Artikel 1 - Artikel 11.1 van het besluit van de Regering van 27 december 1996 houdende organisatie van het Ministerie van de Duitstalige Gemeenschap en houdende regeling van de aanwerving, de loopbaan en de bezoldiging van de ambtenaren, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 17 januari 2013, wordt aangevuld met een tweede lid, luidende:
"Binnen de departementen kan de Regering administratieve eenheiden oprichten die geleid worden door een eenheidshoofd en die bestaan uit minstens drie medewerkers, eenheidshoofd inbegrepen. De eenheidshoofden hebben beslissingsbevoegdheid ten aanzien van hun medewerkers. De eenheidshoofden ressorteren onder het departementshoofd."
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
28 OKTOBER 2021. - Besluit van de Regering tot wijziging van verschillende bepalingen van de rechtspositieregeling en bezoldigingsregeling van het personeel van het Ministerie en van bepaalde organismen van openbaar nut van de Duitstalige Gemeenschap
Titre
28 OCTOBRE 2021. - Arrêté du Gouvernement modifiant différentes dispositions statutaires et pécuniaires concernant le personnel du Ministère et de certains organismes d'intérêt public de la Communauté germanophone
Informations sur le document
Info du document
Table des matières
Table des matières
Tekst (50)
Texte (50)
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van het besluit van de Regering van 27 december 1996 houdende organisatie van het Ministerie van de Duitstalige Gemeenschap en houdende regeling van de aanwerving, de loopbaan en de bezoldiging van de ambtenaren
CHAPITRE 1er. - Modification de l'arrêté du Gouvernement du 27 décembre 1996 portant organisation du Ministère de la Communauté germanophone et réglant le recrutement, la carrière et le statut pécuniaire des agents
Article 1er - L'article 11.1 de l'arrêté du Gouvernement du 27 décembre 1996 portant organisation du Ministère de la Communauté germanophone et réglant le recrutement, la carrière et le statut pécuniaire des agents, inséré par l'arrêté du Gouvernement du 17 janvier 2013, est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Au sein des départements, le Gouvernement peut créer des unités dirigées par un chef d'unité et regroupant au moins trois collaborateurs, en ce compris le chef. Les chefs de cellule ont autorité vis-à-vis des collaborateurs qui leur sont rattachés. Les chefs d'unité sont placés sous la responsabilité du chef de département. "
" Au sein des départements, le Gouvernement peut créer des unités dirigées par un chef d'unité et regroupant au moins trois collaborateurs, en ce compris le chef. Les chefs de cellule ont autorité vis-à-vis des collaborateurs qui leur sont rattachés. Les chefs d'unité sont placés sous la responsabilité du chef de département. "
Art. 2. - In hoofdstuk I, afdeling 2, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Regering van 17 januari 2013, wordt een artikel 11.3 ingevoegd, luidende:
"Art. 11.3 - Om de betrekking van eenheidshoofd in te vullen, doet het departementshoofd in het departement een oproep tot de gegadigden waarin het vereiste profiel wordt bekendgemaakt en vergelijkt het departementshoofd vervolgens de geschiktheid en de vaardigheden van de gegadigden die in aanmerking komen voor de leidinggevende taak. Het departementshoofd stelt vervolgens aan de plaatsvervangende secretaris-generaal bevoegd voor Personeel voor welke administratieve eenheiden hij wil oprichten, wie als eenheidshoofd zou moeten worden aangewezen en welke medewerkers tot de administratieve eenheid zouden moeten behoren. Na overleg met het departementshoofd legt de plaatsvervangende secretaris-generaal bevoegd voor Personeel die voordracht voor aan de Directieraad. De Directieraad legt het voorstel betreffende de aangevraagde structuur van de administratieve eenheid en het voorgestelde eenheidshoofd voor aan de Regering.
De Regering beslist over de structuur van de admnistratieve eenheid en wijst voor een verlengbare termijn van vijf jaar eenheidshoofden aan onder de met "positief" geëvalueerde ambtenaren, contractuelen of met een opdracht voor het Ministerie belaste personeelsleden van het onderwijs.
De plaatsvervangende secretaris-generaal bevoegd voor Personeel beslist op de voordracht van het departementshoofd welke medewerkers aan een eenheidshoofd worden toegewezen vanuit het oogpunt van het personeelsrecht.
Op de voordracht van de directieraad, die de betrokkene vooraf gehoord heeft, kan de Regering de aanwijzing van een eenheidshoofd op grond van ernstige tekortkomingen voortijdig beëindigen.
Het eenheidshoofd kan zijn ambt te allen tijde neerleggen, met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden."
"Art. 11.3 - Om de betrekking van eenheidshoofd in te vullen, doet het departementshoofd in het departement een oproep tot de gegadigden waarin het vereiste profiel wordt bekendgemaakt en vergelijkt het departementshoofd vervolgens de geschiktheid en de vaardigheden van de gegadigden die in aanmerking komen voor de leidinggevende taak. Het departementshoofd stelt vervolgens aan de plaatsvervangende secretaris-generaal bevoegd voor Personeel voor welke administratieve eenheiden hij wil oprichten, wie als eenheidshoofd zou moeten worden aangewezen en welke medewerkers tot de administratieve eenheid zouden moeten behoren. Na overleg met het departementshoofd legt de plaatsvervangende secretaris-generaal bevoegd voor Personeel die voordracht voor aan de Directieraad. De Directieraad legt het voorstel betreffende de aangevraagde structuur van de administratieve eenheid en het voorgestelde eenheidshoofd voor aan de Regering.
De Regering beslist over de structuur van de admnistratieve eenheid en wijst voor een verlengbare termijn van vijf jaar eenheidshoofden aan onder de met "positief" geëvalueerde ambtenaren, contractuelen of met een opdracht voor het Ministerie belaste personeelsleden van het onderwijs.
De plaatsvervangende secretaris-generaal bevoegd voor Personeel beslist op de voordracht van het departementshoofd welke medewerkers aan een eenheidshoofd worden toegewezen vanuit het oogpunt van het personeelsrecht.
Op de voordracht van de directieraad, die de betrokkene vooraf gehoord heeft, kan de Regering de aanwijzing van een eenheidshoofd op grond van ernstige tekortkomingen voortijdig beëindigen.
Het eenheidshoofd kan zijn ambt te allen tijde neerleggen, met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden."
Art. 2. - Dans le chapitre Ier, section 2, du même arrêté, modifiée par l'arrêté du Gouvernement du 17 janvier 2013, il est inséré un article 11.3 rédigé comme suit :
" Art. 11.3 - Pour pouvoir pourvoir au poste de chef d'unité, le chef de département lance un appel aux candidats au sein de son département, contenant le profil exigé, et compare ensuite l'aptitude et les capacités des candidats quant à la mission de management. Ensuite, le chef de département propose au secrétaire général suppléant compétent en matière de personnel les unités qu'il souhaite constituer, la personne qu'il désigne comme chef d'unité et les collaborateurs qui en feront partie. Après délibération avec le chef de département, le secrétaire général suppléant compétent en matière de personnel transmet cette proposition au conseil de direction. Le conseil de direction soumet au Gouvernement la proposition relative à la structure demandée pour l'unité et la personne proposée pour la diriger.
Le Gouvernement statue sur la structure de l'unité et désigne, pour une période renouvelable de cinq ans, des chefs de cellule parmi les agents ayant une évaluation " positive ", qu'ils soient statutaires, contractuels ou détachés de l'enseignement et chargés d'une mission pour le Ministère.
Sur la proposition du chef de département, le secrétaire général suppléant compétent en matière de personnel statue sur l'affectation de collaborateurs auprès d'un chef d'unité.
Le Gouvernement peut, en raison de manquements graves, mettre prématurément fin à la désignation d'un chef d'unité, et ce, sur la proposition du conseil de direction qui aura au préalable entendu l'intéressé.
Le chef d'unité peut en tout temps quitter ses fonctions moyennant un préavis de trois mois. "
" Art. 11.3 - Pour pouvoir pourvoir au poste de chef d'unité, le chef de département lance un appel aux candidats au sein de son département, contenant le profil exigé, et compare ensuite l'aptitude et les capacités des candidats quant à la mission de management. Ensuite, le chef de département propose au secrétaire général suppléant compétent en matière de personnel les unités qu'il souhaite constituer, la personne qu'il désigne comme chef d'unité et les collaborateurs qui en feront partie. Après délibération avec le chef de département, le secrétaire général suppléant compétent en matière de personnel transmet cette proposition au conseil de direction. Le conseil de direction soumet au Gouvernement la proposition relative à la structure demandée pour l'unité et la personne proposée pour la diriger.
Le Gouvernement statue sur la structure de l'unité et désigne, pour une période renouvelable de cinq ans, des chefs de cellule parmi les agents ayant une évaluation " positive ", qu'ils soient statutaires, contractuels ou détachés de l'enseignement et chargés d'une mission pour le Ministère.
Sur la proposition du chef de département, le secrétaire général suppléant compétent en matière de personnel statue sur l'affectation de collaborateurs auprès d'un chef d'unité.
Le Gouvernement peut, en raison de manquements graves, mettre prématurément fin à la désignation d'un chef d'unité, et ce, sur la proposition du conseil de direction qui aura au préalable entendu l'intéressé.
Le chef d'unité peut en tout temps quitter ses fonctions moyennant un préavis de trois mois. "
Art. 3. - Artikel 73 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Regering van 13 maart 2008 en 19 januari 2017, wordt aangevuld met een § 5, luidende:
" § 5 - De diensten die een op te leiden persoon vanaf de leeftijd van 18 jaar in het kader van het praktische gedeelte van een duale opleiding in het Ministerie presteert, worden gelijkgesteld met de in § 1 vermelde diensten bij zijn indienstneming in het Ministerie."
" § 5 - De diensten die een op te leiden persoon vanaf de leeftijd van 18 jaar in het kader van het praktische gedeelte van een duale opleiding in het Ministerie presteert, worden gelijkgesteld met de in § 1 vermelde diensten bij zijn indienstneming in het Ministerie."
Art. 3. - L'article 73 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement des 13 mars 2008 et 19 janvier 2017, est complété par un § 5 rédigé comme suit :
§ 5 - Lors de son engagement auprès du Ministère, les services qu'un apprenant y a prestés à partir de 18 ans dans le cadre de la partie pratique d'une formation en alternance sont assimilés aux services mentionnés au § 1er. "
§ 5 - Lors de son engagement auprès du Ministère, les services qu'un apprenant y a prestés à partir de 18 ans dans le cadre de la partie pratique d'une formation en alternance sont assimilés aux services mentionnés au § 1er. "
Art. 4. - In artikel 81.1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 11 december 2003, worden de woorden "degene die hij voorheen als contractueel personeelslid" vervangen door de woorden "de wedde die hij voorheen als ambtenaar van het Ministerie of als contractueel personeelslid van het Ministerie".
Art. 4. - Dans l'article 81.1 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement du 11 décembre 2003, les mots " qu'agent contractuel " sont remplacés par les mots " qu'agent statutaire ou contractuel du Ministère".
Art. 5. - Artikel 87.2, § 1, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 17 januari 2013, wordt aangevuld met een vijfde lid, luidende:
"Tijdens de duur van zijn aanwijzing als eenheidshoofd ontvangt het eenheidshoofd een toelage voor managements- en stafopdrachten."
"Tijdens de duur van zijn aanwijzing als eenheidshoofd ontvangt het eenheidshoofd een toelage voor managements- en stafopdrachten."
Art. 5. - L'article 87.2, § 1er, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement du 17 janvier 2013, est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Pendant la durée de sa désignation en tant que chef d'unité, celui-ci perçoit une allocation de management et d'encadrement. "
" Pendant la durée de sa désignation en tant que chef d'unité, celui-ci perçoit une allocation de management et d'encadrement. "
Art. 6. - In artikel 87.4 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 5 juli 2007 en gewijzigd bij het besluit van de Regering van 19 januari 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. de eerste zin van het eerste lid wordt het eerste lid;
2. het artikel wordt aangevuld met een tweede lid, luidende:
"In afwijking van het eerste lid ontvangt het eenheidshoofd een toelage die bij een voltijdse betrekking overeenstemt met de helft van het bedrag vermeld in het eerste lid.";
3. de tweede en de derde zin van het eerste lid worden het derde lid;
4. in het tweede lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden "voor de duur" vervangen door de woorden "vanaf de 31ste dag afwezigheid voor de resterende duur";
5. het derde lid wordt het vijfde lid.
1. de eerste zin van het eerste lid wordt het eerste lid;
2. het artikel wordt aangevuld met een tweede lid, luidende:
"In afwijking van het eerste lid ontvangt het eenheidshoofd een toelage die bij een voltijdse betrekking overeenstemt met de helft van het bedrag vermeld in het eerste lid.";
3. de tweede en de derde zin van het eerste lid worden het derde lid;
4. in het tweede lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden "voor de duur" vervangen door de woorden "vanaf de 31ste dag afwezigheid voor de resterende duur";
5. het derde lid wordt het vijfde lid.
Art. 6. - A l'article 87.4 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement du 5 juillet 2007 et modifié par l'arrêté du Gouvernement du 19 janvier 2017, les modifications suivantes sont apportées :
1° l'alinéa 1er, première phrase, devient l'alinéa 1er;
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Par dérogation à l'alinéa 1er, le chef de cellule reçoit une allocation qui, dans le cas d'un temps plein, représente la moitié du montant y mentionné. ";
3° l'alinéa 1er, deuxième et troisième phrases, devient l'alinéa 3;
4° dans l'alinéa 2, qui devient l'alinéa 4, les mots " pour la durée " sont remplacés par les mots " à partir du 31e jour d'absence pour la durée restante ";
5° l'alinéa 3 devient l'alinéa 5.
1° l'alinéa 1er, première phrase, devient l'alinéa 1er;
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Par dérogation à l'alinéa 1er, le chef de cellule reçoit une allocation qui, dans le cas d'un temps plein, représente la moitié du montant y mentionné. ";
3° l'alinéa 1er, deuxième et troisième phrases, devient l'alinéa 3;
4° dans l'alinéa 2, qui devient l'alinéa 4, les mots " pour la durée " sont remplacés par les mots " à partir du 31e jour d'absence pour la durée restante ";
5° l'alinéa 3 devient l'alinéa 5.
Art. 7. - In artikel 109 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 11 december 2003 en gewijzigd bij het besluit van de Regering van 19 januari 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt:
"2° bevalling van de echtgenote/levenspartner:
a) vanaf 1 januari 2021: 15 werkdagen;
b) vanaf 1 januari 2023: 20 werkdagen;"
2. de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
"3° het overlijden van de echtgenoot/echtgenote/levenspartner of het overlijden van een kind van de ambtenaar of van zijn echtgenoot/echtgenote/levenspartner of het overlijden van een pleegkind dat op het tijdstip van overlijden of in het verleden in het kader van een langdurige pleegzorg van ten minste zes maanden in het gezin van het personeelslid werd opgenomen: 10 werkdagen;"
3. er wordt een bepaling onder 3bis ingevoegd, luidende:
"3bis. het overlijden van een bloedverwant of aanverwant in de eerste graad van de ambtenaar of van zijn echtgenoot/echtgenote/levenspartner: 4 werkdagen;"
1. de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt:
"2° bevalling van de echtgenote/levenspartner:
a) vanaf 1 januari 2021: 15 werkdagen;
b) vanaf 1 januari 2023: 20 werkdagen;"
2. de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
"3° het overlijden van de echtgenoot/echtgenote/levenspartner of het overlijden van een kind van de ambtenaar of van zijn echtgenoot/echtgenote/levenspartner of het overlijden van een pleegkind dat op het tijdstip van overlijden of in het verleden in het kader van een langdurige pleegzorg van ten minste zes maanden in het gezin van het personeelslid werd opgenomen: 10 werkdagen;"
3. er wordt een bepaling onder 3bis ingevoegd, luidende:
"3bis. het overlijden van een bloedverwant of aanverwant in de eerste graad van de ambtenaar of van zijn echtgenoot/echtgenote/levenspartner: 4 werkdagen;"
Art. 7. - A l'article 109 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement du 11 décembre 2003 et modifié par l'arrêté du Gouvernement du 19 janvier 2017, les modifications suivantes sont apportées :
1° le 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° accouchement de l'épouse/de la personne avec laquelle l'agent vit maritalement :
a) à partir du 1er janvier 2021 : 15 jours de travail;
b) à partir du 1er janvier 2023 : 20 jours de travail; "
2° le 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° décès du conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement ou d'un enfant de l'agent ou de son conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement ou décès d'un enfant placé dans le foyer du membre du personnel au moment de son décès ou, par le passé, dans le cadre d'une prise en charge de longue durée d'au moins six mois : 10 jours de travail; "
3° l'alinéa est complété par un 3bis rédigé comme suit :
" 3bis décès d'un membre de la famille, parent ou allié au 1er degré de l'agent ou de son conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement : 4 jours de travail; ".
1° le 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° accouchement de l'épouse/de la personne avec laquelle l'agent vit maritalement :
a) à partir du 1er janvier 2021 : 15 jours de travail;
b) à partir du 1er janvier 2023 : 20 jours de travail; "
2° le 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° décès du conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement ou d'un enfant de l'agent ou de son conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement ou décès d'un enfant placé dans le foyer du membre du personnel au moment de son décès ou, par le passé, dans le cadre d'une prise en charge de longue durée d'au moins six mois : 10 jours de travail; "
3° l'alinéa est complété par un 3bis rédigé comme suit :
" 3bis décès d'un membre de la famille, parent ou allié au 1er degré de l'agent ou de son conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement : 4 jours de travail; ".
Art. 8. - Artikel 125, vierde lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 5 juli 2007, wordt opgeheven.
Art. 8. - Dans l'article 125 du même arrêté, l'alinéa 4, inséré par l'arrêté du Gouvernement du 5 juillet 2007, est abrogé.
