Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
19 APRIL 2023. - Reglement ter uitvoering van de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten, aangaande organisatoren van beurzen en salons
Titre
19 AVRIL 2023. - Règlement pris en exécution de la loi du 18 septembre 2017 relative à la prévention du blanchiment de capitaux et du financement du terrorisme et à la limitation de l'utilisation des espèces, concernant les organisateurs de foires et salons
Tekst (19)
Texte (19)
HOOFDSTUK I. - Definities en toepassingsgebied Artikel 1. Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
CHAPITRE Ier. - Définitions et champ d'application Article 1er. Pour l'application du présent règlement, l'on entend par :
Art. 2. De bepalingen van dit reglement zijn van toepassing op de organisatoren van beurzen en salons.
  Indien de organisator van beurzen en salons volledig en op de gepaste wijze gebruik maakt van de procedures en tools die hem door een beroepsvereniging, opgesteld in onderling overleg met de Economische Inspectie ter beschikking worden gesteld, wordt hij vermoed te voldoen aan de verplichtingen opgenomen in de artikelen 7 tot en met 35 en 37 tot en met 46 van de wet.
Art. 2. Les dispositions du présent règlement sont applicables aux organisateurs de foires et salons.
  Si l'organisateur de foires et salons fait un usage complet et adéquat des procédures et outils mis à sa disposition par une association professionnelle de commun accord avec l'Inspection économique, il est présumé satisfaire aux obligations édictées aux articles 7 à 35 et 37 à 46 de la loi.
HOOFDSTUK II. - Waakzaamheidsverplichtingen
CHAPITRE II. - Obligations de vigilance
Afdeling I. - Tijdstip van de waakzaamheidsverplichtingen
Section Ire. - Moment des obligations de vigilance
Art. 3. Overeenkomstig de artikelen 30 en 34 van de wet neemt de organisator van beurzen en salons de maatregelen ter identificatie en verificatie van de identiteit van de cliënt en, in voorkomend geval, van zijn lasthebbers en uiteindelijke begunstigden, enerzijds, alsmede de maatregelen ter identificatie van de kenmerken van de cliënt en het doel en de aard van de zakelijke relatie of de voorgenomen occasionele verrichting, bedoeld in de artikelen 4 en 5, anderzijds, alvorens een overeenkomst te sluiten met zijn cliënt.
  Op voorwaarde dat de artikelen 42 tot en met 44 van de wet worden nageleefd, kan de organisator van beurzen en salons een andere organisator gebruiken als derde zaakaanbrenger.
  Overeenkomstig de artikelen 33, § 1, en 34, § 3, van de wet mag de organisator van beurzen en salons, wanneer hij deze waakzaamheidsmaatregelen ten aanzien van een cliënt niet kan nemen, of, in voorkomend geval, ten aanzien van een lasthebber of een uiteindelijke begunstigde, de beoogde overeenkomst met hem niet sluiten en hem niet toestaan kunstwerken of roerende goederen van meer dan vijftig jaar oud tentoon te stellen. Daarnaast overweegt de organisator van beurzen en salons of er een reden is om de CFI te informeren, overeenkomstig artikel 46 van de wet.
Art. 3. Conformément aux articles 30 et 34 de la loi, l'organisateur de foires et salons prend les mesures d'identification et de vérification de l'identité du client et, le cas échéant, de ses mandataires et bénéficiaires effectifs, d'une part, ainsi que les mesures d'identification des caractéristiques du client et de l'objet et la nature de la relation d'affaires ou de l'opération occasionnelle envisagée, figurant aux articles 4 et 5, d'autre part, avant de conclure un contrat avec son client.
  Pour autant que soient respectés les articles 42 à 44 de la loi, l'organisateur de foires et salons peut recourir à un autre organisateur comme tiers introducteurs.
  Conformément aux articles 33, § 1er, et 34, § 3, de la loi, lorsque l'organisateur de foires et salons n'arrive pas à prendre ces mesures de vigilance vis-à-vis d'un client ou, le cas échéant, d'un mandataire ou d'un bénéficiaire effectif, il ne peut conclure le contrat envisagé avec lui ni le laisser exposer des oeuvres d'art ou des biens meubles de plus de cinquante ans. En outre, l'organisateur de foires et salons examine s'il y a lieu d'en informer la CTIF, conformément à l'article 46 de la loi.
