Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
23 NOVEMBER 2023. - Besluit van de Waalse Regering houdende overgangsmaatregelen voor de programmering 2022-2024 van het Gemeentelijk Investeringsplan voor Actieve Mobiliteit en Intermodaliteit
Titre
23 NOVEMBRE 2023. - Arrêté du Gouvernement wallon portant des mesures transitoires pour la programmation 2022-2024 du Plan d'investissement mobilité active communal et intermodalité
Informations sur le document
Numac: 2024000716
Datum: 2023-11-23
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2024000716
Date: 2023-11-23
Moniteur: Voir
Tekst (54)
Texte (54)
HOOFDSTUK 1. - Begripsomschrijving
CHAPITRE 1er. - Définitions
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
  1° administratie: de Directie Gesubsidieerde Openbare Ruimten van het Departement Lokale Infrastructuur van de Waalse Overheidsdienst Mobiliteit en Infrastructuur;
  2° gemeente: de gemeente die het trekkingsrecht geniet, namelijk alle gemeenten gelegen op het grondgebied van het Waalse Gewest;
  3° Minister: de Minister bevoegd voor Mobiliteit;
  4° plenaire voorontwerpvergadering: de vergadering in het stadium van de potloodschets in aanwezigheid van alle personen die kunnen meewerken aan het ontwerp van het project en met het doel de kwaliteit van de projecten en de veiligheid van de werken te waarborgen en, behalve in geval van overmacht, alle nieuwe werken binnen de in het contract voorziene garantieperiode op de omtrek van de betrokken investering te vermijden;
  5° het decreet van 1 april 2004: het decreet van 1 april 2004 betreffende de duurzame mobiliteit en de toegankelijkheid;
  6° intermodaliteit: het gebruik van verschillende vervoerswijzen tijdens dezelfde verplaatsing, met als doel het comfort van de gebruikers te verbeteren door hun verplaatsingen zoveel mogelijk te optimaliseren;
  7° investeringsplan: het gemeentelijk investeringsplan voor actieve mobiliteit en intermodaliteit, afgekort "PIMACI", dat overeenstemt met het gemeentelijk investeringsplan voor de aanleg van bepaalde infrastructuren in het kader van duurzame mobiliteit in de zin van titel IV/2 van het decreet van 1 april 2004;
  8° loket van de plaatselijke besturen: het informaticahulpmiddel waarmee de gemeenten hun formulieren en bewijsstukken betreffende het investeringsplan en de in het investeringsplan opgenomen dossiers elektronisch naar de administratie kunnen sturen;
  9° mobipool: de fysieke locatie, een "hub" waar verschillende mobiliteitsaanbiedingen en -infrastructuren samenkomen. Dit aanbod, en de bijbehorende infrastructuur, kan verschillende vormen aannemen en wordt aangepast aan de situatie en de lokale context.
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, l'on entend par :
  1° l'administration : la Direction des Espaces publics subsidiés du Département des Infrastructures locales du Service public de Wallonie Mobilité et Infrastructures ;
  2° la commune : la commune bénéficiaire du droit de tirage, c'est-à-dire toutes les communes situées sur le territoire de la Région wallonne ;
  3° le Ministre : le Ministre qui a la mobilité dans ses attributions ;
  4° la réunion plénière d'avant-projet : la réunion au stade de l'esquisse "crayon" en présence de toute personne susceptible d'apporter une aide à la conception du projet et ayant pour but de garantir la qualité des projets et la sécurité des travaux et d'éviter, sauf cas de force majeure, tous nouveaux travaux dans les délais de garantie prévus au marché sur le périmètre de l'investissement considéré ;
  5° le décret du 1er avril 2004 : le décret du 1er avril 2004 relatif à la mobilité durable et à l'accessibilité ;
  6° l'intermodalité : l'utilisation de plusieurs modes de transport au cours d'un même déplacement en vue d'améliorer le confort des usagers en optimisant au mieux leurs déplacements ;
  7° le plan d'investissement : le plan d'investissement mobilité active communal et intermodalité, en abrégé " PIMACI ", correspondant au plan d'investissement communal relatif à la réalisation de certaines infrastructures dans le cadre de la mobilité durable au sens du titre IV/2 du décret du 1er avril 2004 ;
  8° le guichet des pouvoirs locaux : l'outil informatique permettant aux communes de transmettre électroniquement à l'administration leurs formulaires et pièces justificatives concernant le plan d'investissement et les dossiers inscrits dans le plan d'investissement ;
  9° le mobipôle : le lieu physique, un " hub " où convergent différentes offres et infrastructures de mobilité. Cette offre, et l'infrastructure qui l'accompagne, peut être de plusieurs formes et sera dimensionnée selon la situation et le contexte local.
HOOFDSTUK 2. - Doel van de subsidie
CHAPITRE 2. - Objet de la subvention
Art. 2. Gemeenten krijgen een trekkingsrecht voor de programmering 2022-2024 van het investeringsplan.
Art. 2. Les communes reçoivent un droit de tirage pour la programmation 2022-2024 du plan d'investissement.
HOOFDSTUK 3. - Bedrag van het trekkingsrecht
CHAPITRE 3. - Montant du droit de tirage
Art. 3. Het totale bedrag van het trekkingsrecht voor de programmering 2022-2024 van het investeringsplan bedraagt 210.000.000 euro te verdelen onder alle gemeenten overeenkomstig de bepalingen van artikel 31/11, § 1, van het decreet van 1 april 2004.
Art. 3. Le montant total du droit de tirage pour la programmation 2022-2024 du plan d'investissement est de 210.000.000 d'euros à répartir entre toutes les communes selon les dispositions prévues à l'article 31/11, § 1er, du décret du 1er avril 2004.
HOOFDSTUK 4. - Verplichtingen van gemeenten
CHAPITRE 4. - Obligations des communes
Art. 4. De gemeenten genieten minstens de terbeschikkingstelling van het in te richten gebouw of terrein gedurende een periode van ten minste twintig jaar vanaf de datum van indiening van het in artikel 22 bedoelde project.
Art. 4. Les communes bénéficient au minimum d'une mise à disposition du bâtiment ou du terrain à aménager pour une durée minimale de vingt ans à dater la transmission du projet visé à l'article 22.
Art. 5. De bestemming van de investeringen bedoeld in de artikelen 13 tot 15 moet in overeenstemming blijven met een van de daarin voorziene doeleinden of gebruiken gedurende een periode van ten minste vijftien jaar vanaf de datum van voorlopige oplevering van de werken.
  Bij gebreke daarvan wordt het deel van het trekkingsrecht dat op deze investeringen betrekking heeft, teruggevorderd van de gemeente. Het bedrag van de terugbetaling wordt berekend op een pro rata basis voor de jaren waarin de bestemming niet is nageleefd.
Art. 5. L'affectation des investissements, visés aux articles 13 à 15, reste conforme à une des destinations ou usages qui y sont prévus pendant une période minimale de quinze ans à dater de la réception provisoire des travaux.
  A défaut, une récupération de la part du droit de tirage se rapportant à ces investissements est opérée auprès de la commune. Le montant du remboursement est calculé au prorata des années durant lesquelles l'affectation n'a pas été respectée.
Art. 6. De gemeente deelt de administratie mee of ze voor dezelfde investering al dan niet externe financiële bijstand heeft aangevraagd of verkregen in toepassing van andere wettelijke, reglementaire of contractuele bepalingen.
  De gemeente verstrekt de in lid 1 bedoelde informatie aan de administratie zodra ze die heeft.