Art. 9. - In artikel 126, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 11 december 2003 en gewijzigd bij het besluit van de Regering van 19 oktober 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. in de inleidende zin wordt het woord "prenataal" vervangen door de woorden "in artikel 124 vermelde prenataal" en wordt het woord "gewone" vervangen door het woord "gepresteerde";
2. de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
"3° de afwezigheden wegens ziekte of gebrekkigheid";
3. er wordt een bepaling onder 4° ingevoegd, luidende:
"4° de afwezigheden wegens een arbeidsongeval of een ongeval op weg van en naar het werk;"
4. er wordt een bepaling onder 5° ingevoegd, luidende:
"5° voor vrouwelijke ambtenaren die zwanger zijn: de verwijdering van het werk wegens een vastgesteld risico."
1. in de inleidende zin wordt het woord "prenataal" vervangen door de woorden "in artikel 124 vermelde prenataal" en wordt het woord "gewone" vervangen door het woord "gepresteerde";
2. de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
"3° de afwezigheden wegens ziekte of gebrekkigheid";
3. er wordt een bepaling onder 4° ingevoegd, luidende:
"4° de afwezigheden wegens een arbeidsongeval of een ongeval op weg van en naar het werk;"
4. er wordt een bepaling onder 5° ingevoegd, luidende:
"5° voor vrouwelijke ambtenaren die zwanger zijn: de verwijdering van het werk wegens een vastgesteld risico."
Art. 9. - A l'article 126, alinéa 1er, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement du 11 décembre 2003 et modifié par l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2003, les modifications suivantes sont apportées :
1° dans la phrase introductive, les mots " énumérées à l'article 124 " sont insérés entre les mots " congé prénatal " et les mots " , elles sont assimilées ", et les mots " jours ouvrables normaux " sont remplacés par les mots " jours ouvrables prestés ";
2° le 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° les absences pour cause de maladie ou d'infirmité; "
3° l'alinéa est complété par un 4° rédigé comme suit :
" 4° les absences pour cause d'accident du travail ou sur le chemin du travail; "
4° l'alinéa est complété par un 5° rédigé comme suit :
" 5° l'éloignement de l'agent féminin statutaire en raison d'un risque constaté. "
1° dans la phrase introductive, les mots " énumérées à l'article 124 " sont insérés entre les mots " congé prénatal " et les mots " , elles sont assimilées ", et les mots " jours ouvrables normaux " sont remplacés par les mots " jours ouvrables prestés ";
2° le 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° les absences pour cause de maladie ou d'infirmité; "
3° l'alinéa est complété par un 4° rédigé comme suit :
" 4° les absences pour cause d'accident du travail ou sur le chemin du travail; "
4° l'alinéa est complété par un 5° rédigé comme suit :
" 5° l'éloignement de l'agent féminin statutaire en raison d'un risque constaté. "
Art. 10. - Het opschrift van hoofdstuk VIII, afdeling 5, onderafdeling 5.2, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 11 december 2003, wordt vervangen als volgt:
"Onderafdeling 5.2 - Adoptieverlof of pleegouderverlof"
"Onderafdeling 5.2 - Adoptieverlof of pleegouderverlof"
Art. 10. - L'intitulé du chapitre VIII, section 5, sous-section 5.2, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement du 11 décembre 2003, est remplacé par ce qui suit :
" Sous-section 5.2 - Congé d'adoption ou d'accueil ".
" Sous-section 5.2 - Congé d'adoption ou d'accueil ".
Art. 11. - Artikel 133 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 11 december 2003, wordt vervangen als volgt:
"Art. 133 - De ambtenaar heeft op eigen verzoek recht op verlof als hij een minderjarig kind opneemt in het kader van adoptie of pleegzorg.
Het verlof gaat in op de dag dat het minderjarige kind in het gezin van de ambtenaar aankomt. In geval van interlandelijke adoptie kan de ambtenaar het verlof opnemen zodra de beslissing van de centrale autoriteit van de Gemeenschap inzake adoptie om hem een minderjarig kind toe te vertrouwen, voorhanden is.
De duur van het verlof wordt als volgt vastgelegd:
1. acht weken vanaf 1 januari 2021;
2. negen weken vanaf 1 januari 2023;
3. tien weken vanaf 1 januari 2025;
4. elf weken vanaf 1 januari 2027.
Voor de vaststelling van de duur van het verlof is de dag vermeld in het tweede lid doorslaggevend.
Indien meer dan één minderjarig kind tegelijkertijd wordt opgenomen, wordt de duur van het verlof met twee weken verlengd."
"Art. 133 - De ambtenaar heeft op eigen verzoek recht op verlof als hij een minderjarig kind opneemt in het kader van adoptie of pleegzorg.
Het verlof gaat in op de dag dat het minderjarige kind in het gezin van de ambtenaar aankomt. In geval van interlandelijke adoptie kan de ambtenaar het verlof opnemen zodra de beslissing van de centrale autoriteit van de Gemeenschap inzake adoptie om hem een minderjarig kind toe te vertrouwen, voorhanden is.
De duur van het verlof wordt als volgt vastgelegd:
1. acht weken vanaf 1 januari 2021;
2. negen weken vanaf 1 januari 2023;
3. tien weken vanaf 1 januari 2025;
4. elf weken vanaf 1 januari 2027.
Voor de vaststelling van de duur van het verlof is de dag vermeld in het tweede lid doorslaggevend.
Indien meer dan één minderjarig kind tegelijkertijd wordt opgenomen, wordt de duur van het verlof met twee weken verlengd."
Art. 11. - L'article 133 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement du 11 décembre 2003, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 133 - L'agent statutaire a droit, à sa demande, à un congé lorsqu'il accueille un enfant mineur en vue de l'adoption ou de la tutelle officieuse.
Le congé prend cours le jour où l'enfant mineur rejoint le ménage de l'agent statutaire. En cas d'adoption internationale, l'agent statutaire peut solliciter le congé dès que l'autorité centrale communautaire en matière d'adoption a pris la décision de lui confier un enfant mineur.
La durée du congé est fixée comme suit :
1° huit semaines à partir du 1er janvier 2021;
2° neuf semaines à partir du 1er janvier 2023;
3° dix semaines à partir du 1er janvier 2025;
4° onze semaines à partir du 1er janvier 2027.
C'est le jour mentionné à l'alinéa 2 qui est déterminant pour la fixation de la durée du congé.
En cas d'accueil simultané de plusieurs enfants mineurs, la durée du congé est prolongée de deux semaines. "
" Art. 133 - L'agent statutaire a droit, à sa demande, à un congé lorsqu'il accueille un enfant mineur en vue de l'adoption ou de la tutelle officieuse.
Le congé prend cours le jour où l'enfant mineur rejoint le ménage de l'agent statutaire. En cas d'adoption internationale, l'agent statutaire peut solliciter le congé dès que l'autorité centrale communautaire en matière d'adoption a pris la décision de lui confier un enfant mineur.
La durée du congé est fixée comme suit :
1° huit semaines à partir du 1er janvier 2021;
2° neuf semaines à partir du 1er janvier 2023;
3° dix semaines à partir du 1er janvier 2025;
4° onze semaines à partir du 1er janvier 2027.
C'est le jour mentionné à l'alinéa 2 qui est déterminant pour la fixation de la durée du congé.
En cas d'accueil simultané de plusieurs enfants mineurs, la durée du congé est prolongée de deux semaines. "
Art. 12. - In hoofdstuk VIII, afdeling 7, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 11 december 2003 en gewijzigd bij het besluit van de Regering van 17 januari 2013, wordt een artikel 148.1 ingevoegd, luidende:
"Art. 148.1 - Tot het begin van het moederschapsverlof worden de ziektedagen die rechtstreeks samenhangen met de zwangerschap van de vrouwelijke ambtenaar niet afgetrokken van het in artikel 145 vermelde aantal ziektedagen, op voorwaarde dat de afwezigheid gestaafd wordt door een medisch attest en die samenhang bevestigd wordt door de arts die door de Regering belast is met de controle van de afwezigheden wegens ziekte of gebrekkigheid. Die afwezigheden zijn bezoldigd en worden gelijkgesteld met een periode van dienstactiviteit."
"Art. 148.1 - Tot het begin van het moederschapsverlof worden de ziektedagen die rechtstreeks samenhangen met de zwangerschap van de vrouwelijke ambtenaar niet afgetrokken van het in artikel 145 vermelde aantal ziektedagen, op voorwaarde dat de afwezigheid gestaafd wordt door een medisch attest en die samenhang bevestigd wordt door de arts die door de Regering belast is met de controle van de afwezigheden wegens ziekte of gebrekkigheid. Die afwezigheden zijn bezoldigd en worden gelijkgesteld met een periode van dienstactiviteit."
Art. 12. - Dans le chapitre VIII, section 7, du même arrêté, insérée par l'arrêté du Gouvernement du 11 décembre 2003 et modifiée par l'arrêté du Gouvernement du 17 janvier 2013, il est inséré un article 148.1 rédigé comme suit :
" Art. 148.1 - Jusqu'au début du congé de maternité, les jours de maladie directement liés à l'état de grossesse de l'agent féminin statutaire ne sont pas pris en considération pour fixer le nombre de jours de congé pour cause de maladie mentionné à l'article 145, à condition que l'absence soit couverte par un certificat médical et que le médecin chargé par le Gouvernement de contrôler les absences pour cause de maladie ou d'infirmité confirme que l'absence est liée à l'état de grossesse. Ces absences sont rémunérées et assimilées à des périodes d'activité de service. "
" Art. 148.1 - Jusqu'au début du congé de maternité, les jours de maladie directement liés à l'état de grossesse de l'agent féminin statutaire ne sont pas pris en considération pour fixer le nombre de jours de congé pour cause de maladie mentionné à l'article 145, à condition que l'absence soit couverte par un certificat médical et que le médecin chargé par le Gouvernement de contrôler les absences pour cause de maladie ou d'infirmité confirme que l'absence est liée à l'état de grossesse. Ces absences sont rémunérées et assimilées à des périodes d'activité de service. "
Art. 13. - In hoofdstuk XII van hetzelfde besluit, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 10 maart 2005, wordt een artikel 225.2 ingevoegd, luidende:
"Art. 225.2 - In afwijking van artikel 87.4, tweede lid, blijven medewerkers die op 31 oktober 2021 de in artikel 87.4, eerste lid, vermelde toelage ontvangen en niet als lid van de directieraad, als departementshoofd of als hoofd van een dienst met afzonderlijk beheer aangewezen zijn, vanaf de inwerkingtreding van het besluit de in artikel 87.4, eerste lid, vermelde toelage ontvangen, indien ze worden aangewezen als eenheidshoofd."
"Art. 225.2 - In afwijking van artikel 87.4, tweede lid, blijven medewerkers die op 31 oktober 2021 de in artikel 87.4, eerste lid, vermelde toelage ontvangen en niet als lid van de directieraad, als departementshoofd of als hoofd van een dienst met afzonderlijk beheer aangewezen zijn, vanaf de inwerkingtreding van het besluit de in artikel 87.4, eerste lid, vermelde toelage ontvangen, indien ze worden aangewezen als eenheidshoofd."
Art. 13. - Dans le chapitre XII du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 10 mars 2005, il est inséré un article 225.2 rédigé comme suit :
" Art. 225.2 - Par dérogation à l'article 87.4, alinéa 2, les collaborateurs qui, le 31 octobre 2021, perçoivent l'allocation mentionnée à l'article 87.4, alinéa 1er, et n'ont pas été désignés en tant que membre du comité de direction, chef de département ou chef d'un service à gestion séparée, continuent de percevoir ladite allocation à partir de l'entrée en vigueur de l'arrêté s'ils sont désignés en tant que chefs d'unité. "
" Art. 225.2 - Par dérogation à l'article 87.4, alinéa 2, les collaborateurs qui, le 31 octobre 2021, perçoivent l'allocation mentionnée à l'article 87.4, alinéa 1er, et n'ont pas été désignés en tant que membre du comité de direction, chef de département ou chef d'un service à gestion séparée, continuent de percevoir ladite allocation à partir de l'entrée en vigueur de l'arrêté s'ils sont désignés en tant que chefs d'unité. "
Art. 14. - In hetzelfde hoofdstuk wordt een artikel 225.3 ingevoegd, luidende:
"Art. 225.3 - In afwijking van artikel 11.3, tweede lid, wijst de Regering - bij inwerkingtreding van het besluit van de Regering van 28 oktober 2021 tot wijziging van verschillende bepalingen van de rechtspositieregeling en bezoldigingsregeling van het personeel van het Ministerie en van bepaalde organismen van openbaar nut van de Duitstalige Gemeenschap - de medewerkers die op de dag vóór de inwerkingtreding - met toepassing van de artikelen 7 en 9.1 van het besluit van 17 juli 2003 tot bepaling van de rechtspositie van het contractueel personeel van het Ministerie van de Duitstalige Gemeenschap en van bepaalde organismen van openbaar nut - aangesteld waren als teamleider, op de datum van inwerkingtreding van het besluit aan als eenheidshoofd en dit voor de resterende duur van hun initiële aanstelling als teamleider."
"Art. 225.3 - In afwijking van artikel 11.3, tweede lid, wijst de Regering - bij inwerkingtreding van het besluit van de Regering van 28 oktober 2021 tot wijziging van verschillende bepalingen van de rechtspositieregeling en bezoldigingsregeling van het personeel van het Ministerie en van bepaalde organismen van openbaar nut van de Duitstalige Gemeenschap - de medewerkers die op de dag vóór de inwerkingtreding - met toepassing van de artikelen 7 en 9.1 van het besluit van 17 juli 2003 tot bepaling van de rechtspositie van het contractueel personeel van het Ministerie van de Duitstalige Gemeenschap en van bepaalde organismen van openbaar nut - aangesteld waren als teamleider, op de datum van inwerkingtreding van het besluit aan als eenheidshoofd en dit voor de resterende duur van hun initiële aanstelling als teamleider."
Art. 14. - Dans le même chapitre, il est inséré un article 225.3 rédigé comme suit :
" Art. 225.3 - Par dérogation à l'article 11.3, alinéa 2, le Gouvernement désigne comme chefs d'unité, au moment de l'entrée en vigueur de l'arrêté du Gouvernement du 28 octobre 2021 modifiant différentes dispositions statutaires et pécuniaires concernant le personnel du Ministère et de certains organismes d'intérêt public de la Communauté germanophone, les collaborateurs qui, à la veille de cette date étaient désignés en tant que chefs d'équipe en application des articles 7 et 9.1 de l'arrêté du Gouvernement du 17 juillet 2003 déterminant la position juridique du personnel contractuel du Ministère de la Communauté germanophone et de certains organismes d'intérêt public, et ce, pour la durée restante de leur désignation initiale en tant que chef d'équipe. "
" Art. 225.3 - Par dérogation à l'article 11.3, alinéa 2, le Gouvernement désigne comme chefs d'unité, au moment de l'entrée en vigueur de l'arrêté du Gouvernement du 28 octobre 2021 modifiant différentes dispositions statutaires et pécuniaires concernant le personnel du Ministère et de certains organismes d'intérêt public de la Communauté germanophone, les collaborateurs qui, à la veille de cette date étaient désignés en tant que chefs d'équipe en application des articles 7 et 9.1 de l'arrêté du Gouvernement du 17 juillet 2003 déterminant la position juridique du personnel contractuel du Ministère de la Communauté germanophone et de certains organismes d'intérêt public, et ce, pour la durée restante de leur désignation initiale en tant que chef d'équipe. "
Art. 15. - In bijlage II van hetzelfde besluit worden de weddeschalen opgenomen die in bijlage 1 van dit besluit worden vermeld.
Art. 15. - L'annexe II du même arrêté est complétée par les échelles de traitement figurant à l'annexe 1re jointe au présent arrêté.
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van het besluit van de Regering van 7 juni 2001 houdende organisatie van de organismen van openbaar nut der Duitstalige Gemeenschap en houdende regeling van de aanwerving, de loopbaan en de bezoldiging van de ambtenaren ervan
CHAPITRE 2. - Modification de l'arrêté du Gouvernement du 7 juin 2001 portant organisation des organismes d'intérêt public de la Communauté germanophone et réglant le recrutement, la carrière et le statut pécuniaire de leurs agents
Art. 16. - In het besluit van de Regering van 7 juni 2001 houdende organisatie van de organismen van openbaar nut der Duitstalige Gemeenschap en houdende regeling van de aanwerving, de loopbaan en de bezoldiging van de ambtenaren ervan, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 19 januari 2017, wordt een artikel 9.1 ingevoegd, luidende:
"Art. 9.1 - In artikel 11.1 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. in het eerste lid worden de woorden "van het Ministerie" vervangen door de woorden "van het organisme", worden de woorden "De Regering" vervangen door de woorden "De raad van bestuur" en worden de woorden "de Minister die bevoegd is voor de betrokken aangelegenheden" vervangen door de woorden "de afgevaardigd directeur";
2. het artikel wordt aangevuld met een derde lid, luidende:
"De Regering bepaalt het aantal departementen en het aantal administratieve eenheiden binnen het organisme."
"Art. 9.1 - In artikel 11.1 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. in het eerste lid worden de woorden "van het Ministerie" vervangen door de woorden "van het organisme", worden de woorden "De Regering" vervangen door de woorden "De raad van bestuur" en worden de woorden "de Minister die bevoegd is voor de betrokken aangelegenheden" vervangen door de woorden "de afgevaardigd directeur";
2. het artikel wordt aangevuld met een derde lid, luidende:
"De Regering bepaalt het aantal departementen en het aantal administratieve eenheiden binnen het organisme."
Art. 16. - Dans l'arrêté du Gouvernement du 7 juin 2001 portant organisation des organismes d'intérêt public de la Communauté germanophone et réglant le recrutement, la carrière et le statut pécuniaire de leurs agents, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 19 janvier 2017, il est inséré un article 9.1 rédigé comme suit :
" Art. 9.1 - A l'article 11.1 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° dans l'alinéa 1er, les mots " du Ministère ", " par le Gouvernement " et " du ministre compétent pour les matières concernées " sont respectivement remplacé par les mots " de l'organisme ", " par le conseil d'administration " et " du directeur délégué ";
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Le Gouvernement fixe le nombre de départements et des unités au sein de l'organisme. "
" Art. 9.1 - A l'article 11.1 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° dans l'alinéa 1er, les mots " du Ministère ", " par le Gouvernement " et " du ministre compétent pour les matières concernées " sont respectivement remplacé par les mots " de l'organisme ", " par le conseil d'administration " et " du directeur délégué ";
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Le Gouvernement fixe le nombre de départements et des unités au sein de l'organisme. "
Art. 17. - In hetzelfde besluit, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 19 januari 2017, wordt een artikel 9.2 ingevoegd, luidende:
"Art. 9.2 - In artikel 11.2 van hetzelfde besluit worden de woorden "De Regering" vervangen door de woorden "De raad van bestuur" en worden de woorden "het Ministerie" vervangen door de woorden "het organisme".
