Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
28 APRIL 2023. - Decreet over de Vlaamse toetsen in het onderwijs
Titre
28 AVRIL 2023. - Décret relatif aux tests flamands dans l'enseignement
Informations sur le document
Numac: 2023042514
Datum: 2023-04-28
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2023042514
Date: 2023-04-28
Moniteur: Voir
Tekst (22)
Texte (22)
HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepaling
CHAPITRE 1er. - Disposition introductive
Artikel 1. Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid.
Article 1er. Le présent décret règle une matière communautaire.
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997
CHAPITRE 2. - Modifications du décret du 25 février 1997 relatif à l'enseignement fondamental
Art. 2. In artikel 3 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° er wordt een punt 7° bis ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "7° bis bevoegd steunpunt: het universitair steunpunt dat erkend en gesubsidieerd wordt voor de ontwikkeling van de Vlaamse toetsen volgens het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juli 1999 houdende de regeling van de procedure en de voorwaarden van erkenning en subsidiëring van de universitaire steunpunten;";
  2° er wordt een punt 14° quater ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "14° quater feedbackrapport: een rapport met de resultaten op de Vlaamse toetsen op het schoolniveau, het niveau van de leerlingengroep of het leerlingniveau;";
  3° er wordt een punt 31° bis ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "31° bis leerwinst: de verandering in de leerprestaties tussen twee metingen bij dezelfde leerlingen op dezelfde meetschaal. Leerwinst kan verwijzen naar diverse niveaus: het Vlaamse niveau, het schoolniveau en het leerlingniveau;";
  4° er wordt een punt 56° bis ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "56° bis de Vlaamse toetsen: gestandaardiseerde, genormeerde en gevalideerde, net- en koepeloverschrijdende toetsen die worden afgenomen in bepaalde leerjaren van het basisonderwijs in alle scholen over een selectie van eindtermen;".
Art. 2. A l'article 3 du décret du 25 février 1997 relatif à l'enseignement fondamental, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, les modifications suivantes sont apportées :
  1° il est inséré un point 7° bis, rédigé comme suit :
  " 7° bis antenne compétente : l'antenne universitaire qui est reconnue et subventionnée pour le développement des tests flamands conformément à l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 juillet 1999 réglementant la procédure et les conditions d'agrément et de subventionnement des antennes universitaires ; " ;
  2° il est inséré un point 14° quater, rédigé comme suit :
  " 14° quater rapport de retour d'expérience : un rapport contenant les résultats aux tests flamands au niveau de l'école, du groupe d'élèves ou de l'élève ; " ;
  3° il est inséré un point 31° bis, rédigé comme suit :
  " 31° bis gain d'apprentissage : le changement dans la performance d'apprentissage entre deux mesures chez les mêmes élèves et sur une échelle de mesure identique. Le gain d'apprentissage peut porter sur plusieurs niveaux : le niveau flamand, le niveau de l'école et le niveau de l'élève ; " ;
  4° il est inséré un point 56° bis, rédigé comme suit :
  " 56° bis les tests flamands : des tests standardisés, normés et validés, pour tous les réseaux et organismes coordinateurs, à passer au cours de certaines années de l'enseignement fondamental dans toutes les écoles et portant sur une sélection des objectifs finaux ; ".
Art. 3. In artikel 37, § 3, van hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 9 juli 2021, wordt het punt 5° vervangen door wat volgt:
  "5° afspraken in verband met huiswerk, agenda's, rapporten en leerlingenevaluatie, met inbegrip van de wijze waarop bij de leerlingenevaluatie de klassenraad al dan niet rekening houdt met de resultaten van de Vlaamse toetsen, onverminderd de bepalingen van artikel 44quater, § 2, tweede lid, 4°. ".
Art. 3. Dans l'article 37, § 3, du même décret, modifié en dernier lieu par le décret du 9 juillet 2021, le point 5° est remplacé par ce qui suit :
  " 5° les accords en matière de devoirs à domicile, d'agendas, de bulletins et d'évaluation des élèves, y compris la manière dont le conseil de classe tient compte ou non des résultats aux tests flamands dans l'évaluation des élèves, sans préjudice des dispositions de l'article 44quater, § 2, alinéa 2, 4°. ".
Art. 4. In hoofdstuk V van hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, wordt een afdeling 2ter ingevoegd, die luidt als volgt:
  "Afdeling 2ter. De Vlaamse toetsen".
Art. 4. Dans le chapitre V du même décret, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, il est inséré une section 2ter, rédigée comme suit :
  " Section 2ter. Les tests flamands. "
Art. 5. In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, wordt in afdeling 2ter, ingevoegd bij artikel 4, een artikel 44quater ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 44quater. § 1. Op het einde van het vierde jaar gewoon lager onderwijs, vanaf het schooljaar 2023-2024, en op het einde van het gewoon lager onderwijs, vanaf het schooljaar 2025-2026, nemen alle leerlingen, met uitzondering van de anderstalige nieuwkomers en de leerlingen met een individueel aangepast curriculum, deel aan de Vlaamse toetsen.
  In afwijking van het eerste lid kan de school beslissen om anderstalige nieuwkomers en leerlingen met een individueel aangepast curriculum te laten deelnemen aan de Vlaamse toetsen.
  Een school voor buitengewoon lager onderwijs kan beslissen haar leerlingen te laten deelnemen aan de Vlaamse toetsen.
  De Vlaamse toetsen worden ontwikkeld door het bevoegde steunpunt met betrokkenheid van de onderwijsverstrekkers en kunnen van zodra technisch mogelijk door deze onderwijsverstrekkers worden aangevuld met eigen items in functie van een eigen kwaliteitszorgsysteem. De Vlaamse overheid stelt de Vlaamse toetsen, met inbegrip van oefentoetsen, ter beschikking van de scholen die ze digitaal en op basis van instructies bij hun leerlingen afnemen. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de praktische organisatie van de Vlaamse toetsen.
  De Vlaamse toetsen omvatten een selectie van eindtermen van het leergebied wiskunde en het leergebied Nederlands. De Vlaamse toetsen houden rekening met zowel de eindtermen als de gelijkwaardig verklaarde vervangende eindtermen.
  De deelname aan de Vlaamse toetsen aan het einde van het gewoon lager onderwijs vanaf het schooljaar 2025-2026 vervangt de verplichte afname in het gewoon lager onderwijs van een gevalideerde toets voor ten minste drie leergebieden als vermeld in artikel 44ter.
  § 2. De Vlaamse toetsen hebben tot doel de onderwijskwaliteit te versterken en te monitoren door het bereiken van de eindtermen en de leerwinst te meten op onderstaande niveaus.
