Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
8 DECEMBER 2023. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van diverse besluiten betreffende het woonbeleid
Titre
8 DECEMBRE 2023. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant diverses dispositions relatives à la politique du logement
Informations sur le document
Numac: 2023048435
Datum: 2023-12-08
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2023048435
Date: 2023-12-08
Moniteur: Voir
Table des matières
Table des matières
Tekst (40)
Texte (40)
Artikel 1. In artikel 2.7, 5°, e), van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 november 2022, wordt de zinsnede "boek 4, deel 1, titel 2, hoofdstuk 2, afdeling 1," vervangen door de zinsnede "boek 2, deel 3, titel 1".
Article 1er. Dans l'article 2.7, 5°, e), de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 novembre 2022, le membre de phrase " livre 4, partie 1, titre 2, chapitre 2, section 1re, " est remplacé par le membre de phrase " livre 2, partie 3, titre 1er ".
Art. 2. In artikel 5.191 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 februari 2022, wordt paragraaf 5 vervangen door wat volgt:
  " § 5. Als de tegemoetkoming die overeenkomstig dit hoofdstuk wordt verleend betrekking heeft op werkzaamheden, vermeld in artikel 5.189, § 2, die worden uitgevoerd aan de gemeenschappelijke delen in een appartementsgebouw, dient eerst de vereniging van mede-eigenaars de aanvraag in bij het unieke loket. De vereniging van mede-eigenaars voegt alle facturen bij de aanvraag die betrekking hebben op de werkzaamheden, vermeld in artikel 5.189, § 2, die worden uitgevoerd aan de gemeenschappelijke delen en die niet dateren van meer dan twee jaar voor de aanvraagdatum, noch van na de aanvraagdatum van de aanvraag van de vereniging van mede-eigenaars.
  Als er voor het appartementsgebouw geen vereniging van mede-eigenaars werd opgericht, wordt de aanvraag, vermeld in het eerste lid, ingediend door één individuele investeerder, vermeld in artikel 1.1.1, § 2, 55/1° van het Energiebesluit van 19 november 2010, samen met het schriftelijk akkoord van alle eigenaars van het appartementsgebouw.
  Na ontvangst van de aanvraag, vermeld in het eerste lid, meldt het unieke loket aan de vereniging van mede-eigenaars of aan de investeerder, vermeld in het tweede lid, dat de aanvrager voor de werkzaamheden, vermeld in het eerste lid, een aanvraag kan indienen volgens dit hoofdstuk. De aanvrager kan uiterlijk twee jaar na de datum van deze melding een aanvraag indienen bij het unieke loket voor de werkzaamheden aan de gemeenschappelijke delen in een appartementsgebouw waar de premiewoning deel van uitmaakt. Deze aanvraag zal gekoppeld worden aan de aanvraag, vermeld in het eerste lid. In afwijking van paragraaf 1, zal de tegemoetkoming die wordt toegekend aan de aanvrager, voor de werkzaamheden, vermeld in het eerste lid, die worden uitgevoerd aan de gemeenschappelijke delen, berekend worden op basis van de in aanmerking genomen facturen, gevoegd bij de aanvraag, vermeld in het eerste lid. De tegemoetkoming die wordt toegekend aan de aanvrager, wordt beperkt overeenkomstig het proportionele aandeel dat de premiewoning heeft in de gemeenschappelijke delen van het appartementsgebouw. Artikel 5.189, § 6, tweede lid is van overeenkomstige toepassing op het proportioneel in aanmerking genomen investeringsbedrag. De tegemoetkoming wordt vervolgens verminderd met het proportionele aandeel voor die premiewoning in de gemeenschappelijke delen van het appartementsgebouw, in de premies, vermeld in artikel 6.4.1/1 van het Energiebesluit van 19 november 2010, voor die betreffende werkzaamheden aan de gemeenschappelijke delen, die overeenkomstig artikel 6.4.1/2, 1°, van het Energiebesluit van 19 november 2010, werden toegekend aan de vereniging van mede-eigenaars of de investeerder, vermeld in het tweede lid. De minister bepaalt welk bewijsstuk de aanvrager moet voorleggen om het aandeel van de premiewoning in de gemeenschappelijke delen van het appartementsgebouw te kunnen bepalen.".
Art. 2. Dans l'article 5.191 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 février 2022, le paragraphe 5 est remplacé par ce qui suit :
  " § 5. Si l'intervention accordée conformément au présent chapitre concerne des travaux visés à l'article 5.189, § 2, qui sont réalisés aux parties communes d'un immeuble à appartements, l'association des copropriétaires introduit tout d'abord la demande auprès du guichet unique. L'association des copropriétaires joint toutes les factures à la demande qui concernent les travaux visés à l'article 5.189, § 2, réalisés aux parties communes et qui ne sont pas antérieurs de plus de deux ans à la date de la demande, ni postérieurs à la date de la demande de l'association des copropriétaires.
  Si aucune association des copropriétaires n'a été constituée pour l'immeuble à appartements, la demande visée à l'alinéa 1er est introduite par un investisseur individuel, visé à l'article 1.1.1, § 2, 55/1°, de l'arrêté relatif à l'énergie du 19 novembre 2010, conjointement avec l'accord écrit de tous les propriétaires de l'immeuble à appartements.