"Art. 9.2 - In artikel 11.2 van hetzelfde besluit worden de woorden "De Regering" vervangen door de woorden "De raad van bestuur" en worden de woorden "het Ministerie" vervangen door de woorden "het organisme".
Art. 17. - Dans le même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du 19 janvier 2017, il est inséré un article 9.2 rédigé comme suit :
" Art. 9.2 - Dans l'article 11.2 du même arrêté, les mots " Le Gouvernement " et " le Ministère " sont respectivement remplacés par les mots " Le conseil d'administration " et " l'organisme ".
" Art. 9.2 - Dans l'article 11.2 du même arrêté, les mots " Le Gouvernement " et " le Ministère " sont respectivement remplacés par les mots " Le conseil d'administration " et " l'organisme ".
Art. 18. - In hetzelfde besluit, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 19 januari 2017, wordt een artikel 9.3 ingevoegd, luidende:
"Art. 9.3 - In artikel 11.3 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. de woorden "het Ministerie" worden vervangen door de woorden "het organisme" en de woorden "de plaatsvervangende secretaris-generaal bevoegd voor Personeel" wordt telkens vervangen door de woorden "de afgevaardigd directeur";
2. het artikel wordt aangevuld met een zesde lid, luidende:
"Als het organisme geen directieraad heeft, worden de taken van de directieraad uitgeoefend door de raad van bestuur."
"Art. 9.3 - In artikel 11.3 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. de woorden "het Ministerie" worden vervangen door de woorden "het organisme" en de woorden "de plaatsvervangende secretaris-generaal bevoegd voor Personeel" wordt telkens vervangen door de woorden "de afgevaardigd directeur";
2. het artikel wordt aangevuld met een zesde lid, luidende:
"Als het organisme geen directieraad heeft, worden de taken van de directieraad uitgeoefend door de raad van bestuur."
Art. 18. - Dans le même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du 19 janvier 2017, il est inséré un article 9.3 rédigé comme suit :
" Art. 9.3 - A l'article 11.3 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° les mots " le Ministère " sont remplacés par les mots " l'organisme " et les mots " secrétaire général suppléant compétent en matière de Personnel " par les mots " directeur délégué ";
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" S'il n'existe pas de conseil de direction au sein de l'organisme, c'est le conseil d'administration qui en remplit les missions. "
" Art. 9.3 - A l'article 11.3 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° les mots " le Ministère " sont remplacés par les mots " l'organisme " et les mots " secrétaire général suppléant compétent en matière de Personnel " par les mots " directeur délégué ";
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" S'il n'existe pas de conseil de direction au sein de l'organisme, c'est le conseil d'administration qui en remplit les missions. "
Art. 19. - In hetzelfde besluit, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 19 januari 2017, wordt een artikel 14.1 ingevoegd, luidende:
"Art. 14.1 - Artikel 58 van hetzelfde besluit wordt aangevuld met een vierde lid, luidende:
"De 'vermindering van de rang- of niveauanciënniteit' vermeld in het tweede en het derde lid moet vooraf schriftelijk worden goedgekeurd door de Regering."
"Art. 14.1 - Artikel 58 van hetzelfde besluit wordt aangevuld met een vierde lid, luidende:
"De 'vermindering van de rang- of niveauanciënniteit' vermeld in het tweede en het derde lid moet vooraf schriftelijk worden goedgekeurd door de Regering."
Art. 19. - Dans le même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du 19 janvier 2017, il est inséré un article 14.1 rédigé comme suit :
" Art. 14.1 - L'article 58 du même arrêté est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" La réduction de l'ancienneté de rang ou de niveau, selon le cas, mentionnée aux alinéas 2 et 3, requiert l'autorisation préalable du Gouvernement. "
" Art. 14.1 - L'article 58 du même arrêté est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" La réduction de l'ancienneté de rang ou de niveau, selon le cas, mentionnée aux alinéas 2 et 3, requiert l'autorisation préalable du Gouvernement. "
Art. 20. - In artikel 15.15 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 5 juli 2007 en vervangen bij het besluit van de Regering van 19 januari 2017, wordt het daarin vervatte artikel 87.2, § 1, van het besluit van 27 december 1996 aangevuld met een vijfde lid, luidende:
"Tijdens de duur van zijn aanwijzing als eenheidshoofd ontvangt het eenheidshoofd een toelage voor managements- en stafopdrachten."
"Tijdens de duur van zijn aanwijzing als eenheidshoofd ontvangt het eenheidshoofd een toelage voor managements- en stafopdrachten."
Art. 20. - Dans l'article 15.15 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement du 5 juillet 2007 et remplacé par l'arrêté du Gouvernement du 19 janvier 2017, la version de l'article 87.2, § 1er, est complétée par un alinéa rédigé comme suit :
" Pendant la durée de sa désignation en tant que chef d'unité, celui-ci perçoit une allocation de management et d'encadrement. "
" Pendant la durée de sa désignation en tant que chef d'unité, celui-ci perçoit une allocation de management et d'encadrement. "
Art. 21. - In hetzelfde besluit, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 19 januari 2017, wordt een artikel 15.6 ingevoegd, luidende:
"Art. 15.6 - In artikel 87.5 van hetzelfde besluit van de Regering worden de woorden "door de Regering" vervangen door de woorden "door de raad van bestuur".
"Art. 15.6 - In artikel 87.5 van hetzelfde besluit van de Regering worden de woorden "door de Regering" vervangen door de woorden "door de raad van bestuur".
Art. 21. - Dans le même arrêté, modifié en dernier lieu par le décret du 19 janvier 2017, il est inséré un article 15.16 rédigé comme suit :
" Art. 15.16 - Dans l'article 87.5 du même arrêté du Gouvernement, les mots " par le Gouvernement " sont remplacés par les mots " par le conseil d'administration ".
" Art. 15.16 - Dans l'article 87.5 du même arrêté du Gouvernement, les mots " par le Gouvernement " sont remplacés par les mots " par le conseil d'administration ".
HOOFDSTUK 3. - Wijziging van het besluit van de Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de rechtspositie van het contractueel personeel van het Ministerie van de Duitstalige Gemeenschap en van bepaalde organismen van openbaar nut
CHAPITRE 3. - Modification de l'arrêté du Gouvernement du 17 juillet 2003 déterminant la position juridique du personnel contractuel du Ministère de la Communauté germanophone et de certains organismes d'intérêt public
Art. 22. - In artikel 2, § 1, tweede lid, van het besluit van de Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de rechtspositie van het contractueel personeel van het Ministerie van de Duitstalige Gemeenschap en van bepaalde organismen van openbaar nut, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 23 mei 2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt:
"2° bij indienstnemingen voor ten hoogste drie maanden die wegens dringende noodzakelijkheid of met toepassing van artikel 4 geschieden;"
2° in de bepaling onder 3° wordt het woord "weerdienstneming" telkens vervangen door de woorden "nieuwe indienstneming" en voorts wordt de bepaling onder 3° aangevuld met de woorden ", voor zover een openbare oproep tot de gegadigden werd gedaan voor de vorige aanstelling van bepaalde duur, voor zover de nieuwe indienstneming betrekking heeft op dezelfde of een vergelijkbare betrekking als die waarvoor een openbare oproep tot de gegadigden werd gedaan en voor zover de duur van de nieuwe arbeidsovereenkomst niet wezenlijk verschilt van de duur van de oorspronkelijke arbeidsovereenkomst;"
1° de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt:
"2° bij indienstnemingen voor ten hoogste drie maanden die wegens dringende noodzakelijkheid of met toepassing van artikel 4 geschieden;"
2° in de bepaling onder 3° wordt het woord "weerdienstneming" telkens vervangen door de woorden "nieuwe indienstneming" en voorts wordt de bepaling onder 3° aangevuld met de woorden ", voor zover een openbare oproep tot de gegadigden werd gedaan voor de vorige aanstelling van bepaalde duur, voor zover de nieuwe indienstneming betrekking heeft op dezelfde of een vergelijkbare betrekking als die waarvoor een openbare oproep tot de gegadigden werd gedaan en voor zover de duur van de nieuwe arbeidsovereenkomst niet wezenlijk verschilt van de duur van de oorspronkelijke arbeidsovereenkomst;"
Art. 22. - A l'article 2, alinéa 2 de l'arrêté du Gouvernement du 17 juillet 2003 déterminant la position juridique du personnel contractuel du Ministère de la Communauté germanophone et de certains organismes d'intérêt public, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 23 mai 2019, les modifications suivantes sont apportées :
1° le 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° lors d'engagements intervenant en raison d'une urgence ou en application de l'article 4 et dont la durée n'excède pas trois mois; "
2° dans le 3°, la phrase est complétée par les mots " , que la relation temporaire de travail précédente ait fait l'objet d'un appel écrit aux candidats, que le nouvel engagement concerne le même poste ou un poste similaire pour lequel un appel écrit aux candidats a été lancé et que la durée du nouveau contrat de travail ne diffère pas outre mesure de la durée originaire ".
1° le 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° lors d'engagements intervenant en raison d'une urgence ou en application de l'article 4 et dont la durée n'excède pas trois mois; "
2° dans le 3°, la phrase est complétée par les mots " , que la relation temporaire de travail précédente ait fait l'objet d'un appel écrit aux candidats, que le nouvel engagement concerne le même poste ou un poste similaire pour lequel un appel écrit aux candidats a été lancé et que la durée du nouveau contrat de travail ne diffère pas outre mesure de la durée originaire ".
Art. 23. - Artikel 7 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Regering van 19 januari 2017, wordt opgeheven.
Art. 23. - L'article 7 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement du 19 janvier 2017, est abrogé.
Art. 24. - Artikel 9.1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Regering van 19 januari 2017, wordt opgeheven.
Art. 24. - L'article 9.1 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement du 19 janvier 2017, est abrogé.
HOOFDSTUK 4. - Wijziging van het besluit van de Regering van 23 mei 2019 houdende organisatie van het Belgisch Radio- en Televisiecentrum van de Duitstalige Gemeenschap en houdende regeling van de aanwerving, de loopbaan en de bezoldiging van de ambtenaren
CHAPITRE 4. - Modification de l'arrêté du Gouvernement du 23 mai 2019 portant organisation du Centre belge pour la Radiodiffusion-Télévision de la Communauté germanophone et réglant le recrutement, la carrière et le statut pécuniaire des agents
Art. 25. - In artikel 11 van het besluit van de Regering van 23 mei 2019 houdende organisatie van het Belgisch Radio- en Televisiecentrum van de Duitstalige Gemeenschap en houdende regeling van de aanwerving, de loopbaan en de bezoldiging van de ambtenaren worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. het artikel wordt aangevuld met een derde lid, luidende:
"Binnen de departementen kan de raad van beheer administratieve eenheiden oprichten die geleid worden door een eenheidshoofd en die bestaan uit minstens drie medewerkers, eenheidshoofd inbegrepen. De eenheidshoofden hebben beslissingsbevoegdheid ten aanzien van hun medewerkers. De eenheidshoofden ressorteren onder het departementshoofd."
2. het artikel wordt aangevuld met een vierde lid, luidende:
"De Regering bepaalt het aantal cellen binnen het BRF."
1. het artikel wordt aangevuld met een derde lid, luidende:
"Binnen de departementen kan de raad van beheer administratieve eenheiden oprichten die geleid worden door een eenheidshoofd en die bestaan uit minstens drie medewerkers, eenheidshoofd inbegrepen. De eenheidshoofden hebben beslissingsbevoegdheid ten aanzien van hun medewerkers. De eenheidshoofden ressorteren onder het departementshoofd."
2. het artikel wordt aangevuld met een vierde lid, luidende:
"De Regering bepaalt het aantal cellen binnen het BRF."
Art. 25. - A l'article 11 de l'arrêté du Gouvernement du 23 mai 2019 portant organisation du Centre belge pour la Radiodiffusion-Télévision de la Communauté germanophone et réglant le recrutement, la carrière et le statut pécuniaire des agents, les modifications suivantes sont apportées :
1° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Au sein des départements, le conseil d'administration peut créer des unités dirigées par un chef d'unité et regroupant au moins trois collaborateurs, le chef y compris. Les chefs d'unité ont autorité vis-à-vis des collaborateurs qui leur sont rattachés. Les chefs d'unité sont placés sous la responsabilité du chef de département. "
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Le Gouvernement fixe le nombre d'unité au sein du BRF. "
1° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Au sein des départements, le conseil d'administration peut créer des unités dirigées par un chef d'unité et regroupant au moins trois collaborateurs, le chef y compris. Les chefs d'unité ont autorité vis-à-vis des collaborateurs qui leur sont rattachés. Les chefs d'unité sont placés sous la responsabilité du chef de département. "
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Le Gouvernement fixe le nombre d'unité au sein du BRF. "
Art. 26. - In hoofdstuk I, afdeling 2, van hetzelfde besluit wordt een artikel 12.1 ingevoegd, luidende:
"Art. 12.1 - De raad van beheer wijst voor een verlengbare termijn van vijf jaar eenheidshoofden aan onder de met "positief" geëvalueerde ambtenaren, contractuelen of met een opdracht voor het BRF belaste personeelsleden van het onderwijs.
Om de betrekking van eenheidshoofd in te vullen, doet het departementshoofd in het departement een oproep tot de gegadigden waarin het vereiste profiel wordt bekendgemaakt en vergelijkt het departementshoofd vervolgens de geschiktheid en de vaardigheden van de gegadigden die in aanmerking komen voor de leidinggevende taak. Het departementshoofd stelt vervolgens aan de directeur voor welke administratieve eenheiden hij wil oprichten, wie als eenheidshoofd zou moeten worden aangewezen en welke medewerkers tot de administratieve eenheid zouden moeten behoren. Na overleg met het departementshoofd legt de directeur die voordracht voor aan de directieraad. De directieraad legt het voorstel betreffende de aangevraagde structuur van de administratieve eenheid en het voorgestelde eenheidshoofd voor aan de raad van beheer.
De raad van beheer beslist over de structuur van de administratieve eenheid en wijst het eenheidshoofd aan voor een verlengbare termijn van vijf jaar onder de met "positief" geëvalueerde ambtenaren en contractuelen.
De directeur beslist op de voordracht van het departementshoofd welke medewerkers aan een eenheidshoofd worden toegewezen vanuit het oogpunt van het personeelsrecht.
Op de voordracht van de directieraad, die de betrokkene vooraf gehoord heeft, kan de raad van beheer de aanwijzing van een eenheidshoofd op grond van ernstige tekortkomingen voortijdig beëindigen.
Het eenheidshoofd kan zijn ambt te allen tijde neerleggen, met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden."
"Art. 12.1 - De raad van beheer wijst voor een verlengbare termijn van vijf jaar eenheidshoofden aan onder de met "positief" geëvalueerde ambtenaren, contractuelen of met een opdracht voor het BRF belaste personeelsleden van het onderwijs.
Om de betrekking van eenheidshoofd in te vullen, doet het departementshoofd in het departement een oproep tot de gegadigden waarin het vereiste profiel wordt bekendgemaakt en vergelijkt het departementshoofd vervolgens de geschiktheid en de vaardigheden van de gegadigden die in aanmerking komen voor de leidinggevende taak. Het departementshoofd stelt vervolgens aan de directeur voor welke administratieve eenheiden hij wil oprichten, wie als eenheidshoofd zou moeten worden aangewezen en welke medewerkers tot de administratieve eenheid zouden moeten behoren. Na overleg met het departementshoofd legt de directeur die voordracht voor aan de directieraad. De directieraad legt het voorstel betreffende de aangevraagde structuur van de administratieve eenheid en het voorgestelde eenheidshoofd voor aan de raad van beheer.
De raad van beheer beslist over de structuur van de administratieve eenheid en wijst het eenheidshoofd aan voor een verlengbare termijn van vijf jaar onder de met "positief" geëvalueerde ambtenaren en contractuelen.
De directeur beslist op de voordracht van het departementshoofd welke medewerkers aan een eenheidshoofd worden toegewezen vanuit het oogpunt van het personeelsrecht.
Op de voordracht van de directieraad, die de betrokkene vooraf gehoord heeft, kan de raad van beheer de aanwijzing van een eenheidshoofd op grond van ernstige tekortkomingen voortijdig beëindigen.
Het eenheidshoofd kan zijn ambt te allen tijde neerleggen, met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden."
Art. 26. - Dans le chapitre Ier, section 2, du même arrêté, il est inséré un article 12.1 rédigé comme suit :
" Art. 12.1 - Le conseil d'administration désigne, pour une période renouvelable de cinq ans, des chefs d'unité parmi les agents ayant une évaluation " positive ", qu'ils soient statutaires, contractuels ou détachés de l'enseignement et chargés d'une mission pour le BRF.
Le chef de département lance un appel aux candidats au sein de son département, contenant le profil exigé, et compare ensuite l'aptitude et les capacités des candidats quant à la mission de management. Ensuite, le chef de département propose au directeur les unités qu'il souhaite constituer, la personne qu'il désigne comme chef d'unité et les collaborateurs qui en feront partie. Après délibération avec le chef de département, le directeur transmet cette proposition au conseil de direction. Le conseil de direction soumet au conseil d'administration la proposition relative à la structure demandée pour l'unité et la personne proposée pour la diriger.
Le conseil d'administration statue sur la structure de l'unité et désigne, pour une période renouvelable de cinq ans, le chef d'unité parmi les agents ayant une évaluation " positive ".
Sur la proposition du chef de département, le directeur statue sur l'affectation de collaborateurs auprès d'un chef d'unité.
Le conseil d'administration peut, en raison de manquements graves, mettre prématurément fin à la désignation d'un chef d'unité, et ce, sur la proposition du conseil de direction qui aura au préalable entendu l'intéressé.