  De resultaten van de Vlaamse toetsen worden op de volgende wijze gebruikt:
  1° op Vlaams niveau als bron van informatie over de onderwijskwaliteit, meer bepaald de mate waarin de eindtermen bereikt worden, de mate waarin leerwinst gegenereerd wordt en als element van kwaliteitszorg op systeemniveau;
  2° op schoolniveau als element van interne en externe kwaliteitszorg:
  a) als een van de elementen in de interne kwaliteitszorg van de school. De school en het schoolbestuur zullen daartoe een eigen feedbackrapport met gecontextualiseerde resultaten op een beveiligde manier kunnen consulteren;
  b) als een van de elementen in de werking van de pedagogische begeleidingsdiensten, vermeld in artikel 15, § 1, van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs;
  c) als een van de elementen in de werking van de onderwijsinspectie, meer bepaald de doorlichtingen, vermeld in artikel 36 tot en met 42 van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van het onderwijs;
  3° op niveau van de leerlingengroep als een van de elementen voor reflectie over het pedagogisch-didactisch handelen in het schoolteam;
  4° op leerlingniveau als een van de mogelijke elementen waarmee de klassenraad rekening kan houden bij de evaluatie. De resultaten op leerlingniveau worden niet als enige criterium voor de evaluatie gebruikt.
  § 3. Leerlingen die recht hebben op redelijke aanpassingen of speciale onderwijsleermiddelen gedurende het schooljaar waarin de Vlaamse toetsen worden afgenomen, hebben recht op behoud en gebruik van die aanpassingen en leermiddelen als ze de Vlaamse toetsen afleggen.".
Art. 5. Dans le même décret, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, dans la section 2ter, insérée par l'article 4, il est inséré un article 44quater, rédigé comme suit :
  " Art. 44quater. § 1er. Au terme de la quatrième année de l'enseignement primaire ordinaire, à partir de l'année scolaire 2023-2024, et à la fin de l'enseignement primaire ordinaire, à partir de l'année scolaire 2025-2026, tous les élèves, à l'exception des primo-arrivants allophones et des élèves bénéficiant d'un programme adapté individuellement, participent aux tests flamands.
  Par dérogation à l'alinéa 1er, l'école peut décider d'autoriser les primo-arrivants allophones et les élèves bénéficiant d'un programme adapté individuellement à participer aux tests flamands.
  Une école d'enseignement primaire spécial peut décider de faire participer ses élèves aux tests flamands.
  Les tests flamands sont développés par l'antenne compétente avec la participation des dispensateurs d'enseignement ; ces derniers peuvent les compléter - selon les possibilités techniques - avec leurs propres éléments dans le cadre de leur propre système d'assurance de la qualité. L'Autorité flamande met les tests flamands, y compris les examens blancs, à la disposition des écoles, qui les font passer à leurs élèves par voie numérique et sur la base d'instructions. Le Gouvernement flamand peut définir d'autres modalités pour l'organisation pratique des tests flamands.
  Les tests flamands comprennent une sélection des objectifs finaux des domaines d'apprentissage " mathématiques " et " néerlandais ". Les tests flamands prennent en compte à la fois les objectifs finaux et les objectifs finaux de substitution déclarés équivalents.
  La participation aux tests flamands à la fin de l'enseignement primaire ordinaire à partir de l'année scolaire 2025-2026 remplace la participation obligatoire dans l'enseignement primaire ordinaire à un test validé pour au moins trois domaines d'apprentissage comme mentionné à l'article 44ter.
  § 2. Les tests flamands visent à renforcer et à contrôler la qualité de l'enseignement en mesurant l'atteinte des objectifs finaux et les gains d'apprentissage aux niveaux suivants.
  Les résultats aux tests flamands seront utilisés comme suit :
  1° au niveau flamand, comme source d'information sur la qualité de l'enseignement, plus particulièrement sur la mesure dans laquelle les objectifs finaux sont atteints et les gains d'apprentissage sont générés, et comme élément d'assurance de la qualité au niveau du système ;
  2° au niveau de l'école, comme élément de gestion de la qualité interne et externe :
  a) comme l'un des éléments de l'assurance qualité interne de l'école. L'école et l'autorité scolaire pourront consulter à cette fin et en toute sécurité leur propre rapport de retour d'information, comportant des résultats contextualisés ;
  b) comme l'un des éléments du fonctionnement des services d'encadrement pédagogique, visés à l'article 15, § 1er, du décret du 8 mai 2009 relatif à la qualité de l'enseignement ;
  c) comme l'un des éléments du fonctionnement de l'inspection de l'enseignement, plus précisément les audits, visés aux articles 36 à 42 du décret du 8 mai 2009 relatif à la qualité de l'enseignement ;
  3° au niveau du groupe d'élèves, comme l'un des éléments de réflexion sur l'action pédagogique-didactique au sein de l'équipe scolaire ;
  4° au niveau de l'élève, comme l'un des éléments dont le conseil de classe peut tenir compte dans l'évaluation. Les résultats au niveau de l'élève ne sont pas utilisés comme seul critère d'évaluation.
  § 3. Les élèves qui bénéficient d'aménagements raisonnables ou de matériel éducatif spécial pendant l'année scolaire au cours de laquelle les tests flamands sont passés ont le droit de conserver et d'utiliser ces aménagements et moyens didactiques lors des tests flamands. ".
Art. 6. In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, wordt in dezelfde afdeling 2ter een artikel 44quinquies ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 44quinquies. § 1. Voor de toepassing van artikel 44quater worden de volgende gegevens verwerkt door de scholen, de bevoegde diensten van de Vlaamse overheid en het bevoegde steunpunt:
  1° de identificatiegegevens van de deelnemende leerlingen: naam, voornaam en identificatiecode van de leerling;
  2° de individuele toetsresultaten: het antwoord op elke toetsvraag en de daarop gebaseerde totaalscores van de leerling;
  3° de leerlingenkenmerken die nodig zijn voor een juiste interpretatie van de gegevens. Het gaat over de volgende leerlingenkenmerken:
  a) demografische gegevens: geboortejaar, geslacht;
  b) onderwijskansarmoede-indicatoren: opleidingsniveau van de moeder, thuistaal, schooltoelage, trekkende bevolking, leerling met een zorgthuis;
  c) schoolloopbaangegevens: voorafgaande schoolloopbaan, individueel aangepast curriculum, anderstalige nieuwkomer, vrijstelling, gemotiveerd verslag of verslag gemeenschappelijk curriculum, gebruik van hulpmiddelen, administratieve groep, leerlingengroep Nederlands, leerlingengroep wiskunde;
  d) indicatoren van cultureel kapitaal: aantal boeken thuis;
  4° de kenmerken van de school waar de leerling is ingeschreven;
  5° de leerlingenkenmerken die nodig zijn voor wetenschappelijk onderzoek waaronder de loggegevens over de toetsafname en de antwoorden op een leerlingenvragenlijst.
  De scholen ontvangen en verwerken die gegevens van de leerlingen die bij hen zijn ingeschreven. De bevoegde diensten van de Vlaamse overheid en het bevoegde steunpunt ontvangen en verwerken de gegevens van de leerlingen, vermeld in het eerste lid.