  Après réception de la demande visée à l'alinéa 1er, le guichet unique notifie à l'association des copropriétaires ou à l'investisseur visé à l'alinéa 2, que le demandeur peut introduire une demande pour les travaux visés à l'alinéa 1er au titre du présent chapitre. Au plus tard deux ans après la date de cette notification, le demandeur peut introduire une demande auprès du guichet unique pour les travaux aux parties communes d'un immeuble à appartements dont le logement subventionné fait partie. Cette demande sera liée à la demande visée à l'alinéa 1er. Par dérogation au paragraphe 1er, l'intervention octroyée au demandeur pour les travaux visés à l'alinéa 1er, qui sont réalisés aux parties communes sera calculée sur la base des factures prises en considération, jointes à la demande visée à l'alinéa 1er. L'intervention octroyée au demandeur est limitée selon la part proportionnelle du logement subventionné dans les parties communes de l'immeuble à appartements. L'article 5.189, § 6, alinéa 2, s'applique mutatis mutandis au montant d'investissement proportionnellement pris en compte. L'intervention est ensuite diminuée de la part proportionnelle pour ce logement subventionné dans les parties communes de l'immeuble à appartements dans les primes visées à l'article 6.4.1/1 de l'arrêté relatif à l'énergie du 19 novembre 2010 pour ces travaux en question aux parties communes, qui ont été octroyées à l'association des copropriétaires ou à l'investisseur visé à l'alinéa 2, conformément à l'article 6.4.1/2, 1° de l'arrêté relatif à l'énergie du 19 novembre 2010. Le ministre détermine les pièces justificatives que le demandeur doit présenter pour pouvoir établir la quote-part du logement subventionné dans les parties communes de l'immeuble à appartements. ".
Art. 3. In artikel 2.32, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 2, eerste lid, worden tussen de woorden "van het project" en het woord "akkoord" de woorden "bij gewone meerderheid" ingevoegd;
  2° in paragraaf 2, tweede lid, 2°, worden tussen de woorden "van het project" en het woord "akkoord" de woorden "bij gewone meerderheid" ingevoegd;
  3° paragraaf 3 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 3. Als twee of meer samengevoegde gemeenten deelnemen aan verschillende projecten waaraan een subsidie wordt verleend met toepassing van dit deel, beslissen de samengevoegde gemeenten uiterlijk twee maanden voor de samenvoegingsdatum samen uit welk project ze treden en tot welk project ze toetreden. De nieuwe gemeente neemt vanaf de samenvoegingsdatum deel aan het project waartoe de samengevoegde gemeenten hebben beslist toe te treden op voorwaarde dat:
  1° de andere deelnemende gemeenten van het project waartoe de nieuwe gemeente zal toetreden, bij gewone meerderheid akkoord gaan met de toetreding;
  2° de andere deelnemende gemeenten van het project waaruit de nieuwe gemeente zal uittreden, bij gewone meerderheid akkoord gaan met de uittreding.
  In afwijking van het eerste lid kunnen de samengevoegde gemeenten uiterlijk twee maanden voor de samenvoegingsdatum samen beslissen om uit de verschillende projecten, vermeld in het eerste lid, te treden, op voorwaarde dat de andere deelnemende gemeenten van het project bij gewone meerderheid akkoord gaan met de uittreding van de nieuwe gemeente.
  Als de samengevoegde gemeenten niet tot overeenstemming komen, worden ze geacht samen te hebben beslist om uit de verschillende projecten te treden."
  4° paragraaf 4 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 4. In elk van de gevallen, vermeld in paragraaf 2 en 3, wordt het subsidiebedrag vanaf de samenvoegingsdatum tot de einddatum van de subsidiëringsperiode herberekend als volgt:
  1° als de nieuwe gemeente deelneemt aan het project, wordt het subsidiebedrag herberekend overeenkomstig artikel 2.19, tenzij de toepassing van artikel 2.19, § 2, zou leiden tot een vermindering van het aantal subsidiepunten. In dat geval wordt het aantal subsidiepunten van 2024 behouden;
  2° als de nieuwe gemeente niet deelneemt aan het IGS-project, wordt het subsidiebedrag herberekend overeenkomstig artikel 2.19, maar in afwijking van artikel 2.19, § 2, wordt het aantal subsidiepunten van 2024 behouden en wordt het totaal subsidiebedrag voor de verplichte en aanvullende activiteiten verminderd met het aandeel van de uittredende samengevoegde gemeente of gemeenten in het subsidiebedrag voor de verplichte activiteiten. Als het zo bekomen totaal subsidiebedrag lager is dan het resultaat volgens de berekening conform artikel 2.19, wordt het subsidiebedrag herberekend overeenkomstig artikel 2.19.";
  5° er worden een paragraaf 5 tot en met 8 toegevoegd, die luiden als volgt:
  " § 5. Als een project waaraan een subsidie wordt verleend met toepassing van dit deel, als gevolg van een samenvoeging van gemeenten niet meer voldoet aan de voorwaarde van een werkingsgebied met minstens twee gemeenten, vermeld in artikel 2.11, eerste lid, wordt de subsidiëringsperiode automatisch stopgezet op de dag voor de samenvoegingsdatum.
  § 6. De beslissingen van de samengevoegde gemeenten geven uitsluitsel over de deelname van de nieuwe gemeente vanaf de samenvoegingsdatum aan het project en over de aanvullende activiteiten die de nieuwe gemeente vanaf de samenvoegingsdatum zal uitvoeren. Aan de aanvullende activiteiten die de samengevoegde gemeenten in 2024 uitvoeren, kunnen geen extra aanvullende activiteiten toegevoegd worden.
  De beslissingen van de samengevoegde gemeenten en de akkoorden van de andere deelnemende gemeenten moeten blijken uit de besluiten van het college van burgemeester en schepenen van de gemeenten.
  § 7. De initiatiefnemers van de betreffende projecten bezorgen een aanvraagdossier voor 2025 met de besluiten van het college van burgemeester en schepenen, vermeld in paragraaf 6, tweede lid, uiterlijk op 30 november 2024 via e-mail aan het agentschap op het e-mailadres lokalebesturen.woonbeleid@vlaanderen.be. Het agentschap bevestigt de ontvangst van de aanvraagdossiers.