  Financiële bijstand mag niet worden gecombineerd voor dezelfde post van dezelfde opdracht.
Art. 6. La commune informe l'administration si elle a, ou non, sollicité ou obtenu une intervention financière extérieure pour la réalisation du même investissement en application d'autres dispositions légales, réglementaires ou contractuelles.
  La commune fournit l'information visée à l'alinéa 1er à l'administration dès qu'elle la connait.
  Il n'y a pas de cumul d'intervention financière sur un même poste d'un même marché.
Art. 7. De gemeente voert de inrichtingen uit in overeenstemming met:
  1° de regels van het Wetboek van Ruimtelijke Ontwikkeling,
  2° de laatste versie van "Qualiroutes" en
  3° de aanbevelingen over de aanleg van wegen die beschikbaar zijn op de website van Waalse Overheidsdienst.
Art. 7. La commune réalise les aménagements conformément :
  1° aux règles du Code du Développement territorial,
  2° à la dernière version du Qualiroutes et
  3° aux recommandations sur les aménagements de voirie disponibles sur le site internet du Service public de Wallonie.
Art. 8. § 1. De gemeente richt een toezichtcomité op. Het toezichtcomité coördineert het ontwerp, de uitvoering en de evaluatie van het investeringsplan en brengt advies uit over alle betrokken projecten.
  Het toezichtcomité bestaat uit:
  1° de gemeenteambtenaar bevoegd voor mobiliteit;
  2° de gemeenteambtenaar bevoegd voor fietsmobiliteit;
  3° de vertegenwoordigers van de diensten werken en stedenbouw;
  4° de vertegenwoordiger van het gemeentecollege bevoegd voor mobiliteit;
  5° de plaatselijke vertegenwoordigers van gebruikers of gebruikersverenigingen;
  6° de afgevaardigde van de gemeentelijke adviescommissie voor ruimtelijke ordening en mobiliteit, afgekort "CCATM", voor zover die is opgericht.
  § 2. Het toezichtcomité wordt aangevuld met andere personen die nuttig worden geacht in verband met de verschillende behandelde kwesties.
Art. 8. § 1er. La commune met sur pied un comité de suivi. Le comité de suivi coordonne la conception, la mise en oeuvre, et l'évaluation du plan d'investissement, et remet un avis sur tous les projets concernés.
  Le comité de suivi est composé de :
  1° l'agent communal en charge de la mobilité ;
  2° l'agent communal en charge de la mobilité cyclable ;
  3° les représentants des services travaux et urbanisme ;
  4° le représentant du collège communal en charge de la mobilité ;
  5° les représentants locaux des usagers ou des associations d'usagers ;
  6° le délégué de la commission consultative communale d'aménagement du territoire et de mobilité, en abrégé " CCATM ", pour autant que celle-ci soit constituée.
  § 2. Le comité de suivi est complété des personnes jugées utiles en fonction des différents sujets abordés.
Art. 9. § 1. De gemeente voert jaarlijks fiets- en voetgangerstellingen uit op basis van de modellen en tools van de Directie Planning Mobiliteit van de Waalse Overheidsdienst Mobiliteit en Infrastructuur en stuurt de resultaten door naar deze Directie.
  § 2. De gemeente voert binnen 2 jaar na afloop van het programma een inventarisatie uit van de fietsvoorzieningen en openbare fietsenstallingen op haar grondgebied, op basis van de instrumenten van de Directie Planning Mobiliteit van de Waalse Overheidsdienst Mobiliteit en Infrastructuur.
Art. 9. § 1er. La commune réalise des comptages vélos et piétons annuellement sur base des modèles et outils fournis par la Direction de la Planification de la Mobilité du SPW Mobilité Infrastructures et à lui transmettre les résultats.
  § 2. La commune réalise à un inventaire des aménagements cyclables et des stationnements vélo public sur leur territoire, sur base des outils fournis par la Direction de la Planification de la Mobilité du SPW Mobilité et Infrastructures, dans un délai de 2 ans à partir de la fin de la programmation.
Art. 10. Ongeacht of de gemeente al dan niet als aanbestedende dienst optreedt, moet de validering van alle aan de inschrijvers toegezonden documenten in alle gevallen worden uitgevoerd door de bevoegde instantie van de begunstigde van de subsidies.
Art. 10. Dans tous les cas, que la commune agisse en tant que pouvoir adjudicateur du marché ou non, la validation de l'ensemble des documents transmis aux soumissionnaires doit être effectuée par l'organe compétent du bénéficiaire de subsides.
HOOFDSTUK 5. - Subsidiabiliteit
CHAPITRE 5. - Eligibilité
Art. 11. Het bedrag van de in aanmerking komende investeringen per opdracht is gelijk aan of hoger dan het bedrag bepaald in artikel 5, lid 2, van het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten.
Art. 11. Le montant des investissements éligibles par marché est égal ou supérieur au montant fixé à l'article 5, alinéa 2, de l'arrêté royal du 14 janvier 2013 établissant les règles générales d'exécution des marchés publics.
Art. 12. Enkel opdrachten voor werken komen in aanmerking. Elk dossier kan de beschikbare financiële middelen gebruiken voor één, twee of drie van de in de artikelen 13 tot en met 15 beschreven thema's.
  Het budget dat aan elke gemeente wordt toegewezen, wordt als volgt verdeeld:
  1° ongeveer twintig procent voor voetgangersvoorzieningen;
  2° ongeveer vijftig procent voor fietsvoorzieningen;
  3° ongeveer dertig procent voor intermodaliteit.
Art. 12. Seuls les marchés de travaux sont éligibles. Chaque dossier peut utiliser les moyens financiers disponibles de une, deux ou trois thématiques énoncées aux articles 13 à 15.
  L'enveloppe dédiée à chaque commune est répartie dans les proportions suivantes :
  1° environ vingt pourcent pour les aménagements piétons;
  2° environ cinquante pourcent pour les aménagements cyclables;
  3° environ trente pourcent pour l'intermodalité.
Afdeling 1. - Voorzieningen voor voetgangers
Section Ire. - Aménagements en faveur des piétons
Art. 13. § 1. Alleen de volgende voorzieningen komen in aanmerking:
  1° voetpaden en kleine inrichtingen m.b.t. de toegankelijkheid voor iedereen;
  2° voetgangersstraten;
  3° schoolstraten;
  4° voorbehouden wegen voorgesteld door verkeersteken F99 (a, b en c);
  5° paden voor fietsers en voetgangers voorgesteld door bord D9;
  6° voetgangers/fietserspaden voorgesteld door bord D10;
  7° ontmoetingszones.
  § 2. De verrichte voorzieningen hebben een inspringend oppervlak, zoals beton, natuursteen, kasseien of koolwaterstof, om alle voetgangers en personen met beperkte mobiliteit het nodige comfort te bieden, ongeacht de weersomstandigheden. Andere verhardingen zoals dolomiet, freesmateriaal, gestabiliseerde of verdichte verhardingen kunnen niet worden gesubsidieerd.
Art. 13. § 1er. Seuls les aménagements suivants sont éligibles :
  1° les trottoirs et petits aménagements d'accessibilité pour tous;
  2° les rues piétonnes ;
  3° les rues scolaires ;
  4° les chemins réservés représentés par le signal routier F99 (a, b et c) ;
  5° les pistes cyclo-piétonnes représentées par le signal routier D9 ;
  6° les cheminements cyclo-piétons représentés par le signal D10 ;
  7° les zones de rencontre.
