Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
14 JULI 2023. - Decreet tot wijziging van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges en het decreet van 25 april 2014 betreffende complexe projecten, wat betreft de uitbreiding van de rechtsmacht van de Raad voor Vergunningsbetwistingen(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 28-08-2023 en tekstbijwerking tot 10-07-2024)
Titre
14 JUILLET 2023. - Décret modifiant le Code flamand de l'Aménagement du Territoire du 15 mai 2009, le décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes et le décret du 25 avril 2014 relatif aux projets complexes, en ce qui concerne l'extension de la juridiction du Conseil du Contentieux des Permis(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 28-08-2023 et mise à jour au 10-07-2024)
Informations sur le document
Info du document
Table des matières
Tekst (25)
Texte (25)
HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepaling
CHAPITRE 1er. - Disposition introductive
Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid.
Article 1er. Le présent décret règle une matière régionale.
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009
CHAPITRE 2. - Modifications du Code flamand de l'Aménagement du Territoire du 15 mai 2009
Art. 2. Aan artikel 2.2.10 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, vervangen bij het decreet van 1 juli 2016 en gewijzigd bij de decreten van 8 december 2017 en 26 april 2019, wordt een paragraaf 8 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 8. Het besluit tot definitieve vaststelling van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbe-slechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges.".
" § 8. Het besluit tot definitieve vaststelling van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbe-slechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges.".
Art. 2. L'article 2.2.10 du Code flamand de l'Aménagement du Territoire du 15 mai 2009, remplacé par le décret du 1er juillet 2016 et modifié par les décrets des 8 décembre 2017 et 26 avril 2019, est complété par un paragraphe 8, rédigé comme suit :
" § 8. L'arrêté portant la fixation définitive du plan régional d'exécution spatiale peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis, conformément aux et dans le respect des règles, visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction, fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. ".
" § 8. L'arrêté portant la fixation définitive du plan régional d'exécution spatiale peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis, conformément aux et dans le respect des règles, visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction, fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. ".
Art. 3. Aan artikel 2.2.15 van dezelfde codex, vervangen bij het decreet van 1 juli 2016 en gewijzigd bij het decreet van 26 april 2019, wordt een paragraaf 9 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 9. Het besluit tot definitieve vaststelling van het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges.".
" § 9. Het besluit tot definitieve vaststelling van het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges.".
Art. 3. L'article 2.2.15 du même code, remplacé par le décret du 1er juillet 2016 et modifié par le décret du 26 avril 2019, est complété par un paragraphe 9, rédigé comme suit :
" § 9. L'arrêté portant la fixation définitive du plan provincial d'exécution spatiale peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis, conformément aux et dans le respect des règles, visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction, fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. ".
" § 9. L'arrêté portant la fixation définitive du plan provincial d'exécution spatiale peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis, conformément aux et dans le respect des règles, visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction, fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. ".
Art. 4. Aan artikel 2.2.21 van dezelfde codex, ingevoegd bij het decreet van 1 juli 2016 en gewijzigd bij de decreten van 8 december 2017 en 26 april 2019, wordt een paragraaf 9 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 9. Het besluit tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges.".
" § 9. Het besluit tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges.".
Art. 4. L'article 2.2.21 du même code, inséré par le décret du 1er juillet 2016 et modifié par les décrets des 8 décembre 2017 et 26 avril 2019, est complété par un paragraphe 9, rédigé comme suit :
" § 9. L'arrêté portant la fixation définitive du plan communal d'exécution spatiale peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis, conformément aux et dans le respect des règles, visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction, fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. ".
" § 9. L'arrêté portant la fixation définitive du plan communal d'exécution spatiale peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis, conformément aux et dans le respect des règles, visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction, fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. ".