  § 8. Het agentschap legt zijn advies over de aanvraagdossiers, inclusief een herberekening van de subsidiebedragen, voor aan de minister. De minister neemt uiterlijk in januari 2025 een beslissing over de aanvraagdossiers. Het agentschap brengt de initiatiefnemer op de hoogte van de beslissing van de minister.".
Art. 3. A l'article 2.32 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 2, alinéa 1er, les mots " à la majorité simple des voix " sont insérés entre les mots " soient d'accord " et les mots " avec l'affiliation " ;
  2° dans le paragraphe 2, alinéa 2, les mots " à la majorité simple des voix " sont insérés entre le mot " acceptent " et les mots " le retrait " ;
  3° le paragraphe 3 est remplacé par ce qui suit :
  " § 3. Si deux ou plusieurs communes fusionnées participent à plusieurs projets auxquels une subvention est accordée en application de la présente partie, les communes fusionnées décident conjointement, au plus tard deux mois avant la date de la fusion, des projets dont elles se retirent et des projets auxquels elles s'affilient. La nouvelle commune participe au projet auquel les communes fusionnées ont décidé de s'affilier à partir de la date de la fusion, à condition que :
  1° les autres communes participant au projet auquel la nouvelle commune s'affilie, soient d'accord à la majorité simple des voix avec l'affiliation ;
  2° les autres communes participant au projet duquel la nouvelle commune se retire, soient d'accord à la majorité simple des voix avec le retrait.
  Par dérogation à l'alinéa 1er, les communes fusionnées peuvent décider conjointement, au plus tard deux mois avant la date de la fusion, de se retirer des différents projets visés à l'alinéa 1er, à condition que les autres communes participant au projet soient d'accord à la majorité simple des voix avec le retrait de la nouvelle commune.
  Si les communes fusionnées ne parviennent pas à un accord, elles sont censées avoir décidé conjointement de se retirer des différents projets. "
  4° le paragraphe 4 est remplacé par ce qui suit :
  " § 4. Dans chacun des cas visés aux paragraphes 2 et 3, le montant de subvention est recalculé comme suit, à partir de la date de la fusion jusqu'à la date de fin de la période de subvention :
  1° si la nouvelle commune participe au projet, le montant de subvention est recalculé conformément à l'article 2.19, à moins que l'application de l'article 2.19, § 2, ne conduise à une réduction du nombre de points de subvention. Dans ce cas, le nombre de points de subvention de 2024 est maintenu ;
  2° si la nouvelle commune ne participe pas au projet IGS, le montant de subvention est recalculé conformément à l'article 2.19, mais par dérogation à l'article 2.19, § 2, le nombre de points de subvention de 2024 est maintenu et le montant total de subvention pour les activités obligatoires et complémentaires est diminué de la part de la commune ou des communes fusionnées sortant dans le montant de subvention pour les activités obligatoires. Si le montant total de subvention ainsi obtenu est inférieur au résultat selon le calcul conformément à l'article 2.19, le montant de subvention est recalculé conformément à l'article 2.19. " ;
  5° il est ajouté des paragraphes 5 à 8, rédigés comme suit :
  " § 5. Si un projet auquel une subvention est accordée en application de la présente partie ne répond plus à la condition d'une zone d'action d'au moins deux communes, visée à l'article 2.11, alinéa 1er, suite à une fusion de communes, la période de subventionnement est arrêtée automatiquement le jour précédant la date de la fusion.
  § 6. Les décisions des communes fusionnées renseignent sur la participation de la nouvelle commune au projet à partir de la date de fusion et sur les activités complémentaires que la nouvelle commune effectuera à partir de la date de fusion. Aucune activité complémentaire additionnelle ne peut être ajoutée aux activités complémentaires que les communes fusionnées effectuent en 2024.
  Les décisions des communes fusionnées et les accords des autres communes participantes devront ressortir des arrêtés du collège des bourgmestre et échevins des communes.
  § 7. Les initiateurs des projets concernés transmettent un dossier de demande pour 2025 avec les arrêtés du collège des bourgmestre et échevins, visés au paragraphe 6, alinéa 2, au plus tard le 30 novembre 2024 par e-mail à l'agence, à l'adresse e-mail lokalebesturen.woonbeleid@vlaanderen.be. L'agence accuse réception des dossiers de demande.
  § 8. L'agence soumet son avis sur les dossiers de demande, y compris un recalcul des montants de subvention, au ministre. Le ministre prend une décision sur les dossiers de demande au plus tard en janvier 2025. L'agence informe l'initiateur de la décision du ministre. ".
Art. 4. In artikel 3.2, § 3, vierde lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023, wordt de zinsnede "van het hoger onderwijs, die daar lessen volgt en voor wie dat zijn hoofdbezigheid vormt, of de schoolverlater van het hoger onderwijs die de beroepsinschakelingstijd doorloopt met toepassing van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering" vervangen door de woorden "die voltijds onderwijs aanbiedt".
Art. 4. Dans l'article 3.2, § 3, alinéa 4, du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023, le membre de phrase " d'enseignement supérieur, dont elle suit les cours comme activité principale ou le sortant de l'enseignement supérieur soumis au stage d'insertion de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 portant réglementation du chômage " est remplacé par les mots " offrant l'enseignement à temps plein ".
Art. 5. Artikel 3.3 van hetzelfde besluit, opgeheven door het decreet van 21 april 2023, wordt opnieuw opgenomen in de volgende lezing:
  "Art. 3.3. De termijn van zestig dagen, vermeld in artikel 3.2, derde lid, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, neemt een aanvang vanaf de datum van de ontvangstmelding die het agentschap aan de gemeenteraad bezorgt nadat het de definitieve ontwerptekst van de verordening, vermeld in artikel 3.2, eerste lid, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, heeft ontvangen.".