  § 2. Les aménagements réalisés disposent d'un revêtement induré, tel qu'un revêtement béton, en pierres naturelles, en pavés ou encore en hydrocarboné, afin d'offrir le confort nécessaire à tous les usagers piétons et aux personnes à mobilité réduite quelles que soient les conditions météorologiques. Les autres revêtements tels que la dolomie, les fraisats, les revêtements stabilisés ou compactés ne sont pas subsidiables.
Afdeling II. - Voorzieningen voor fietsers;
Section II. - Aménagements en faveur des cyclistes
Art. 14. § 1. Alleen de volgende voorzieningen komen in aanmerking:
  1° voorbehouden wegen voorgesteld door verkeersteken F99a (a, b en c);
  2° gescheiden fietspaden voorgesteld door verkeersbord D7;
  3° paden voor fietsers en voetgangers voorgesteld door bord D9;
  4° voetgangers/fietserspaden voorgesteld door bord D10;
  5° gemarkeerde fietspaden;
  6° fietsroutes;
  7° voorgestelde fietspaden en andere markeringen ten gunste van fietsers;
  8° snelheidsremmende voorzieningen ten gunste van fietsers in stadscentra of dorpen;
  9° kleine werken om het comfort te verbeteren, zoals het verlagen van een stoeprand, het plaatsen van een goot, het creëren van een overhangende zone voor fietsers, hellingen en ingangen en uitgangen met beperkt eenrichtingsverkeer (Franse afkorting "SUL").;
  10° verticale borden voor fietsers, zoals borden met "beperkt eenrichtingsverkeer", B22/B23 borden met "rechtsaf bij verkeerslichten" of "rechtdoor bij verkeerslichten", F45b borden en richtingborden;
  11° beveiligde of onbeveiligde fietsenstallingen, op voorwaarde dat ze deel uitmaken van een opdracht voor werken en dat ze te allen tijde en vanuit de openbare ruimte toegankelijk zijn;
  12° ontmoetingszones;
  13° centrale rijbanen.
  § 2. De verrichte inrichtingen hebben een verhard oppervlak, zoals een betonnen of koolwaterstofoppervlak, om alle voetgangers en personen met beperkte mobiliteit het nodige comfort te bieden, ongeacht de weersomstandigheden. Andere verhardingen zoals dolomiet, freesmateriaal, gestabiliseerde of verdichte verhardingen kunnen niet worden gesubsidieerd.
Art. 14. § 1er. Seuls les aménagements suivants sont éligibles :
  1° les chemins réservés représentés par le signal routier F99a, b et c;
  2° les pistes cyclables séparées représentés par le signal routier D7;
  3° les pistes cyclo-piétonnes représentées par le signal routier D9;
  4° les cheminements cyclo-piétons représentés par le signal D10;
  5° les pistes cyclables marquées;
  6° les rues cyclables;
  7° les bandes cyclables suggérées et autres marquages en faveurs des cyclistes;
  8° les aménagements permettant de diminuer la vitesse en faveur des vélos dans les centres-villes ou les villages ;
  9° les petits travaux d'amélioration du confort tels que l'abaissement d'une bordure, le placement d'une goulotte, la création d'une zone d'avancée pour les cyclistes, de rampes, d'entrées et de sorties de " sens unique limité ", en abrégé " SUL " ;
  10° les signalisations verticales pour les cyclistes telles que les signaux " sens unique limité ", les signaux B22/B23 " tourne à droite au feu " ou " tout droit au feu ", les signaux F45b et les panneaux directionnels ;
  11° le stationnement vélo sécurisé ou non pour autant qu'il fasse partie d'un marché de travaux, qu'il soit accessible en tout temps et depuis l'espace public ;
  12° les zones de rencontre ;
  13° les chaussées à voie centrale.
  § 2. Les aménagements réalisés disposent d'un revêtement induré, tel qu'un revêtement béton ou hydrocarboné, afin d'offrir le confort nécessaire à tous les usagers piétons, cyclistes et aux personnes à mobilité réduite quelles que soient les conditions météorologiques. Les autres revêtements tels que la dolomie, les fraisats, les revêtements stabilisés ou compactés ne sont pas subsidiables.
Afdeling III. - Voorzieningen ter bevordering van de intermodaliteit
Section III. - Aménagements en faveur de l'intermodalité
Art. 15. § 1. Alleen de volgende voorzieningen komen in aanmerking:
  1° fietsvoorzieningen binnen een straal van maximaal tien kilometer die een ononderbroken verbinding vormen van of naar de mobipool;
  2° voetgangersvoorzieningen binnen een straal van maximaal drie kilometer die een ononderbroken verbinding vormen van of naar de mobipool;
  3° gebouwen om een vriendelijke wachtruimte te voorzien en verschillende diensten te huisvesten, zoals een fietspunt;
  4° parkings:
  5° car-sharing parkeerplaatsen;
  6° ontlastingsparkeersplaatsen;
  7° carpool parkeerplaatsen;
  8° beveiligde parkeerplaats voor fietsen;
  9° specifieke verlichting;
  10° specifieke signalisatie om alle mobipolen in het Waalse Gewest duidelijk en identiek te identificeren.
  De autoriteit die het vervoer organiseert, zorgt voor het grafisch charter van de mobipolen.
  § 2. De voorzieningen worden geprioriteerd volgens het STOP-principe zoals bepaald in artikel 31/8, 2°, van het decreet van 1 april 2004.
  § 3. De voorzieningen hebben een inspringend oppervlak, zoals een betonnen of koolwaterstofhoudend oppervlak.
  Het oppervlak biedt het nodige comfort voor voetgangers, fietsers en mensen met beperkte mobiliteit, ongeacht de weersomstandigheden.
  Andere verhardingen zoals dolomiet, freesmateriaal, gestabiliseerde of verdichte verhardingen kunnen niet worden gesubsidieerd.
  § 4. Afhankelijk van de geplande voorzieningen in overeenstemming met de strategieën van de openbaarvervoersbedrijven, worden de begrotingsmiddelen geconcentreerd in een mobipool, een intermodale locatie dicht bij een structurerend openbaarvervoersaanbod of, bij gebrek daaraan, dicht bij het structurerend netwerk van SOFICO.
Art. 15. § 1er. Seuls les aménagements suivants sont éligibles :
  1° des aménagements cyclables dans un rayon de maximum dix kilomètres permettant des liaisons continues à destination ou au départ du mobipôle ;
  2° des aménagements piétons dans un rayon de maximum trois kilomètres permettant des liaisons continues à destination ou au départ du mobipôle ;
  3° des bâtiments permettant l'attente conviviale et l'accueil de différents services tel que le point vélo ;
  4° des parkings :
  5° d'auto-partage ;
  6° de délestage ;
  7° de covoiturage ;
  8° du stationnement sécurisé pour les vélos ;
  9° de l'éclairage spécifique ;
  10° de la signalisation spécifique visant à identifier de façon claire et identique tous les mobipôles de la Région wallonne.
  L'Autorité organisatrice du transport fournit la charte graphique des mobipôles.
  § 2. Les aménagements sont priorisés conformément au principe STOP tel que défini à l'article 31/8, 2°, du décret du 1er avril 2004.
  § 3. Les aménagements réalisés disposent d'un revêtement induré, tel qu'un revêtement béton ou hydrocarboné.
  Le revêtement offre le confort nécessaire aux usagers piétons, cyclistes et aux personnes à mobilité réduite quelles que soient les conditions météorologiques.