Art. 5. [1 Aan artikel 2.3.1 van dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 17 mei 2024, wordt een paragraaf 5 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 5. Het besluit tot definitieve vaststelling van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges."]1
" § 5. Het besluit tot definitieve vaststelling van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges."]1
Modifications
Art. 5. [1 L'article 2.3.1 du même code, modifié en dernier lieu par le décret du 17 mai 2024, est complété par un paragraphe 5, rédigé comme suit :
" § 5. L'arrêté portant la fixation définitive du règlement d'urbanisme régional peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis conformément aux et dans le respect des règles visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes.". ]1
" § 5. L'arrêté portant la fixation définitive du règlement d'urbanisme régional peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis conformément aux et dans le respect des règles visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes.". ]1
Modifications
Art. 6. [1 In artikel 2.3.2 van dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 17 mei 2024, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° er wordt een paragraaf 1/5 ingevoegd, die luidt als volgt:
" § 1/5. Het besluit tot definitieve vaststelling van de provinciale stedenbouwkundige verordening kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges.";
2° er wordt een paragraaf 2/5 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 2/5. Het besluit tot definitieve vaststelling van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges."]1
1° er wordt een paragraaf 1/5 ingevoegd, die luidt als volgt:
" § 1/5. Het besluit tot definitieve vaststelling van de provinciale stedenbouwkundige verordening kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges.";
2° er wordt een paragraaf 2/5 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 2/5. Het besluit tot definitieve vaststelling van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening kan worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig en met inachtneming van de regels, vermeld in hoofdstuk VIII van titel IV, en de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges."]1
Modifications
Art. 6. [1 A l'article 2.3.2 du même code, modifié en dernier lieu par le décret du 17 mai 2024, les modifications suivantes sont apportées :
1° il est inséré un paragraphe 1er/5, rédigé comme suit :
" § 1er/5. L'arrêté portant la fixation définitive du règlement d'urbanisme provincial peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis conformément aux et dans le respect des règles visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. " ;
2° il est ajouté un paragraphe 2/5, rédigé comme suit :
" § 2/5. L'arrêté portant la fixation définitive du règlement d'urbanisme communal peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis conformément aux et dans le respect des règles visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. ".]1
1° il est inséré un paragraphe 1er/5, rédigé comme suit :
" § 1er/5. L'arrêté portant la fixation définitive du règlement d'urbanisme provincial peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis conformément aux et dans le respect des règles visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. " ;
2° il est ajouté un paragraphe 2/5, rédigé comme suit :
" § 2/5. L'arrêté portant la fixation définitive du règlement d'urbanisme communal peut être contesté par le biais d'un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis conformément aux et dans le respect des règles visées au chapitre VIII du titre IV, et des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. ".]1
Modifications
Art. 7. In artikel 2.6.7, eerste lid, 1°, van dezelfde codex worden tussen de woorden "geschorst is door" en de woorden "de Raad van State" de woorden "de Raad voor Vergunningsbetwistingen of" ingevoegd.
Art. 7. Dans l'article 2.6.7, alinéa 1er, 1°, du même code, les mots " par le Conseil du Contentieux des Permis ou " sont insérés entre les mots " est suspendu " et les mots " par le Conseil d'Etat ".
Art. 8. In artikel 4.8.2 van dezelfde codex, vervangen bij het decreet van 6 juli 2012 en gewijzigd bij de decreten van 4 april 2014, 25 april 2014 en 8 december 2017, worden punt 1° en punt 2° opnieuw opgenomen in de volgende lezing:
"1° besluiten tot definitieve vaststelling van gewestelijke, provinciale en gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen;
2° besluiten tot definitieve vaststelling van gewestelijke, provinciale en gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen;".
"1° besluiten tot definitieve vaststelling van gewestelijke, provinciale en gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen;
2° besluiten tot definitieve vaststelling van gewestelijke, provinciale en gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen;".
