobilier loué;
  11° sans préjudice du paragraphe 2, 1°, procéder à une concertation supplémentaire sur le fond du dossier d'administration avec l'équipe de soins de la personne protégée, ou avec des tiers, à l'exception d'une concertation par an;
  12° procéder à tout examen de la situation fiscale de la personne protégée, à l'exception de la déclaration d'impôt visée au paragraphe 2, 13° ;
  13° sans préjudice du paragraphe 2, 9°, gérer et assurer le suivi des allocations sociales comme le budget du Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap ;
  14° désigner un avocat, un curateur à succession vacante, un séquestre ou un administrateur provisoire à succession ;
  15° sans préjudice du paragraphe 2, 12°, la clôture du dossier d'administration sauf en cas de remplacement de l'administrateur pour mauvaise gestion ;
  16° la représentation de la personne protégée lors d'un contrôle fiscal ;
  17° l'établissement d'un plan de remboursement amiable pour des dettes en cours au début de l'administration ;
  18° les devoirs dont la charge de travail dépasse manifestement celle à laquelle on pourrait s'attendre dans le cadre d'une gestion ordinaire, à concurrence de ce dépassement.
  § 2. Ne sont notamment pas considérés comme exceptionnels, les devoirs suivants de l'administrateur :
  1° les contacts normaux avec notamment la personne protégée, la famille, l'institution, sauf si ces contacts sont nécessaires à l'exercice de devoirs extraordinaires et que leur contenu est repris dans le rapport annuel;
  2° le paiement des factures courantes ;
  3° la perception des revenus et le fait de donner quittance ;
  4° l'ouverture et la clôture de comptes financiers ou leur transfert vers une autre institution financière et le transfert de fonds entre comptes ;
  5° souscrire et résilier des contrats d'assurance terrestre ;
  6° sans préjudice du paragraphe 1er, 7°, entretenir les biens immobiliers et faire effectuer les petites réparations nécessaires ;
  7° payer les frais de traitement médical et de soins ;
  8° demander des services sociaux tels que soins à domicile, repas CPAS, tickets de parking, etc. ;
  9° demander des prestations sociales telles que le revenu d'intégration, les indemnités de maladie, etc. ;
  10° sans préjudice du paragraphe 1er, 17°, payer et réduire les dettes de manière responsable ;
  11° assister dans toutes les actions en justice, sauf disposition contraire dans la décision de nomination ;
  12° préparer le rapport initial, le rapport annuel et le rapport final ;
  13° remplir et suivre les déclarations annuelles d'impôt sur le revenu des personnes physiques, lorsque celles-ci ne requièrent aucun ajout de données ;
  14° diverses tâches administratives ;
  15° la gestion d'un coffre-fort bancaire ;
  16° toutes les autorisations simples telles qu'une autorisation pour un simple retrait d'argent du compte d'épargne;
  17° l'entretien avec le juge de paix sur le dossier de la personne protégée, en présence ou non de la personne protégée;
  18° la notification immédiate d'un changement d'adresse ou d'un décès de la personne protégée.
HOOFDSTUK 3. - Uitzonderlijke kosten
CHAPITRE 3. - Frais exceptionnels
Art. 3. § 1. Worden als uitzonderlijke beschouwd, de kosten waarvan het bedrag het normaal te verwachten bedrag in het kader van het dagelijks beheer of in de uitvoering van een buitengewone ambtsverrichting waarop ze betrekking hebben in aanzienlijke mate overstijgt, voor het bedrag van deze overschrijding.
  De uitzonderlijke kosten worden vergoed op basis van een verantwoordingsstuk en de motivering van het uitzonderlijke karakter ervan.
  De uitzonderlijke kosten van meer dan 500 € worden bovendien alleen terugbetaald als de bewindvoerder vooraf toestemming van de rechter heeft gekregen om deze kosten te maken.
  § 2. Het bedrag dat wordt uitgedrukt in euro opgenomen in pararaaf 1, derde lid, wordt jaarlijks op 1 januari van rechtswege geïndexeerd, in functie van de afgevlakte gezondheidsindex van de maand november van het vorige jaar. Het aanvangsindexcijfer is de afgevlakte gezondheidsindex van juli 2024.
  De rechter past het bedrag toe dat geldt bij de indiening van het verzoek tot machtiging of, bij gebrek daaraan, op het ogenblik dat de kosten worden gemaakt.
Art. 3. § 1er. Sont considérés comme exceptionnels, les frais dont le montant dépasse manifestement celui auquel on pourrait normalement s'attendre dans le cadre d'une gestion ordinaire ou dans l'accomplissement du devoir exceptionnel auquel ils se rapportent, à concurrence de ce dépassement.
  Les frais exceptionnels sont remboursés sur base d'une pièce justificative et de la motivation de leur caractère exceptionnel.
  Les frais exceptionnels dont le montant dépasse 500 €, ne peuvent en outre être remboursés que si l'administrateur a préalablement obtenu l'autorisation du juge pour les engager.
  § 2. Le montant exprimé en euros dans le paragraphe 1er, alinéa 3, est indexé annuellement de plein droit au 1er janvier, en fonction de l'indice santé lissé du mois de novembre de l'année qui précède. L'indice de départ est l'indice de santé lissé du mois de juillet 2024.
  Le juge applique le montant en vigueur au moment de l'introduction de la demande d'autorisation ou, à défaut, au moment où les frais sont engagés.
HOOFDSTUK 4. - Slotbepalingen
CHAPITRE 4. - Dispositions finales
Art. 4. Op 1 juli 2024 treden in werking:
  1° artikel 9 van de wet van 8 november 2023 betreffende het statuut van bewindvoerder over een beschermde persoon;
  2° artikel 35 van de wet van 15 mei 2024 houdende bepalingen inzake digitalisering van justitie en diverse bepalingen II;
  3° dit besluit.
Art. 4. Entrent en vigueur le 1er juillet 2024 :
  1° l'article 9 de la loi du 8 novembre 2023 relative au statut d'administrateur d'une personne protégée ;
  2° l'article 35 de la loi du 15 mai 2024 portant dispositions en matière de digitalisation de la justice et dispositions diverses II ;
  3° le présent arrêté.
Art. 5. De minister van Justitie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 5. Le ministre de la Justice est chargé de l'exécution du présent arrêté.