Le chef d'unité peut en tout temps quitter ses fonctions moyennant un préavis de trois mois. "
" Art. 12.1 - Le conseil d'administration désigne, pour une période renouvelable de cinq ans, des chefs d'unité parmi les agents ayant une évaluation " positive ", qu'ils soient statutaires, contractuels ou détachés de l'enseignement et chargés d'une mission pour le BRF.
Le chef de département lance un appel aux candidats au sein de son département, contenant le profil exigé, et compare ensuite l'aptitude et les capacités des candidats quant à la mission de management. Ensuite, le chef de département propose au directeur les unités qu'il souhaite constituer, la personne qu'il désigne comme chef d'unité et les collaborateurs qui en feront partie. Après délibération avec le chef de département, le directeur transmet cette proposition au conseil de direction. Le conseil de direction soumet au conseil d'administration la proposition relative à la structure demandée pour l'unité et la personne proposée pour la diriger.
Le conseil d'administration statue sur la structure de l'unité et désigne, pour une période renouvelable de cinq ans, le chef d'unité parmi les agents ayant une évaluation " positive ".
Sur la proposition du chef de département, le directeur statue sur l'affectation de collaborateurs auprès d'un chef d'unité.
Le conseil d'administration peut, en raison de manquements graves, mettre prématurément fin à la désignation d'un chef d'unité, et ce, sur la proposition du conseil de direction qui aura au préalable entendu l'intéressé.
Le chef d'unité peut en tout temps quitter ses fonctions moyennant un préavis de trois mois. "
Art. 27. - Artikel 63 van hetzelfde besluit wordt aangevuld met een vierde lid, luidende:
"De 'vermindering van de rang- of niveauanciënniteit' vermeld in het tweede en het derde lid moet vooraf schriftelijk worden goedgekeurd door de Regering."
"De 'vermindering van de rang- of niveauanciënniteit' vermeld in het tweede en het derde lid moet vooraf schriftelijk worden goedgekeurd door de Regering."
Art. 27. - L'article 63 du même arrêté est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" La réduction de l'ancienneté de rang ou de niveau, selon le cas, mentionnée aux alinéas 2 et 3, requiert l'autorisation préalable du Gouvernement. "
" La réduction de l'ancienneté de rang ou de niveau, selon le cas, mentionnée aux alinéas 2 et 3, requiert l'autorisation préalable du Gouvernement. "
Art. 28. - Artikel 78 van hetzelfde besluit wordt aangevuld met een § 5, luidende:
" § 5 - De diensten die een op te leiden persoon vanaf de leeftijd van 18 jaar in het kader van het praktische gedeelte van een duale opleiding in het BRF presteert, worden gelijkgesteld met de in § 1 vermelde diensten bij zijn indienstneming in het BRF."
" § 5 - De diensten die een op te leiden persoon vanaf de leeftijd van 18 jaar in het kader van het praktische gedeelte van een duale opleiding in het BRF presteert, worden gelijkgesteld met de in § 1 vermelde diensten bij zijn indienstneming in het BRF."
Art. 28. - L'article 78 du même arrêté est complété par un § 5 rédigé comme suit :
" § 5 - Lors de son engagement auprès du BRF, les services qu'un apprenant y a prestés à partir de 18 ans, dans le cadre de la partie pratique d'une formation en alternance, sont assimilés aux services mentionnés au § 1er. "
" § 5 - Lors de son engagement auprès du BRF, les services qu'un apprenant y a prestés à partir de 18 ans, dans le cadre de la partie pratique d'une formation en alternance, sont assimilés aux services mentionnés au § 1er. "
Art. 29. - Artikel 94, § 1, van hetzelfde besluit wordt aangevuld met een zesde lid, luidende:
"Tijdens de duur van zijn aanwijzing als eenheidshoofd ontvangt het eenheidshoofd een toelage voor managements- en stafopdrachten."
"Tijdens de duur van zijn aanwijzing als eenheidshoofd ontvangt het eenheidshoofd een toelage voor managements- en stafopdrachten."
Art. 29. - Dans l'article 94 du même arrêté, le § 1er est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Pendant la durée de sa désignation en tant que chef d'unité, celui-ci perçoit une allocation de management et d'encadrement. "
" Pendant la durée de sa désignation en tant que chef d'unité, celui-ci perçoit une allocation de management et d'encadrement. "
Art. 30. - In artikel 96 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. de eerste zin van het eerste lid wordt het eerste lid;
2. het artikel wordt aangevuld met een tweede lid, luidende:
"In afwijking van het eerste lid ontvangt het eenheidshoofd een toelage die bij een voltijdse betrekking overeenstemt met de helft van het bedrag vermeld in het eerste lid."
3. De tweede en de derde zin van het eerste lid worden het derde lid.
4. In het tweede lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden "voor de duur" vervangen door de woorden "vanaf de 31ste dag afwezigheid voor de resterende duur".
5. Het derde lid wordt het vijfde lid.
1. de eerste zin van het eerste lid wordt het eerste lid;
2. het artikel wordt aangevuld met een tweede lid, luidende:
"In afwijking van het eerste lid ontvangt het eenheidshoofd een toelage die bij een voltijdse betrekking overeenstemt met de helft van het bedrag vermeld in het eerste lid."
3. De tweede en de derde zin van het eerste lid worden het derde lid.
4. In het tweede lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden "voor de duur" vervangen door de woorden "vanaf de 31ste dag afwezigheid voor de resterende duur".
5. Het derde lid wordt het vijfde lid.
Art. 30. - A l'article 96 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° l'alinéa 1er, première phrase, devient l'alinéa 1er;
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Par dérogation à l'alinéa 1er, le chef d'unité reçoit une allocation qui, dans le cas d'un temps plein, représente la moitié du montant y mentionné. ";
3° l'alinéa 1er, deuxième et troisième phrases, devient l'alinéa 3;
4° dans l'alinéa 2, qui devient l'alinéa 4, les mots " pour la durée " sont remplacés par les mots " à partir du 31e jour d'absence pour la durée restante ";
5° l'alinéa 3 devient l'alinéa 5.
1° l'alinéa 1er, première phrase, devient l'alinéa 1er;
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Par dérogation à l'alinéa 1er, le chef d'unité reçoit une allocation qui, dans le cas d'un temps plein, représente la moitié du montant y mentionné. ";
3° l'alinéa 1er, deuxième et troisième phrases, devient l'alinéa 3;
4° dans l'alinéa 2, qui devient l'alinéa 4, les mots " pour la durée " sont remplacés par les mots " à partir du 31e jour d'absence pour la durée restante ";
5° l'alinéa 3 devient l'alinéa 5.
Art. 31. - In artikel 121 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt:
"2° bevalling van de echtgenote/levenspartner:
a) vanaf 1 januari 2021: 15 werkdagen;
b) vanaf 1 januari 2023: 20 werkdagen;"
2. de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
"3° het overlijden van de echtgenoot/echtgenote/levenspartner of het overlijden van een kind van de ambtenaar of van zijn echtgenoot/echtgenote/levenspartner of het overlijden van een pleegkind dat op het tijdstip van overlijden of in het verleden in het kader van een langdurige pleegzorg van ten minste zes maanden in het gezin van het personeelslid werd opgenomen: 10 werkdagen;"
3. er wordt een bepaling onder 3bis ingevoegd, luidende:
"3bis. het overlijden van een bloedverwant of aanverwant in de eerste graad van de ambtenaar of van zijn echtgenoot/echtgenote/levenspartner: 4 werkdagen;"
1. de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt:
"2° bevalling van de echtgenote/levenspartner:
a) vanaf 1 januari 2021: 15 werkdagen;
b) vanaf 1 januari 2023: 20 werkdagen;"
2. de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
"3° het overlijden van de echtgenoot/echtgenote/levenspartner of het overlijden van een kind van de ambtenaar of van zijn echtgenoot/echtgenote/levenspartner of het overlijden van een pleegkind dat op het tijdstip van overlijden of in het verleden in het kader van een langdurige pleegzorg van ten minste zes maanden in het gezin van het personeelslid werd opgenomen: 10 werkdagen;"
3. er wordt een bepaling onder 3bis ingevoegd, luidende:
"3bis. het overlijden van een bloedverwant of aanverwant in de eerste graad van de ambtenaar of van zijn echtgenoot/echtgenote/levenspartner: 4 werkdagen;"
Art. 31. - A l'article 121 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° le 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° accouchement de l'épouse/de la personne avec laquelle l'agent vit maritalement :
a) à partir du 1er janvier 2021 : 15 jours de travail;
b) à partir du 1er janvier 2023 : 20 jours de travail; ".
2° le 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° décès du conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement ou d'un enfant de l'agent ou de son conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement ou décès d'un enfant placé dans le foyer du membre du personnel au moment de son décès ou, par le passé, dans le cadre d'une prise en charge de longue durée d'au moins six mois : 10 jours de travail; "
3° l'alinéa est complété par un 3bis rédigé comme suit :
" 3bis décès d'un membre de la famille, parent ou allié au 1er degré de l'agent ou de son conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement : 4 jours de travail; ".
1° le 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° accouchement de l'épouse/de la personne avec laquelle l'agent vit maritalement :
a) à partir du 1er janvier 2021 : 15 jours de travail;
b) à partir du 1er janvier 2023 : 20 jours de travail; ".
2° le 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° décès du conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement ou d'un enfant de l'agent ou de son conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement ou décès d'un enfant placé dans le foyer du membre du personnel au moment de son décès ou, par le passé, dans le cadre d'une prise en charge de longue durée d'au moins six mois : 10 jours de travail; "
3° l'alinéa est complété par un 3bis rédigé comme suit :
" 3bis décès d'un membre de la famille, parent ou allié au 1er degré de l'agent ou de son conjoint/de la personne avec laquelle il vit maritalement : 4 jours de travail; ".
Art. 32. - Artikel 136, vierde lid, van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 32. - Dans l'article 136 du même arrêté, l'alinéa 4 est abrogé.
Art. 33. - In artikel 138, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1. in de inleidende zin wordt het woord "prenataal" vervangen door de woorden "in artikel 136 vermelde prenataal" en wordt het woord "gewone" vervangen door het woord "gepresteerde";
2. de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
"3° de afwezigheden wegens ziekte of gebrekkigheid";
3. er wordt een bepaling onder 4° ingevoegd, luidende:
"4° de afwezigheden wegens een arbeidsongeval of een ongeval op weg van en naar het werk;"
4. er wordt een bepaling onder 5° ingevoegd, luidende:
"5° voor vrouwelijke ambtenaren die zwanger zijn: de verwijdering van het werk wegens een vastgesteld risico."
1. in de inleidende zin wordt het woord "prenataal" vervangen door de woorden "in artikel 136 vermelde prenataal" en wordt het woord "gewone" vervangen door het woord "gepresteerde";
2. de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
"3° de afwezigheden wegens ziekte of gebrekkigheid";
3. er wordt een bepaling onder 4° ingevoegd, luidende:
"4° de afwezigheden wegens een arbeidsongeval of een ongeval op weg van en naar het werk;"
4. er wordt een bepaling onder 5° ingevoegd, luidende:
"5° voor vrouwelijke ambtenaren die zwanger zijn: de verwijdering van het werk wegens een vastgesteld risico."
Art. 33. - A l'article 138, alinéa 1er, du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° dans la phrase introductive, les mots " énumérées à l'article 136 " sont insérés entre les mots " congé prénatal " et les mots " , elles sont assimilées ", et les mots " jours ouvrables normaux " sont remplacés par les mots " jours ouvrables prestés ";
2° le 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° les absences pour cause de maladie ou d'infirmité; ";
3° l'alinéa est complété par un 4° rédigé comme suit :
" 4° les absences pour cause d'accident du travail ou sur le chemin du travail; ";
4° l'alinéa est complété par un 5° rédigé comme suit :
" 5° l'éloignement de l'agent féminin statutaire en raison d'un risque constaté. "
1° dans la phrase introductive, les mots " énumérées à l'article 136 " sont insérés entre les mots " congé prénatal " et les mots " , elles sont assimilées ", et les mots " jours ouvrables normaux " sont remplacés par les mots " jours ouvrables prestés ";
2° le 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° les absences pour cause de maladie ou d'infirmité; ";
3° l'alinéa est complété par un 4° rédigé comme suit :
" 4° les absences pour cause d'accident du travail ou sur le chemin du travail; ";
4° l'alinéa est complété par un 5° rédigé comme suit :
" 5° l'éloignement de l'agent féminin statutaire en raison d'un risque constaté. "
Art. 34. - Het opschrift van hoofdstuk 9, afdeling 5, onderafdeling 5.2, van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
"Onderafdeling 5.2 - Adoptieverlof of pleegouderverlof"
"Onderafdeling 5.2 - Adoptieverlof of pleegouderverlof"
Art. 34. - L'intitulé du chapitre 9, section 5, sous-section 5.2, du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Sous-section 5.2 - Congé d'adoption ou d'accueil ".
" Sous-section 5.2 - Congé d'adoption ou d'accueil ".
Art. 35. - Artikel 146 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
"Art. 146 - De ambtenaar heeft op eigen verzoek recht op verlof als hij een minderjarig kind opneemt in het kader van adoptie of pleegzorg.
Het verlof gaat in op de dag dat het minderjarige kind in het gezin van de ambtenaar aankomt. In geval van interlandelijke adoptie kan de ambtenaar het verlof opnemen zodra de beslissing van de centrale autoriteit van de Gemeenschap inzake adoptie om hem een minderjarig kind toe te vertrouwen, voorhanden is.
De duur van het verlof wordt als volgt vastgelegd:
1. acht weken vanaf 1 januari 2021;
2. negen weken vanaf 1 januari 2023;
3. tien weken vanaf 1 januari 2025;
4. elf weken vanaf 1 januari 2027.
Voor de vaststelling van de duur van het verlof is de dag vermeld in het tweede lid doorslaggevend.
Indien meer dan één minderjarig kind tegelijkertijd wordt opgenomen, wordt de duur van het verlof met twee weken verlengd."
"Art. 146 - De ambtenaar heeft op eigen verzoek recht op verlof als hij een minderjarig kind opneemt in het kader van adoptie of pleegzorg.
Het verlof gaat in op de dag dat het minderjarige kind in het gezin van de ambtenaar aankomt. In geval van interlandelijke adoptie kan de ambtenaar het verlof opnemen zodra de beslissing van de centrale autoriteit van de Gemeenschap inzake adoptie om hem een minderjarig kind toe te vertrouwen, voorhanden is.
De duur van het verlof wordt als volgt vastgelegd:
1. acht weken vanaf 1 januari 2021;
2. negen weken vanaf 1 januari 2023;
3. tien weken vanaf 1 januari 2025;
4. elf weken vanaf 1 januari 2027.
Voor de vaststelling van de duur van het verlof is de dag vermeld in het tweede lid doorslaggevend.
Indien meer dan één minderjarig kind tegelijkertijd wordt opgenomen, wordt de duur van het verlof met twee weken verlengd."
Art. 35. - L'article 146 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 146 - L'agent statutaire a droit, à sa demande, à un congé lorsqu'il accueille un enfant mineur en vue de l'adoption ou de la tutelle officieuse.
Le congé prend cours le jour où l'enfant mineur rejoint le ménage de l'agent statutaire. En cas d'adoption internationale, l'agent statutaire peut solliciter le congé dès que l'autorité centrale communautaire en matière d'adoption a pris la décision de lui confier un enfant mineur.
La durée du congé est fixée comme suit :
1° huit semaines à partir du 1er janvier 2021;
2° neuf semaines à partir du 1er janvier 2023;
3° dix semaines à partir du 1er janvier 2025;
4° onze semaines à partir du 1er janvier 2027.
C'est le jour mentionné à l'alinéa 2 qui est déterminant pour la fixation de la durée du congé.
En cas d'accueil simultané de plusieurs enfants mineurs, la durée du congé est prolongée de deux semaines. "
" Art. 146 - L'agent statutaire a droit, à sa demande, à un congé lorsqu'il accueille un enfant mineur en vue de l'adoption ou de la tutelle officieuse.
Le congé prend cours le jour où l'enfant mineur rejoint le ménage de l'agent statutaire. En cas d'adoption internationale, l'agent statutaire peut solliciter le congé dès que l'autorité centrale communautaire en matière d'adoption a pris la décision de lui confier un enfant mineur.
La durée du congé est fixée comme suit :
1° huit semaines à partir du 1er janvier 2021;
2° neuf semaines à partir du 1er janvier 2023;
3° dix semaines à partir du 1er janvier 2025;
4° onze semaines à partir du 1er janvier 2027.
C'est le jour mentionné à l'alinéa 2 qui est déterminant pour la fixation de la durée du congé.
En cas d'accueil simultané de plusieurs enfants mineurs, la durée du congé est prolongée de deux semaines. "
Art. 36. - In hetzelfde hoofdstuk, afdeling 7, van hetzelfde besluit wordt een artikel 163.1 ingevoegd, luidende:
"Art. 163.1 - Tot het begin van het moederschapsverlof worden de ziektedagen die rechtstreeks samenhangen met de zwangerschap van de vrouwelijke ambtenaar niet afgetrokken van het in artikel 160 vermelde aantal ziektedagen, op voorwaarde dat de afwezigheid gestaafd wordt door een medisch attest en die samenhang bevestigd wordt door de arts die door de Regering belast is met de controle van de afwezigheden wegens ziekte of gebrekkigheid. Die afwezigheden zijn bezoldigd en worden gelijkgesteld met een periode van dienstactiviteit."
"Art. 163.1 - Tot het begin van het moederschapsverlof worden de ziektedagen die rechtstreeks samenhangen met de zwangerschap van de vrouwelijke ambtenaar niet afgetrokken van het in artikel 160 vermelde aantal ziektedagen, op voorwaarde dat de afwezigheid gestaafd wordt door een medisch attest en die samenhang bevestigd wordt door de arts die door de Regering belast is met de controle van de afwezigheden wegens ziekte of gebrekkigheid. Die afwezigheden zijn bezoldigd en worden gelijkgesteld met een periode van dienstactiviteit."