  Les autres revêtements tels que la dolomie, les fraisats, les revêtements stabilisés ou compactés ne sont pas subsidiables.
  § 4. Sous réserve des aménagements prévus selon les stratégies des opérateurs de transports en commun, les moyens budgétaires se concentrent dans un mobipôle, lieu d'intermodalité à proximité d'une offre structurante en transport collectif ou à défaut à proximité du réseau structurant de la SOFICO.
HOOFDSTUK 6. - Procedure
CHAPITRE 6. - Procédure
Afdeling 1. - Verzending van stukken
Section 1re. - transmission des pièces
Art. 16. De gemeente stuurt de documenten en dossiers naar de administratie via het loket van de plaatselijke besturen in elke fase van de procedure.
Art. 16. La commune transmet les pièces et dossiers à l'administration via le guichet des pouvoirs locaux à tout stade de la procédure.
Afdeling 2. - Indiening van het investeringsplan
Section 2. - introduction du plan d'investissement
Art. 17. De gemeente dient haar investeringsplan ter goedkeuring in bij de administratie binnen honderdtachtig dagen na de mededeling van het bedrag van het trekkingsrecht dat aan elke gemeente wordt toegekend.
  De Minister beslist binnen zestig dagen na ontvangst van het investeringsplan.
  De kennisgeving van de beslissing wordt ten laatste verzonden op de dag waarop de termijn verstrijkt.
  De Minister kan het bij hem ingediende investeringsplan gedeeltelijk goedkeuren.
  De gemeente waarvan het investeringsplan niet volledig is goedgekeurd, dient binnen dertig dagen na kennisgeving van de beslissing van de Minister een gecorrigeerd plan in bij de Minister.
Art. 17. La commune transmet à l'administration, pour approbation, son plan d'investissement dans les cent-quatre-vingts jours de la notification du montant du droit de tirage alloué à chaque commune.
  Le Ministre se prononce dans les soixante jours de la réception du plan d'investissement.
  L'envoi de la notification de la décision se fait au plus tard le jour de l'échéance du délai.
  Le Ministre peut approuver partiellement le plan d'investissement qui lui est soumis.
  La commune, dont le plan d'investissement n'a pas été totalement approuvé, soumet au Ministre un plan rectifié dans les trente jours de la notification de la décision du Ministre.
Art. 18. De gemeente dient het dossier met betrekking tot een investeringsplan of de rechtzetting ervan in op basis van het door de administratie opgestelde formulier.
  Het dossier bevat de volgende stukken:
  1° de beraadslaging van de gemeenteraad die het investeringsplan goedkeurt;
  2° de staat van de investeringen, opgesteld volgens het door de administratie opgestelde model;
  3° voor elke investering, een fiche opgesteld volgens de door de administratie vastgelegde modellen, vergezeld van:
  a) een plaatsbeschrijving en een omschrijving van de uit te voeren werken;
  b) een liggingsplan;
  c) foto's van de plaats;
  d) een gedetailleerde kostenraming;
  e) voor dossiers met betrekking tot wegen, een schets van de overwogen inrichting;
  f) voor de dossiers betreffend een gebouw, een schets van de voorziene inrichtingen met de bestemming van de lokalen;
  4° voor wegenprojecten, de instemming van het "Société publique de gestion de l'eau" (Openbare waterbeheersmaatschappij) met het ingediende plan;
  5° de notulen van het toezichtscomité bedoeld in artikel 8, dat kennisneemt van de lijst van gemeentelijke voorstellen.
Art. 18. La commune introduit le dossier relatif à un plan d'investissement ou sa rectification sur base du formulaire établi par l'administration.
  Le dossier comprend les pièces suivantes :
  1° la délibération du conseil communal approuvant le plan d'investissement;
  2° le relevé des investissements, établi suivant le modèle fixé par l'administration;
  3° pour chaque investissement, une fiche établie selon les modèles fixés par l'administration, accompagnée:
  a) d'un descriptif de l'état des lieux et des travaux à réaliser;
  b) d'un plan de localisation;
  c) des photos des lieux;
  d) d'une estimation détaillée des coûts;
  e) pour les dossiers relatifs à la voirie, d'un croquis de l'aménagement envisagé;
  f) pour les dossiers relatifs à un bâtiment, d'un croquis des aménagements prévus avec l'affectation des locaux;
  4° pour les projets de voirie, l'accord de la Société publique de gestion de l'eau sur le plan présenté ;
  5° le procès-verbal du comité de suivi, visé à l'article 8, qui prend acte de la liste des propositions communales.
Art. 19. § 1. Het investeringsplan voldoet aan de volgende beginselen:
  1° het investeringsplan heeft uitsluitend betrekking op de werken die overeenkomstig de artikelen 13 tot 15 voor subsidie in aanmerking komen;
  2° het investeringsplan voldoet aan de specifieke voorwaarden bepaald in de artikelen 12 tot 15;
  3° het gesubsidieerde gedeelte van de totale minimumomvang van de werken waarop het plan betrekking heeft, bedraagt honderd procent en bedraagt niet meer dan honderdvijftig procent van het bedrag vermeld in de bijlage;
  4° het steunpercentage van het Waals Gewest bedraagt tachtig procent van de subsidiabele werken.
  § 2. Als er een privéprojectontwikkelaar bij betrokken is, worden de studiekosten, beperkt tot vijf procent van het bedrag van de subsidiabele werken, in aanmerking genomen voor de toekenning van de subsidie.
  Als de gemeente haar eigen projectontwikkelaar is, worden de studiekosten, forfaitair vastgesteld op drie procent van het bedrag van de subsidiabele werken, in aanmerking genomen voor de toekenning van de subsidie.
  § 3. Testkosten, beperkt tot vijf procent van het bedrag van het subsidiabele werk, met inbegrip van voorafgaande tests en de kosten die nodig zijn om de werken te controleren, worden in aanmerking genomen bij het toekennen van de subsidie.
Art. 19. § 1er. Le plan d'investissement est conforme aux principes suivants :
  1° le plan d'investissement concerne uniquement les travaux subsidiables conformément aux articles 13 à 15 ;
  2° le plan d'investissement respecte les conditions particulières fixées aux articles 12 à 15;
  3° la partie subsidiée du montant total minimal des travaux repris par le plan atteint cent pour cent et ne dépasse pas cent cinquante pour cent du montant repris en annexe ;
  4° le taux d'intervention de la Région wallonne s'élève à quatre-vingt pour cent des travaux subsidiables.
  § 2. Si un auteur de projet privé intervient, les frais d'études limités à cinq pour cent du montant des travaux subsidiables sont pris en considération pour l'octroi de la subvention.
  Si la commune est son propre auteur de projet, les frais d'études fixés forfaitairement à trois pour cent du montant des travaux subsidiables sont pris en considération pour l'octroi de la subvention.
  § 3. Les frais d'essais limités à cinq pour cent du montant des travaux subsidiables, en ce compris les essais préalables et ceux nécessaires au contrôle des travaux, sont pris en considération pour l'octroi de la subvention.
Afdeling 3. - Plenaire voorontwerpvergadering
Section 3. - Réunion plénière d'avant-projet
Art. 20. § 1. De gemeente bepaalt in overleg met de administratie de datum van de plenaire voorontwerpvergadering.
  De gemeente nodigt elke persoon of instantie uit die betrokken kan zijn bij de ontwikkeling en de uitvoering van de projecten. Ze verstuurt de uitnodigingen ten minste vijftien dagen voor de vergaderingen en voegt het voorontwerp bij.