Afdeling II. - Risicofactoren
Section II. - Facteurs de risques
Art. 4. De te analyseren risicofactoren in toepassing van de artikelen 34, § 1, en 35, § 1, van de wet, zijn in het bijzonder de volgende:
  1° voor wat betreft cliënten - natuurlijke personen en rechtspersonen
  a) de cliënt, de lasthebber of een uiteindelijke begunstigde is gevestigd in een land vermeld in de door de Federale Overheidsdienst Financiën bijgehouden lijst van landen met een hoog risico (https://financien.belgium.be/nl/landen-met-een-hoog-risico);
  b) de cliënt, de lasthebber of een uiteindelijke begunstigde is notoir betrokken bij dubieuze verrichtingen;
  c) de identificatie gebeurde op afstand aan de hand van een kopie van een bewijsstuk maar zonder garanties, zoals elektronische handtekeningen;
  d) de cliënt, lasthebber of uiteindelijke begunstigde is een politiek prominent persoon of een familielid, zoals bepaald in artikel 4, 28° en 29°, van de wet;
  e) de cliënt vertoont ongebruikelijke kenmerken;
  f) de cliënt is duidelijk een stroman;
  2° voor wat betreft cliënten - rechtspersonen:
  a) de uiteindelijke begunstigden zijn personen van wie de geboorteplaats of datum of het adres, niet kon worden geïdentificeerd;
  b) de cliënt is een vennootschap waarvan een aanzienlijk deel van het kapitaal wordt vertegenwoordigd door aandelen aan toonder die gemakkelijk van eigenaar kunnen veranderen zonder dat de organisator van beurzen en salons daarvan op de hoogte is;
  c) de cliënt is een trust, een feitelijke vereniging of een andere juridische structuur waarvan een goede kennis een meer diepgaande analyse vereist, bijvoorbeeld een complexe of supranationale juridische structuur voor andere vennootschappen dan naamloze of vergelijkbare vennootschappen;
  d) de cliënt is een vennootschap in oprichting;
  e) de cliënt bestaat minder dan twaalf maanden;
  f) de zaakvoerder of de meerderheid van de bestuurders zijn minder dan twaalf maanden in functie;
  g) de zaakvoerders of de bestuurders wisselen regelmatig;
  h) de cliënt is een vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid, d.w.z. een maatschap, een vennootschap onder firma of een commanditaire vennootschap of een gelijkaardige buitenlandse vennootschap of een Limited;
  i) de lasthebber of vennoten zijn duidelijk stromannen (bijvoorbeeld duidelijk onbekwaam om een onderneming te beheren, spreken geen zakelijke taal, hun mandaat is beperkt tot het sluiten van de overeenkomst);
  j) de activiteit van de cliënt is niet duidelijk of komt niet overeen met de activiteit beschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen of in zijn statuten.
Art. 4. Les facteurs de risques à analyser en vertu des articles 34, § 1er, et 35, § 1er, de la loi, sont notamment les suivants :
  1° en ce qui concerne les clients personnes physiques et morales :
  a) le client, le mandataire ou un bénéficiaire effectif est établi dans un pays repris sur la liste de pays à haut risques, tenue par le Service public fédéral Finances (https://finances.belgium.be/fr/pays-hauts-risques) ;
  b) le client, le mandataire ou un bénéficiaire effectif est une personne notoirement impliquée dans des opérations douteuses ;
  c) l'identification a été opérée à distance sur la base d'une copie d'un document probant mais sans garantie telle qu'une signature électronique ;
  d) le client, mandataire ou bénéficiaire effectif est une personne politiquement exposée ou un membre de sa famille, visé à l'article 4, 28° et 29°, de la loi ;
  e) le client présente des caractéristiques inhabituelles ;
  f) le client est manifestement un homme de paille ;
  2° en ce qui concerne les clients personnes morales :
  a) les bénéficiaires effectifs sont des personnes pour lesquelles il n'a pas été possible d'identifier le lieu ou la date de naissance ou l'adresse ;
  b) le client est une société dont une part importante du capital est représentée par des actions au porteur susceptibles de changer aisément de propriétaire à l'insu de l'organisateur de foires et salons ;
  c) le client est un trust, une association de fait ou une autre structure juridique dont une bonne connaissance requiert une analyse plus approfondie, par exemple une structure juridique complexe ou transnationale pour des sociétés autres que des sociétés anonymes ou équivalentes ;
  d) le client est une société en formation ;
  e) le client existe depuis moins de douze mois ;
  f) le gérant ou la majorité des administrateurs sont en fonction depuis moins de douze mois ;
  g) les gérants ou les administrateurs changent fréquemment ;
  h) le client est une société à responsabilité illimitée, à savoir une société simple, une société en nom collectif ou une société en commandite ou une société étrangère similaire ou une Limited ;
  i) le mandataire ou des associés sont manifestement des hommes de paille (par exemple visiblement incompétents pour gérer une entreprise, ne parlent aucune langue d'affaires, ont un mandat limité à la conclusion du contrat) ;
  j) l'activité du client n'est pas claire ou ne correspond pas à l'activité décrite dans la Banque carrefour des entreprises ou dans ses statuts.