  De gegevens worden gedurende maximaal tien jaar bewaard op het dataplatform. De gegevens in de registratiemodule worden gedurende maximaal acht maanden bewaard. De gegevens in het toetsplatform worden gedurende maximaal zes maanden bewaard. De gegevens in de feedbackmodule worden gedurende maximaal twaalf maanden bewaard. Zolang doeleinden van wetenschappelijk onderzoek en statistiek daartoe nopen, worden de gegevens gepseudonimiseerd bewaard. De gepseudonimiseerde persoonsgegevens kunnen onder contractuele voorwaarden doorgegeven worden met het oog op wetenschappelijk onderzoek. Na afloop van de bewaartermijnen worden de persoonsgegevens vernietigd of geanonimiseerd.
  De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor die verwerking en legt de leerlingenkenmerken die verwerkt worden vast.
  § 2. De Vlaamse overheid en het bevoegde steunpunt treden, ieder voor zijn of haar bevoegdheid, op als verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 1. Het bestuur van de onderwijsinstelling of de gemandateerde is verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerkingen van de persoonsgegevens, overeenkomstig artikel 31, § 1, eerste lid, 5°.
  De scholen, de Vlaamse overheid en het bevoegde steunpunt verwerken de persoonsgegevens om te voldoen aan een wettelijke verplichting die op hen rust en bepalen, ieder binnen zijn of haar bevoegdheidssfeer, op transparante wijze hun respectieve verantwoordelijkheden.
  De verwerkingsverantwoordelijken verduidelijken in een privacyverklaring welke verwerkingen er gebeuren. Zij nemen met het oog op transparantie en de garantie van de rechten van betrokkenen in hun communicatie met de betrokkenen een verwijzing op naar de vindplaats van hun respectieve privacyverklaring. De verwerkingsverantwoordelijken nemen de nodige maatregelen om de juistheid van de persoonsgegevens te garanderen.
  De leerlingen of hun ouders hebben het recht op inzage in en kopie van het feedbackrapport met hun resultaten op de Vlaamse toetsen. De leerlingen of hun ouders hebben het recht op inzage in hun toets, op een manier die de vertrouwelijkheid van de toetsvragen garandeert.".
Art. 6. Dans le même décret, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, dans la même section 2ter, il est inséré un article 44quinquies, rédigé comme suit :
  " Art. 44quinquies. § 1er. Aux fins de l'application de l'article 44quater, les données suivantes sont traitées par les écoles, les services compétents de l'Autorité flamande et l'antenne compétente :
  1° les données d'identification des élèves participants : nom, prénom et code d'identification de l'élève ;
  2° les résultats individuels aux tests : la réponse à chaque question du test et les résultats globaux de l'élève en fonction de ses réponses ;
  3° les caractéristiques de l'élève nécessaires à l'interprétation correcte des données. Il s'agit des caractéristiques suivantes :
  a) données démographiques : année de naissance, sexe ;
  b) indicateurs de défavorisation : niveau de formation de la mère, langue familiale, allocation scolaire, population nomade, élève avec un foyer ;
  c) données sur le parcours scolaire : parcours scolaire antérieur, programme adapté individuellement, primo-arrivant allophone, dispense, rapport motivé ou rapport sur le programme d'études commun, utilisation des ressources, groupe administratif, groupe d'élèves néerlandais, groupe d'élèves mathématiques ;
  d) indicateurs du patrimoine culturel : nombre d'ouvrages à domicile ;
  4° les caractéristiques de l'école où l'élève est inscrit ;
  5° les caractéristiques des élèves nécessaires à la recherche scientifique, y compris les données d'identification pour le passage des tests et les réponses à un questionnaire destiné aux élèves.
  Les écoles reçoivent et traitent les données des élèves inscrits dans leur établissement. Les services compétents de l'Autorité flamande et l'antenne compétente reçoivent et traitent les données des élèves mentionnés à l'alinéa 1er.
  Les données sont conservées pendant dix ans maximum sur la plateforme de données. Les données dans le module d'enregistrement sont conservées pendant huit mois maximum. Les données au sein de la plateforme de tests sont conservées pendant six mois maximum. Les données dans le module de retour d'information sont conservées pendant douze mois maximum. Les données sont conservées sous forme pseudonymisée tant que les objectifs de la recherche scientifique et des statistiques l'exigent. Les données à caractère personnel pseudonymisées peuvent, à des conditions contractuelles, être transférées à des fins de recherche scientifique. A l'expiration des délais de conservation, les données à caractère personnel sont détruites ou rendues anonymes.
  Le Gouvernement flamand peut déterminer d'autres modalités pour ce traitement et fixe les caractéristiques des élèves qui peuvent faire l'objet d'un traitement.
  § 2. L'Autorité flamande et l'antenne compétente interviennent, chacune pour sa compétence, en tant que responsable du traitement des données à caractère personnel visé au paragraphe 1er. L'administration de l'établissement d'enseignement ou la partie mandatée est responsable des traitements de données à caractère personnel, conformément à l'article 31, § 1er, alinéa 1er, 5°.
  Les écoles, l'Autorité flamande et l'antenne compétente traitent les données à caractère personnel pour remplir une obligation légale qui leur incombe et, chacune dans sa sphère de compétence, déterminent de manière transparente leurs responsabilités respectives.
  Les responsables du traitement précisent les traitements effectués dans une déclaration de confidentialité. Dans un souci de transparence et de garantie des droits des personnes concernées, ils incluent dans leur communication avec ces dernières une référence à l'emplacement de leur déclaration de confidentialité respective. Les responsables du traitement prennent les mesures nécessaires pour garantir l'exactitude des données à caractère personnel.
  Les élèves ou leurs parents ont le droit de consulter et d'obtenir une copie du rapport de retour d'expérience avec les résultats aux tests flamands. Les élèves ou leurs parents ont le droit de consulter leurs tests, d'une manière qui garantisse la confidentialité des questions du test. ".
Art. 7. In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, wordt in dezelfde afdeling 2ter een artikel 44sexies ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 44sexies. Het bevoegde steunpunt of de bevoegde diensten van de Vlaamse overheid bezorgen de resultaten op schoolniveau jaarlijks aan de onderwijsinspectie, aan de betrokken pedagogische begeleidingsdienst en aan de Raad van het Gemeenschapsonderwijs. De gegevens van de individuele leerlingen worden daarbij niet opgenomen.
  In afwijking van de algemene regeling in het Bestuursdecreet van 7 december 2018 inzake openbaarheid, delen de leden van de onderwijsinspectie, de personeelsleden van de scholen, van de Vlaamse overheid, van het bevoegde steunpunt en van de pedagogische begeleidingsdiensten, de Raad van het Gemeenschapsonderwijs en de schoolbesturen, die de resultaten kennen van de Vlaamse toetsen, die resultaten niet mee aan derden.
  In afwijking van het tweede lid mag een school de eigen schoolresultaten wel bezorgen aan derden die de school begeleiden. Deze begeleidende instantie mag op haar beurt de resultaten niet meedelen aan derden.