Art. 36. - Dans la section 7 du même chapitre du même arrêté, il est inséré un article 163.1 rédigé comme suit :
" Art. 163.1 - Jusqu'au début du congé de maternité, les jours de maladie directement liés à l'état de grossesse de l'agent féminin statutaire ne sont pas pris en considération pour fixer le nombre de jours de congé pour cause de maladie mentionné à l'article 160, à condition que l'absence soit couverte par un certificat médical et que le médecin chargé par le Gouvernement de contrôler les absences pour cause de maladie ou d'infirmité confirme que l'absence est liée à l'état de grossesse. Ces absences sont rémunérées et assimilées à des périodes d'activité de service. "
" Art. 163.1 - Jusqu'au début du congé de maternité, les jours de maladie directement liés à l'état de grossesse de l'agent féminin statutaire ne sont pas pris en considération pour fixer le nombre de jours de congé pour cause de maladie mentionné à l'article 160, à condition que l'absence soit couverte par un certificat médical et que le médecin chargé par le Gouvernement de contrôler les absences pour cause de maladie ou d'infirmité confirme que l'absence est liée à l'état de grossesse. Ces absences sont rémunérées et assimilées à des périodes d'activité de service. "
Art. 37. - In hoofdstuk 13 van hetzelfde besluit wordt een artikel 241.1 ingevoegd, luidende:
"Art. 241.1 - In afwijking van artikel 96, tweede lid, blijven medewerkers die op de dag vóór de inwerkingtreding van het besluit van de Regering van 28 oktober 2021 tot wijziging van verschillende bepalingen van de rechtspositieregeling en bezoldigingsregeling van het personeel van het Ministerie en van bepaalde organismen van openbaar nut van de Duitstalige Gemeenschap de in artikel 96, eerste lid, vermelde toelage ontvangen en niet aangewezen zijn als departementshoofd of lid van de directieraad, vanaf de inwerkingtreding van het besluit de in artikel 96, eerste lid, vermelde toelage ontvangen, indien ze worden aangewezen als eenheidshoofd."
"Art. 241.1 - In afwijking van artikel 96, tweede lid, blijven medewerkers die op de dag vóór de inwerkingtreding van het besluit van de Regering van 28 oktober 2021 tot wijziging van verschillende bepalingen van de rechtspositieregeling en bezoldigingsregeling van het personeel van het Ministerie en van bepaalde organismen van openbaar nut van de Duitstalige Gemeenschap de in artikel 96, eerste lid, vermelde toelage ontvangen en niet aangewezen zijn als departementshoofd of lid van de directieraad, vanaf de inwerkingtreding van het besluit de in artikel 96, eerste lid, vermelde toelage ontvangen, indien ze worden aangewezen als eenheidshoofd."
Art. 37. - Dans le chapitre 13 du même arrêté, il est inséré un article 241.1 rédigé comme suit :
" Art. 241.1 - Par dérogation à l'article 96, alinéa 2, les collaborateurs qui, à la veille de l'entrée en vigueur de l'arrêté du Gouvernement du 28 octobre 2021 modifiant différentes dispositions statutaires et pécuniaires concernant le personnel du Ministère et de certains organismes d'intérêt public de la Communauté germanophone, perçoivent l'allocation mentionnée à l'article 96, alinéa 1er, et n'ont pas été désignés en tant que chef de département ou membre du comité de direction, continuent de percevoir ladite allocation à partir de l'entrée en vigueur de l'arrêté s'ils sont désignés en tant que chef d'unité. "
" Art. 241.1 - Par dérogation à l'article 96, alinéa 2, les collaborateurs qui, à la veille de l'entrée en vigueur de l'arrêté du Gouvernement du 28 octobre 2021 modifiant différentes dispositions statutaires et pécuniaires concernant le personnel du Ministère et de certains organismes d'intérêt public de la Communauté germanophone, perçoivent l'allocation mentionnée à l'article 96, alinéa 1er, et n'ont pas été désignés en tant que chef de département ou membre du comité de direction, continuent de percevoir ladite allocation à partir de l'entrée en vigueur de l'arrêté s'ils sont désignés en tant que chef d'unité. "
Art. 38. - In bijlage II van hetzelfde besluit worden de weddeschalen opgenomen die in bijlage 2 van dit besluit worden vermeld.
Art. 38. - L'annexe II du même arrêté est complétée par les échelles de traitement figurant à l'annexe 2 jointe au présent arrêté.
HOOFDSTUK 5. - Wijziging van het besluit van de Regering van 23 mei 2019 tot bepaling van de rechtspositie van het contractueel personeel van het Belgisch Radio- en Televisiecentrum van de Duitstalige Gemeenschap
CHAPITRE 5. - Modification de l'arrêté du Gouvernement du 23 mai 2019 déterminant la position juridique du personnel contractuel du Centre belge pour la Radiodiffusion-Télévision de la Communauté germanophone
Art. 39. - In artikel 2, § 1, tweede lid, van het besluit van de Regering van 23 mei 2019 tot bepaling van de rechtspositie van het contractueel personeel van het Belgisch Radio- en Televisiecentrum van de Duitstalige Gemeenschap worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt:
"2° bij indienstnemingen voor ten hoogste drie maanden die wegens dringende noodzakelijkheid of met toepassing van artikel 5 geschieden;"
2° de bepaling onder 3° wordt aangevuld met de woorden ", voor zover een openbare oproep tot de gegadigden werd gedaan voor de vorige aanstelling van bepaalde duur, voor zover de nieuwe indienstneming betrekking heeft op dezelfde of een vergelijkbare betrekking als die waarvoor een openbare oproep tot de gegadigden werd gedaan en voor zover de duur van de nieuwe arbeidsovereenkomst niet wezenlijk verschilt van de duur van de oorspronkelijke arbeidsovereenkomst;"
1° de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt:
"2° bij indienstnemingen voor ten hoogste drie maanden die wegens dringende noodzakelijkheid of met toepassing van artikel 5 geschieden;"
2° de bepaling onder 3° wordt aangevuld met de woorden ", voor zover een openbare oproep tot de gegadigden werd gedaan voor de vorige aanstelling van bepaalde duur, voor zover de nieuwe indienstneming betrekking heeft op dezelfde of een vergelijkbare betrekking als die waarvoor een openbare oproep tot de gegadigden werd gedaan en voor zover de duur van de nieuwe arbeidsovereenkomst niet wezenlijk verschilt van de duur van de oorspronkelijke arbeidsovereenkomst;"
Art. 39. - A l'article 2, alinéa 2, de l'arrêté du Gouvernement du 23 mai 2019 déterminant la position juridique du personnel contractuel du Centre belge pour la Radiodiffusion-Télévision de la Communauté germanophone, les modifications suivantes sont apportées :
1° le 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° lors d'engagements intervenant en raison d'une urgence ou en application de l'article 5 et dont la durée n'excède pas trois mois; "
2° dans le 3°, la phrase est complétée par les mots " , que la relation temporaire de travail précédente ait fait l'objet d'un appel écrit aux candidats, que le nouvel engagement concerne le même poste ou un poste similaire pour lequel un appel écrit aux candidats a été lancé et que la durée du nouveau contrat de travail ne diffère pas outre mesure de la durée originaire ".
1° le 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° lors d'engagements intervenant en raison d'une urgence ou en application de l'article 5 et dont la durée n'excède pas trois mois; "
2° dans le 3°, la phrase est complétée par les mots " , que la relation temporaire de travail précédente ait fait l'objet d'un appel écrit aux candidats, que le nouvel engagement concerne le même poste ou un poste similaire pour lequel un appel écrit aux candidats a été lancé et que la durée du nouveau contrat de travail ne diffère pas outre mesure de la durée originaire ".
HOOFDSTUK 6. - Slotbepalingen
CHAPITRE 6. - Dispositions finales
Art. 40. - Dit besluit treedt in werking op 1 november 2021, met uitzondering van:
1. de artikelen 8, 9, 32 en 33, die uitwerking hebben met ingang van 1 maart 2020;
2. artikel 7, 1°, en de artikelen 15, 31 en 38 die uitwerking hebben met ingang van 1 januari 2021.
1. de artikelen 8, 9, 32 en 33, die uitwerking hebben met ingang van 1 maart 2020;
2. artikel 7, 1°, en de artikelen 15, 31 en 38 die uitwerking hebben met ingang van 1 januari 2021.
Art. 40. - Le présent arrêté entre en vigueur le 1er août 2021, à l'exception :
1° des articles 8, 9, 32 et 33, qui produisent leurs effets le 1er mars 2020;
2° des articles 7, 1°, 15, 31 et 38, qui produisent leurs effets le 1er janvier 2021.
1° des articles 8, 9, 32 et 33, qui produisent leurs effets le 1er mars 2020;
2° des articles 7, 1°, 15, 31 et 38, qui produisent leurs effets le 1er janvier 2021.
Art. 41. - De minister bevoegd voor Personeel is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 41. - Le Ministre compétent en matière de Personnel est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGEN.
ANNEXES.
Art. N1. Vanaf 1 januari 2021 gelden de volgende weddeschalen in niveau IV:
Art. N1. Les échelles de traitement suivantes s'appliquent à partir du 1er janvier 2021 au niveau IV :
| Barema | IV/1 | IV/2 | IV/3 | IV/4 | IV/5 | IV/6 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 78,75 | 90,78 | 90,78 | 98,58 | 106,40 | 130,50 |
| tweejaarl. | 3 | 157,49 | 181,59 | 181,59 | 197,20 | 212,79 | 261,05 | |
| tweejaarl. | 8 | 88,60 | 102,17 | 102,17 | 110,95 | 119,73 | 146,87 | |
| Min | 12.702,60 | 12.935,00 | 13.650,06 | 14.096,98 | 14.990,80 | 15.986,79 | ||
| Max | 14.120,12 | 14.569,47 | 15.284,53 | 15.871,92 | 16.906,21 | 18.336,40 | ||
| 0 | 12.702,60 | 12.935,00 | 13.650,06 | 14.096,98 | 14.990,80 | 15.986,79 | ||
| 1 | 12.781,35 | 13.025,78 | 13.740,84 | 14.195,56 | 15.097,20 | 16.117,29 | ||
| 2 | 12.860,10 | 13.116,56 | 13.831,62 | 14.294,14 | 15.203,60 | 16.247,79 | ||
| 3 | 12.938,85 | 13.207,34 | 13.922,40 | 14.392,72 | 15.310,00 | 16.378,29 | ||
| 5 | 13.096,34 | 13.388,93 | 14.103,99 | 14.589,92 | 15.522,79 | 16.639,34 | ||
| 7 | 13.253,83 | 13.570,52 | 14.285,58 | 14.787,12 | 15.735,58 | 16.900,39 | ||
| 9 | 13.411,32 | 13.752,11 | 14.467,17 | 14.984,32 | 15.948,37 | 17.161,44 | ||
| 11 | 13.499,92 | 13.854,28 | 14.569,34 | 15.095,27 | 16.068,10 | 17.308,31 | ||
| 13 | 13.588,52 | 13.956,45 | 14.671,51 | 15.206,22 | 16.187,83 | 17.455,18 | ||
| 15 | 13.677,12 | 14.058,62 | 14.773,68 | 15.317,17 | 16.307,56 | 17.602,05 | ||
| 17 | 13.765,72 | 14.160,79 | 14.875,85 | 15.428,12 | 16.427,29 | 17.748,92 | ||
| 19 | 13.854,32 | 14.262,96 | 14.978,02 | 15.539,07 | 16.547,02 | 17.895,79 | ||
| 21 | 13.942,92 | 14.365,13 | 15.080,19 | 15.650,02 | 16.666,75 | 18.042,66 | ||
| 23 | 14.031,52 | 14.467,30 | 15.182,36 | 15.760,97 | 16.786,48 | 18.189,53 | ||
| 25 | 14.120,12 | 14.569,47 | 15.284,53 | 15.871,92 | 16.906,21 | 18.336,40 |
| Barème | IV/1 | IV/2 | IV/3 | IV/4 | IV/5 | IV/6 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 78,75 | 90,78 | 90,78 | 98,58 | 106,40 | 130,50 |
| biennale | 3 | 157,49 | 181,59 | 181,59 | 197,20 | 212,79 | 261,05 | |
| biennale | 8 | 88,60 | 102,17 | 102,17 | 110,95 | 119,73 | 146,87 | |
| Min. | 12 702,60 | 12 935,00 | 13 650,06 | 14 096,98 | 14 990,80 | 15 986,79 | ||
| Max. | 14 120,12 | 14 569,47 | 15 284,53 | 15 871,92 | 16 906,21 | 18 336,40 | ||
| 0 | 12 702,60 | 12 935,00 | 13 650,06 | 14 096,98 | 14 990,80 | 15 986,79 | ||
| 1 | 12 781,35 | 13 025,78 | 13 740,84 | 14 195,56 | 15 097,20 | 16 117,29 | ||
| 2 | 12 860,10 | 13 116,56 | 13 831,62 | 14 294,14 | 15 203,60 | 16 247,79 | ||
| 3 | 12 938,85 | 13 207,34 | 13 922,40 | 14 392,72 | 15 310,00 | 16 378,29 | ||
| 5 | 13 096,34 | 13 388,93 | 14 103,99 | 14 589,92 | 15 522,79 | 16 639,34 | ||
| 7 | 13 253,83 | 13 570,52 | 14 285,58 | 14 787,12 | 15 735,58 | 16 900,39 | ||
| 9 | 13 411,32 | 13 752,11 | 14 467,17 | 14 984,32 | 15 948,37 | 17 161,44 | ||
| 11 | 13 499,92 | 13 854,28 | 14 569,34 | 15 095,27 | 16 068,10 | 17 308,31 | ||
| 13 | 13 588,52 | 13 956,45 | 14 671,51 | 15 206,22 | 16 187,83 | 17 455,18 | ||
| 15 | 13 677,12 | 14 058,62 | 14 773,68 | 15 317,17 | 16 307,56 | 17 602,05 | ||
| 17 | 13 765,72 | 14 160,79 | 14 875,85 | 15 428,12 | 16 427,29 | 17 748,92 | ||
| 19 | 13 854,32 | 14 262,96 | 14 978,02 | 15 539,07 | 16 547,02 | 17 895,79 | ||
| 21 | 13 942,92 | 14 365,13 | 15 080,19 | 15 650,02 | 16 666,75 | 18 042,66 | ||
| 23 | 14 031,52 | 14 467,30 | 15 182,36 | 15 760,97 | 16 786,48 | 18 189,53 | ||
