Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
2 FEBRUARI 2023. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot wijziging van diverse besluiten van de Regering van de Franse Gemeenschap betreffende de verloven en de loopbaanonderbrekingen
Titre
2 FEVRIER 2023. - Arrêté du Gouvernement de la Communauté française modifiant divers arrêtés du Gouvernement de la Communauté française relatifs aux congés et aux interruptions de carrière
Informations sur le document
Info du document
Tekst (5)
Texte (5)
Artikel 1. Dit besluit zet, voor het personeel van de diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap, van de Hoge Raad voor de Audiovisuele sector, van Wallonie-Bruxelles Enseignement en van de instellingen van openbaar nut die ressorteren onder het Comité van sector XVII, gedeeltelijk de richtlijn (EU) 2019/ 1158 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 betreffende het evenwicht tussen werk en privéleven voor ouders en mantelzorgers en tot intrekking van Richtlijn 2010/18/EU van de Raad, om.
Article 1er. Le présent arrêté transpose partiellement, pour le personnel des Services du Gouvernement de la Communauté française, du Conseil Supérieur de l'Audiovisuel, de Wallonie-Bruxelles Enseignement et des organismes d'intérêt public qui relève du Comité de secteur XVII, la directive (UE) 2019/1158 du parlement européen et du conseil du 20 juin 2019 concernant l'équilibre entre la vie professionnelle et la vie privée des parents et des aidants et abrogeant la directive 2010/18/UE du conseil.
Art. 2. Artikel 13, 2°, van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenshap van 2 juni 2004 betreffende de verloven en afwezigheden van de personeelsleden van de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap, de Hoge Raad voor de Audiovisuele Sector en de instellingen van openbaar nut die onder het Comité van Sector XVII ressorteren, laatst gewijzigd bij de besluiten van de Regering van de Franse Gemeenschap van 7 juni 2012 en 24 februari 2022, wordt vervangen als volgt :
" 2° bevalling van de echtgenote, van de persoon met wie het personeelslid samenleeft op het ogenblik van de bevalling of de geboorte van het kind ten aanzien van wie het vaderschap van het personeelslid vaststaat : twintig werkdagen. ".
" 2° bevalling van de echtgenote, van de persoon met wie het personeelslid samenleeft op het ogenblik van de bevalling of de geboorte van het kind ten aanzien van wie het vaderschap van het personeelslid vaststaat : twintig werkdagen. ".
Art. 2. L'article 13, 2°, de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 2 juin 2004 relatif aux congés et aux absences des agents des Services du Gouvernement de la Communauté française, du Conseil supérieur de l'Audiovisuel et des organismes d'intérêt public relevant du Comité de Secteur XVII, modifié en dernier lieu par les arrêtés du Gouvernement de la Communauté française du 7 juin 2012 et du 24 février 2022, est remplacé par ce qui suit :
" 2° l'accouchement de l'épouse, de la personne avec laquelle l'agent vit en couple au moment de l'événement ou la naissance de l'enfant à l'égard duquel la paternité de l'agent est établie : vingt jours ouvrables. ".
" 2° l'accouchement de l'épouse, de la personne avec laquelle l'agent vit en couple au moment de l'événement ou la naissance de l'enfant à l'égard duquel la paternité de l'agent est établie : vingt jours ouvrables. ".
Art. 3. Artikel 1 van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 15 september 2006 betreffende het verlof wegens loopbaanonderbreking in de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap, van de Hoge Raad voor de Audiovisuele Sector van de Franse Gemeenschap en van de Instellingen van openbaar nut die onder het Comité van sector XVII ressorteren wordt vervangen als volgt :
" Artikel 1. § 1. Het koninklijk besluit van 7 mei 1999 betreffende de onderbreking van de beroepsloopbaan van het personeel van de besturen en elke bepaling die het zou wijzigen, worden van toepassing op de vastbenoemde personeelsleden van de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap, van de Hoge Raad voor de Audiovisuele Sector, van Wallonie-Bruxelles Enseignement en de van de Instellingen van openbaar nut die onder het Comité van sector XVII ressorteren, onverminderd de artikelen 25 en 26 van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 20 september 2012 tot instelling van een mandatenregeling voor de ambtenaren-generaal van de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap en de instellingen van openbaar nut die onder het Comité van Sector XVII ressorteren.
