Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
7 JULI 2023. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juni 2014 betreffende de landinrichting en tot bepaling van de datum van de inwerkingtreding van artikel 101 van het Instrumentendecreet van 26 mei 2023
Titre
7 JUILLET 2023. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 juin 2014 relatif à la rénovation rurale et fixant la date d'entrée en vigueur de l'article 101 du Décret Instruments du 26 mai 2023
Informations sur le document
Info du document
Table des matières
Tekst (16)
Texte (16)
HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juni 2014 betreffende de landinrichting
CHAPITRE 1er. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 juin 2014 relatif à la rénovation rurale
Artikel 1. In artikel 1.2.1.1, eerste lid, 6°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juni 2014 betreffende de landinrichting wordt tussen de zinsnede "recht van voorkoop," en de woorden "de koopplicht" de zinsnede "een recht van voorkeur," ingevoegd.
Article 1er. Dans l'article 1.2.1.1, alinéa 1er, 6°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 juin 2014 relatif à la rénovation rurale, le membre de phrase " un droit de préférence, " est inséré entre le membre de phrase " un droit de préemption, " et les mots " l'obligation d'acquisition ".
Art. 2. In deel 2, titel 1, hoofdstuk 3, van hetzelfde besluit wordt een afdeling 1/1, die bestaat uit artikel 2.1.3.1/1, ingevoegd, die luidt als volgt:
"Afdeling 1/1. Recht van voorkeur
Art. 2.1.3.1/1. Het landinrichtingsplan of de inrichtingsnota die de Vlaamse Regering vaststelt conform artikel 4.2.1.6 van dit besluit, bevat de zones met de kadastrale gegevens van de percelen waarop het recht van voorkeur, vermeld in artikel 2.1.66/1 van het decreet van 28 maart 2014, geldt, en ook de termijn waarin het recht van voorkeur geldt.
De kadastrale gegevens van de percelen waarop het recht van voorkeur geldt en de termijn waarin het recht van voorkeur geldt, worden bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad conform artikel 3.3.1.6 en 4.2.1.6, § 2.
Nadat de termijn waarin het recht van voorkeur geldt, is verstreken, kan het recht van voorkeur niet meer uitgeoefend worden en hoeft het recht van voorkeur niet meer worden aangeboden.".
"Afdeling 1/1. Recht van voorkeur
Art. 2.1.3.1/1. Het landinrichtingsplan of de inrichtingsnota die de Vlaamse Regering vaststelt conform artikel 4.2.1.6 van dit besluit, bevat de zones met de kadastrale gegevens van de percelen waarop het recht van voorkeur, vermeld in artikel 2.1.66/1 van het decreet van 28 maart 2014, geldt, en ook de termijn waarin het recht van voorkeur geldt.
De kadastrale gegevens van de percelen waarop het recht van voorkeur geldt en de termijn waarin het recht van voorkeur geldt, worden bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad conform artikel 3.3.1.6 en 4.2.1.6, § 2.
Nadat de termijn waarin het recht van voorkeur geldt, is verstreken, kan het recht van voorkeur niet meer uitgeoefend worden en hoeft het recht van voorkeur niet meer worden aangeboden.".
Art. 2. Dans la partie 2, titre 1er, chapitre 3, du même arrêté, il est inséré une section 1/1, comprenant l'article 2.1.3.1/1, rédigée comme suit :
" Section 1/1. Droit de préférence
Art. 2.1.3.1/1. Le plan de rénovation rurale ou le note d'aménagement fixé par le Gouvernement flamand conformément à l'article 4.2.1.6 du présent arrêté comprend les zones avec les données cadastrales des parcelles auxquelles s'applique le droit de préférence visé à l'article 2.1.66/1 du décret du 28 mars 2014, et le délai pendant lequel le droit de préférence s'applique.
Les données cadastrales des parcelles auxquelles s'applique le droit de préférence et le délai pendant lequel le droit de préférence s'applique sont publiés au Moniteur belge conformément aux articles 3.3.1.6 et 4.2.1.6, § 2.
Après l'expiration du délai pendant lequel le droit de préférence s'applique, le droit de préférence ne peut plus être exercé et ne doit être offert. ".