  § 2. Voor investeringen met betrekking tot wegen bevat het voorontwerp:
  1° een potloodschets die, indien het project dit vereist, wordt opgesteld op basis van een topografische opmeting van het terrein en één of meerdere standaarddoorsneden die de geplande ligging van de leidingen voor afvalwater of helder water aangeven;
  2° als de investering openbare verlichting omvat, een fotometrische studie vergezeld van een nota waarin de verbetering van de openbare verlichting wordt aangetoond om de veiligheid van de gebruikers te verhogen en de leefomgeving te verbeteren.
  Voor investeringen met betrekking tot gebouwen bevat het voorontwerp:
  1° een liggingsplan;
  2° schetsen;
  3° plannen op schaal één procent;
  4° een toelichting die, in voorkomend geval, de gekozen technische oplossingen beschrijft op het vlak van:
  a) architectuur;
  b) speciale technieken;
  c) energieprestaties;
  d) toegankelijkheid;
  e) opvang.
Art. 20. § 1er. La commune s'accord avec l'administration pour fixer la date de la réunion plénière d'avant-projet.
  La commune invite toute personne ou organisme susceptible d'intervenir dans le cadre de l'élaboration et de la réalisation des projets. Elle envoie les invitations au moins quinze jours avant les réunions et y joint l`avant-projet.
  § 2. Pour les investissements relatifs aux voiries, l'avant-projet contient :
  1° une esquisse-crayon établie, si le projet le nécessite, sur la base d'un relevé topographique des lieux ainsi qu'un ou plusieurs profils en travers-type indiquant l'emplacement prévu pour les canalisations d'eaux usées ou d'eaux claires ;
  2° si l'investissement comprend de l'éclairage public, une étude photométrique accompagnée d'une note démontrant l'amélioration de l'éclairage du domaine public afin d'accroître la sécurité des usagers et d'améliorer le cadre de vie.
  Pour les investissements relatifs aux bâtiments, l'avant-projet contient :
  1° un plan de situation ;
  2° des croquis ;
  3° des plans à l'échelle d'un pour cent ;
  4° une note explicative qui décrit, le cas échéant, les solutions techniques retenues en matières :
  a) d'architecture ;
  b) de techniques spéciales ;
  c) de performance énergétique ;
  d) d'accessibilité ;
  e) d'accueil.
Art. 21. Ter voorbereiding van de plenaire voorontwerpvergadering verstrekken de vertegenwoordigers van de organen die bij de uitvoering van de investering betrokken kunnen zijn, de gemeente alle reglementaire en technische informatie in volledige, duidelijke en beknopte vorm, die haar in staat stelt om, onverminderd de te verkrijgen vergunningen, de studie van de investering af te ronden en haar in artikel 22 bedoelde project voor advies aan de administratie voor te leggen.
  De gemeente stelt de notulen van de plenaire voorontwerpvergadering op en brengt deze binnen vijftien dagen na de plenaire voorontwerpvergadering ter kennis van de in lid 1 bedoelde vertegenwoordigers.
  De in lid 1 bedoelde vertegenwoordigers beschikken over een termijn van vijftien dagen vanaf de datum van kennisgeving van de notulen om hun opmerkingen aan de gemeente kenbaar te maken, zo nodig gestaafd met aanvullende documenten.
  De gemeente zendt de gewijzigde notulen binnen vijftien dagen na het einde van de termijn voor het ontvangen van hun opmerkingen terug aan de in lid 1 bedoelde vertegenwoordigers. De gewijzigde notulen kunnen niet meer worden betwist.
  Indien binnen de eerste termijn van vijftien dagen geen opmerkingen zijn ontvangen, worden de notulen geacht te zijn goedgekeurd.
  De in het derde lid bedoelde termijn wordt:
  1° verdubbeld wanneer hij begint of verstrijkt in de maanden juli en augustus;
  2° opgeschort van 25 december tot en met 31 december;
  3° verschoven naar de volgende dag als hij afloopt op een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag.
Art. 21. En vue de la réunion plénière d'avant-projet, les représentants des organismes susceptibles d'intervenir dans la réalisation de l'investissement remettent à la commune toutes les informations réglementaires et techniques, dans des formes complètes, claires et concises, lui permettant, sans préjudice des autorisations à obtenir, de finaliser l'étude de l'investissement et de soumettre son projet visé à l'article 22 à l'avis de l'administration.
  La commune dresse un procès-verbal de la réunion plénière d'avant-projet et le notifie aux représentants visés à l'alinéa 1er dans un délai de quinze jours à dater de la réunion plénière d'avant-projet.
  Les représentants visés à l'alinéa 1er disposent de quinze jours à partir de la notification du procès-verbal pour faire connaître leurs remarques à la commune, appuyées le cas échéant de documents complémentaires.
  La commune renvoie le procès-verbal modifié aux représentants visés à l'alinéa 1er dans les quinze jours à dater du terme du délai de réception des remarques. Le procès-verbal modifié ne peut plus être contesté.
  Le procès-verbal qui n'a pas fait l'objet de remarques dans le délai initial de quinze jours est réputé approuvé.
  Le délai visé à l'alinéa 3 est :
  1° doublé lorsqu'il débute ou arrive à échéance durant les mois de juillet et d'août;
  2° suspendu du 25 décembre au 31 décembre;
  3° reporté jusqu'au plus prochain jour lorsqu'il arrive à échéance un samedi, un dimanche ou un jour férié.
Afdeling 4. - Project
Section 4. - projet
Art. 22. § 1. De gemeente kiest de projecten die ze wil uitvoeren uit de dossiers die voor het lopende jaar zijn opgenomen in haar investeringsplan dat door de administratie is goedgekeurd.
  § 2. De gemeente legt de technische dossiers en bestekken van de door haar gekozen projecten ter goedkeuring voor aan de administratie in het jaar bedoeld in het investeringsprogramma en vóór 30 juni 2024 wanneer haar projecten gepland zijn voor het laatste jaar van het programma.
  § 3. De administratie bevestigt de ontvangst van de projecten indien deze vergezeld zijn van alle in paragraaf 4 bedoelde bewijsstukken. Indien dit niet het geval is, vraagt de administratie de ontbrekende documenten op.
  § 4. De "Project"-dossiers worden ingediend op basis van het door de administratie opgestelde formulier, dat de rubrieken "beschikbaarheid van de grond" en "stedenbouwkundige vergunning" bevat.
  Het dossier bevat de volgende bewijsstukken:
  1° in voorkomend geval, voor opdrachten voor diensten met betrekking tot de studie van projecten:
  a) de gemotiveerde beraadslaging waarbij het gemeentecollege de opdracht gunt;
  b) het verslag over de gunning van de opdracht;
  c) de weerhouden offerte;
  2° de beraadslaging waarbij de gemeenteraad het project goedkeurt, de wijze van gunning van de opdracht kiest, de voorwaarden vaststelt en de bestanddelen van de aankondiging van de opdracht bepaalt of, als de gemeenteraad niet de belangrijkste aanbestedende dienst is, de beraadslaging van het gemeentecollege tot goedkeuring van de beslissing van het bevoegde orgaan van de belangrijkste aanbestedende dienst;
  3° in voorkomend geval, het ontwerp van aankondiging van opdracht;
  4° het ontwerp van bijzonder bestek;
  5° de geraamde hoeveelhedenopname en de samenvattende hoeveelhedenopname van de werken, met vermelding, in voorkomend geval, van de andere financiële bijdragen;
  6° de uitvoeringsplannen;
  7° de bewegwijzeringsplannen;
  8° de toelichting waaruit blijkt dat passende maatregelen zijn genomen om ervoor te zorgen dat de betrokken openbare gebouwen toegankelijk zijn voor personen met beperkte mobiliteit, of het toegankelijkheidshandvest voor projecten die betrekking hebben op de inrichting van de openbare ruimte;
  9° voor openbare verlichtingswerken, de fotometrische studie als die niet werd ingediend voor de voorontwerpvergadering.