Art. 5. L'article 3.3 du même arrêté, abrogé par le décret du 21 avril 2023, est rétabli dans la rédaction suivante :
  " Art. 3.3. Le délai de soixante jours, visé à l'article 3.2, alinéa 3, du Code flamand du Logement de 2021, prend cours à partir de la date de l'accusé de réception transmis par l'agence au conseil communal après avoir reçu le projet de texte définitif de l'ordonnance, visée à l'article 3.2, alinéa 1er, du Code flamand du Logement de 2021. ".
Art. 6. Aan artikel 3.4, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 10 december 2021 en 14 oktober 2022, wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De vergoeding, vermeld in artikel 3.3/1, eerste lid, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, bedraagt maximaal 200 euro per onderzochte woning en is in ieder geval beperkt tot de werkelijke kosten. Dat bedrag wordt jaarlijks op 1 januari aangepast en voor de eerste maal op 1 januari 2025 volgens de volgende formule: nieuw bedrag = basisbedrag x aangepaste gezondheidsindex/gezondheidsindex van november 2023 (basisjaar 2013).".
Art. 6. L'article 3.4 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 10 décembre 2021 et 14 octobre 2022, est complété par un alinéa 4, rédigé comme suit :
  " L'indemnité, visée à l'article 3.3/1, alinéa 1er, du Code flamand du Logement de 2021, s'élève au maximum à 200 euros par logement examiné et est en tout cas limitée aux frais réels. Ce montant est adapté annuellement au 1er janvier et pour la première fois le 1er janvier 2025, selon la formule suivante : nouveau montant = montant de base x indice santé adapté/indice santé de novembre 2023 (année de base 2013). ".
Art. 7. Aan artikel 3.6, § 1, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de woorden "of via een beveiligd webformulier dat de gemeente hiervoor ter beschikking kan stellen en dat een automatische ontvangstbevestiging aflevert" toegevoegd.
Art. 7. L'article 3.6, § 1er, alinéa 1er, du même arrêté, est complété par les mots " ou au moyen d'un formulaire web sécurisé que la commune peut mettre à disposition à cette fin et qui délivre un accusé de réception automatique ".
Art. 8. In artikel 3.7, § 1, van hetzelfde besluit wordt het derde lid opgeheven.
Art. 8. Dans l'article 3.7, § 1er, du même arrêté, l'alinéa 3 est abrogé.
Art. 9. In artikel 3.8, van hetzelfde besluit wordt tussen de zinsnede "2021" en de zinsnede ".", de zinsnede ", met dien verstande dat de aanvraag met een beveiligde zending wordt ingediend bij de gewestelijk ambtenaar of via een beveiligd webformulier dat het agentschap hiervoor ter beschikking stelt en dat een automatisch ontvangstbevestiging aflevert" ingevoegd.
Art. 9. Dans l'article 3.8 du même arrêté, le membre de phrase " , étant entendu que la demande est introduite auprès du fonctionnaire régional par envoi sécurisé ou au moyen d'un formulaire web sécurisé que l'agence met à disposition à cet effet et qui délivre un accusé de réception automatique " est inséré entre le membre de phrase " 2021 " et le membre de phrase " . ".
Art. 10. Artikel 3.9 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 oktober 2022, wordt opgeheven.
Art. 10. L'article 3.9 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 octobre 2022, est abrogé.
Art. 11. Aan artikel 3.12, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt de zinsnede "of via een beveiligd webformulier dat de gemeente, waar de woning ligt, hiervoor ter beschikking kan stellen en dat een automatische ontvangstbevestiging aflevert" toegevoegd.
Art. 11. L'article 3.12, alinéa 1er, du même arrêté, est complété par le membre de phrase " ou au moyen d'un formulaire web sécurisé que la commune où se situe le logement, peut mettre à disposition à cette fin et qui délivre un accusé de réception automatique ".
Art. 12. Artikel 3.19 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021, wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 3.19. Een gemeente kan de vrijstelling van de verplichting om het advies van de gewestelijk ambtenaar te vragen, vermeld in artikel 3.12, § 1, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, verkrijgen en behouden, als ze voldoet aan al de volgende voorwaarden:
  1° VLOK gebruiken, ten minste voor de volgende doeleinden:
  a) om de resultaten van conformiteitsonderzoeken te verwerken;
  b) om gegevens uit te wisselen met het Vlaamse Gewest;
  2° bij verzoeken om een woning ongeschikt of onbewoonbaar te verklaren:
  a) de verzoeken registreren in VLOK;
  b) de verzoekers een ontvangstbewijs bezorgen en hen informeren over hun rechten;
  3° de conformiteitsonderzoeken in de gemeente laten uitvoeren door een erkende woningcontroleur, vermeld in artikel 3.48;
  4° de burgemeester neemt, rekening houdende met de beslissingstermijn, vermeld in artikel 3.13, tweede lid van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, een beslissing over elk verzoek als vermeld in artikel 3.12, § 1, van de voormelde codex;
  5° op eenvoudig verzoek binnen acht dagen het dossier of delen ervan ter beschikking stellen van het agentschap met het oog op de behandeling van het beroep, vermeld in artikel 3.14 en 3.15, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
  De minister verleent de vrijstelling, vermeld in het eerste lid, als voldaan is aan de voorwaarden, vermeld in het eerste lid, en meldt de aanvangsdatum van de vrijstelling in de beslissing.".
Art. 12. L'article 3.19 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021, est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 3.19. Une commune peut obtenir et maintenir l'exemption de l'obligation de demander l'avis du fonctionnaire régional, visée à l'article 3.12, § 1er, du Code flamand du Logement de 2021, si elle répond à toutes les conditions suivantes :
  1° utiliser VLOK, au moins aux fins suivantes :
  a) pour traiter les résultats des enquêtes de conformité ;
  b) pour échanger des données avec la Région flamande ;
  2° lors de demandes visant à faire déclarer un logement inadéquat ou inhabitable :
  a) enregistrer les demandes dans VLOK ;
  b) remettre un accusé de réception aux demandeurs et les informer de leurs droits ;
  3° faire effectuer les enquêtes de conformité dans la commune par un contrôleur d'habitations reconnu, visé à l'article 3.48 ;
  4° le bourgmestre prend une décision relative à chaque requête, visée à l'article 3.12, § 1er, du code précité, tout en respectant le délai de décision visé à l'article 3.13, alinéa 2, du Code flamand du Logement de 2021 ;
  5° mettre à disposition de l'agence, sur simple demande et dans les huit jours, l'ensemble ou une partie du dossier en vue du traitement du recours, visé aux articles 3.14 et 3.15 du Code flamand du Logement de 2021.