" Section 1/1. Droit de préférence
Art. 2.1.3.1/1. Le plan de rénovation rurale ou le note d'aménagement fixé par le Gouvernement flamand conformément à l'article 4.2.1.6 du présent arrêté comprend les zones avec les données cadastrales des parcelles auxquelles s'applique le droit de préférence visé à l'article 2.1.66/1 du décret du 28 mars 2014, et le délai pendant lequel le droit de préférence s'applique.
Les données cadastrales des parcelles auxquelles s'applique le droit de préférence et le délai pendant lequel le droit de préférence s'applique sont publiés au Moniteur belge conformément aux articles 3.3.1.6 et 4.2.1.6, § 2.
Après l'expiration du délai pendant lequel le droit de préférence s'applique, le droit de préférence ne peut plus être exercé et ne doit être offert. ".
Art. 3. Aan artikel 2.2.1.1 van hetzelfde besluit wordt een vijfde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"De landcommissies worden, conform artikel 2.2.2, § 1, tweede lid van het decreet van 28 maart 2014, uitgebreid met de volgende leden:
1° een lid dat deskundig is op het vlak van de waardebepaling van onroerende goederen, voorgedragen door het Departement Financiën en Begroting, vermeld in artikel 19, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie;
2° een lid dat deskundig is op het vlak van de waardebepaling van onroerende goederen, voorgedragen door het Agentschap Innoveren en Ondernemen, opgericht bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 oktober 2005 aangaande het Agentschap Innoveren en Ondernemen;
3° een lid dat deskundig is op het vlak van de waardebepaling van onroerende goederen, voorgedragen door Wonen-Vlaanderen, opgericht bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2005 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid Wonen in Vlaanderen.".
"De landcommissies worden, conform artikel 2.2.2, § 1, tweede lid van het decreet van 28 maart 2014, uitgebreid met de volgende leden:
1° een lid dat deskundig is op het vlak van de waardebepaling van onroerende goederen, voorgedragen door het Departement Financiën en Begroting, vermeld in artikel 19, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie;
2° een lid dat deskundig is op het vlak van de waardebepaling van onroerende goederen, voorgedragen door het Agentschap Innoveren en Ondernemen, opgericht bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 oktober 2005 aangaande het Agentschap Innoveren en Ondernemen;
3° een lid dat deskundig is op het vlak van de waardebepaling van onroerende goederen, voorgedragen door Wonen-Vlaanderen, opgericht bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2005 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid Wonen in Vlaanderen.".
Art. 3. L'article 2.2.1.1 du même arrêté est complété par un alinéa 5, rédigé comme suit :
" Conformément à l'article 2.2.2, § 1er, alinéa 2, du décret du 28 mars 2014, les commissions foncières sont étendues par les membres suivants :
1° un membre, expert en matière de détermination de la valeur de biens immobiliers, proposé par le Département des Finances et du Budget, visé à l'article 19, § 1er, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande ;
2° un membre, expert en matière de détermination de la valeur de biens immobiliers, proposé par l'Agence de l'Innovation et de l'Entrepreneuriat, créée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 7 octobre 2005 relatif à l' " Agentschap Innoveren en Ondernemen " ;
3° un membre, expert en matière de détermination de la valeur de biens immobiliers, proposé par désigné par l'Agence Habiter en Flandre, créée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 décembre 2005 portant création de l'agence autonomisée interne sans personnalité juridique " Wonen in Vlaanderen " (Habitat Flandre). ".
" Conformément à l'article 2.2.2, § 1er, alinéa 2, du décret du 28 mars 2014, les commissions foncières sont étendues par les membres suivants :
1° un membre, expert en matière de détermination de la valeur de biens immobiliers, proposé par le Département des Finances et du Budget, visé à l'article 19, § 1er, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande ;
2° un membre, expert en matière de détermination de la valeur de biens immobiliers, proposé par l'Agence de l'Innovation et de l'Entrepreneuriat, créée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 7 octobre 2005 relatif à l' " Agentschap Innoveren en Ondernemen " ;
3° un membre, expert en matière de détermination de la valeur de biens immobiliers, proposé par désigné par l'Agence Habiter en Flandre, créée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 décembre 2005 portant création de l'agence autonomisée interne sans personnalité juridique " Wonen in Vlaanderen " (Habitat Flandre). ".