  De beraadslaging bedoeld in het eerste lid, 2°, verwijst uitdrukkelijk naar het "Gemeentelijk Investeringsplan voor Actieve Mobiliteit en Intermodaliteit".
  § 5. De termijn voor de goedkeuring van projecten bedraagt dertig dagen vanaf de datum van bevestiging van ontvangst van de volledige dossiers door de administratie. Deze termijn kan eenmaal met vijftien dagen worden verlengd.
  De administratie stuurt de kennisgeving van de beslissing ten laatste op de dag waarop de termijn verstrijkt.
Art. 22. § 1er. La commune choisit les projets qu'elle entend réaliser parmi les dossiers inscrits pour l'année en cours dans son plan d'investissement qui a été approuvé par l'administration.
  § 2. La commune soumet à l'approbation de l'administration les dossiers techniques et les cahiers des charges des projets qu'elle retient dans l'année référencée dans le programme d'investissement et avant le 30 juin 2024 lorsque ses projets sont programmés la dernière année de la programmation.
  § 3. L'administration accuse réception des projets si ces projets sont accompagnés de l'ensemble des pièces justificatives visées au paragraphe 4. A défaut, l'administration réclame les pièces manquantes.
  § 4. Les dossier " projet " sont introduits sur base du formulaire établit par l'administration, qui comprend des points " disponibilité des terrains " et " permis d'urbanisme ".
  Le dossier comprend les pièces justificatives suivantes :
  1° le cas échéant, pour les marchés de services relatifs à l'étude des projets:
  a) la délibération motivée par laquelle le collège communal attribue le marché;
  b) le rapport d'attribution du marché;
  c) l'offre retenue;
  2° la délibération par laquelle le conseil communal approuve le projet, choisit le mode de passation du marché, en fixe les conditions et arrête les éléments constitutifs de l'avis de marché ou, dans l'hypothèse où la commune n'est pas le pouvoir adjudicateur principal, la délibération du collège communal approuvant la décision prise par l'organe compétent du pouvoir adjudicateur principal;
  3° le cas échéant, le projet d'avis de marché;
  4° le projet de cahier spécial des charges;
  5° le métré estimatif et le métré récapitulatif des travaux, détaillant, le cas échéant, les autres interventions financières;
  6° les plans d'exécution;
  7° les plans de signalisations ;
  8° la note explicative démontrant que les mesures adéquates ont été prises pour assurer aux personnes à mobilité réduite l'accessibilité des bâtiments publics concernés ou la charte accessibilité pour les projets concernés par l'aménagement des espaces publics ;
  9° pour les travaux d'éclairage public, l'étude photométrique si elle n'a pas été transmise pour la réunion d'avant-projet.
  La délibération visée à l'alinéa 1er, 2°, fait référence expresse au " Plan d'investissement mobilité active communal et intermodalité ".
  § 5. Le délai d'approbation des projets est de trente jours à dater partir de l'accusé de réception des dossiers complets par l'administration. Ce délai est prorogeable une seule fois de quinze jours.
  L'administration envoie la notification de la décision au plus tard le jour de l'échéance du délai.
Afdeling 5:. - Gunning
Section 5. - attribution
Art. 23. De gemeente bezorgt elk gunningsdossier ter goedkeuring aan de administratie binnen vijftien dagen na de goedkeuring ervan door de bevoegde instantie.
  De termijn voor de goedkeuring van de gunningsdossiers bedraagt dertig dagen vanaf de datum van de ontvangstbevestiging van de dossiers en hun bewijsstukken door de administratie. Deze termijn kan eenmaal met vijftien dagen worden verlengd.
  Het gunningsdossier wordt ingediend met behulp van het door de administratie opgestelde formulier.
  Het bevat de volgende bewijsstukken:
  1° het proces-verbaal van opening van de offertes, behalve in het geval van een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking;
  2° de weerhouden offerte en de bijlagen;
  3° het verslag van de veiligheids- en gezondheidscoördinator, tenzij in de projectfase met zekerheid wordt vastgesteld dat de werken op de tijdelijke of mobiele bouwplaats door één aannemer zullen worden uitgevoerd;
  4° het verslag en de beslissing over de kwalitatieve selectie van de ondernemingen;
  5° het door de ontwerper opgestelde verslag over de gunning van de opdracht;
  6° de vergelijkende tabel van eenheidsprijzen met alle geselecteerde inschrijvingen in Excel-formaat;
  7° in voorkomend geval, de verzoeken om informatie en de ontvangen antwoorden;
  8° in voorkomend geval, de verzoeken om prijsverantwoording en de ontvangen antwoorden;
  9° de gemotiveerde beraadslaging van het gemeentecollege tot aanwijzing van de gekozen inschrijver en tot goedkeuring van het bedrag van de weerhouden offerte of, als de gemeente niet de hoofdaanbestedende dienst is, de beraadslaging van het gemeentecollege tot goedkeuring van de gunningsbeslissing genomen door het bevoegde orgaan van de hoofdaanbestedende dienst;
  10° in geval van wijzigingen aan het dossier aangebracht in de projectfase, het bijzonder bestek en de plannen in hun definitieve versie;
  11° in voorkomend geval, de in de aankondiging van het project gevraagde documenten en de bij de aankondiging van het project gevoegde tabel met aanvullende opmerkingen;
  12° in het geval van een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking, de lijst van de geraadpleegde ondernemingen;
  13° in voorkomend geval, de bekendgemaakte aankondiging van de opdracht en de eventuele corrigerende aankondigingen.
  De gemeente maakt de opdracht alleen bekend als de administratie de gunning goedkeurt. Als de gemeente de opdracht aankondigt zonder dat de gunning door de administratie is goedgekeurd, verliest de gemeente de subsidie.
Art. 23. La commune transmet chaque dossier d'attribution à l'administration, pour accord, dans les quinze jours de son approbation par l'organe compétent.
  Le délai d'approbation des dossiers d'attribution est de trente jours à dater de l'accusé de réception des dossiers et de leurs pièces justificatives par l'administration. Ce délai est prorogeable une seule fois de quinze jours.
  Le dossier d'attribution est introduit sur base du formulaire établi par l'administration.