  Le ministre accorde l'exemption visée à l'alinéa 1er, si les conditions visées à l'alinéa 1er sont remplies, et mentionne la date de début de l'exemption dans la décision. ".
Art. 13. Artikel 3.20 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021, wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 3.20. De minister kan de vrijstelling, vermeld in artikel 3.19, eerste lid, intrekken of opschorten voor een periode die de minister bepaalt als niet langer wordt voldaan aan de voorwaarden, vermeld in artikel 3.19, eerste lid.
  De minister kan de vrijstelling na de intrekking opnieuw verlenen of de opschorting opheffen als de minister vaststelt dat opnieuw voldaan is aan de voorwaarden, vermeld in artikel 3.19, eerste lid.".
Art. 13. L'article 3.20 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021, est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 3.20. Le ministre peut retirer ou suspendre l'exemption visée à l'article 3.19, alinéa 1er, pour une période déterminée par le ministre si les conditions visées à l'article 3.19, alinéa 1er, ne sont plus remplies.
  Le ministre peut accorder à nouveau l'exemption après le retrait, ou abroger la suspension lorsqu'il constate que les conditions visées à l'article 3.19, alinéa 1er, sont à nouveau remplies. ".
Art. 14. In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 8 september 2023, worden de volgende artikelen opgeheven:
  1° artikel 3.21 en artikel 3.22;
  2° artikel 3.23, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 10 december 2021 en 17 december 2021;
  3° artikel 3.24, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021;
  4° artikel 3.25.
Art. 14. Dans le même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 8 septembre 2023, les articles suivants sont abrogés :
  1° les articles 3.21 et 3.22 ;
  2° l'article 3.23, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 10 décembre 2021 et 17 décembre 2021 ;
  3° l'article 3.24, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021 ;
  4° l'article 3.25.
Art. 15. Aan artikel 3.30, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt de zinsnede "of via een beveiligd webformulier dat de gemeente, waar de woning ligt, hiervoor ter beschikking kan stellen en dat een automatische ontvangstbevestiging aflevert" toegevoegd.
Art. 15. L'article 3.30, alinéa 1er, du même arrêté, est complété par le membre de phrase " ou au moyen d'un formulaire web sécurisé que la commune où se situe le logement, peut mettre à disposition à cette fin et qui délivre un accusé de réception automatique ".
Art. 16. In artikel 3.31, § 2, van hetzelfde besluit wordt het tweede lid opgeheven.
Art. 16. Dans l'article 3.31, § 2, du même arrêté, l'alinéa 2 est abrogé.
Art. 17. Artikel 3.36 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021, wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 3.36. De vrijstelling die is verleend overeenkomstig artikel 3.19, omvat ook de vrijstelling tot het advies van de gewestelijk ambtenaar over de overbewoondverklaring, vermeld in artikel 3.29 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.".
Art. 17. L'article 3.36 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021, est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 3.36. L'exemption accordée conformément à l'article 3.19 comprend également l'exemption de l'avis du fonctionnaire régional sur la déclaration de suroccupation, visée à l'article 3.29 du Code flamand du Logement de 2021. ".
Art. 18. In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 8 september 2023, worden de volgende artikelen opgeheven:
  1° artikel 3.37, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021;
  2° artikel 3.38 en 3.39;
  3° artikel 3.40, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 10 december 2021 en 17 december 2021;
  4° artikel 3.41, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021;
  5° artikel 3.42.
Art. 18. Dans le même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 8 septembre 2023, les articles suivants sont abrogés :
  1° l'article 3.37, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021 ;
  2° les articles 3.38 et 3.39 ;
  3° l'article 3.40, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 10 décembre 2021 et 17 décembre 2021 ;
  4° l'article 3.41, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021 ;
  5° l'article 3.42.
Art. 19. In artikel 3.46, eerste lid, 7°, van hetzelfde besluit worden de woorden "Vlaamse Wooncode" vervangen door de woorden "Vlaamse Codex Wonen van 2021".
Art. 19. Dans l'article 3.46, alinéa 1er, 7°, du même arrêté, les mots " Code flamand du Logement " sont remplacés par le membre de phrase " Code flamand du Logement de 2021 ".
Art. 20. In artikel 3.50, 2°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021, wordt de zinsnede "26 november 2020" vervangen door de zinsnede "14 augustus 2023".
Art. 20. A l'article 3.50, 2°, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021, le membre de phrase " 26 novembre 2020 " est remplacé par le membre de phrase " 14 août 2023 ".
Art. 21. In artikel 3.57 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° aan punt 2° worden een punt e) tot en met g) ingevoegd, die luiden als volgt:
  "e) tewerkstellingsgegevens: de vermelding van de naam en het adres van de werkgever die de woningcontroleur tewerkstelt, de datum van indiensttreding, de vermelding van de stopzetting van de tewerkstelling en de datum ervan. Die gegevens worden bewaard zolang de woningcontroleur in VLOK geregistreerd is;
  f) gegevens over de opleiding: de beroepskwalificatie en het bewijs van het volgen van de opleidingen, vermeld in artikel 3.50, 3°, en artikel 3.54, § 1 en § 3, tweede lid;
  g) evaluatie van werkzaamheden: alle gegevens die zijn verzameld naar aanleiding van de toepassing van de bepalingen van titel 3 van dit deel.";
  2° er wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, punt 2°, waarvoor geen bewaartermijn is vermeld, blijven bewaard tot vijf jaar na de definitieve beëindiging van de registratie als woningcontroleur in VLOK, vermeld in artikel 3.54, § 6, en artikel 3.55.".