Art. 4. In artikel 3.3.1.6 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° aan het eerste lid wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"5° het recht van voorkeur.";
2° aan het tweede lid wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"5° als recht van voorkeur als instrument is opgenomen in het landinrichtingsplan:
a) de kadastrale gegevens van de percelen waarop het recht van voorkeur van toepassing is;
b) de termijn waarin het recht van voorkeur geldt;
c) de vermelding dat het recht van voorkeur aangeboden moet worden aan de Vlaamse Grondenbank.".
1° aan het eerste lid wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"5° het recht van voorkeur.";
2° aan het tweede lid wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"5° als recht van voorkeur als instrument is opgenomen in het landinrichtingsplan:
a) de kadastrale gegevens van de percelen waarop het recht van voorkeur van toepassing is;
b) de termijn waarin het recht van voorkeur geldt;
c) de vermelding dat het recht van voorkeur aangeboden moet worden aan de Vlaamse Grondenbank.".
Art. 4. A l'article 3.3.1.6 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° l'alinéa 1er est complété par un point 5°, rédigé comme suit :
" 5° le droit de préférence. " ;
2° l'alinéa 2 est complété par un point 5°, rédigé comme suit :
" 5° lorsque le droit de préférence est repris en tant qu'instrument dans le plan de rénovation rurale :
a) les données cadastrales des parcelles auxquelles s'applique le droit de préférence ;
b) le délai pendant lequel le droit de préférence s'applique ;
c) la mention que le droit de préférence doit être offert à la Banque foncière flamande. ".
1° l'alinéa 1er est complété par un point 5°, rédigé comme suit :
" 5° le droit de préférence. " ;
2° l'alinéa 2 est complété par un point 5°, rédigé comme suit :
" 5° lorsque le droit de préférence est repris en tant qu'instrument dans le plan de rénovation rurale :
a) les données cadastrales des parcelles auxquelles s'applique le droit de préférence ;
b) le délai pendant lequel le droit de préférence s'applique ;
c) la mention que le droit de préférence doit être offert à la Banque foncière flamande. ".
Art. 5. In artikel 4.2.1.6, § 2, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° aan het eerste lid wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"5° het recht van voorkeur.";
2° aan het tweede lid wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"5° als recht van voorkeur als instrument is opgenomen in de inrichtingsnota:
a) de kadastrale gegevens van de percelen waarop het recht van voorkeur van toepassing is;
b) de termijn waarin het recht van voorkeur geldt;
c) de vermelding dat het recht van voorkeur aangeboden moet worden aan de Vlaamse Grondenbank.".
1° aan het eerste lid wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"5° het recht van voorkeur.";
2° aan het tweede lid wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"5° als recht van voorkeur als instrument is opgenomen in de inrichtingsnota:
a) de kadastrale gegevens van de percelen waarop het recht van voorkeur van toepassing is;
b) de termijn waarin het recht van voorkeur geldt;
c) de vermelding dat het recht van voorkeur aangeboden moet worden aan de Vlaamse Grondenbank.".
Art. 5. A l'article 4.2.1.6, § 2, du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° l'alinéa 1er est complété par un point 5°, rédigé comme suit :
" 5° le droit de préférence. " ;
2° l'alinéa 2 est complété par un point 5°, rédigé comme suit :
" 5° lorsque le droit de préférence est repris en tant qu'instrument dans la note d'aménagement :
a) les données cadastrales des parcelles auxquelles s'applique le droit de préférence ;
b) le délai pendant lequel le droit de préférence s'applique ;
c) la mention que le droit de préférence doit être offert à la Banque foncière flamande. ".
1° l'alinéa 1er est complété par un point 5°, rédigé comme suit :
" 5° le droit de préférence. " ;
2° l'alinéa 2 est complété par un point 5°, rédigé comme suit :
" 5° lorsque le droit de préférence est repris en tant qu'instrument dans la note d'aménagement :
a) les données cadastrales des parcelles auxquelles s'applique le droit de préférence ;
b) le délai pendant lequel le droit de préférence s'applique ;
c) la mention que le droit de préférence doit être offert à la Banque foncière flamande. ".