§ 2. Wanneer het belang van de dienst het vereist, kunnen de volgende verlofdagen worden geweigerd aan de vastbenoemde personeelsleden die houder zijn van een graad van rang 12 of hoger, met uitzondering van de graden van deskundigen toegekend krachtens de artikelen 40/1 en volgende van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 22 juli 1996 houdende het statuut van de ambtenaren van de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap :
1° het verlof voor onderbreking van de beroepsloopbaan bedoeld in Hoofdstuk II van het koninklijk besluit van 7 mei 1999 betreffende de onderbreking van de beroepsloopbaan van het personeel van de besturen;
2° het verlof voor onderbreking van de beroepsloopbaan bedoeld in Hoofdstuk III, afdeling 1 en 2, van het koninklijk besluit van 7 mei 1999 betreffende de onderbreking van de beroepsloopbaan van het personeel van de besturen.
§ 3. Voor de personeelsleden houder van een graad van rang 12 of hoger, met uitzondering van de graden van deskundigen toegekend krachtens de artikelen 40/1 en volgende van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 22 juli 1996 houdende het statuut van de ambtenaren van de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap kan het verlof voor onderbreking van de beroepsloopbaan bedoeld in hoofdstuk III, afdeling 3 van het koninklijk besluit van 7 mei 1999 betreffende de onderbreking van de beroepsloopbaan van het personeel van de besturen, voor een redelijke termijn worden uitgesteld met de reden dat dit verlof nemen op het gevraagde tijdstip de goede werking van de dienst ernstig zou verstoren.
Het uitstel wordt schriftelijk met redenen onkleerd.
§ 4. De bepalingen van hoofdstuk III van hetzelfde besluit en elke bepaling die deze zou wijzigen, zijn van toepassing op de stagedoende personeelsleden die in dezelfde diensten aangeworven zijn.
De bepalingen van hoofdstuk III, afdelingen 2 en 3, van hetzelfde besluit en elke bepaling die deze zou wijzigen, zijn van toepassing op de contractuele personeelsleden die in dezelfde diensten zijn aangeworven. ".
" Artikel 1. § 1. Het koninklijk besluit van 7 mei 1999 betreffende de onderbreking van de beroepsloopbaan van het personeel van de besturen en elke bepaling die het zou wijzigen, worden van toepassing op de vastbenoemde personeelsleden van de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap, van de Hoge Raad voor de Audiovisuele Sector, van Wallonie-Bruxelles Enseignement en de van de Instellingen van openbaar nut die onder het Comité van sector XVII ressorteren, onverminderd de artikelen 25 en 26 van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 20 september 2012 tot instelling van een mandatenregeling voor de ambtenaren-generaal van de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap en de instellingen van openbaar nut die onder het Comité van Sector XVII ressorteren.
§ 2. Wanneer het belang van de dienst het vereist, kunnen de volgende verlofdagen worden geweigerd aan de vastbenoemde personeelsleden die houder zijn van een graad van rang 12 of hoger, met uitzondering van de graden van deskundigen toegekend krachtens de artikelen 40/1 en volgende van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 22 juli 1996 houdende het statuut van de ambtenaren van de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap :
1° het verlof voor onderbreking van de beroepsloopbaan bedoeld in Hoofdstuk II van het koninklijk besluit van 7 mei 1999 betreffende de onderbreking van de beroepsloopbaan van het personeel van de besturen;
2° het verlof voor onderbreking van de beroepsloopbaan bedoeld in Hoofdstuk III, afdeling 1 en 2, van het koninklijk besluit van 7 mei 1999 betreffende de onderbreking van de beroepsloopbaan van het personeel van de besturen.
§ 3. Voor de personeelsleden houder van een graad van rang 12 of hoger, met uitzondering van de graden van deskundigen toegekend krachtens de artikelen 40/1 en volgende van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 22 juli 1996 houdende het statuut van de ambtenaren van de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap kan het verlof voor onderbreking van de beroepsloopbaan bedoeld in hoofdstuk III, afdeling 3 van het koninklijk besluit van 7 mei 1999 betreffende de onderbreking van de beroepsloopbaan van het personeel van de besturen, voor een redelijke termijn worden uitgesteld met de reden dat dit verlof nemen op het gevraagde tijdstip de goede werking van de dienst ernstig zou verstoren.
Het uitstel wordt schriftelijk met redenen onkleerd.