Art. 21. A l'article 3.57 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le point 2° est complété par des points e) à g), rédigés comme suit :
  " e) données relatives à l'emploi : la mention du nom et de l'adresse de l'employeur qui emploi le contrôleur d'habitations, de la date d'entrée en service, et la mention de la cessation de l'emploi et de la date de cessation. Ces données sont conservées tant que le contrôleur d'habitations est enregistré dans VLOK ;
  f) données relatives à la formation : la qualification professionnelle et la preuve de suivre les formations, visées à l'article 3.50, 3°, et à l'article 3.54, § 1er et § 3, alinéa 2 ;
  g) évaluation de travaux : toutes les données collectées à l'occasion de l'application des dispositions du titre 3 de la présente partie. " ;
  2° il est ajouté un alinéa 2, rédigé comme suit :
  " Les données à caractère personnel visées à l'alinéa 1er, point 2°, pour lesquelles aucun délai de conservation n'est mentionné, sont conservées jusqu'à cinq ans après l'annulation définitive de l'enregistrement comme contrôleur d'habitations dans VLOK, visée à l'article 3.54, § 6, et à l'article 3.55. ".
Art. 22. In artikel 4.160/8, § 3, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 november 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° de zinsnede "en 2025" wordt telkens vervangen door de zinsnede ", 2025 en 2026";
  2° er worden een derde en een vierde lid toegevoegd, die luiden als volgt:
  "Voor de werkingsjaren 2023, 2024, 2025 en 2026 dient de woonmaatschappij geen aanvraag als vermeld in artikel 4.160/5 in.
  Woonmaatschappijen die minder dan 50 ingehuurde woningen hebben overgenomen van sociale verhuurkantoren en de grens van 50 ingehuurde woningen overschrijden in de werkingsjaren 2024, 2025 of 2026, kunnen in afwijking van het derde lid een aanvraag indienen als vermeld in artikel 4.160/5. Deze woonmaatschappijen kunnen vervolgens in aanmerking komen voor een basis- en aanvullende subsidie-enveloppe volgens de voorwaarden vermeld in paragraaf 1".
Art. 22. A l'article 4.160/8, § 3, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 décembre 2021 et remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 novembre 2022, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le membre de phrase " et 2025 " est chaque fois remplacé par le membre de phrase " , 2025 et 2026 " ;
  2° il est ajouté des alinéas 3 et 4, rédigés comme suit :
  " Pour les années d'activité 2023, 2024, 2025 et 2026, la société de logement n'introduit pas de demande telle que visée à l'article 4.160/5.
  Les sociétés de logement qui ont repris moins de 50 logements loués d'agences locatives sociales et dépassent la limite de 50 logements loués dans les années d'activité 2024, 2025 ou 2026 peuvent, par dérogation à l'alinéa 3, introduire une demande telle que visée à l'article 4.160/5. Ces sociétés de logement sont ensuite éligibles à une enveloppe subventionnelle de base et complémentaire selon les conditions visées au paragraphe 1er. "
Art. 23. In artikel 5.140 van het Besluit Vlaamse Codex van 2021, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid wordt in punt 2° de zinsnede "artikel 5.231, § 4" vervangen door de woorden "het vierde lid";
  2° er worden een vierde en vijfde lid toegevoegd, die luiden als volgt:
  "De grenzen, vermeld in het eerste lid, 2°, zijn vastgesteld op:
  1° 28.167 euro voor een alleenstaande persoon zonder personen ten laste;
  2° 30.795 euro voor een alleenstaande persoon met een handicap als vermeld in het eerste lid, 2°, c), en die geen andere personen ten laste heeft;
  3° 42.247 euro voor andere personen, verhoogd met 2.630 euro per persoon ten laste.
  De bedragen, vermeld in het vierde lid, worden jaarlijks op 1 januari aangepast aan de evolutie van de gezondheidsindex (basis 2004) naar het gezondheidsindexcijfer van de maand juni van het voorgaande jaar en met als basis het gezondheidsindexcijfer van 119 voor juni 2012. Het resultaat wordt afgerond naar het eerstvolgende natuurlijke getal.".
Art. 23. A l'article 5.140 de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 décembre 2021, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa 1er, point 2°, le membre de phrase " l'article 5.231, § 4 " est remplacé par le membre de phrase " l'alinéa 4 " ;
  2° il est ajouté un alinéa 4 et un alinéa 5, rédigés comme suit :
  " Les limites visées à l'alinéa 1er, 2°, ont été fixées à :
  1° 28 167 euros pour une personne isolée sans personnes à charge ;
  2° 30 795 euros pour une personne isolée handicapée, telle que visée à l'alinéa 1er, 2°, c), et qui n'a pas d'autres personnes à charge ;
  3° 42 247 euros pour d'autres personnes, majorés de 2 630 euros par personne à charge.
  Les montants, visés à l'alinéa 4, sont adaptés annuellement au 1er janvier à l'évolution de l'indice de santé (base 2004) vers l'indice de santé du mois de juin de l'année précédente et avec comme base l'indice de santé de 119 pour juin 2012. Le résultat est arrondi au nombre naturel suivant. ".
Art. 24. In artikel 5.189, § 2, 6°, c), 2° en 3° van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 februari 2022, wordt de zinsnede ", samen met de werkzaamheden, vermeld in punt 1)" opgeheven.
Art. 24. Dans l'article 5.189, § 2, 6°, c), 2° et 3°, du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 février 2022, le membre de phrase " , en même temps que les travaux visés au point 1) " est abrogé.