Art. 8. Dans l'article 4.8.2 du même code, remplacé par le décret du 6 juillet 2012 et modifié par les décrets des 4 avril 2014, 25 avril 2014 et 8 décembre 2017, les points 1° et 2° sont rétablis dans la rédaction suivante :
" 1° des arrêtés portant la fixation définitive de plans d'exécution spatiale régionaux, provinciaux et communaux ;
2° des arrêtés portant la fixation définitive de règlements d'urbanisme régionaux, provinciaux et communaux ; ".
" 1° des arrêtés portant la fixation définitive de plans d'exécution spatiale régionaux, provinciaux et communaux ;
2° des arrêtés portant la fixation définitive de règlements d'urbanisme régionaux, provinciaux et communaux ; ".
Art. 9. Aan artikel 4.8.11 van dezelfde codex, vervangen bij het decreet van 25 april 2014 en gewijzigd bij de decreten van 9 december 2016 en 8 december 2017, worden een paragraaf 3 en een paragraaf 4 toegevoegd, die luiden als volgt:
" § 3. De beroepen bij de Raad, vermeld in artikel 4.8.2, 1° en 2°, kunnen worden ingesteld door elke partij die doet blijken van een benadeling of van een belang.
§ 4. De beroepen, vermeld in artikel 4.8.2, 1° en 2°, worden ingesteld binnen een vervaltermijn van zestig dagen, die ingaat op een van de volgende dagen:
1° de dag na de betekening van het besluit met een beveiligde zending, als een dergelijke betekening vereist is;
2° de dag na de bekendmaking van het besluit in het Belgisch Staatsblad, in de andere gevallen dan het geval, vermeld in punt 1°. ".
" § 3. De beroepen bij de Raad, vermeld in artikel 4.8.2, 1° en 2°, kunnen worden ingesteld door elke partij die doet blijken van een benadeling of van een belang.
§ 4. De beroepen, vermeld in artikel 4.8.2, 1° en 2°, worden ingesteld binnen een vervaltermijn van zestig dagen, die ingaat op een van de volgende dagen:
1° de dag na de betekening van het besluit met een beveiligde zending, als een dergelijke betekening vereist is;
2° de dag na de bekendmaking van het besluit in het Belgisch Staatsblad, in de andere gevallen dan het geval, vermeld in punt 1°. ".
Art. 9. L'article 4.8.11 du même code, remplacé par le décret du 25 avril 2014 et modifié par les décrets des 9 décembre 2016 et 8 décembre 2017, est complété par une paragraphe 3 et un paragraphe 4, rédigés comme suit :
" § 3. Les recours devant le Conseil, visés à l'article 4.8.2, 1° et 2°, peuvent être introduits par chaque partie qui fait preuve d'un préjudice ou d'un intérêt.
§ 4. Les recours visés à l'article 4.8.2, 1° et 2°, sont introduits dans un délai de soixante jours, qui commence l'un des jours suivants :
1° le jour suivant la notification de l'arrêté par envoi sécurisé, si une telle notification est requise ;
2° le jour suivant la publication de l'arrêté au Moniteur belge, dans les cas autres que le cas visé au point 1°. ".
" § 3. Les recours devant le Conseil, visés à l'article 4.8.2, 1° et 2°, peuvent être introduits par chaque partie qui fait preuve d'un préjudice ou d'un intérêt.
§ 4. Les recours visés à l'article 4.8.2, 1° et 2°, sont introduits dans un délai de soixante jours, qui commence l'un des jours suivants :
1° le jour suivant la notification de l'arrêté par envoi sécurisé, si une telle notification est requise ;
2° le jour suivant la publication de l'arrêté au Moniteur belge, dans les cas autres que le cas visé au point 1°. ".
Art. 10. In artikel 4.8.21 van dezelfde codex, vervangen bij het decreet van 4 april 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden "de zaak" worden vervangen door de woorden "het beroep inzake de registratiebeslissing";
2° er wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Elke partij, vermeld in artikel 4.8.11, § 3, kan in de beroepen, vermeld in artikel 4.8.2, 1° en 2°, tussenkomen.".