| 25 | 14 120,12 | 14 569,47 | 15 284,53 | 15 871,92 | 16 906,21 | 18 336,40 |
| Barema | IV/1-59 | IV/2-59 | IV/3-59 | IV/4-59 | IV/5-59 | IV/6-59 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 78,75 | 90,78 | 90,78 | 98,58 | 106,40 | 130,50 |
| tweejaarl. | 3 | 157,49 | 181,59 | 181,59 | 197,20 | 212,79 | 261,05 | |
| tweejaarl. | 7 | 88,60 | 102,17 | 102,17 | 110,95 | 119,73 | 146,87 | |
| tweejaarl. | 1 | 177,20 | 204,34 | 204,34 | 221,90 | 239,46 | 293,74 | |
| Min | 12.702,60 | 12.935,00 | 13.650,06 | 14.096,98 | 14.990,80 | 15.986,79 | ||
| Max | 14.208,72 | 14.671,64 | 15.386,70 | 15.982,87 | 17.025,94 | 18.483,27 | ||
| 0 | 12.702,60 | 12.935,00 | 13.650,06 | 14.096,98 | 14.990,80 | 15.986,79 | ||
| 1 | 12.781,35 | 13.025,78 | 13.740,84 | 14.195,56 | 15.097,20 | 16.117,29 | ||
| 2 | 12.860,10 | 13.116,56 | 13.831,62 | 14.294,14 | 15.203,60 | 16.247,79 | ||
| 3 | 12.938,85 | 13.207,34 | 13.922,40 | 14.392,72 | 15.310,00 | 16.378,29 | ||
| 5 | 13.096,34 | 13.388,93 | 14.103,99 | 14.589,92 | 15.522,79 | 16.639,34 | ||
| 7 | 13.253,83 | 13.570,52 | 14.285,58 | 14.787,12 | 15.735,58 | 16.900,39 | ||
| 9 | 13.411,32 | 13.752,11 | 14.467,17 | 14.984,32 | 15.948,37 | 17.161,44 | ||
| 11 | 13.499,92 | 13.854,28 | 14.569,34 | 15.095,27 | 16.068,10 | 17.308,31 | ||
| 13 | 13.588,52 | 13.956,45 | 14.671,51 | 15.206,22 | 16.187,83 | 17.455,18 | ||
| 15 | 13.677,12 | 14.058,62 | 14.773,68 | 15.317,17 | 16.307,56 | 17.602,05 | ||
| 17 | 13.765,72 | 14.160,79 | 14.875,85 | 15.428,12 | 16.427,29 | 17.748,92 | ||
| 19 | 13.854,32 | 14.262,96 | 14.978,02 | 15.539,07 | 16.547,02 | 17.895,79 | ||
| 21 | 13.942,92 | 14.365,13 | 15.080,19 | 15.650,02 | 16.666,75 | 18.042,66 | ||
| 23 | 14.031,52 | 14.467,30 | 15.182,36 | 15.760,97 | 16.786,48 | 18.189,53 | ||
| 25 | 14.208,72 | 14.671,64 | 15.386,70 | 15.982,87 | 17.025,94 | 18.483,27 |
Vanaf 1 januari 2022 gelden de volgende weddeschalen in niveau II+:
| Barème | IV/1-59 | IV/2-59 | V/3-59 | IV/4-59 | IV/5-59 | IV/6-59 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 78,75 | 90,78 | 90,78 | 98,58 | 106,40 | 130,50 |
| biennale | 3 | 157,49 | 181,59 | 181,59 | 197,20 | 212,79 | 261,05 | |
| biennale | 7 | 88,60 | 102,17 | 102,17 | 110,95 | 119,73 | 146,87 | |
| biennale | 1 | 177,20 | 204,34 | 204,34 | 221,90 | 239,46 | 293,74 | |
| Min. | 12 702,60 | 12 935,00 | 13 650,06 | 14 096,98 | 14 990,80 | 15 986,79 | ||
| Max. | 14 208,72 | 14 671,64 | 15 386,70 | 15 982,87 | 17 025,94 | 18 483,27 | ||
| 0 | 12 702,60 | 12 935,00 | 13 650,06 | 14 096,98 | 14 990,80 | 15 986,79 | ||
| 1 | 12 781,35 | 13 025,78 | 13 740,84 | 14 195,56 | 15 097,20 | 16 117,29 | ||
| 2 | 12 860,10 | 13 116,56 | 13 831,62 | 14 294,14 | 15 203,60 | 16 247,79 | ||
| 3 | 12 938,85 | 13 207,34 | 13 922,40 | 14 392,72 | 15 310,00 | 16 378,29 | ||
| 5 | 13 096,34 | 13 388,93 | 14 103,99 | 14 589,92 | 15 522,79 | 16 639,34 | ||
| 7 | 13 253,83 | 13 570,52 | 14 285,58 | 14 787,12 | 15 735,58 | 16 900,39 | ||
| 9 | 13 411,32 | 13 752,11 | 14 467,17 | 14 984,32 | 15 948,37 | 17 161,44 | ||
| 11 | 13 499,92 | 13 854,28 | 14 569,34 | 15 095,27 | 16 068,10 | 17 308,31 | ||
| 13 | 13 588,52 | 13 956,45 | 14 671,51 | 15 206,22 | 16 187,83 | 17 455,18 | ||
| 15 | 13 677,12 | 14 058,62 | 14 773,68 | 15 317,17 | 16 307,56 | 17 602,05 | ||
| 17 | 13 765,72 | 14 160,79 | 14 875,85 | 15 428,12 | 16 427,29 | 17 748,92 | ||
| 19 | 13 854,32 | 14 262,96 | 14 978,02 | 15 539,07 | 16 547,02 | 17 895,79 | ||
| 21 | 13 942,92 | 14 365,13 | 15 080,19 | 15 650,02 | 16 666,75 | 18 042,66 | ||
| 23 | 14 031,52 | 14 467,30 | 15 182,36 | 15 760,97 | 16 786,48 | 18 189,53 | ||
| 25 | 14 208,72 | 14 671,64 | 15 386,70 | 15 982,87 | 17 025,94 | 18 483,27 |
Les échelles de traitement suivantes s'appliquent à partir du 1er janvier 2022 au niveau II+ :
| Barema | II+/1 | II+/2 | II+/3 | II+/4 | II+/5 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 460,66 | 402,55 | 422,36 | 422,36 | 422,36 |
| tweejaarl. | 3 | 921,32 | 805,09 | 844,75 | 844,75 | 844,75 | |
| tweejaarl. | 8 | 518,24 | 452,85 | 475,20 | 475,20 | 475,20 | |
| Min | 17.667,73 | 20.027,68 | 22.693,77 | 27.872,90 | 36.605,89 | ||
| Max | 25.959,59 | 27.273,39 | 30.296,70 | 35.475,83 | 44.208,82 | ||
| 0 | 17.667,73 | 20.027,68 | 22.693,77 | 27.872,90 | 36.605,89 | ||
| 1 | 18.128,39 | 20.430,23 | 23.116,13 | 28.295,26 | 37.028,25 | ||
| 2 | 18.589,05 | 20.832,77 | 23.538,49 | 28.717,62 | 37.450,61 | ||
| 3 | 19.049,71 | 21.235,32 | 23.960,85 | 29.139,98 | 37.872,97 | ||
| 5 | 19.971,03 | 22.040,41 | 24.805,60 | 29.984,73 | 38.717,72 | ||
| 7 | 20.892,35 | 22.845,50 | 25.650,35 | 30.829,48 | 39.562,47 | ||
| 9 | 21.813,67 | 23.650,59 | 26.495,10 | 31.674,23 | 40.407,22 | ||
| 11 | 22.331,91 | 24.103,44 | 26.970,30 | 32.149,43 | 40.882,42 | ||
| 13 | 22.850,15 | 24.556,29 | 27.445,50 | 32.624,63 | 41.357,62 | ||
| 15 | 23.368,39 | 25.009,14 | 27.920,70 | 33.099,83 | 41.832,82 | ||
| 17 | 23.886,63 | 25.461,99 | 28.395,90 | 33.575,03 | 42.308,02 | ||
| 19 | 24.404,87 | 25.914,84 | 28.871,10 | 34.050,23 | 42.783,22 | ||
| 21 | 24.923,11 | 26.367,69 | 29.346,30 | 34.525,43 | 43.258,42 | ||
| 23 | 25.441,35 | 26.820,54 | 29.821,50 | 35.000,63 | 43.733,62 | ||
| 25 | 25.959,59 | 27.273,39 | 30.296,70 | 35.475,83 | 44.208,82 |
| Barème | II+/1 | II+/2 | II+/3 | II+/4 | II+/5 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 460,66 | 402,55 | 422,36 | 422,36 | 422,36 |
| biennale | 3 | 921,32 | 805,09 | 844,75 | 844,75 | 844,75 | |
| biennale | 8 | 518,24 | 452,85 | 475,20 | 475,20 | 475,20 | |
| Min. | 17 667,73 | 20 027,68 | 22 693,77 | 27 872,90 | 36 605,89 | ||
| Max. | 25 959,59 | 27 273,39 | 30 296,70 | 35 475,83 | 44 208,82 | ||
| 0 | 17 667,73 | 20 027,68 | 22 693,77 | 27 872,90 | 36 605,89 | ||
| 1 | 18 128,39 | 20 430,23 | 23 116,13 | 28 295,26 | 37 028,25 | ||
| 2 | 18 589,05 | 20 832,77 | 23 538,49 | 28 717,62 | 37 450,61 | ||
| 3 | 19 049,71 | 21 235,32 | 23 960,85 | 29 139,98 | 37 872,97 | ||
| 5 | 19 971,03 | 22 040,41 | 24 805,60 | 29 984,73 | 38 717,72 | ||
| 7 | 20 892,35 | 22 845,50 | 25 650,35 | 30 829,48 | 39 562,47 | ||
| 9 | 21 813,67 | 23 650,59 | 26 495,10 | 31 674,23 | 40 407,22 | ||
| 11 | 22 331,91 | 24 103,44 | 26 970,30 | 32 149,43 | 40 882,42 | ||
| 13 | 22 850,15 | 24 556,29 | 27 445,50 | 32 624,63 | 41 357,62 | ||
| 15 | 23 368,39 | 25 009,14 | 27 920,70 | 33 099,83 | 41 832,82 | ||
| 17 | 23 886,63 | 25 461,99 | 28 395,90 | 33 575,03 | 42 308,02 | ||
| 19 | 24 404,87 | 25 914,84 | 28 871,10 | 34 050,23 | 42 783,22 | ||
| 21 | 24 923,11 | 26 367,69 | 29 346,30 | 34 525,43 | 43 258,42 | ||
| 23 | 25 441,35 | 26 820,54 | 29 821,50 | 35 000,63 | 43 733,62 | ||
| 25 | 25 959,59 | 27 273,39 | 30 296,70 | 35 475,83 | 44 208,82 |
| Barema | II+/1-59 | II+/2-59 | II+/3-59 | II+/4-59 | II+/5-59 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 460,66 | 402,55 | 422,36 | 422,36 | 422,36 |
| tweejaarl. | 3 | 921,32 | 805,09 | 844,75 | 844,75 | 844,75 | |
| tweejaarl. | 7 | 518,24 | 452,85 | 475,20 | 475,20 | 475,20 | |
| tweejaarl. | 1 | 1.036,48 | 905,70 | 950,40 | 950,40 | 950,40 | |
| Min | 17.667,73 | 20.027,68 | 22.693,77 | 27.872,90 | 36.605,89 | ||
| Max | 26.477,83 | 27.726,24 | 30.771,90 | 35.951,03 | 44.684,02 | ||
| 0 | 17.667,73 | 20.027,68 | 22.693,77 | 27.872,90 | 36.605,89 | ||
| 1 | 18.128,39 | 20.430,23 | 23.116,13 | 28.295,26 | 37.028,25 | ||
| 2 | 18.589,05 | 20.832,77 | 23.538,49 | 28.717,62 | 37.450,61 | ||
| 3 | 19.049,71 | 21.235,32 | 23.960,85 | 29.139,98 | 37.872,97 | ||
| 5 | 19.971,03 | 22.040,41 | 24.805,60 | 29.984,73 | 38.717,72 | ||
| 7 | 20.892,35 | 22.845,50 | 25.650,35 | 30.829,48 | 39.562,47 | ||
| 9 | 21.813,67 | 23.650,59 | 26.495,10 | 31.674,23 | 40.407,22 | ||
| 11 | 22.331,91 | 24.103,44 | 26.970,30 | 32.149,43 | 40.882,42 | ||
| 13 | 22.850,15 | 24.556,29 | 27.445,50 | 32.624,63 | 41.357,62 | ||
| 15 | 23.368,39 | 25.009,14 | 27.920,70 | 33.099,83 | 41.832,82 | ||
| 17 | 23.886,63 | 25.461,99 | 28.395,90 | 33.575,03 | 42.308,02 | ||
| 19 | 24.404,87 | 25.914,84 | 28.871,10 | 34.050,23 | 42.783,22 | ||
| 21 | 24.923,11 | 26.367,69 | 29.346,30 | 34.525,43 | 43.258,42 | ||
| 23 | 25.441,35 | 26.820,54 | 29.821,50 | 35.000,63 | 43.733,62 | ||
| 25 | 26.477,83 | 27.726,24 | 30.771,90 | 35.951,03 | 44.684,02 |
Vanaf 1 januari 2023 gelden de volgende weddeschalen in niveau II+:
| Barème | II+/-59 | II+/-59 | II+/-59 | II+/-59 | II+/5-59 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 460,66 | 402,55 | 422,36 | 422,36 | 422,36 |
| biennale | 3 | 921,32 | 805,09 | 844,75 | 844,75 | 844,75 | |
| biennale | 7 | 518,24 | 452,85 | 475,20 | 475,20 | 475,20 | |
| biennale | 1 | 1 036,48 | 905,70 | 950,40 | 950,40 | 950,40 | |
| Min. | 17 667,73 | 20 027,68 | 22 693,77 | 27 872,90 | 36 605,89 | ||
| Max. | 26 477,83 | 27 726,24 | 30 771,90 | 35 951,03 | 44 684,02 | ||
| 0 | 17 667,73 | 20 027,68 | 22 693,77 | 27 872,90 | 36 605,89 | ||
| 1 | 18 128,39 | 20 430,23 | 23 116,13 | 28 295,26 | 37 028,25 | ||
| 2 | 18 589,05 | 20 832,77 | 23 538,49 | 28 717,62 | 37 450,61 | ||
| 3 | 19 049,71 | 21 235,32 | 23 960,85 | 29 139,98 | 37 872,97 | ||
| 5 | 19 971,03 | 22 040,41 | 24 805,60 | 29 984,73 | 38 717,72 | ||
| 7 | 20 892,35 | 22 845,50 | 25 650,35 | 30 829,48 | 39 562,47 | ||
| 9 | 21 813,67 | 23 650,59 | 26 495,10 | 31 674,23 | 40 407,22 | ||
| 11 | 22 331,91 | 24 103,44 | 26 970,30 | 32 149,43 | 40 882,42 | ||
| 13 | 22 850,15 | 24 556,29 | 27 445,50 | 32 624,63 | 41 357,62 | ||
| 15 | 23 368,39 | 25 009,14 | 27 920,70 | 33 099,83 | 41 832,82 | ||
| 17 | 23 886,63 | 25 461,99 | 28 395,90 | 33 575,03 | 42 308,02 | ||
| 19 | 24 404,87 | 25 914,84 | 28 871,10 | 34 050,23 | 42 783,22 | ||
| 21 | 24 923,11 | 26 367,69 | 29 346,30 | 34 525,43 | 43 258,42 | ||
| 23 | 25 441,35 | 26 820,54 | 29 821,50 | 35 000,63 | 43 733,62 | ||
| 25 | 26 477,83 | 27 726,24 | 30 771,90 | 35 951,03 | 44 684,02 |
Les échelles de traitement suivantes s'appliquent à partir du 1er janvier 2023 au niveau II+ :
| Barema | II+/1 | II+/2 | II+/3 | II+/4 | II+/5 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 469,25 | 410,03 | 430,24 | 430,24 | 430,24 |
| tweejaarl. | 3 | 938,53 | 820,08 | 860,50 | 860,50 | 860,50 | |
| tweejaarl. | 8 | 527,89 | 461,31 | 484,06 | 484,06 | 484,06 | |
| Min | 17.997,16 | 20.401,11 | 23.116,91 | 28.392,61 | 37.288,44 | ||
| Max | 26.443,62 | 27.781,92 | 30.861,61 | 36.137,31 | 45.033,14 | ||
| 0 | 17.997,16 | 20.401,11 | 23.116,91 | 28.392,61 | 37.288,44 | ||
| 1 | 18.466,41 | 20.811,14 | 23.547,15 | 28.822,85 | 37.718,68 | ||
| 2 | 18.935,66 | 21.221,17 | 23.977,39 | 29.253,09 | 38.148,92 | ||
| 3 | 19.404,91 | 21.631,20 | 24.407,63 | 29.683,33 | 38.579,16 | ||
| 5 | 20.343,44 | 22.451,28 | 25.268,13 | 30.543,83 | 39.439,66 | ||
| 7 | 21.281,97 | 23.271,36 | 26.128,63 | 31.404,33 | 40.300,16 | ||
| 9 | 22.220,50 | 24.091,44 | 26.989,13 | 32.264,83 | 41.160,66 | ||
| 11 | 22.748,39 | 24.552,75 | 27.473,19 | 32.748,89 | 41.644,72 | ||
| 13 | 23.276,28 | 25.014,06 | 27.957,25 | 33.232,95 | 42.128,78 | ||
| 15 | 23.804,17 | 25.475,37 | 28.441,31 | 33.717,01 | 42.612,84 | ||
| 17 | 24.332,06 | 25.936,68 | 28.925,37 | 34.201,07 | 43.096,90 | ||
| 19 | 24.859,95 | 26.397,99 | 29.409,43 | 34.685,13 | 43.580,96 | ||
| 21 | 25.387,84 | 26.859,30 | 29.893,49 | 35.169,19 | 44.065,02 | ||
| 23 | 25.915,73 | 27.320,61 | 30.377,55 | 35.653,25 | 44.549,08 | ||
| 25 | 26.443,62 | 27.781,92 | 30.861,61 | 36.137,31 | 45.033,14 |
| Barème | II+/1 | II+/2 | II+/3 | II+/4 | II+/5 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 469,25 | 410,03 | 430,24 | 430,24 | 430,24 |
| biennale | 3 | 938,53 | 820,08 | 860,50 | 860,50 | 860,50 | |
| biennale | 8 | 527,89 | 461,31 | 484,06 | 484,06 | 484,06 | |
| Min. | 17 997,16 | 20 401,11 | 23 116,91 | 28 392,61 | 37 288,44 | ||
| Max. | 26 443,62 | 27 781,92 | 30 861,61 | 36 137,31 | 45 033,14 | ||
| 0 | 17 997,16 | 20 401,11 | 23 116,91 | 28 392,61 | 37 288,44 | ||
| 1 | 18 466,41 | 20 811,14 | 23 547,15 | 28 822,85 | 37 718,68 | ||
| 2 | 18 935,66 | 21 221,17 | 23 977,39 | 29 253,09 | 38 148,92 | ||
| 3 | 19 404,91 | 21 631,20 | 24 407,63 | 29 683,33 | 38 579,16 | ||
| 5 | 20 343,44 | 22 451,28 | 25 268,13 | 30 543,83 | 39 439,66 | ||
| 7 | 21 281,97 | 23 271,36 | 26 128,63 | 31 404,33 | 40 300,16 | ||
| 9 | 22 220,50 | 24 091,44 | 26 989,13 | 32 264,83 | 41 160,66 | ||