Art. 25. In artikel 6.5, § 2, derde lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in punt 9° wordt de zinsnede "6.29" vervangen door de zinsnede "6.29, § 1";
  2° in punt 17° wordt de zinsnede "6.29" vervangen door de zinsnede "6.29, § 1".
Art. 25. A l'article 6.5, § 2, alinéa 3, du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 décembre 2021, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le point 9°, le membre de phrase " 6.29 " est remplacé par le membre de phrase " 6.29, § 1er " ;
  2° dans le point 17°, le membre de phrase " 6.29 " est remplacé par le membre de phrase " 6.29, § 1er ".
Art. 26. In artikel 6.24, § 1, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het tweede lid wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
  "1° het gemiddelde van het aantal huurovereenkomsten die in werking traden tijdens de vijf jaar die voorafgaan aan het jaar waarin de versnelde toewijzingen plaatsvinden. De huurovereenkomsten die gesloten werden ten gevolge van sloop-, renovatie- of aanpassingswerkzaamheden of verkoop van sociale huurwoningen worden daarbij niet in aanmerking genomen;";
  2° in het derde lid wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
  "1° het gemiddelde van het aantal huurovereenkomsten die in werking traden tijdens de vijf jaar die voorafgaan aan het eerste jaar van het aantal gekozen jaren waarin de versnelde toewijzingen plaatsvinden. De huurovereenkomsten die gesloten werden ten gevolge van sloop-, renovatie- of aanpassingswerkzaamheden of verkoop van sociale huurwoningen worden daarbij niet in aanmerking genomen;".
Art. 26. A l'article 6.24, § 1er, du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 décembre 2021, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa 2, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
  " 1° la moyenne du nombre de contrats de location entrés en vigueur pendant les cinq années précédant l'année au cours de laquelle les attributions accélérées ont lieu. Sont exclus de ce calcul les contrats de location conclus à la suite de travaux de démolition, de rénovation ou d'adaptation ou de la vente de logements locatifs sociaux ; " ;
  2° dans l'alinéa 3, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
  " 1° la moyenne du nombre de contrats de location entrés en vigueur pendant les cinq années précédant la première année du nombre d'années choisies au cours desquelles les attributions accélérées ont lieu. Sont exclus de ce calcul les contrats de location conclus à la suite de travaux de démolition, de rénovation ou d'adaptation ou de la vente de logements locatifs sociaux ; ".
Art. 27. Aan artikel 6.29 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, wordt een paragraaf 2 toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 2. De verhuurder weigert de versnelde toewijzing van een woning, vermeld in artikel 6.24, § 2, aan de kandidaat-huurder die huurder van de verhuurder is geweest en die een huurovereenkomst heeft gehad met de verhuurder die beëindigd is door rechterlijke tussenkomst wegens het veroorzaken van ernstige overlast of ernstige verwaarlozing van de sociale huurwoning. De verhuurder kan na overleg in de toewijzingsraad, beslissen om wegens billijkheidsredenen de versnelde toewijzing, vermeld in artikel 6.24, § 2, toch toe te passen.".
Art. 27. L'article 6.29 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 décembre 2021, dont le texte actuel formera le § 1er, est complété par un § 2, rédigé comme suit :
  " § 2. Le bailleur refuse l'attribution accélérée d'un logement, visée à l'article 6.24, § 2, au candidat locataire qui a été locataire du bailleur et qui a eu un contrat de location avec le bailleur qui a été résilié par décision de justice pour cause de nuisance grave ou de négligence grave du logement locatif social. Après concertation au sein du conseil d'attribution, le bailleur peut décider d'appliquer tout de même l'attribution accélérée visée à l'article 6.24, § 2, pour des raisons d'équité. ".
Art. 28. Bijlage 4 bij het hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021, wordt vervangen door bijlage 1, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 28. L'annexe 4 du même arrêté, remplacée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021, est remplacée par l'annexe 1rejointe au présent arrêté.
Art. 29. Bijlage 5 bij hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021, wordt vervangen door bijlage 2, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 29. L'annexe 5 du même arrêté, remplacée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021, est remplacée par l'annexe 2 jointe au présent arrêté.
Art. 30. Bijlage 6 bij hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021, wordt vervangen door bijlage 3, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 30. L'annexe 6 du même arrêté, remplacée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021, est remplacée par l'annexe 3 jointe au présent arrêté.
Art. 31. Bijlage 6/2 bij hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023, wordt vervangen door bijlage 4, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 31. L'annexe 6/2 du même arrêté, insérée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023, est remplacée par l'annexe 4 jointe au présent arrêté.
Art. 32. In artikel 25, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2021 tot wijziging van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, wat betreft de erkenning van woningcontroleurs en de korte termijn voor het uitvoeren van een conformiteitsonderzoek in de waarschuwingsprocedure, wordt het jaartal "2024" vervangen door het jaartal "2025" en wordt het jaartal "2023" vervangen door het jaartal "2025".
Art. 32. Dans l'article 25, alinéa 1er, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 décembre 2021 modifiant l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, en ce qui concerne la reconnaissance des contrôleurs d'habitations et le court délai pour effectuer une enquête de conformité dans la procédure d'avertissement, l'année " 2024 " est remplacée par l'année " 2025 ", et l'année " 2023 " est remplacée par l'année " 2025 ".
Art. 33. In artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 februari 2022 tot oprichting van een uniek loket voor de aanvraag en behandeling van bepaalde woon- en energiepremies en tot wijziging van het Energiebesluit van 19 november 2010 en het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, wordt de zinsnede "Wonen-Vlaanderen, dat is opgericht bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2005 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid Wonen-Vlaanderen" vervangen door de zinsnede "Wonen in Vlaanderen dat is opgericht bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2005 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid Wonen in Vlaanderen".