  In afwijking van het tweede lid kan een school inzage in haar schoolfeedbackrapport geven aan ouders die bij hun aanvraag een bijzonder individueel belang aantonen. De inzage kan enkel gegeven worden voor de resultaten van de Vlaamse toetsen waar het kind van betrokken ouders zelf aan heeft deelgenomen. Het schoolbestuur bepaalt hiertoe zelf de modaliteiten. De ouders mogen op hun beurt de resultaten niet meedelen aan derden. Indien ouders deze geheimhoudingsplicht schenden kunnen ze gesanctioneerd worden met een geldboete van honderd euro tot duizend euro.
  Leden van schoolraden en ouderraden mogen het schoolfeedbackrapport niet meedelen aan derden. Hierbij zijn ze gebonden aan de geheimhoudingsplicht.
  De leden van de onderwijsinspectie, de personeelsleden van de scholen, van de Vlaamse overheid, van het bevoegde steunpunt en van de bevoegde begeleidingsdiensten, de Raad van het Gemeenschapsonderwijs en de schoolbesturen die de resultaten kennen van de Vlaamse toetsen, zijn wat die resultaten betreft gehouden tot het beroepsgeheim. Wie dit beroepsgeheim niet naleeft, wordt gestraft met een geldboete van honderd euro tot duizend euro.
  Het is verboden om de resultaten van een school publiek te maken.
  De niet-naleving van het verbod op openbaarmaking door het schoolbestuur is een inbreuk op het verbod op oneerlijke concurrentie in de zin van artikel 51, § 1.
  De resultaten die behaald zijn bij de Vlaamse toetsen geven geen aanleiding tot de rangschikking van scholen.".
Art. 7. Dans le même décret, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, dans la même section 2ter, il est inséré un article 44sexies, rédigé comme suit :
  " Art. 44sexies. L'antenne compétente ou les services compétents de l'Autorité flamande fournissent chaque année les résultats au niveau de l'école à l'inspection de l'enseignement, au service d'encadrement pédagogique compétent et au Conseil de l'Enseignement communautaire. Les données des élèves individuels ne sont pas reprises dans cette communication.
  Par dérogation à la réglementation générale du Décret de gouvernance du 7 décembre 2018 relatif à la publicité, les membres de l'inspection de l'enseignement, les membres du personnel des écoles, de l'Autorité flamande, de l'antenne compétente et des services d'encadrement pédagogique, du Conseil de l'Enseignement communautaire et des autorités scolaires, qui connaissent les résultats des tests flamands, ne communiquent pas ces résultats à des tiers.
  Par dérogation à l'alinéa 2, une école peut communiquer ses propres résultats à des tiers accompagnant l'établissement. Cet organisme d'encadrement s'abstiendra à son tour de divulguer les résultats à des tiers.
  Par dérogation à l'alinéa 2, une école peut autoriser la consultation du rapport de retour d'expérience aux parents qui démontrent un intérêt individuel particulier dans leur demande. Cette consultation se limitera aux résultats des tests flamands auxquels l'enfant des parents concernés a lui-même participé. L'autorité scolaire en détermine les modalités. Les parents s'abstiendront à leur tour de divulguer les résultats à des tiers. Les parents qui violent ce devoir de confidentialité peuvent être sanctionnés par une amende de cent à mille euros.
  Les membres des conseils scolaires et des conseils de parents ne peuvent pas divulguer le rapport de retour d'expérience de l'école à des tiers. Ils sont tenus ici à un devoir de confidentialité.
  Les membres de l'inspection de l'enseignement, les membres du personnel des écoles, de l'Autorité flamande, de l'antenne compétente et des services d'encadrement compétents, le Conseil de l'Enseignement communautaire et les autorités scolaires qui connaissent les résultats des tests flamands sont tenus au secret professionnel concernant ces résultats. Toute partie qui ne respecte pas ce secret professionnel sera punie d'une amende allant de cent à mille euros.
  Il est interdit de publier les résultats d'une école.
  Le non-respect par l'autorité scolaire de l'interdiction de publication constitue une violation de l'interdiction de concurrence déloyale au sens de l'article 51, § 1er.
  Les résultats obtenus aux tests flamands ne donnent pas lieu à un classement des écoles. ".
Art. 8. In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, wordt in dezelfde afdeling 2ter een artikel 44septies ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 44septies. De Vlaamse Regering zal een evaluatie doorvoeren die minstens uit volgende onderdelen zal bestaan:
  1° een procesevaluatie onmiddellijk na de testafname in 2023 in het vierde jaar bij een representatieve steekproef van scholen;
  2° onmiddellijk na de eerste toetsafname een procesevaluatie van de eerste toetsafname;
  3° uiterlijk in 2029 een evaluatie van de mate waarin de Vlaamse toetsen de doelstellingen, vermeld in artikel 44quater, § 2, hebben helpen bereiken en van de andere effecten die ze hebben teweeggebracht.".
Art. 8. Dans le même décret, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, dans la même section 2ter, il est inséré un article 44septies, rédigé comme suit :
  " Art. 44septies. Le Gouvernement flamand procédera à une évaluation qui comprendra au moins les éléments suivants :
  1° une évaluation du processus immédiatement après les tests de 2023 en quatrième année, dans un échantillon représentatif d'écoles ;
  2° une évaluation du processus des premiers tests, immédiatement après l'organisation de ceux-ci ;
  3° au plus tard en 2029, une évaluation de la mesure dans laquelle les tests flamands ont contribué à atteindre les objectifs mentionnés à l'article 44quater, § 2, et une appréciation des autres effets qu'ils ont produits. ".
HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010
CHAPITRE 3. - Modifications du Code de l'Enseignement secondaire du 17 décembre 2010
Art. 9. In artikel 3 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° er wordt een punt 9° /0 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "9° /0 bevoegd steunpunt: het universitair steunpunt dat erkend en gesubsidieerd wordt voor de ontwikkeling van de Vlaamse toetsen volgens het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juli 1999 houdende de regeling van de procedure en de voorwaarden van erkenning en subsidiëring van de universitaire steunpunten;";
  2° er wordt een punt 14° /0/0 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "14° /0/0 feedbackrapport: een rapport met de resultaten op de Vlaamse toetsen op het schoolniveau, het niveau van de leerlingengroep of het leerlingniveau;";
  3° er wordt een punt 17° /5 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "17° /5 leerwinst: de verandering in de leerprestaties tussen twee metingen bij dezelfde leerlingen op dezelfde meetschaal. Leerwinst kan verwijzen naar diverse niveaus: het Vlaamse niveau, het schoolniveau, en het leerlingniveau;";
  4° er wordt een punt 46° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "46° /1 de Vlaamse toetsen: gestandaardiseerde, genormeerde en gevalideerde, net- en koepeloverschrijdende toetsen die worden afgenomen in bepaalde leerjaren van het secundair onderwijs in alle scholen en centra over een selectie van eindtermen;".