1° de woorden "de zaak" worden vervangen door de woorden "het beroep inzake de registratiebeslissing";
2° er wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Elke partij, vermeld in artikel 4.8.11, § 3, kan in de beroepen, vermeld in artikel 4.8.2, 1° en 2°, tussenkomen.".
Art. 10. A l'article 4.8.21 du même code, remplacé par le décret du 4 avril 2014, les modifications suivantes sont apportées :
1° les mots " l'affaire " sont remplacés par les mots " le recours concernant la décision d'enregistrement " ;
2° il est ajouté un alinéa 2, rédigé comme suit :
" Chaque partie, visée à l'article 4.8.11, § 3, peut intervenir dans les recours visés à l'article 4.8.2, 1° et 2°. ".
1° les mots " l'affaire " sont remplacés par les mots " le recours concernant la décision d'enregistrement " ;
2° il est ajouté un alinéa 2, rédigé comme suit :
" Chaque partie, visée à l'article 4.8.11, § 3, peut intervenir dans les recours visés à l'article 4.8.2, 1° et 2°. ".
HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges
CHAPITRE 3. - Modifications du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes
Art. 11. In artikel 2, 1°, b), van het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges, gewijzigd bij de decreten van 25 april 2014 en 8 december 2017, wordt tussen de woorden "de omgevingsvergunning" en de zinsnede "en artikel 43" de zinsnede ", artikel 45 van het decreet van 25 april 2014 betreffende complexe projecten" ingevoegd.
Art. 11. Dans l'article 2, 1°, b), décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes, modifié par les décrets des 25 avril 2014 et 8 décembre 2017, le membre de phrase " , l'article 45 du décret du 25 avril 2014 relatif aux projets complexes " est inséré entre les mots " relatif au permis d'environnement " et le membre de phrase " et l'article 43 ".
Art. 12. Aan artikel 10, vijfde lid, van hetzelfde decreet wordt de volgende zin toegevoegd:
"De voorzitter van het bestuursrechtscollege, vermeld in artikel 2, 1°, b), zorgt voor de behandeling bij voorrang van de beroepen tegen de besluiten tot definitieve vaststelling van ruimtelijke uitvoeringsplannen en stedenbouwkundige verordeningen en tegen definitieve voorkeursbesluiten en projectbesluiten inzake complexe projecten.".
"De voorzitter van het bestuursrechtscollege, vermeld in artikel 2, 1°, b), zorgt voor de behandeling bij voorrang van de beroepen tegen de besluiten tot definitieve vaststelling van ruimtelijke uitvoeringsplannen en stedenbouwkundige verordeningen en tegen definitieve voorkeursbesluiten en projectbesluiten inzake complexe projecten.".
Art. 12. L'article 10, alinéa 5, du même décret, est complété par la phrase suivante :
" Le président de la juridiction administrative flamande, visée à l'article 2, 1°, b), assure le traitement prioritaire des recours contre les arrêtés portant la fixation définitive de plans d'exécution spatiale et de règlements d'urbanisme et contre les arrêtés définitifs relatifs à la préférence et les arrêtés relatifs au projet en matière de projets complexes. ".
" Le président de la juridiction administrative flamande, visée à l'article 2, 1°, b), assure le traitement prioritaire des recours contre les arrêtés portant la fixation définitive de plans d'exécution spatiale et de règlements d'urbanisme et contre les arrêtés définitifs relatifs à la préférence et les arrêtés relatifs au projet en matière de projets complexes. ".
Art. 13. Aan artikel 12, tweede lid, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 24 februari 2017, wordt de volgende zin toegevoegd:
"Het voormelde rechtscollege heeft ook een kamer die uitsluitend bevoegd is voor de beroepen tegen definitieve voorkeursbesluiten en projectbesluiten inzake complexe projecten.".