Art. 6. In artikel 4.2.2.5, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt de zin "De Vlaamse Regering kan een machtiging verlenen om de instrumenten, vermeld in artikel 4.1.1, tweede lid, van het decreet van 28 maart 2014, toe te passen." opgeheven.
Art. 6. Dans l'article 4.2.2.5, alinéa 1er, du même arrêté, la phrase " Le Gouvernement flamand peut accorder une autorisation pour appliquer les instruments, visés à l'article 4.1.1, alinéa deux du décret du 28 mars 2014. " est abrogée.
Art. 7. In artikel 4.2.2.6, § 1, van hetzelfde besluit wordt de zinsnede "en, in voorkomend geval, na de machtiging van de Vlaamse Regering" opgeheven.
Art. 7. Dans l'article 4.2.2.6, § 1er, du même arrêté, le membre de phrase " et le cas échéant, après l'autorisation du Gouvernement flamand " est abrogé.
Art. 8. In artikel 4.2.2.7, 3°, van hetzelfde besluit wordt de zinsnede "en, in voorkomend geval nadat de Vlaamse Regering een machtiging heeft verleend om de instrumenten, vermeld in artikel 4.1.1, tweede lid, van het decreet van 28 maart 2014, toe te passen" opgeheven.
Art. 8. Dans l'article 4.2.2.7, 3°, du même arrêté, le membre de phrase " et, le cas écheant, après que le Gouvernement flamand a accordé une autorisation pour appliquer les instruments, visés à l'article 4.1.1, alinéa deux, du décret du 28 mars 2014. " est abrogé.
Art. 9. In artikel 4.2.3.5, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt de zin "De Vlaamse Regering kan een machtiging verlenen om de instrumenten, vermeld in artikel 4.1.1, derde lid, van het decreet van 28 maart 2014, toe te passen." opgeheven.
Art. 9. Dans l'article 4.2.3.5, alinéa 1er, du même arrêté, la phrase " Le Gouvernement flamand peut accorder une autorisation pour appliquer les instruments, visés à l'article 4.1.1, alinéa trois du décret du 28 mars 2014. " est abrogée.
Art. 10. In artikel 4.2.3.6, § 1, van hetzelfde besluit wordt de zinsnede "en, in voorkomend geval, na de machtiging van de Vlaamse Regering" opgeheven.
Art. 10. Dans l'article 4.2.3.6, § 1er, du même arrêté, le membre de phrase " et le cas échéant, après l'autorisation du Gouvernement flamand " est abrogé.
Art. 11. In artikel 4.2.3.7, 3°, van hetzelfde besluit wordt de zinsnede ", en in voorkomend geval, nadat de Vlaamse Regering een machtiging heeft verleend om de instrumenten, vermeld in artikel 4.1.1, derde lid, van het decreet van 28 maart 2014, toe te passen" opgeheven.
Art. 11. Dans l'article 4.2.3.7, 3°, du même arrêté, le membre de phrase " et, le cas échéant, après que le Gouvernement flamand a accordé une autorisation pour appliquer les instruments, visés à l'article 4.1.1, alinéa trois du décret du 28 mars 2014. " est abrogé.
HOOFDSTUK 2. - Slotbepalingen
CHAPITRE 2. - Dispositions finales
Art. 12. Zolang de landcommissies niet zijn samengesteld overeenkomstig artikel 3 van dit besluit, zijn de landcommissies geldig samengesteld en beslissen zij geldig conform artikel 2.2.2 van het decreet van 28 maart 2014, zoals dit gold de dag voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit.
Art. 12. Tant que les commissions foncières ne sont pas composées conformément à l'article 3 du présent arrêté, elles sont valablement composées et statuent valablement conformément à l'article 2.2.2 du décret du 28 mars 2014, tel qu'applicable le jour avant la date d'entrée en vigueur du présent arrêté.
Art. 13. Artikel 101 van het Instrumentendecreet van 26 mei 2023 treedt in werking op de datum van de inwerkingtreding van dit besluit.
Art. 13. L'article 101 du Décret Instruments du 26 mai 2023 entre en vigueur à la date d'entrée en vigueur du présent arrêté.
Art. 14. De Vlaamse minister, bevoegd voor de omgeving en de natuur, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 14. Le ministre flamand qui a l'environnement, l'aménagement du territoire et la nature dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.