Art. 9. A l'article 3 du Code de l'Enseignement secondaire du 17 décembre 2010, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, les modifications suivantes sont apportées :
  1° il est inséré un point 9° /0, rédigé comme suit :
  " 9° /0 antenne compétente : l'antenne universitaire qui est reconnue et subventionnée pour le développement des tests flamands conformément à l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 juillet 1999 réglementant la procédure et les conditions d'agrément et de subventionnement des antennes universitaires ; " ;
  2° il est inséré un point 14° /0/0, rédigé comme suit :
  " 14° /0/0 rapport de retour d'expérience : un rapport contenant les résultats aux tests flamands au niveau de l'école, du groupe d'élèves ou de l'élève ; " ;
  3° il est inséré un point 17° /5, rédigé comme suit :
  " 17° /5 gain d'apprentissage : le changement dans la performance d'apprentissage entre deux mesures chez les mêmes élèves et sur une échelle de mesure identique. Le gain d'apprentissage peut porter sur plusieurs niveaux : le niveau flamand, le niveau de l'école et le niveau de l'élève ; " ;
  4° il est inséré un point 46° /1, rédigé comme suit :
  " 46° /1 les tests flamands : des tests normalisés et validés, pour tous les réseaux et organismes coordinateurs, à passer au cours de certaines années de l'enseignement secondaire dans toutes les écoles et les centres et portant sur une sélection des objectifs finaux ; ".
Art. 10. In artikel 112, eerste lid, van dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 9 juli 2021, wordt in punt 9°, a), een punt 1)/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "1)/1 de wijze waarop de klassenraad, onverminderd de bepalingen van artikel 115/8, § 2, tweede lid, 4°, bij de leerlingenevaluatie al dan niet rekening houdt met de resultaten van de Vlaamse toetsen;".
Art. 10. Dans l'article 112, alinéa 1er, du même Code, modifié en dernier lieu par le décret du 9 juillet 2021, au point 9°, a), il est inséré un point 1)/1, rédigé comme suit :
  " 1)/1 la manière dont le conseil de classe, sans préjudice des dispositions de l'article 115/8, § 2, alinéa 2, 4°, tient compte ou non des résultats aux tests flamands dans l'évaluation des élèves ; ".
Art. 11. In deel III, titel 2, van dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, wordt een hoofdstuk 3/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Hoofdstuk 3/1. De Vlaamse toetsen".
Art. 11. Dans la partie III, titre 2, du même Code, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, il est inséré un chapitre 3/1, rédigé comme suit :
  " Chapitre 3/1. Les tests flamands. "
Art. 12. In dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, wordt in hoofdstuk 3/1, ingevoegd bij artikel 11, een artikel 115/8 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 115/8. § 1. In het voltijds gewoon secundair onderwijs en in het buitengewoon secundair onderwijs, opleidingsvorm 4, nemen de volgende leerlingen deel aan de Vlaamse toetsen:
  1° leerlingen in het tweede leerjaar van de eerste graad: vanaf het schooljaar 2023-2024;
  2° leerlingen in het tweede leerjaar van de derde graad: vanaf het schooljaar 2026-2027.
  In afwijking van het eerste lid zijn de leerlingen met een individueel aangepast curriculum vrijgesteld van deelname aan de Vlaamse toetsen, behalve wanneer de school of het centrum beslist om ze toch te laten deelnemen.
  In afwijking van het eerste lid kan de klassenraad beslissen tot een gemotiveerde vrijstelling van deelname aan de Vlaamse toetsen van de leerlingen die zijn ingeschreven in opleidingsvorm 4 van het buitengewoon onderwijs.
  Een school voor buitengewoon secundair onderwijs kan beslissen haar leerlingen van de opleidingsvormen 1, 2 en 3 wel te laten deelnemen aan de Vlaamse toetsen. In het voltijds gewoon secundair onderwijs kan een school of een centrum beslissen om anderstalige nieuwkomers te laten deelnemen aan de Vlaamse toetsen.
  De Vlaamse toetsen worden ontwikkeld door het bevoegde steunpunt met betrokkenheid van de onderwijsverstrekkers en kunnen van zodra technisch mogelijk door deze onderwijsverstrekkers worden aangevuld met eigen items in functie van een eigen kwaliteitszorgsysteem. De Vlaamse overheid stelt de Vlaamse toetsen, met inbegrip van oefentoetsen, ter beschikking van de scholen en de centra die ze digitaal en op basis van instructies bij hun leerlingen afnemen. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de praktische organisatie van de Vlaamse toetsen.
  De Vlaamse toetsen omvatten een selectie van de eindtermen, vermeld in artikel 139, die van toepassing zijn in de A-stroom of de B-stroom van de eerste graad of in de finaliteit van de derde graad, naargelang van het geval.
  De selectie van de eindtermen, vermeld in het zesde lid, wordt gemaakt uit minstens de volgende sleutelcompetenties: competenties in het Nederlands; wiskundige competenties uit de competenties inzake wiskunde, exacte wetenschappen en technologie, en leercompetenties. De Vlaamse Regering beslist over de uitbreiding van voormelde sleutelcompetenties.
  De Vlaamse toetsen houden rekening met zowel de eindtermen als de gelijkwaardig verklaarde vervangende eindtermen.
  § 2. De Vlaamse toetsen hebben tot doel de onderwijskwaliteit te versterken en te monitoren door het bereiken van de eindtermen, vermeld in artikel 139, en de leerwinst te meten op onderstaande niveaus.
  De resultaten van de Vlaamse toetsen worden op de volgende wijze gebruikt:
  1° op Vlaams niveau als bron van informatie over de onderwijskwaliteit, meer bepaald de mate waarin de eindtermen bereikt worden, de mate waarin leerwinst gegenereerd wordt en als element van kwaliteitszorg op systeemniveau;
  2° op niveau van de school of het centrum als element van interne en externe kwaliteitszorg:
  a) als een van de elementen in de interne kwaliteitszorg van de school of het centrum. De school of het centrum, en het school- of centrumbestuur zullen daartoe haar eigen feedbackrapport met gecontextualiseerde resultaten op een beveiligde manier kunnen consulteren;
  b) als een van de elementen in de werking van de pedagogische begeleidingsdiensten, vermeld in artikel 15, § 1, van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs;
  c) als een van de elementen in de werking van de onderwijsinspectie, meer bepaald de doorlichtingen, vermeld in artikel 36 tot en met 42 van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van het onderwijs;
  3° op niveau van de leerlingengroep als een van de elementen voor reflectie over het pedagogisch-didactisch handelen in het schoolteam;
  4° op leerlingniveau als een van de mogelijke elementen waarmee de klassenraad rekening kan houden bij de evaluatie. De resultaten op leerlingniveau worden niet als enige criterium voor de evaluatie gebruikt.
  § 3. Leerlingen die recht hebben op redelijke aanpassingen of speciale onderwijsleermiddelen, gedurende het schooljaar waarin de Vlaamse toetsen worden afgenomen, hebben recht op behoud en gebruik van die aanpassingen en leermiddelen als ze die Vlaamse toetsen afleggen.".