§ 4. De bepalingen van hoofdstuk III van hetzelfde besluit en elke bepaling die deze zou wijzigen, zijn van toepassing op de stagedoende personeelsleden die in dezelfde diensten aangeworven zijn.
De bepalingen van hoofdstuk III, afdelingen 2 en 3, van hetzelfde besluit en elke bepaling die deze zou wijzigen, zijn van toepassing op de contractuele personeelsleden die in dezelfde diensten zijn aangeworven. ".
Art. 3. L'article 1er de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 15 septembre 2006 relatif au congé pour interruption de carrière dans les Services du Gouvernement de la Communauté française, du Conseil supérieur de l'audiovisuel, de Wallonie Bruxelles Enseignement et des organismes d'intérêt public qui relèvent du Comité de Secteur XVII, modifié par l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 10 juillet 2019, est remplacé par ce suit :
" Article 1er. § 1er. L'arrêté royal du 7 mai 1999 relatif à l'interruption de la carrière professionnelle du personnel des administrations et toute disposition qui le modifierait sont applicables aux agents nommés à titre définitif au sein des Services du Gouvernement de la Communauté française, du Conseil supérieur de l'Audiovisuel, de Wallonie-Bruxelles Enseignement et des Organismes d'intérêt public qui relèvent du Comité de Secteur XVII, sans préjudice des articles 25 et 26 de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 20 septembre 2012 instaurant un régime de mandats pour les fonctionnaires généraux des Services du Gouvernement de la Communauté française, du Conseil supérieur de l'Audiovisuel et des Organismes d'intérêt public qui relèvent du Comité de Secteur XVII.
§ 2. Lorsque l'intérêt du service le requiert, les congés suivants peuvent être refusés aux agents nommés à titre définitif titulaires d'un grade de rang 12 ou supérieurs à l'exception des grades d'experts octroyés en application des articles 40/1 et suivants de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 22 juillet 1996 portant statut des agents des Services du Gouvernement :
1° les congés pour interruption de la carrière professionnel visés au Chapitre II de l'arrêté royal du 7 mai 1999 relatif à l'interruption de la carrière professionnelle du personnel des administrations ;
2° les congés pour interruption de la carrière professionnel visé au Chapitre III, section 1 et 2, de l'arrêté royal du 7 mai 1999 relatif à l'interruption de la carrière professionnelle du personnel des administrations.
§ 3. Pour les agents titulaires d'un grade de rang 12 ou supérieurs, à l'exception des grades d'experts octroyés en application des articles 40/1 et suivants de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 22 juillet 1996 portant statut des agents des Services du Gouvernement, le congé pour interruption de la carrière professionnel visé au Chapitre III, section 3 de l'arrêté royal du 7 mai 1999 relatif à l'interruption de la carrière professionnelle du personnel des administrations peut être reporté pour une durée raisonnable au motif que le fait de prendre ce congé au moment demandé perturberait gravement le bon fonctionnement du service.
Le report est justifié par écrit.
§ 4. Les dispositions du chapitre III du même arrêté et toute disposition qui les modifierait sont applicables aux membres du personnel stagiaire engagés dans les mêmes services.
Les dispositions du chapitre III, sections 2 et 3, du même arrêté et toute disposition qui les modifierait sont applicables aux membres du personnel contractuel engagés dans les mêmes services. ".
" Article 1er. § 1er. L'arrêté royal du 7 mai 1999 relatif à l'interruption de la carrière professionnelle du personnel des administrations et toute disposition qui le modifierait sont applicables aux agents nommés à titre définitif au sein des Services du Gouvernement de la Communauté française, du Conseil supérieur de l'Audiovisuel, de Wallonie-Bruxelles Enseignement et des Organismes d'intérêt public qui relèvent du Comité de Secteur XVII, sans préjudice des articles 25 et 26 de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 20 septembre 2012 instaurant un régime de mandats pour les fonctionnaires généraux des Services du Gouvernement de la Communauté française, du Conseil supérieur de l'Audiovisuel et des Organismes d'intérêt public qui relèvent du Comité de Secteur XVII.
§ 2. Lorsque l'intérêt du service le requiert, les congés suivants peuvent être refusés aux agents nommés à titre définitif titulaires d'un grade de rang 12 ou supérieurs à l'exception des grades d'experts octroyés en application des articles 40/1 et suivants de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 22 juillet 1996 portant statut des agents des Services du Gouvernement :
1° les congés pour interruption de la carrière professionnel visés au Chapitre II de l'arrêté royal du 7 mai 1999 relatif à l'interruption de la carrière professionnelle du personnel des administrations ;
2° les congés pour interruption de la carrière professionnel visé au Chapitre III, section 1 et 2, de l'arrêté royal du 7 mai 1999 relatif à l'interruption de la carrière professionnelle du personnel des administrations.