"Het voormelde rechtscollege heeft ook een kamer die uitsluitend bevoegd is voor de beroepen tegen definitieve voorkeursbesluiten en projectbesluiten inzake complexe projecten.".
Art. 13. L'article 12, alinéa 2, du même décret, inséré par le décret du 24 février 2017, est complété par la phrase suivante :
" La juridiction administrative précitée a également une chambre exclusivement compétente pour les recours contre des arrêtés définitifs relatifs à la préférence et des arrêtés relatifs au projet en matière de projets complexes. ".
" La juridiction administrative précitée a également une chambre exclusivement compétente pour les recours contre des arrêtés définitifs relatifs à la préférence et des arrêtés relatifs au projet en matière de projets complexes. ".
HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen van het decreet van 25 april 2014 betreffende complexe projecten
CHAPITRE 4. - Modifications du décret du 25 avril 2014 relatif aux projets complexes
Art. 14. In artikel 2 van het decreet van 25 april 2014 betreffende complexe projecten wordt een punt 11° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"11° /1 Raad voor Vergunningsbetwistingen: de Raad voor Vergunningsbetwistingen, opgericht bij artikel 4.8.1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009;".
"11° /1 Raad voor Vergunningsbetwistingen: de Raad voor Vergunningsbetwistingen, opgericht bij artikel 4.8.1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009;".
Art. 14. Dans l'article 2 du décret du 25 avril 2014 relatif aux projets complexes, il est inséré un point 11° /1, rédigé comme suit :
" 11° /1 Conseil du Contentieux des Permis : le Conseil du Conseil du Contentieux des Permis, établi par l'article 4.8.1 du Code flamand de l'Aménagement du Territoire ; ".
" 11° /1 Conseil du Contentieux des Permis : le Conseil du Conseil du Contentieux des Permis, établi par l'article 4.8.1 du Code flamand de l'Aménagement du Territoire ; ".
Art. 15. In artikel 36, vijfde lid, van hetzelfde decreet worden de woorden "Raad van State" vervangen door de woorden "Raad voor Vergunningsbetwistingen".
Art. 15. Dans l'article 36, alinéa 5, du même décret, les mots " Conseil d'Etat " sont remplacés par les mots " Conseil du Contentieux des Permis ".
Art. 16. In artikel 43, derde lid, van hetzelfde decreet worden de woorden "Raad van State" vervangen door de woorden "Raad voor Vergunningsbetwistingen".
Art. 16. Dans l'article 43, alinéa 3, du même décret, les mots " Conseil d'Etat " sont remplacés par les mots " Conseil du Contentieux des Permis ".
Art. 17. In artikel 44, derde lid, van hetzelfde decreet worden de woorden "Raad van State" vervangen door de woorden "Raad voor Vergunningsbetwistingen".
Art. 17. Dans l'article 44, alinéa 3, du même décret, les mots " Conseil d'Etat " sont remplacés par les mots " Conseil du Contentieux des Permis ".
Art. 18. In artikel 45 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het eerste lid wordt vervangen door wat volgt:
"Het definitief vastgestelde voorkeursbesluit en het definitief vastgestelde projectbesluit kan door elke partij die doet blijken van een benadeling of van een belang worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, met toepassing van de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges.";
2° er worden een derde en een vierde lid toegevoegd, die luiden als volgt:
"De beroepen, vermeld in het eerste lid, worden ingesteld binnen een vervaltermijn van zestig dagen, die ingaat op een van de volgende dagen:
1° de dag na de betekening van het besluit met een beveiligde zending, als een dergelijke betekening vereist is;
2° de dag na de bekendmaking van het besluit in het Belgisch Staatsblad, in de andere gevallen dan de gevallen, vermeld in punt 1°.
Elke partij die doet blijken van een benadeling of van een belang, kan in de zaak tussenkomen.".