Art. 12. Dans le même Code, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, au chapitre 3/1, article 11, il est inséré un article 115/8, rédigé comme suit :
  " Art. 115/8. § 1er. Dans l'enseignement secondaire ordinaire à temps plein et dans l'enseignement secondaire spécial, forme d'enseignement 4, les élèves suivants participent aux tests flamands :
  1° élèves en deuxième année d'études du premier degré : à partir de l'année scolaire 2023-2024 ;
  2° élèves en deuxième année d'études du troisième degré : à partir de l'année scolaire 2026-2027.
  Par dérogation à l'alinéa 1er, les élèves bénéficiant d'un programme adapté individuellement sont dispensés de participer aux tests flamands, sauf si l'école ou le centre décide de les laisser participer malgré tout.
  Par dérogation à l'alinéa 1er, le conseil de classe peut décider d'une dispense motivée de participation aux tests flamands pour les élèves inscrits dans l'enseignement spécial, forme d'enseignement 4.
  Une école d'enseignement secondaire spécial peut décider de faire participer ses élèves dans les formes d'enseignement 1, 2 et 3 aux tests flamands. Dans l'enseignement secondaire ordinaire à temps plein, une école ou un centre peut décider de faire participer les primo-arrivants allophones aux tests flamands.
  Les tests flamands sont développés par l'antenne compétente avec la participation des dispensateurs d'enseignement ; ces derniers peuvent les compléter - selon les possibilités techniques - avec leurs propres éléments dans le cadre de leur propre système d'assurance de la qualité. L'Autorité flamande met les tests flamands, y compris les examens blancs, à la disposition des écoles et des centres, qui les font passer à leurs élèves par voie numérique et sur la base d'instructions. Le Gouvernement flamand peut définir d'autres modalités pour l'organisation pratique des tests flamands.
  Les tests flamands comprennent une sélection des objectifs finaux mentionnés à l'article 139, applicables dans la filière A ou la filière B du premier degré ou dans la finalité du troisième degré, selon le cas.
  La sélection des objectifs finaux, mentionnée à l'alinéa 6, se fait au moins à partir des compétences clés suivantes : compétences en néerlandais ; compétences mathématiques des compétences en mathématiques, sciences exactes et technologies ; et compétences d'apprentissage. Le Gouvernement flamand décide de l'élargissement des compétences clés susmentionnées.
  Les tests flamands prennent en compte à la fois les objectifs finaux et les objectifs finaux de substitution déclarés équivalents.
  § 2. Les tests flamands visent à renforcer et à contrôler la qualité de l'enseignement en mesurant l'atteinte des objectifs finaux, visés à l'article 139, et les gains d'apprentissage aux niveaux suivants.
  Les résultats aux tests flamands seront utilisés comme suit :
  1° au niveau flamand, comme source d'information sur la qualité de l'enseignement, plus particulièrement sur la mesure dans laquelle les objectifs finaux sont atteints et les gains d'apprentissage sont générés, et comme élément d'assurance de la qualité au niveau du système ;
  2° au niveau de l'école ou du centre, comme élément de gestion de la qualité interne et externe :
  a) comme l'un des éléments de l'assurance qualité interne de l'école ou du centre. L'école ou le centre, et l'autorité scolaire ou l'autorité du centre pourront consulter à cette fin et en toute sécurité leur propre rapport de retour d'information, comportant des résultats contextualisés ;
  b) comme l'un des éléments du fonctionnement des services d'encadrement pédagogique, mentionnés à l'article 15, § 1er, du décret du 8 mai 2009 relatif à la qualité de l'enseignement ;
  c) comme l'un des éléments du fonctionnement de l'inspection de l'enseignement, plus précisément les audits, mentionnés aux articles 36 à 42 du décret du 8 mai 2009 relatif à la qualité de l'enseignement ;
  3° au niveau du groupe d'élèves, comme l'un des éléments de réflexion sur l'action pédagogique-didactique au sein de l'équipe scolaire ;
  4° au niveau de l'élève, comme l'un des éléments dont le conseil de classe peut tenir compte dans l'évaluation. Les résultats au niveau de l'élève ne seront pas utilisés comme seul critère d'évaluation.
  § 3. Les élèves qui bénéficient d'aménagements raisonnables ou de matériel éducatif spécial pendant l'année scolaire au cours de laquelle les tests flamands sont passés ont le droit de conserver et d'utiliser ces aménagements et moyens didactiques lors de ces tests flamands. ".
Art. 13. In dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, wordt in hetzelfde hoofdstuk 3/1 een artikel 115/9 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 115/9. § 1. Voor de toepassing van artikel 115/8 worden de volgende gegevens verwerkt door de scholen, de centra, de bevoegde diensten van de Vlaamse overheid en het bevoegde steunpunt:
  1° de identificatiegegevens van de deelnemende leerlingen: naam, voornaam en identificatiecode van de leerling;
  2° de individuele toetsresultaten: het antwoord op elke toetsvraag en de daarop gebaseerde totaalscores van de leerling;
  3° de leerlingenkenmerken die nodig zijn voor een juiste interpretatie van de gegevens. Het gaat over de volgende leerlingenkenmerken:
  a) demografische gegevens: geboortejaar, geslacht;
  b) onderwijskansarmoede-indicatoren: opleidingsniveau van de moeder, thuistaal, schooltoelage, trekkende bevolking, leerling met een zorgthuis;
  c) schoolloopbaangegevens: voorafgaande schoolloopbaan, individueel aangepast curriculum, anderstalige nieuwkomer, vrijstelling, gemotiveerd verslag of verslag gemeenschappelijk curriculum, gebruik van hulpmiddelen, administratieve groep, leerlingengroep Nederlands, leerlingengroep wiskunde;
  d) indicatoren van cultureel kapitaal: aantal boeken thuis;
  4° de kenmerken van de school of het centrum waar de leerling is ingeschreven;
  5° de leerlingenkenmerken die nodig zijn voor wetenschappelijk onderzoek waaronder de loggegevens over de toetsafname en de antwoorden op een leerlingenvragenlijst.
  De scholen en centra ontvangen en verwerken die gegevens van de leerlingen die bij hen zijn ingeschreven. De bevoegde diensten van de Vlaamse overheid en het bevoegde steunpunt ontvangen en verwerken de gegevens van de leerlingen, vermeld in het eerste lid.
  De gegevens worden gedurende maximaal tien jaar bewaard op het dataplatform. De gegevens in de registratiemodule worden gedurende maximaal acht maanden bewaard. De gegevens in het toetsplatform worden gedurende maximaal zes maanden bewaard. De gegevens in de feedbackmodule worden gedurende maximaal twaalf maanden bewaard. Zolang doeleinden van wetenschappelijk onderzoek en statistiek daartoe nopen, worden de gegevens gepseudonimiseerd bewaard. De gepseudonimiseerde persoonsgegevens kunnen onder contractuele voorwaarden doorgegeven worden met het oog op wetenschappelijk onderzoek. Na afloop van de bewaartermijnen worden de persoonsgegevens vernietigd of geanonimiseerd.
  De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor die verwerking en legt de leerlingenkenmerken die verwerkt worden vast.