| 11 | 22 748,39 | 24 552,75 | 27 473,19 | 32 748,89 | 41 644,72 | ||
| 13 | 23 276,28 | 25 014,06 | 27 957,25 | 33 232,95 | 42 128,78 | ||
| 15 | 23 804,17 | 25 475,37 | 28 441,31 | 33 717,01 | 42 612,84 | ||
| 17 | 24 332,06 | 25 936,68 | 28 925,37 | 34 201,07 | 43 096,90 | ||
| 19 | 24 859,95 | 26 397,99 | 29 409,43 | 34 685,13 | 43 580,96 | ||
| 21 | 25 387,84 | 26 859,30 | 29 893,49 | 35 169,19 | 44 065,02 | ||
| 23 | 25 915,73 | 27 320,61 | 30 377,55 | 35 653,25 | 44 549,08 | ||
| 25 | 26 443,62 | 27 781,92 | 30 861,61 | 36 137,31 | 45 033,14 |
26 443,62 27 781,92 30 861,61 36 137,31 45 033,14 0 17 997,16 20 401,11 23 116,91 28 392,61 37 288,44 1 18 466,41 20 811,14 23 547,15 28 822,85 37 718,68 2 18 935,66 21 221,17 23 977,39 29 253,09 38 148,92 3 19 404,91 21 631,20 24 407,63 29 683,33 38 579,16 5 20 343,44 22 451,28 25 268,13 30 543,83 39 439,66 7 21 281,97 23 271,36 26 128,63 31 404,33 40 300,16 9 22 220,50 24 091,44 26 989,13 32 264,83 41 160,66 11 22 748,39 24 552,75 27 473,19 32 748,89 41 644,72 13 23 276,28 25 014,06 27 957,25 33 232,95 42 128,78 15 23 804,17 25 475,37 28 441,31 33 717,01 42 612,84 17 24 332,06 25 936,68 28 925,37 34 201,07 43 096,90 19 24 859,95 26 397,99 29 409,43 34 685,13 43 580,96 21 25 387,84 26 859,30 29 893,49 35 169,19 44 065,02 23 25 915,73 27 320,61 30 377,55 35 653,25 44 549,08 25 26 443,62 27 781,92 30 861,61 36 137,31 45 033,14
| Barema | II+/1-59 | II+/2-59 | II+/3-59 | II+/4-59 | II+/5-59 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 469,25 | 410,03 | 430,24 | 430,24 | 430,24 |
| tweejaarl. | 3 | 938,53 | 820,08 | 860,50 | 860,50 | 860,50 | |
| tweejaarl. | 7 | 527,89 | 461,31 | 484,06 | 484,06 | 484,06 | |
| tweejaarl. | 1 | 1.055,78 | 922,62 | 968,12 | 968,12 | 968,12 | |
| Min | 17.997,16 | 20.401,11 | 23.116,91 | 28.392,61 | 37.288,44 | ||
| Max | 26.971,51 | 28.243,23 | 31.345,67 | 36.621,37 | 45.517,20 | ||
| 0 | 17.997,16 | 20.401,11 | 23.116,91 | 28.392,61 | 37.288,44 | ||
| 1 | 18.466,41 | 20.811,14 | 23.547,15 | 28.822,85 | 37.718,68 | ||
| 2 | 18.935,66 | 21.221,17 | 23.977,39 | 29.253,09 | 38.148,92 | ||
| 3 | 19.404,91 | 21.631,20 | 24.407,63 | 29.683,33 | 38.579,16 | ||
| 5 | 20.343,44 | 22.451,28 | 25.268,13 | 30.543,83 | 39.439,66 | ||
| 7 | 21.281,97 | 23.271,36 | 26.128,63 | 31.404,33 | 40.300,16 | ||
| 9 | 22.220,50 | 24.091,44 | 26.989,13 | 32.264,83 | 41.160,66 | ||
| 11 | 22.748,39 | 24.552,75 | 27.473,19 | 32.748,89 | 41.644,72 | ||
| 13 | 23.276,28 | 25.014,06 | 27.957,25 | 33.232,95 | 42.128,78 | ||
| 15 | 23.804,17 | 25.475,37 | 28.441,31 | 33.717,01 | 42.612,84 | ||
| 17 | 24.332,06 | 25.936,68 | 28.925,37 | 34.201,07 | 43.096,90 | ||
| 19 | 24.859,95 | 26.397,99 | 29.409,43 | 34.685,13 | 43.580,96 | ||
| 21 | 25.387,84 | 26.859,30 | 29.893,49 | 35.169,19 | 44.065,02 | ||
| 23 | 25.915,73 | 27.320,61 | 30.377,55 | 35.653,25 | 44.549,08 | ||
| 25 | 26.971,51 | 28.243,23 | 31.345,67 | 36.621,37 | 45.517,20 |
| Barème | II+/-59 | II+/-59 | II+/-59 | II+/-59 | II+/5-59 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 469,25 | 410,03 | 430,24 | 430,24 | 430,24 |
| biennale | 3 | 938,53 | 820,08 | 860,50 | 860,50 | 860,50 | |
| biennale | 7 | 527,89 | 461,31 | 484,06 | 484,06 | 484,06 | |
| biennale | 1 | 1 055,78 | 922,62 | 968,12 | 968,12 | 968,12 | |
| Min. | 17 997,16 | 20 401,11 | 23 116,91 | 28 392,61 | 37 288,44 | ||
| Max. | 26 971,51 | 28 243,23 | 31 345,67 | 36 621,37 | 45 517,20 | ||
| 0 | 17 997,16 | 20 401,11 | 23 116,91 | 28 392,61 | 37 288,44 | ||
| 1 | 18 466,41 | 20 811,14 | 23 547,15 | 28 822,85 | 37 718,68 | ||
| 2 | 18 935,66 | 21 221,17 | 23 977,39 | 29 253,09 | 38 148,92 | ||
| 3 | 19 404,91 | 21 631,20 | 24 407,63 | 29 683,33 | 38 579,16 | ||
| 5 | 20 343,44 | 22 451,28 | 25 268,13 | 30 543,83 | 39 439,66 | ||
| 7 | 21 281,97 | 23 271,36 | 26 128,63 | 31 404,33 | 40 300,16 | ||
| 9 | 22 220,50 | 24 091,44 | 26 989,13 | 32 264,83 | 41 160,66 | ||
| 11 | 22 748,39 | 24 552,75 | 27 473,19 | 32 748,89 | 41 644,72 | ||
| 13 | 23 276,28 | 25 014,06 | 27 957,25 | 33 232,95 | 42 128,78 | ||
| 15 | 23 804,17 | 25 475,37 | 28 441,31 | 33 717,01 | 42 612,84 | ||
| 17 | 24 332,06 | 25 936,68 | 28 925,37 | 34 201,07 | 43 096,90 | ||
| 19 | 24 859,95 | 26 397,99 | 29 409,43 | 34 685,13 | 43 580,96 | ||
| 21 | 25 387,84 | 26 859,30 | 29 893,49 | 35 169,19 | 44 065,02 | ||
| 23 | 25 915,73 | 27 320,61 | 30 377,55 | 35 653,25 | 44 549,08 | ||
| 25 | 26 971,51 | 28 243,23 | 31 345,67 | 36 621,37 | 45 517,20 |
Art. N2. Vanaf 1 januari 2021 gelden de volgende weddeschalen in niveau IV:
Art. N2. Les échelles de traitement suivantes s'appliquent à partir du 1er janvier 2021 au niveau IV :
| Barema | IV/1 | IV/2 | IV/3 | IV/4 | IV/5 | IV/6 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 78,75 | 90,78 | 90,78 | 98,58 | 106,40 | 130,50 |
| tweejaarl. | 3 | 157,49 | 181,59 | 181,59 | 197,20 | 212,79 | 261,05 | |
| tweejaarl. | 8 | 88,60 | 102,17 | 102,17 | 110,95 | 119,73 | 146,87 | |
| Min | 12.702,60 | 12.935,00 | 13.650,06 | 14.096,98 | 14.990,80 | 15.986,79 | ||
| Max | 14.120,12 | 14.569,47 | 15.284,53 | 15.871,92 | 16.906,21 | 18.336,40 | ||
| 0 | 12.702,60 | 12.935,00 | 13.650,06 | 14.096,98 | 14.990,80 | 15.986,79 | ||
| 1 | 12.781,35 | 13.025,78 | 13.740,84 | 14.195,56 | 15.097,20 | 16.117,29 | ||
| 2 | 12.860,10 | 13.116,56 | 13.831,62 | 14.294,14 | 15.203,60 | 16.247,79 | ||
| 3 | 12.938,85 | 13.207,34 | 13.922,40 | 14.392,72 | 15.310,00 | 16.378,29 | ||
| 5 | 13.096,34 | 13.388,93 | 14.103,99 | 14.589,92 | 15.522,79 | 16.639,34 | ||
| 7 | 13.253,83 | 13.570,52 | 14.285,58 | 14.787,12 | 15.735,58 | 16.900,39 | ||
| 9 | 13.411,32 | 13.752,11 | 14.467,17 | 14.984,32 | 15.948,37 | 17.161,44 | ||
| 11 | 13.499,92 | 13.854,28 | 14.569,34 | 15.095,27 | 16.068,10 | 17.308,31 | ||
| 13 | 13.588,52 | 13.956,45 | 14.671,51 | 15.206,22 | 16.187,83 | 17.455,18 | ||
| 15 | 13.677,12 | 14.058,62 | 14.773,68 | 15.317,17 | 16.307,56 | 17.602,05 | ||
| 17 | 13.765,72 | 14.160,79 | 14.875,85 | 15.428,12 | 16.427,29 | 17.748,92 | ||
| 19 | 13.854,32 | 14.262,96 | 14.978,02 | 15.539,07 | 16.547,02 | 17.895,79 | ||
| 21 | 13.942,92 | 14.365,13 | 15.080,19 | 15.650,02 | 16.666,75 | 18.042,66 | ||
| 23 | 14.031,52 | 14.467,30 | 15.182,36 | 15.760,97 | 16.786,48 | 18.189,53 | ||
| 25 | 14.120,12 | 14.569,47 | 15.284,53 | 15.871,92 | 16.906,2 | 18.336,40 |
14.120,12 14.569,47 15.284,53 15.871,92 16.906,21 18.336,40 0 12.702,60 12.935,00 13.650,06 14.096,98 14.990,80 15.986,79 1 12.781,35 13.025,78 13.740,84 14.195,56 15.097,20 16.117,29 2 12.860,10 13.116,56 13.831,62 14.294,14 15.203,60 16.247,79 3 12.938,85 13.207,34 13.922,40 14.392,72 15.310,00 16.378,29 5 13.096,34 13.388,93 14.103,99 14.589,92 15.522,79 16.639,34 7 13.253,83 13.570,52 14.285,58 14.787,12 15.735,58 16.900,39 9 13.411,32 13.752,11 14.467,17 14.984,32 15.948,37 17.161,44 11 13.499,92 13.854,28 14.569,34 15.095,27 16.068,10 17.308,31 13 13.588,52 13.956,45 14.671,51 15.206,22 16.187,83 17.455,18 15 13.677,12 14.058,62 14.773,68 15.317,17 16.307,56 17.602,05 17 13.765,72 14.160,79 14.875,85 15.428,12 16.427,29 17.748,92 19 13.854,32 14.262,96 14.978,02 15.539,07 16.547,02 17.895,79 21 13.942,92 14.365,13 15.080,19 15.650,02 16.666,75 18.042,66 23 14.031,52 14.467,30 15.182,36 15.760,97 16.786,48 18.189,53 25 14.120,12 14.569,47 15.284,53 15.871,92 16.906,218.336,40
| Barème | IV/1 | IV/2 | IV/3 | IV/4 | IV/5 | IV/6 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 78,75 | 90,78 | 90,78 | 98,58 | 106,40 | 130,50 |
| biennale | 3 | 157,49 | 181,59 | 181,59 | 197,20 | 212,79 | 261,05 | |
| biennale | 8 | 88,60 | 102,17 | 102,17 | 110,95 | 119,73 | 146,87 | |
| Min. | 12 702,60 | 12 935,00 | 13 650,06 | 14 096,98 | 14 990,80 | 15 986,79 | ||
| Max. | 14 120,12 | 14 569,47 | 15 284,53 | 15 871,92 | 16 906,21 | 18 336,40 | ||
| 0 | 12 702,60 | 12 935,00 | 13 650,06 | 14 096,98 | 14 990,80 | 15 986,79 | ||
| 1 | 12 781,35 | 13 025,78 | 13 740,84 | 14 195,56 | 15 097,20 | 16 117,29 | ||
| 2 | 12 860,10 | 13 116,56 | 13 831,62 | 14 294,14 | 15 203,60 | 16 247,79 | ||
| 3 | 12 938,85 | 13 207,34 | 13 922,40 | 14 392,72 | 15 310,00 | 16 378,29 | ||
| 5 | 13 096,34 | 13 388,93 | 14 103,99 | 14 589,92 | 15 522,79 | 16 639,34 | ||
| 7 | 13 253,83 | 13 570,52 | 14 285,58 | 14 787,12 | 15 735,58 | 16 900,39 | ||
| 9 | 13 411,32 | 13 752,11 | 14 467,17 | 14 984,32 | 15 948,37 | 17 161,44 | ||
| 11 | 13 499,92 | 13 854,28 | 14 569,34 | 15 095,27 | 16 068,10 | 17 308,31 | ||
| 13 | 13 588,52 | 13 956,45 | 14 671,51 | 15 206,22 | 16 187,83 | 17 455,18 | ||
| 15 | 13 677,12 | 14 058,62 | 14 773,68 | 15 317,17 | 16 307,56 | 17 602,05 | ||
| 17 | 13 765,72 | 14 160,79 | 14 875,85 | 15 428,12 | 16 427,29 | 17 748,92 | ||
| 19 | 13 854,32 | 14 262,96 | 14 978,02 | 15 539,07 | 16 547,02 | 17 895,79 | ||
| 21 | 13 942,92 | 14 365,13 | 15 080,19 | 15 650,02 | 16 666,75 | 18 042,66 | ||
| 23 | 14 031,52 | 14 467,30 | 15 182,36 | 15 760,97 | 16 786,48 | 18 189,53 | ||
| 25 | 14 120,12 | 14 569,47 | 15 284,53 | 15 871,92 | 16 906,21 | 18 336,40 |
14 120,12 14 569,47 15 284,53 15 871,92 16 906,21 18 336,40 0 12 702,60 12 935,00 13 650,06 14 096,98 14 990,80 15 986,79 1 12 781,35 13 025,78 13 740,84 14 195,56 15 097,20 16 117,29 2 12 860,10 13 116,56 13 831,62 14 294,14 15 203,60 16 247,79 3 12 938,85 13 207,34 13 922,40 14 392,72 15 310,00 16 378,29 5 13 096,34 13 388,93 14 103,99 14 589,92 15 522,79 16 639,34 7 13 253,83 13 570,52 14 285,58 14 787,12 15 735,58 16 900,39 9 13 411,32 13 752,11 14 467,17 14 984,32 15 948,37 17 161,44 11 13 499,92 13 854,28 14 569,34 15 095,27 16 068,10 17 308,31 13 13 588,52 13 956,45 14 671,51 15 206,22 16 187,83 17 455,18 15 13 677,12 14 058,62 14 773,68 15 317,17 16 307,56 17 602,05 17 13 765,72 14 160,79 14 875,85 15 428,12 16 427,29 17 748,92 19 13 854,32 14 262,96 14 978,02 15 539,07 16 547,02 17 895,79 21 13 942,92 14 365,13 15 080,19 15 650,02 16 666,75 18 042,66 23 14 031,52 14 467,30 15 182,36 15 760,97 16 786,48 18 189,53 25 14 120,12 14 569,47 15 284,53 15 871,92 16 906,21 18 336,40
| Barema | IV/1-59 | IV/2-59 | IV/3-59 | IV/4-59 | IV/5-59 | IV/6-59 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 78,75 | 90,78 | 90,78 | 98,58 | 106,40 | 130,50 |
| tweejaarl. | 3 | 157,49 | 181,59 | 181,59 | 197,20 | 212,79 | 261,05 | |
| tweejaarl. | 7 | 88,60 | 102,17 | 102,17 | 110,95 | 119,73 | 146,87 | |
| tweejaarl. | 1 | 177,20 | 204,34 | 204,34 | 221,90 | 239,46 | 293,74 | |
| Min | 12.702,60 | 12.935,00 | 13.650,06 | 14.096,98 | 14.990,80 | 15.986,79 | ||
| Max | 14.208,72 | 14.671,64 | 15.386,70 | 15.982,87 | 17.025,94 | 18.483,27 | ||
| 0 | 12.702,60 | 12.935,00 | 13.650,06 | 14.096,98 | 14.990,80 | 15.986,79 | ||
| 1 | 12.781,35 | 13.025,78 | 13.740,84 | 14.195,56 | 15.097,20 | 16.117,29 | ||
| 2 | 12.860,10 | 13.116,56 | 13.831,62 | 14.294,14 | 15.203,60 | 16.247,79 | ||
| 3 | 12.938,85 | 13.207,34 | 13.922,40 | 14.392,72 | 15.310,00 | 16.378,29 | ||
| 5 | 13.096,34 | 13.388,93 | 14.103,99 | 14.589,92 | 15.522,79 | 16.639,34 | ||
| 7 | 13.253,83 | 13.570,52 | 14.285,58 | 14.787,12 | 15.735,58 | 16.900,39 | ||
| 9 | 13.411,32 | 13.752,11 | 14.467,17 | 14.984,32 | 15.948,37 | 17.161,44 | ||
| 11 | 13.499,92 | 13.854,28 | 14.569,34 | 15.095,27 | 16.068,10 | 17.308,31 | ||
| 13 | 13.588,52 | 13.956,45 | 14.671,51 | 15.206,22 | 16.187,83 | 17.455,18 | ||
| 15 | 13.677,12 | 14.058,62 | 14.773,68 | 15.317,17 | 16.307,56 | 17.602,05 | ||
| 17 | 13.765,72 | 14.160,79 | 14.875,85 | 15.428,12 | 16.427,29 | 17.748,92 | ||
| 19 | 13.854,32 | 14.262,96 | 14.978,02 | 15.539,07 | 16.547,02 | 17.895,79 | ||
| 21 | 13.942,92 | 14.365,13 | 15.080,19 | 15.650,02 | 16.666,75 | 18.042,66 | ||
| 23 | 14.031,52 | 14.467,30 | 15.182,36 | 15.760,97 | 16.786,48 | 18.189,53 | ||
| 25 | 14.208,72 | 14.671,64 | 15.386,70 | 15.982,87 | 17.025,94 | 18.483,27 |
14.208,72 14.671,64 15.386,70 15.982,87 17.025,94 18.483,27 0 12.702,60 12.935,00 13.650,06 14.096,98 14.990,80 15.986,79 1 12.781,35 13.025,78 13.740,84 14.195,56 15.097,20 16.117,29 2 12.860,10 13.116,56 13.831,62 14.294,14 15.203,60 16.247,79 3 12.938,85 13.207,34 13.922,40 14.392,72 15.310,00 16.378,29 5 13.096,34 13.388,93 14.103,99 14.589,92 15.522,79 16.639,34 7 13.253,83 13.570,52 14.285,58 14.787,12 15.735,58 16.900,39 9 13.411,32 13.752,11 14.467,17 14.984,32 15.948,37 17.161,44 11 13.499,92 13.854,28 14.569,34 15.095,27 16.068,10 17.308,31 13 13.588,52 13.956,45 14.671,51 15.206,22 16.187,83 17.455,18 15 13.677,12 14.058,62 14.773,68 15.317,17 16.307,56 17.602,05 17 13.765,72 14.160,79 14.875,85 15.428,12 16.427,29 17.748,92 19 13.854,32 14.262,96 14.978,02 15.539,07 16.547,02 17.895,79 21 13.942,92 14.365,13 15.080,19 15.650,02 16.666,75 18.042,66 23 14.031,52 14.467,30 15.182,36 15.760,97 16.786,48 18.189,53 25 14.208,72 14.671,64 15.386,70 15.982,87 17.025,94 18.483,27