Afdeling III. - Factoren die het sluiten van een overeenkomst verhinderen
Section III. - Facteurs empêchant la conclusion d'un contrat
Art. 5. De factoren die het sluiten van een overeenkomst verhinderen zijn in het bijzonder de volgende:
  1° het is niet mogelijk de cliënt, zijn lasthebber of een uiteindelijke begunstigde te identificeren of hun identiteit te verifiëren op het in artikel 30 of 31 van de wet bepaalde tijdstip, overeenkomstig artikel 33, § 1, van de wet;
  2° het is niet mogelijk de in artikel 21 van de wet bedoelde kenmerken van de cliënt, zijn lasthebber of een uiteindelijke begunstigde te identificeren op het in artikel 30 of 31 van de wet bepaalde tijdstip, overeenkomstig artikel 34, § 3, van de wet;
  3° de cliënt of zijn lasthebber geeft aan of laat duidelijk blijken dat hij geen andere betaalmiddelen dan contanten wenst te gebruiken voor een bedrag hoger dan het door artikel 67 van de wet toegelaten bedrag;
  4° de cliënt, de lasthebber of een uiteindelijke begunstigde komt voor in de door de Federale Overheidsdienst Financiën bijgehouden lijst van de personen of entiteiten op wie bevriezingsmaatregelen van toepassing zijn.
Art. 5. Les facteurs empêchant la conclusion d'un contrat sont notamment les suivants :
  1° il n'est pas possible d'identifier ou de vérifier l'identité du client, de son mandataire ou d'un bénéficiaire effectif au moment déterminé à l'article 30 ou 31 de la loi, conformément à l'article 33, § 1er, de la loi ;
  2° il n'est pas possible d'identifier les caractéristiques du client, de son mandataire ou d'un bénéficiaire effectif, visées à l'article 21 de la loi, au moment déterminé à l'article 30 ou 31 de la loi, conformément à l'article 34, § 3, de la loi ;
  3° le client ou son mandataire indique ou laisse clairement apparaître qu'il ne souhaite pas utiliser d'autres moyens de paiement qu'un paiement en espèces au-delà du montant autorisé par l'article 67 de la loi ;
  4° le client, le mandataire ou un bénéficiaire effectif figure sur la liste de personnes et d'entités auxquelles s'appliquent des mesures de gel, tenue par le Service public fédéral Finances.
Afdeling IV. - Schriftelijk verslag en mededeling aan de CFI
Section IV. - Rapport écrit et communication à la CTIF
Art. 6. Overeenkomstig artikel 45 van de wet, stelt de organisator van beurzen en salons een schriftelijk verslag op over elke atypische verrichting of elk atypisch feit, in het bijzonder in aanwezigheid van de factoren bedoeld in artikel 4.
Art. 6. Conformément à l'article 45 de la loi, l'organisateur de foires et salons établit un rapport écrit sur toute opération ou tout fait atypique, notamment lorsqu'il présente les facteurs visés à l'article 4.
Art. 7. Indien het onderzoek van die atypische verrichtingen of feiten bovendien een vermoeden van witwassen van geld of financiering van terrorisme doet ontstaan, in het bijzonder in de gevallen bedoeld in artikel 4, brengt de organisator van beurzen en salons de CFI daarvan op de hoogte, overeenkomstig de artikelen 47 tot en met 51 van de wet.