  § 2. De Vlaamse overheid en het bevoegde steunpunt treden, ieder voor zijn of haar bevoegdheid, op als verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van de persoonsgegevens, vermeld in paragraaf 1. Het bestuur van de onderwijsinstelling of de gemandateerde is verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerkingen van de persoonsgegevens overeenkomstig artikel 123/6, eerste lid, 5°.
  De scholen, de centra, de Vlaamse overheid en het bevoegde steunpunt verwerken de persoonsgegevens om te voldoen aan een wettelijke verplichting die op hen rust en bepalen, ieder binnen zijn of haar bevoegdheidssfeer, op transparante wijze hun respectieve verantwoordelijkheden.
  De verwerkingsverantwoordelijken verduidelijken in een privacyverklaring welke verwerkingen er gebeuren. Zij nemen met het oog op transparantie en de garantie van de rechten van betrokkenen in hun communicatie met de betrokkenen een verwijzing op naar de vindplaats van hun respectieve privacyverklaring. De verwerkingsverantwoordelijken nemen de nodige maatregelen om de juistheid van de persoonsgegevens te garanderen.
  De leerlingen of hun ouders hebben het recht op inzage in en kopie van het feedbackrapport met hun resultaten op de Vlaamse toetsen. De leerlingen of hun ouders hebben het recht op inzage in hun toets, op een manier die de vertrouwelijkheid van de toetsvragen garandeert.".
Art. 13. Dans le même Code, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, au même chapitre 3/1, il est inséré un article 115/9, rédigé comme suit :
  " Art. 115/9. § 1er. Aux fins de l'article 115/8, les données suivantes sont traitées par les écoles, les centres, les services compétents de l'Autorité flamande et l'antenne compétente :
  1° les données d'identification des élèves participants : nom, prénom et code d'identification de l'élève ;
  2° les résultats individuels aux tests : la réponse à chaque question du test et les résultats globaux de l'élève en fonction de ses réponses ;
  3° les caractéristiques de l'élève nécessaires à l'interprétation correcte des données. Il est question ici des caractéristiques suivantes :
  a) données démographiques : année de naissance, sexe ;
  b) indicateurs de défavorisation : niveau de formation de la mère, langue familiale, allocation scolaire, population nomade, élève avec un foyer ;
  c) données sur le parcours scolaire : parcours scolaire antérieur, programme adapté individuellement, primo-arrivant allophone, dispense, rapport motivé ou rapport sur le programme d'études commun, utilisation des ressources, groupe administratif, groupe d'élèves néerlandais, groupe d'élèves mathématiques ;
  d) indicateurs du patrimoine culturel : nombre d'ouvrages à domicile ;
  4° les caractéristiques de l'école ou du centre où l'élève est inscrit ;
  5° les caractéristiques des élèves nécessaires à la recherche scientifique, y compris les données d'identification pour le passage des tests et les réponses à un questionnaire destiné aux élèves.
  Les écoles et les centres reçoivent et traitent les données des élèves inscrits dans leur établissement. Les services compétents de l'Autorité flamande et l'antenne compétente reçoivent et traitent les données des élèves mentionnés à l'alinéa 1er.
  Les données sont conservées pendant dix ans maximum sur la plateforme de données. Les données dans le module d'enregistrement sont conservées pendant huit mois maximum. Les données au sein de la plateforme de tests sont conservées pendant six mois maximum. Les données dans le module de retour d'information sont conservées pendant douze mois maximum. Les données seront conservées sous forme pseudonymisée tant que les objectifs de la recherche scientifique et des statistiques l'exigent. Les données à caractère personnel pseudonymisées peuvent, à des conditions contractuelles, être transférées à des fins de recherche scientifique. A l'expiration des délais de conservation, les données à caractère personnel sont détruites ou rendues anonymes.
  Le Gouvernement flamand peut déterminer d'autres modalités pour ce traitement et fixe les caractéristiques des élèves qui peuvent faire l'objet d'un traitement.
  § 2. L'Autorité flamande et l'antenne compétente interviennent, chacune pour sa compétence, en tant que responsable du traitement des données à caractère personnel visé au paragraphe 1er. L'administration de l'établissement d'enseignement ou la partie mandatée est responsable des traitements de données à caractère personnel, conformément à l'article 123/6, alinéa 1er, 5°.
  Les écoles, les centres, l'Autorité flamande et l'antenne compétente traitent les données à caractère personnel pour remplir une obligation légale qui leur incombe et, chacun dans sa sphère de compétence, déterminent de manière transparente leurs responsabilités respectives.
  Les responsables du traitement précisent les traitements effectués dans une déclaration de confidentialité. Dans un souci de transparence et de garantie des droits des personnes concernées, ils incluent dans leur communication avec ces dernières une référence à l'emplacement de leur déclaration de confidentialité respective. Les responsables du traitement prennent les mesures nécessaires pour garantir l'exactitude des données à caractère personnel.
  Les élèves ou leurs parents ont le droit de consulter et d'obtenir une copie du rapport de retour d'expérience avec les résultats aux tests flamands. Les élèves ou leurs parents ont le droit de consulter leurs tests, d'une manière qui garantisse la confidentialité des questions du test. ".
Art. 14. In dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, wordt in hetzelfde hoofdstuk 3/1 een artikel 115/10 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 115/10. Het bevoegde steunpunt of de bevoegde diensten van de Vlaamse overheid bezorgen de resultaten op school- of centrumniveau jaarlijks aan de onderwijsinspectie, aan de betrokken pedagogische begeleidingsdienst en aan de Raad van het Gemeenschapsonderwijs. De gegevens van de individuele leerlingen worden daarbij niet opgenomen.
  In afwijking van de algemene regeling in het Bestuursdecreet van 7 december 2018 inzake openbaarheid, delen de leden van de onderwijsinspectie, de personeelsleden van de scholen en de centra, van de Vlaamse overheid, van het bevoegde steunpunt en van de pedagogische begeleidingsdiensten, de Raad van het Gemeenschapsonderwijs en de school- en centrumbesturen, die de resultaten kennen van de Vlaamse toetsen, die resultaten niet mee aan derden.
  In afwijking van het tweede lid mag een school of centrum de eigen school- of centrumresultaten wel bezorgen aan derden die de school of het centrum begeleiden. Deze begeleidende instantie mag op haar beurt de resultaten niet meedelen aan derden.
  In afwijking van het tweede lid kan een school of centrum inzage in haar schoolfeedbackrapport geven aan ouders die bij hun aanvraag een bijzonder individueel belang aantonen. De inzage kan enkel gegeven worden voor de resultaten van de Vlaamse toetsen waar het kind van betrokken ouders zelf aan heeft deelgenomen. Het school- of centrumbestuur bepaalt hiertoe zelf de procedure en modaliteiten. De ouders mogen op hun beurt de resultaten niet meedelen aan derden. Indien ouders deze geheimhoudingsplicht schenden kunnen ze gesanctioneerd worden met een geldboete van honderd euro tot duizend euro.