1° het eerste lid wordt vervangen door wat volgt:
"Het definitief vastgestelde voorkeursbesluit en het definitief vastgestelde projectbesluit kan door elke partij die doet blijken van een benadeling of van een belang worden bestreden met een beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, met toepassing van de regels die inzake de geschillenbeslechting voor dat rechtscollege zijn bepaald bij of krachtens het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges.";
2° er worden een derde en een vierde lid toegevoegd, die luiden als volgt:
"De beroepen, vermeld in het eerste lid, worden ingesteld binnen een vervaltermijn van zestig dagen, die ingaat op een van de volgende dagen:
1° de dag na de betekening van het besluit met een beveiligde zending, als een dergelijke betekening vereist is;
2° de dag na de bekendmaking van het besluit in het Belgisch Staatsblad, in de andere gevallen dan de gevallen, vermeld in punt 1°.
Elke partij die doet blijken van een benadeling of van een belang, kan in de zaak tussenkomen.".
Art. 18. A l'article 45 du même décret, les modifications suivantes sont apportées :
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" L'arrêté relatif à la préférence fixé définitivement et l'arrêté relatif au projet fixé définitivement peuvent être contestés par un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis, par chaque partie qui fait preuve d'un préjudice ou d'un intérêt, en application des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction, fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. "
2° il est ajouté un alinéa 3 et un alinéa 4, rédigés comme suit :
" Les recours visés à l'alinéa 1er sont introduits dans un délai de soixante jours, qui commence l'un des jours suivants :
1° le jour suivant la notification de l'arrêté par envoi sécurisé, si une telle notification est requise ;
2° le jour suivant la publication de l'arrêté au Moniteur belge, dans les cas autres que le cas visé au point 1°.
Chaque partie qui fait preuve d'un préjudice ou d'un intérêt peut intervenir dans l'affaire. ".
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" L'arrêté relatif à la préférence fixé définitivement et l'arrêté relatif au projet fixé définitivement peuvent être contestés par un recours devant le Conseil du Contentieux des Permis, par chaque partie qui fait preuve d'un préjudice ou d'un intérêt, en application des règles en matière de règlement des différends devant cette juridiction, fixées par ou en vertu du décret du 4 avril 2014 relatif à l'organisation et à la procédure de certaines juridictions administratives flamandes. "
2° il est ajouté un alinéa 3 et un alinéa 4, rédigés comme suit :
" Les recours visés à l'alinéa 1er sont introduits dans un délai de soixante jours, qui commence l'un des jours suivants :
1° le jour suivant la notification de l'arrêté par envoi sécurisé, si une telle notification est requise ;
2° le jour suivant la publication de l'arrêté au Moniteur belge, dans les cas autres que le cas visé au point 1°.
Chaque partie qui fait preuve d'un préjudice ou d'un intérêt peut intervenir dans l'affaire. ".
HOOFDSTUK 5. - Slotbepalingen
CHAPITRE 5. - Dispositions finales
Art. 19. Dit decreet is van toepassing op de besluiten, vermeld in artikel 4.8.2, 1° en 2°, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2019, en artikel 45, eerste lid, van het decreet van 25 april 2014 betreffende complexe projecten zoals gewijzigd door dit decreet, die zijn genomen vanaf de datum van de inwerkingtreding van dit decreet.
Art. 19. Le présent décret s'applique aux arrêtés visés à l'article 4.8.2, 1° et 2°, du Code flamand de l'Aménagement du Territoire du 15 mai 2019, et à l'article 45, alinéa 1er, du décret du 25 avril 2014 relatif aux projets complexes tel que modifié par le présent décret, qui sont pris à partir de la date d'entrée en vigueur du présent décret.
Art. 20. Dit decreet treedt in werking op een door de Vlaamse Regering vast te stellen datum en uiterlijk op 31 december 2024.
Art. 20. Le présent décret entre en vigueur à la date fixée par le Gouvernement flamand, et au plus tard le 31 décembre 2024.