Art. 33. Dans l'article 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 février 2022 créant un guichet unique pour la demande et l'examen de certaines primes au logement et primes énergie et modifiant l'arrêté relatif à l'énergie du 19 novembre 2010 et l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, le membre de phrase " l'Agence flamande du Logement, agence autonomisée interne sans personnalité juridique créée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 décembre 2005 flamand portant création de l'agence autonomisée interne sans personnalité juridique " Wonen-Vlaanderen " (Habitat Flandre) " est remplacé par le membre de phrase " l'Agence Habiter en Flandre, agence autonomisée interne sans personnalité juridique, créée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 décembre 2005 portant création de l'agence autonomisée interne sans personnalité juridique " Wonen in Vlaanderen " (Habiter en Flandre) ".
Art. 34. Aan artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 maart 2022 tot regeling van de tijdelijke huisvesting van gezinnen of alleenstaanden die dakloos zijn of dreigen te worden naar aanleiding van de oorlog in Oekraïne, vervangen bij het besluit van 25 maart 2022, wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De afwijkingen, vermeld in het eerste lid, zijn niet van toepassing bij de beoordeling van de aanvragen van tegemoetkomingen, vermeld in boek 5, deel 5, van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021.".
Art. 34. L'article 8 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 18 mars 2022 réglant le logement temporaire des ménages ou des personnes isolées qui sont sans abri ou risquent de le devenir à la suite de la guerre en Ukraine, remplacé par l'arrêté du 25 mars 2022, est complété par un alinéa 4, rédigé comme suit :
  " Les dérogations visées à l'alinéa 1er ne s'appliquent pas lors de l'évaluation des demandes d'interventions, visées au livre 5, partie 5, de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021. ".
Art. 35. Artikel 1 en 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 23 december 2022 tot wijziging van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, wat betreft de tegemoetkoming voor te renoveren of te verbeteren bestaande woningen of voor te realiseren nieuwe woningen, de financiële aspecten van kamerwoningen, hernieuwbare energie, onderbezetting, huurprijsberekening en groepsgebouw, worden vervangen door wat volgt:
  "Artikel 1. In artikel 5.189 van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 februari 2022, wordt paragraaf 9 vervangen door wat volgt:
  " § 9. Voor de werkzaamheden, vermeld in paragraaf 2, die worden uitgevoerd in een appartementsgebouw en betrekking hebben op de gemeenschappelijke delen, kan de aanvrager een tegemoetkoming aanvragen conform artikel 5.191, § 5. Paragraaf 6, tweede lid, is niet van toepassing op het in aanmerking te nemen investeringsbedrag van de werkzaamheden die worden uitgevoerd aan de gemeenschappelijke delen.".
Art. 35. Les articles 1er et 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 23 décembre 2022 modifiant l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, en ce qui concerne l'intervention pour les logements existants à rénover ou à améliorer ou pour les logements neufs à réaliser, les aspects financiers des colocations, l'énergie renouvelable, la sous-occupation, le calcul du loyer et l'immeuble collectif, sont remplacés par ce qui suit :
  " Article 1er. Dans l'article 5.189 de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 février 2022, le paragraphe 9 est remplacé par ce qui suit :
  " § 9. Pour les travaux visés au paragraphe 2, réalisés dans un immeuble à appartements et ayant trait aux parties communes, le demandeur peut demander une intervention conformément à l'article 5.191, § 5. Le paragraphe 6, alinéa 2, ne s'applique pas au montant d'investissement à prendre en considération des travaux qui sont réalisés aux parties communes. ".
Art. 36. De gemeenten die door de minister voor 1 januari 2025 vrijgesteld zijn van de adviesverplichting, vermeld in artikel 3.12, § 1, en artikel 3.24, eerste lid, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, overeenkomstig artikel 3.21 en artikel 3.38 van het Besluit Codex Wonen van 2021, zoals van kracht voor 1 januari 2025, behouden die vrijstelling als ze op 1 januari 2025 voldoen aan de voorwaarden, vermeld in artikel 3.19, eerste lid, van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, zoals van kracht op 1 januari 2025.
Art. 36. Les communes qui ont été exemptées par le ministre, avant le 1er janvier 2025, de l'obligation d'avis visée à l'article 3.12, § 1er, et à l'article 3.24, alinéa 1er, du Code flamand du Logement de 2021, conformément aux articles 3.21 et 3.38 de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, tel qu'en vigueur avant le 1er janvier 2025, maintiennent cette exemption si elles répondent, au 1er janvier 2025, aux conditions visées à l'article 3.19, alinéa 1er, de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, tel qu'en vigueur le 1er janvier 2025.
Art. 37. Artikel 9 van het decreet van 21 april 2023 tot wijziging van diverse decreten tot wonen treedt in werking op 1 juni 2024.
  Artikel 25, 26, 27 en 32 van dit besluit treden in werking op 1 januari 2024.
  Artikel 6, 8 en 10 van dit besluit treden in werking op 1 juni 2024.
  Artikel 12 tot en met 14, 17, 18, 28 tot en met 31 en 36 van dit besluit treden in werking op 1 januari 2025.
Art. 37. L'article 9 du décret du 21 avril 2023 modifiant divers décrets relatifs au logement entre en vigueur le 1er juin 2024.
  Les articles 25, 26, 27 et 32 du présent arrêté entrent en vigueur le 1er janvier 2024.
  Les articles 6, 8 et 10 du présent arrêté entrent en vigueur le 1er juin 2024.
  Les articles 12 à 14, 17, 18, 28 à 31 et 36 du présent arrêté entrent en vigueur le 1er janvier 2025.
Art. 38. De Vlaamse minister, bevoegd voor het woonbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 38. Le ministre flamand qui a la politique du logement dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGEN.
ANNEXES.
Art. N. Bijlage.
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 29-12-2023, p. 124846)
Art. N. Annexe.
  (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 29-12-2023, p. 124886)