  Leden van schoolraden en ouderraden mogen het schoolfeedbackrapport niet meedelen aan derden. Hierbij zijn ze gebonden aan de geheimhoudingsplicht.
  De leden van de onderwijsinspectie, de personeelsleden van de scholen, van de Vlaamse overheid, van het bevoegde steunpunt en van de bevoegde begeleidingsdiensten, de Raad van het Gemeenschapsonderwijs en de schoolbesturen die de resultaten kennen van de Vlaamse toetsen, zijn wat die resultaten betreft gehouden tot het beroepsgeheim. Wie dit beroepsgeheim niet naleeft, wordt gestraft met een geldboete van honderd euro tot duizend euro.
  Het is verboden de resultaten van een school of centrum publiek te maken. De niet-naleving van het verbod op openbaarmaking door het school- of cen trumbestuur is een inbreuk op het verbod op oneerlijke concurrentie in de zin van artikel 7.
  De resultaten die behaald zijn bij de Vlaamse toetsen geven geen aanleiding tot de rangschikking van scholen of centra.".
Art. 14. Dans le même Code, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, au même chapitre 3/1, il est inséré un article 115/10, rédigé comme suit :
  " Art. 115/10. L'antenne compétente ou les services compétents de l'Autorité flamande fournissent chaque année les résultats au niveau de l'école ou du centre à l'inspection de l'enseignement, au service d'encadrement pédagogique compétent et au Conseil de l'Enseignement communautaire. Les données des élèves individuels ne sont pas reprises dans cette communication.
  Par dérogation à la réglementation générale du Décret de gouvernance du 7 décembre 2018 relatif à la publicité, les membres de l'inspection de l'enseignement, les membres du personnel des écoles et des centres, de l'Autorité flamande, de l'antenne compétente et des services d'encadrement pédagogique, du Conseil de l'Enseignement communautaire et des autorités scolaires et des centres, qui connaissent les résultats des tests flamands, ne communiquent pas ces résultats à des tiers.
  Par dérogation à l'alinéa 2, une école ou un centre peut communiquer ses propres résultats à des tiers accompagnant l'établissement. Cet organisme d'encadrement s'abstiendra à son tour de divulguer les résultats à des tiers.
  Par dérogation à l'alinéa 2, une école ou un centre peut autoriser la consultation du rapport de retour d'expérience aux parents qui démontrent un intérêt individuel particulier dans leur demande. Cette consultation se limitera aux résultats des tests flamands auxquels l'enfant des parents concernés a lui-même participé. L'autorité scolaire ou l'autorité du centre en détermine la procédure et les modalités. Les parents s'abstiendront à leur tour de divulguer les résultats à des tiers. Les parents qui violent ce devoir de confidentialité peuvent être sanctionnés par une amende de cent à mille euros.
  Les membres des conseils scolaires et des conseils de parents ne peuvent pas divulguer le rapport de retour d'expérience de l'école à des tiers. Ils sont tenus ici à un devoir de confidentialité.
  Les membres de l'inspection de l'enseignement, les membres du personnel des écoles, de l'Autorité flamande, de l'antenne compétente et des services d'encadrement compétents, le Conseil de l'Enseignement communautaire et les autorités scolaires qui connaissent les résultats des tests flamands sont tenus au secret professionnel concernant ces résultats. Toute partie qui ne respecte pas ce secret professionnel sera punie d'une amende allant de cent à mille euros.
  Il est interdit de publier les résultats d'une école ou d'un centre. Le non-respect par l'autorité scolaire ou l'autorité du centre de l'interdiction de publication constitue une violation de l'interdiction de concurrence déloyale au sens de l'article 7.
  Les résultats obtenus aux tests flamands ne donnent pas lieu à un classement des écoles ou des centres. ".
Art. 15. In dezelfde codex, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juli 2022, wordt in hetzelfde hoofdstuk 3/1 een artikel 115/11 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Art. 115/11. De Vlaamse Regering zal een evaluatie doorvoeren die minstens uit volgende onderdelen zal bestaan:
  1° een procesevaluatie onmiddellijk na de testafname in 2023 in het tweede leerjaar van de eerste graad bij een representatieve steekproef van scholen;
  2° onmiddellijk na de eerste toetsafname een procesevaluatie van de eerste toetsafname;
  3° uiterlijk in 2029 een evaluatie van de mate waarin de Vlaamse toetsen de doelstellingen, vermeld in artikel 115/8, § 2, hebben helpen bereiken en van de andere effecten die ze hebben teweeggebracht.".
Art. 15. Dans le même Code, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juillet 2022, au même chapitre 3/1, il est inséré un article 115/11, rédigé comme suit :
  " Art. 115/11. Le Gouvernement flamand procédera à une évaluation qui comprendra au moins les éléments suivants :
  1° une évaluation du processus immédiatement après les tests de 2023 en deuxième année d'études du premier degré, dans un échantillon représentatif d'écoles ;
  2° une évaluation du processus des premiers tests, immédiatement après l'organisation de ceux-ci ;
  3° au plus tard en 2029, une évaluation de la mesure dans laquelle les tests flamands ont contribué à atteindre les objectifs mentionnés à l'article 115/8, § 2, et une appréciation des autres effets qu'ils ont produits. ".
HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van het onderwijs
CHAPITRE 4. - Modifications du décret du 8 mai 2009 relatif à la qualité de l'enseignement
Art. 16. In artikel 38, § 4, van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs, gewijzigd bij het decreet van 23 maart 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
  "1° een reeks vooraf vastgestelde en meegedeelde gegevens met betrekking tot de instelling, waaronder de resultaten op de Vlaamse toetsen indien van toepassing. Die gegevens zijn te relateren aan elementen in het referentiekader onderwijskwaliteit of het referentiekader CLB-kwaliteit, vermeld in artikel 4, § 2, eerste en tweede lid;";
  2° er wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De inspectie kan een doorlichting uitvoeren op grond van herhaaldelijk mindere prestaties op de Vlaamse toetsen of minder leerwinst.".
Art. 16. A l'article 38, § 4, du décret du 8 mai 2009 relatif à la qualité de l'enseignement, modifié en dernier lieu par le décret du 23 mars 2018, les modifications suivantes sont apportées :
  1° à l'alinéa 1er, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
  " 1° d'une série de données sur l'établissement qui sont fixées et communiquées au préalable, y compris, le cas échéant, les résultats aux tests flamands. Ces données sont liées aux éléments du cadre de référence sur la qualité de l'enseignement ou du cadre de référence sur la qualité du CLB, tel que visé à l'article 4, § 2, alinéas 1er et 2 ; " ;
  2° un alinéa 3 est ajouté, rédigé comme suit :
  " L'inspection peut procéder à un audit en raison de performances inférieures répétées aux tests flamands ou de gains d'apprentissage inférieurs. ".
HOOFDSTUK 5. - Inwerkingtreding
CHAPITRE 5. - Entrée en vigueur
Art. 17. Dit decreet treedt in werking op 1 april 2023.
Art. 17. Le présent décret entre en vigueur le 1er avril 2023.