Art. 7. En outre, si l'examen de ces opérations ou faits atypiques fait apparaître un soupçon de blanchiment de capitaux ou de financement du terrorisme, en particulier dans les cas visés à l'article 4, l'organisateur de foires et salons en informe la CTIF, conformément aux articles 47 à 51 de la loi.
HOOFDSTUK III. - Interne organisatie
CHAPITRE III. - Organisation interne
Afdeling I. - Bewaring van de documenten
Section Ire. - Conservation des documents
Art. 8. § 1. De organisator van beurzen en salons bewaart, op welke gegevensdrager ook, door derden leesbaar, gedurende tien jaar vanaf de volledige uitvoering van de overeenkomst of, in voorkomend geval, vanaf het einde van de zakelijke relatie:
  1° de identificatiegegevens van de cliënt en, in voorkomend geval, van zijn lasthebbers en van zijn uiteindelijke begunstigden;
  2° de gegevens betreffende de in artikel 34 van de wet bedoelde risicobeoordeling of het resultaat van die beoordeling indien deze werd uitgevoerd met behulp van het in artikel 2, tweede lid, bedoelde instrument.
  Hij bewaart ook, gedurende de periode bedoeld in het eerste lid:
  1° ofwel een kopie, op welke gegevensdrager ook, van de bewijsstukken die hebben gediend voor de verificatie van de identiteit van de cliënt en, in voorkomend geval, van zijn lasthebbers en van zijn uiteindelijke begunstigden, overeenkomstig de bepalingen van de hoofdstukken II en III;
  2° ofwel, overeenkomstig artikel 61 van de wet, een verwijzing aan de hand waarvan die documenten onmiddellijk kunnen worden voorgelegd, zoals een verwijzing naar het Belgisch Staatsblad of een andere officiële publicatie.
  § 2. Onverminderd andere bepalingen, met name artikel III.86 van het Wetboek van economisch recht, bewaart de organisator van beurzen en salons gedurende een periode van tien jaar vanaf de volledige uitvoering van een overeenkomst, op welke informatiedrager ook, een kopie van de volgende stukken:
  1° een kopie van de overeenkomst en van de eventuele aanhangsels;
  2° het schriftelijk verslag over de atypische verrichtingen of feiten, met daarin met name de risicofactoren en de factoren die het sluiten van een overeenkomst verhinderen, zoals bedoeld in de artikelen 4 en 5.
Art. 8. § 1er. L'organisateur de foires et salons conserve sur quelque support que ce soit, lisible par les tiers, pendant dix ans à dater de l'exécution complète d'un contrat ou, le cas échéant, de la fin de la relation d'affaires :
  1° les données relatives à l'identification du client et, le cas échéant, de ses mandataires et de ses bénéficiaires effectifs ;
  2° les données relatives à l'évaluation des risques, prévue à l'article 34 de la loi ou le résultat de cette évaluation si elle a été effectuée au moyen de l'outil visé à l'article 2, alinéa 2.
  Il conserve également, pendant la période prévue à l'alinéa 1er:
  1° soit une copie, sur quelque support que ce soit, des documents probants ayant servi à la vérification de l'identité du client et, le cas échéant, de ses mandataires et de ses bénéficiaires effectifs conformément aux dispositions des chapitres II et III ;
  2° soit, conformément à l'article 61 de la loi, une référence permettant de produire immédiatement ces documents, telle qu'une référence au Moniteur belge ou à une autre publication officielle.
  § 2. Sans préjudice d'autres dispositions, notamment l'article III.86 du Code de droit économique, l'organisateur de foires et salons conserve pendant une période de dix ans à partir de l'exécution complète d'un contrat, une copie sur quelque support que ce soit, des pièces suivantes :
  1° une copie du contrat et des avenants éventuels ;
  2° le rapport écrit sur les opérations ou faits atypiques, reprenant notamment les facteurs de risque et les facteurs empêchant la conclusion d'un contrat, visés aux articles 4 et 5.
Afdeling II. - Opleiding en sensibilisering van de werknemers
Section II. - Formation et sensibilisation des employés
Art. 9. De organisator van beurzen en salons neemt passende maatregelen om zijn werknemers en zijn vertegenwoordigers vertrouwd te maken met de bepalingen van de wet en van dit reglement.
  Deze maatregelen houden in dat de werknemers en vertegenwoordigers informatie ontvangen die hen in staat stelt om de verrichtingen en de feiten te onderkennen die verband kunnen houden met het witwassen van geld of met financiering van terrorisme, en om hen te leren hoe in dergelijke gevallen moet worden gehandeld.