§ 3. Pour les agents titulaires d'un grade de rang 12 ou supérieurs, à l'exception des grades d'experts octroyés en application des articles 40/1 et suivants de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 22 juillet 1996 portant statut des agents des Services du Gouvernement, le congé pour interruption de la carrière professionnel visé au Chapitre III, section 3 de l'arrêté royal du 7 mai 1999 relatif à l'interruption de la carrière professionnelle du personnel des administrations peut être reporté pour une durée raisonnable au motif que le fait de prendre ce congé au moment demandé perturberait gravement le bon fonctionnement du service.
Le report est justifié par écrit.
§ 4. Les dispositions du chapitre III du même arrêté et toute disposition qui les modifierait sont applicables aux membres du personnel stagiaire engagés dans les mêmes services.
Les dispositions du chapitre III, sections 2 et 3, du même arrêté et toute disposition qui les modifierait sont applicables aux membres du personnel contractuel engagés dans les mêmes services. ".
Art. 4. In artikel 26 van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 20 september 2012 tot instelling van een mandatenregeling voor de ambtenaren-generaal van de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap en de instellingen van openbaar nut die onder het Comité van Sector XVII ressorteren, wordt een tweede lid ingevoegd, luidend als volgt :
" Met betrekking tot 4° kan de mandaathouder ouderschapsverlof, loopbaanonderbreking voor palliatieve zorg en verlof voor bijstand of verlenen van zorg aan een gezinslid of familielid tot de tweede graad die aan een ernstige ziekte lijdt, verkrijgen volgens de nadere regels bepaald door het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 15 september 2006 betreffende het verlof wegens loopbaanonderbreking in de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap, van de Hoge Raad voor de Audiovisuele Sector van de Franse Gemeenschap en van de Instellingen van openbaar nut die onder het Comité van sector XVII ressorteren. ".
" Met betrekking tot 4° kan de mandaathouder ouderschapsverlof, loopbaanonderbreking voor palliatieve zorg en verlof voor bijstand of verlenen van zorg aan een gezinslid of familielid tot de tweede graad die aan een ernstige ziekte lijdt, verkrijgen volgens de nadere regels bepaald door het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 15 september 2006 betreffende het verlof wegens loopbaanonderbreking in de Diensten van de Regering van de Franse Gemeenschap, van de Hoge Raad voor de Audiovisuele Sector van de Franse Gemeenschap en van de Instellingen van openbaar nut die onder het Comité van sector XVII ressorteren. ".
Art. 4. A l'article 26 de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 20 septembre 2012 instaurant un régime de mandats pour les fonctionnaires généraux des Services du Gouvernement de la Communauté française, du Conseil supérieur de l'Audiovisuel et des Organismes d'intérêt public qui relèvent du Comité de Secteur XVII, il est inséré un second alinéa, rédigé comme suit :
" Pour ce qui concerne le 4°, le mandataire peut obtenir un congé parental, une interruption de carrière pour soins palliatifs et un congé pour assistance ou octroi de soins à un membre du ménage ou de la famille jusqu'au deuxième degré qui souffre d'une maladie grave selon les modalités fixées par l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 15 septembre 2006 relatif au congé pour interruption de carrière dans les Services du Gouvernement de la Communauté française, du Conseil supérieur de l'audiovisuel, de Wallonie Bruxelles Enseignement et des organismes d'intérêt public qui relèvent du Comité de Secteur XVII. ".
" Pour ce qui concerne le 4°, le mandataire peut obtenir un congé parental, une interruption de carrière pour soins palliatifs et un congé pour assistance ou octroi de soins à un membre du ménage ou de la famille jusqu'au deuxième degré qui souffre d'une maladie grave selon les modalités fixées par l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 15 septembre 2006 relatif au congé pour interruption de carrière dans les Services du Gouvernement de la Communauté française, du Conseil supérieur de l'audiovisuel, de Wallonie Bruxelles Enseignement et des organismes d'intérêt public qui relèvent du Comité de Secteur XVII. ".
Art. 5. De Minister van Ambtenarenzaken is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 5. Le Ministre qui a la fonction publique dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.