  Il comprend les pièces justificatives suivantes :
  1° le procès-verbal d'ouverture des offres sauf en cas de procédure négociée sans publication préalable;
  2° l'offre retenue et ses annexes;
  3° le rapport du coordinateur de sécurité et de santé sauf s'il est établi avec certitude, au stade projet, que les travaux sur le chantier temporaire ou mobile seront exécutés par un seul entrepreneur;
  4° le rapport et la décision relatifs à la sélection qualitative des entreprises;
  5° le rapport d'attribution du marché établi par l'auteur de projet;
  6° le tableau comparatif des prix unitaires reprenant l'ensemble des offres sélectionnées en format Excel;
  7° le cas échéant, les demandes d'informations et les réponses reçues ;
  8° le cas échéant, les demandes de justification de prix et les réponses reçues;
  9° la délibération motivée par laquelle le collège communal désigne l'adjudicataire et approuve le montant de l'offre retenue ou, dans l'hypothèse où la commune n'est pas le pouvoir adjudicateur principal, la délibération du collège communal approuvant la décision d'attribution prise par l'organe compétent du pouvoir adjudicateur principal;
  10° en cas de modification du dossier introduit au stade projet, le cahier spécial des charges et les plans dans leur version définitive;
  11° le cas échéant, les documents réclamés dans l'avis sur projet ainsi que le tableau de suivi des remarques joints à l'avis sur projet ;
  12° s'il s'agit d'une procédure négociée sans publication préalable, la liste des entreprises consultées;
  13° le cas échéant, l'avis de marché publié ainsi que les éventuels avis rectificatifs.
  La commune notifie le marché uniquement si l'administration approuve l'attribution. Si la commune notifie le marché sans que l'attribution soit approuvée par l'administration, la commune perd le subside.
Afdeling 6. - Verwervingen
Section 6. - Acquisitions
Art. 24. Binnen dertig dagen na de ondertekening van de verkoopbelofte of de goedkeuring door haar gemeenteraad van het ontwerp van aankoopakten, bezorgt de gemeente de administratie het verwervingsdossier van de onroerende goederen die in haar goedgekeurd investeringsplan zijn opgenomen.
  De verwervingsdossiers bestaan uit de volgende bewijsstukken:
  1° de beraadslaging waarbij de gemeente over de verwerving beslist;
  2° een uittreksel van het kadasterplan;
  3° een schatting van de waarde, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen de kostprijs van het gebouw en de kostprijs van de grond, opgesteld door het aankoopcomité of de ontvanger der registratie of, in voorkomend geval, opgesteld door een notaris, een landmeter-expert onroerende goederen ingeschreven in het register bijgehouden door de Federale Raad van landmeters of een architect ingeschreven bij de Orde van Architecten;
  4° de verkoopbelofte of het ontwerp van aankoopakte.
  De administratie keurt de verwervingsdossiers goed.
Art. 24. Dans les trente jours de la signature du compromis de vente ou de l'approbation par son conseil communal des projets d'actes d'acquisitions, la commune transmet à l'administration le dossier d'acquisition des biens repris dans son plan d'investissement approuvé.
  Les dossiers d'acquisitions sont composés des pièces justificatives suivantes :
  1° la délibération par laquelle la commune décide de l'acquisition;
  2° l'extrait de plan cadastral;
  3° l'estimation de la valeur, en distinguant le coût de l'immeuble et le coût du terrain, établie par le comité d'acquisition ou le receveur de l'enregistrement ou établie, le cas échéant, par un notaire, un géomètre-expert immobilier inscrit au tableau tenu par le Conseil fédéral des géomètres-experts ou un architecte inscrit à l'Ordre des architectes ;
  4° le compromis de vente ou le projet d'acte d'acquisition.
  L'administration approuve les dossiers acquisitions.
Afdeling 7. - Uitvoering van de werken
Section 7. - Exécution des travaux
Art. 25. De gemeenten sturen de volgende documenten aan de administratie:
  1° een kopie van de kennisgeving van elke opdracht;
  2° de opdracht om met de werken te beginnen zodra de begunstigde is bekendgemaakt en uiterlijk binnen zes maanden na de goedkeuring van het betrokken gunningsdossier.
Art. 25. Les communes transmettent à l'administration :
  1° une copie de la notification de chaque marché;
  2° l'ordre de commencer les travaux dès leur notification à l'adjudicataire et au maximum dans les six mois à dater de l'accord sur le dossier d'attribution concerné.
Afdeling 8. - Eindafrekening
Section 8. - Décomptes finaux
Art. 26. § 1. Binnen de zes maanden na de voorlopige oplevering legt de gemeente de dossiers van de "eindafrekening" van de werken voor aan de administratie, op basis van het door de administratie opgestelde formulier en met de volgende bewijsstukken:
  1° de eindafrekening van de onderneming, opgesteld volgens de norm NBN B06-006, met inbegrip van de details van de berekening van de herzieningen per toestand en de bijhorende factuur;
  2° het per post opgestelde proces-verbaal ter verantwoording van overschrijdingen met meer dan tien procent van de vermoedelijke hoeveelheden van de posten van de oorspronkelijke opdracht;
  3° het proces-verbaal over de voorlopige oplevering;
  4° de beraadslaging tot goedkeuring van de afrekening;
  5° de factuur voor de studies;
  6° het formulier met betrekking tot het afval van wegen en afwateringen;
  7° de facturen en de notulen van de testen vergezeld van het verslag van de projectleider, met vermelding van de posten waarop kortingen van toepassing zijn en de berekening ervan;
  8° de berekening van de tijd die nodig is om het werk te voltooien;
  9° een verslag, met inbegrip van een kopie van de beraadslagingen en de eventueel niet toegezonden wijzigingen, waarin alle werken, punt per punt, worden opgesomd die het voorwerp uitmaken van een wijziging van de oorspronkelijke opdracht;
  10° voor de dossiers betreffende de gebouwen, in voorkomend geval:
  a) het verslag van de Gewestelijke Brandweer na voltooiing van de werken;
  b) het opleveringsverslag van een erkende instelling van een installatie met betrekking tot elektriciteit, gas, een lift of branddetectie.
  Met betrekking tot lid 1, 6°, bewaart de gemeente de evacuatiebevelen.
  Met betrekking tot lid 1, 8°, moeten de eventuele bevelen tot onderbreking en hervatting van de werken op het terrein worden bijgevoegd als ze niet zijn verzonden, evenals, in voorkomend geval, de motiveringen met betrekking tot de bijkomende termijnen en de berekening van de vertragingsboetes.
  § 2 Voor verwervingsdossiers stuurt de gemeente een kopie van de akte van verwerving naar de administratie.
  § 3. Eventuele wijzigingen, bijkomende werken of aanvullende werken kunnen in hun geheel in aanmerking worden genomen bij het gebruik van de subsidie als ze niet te voorzien waren in de gunningsfase. In voorkomend geval mag het bedrag van de daaruit voortvloeiende globale subsidie niet hoger zijn dan het bedrag dat overeenkomstig artikel 27 naar beneden kan worden bijgesteld.
Art. 26. § 1er. Dans les six mois à dater de la réception provisoire, la commune introduit les dossiers " décompte final " des travaux auprès de l'administration sur base du formulaire établit par l'administration et comprennent les pièces justificatives suivantes :
  1° le décompte final de l'entreprise, établi selon la norme NBN B06-006, en ce compris le détail du calcul des révisions par état et la facture correspondante;
  2° le rapport, établi poste par poste, justifiant les dépassements de plus de dix pour cent des quantités présumées des postes du marché initial;
  3° le procès-verbal de réception provisoire;
  4° la délibération approuvant le décompte;
  5° la facture relative aux études;
  6° le formulaire relatif aux déchets des travaux routiers et d'égouttage;
  7° les factures et les procès-verbaux des essais accompagnés du rapport de l'auteur de projet avec éventuellement le détail des postes sur lesquels s'appliquent les réfactions et le calcul de celles-ci;
  8° le calcul du délai d'exécution des travaux;
  9° un rapport, en ce compris une copie des délibérations et des éventuels avenants qui n'ont pas été transmis, reprenant tous les travaux, détaillés poste par poste, faisant l'objet d'une modification du marché initial;
  10° pour les dossiers relatifs aux bâtiments, le cas échéant :
  a) le rapport du Service régional d'incendie après travaux;
  b) le procès-verbal de réception par un organisme agréé d'une installation relative à l'électricité, au gaz, à un ascenseur, ou à la détection d'incendie.