  De informatieverstrekking zoals bedoeld in het eerste lid richt zich in het bijzonder tot de werknemers en vertegenwoordigers die daadwerkelijk in aanraking komen met cliënten in een verband waarin er vragen over het witwassen van geld en de financiering van terrorisme kunnen worden gesteld.
Art. 9. L'organisateur de foires et salons prend les mesures appropriées pour sensibiliser ses travailleurs et ses représentants aux dispositions de la loi et du présent règlement.
  Ces mesures comprennent l'information des travailleurs et des représentants afin de leur permettre de reconnaître les opérations et les faits qui peuvent être liés au blanchiment de capitaux ou au financement du terrorisme et afin de les instruire sur la manière de procéder en pareil cas.
  La fourniture d'informations telle que visée à l'alinéa 1er, s'adresse spécialement aux travailleurs et représentants qui entrent effectivement en contact avec des clients dans un cadre susceptible de poser des questions sur le blanchiment de capitaux et le financement du terrorisme.
Afdeling III. - Aanwijzing van antiwitwasverantwoordelijken
Section III. - Désignation des responsables anti-blanchiment
Art. 10. § 1. De organisator van beurzen en salons die een rechtspersoon is, wijst een antiwitwasverantwoordelijke aan overeenkomstig artikel 9, § 1, van de wet.
  § 2. Elke organisator van beurzen en salons, natuurlijk persoon of rechtspersoon, wijst ten minste één operationeel verantwoordelijke aan overeenkomstig artikel 9, § 2, van de wet.
  Deze functie kan worden uitgeoefend door de persoon bedoeld in paragraaf 1.
  § 3. De operationeel verantwoordelijken, bedoeld in paragraaf 2, beschikken binnen de onderneming over de betrouwbaarheid, de beroepservaring, het hiërarchische niveau en de bevoegdheden die nodig zijn om die functie effectief en autonoom te kunnen uitoefenen.
  § 4. De operationeel verantwoordelijken zien toe op de tenuitvoerlegging van:
  1° de procedures voor interne controle, informatieverstrekking en -centralisatie om verrichtingen die verband houden met het witwassen van geld en de financiering van terrorisme te voorkomen, op te sporen en te verhinderen;
  2° de interne opleiding zoals bedoeld in artikel 9;
  3° het opstellen of het superviseren van het schriftelijk verslag over de atypische verrichtingen zoals bedoeld in artikel 6;
  4° het doorgeven van de inlichtingen aan de CFI en het verwerken van informatie afkomstig van de CFI.
  Gezien om te worden gevoegd bij Ons besluit van 19 april 2023 tot goedkeuring van het reglement ter uitvoering van de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten, aangaande organisatoren van beurzen en salons.
Art. 10. § 1er. L'organisateur de foires et salons qui est une personne morale désigne un responsable anti-blanchiment, conformément à l'article 9, § 1er, de la loi.
  § 2. Tout organisateur de foires et salons, personne physique ou morale, désigne au moins un responsable opérationnel, conformément à l'article 9, § 2, de la loi.
  Cette fonction peut être exercée par la personne visée au paragraphe 1er.
  § 3. Les responsables opérationnels, visés au paragraphe 2, disposent au sein de l'entreprise de l'honorabilité et de l'expérience professionnelle, du niveau hiérarchique et des pouvoirs qui sont nécessaires à l'exercice effectif et autonome de ces fonctions.
  § 4. Les responsables opérationnels veillent à la mise en oeuvre :
  1° des procédures de contrôle interne, de la fourniture et de la centralisation des informations afin de prévenir, de détecter et d'empêcher des opérations ayant trait au blanchiment de capitaux et au financement du terrorisme ;
  2° de la formation interne, visée à l'article 9 ;
  3° de la rédaction ou de la supervision du rapport écrit sur les opérations atypiques, visé à l'article 6 ;
  4° de la transmission des informations à la CTIF, et du traitement de l'information qui en provient.
  Vu pour être annexé à Notre arrêté du 19 avril 2023 portant approbation du règlement pris en exécution de la loi du 18 septembre 2017 relative à la prévention du blanchiment de capitaux et du financement du terrorisme et à la limitation de l'utilisation des espèces, concernant les organisateurs de foires et salons.