  Concernant l'alinéa 1er, 6°, la commune conserve les bons d'évacuation.
  Concernant l'alinéa 1er, 8°, les éventuels ordres d'interruption et de reprise de chantier sont à joindre s'ils n'ont pas été transmis ainsi que, le cas échéant, les justifications relatives aux délais supplémentaires et au calcul des amendes de retard.
  § 2. Pour les dossiers d'acquisition, la commune transmet une copie de l'acte authentique d'acquisition à l'administration.
  § 3. Les éventuels avenants, travaux complémentaires ou supplémentaires peuvent être pris en compte globalement dans l'utilisation du subside s'ils sont imprévisibles au stade de l'attribution. Le cas échéant, le montant de la subvention globale en résultant ne dépasse pas le montant, éventuellement adapté à la baisse conformément à l'article 27.
Afdeling 9. - Verdeling van het niet-uitgevoerde deel
Section 9. - Répartition de l'inexécuté
Art. 27. De waarde van het niet-uitgevoerde deel wordt door de administratie bepaald op basis van de op 31 december 2024 toegewezen dossiers die volgens de vastgelegde procedures worden ingediend. Het aldus vastgestelde bedrag wordt aan de gemeenten meegedeeld via het loket van de plaatselijke besturen of per post. De gemeenten beschikken over een termijn van dertig dagen om hun opmerkingen te maken. Na het verstrijken van deze termijn wordt het bedrag van het niet-uitgevoerde deel geacht te zijn goedgekeurd.
  Voor de betrokken gemeenten wordt het bedrag van hun enveloppe voor de programmering verminderd met de waarde van het ongebruikte bedrag. De overige betalingen voor het programma en eventuele volgende programma's worden dienovereenkomstig verlaagd.
  Als er geen volgend programma is, wordt het te veel betaalde bedrag terugbetaald.
Art. 27. La valeur de l'inexécuté est déterminée par l'administration sur base des dossiers attribués au 31 décembre 2024 et introduits dans le respect des procédures prévues. Ce montant ainsi déterminé est communiqué aux communes par le guichet des pouvoirs locaux ou par courrier postale. Les communes disposent d'un délai de trente jours pour formuler leurs remarques. Passé ce délai, le montant de l'inexécuté est réputé approuvé.
  Pour les communes concernées, le montant de leur enveloppe pour la programmation est diminué de la valeur de l'inexécuté. Les paiements restants de la programmation et, le cas échéant, des programmations suivantes sont réduits à due concurrence.
  S'il n'y a pas de programmation suivante, le trop-perçu est remboursé.
Afdeling 10. - Controle en sancties
Section 10. - Contrôle et sanctions
Art. 28. De gemeenten stemmen in met de voorlopige aanvaarding van elke investering door de Administratie.
Art. 28. Les communes convient l'Administration aux opérations de réception provisoire de chaque investissement.
Art. 29. Als de gemeente in elke fase van de procedure niet voldoet aan de technische of wettelijke normen van een project, in de breedste zin van het woord, kan ze niet in aanmerking komen voor het deel van het trekkingsrecht dat aan het project is toegewezen, tot het bedrag van het niet-conforme deel.
Art. 29. A tout stade de la procédure, si la commune ne respecte pas les normes techniques ou légales d'un projet, au sens large, elle peut être non-éligibilité à la part du montant du droit de tirage affectée au projet, à concurrence de la part non conforme.
HOOFDSTUK 7. - Stortingen
CHAPITRE 7. - Versements
Art. 30. De door de Waalse Regering vastgelegde middelen worden als volgt over een periode van 5 jaar verdeeld:
Art. 30. Les moyens engagés par le Gouvernement wallon sont répartis sur une période de 5 ans de la manière suivante :
Jaar 2021 2022 2023 2024 2025
Vastleggingskredieten 52.000.000 EUR 90.000.000 EUR 46.000.000 EUR 18.000.000 EUR 4.000.000 EUR
Jaar 2021 2022 2023 2024 2025 Vastleggingskredieten 52.000.000 EUR 90.000.000 EUR 46.000.000 EUR 18.000.000 EUR 4.000.000 EUR
De middelen die aan de gemeenten worden betaald, worden als volgt over een periode van 5 jaar verdeeld:
Année 2021 2022 2023 2024 2025
Crédits d'engagement 52.000.000 EUR 90.000.000 EUR 46.000.000 EUR 18.000.000 EUR 4.000.000 EUR
Année 2021 2022 2023 2024 2025 Crédits d'engagement 52.000.000 EUR 90.000.000 EUR 46.000.000 EUR 18.000.000 EUR 4.000.000 EUR
Les moyens liquidés vers les communes sont répartis sur une période de 5 ans de la manière suivante
Jaar 2021 2022 2023 2024 2025
Vereffeningskredieten 27.000.000 EUR 78.000.000 EUR 35.000.000 EUR 28.000.000 EUR 42.000.000 EUR
Jaar 2021 2022 2023 2024 2025 Vereffeningskredieten 27.000.000 EUR 78.000.000 EUR 35.000.000 EUR 28.000.000 EUR 42.000.000 EUR
De uitsplitsing van de aan elke gemeente toegewezen middelen is weergegeven in de bijlage.
Année 2021 2022 2023 2024 2025
Crédits de liquidation 27.000.000 EUR 78.000.000 EUR 35.000.000 EUR 28.000.000 EUR 42.000.000 EUR
Année 2021 2022 2023 2024 2025 Crédits de liquidation 27.000.000 EUR 78.000.000 EUR 35.000.000 EUR 28.000.000 EUR 42.000.000 EUR
La répartition des moyens alloués à chaque commune est reprise en annexe.
HOOFDSTUK VIII. - Integratie van eerder toegewezen middelen in de meerjarige programmeringsprocedure 2022-2024
CHAPITRE VIII. - Intégration des moyens octroyés précédemment dans la procédure de la programmation pluriannuelle 2022-2024
Art. 31. Alle dossiers die werden ingediend in het kader van het ministerieel besluit van 29 november 2021 tot toekenning van een subsidie aan steden en gemeenten in het kader van een gemeentelijk investeringsplan voor actieve mobiliteit en intermodaliteit voor de programmering 2021-2022 en het besluit van de Waalse Regering van 8 december 2022 tot toekenning van een tweede subsidietranche aan steden en gemeenten in het kader van het Gemeentelijk Investeringsplan Actieve Mobiliteit en Intermodaliteit, worden in aanmerking genomen in het investeringsplan van de programmering 2022-2024.
Art. 31. L'ensemble des dossiers introduits dans le cadre de l'arrêté ministériel du 29 novembre 2021 octroyant une subvention aux villes et communes dans le cadre d'un Plan d'investissement mobilité active communal et intermodalité et de l'arrêté du Gouvernement wallon du 8 décembre 2022 octroyant une deuxième tranche de subvention aux villes et communes dans le cadre du Plan d'investissement mobilité active communal et intermodalité, est pris en compte dans le plan d'investissement de la programmation 2022-2024.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N.   (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 31-01-2024, p. 12216)
Art. N..   (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 31-01-2024, p. 12180)