Vanaf 1 januari 2022 gelden de volgende weddeschalen in niveau II+:
(pre)
| Barema | II+/1 | II+/2 | II+/3 | II+/4 | II+/5 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 460,66 | 402,55 | 422,36 | 422,36 | 422,36 |
| tweejaarl. | 3 | 921,32 | 805,09 | 844,75 | 844,75 | 844,75 | |
| tweejaarl. | 8 | 518,24 | 452,85 | 475,20 | 475,20 | 475,20 | |
| Min | 17.667,73 | 20.027,68 | 22.693,77 | 27.872,90 | 36.605,89 | ||
| Max | 25.959,59 | 27.273,39 | 30.296,70 | 35.475,83 | 44.208,82 | ||
| 0 | 17.667,73 | 20.027,68 | 22.693,77 | 27.872,90 | 36.605,89 | ||
| 1 | 18.128,39 | 20.430,23 | 23.116,13 | 28.295,26 | 37.028,25 | ||
| 2 | 18.589,05 | 20.832,77 | 23.538,49 | 28.717,62 | 37.450,61 | ||
| 3 | 19.049,71 | 21.235,32 | 23.960,85 | 29.139,98 | 37.872,97 | ||
| 5 | 19.971,03 | 22.040,41 | 24.805,60 | 29.984,73 | 38.717,72 | ||
| 7 | 20.892,35 | 22.845,50 | 25.650,35 | 30.829,48 | 39.562,47 | ||
| 9 | 21.813,67 | 23.650,59 | 26.495,10 | 31.674,23 | 40.407,22 | ||
| 11 | 22.331,91 | 24.103,44 | 26.970,30 | 32.149,43 | 40.882,42 | ||
| 13 | 22.850,15 | 24.556,29 | 27.445,50 | 32.624,63 | 41.357,62 | ||
| 15 | 23.368,39 | 25.009,14 | 27.920,70 | 33.099,83 | 41.832,82 | ||
| 17 | 23.886,63 | 25.461,99 | 28.395,90 | 33.575,03 | 42.308,02 | ||
| 19 | 24.404,87 | 25.914,84 | 28.871,10 | 34.050,23 | 42.783,22 | ||
| 21 | 24.923,11 | 26.367,69 | 29.346,30 | 34.525,43 | 43.258,42 | ||
| 23 | 25.441,35 | 26.820,54 | 29.821,50 | 35.000,63 | 43.733,62 | ||
| 25 | 25.959,59 | 27.273,39 | 30.296,70 | 35.475,83 | 44.208,82 |
| Barème | IV/1-59 | IV/2-59 | V/3-59 | IV/4-59 | IV/5-59 | IV/6-59 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 78,75 | 90,78 | 90,78 | 98,58 | 106,40 | 130,50 |
| biennale | 3 | 157,49 | 181,59 | 181,59 | 197,20 | 212,79 | 261,05 | |
| biennale | 7 | 88,60 | 102,17 | 102,17 | 110,95 | 119,73 | 146,87 | |
| biennale | 1 | 177,20 | 204,34 | 204,34 | 221,90 | 239,46 | 293,74 | |
| Min. | 12 702,60 | 12 935,00 | 13 650,06 | 14 096,98 | 14 990,80 | 15 986,79 | ||
| Max | 14 208,72 | 14 671,64 | 15 386,70 | 15 982,87 | 17 025,94 | 18 483,27 | ||
| 0 | 12 702,60 | 12 935,00 | 13 650,06 | 14 096,98 | 14 990,80 | 15 986,79 | ||
| 1 | 12 781,35 | 13 025,78 | 13 740,84 | 14 195,56 | 15 097,20 | 16 117,29 | ||
| 2 | 12 860,10 | 13 116,56 | 13 831,62 | 14 294,14 | 15 203,60 | 16 247,79 | ||
| 3 | 12 938,85 | 13 207,34 | 13 922,40 | 14 392,72 | 15 310,00 | 16 378,29 | ||
| 5 | 13 096,34 | 13 388,93 | 14 103,99 | 14 589,92 | 15 522,79 | 16 639,34 | ||
| 7 | 13 253,83 | 13 570,52 | 14 285,58 | 14 787,12 | 15 735,58 | 16 900,39 | ||
| 9 | 13 411,32 | 13 752,11 | 14 467,17 | 14 984,32 | 15 948,37 | 17 161,44 | ||
| 11 | 13 499,92 | 13 854,28 | 14 569,34 | 15 095,27 | 16 068,10 | 17 308,31 | ||
| 13 | 13 588,52 | 13 956,45 | 14 671,51 | 15 206,22 | 16 187,83 | 17 455,18 | ||
| 15 | 13 677,12 | 14 058,62 | 14 773,68 | 15 317,17 | 16 307,56 | 17 602,05 | ||
| 17 | 13 765,72 | 14 160,79 | 14 875,85 | 15 428,12 | 16 427,29 | 17 748,92 | ||
| 19 | 13 854,32 | 14 262,96 | 14 978,02 | 15 539,07 | 16 547,02 | 17 895,79 | ||
| 21 | 13 942,92 | 14 365,13 | 15 080,19 | 15 650,02 | 16 666,75 | 18 042,66 | ||
| 23 | 14 031,52 | 14 467,30 | 15 182,36 | 15 760,97 | 16 786,48 | 18 189,53 | ||
| 25 | 14 208,72 | 14 671,64 | 15 386,70 | 15 982,87 | 17 025,94 | 18 483,27 |
14 208,72 14 671,64 15 386,70 15 982,87 17 025,94 18 483,27 0 12 702,60 12 935,00 13 650,06 14 096,98 14 990,80 15 986,79 1 12 781,35 13 025,78 13 740,84 14 195,56 15 097,20 16 117,29 2 12 860,10 13 116,56 13 831,62 14 294,14 15 203,60 16 247,79 3 12 938,85 13 207,34 13 922,40 14 392,72 15 310,00 16 378,29 5 13 096,34 13 388,93 14 103,99 14 589,92 15 522,79 16 639,34 7 13 253,83 13 570,52 14 285,58 14 787,12 15 735,58 16 900,39 9 13 411,32 13 752,11 14 467,17 14 984,32 15 948,37 17 161,44 11 13 499,92 13 854,28 14 569,34 15 095,27 16 068,10 17 308,31 13 13 588,52 13 956,45 14 671,51 15 206,22 16 187,83 17 455,18 15 13 677,12 14 058,62 14 773,68 15 317,17 16 307,56 17 602,05 17 13 765,72 14 160,79 14 875,85 15 428,12 16 427,29 17 748,92 19 13 854,32 14 262,96 14 978,02 15 539,07 16 547,02 17 895,79 21 13 942,92 14 365,13 15 080,19 15 650,02 16 666,75 18 042,66 23 14 031,52 14 467,30 15 182,36 15 760,97 16 786,48 18 189,53 25 14 208,72 14 671,64 15 386,70 15 982,87 17 025,94 18 483,27
Les échelles de traitement suivantes s'appliquent à partir du 1er janvier 2022 au niveau II+ :
| Barema | II+/1-59 | II+/2-59 | II+/3-59 | II+/4-59 | II+/5-59 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 460,66 | 402,55 | 422,36 | 422,36 | 422,36 |
| tweejaarl. | 3 | 921,32 | 805,09 | 844,75 | 844,75 | 844,75 | |
| tweejaarl. | 7 | 518,24 | 452,85 | 475,20 | 475,20 | 475,20 | |
| tweejaarl. | 1 | 1.036,48 | 905,70 | 950,40 | 950,40 | 950,40 | |
| Min | 17.667,73 | 20.027,68 | 22.693,77 | 27.872,90 | 36.605,89 | ||
| Max | 26.477,83 | 27.726,24 | 30.771,90 | 35.951,03 | 44.684,02 | ||
| 0 | 17.667,73 | 20.027,68 | 22.693,77 | 27.872,90 | 36.605,89 | ||
| 1 | 18.128,39 | 20.430,23 | 23.116,13 | 28.295,26 | 37.028,25 | ||
| 2 | 18.589,05 | 20.832,77 | 23.538,49 | 28.717,62 | 37.450,61 | ||
| 3 | 19.049,71 | 21.235,32 | 23.960,85 | 29.139,98 | 37.872,97 | ||
| 5 | 19.971,03 | 22.040,41 | 24.805,60 | 29.984,73 | 38.717,72 | ||
| 7 | 20.892,35 | 22.845,50 | 25.650,35 | 30.829,48 | 39.562,47 | ||
| 9 | 21.813,67 | 23.650,59 | 26.495,10 | 31.674,23 | 40.407,22 | ||
| 11 | 22.331,91 | 24.103,44 | 26.970,30 | 32.149,43 | 40.882,42 | ||
| 13 | 22.850,15 | 24.556,29 | 27.445,50 | 32.624,63 | 41.357,62 | ||
| 15 | 23.368,39 | 25.009,14 | 27.920,70 | 33.099,83 | 41.832,82 | ||
| 17 | 23.886,63 | 25.461,99 | 28.395,90 | 33.575,03 | 42.308,02 | ||
| 19 | 24.404,87 | 25.914,84 | 28.871,10 | 34.050,23 | 42.783,22 | ||
| 21 | 24.923,11 | 26.367,69 | 29.346,30 | 34.525,43 | 43.258,42 | ||
| 23 | 25.441,35 | 26.820,54 | 29.821,50 | 35.000,63 | 43.733,62 | ||
| 25 | 26.477,83 | 27.726,24 | 30.771,90 | 35.951,03 | 44.684,02 |
| Barème | II+/1 | II+/2 | II+/3 | II+/4 | II+/5 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 460,66 | 402,55 | 422,36 | 422,36 | 422,36 |
| biennale | 3 | 921,32 | 805,09 | 844,75 | 844,75 | 844,75 | |
| biennale | 8 | 518,24 | 452,85 | 475,20 | 475,20 | 475,20 | |
| Min. | 17 667,73 | 20 027,68 | 22 693,77 | 27 872,90 | 36 605,89 | ||
| Max. | 25 959,59 | 27 273,39 | 30 296,70 | 35 475,83 | 44 208,82 | ||
| 0 | 17 667,73 | 20 027,68 | 22 693,77 | 27 872,90 | 36 605,89 | ||
| 1 | 18 128,39 | 20 430,23 | 23 116,13 | 28 295,26 | 37 028,25 | ||
| 2 | 18 589,05 | 20 832,77 | 23 538,49 | 28 717,62 | 37 450,61 | ||
| 3 | 19 049,71 | 21 235,32 | 23 960,85 | 29 139,98 | 37 872,97 | ||
| 5 | 19 971,03 | 22 040,41 | 24 805,60 | 29 984,73 | 38 717,72 | ||
| 7 | 20 892,35 | 22 845,50 | 25 650,35 | 30 829,48 | 39 562,47 | ||
| 9 | 21 813,67 | 23 650,59 | 26 495,10 | 31 674,23 | 40 407,22 | ||
| 11 | 22 331,91 | 24 103,44 | 26 970,30 | 32 149,43 | 40 882,42 | ||
| 13 | 22 850,15 | 24 556,29 | 27 445,50 | 32 624,63 | 41 357,62 | ||
| 15 | 23 368,39 | 25 009,14 | 27 920,70 | 33 099,83 | 41 832,82 | ||
| 17 | 23 886,63 | 25 461,99 | 28 395,90 | 33 575,03 | 42 308,02 | ||
| 19 | 24 404,87 | 25 914,84 | 28 871,10 | 34 050,23 | 42 783,22 | ||
| 21 | 24 923,11 | 26 367,69 | 29 346,30 | 34 525,43 | 43 258,42 | ||
| 23 | 25 441,35 | 26 820,54 | 29 821,50 | 35 000,63 | 43 733,62 | ||
| 25 | 25 959,59 | 27 273,39 | 30 296,70 | 35 475,83 | 44 208,82 |
Vanaf 1 januari 2023 gelden de volgende weddeschalen in niveau II+:
| Barème | II+/-59 | II+/-59 | II+/-59 | II+/-59 | II+/5-59 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 460,66 | 402,55 | 422,36 | 422,36 | 422,36 |
| biennale | 3 | 921,32 | 805,09 | 844,75 | 844,75 | 844,75 | |
| biennale | 7 | 518,24 | 452,85 | 475,20 | 475,20 | 475,20 | |
| biennale | 1 | 1 036,48 | 905,70 | 950,40 | 950,40 | 950,40 | |
| Min. | 17 667,73 | 20 027,68 | 22 693,77 | 27 872,90 | 36 605,89 | ||
| Max. | 26 477,83 | 27 726,24 | 30 771,90 | 35 951,03 | 44 684,02 | ||
| 0 | 17 667,73 | 20 027,68 | 22 693,77 | 27 872,90 | 36 605,89 | ||
| 1 | 18 128,39 | 20 430,23 | 23 116,13 | 28 295,26 | 37 028,25 | ||
| 2 | 18 589,05 | 20 832,77 | 23 538,49 | 28 717,62 | 37 450,61 | ||
| 3 | 19 049,71 | 21 235,32 | 23 960,85 | 29 139,98 | 37 872,97 | ||
| 5 | 19 971,03 | 22 040,41 | 24 805,60 | 29 984,73 | 38 717,72 | ||
| 7 | 20 892,35 | 22 845,50 | 25 650,35 | 30 829,48 | 39 562,47 | ||
| 9 | 21 813,67 | 23 650,59 | 26 495,10 | 31 674,23 | 40 407,22 | ||
| 11 | 22 331,91 | 24 103,44 | 26 970,30 | 32 149,43 | 40 882,42 | ||
| 13 | 22 850,15 | 24 556,29 | 27 445,50 | 32 624,63 | 41 357,62 | ||
| 15 | 23 368,39 | 25 009,14 | 27 920,70 | 33 099,83 | 41 832,82 | ||
| 17 | 23 886,63 | 25 461,99 | 28 395,90 | 33 575,03 | 42 308,02 | ||
| 19 | 24 404,87 | 25 914,84 | 28 871,10 | 34 050,23 | 42 783,22 | ||
| 21 | 24 923,11 | 26 367,69 | 29 346,30 | 34 525,43 | 43 258,42 | ||
| 23 | 25 441,35 | 26 820,54 | 29 821,50 | 35 000,63 | 43 733,62 | ||
| 25 | 26 477,83 | 27 726,24 | 30 771,90 | 35 951,03 | 44 684,02 |
| Barema | II+/1 | II+/2 | II+/3 | II+/4 | II+/5 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 469,25 | 410,03 | 430,24 | 430,24 | 430,24 |
| tweejaarl. | 3 | 938,53 | 820,08 | 860,50 | 860,50 | 860,50 | |
| tweejaarl. | 8 | 527,89 | 461,31 | 484,06 | 484,06 | 484,06 | |
| Min | 17.997,16 | 20.401,11 | 23.116,91 | 28.392,61 | 37.288,44 | ||
| Max | 26.443,62 | 27.781,92 | 30.861,61 | 36.137,31 | 45.033,14 | ||
| 0 | 17.997,16 | 20.401,11 | 23.116,91 | 28.392,61 | 37.288,44 | ||
| 1 | 18.466,41 | 20.811,14 | 23.547,15 | 28.822,85 | 37.718,68 | ||
| 2 | 18.935,66 | 21.221,17 | 23.977,39 | 29.253,09 | 38.148,92 | ||
| 3 | 19.404,91 | 21.631,20 | 24.407,63 | 29.683,33 | 38.579,16 | ||
| 5 | 20.343,44 | 22.451,28 | 25.268,13 | 30.543,83 | 39.439,66 | ||
| 7 | 21.281,97 | 23.271,36 | 26.128,63 | 31.404,33 | 40.300,16 | ||
| 9 | 22.220,50 | 24.091,44 | 26.989,13 | 32.264,83 | 41.160,66 | ||
| 11 | 22.748,39 | 24.552,75 | 27.473,19 | 32.748,89 | 41.644,72 | ||
| 13 | 23.276,28 | 25.014,06 | 27.957,25 | 33.232,95 | 42.128,78 | ||
| 15 | 23.804,17 | 25.475,37 | 28.441,31 | 33.717,01 | 42.612,84 | ||
| 17 | 24.332,06 | 25.936,68 | 28.925,37 | 34.201,07 | 43.096,90 | ||
| 19 | 24.859,95 | 26.397,99 | 29.409,43 | 34.685,13 | 43.580,96 | ||
| 21 | 25.387,84 | 26.859,30 | 29.893,49 | 35.169,19 | 44.065,02 | ||
| 23 | 25.915,73 | 27.320,61 | 30.377,55 | 35.653,25 | 44.549,08 | ||
| 25 | 26.443,62 | 27.781,92 | 30.861,61 | 36.137,31 | 45.033,14 |
Les échelles de traitement suivantes s'appliquent à partir du 1er janvier 2023 au niveau II+ :
| Barema | II+/1-59 | II+/2-59 | II+/3-59 | II+/4-59 | II+/5-59 | ||
| Verhoging | jaarl. | 3 | 469,25 | 410,03 | 430,24 | 430,24 | 430,24 |
| tweejaarl. | 3 | 938,53 | 820,08 | 860,50 | 860,50 | 860,50 | |
| tweejaarl. | 7 | 527,89 | 461,31 | 484,06 | 484,06 | 484,06 | |
| tweejaarl. | 1 | 1.055,78 | 922,62 | 968,12 | 968,12 | 968,12 | |
| Min | 17.997,16 | 20.401,11 | 23.116,91 | 28.392,61 | 37.288,44 | ||
| Max | 26.971,51 | 28.243,23 | 31.345,67 | 36.621,37 | 45.517,20 | ||
| 0 | 17.997,16 | 20.401,11 | 23.116,91 | 28.392,61 | 37.288,44 | ||
| 1 | 18.466,41 | 20.811,14 | 23.547,15 | 28.822,85 | 37.718,68 | ||
| 2 | 18.935,66 | 21.221,17 | 23.977,39 | 29.253,09 | 38.148,92 | ||
| 3 | 19.404,91 | 21.631,20 | 24.407,63 | 29.683,33 | 38.579,16 | ||
| 5 | 20.343,44 | 22.451,28 | 25.268,13 | 30.543,83 | 39.439,66 | ||
| 7 | 21.281,97 | 23.271,36 | 26.128,63 | 31.404,33 | 40.300,16 | ||
| 9 | 22.220,50 | 24.091,44 | 26.989,13 | 32.264,83 | 41.160,66 | ||
| 11 | 22.748,39 | 24.552,75 | 27.473,19 | 32.748,89 | 41.644,72 | ||
| 13 | 23.276,28 | 25.014,06 | 27.957,25 | 33.232,95 | 42.128,78 | ||
| 15 | 23.804,17 | 25.475,37 | 28.441,31 | 33.717,01 | 42.612,84 | ||
| 17 | 24.332,06 | 25.936,68 | 28.925,37 | 34.201,07 | 43.096,90 | ||
| 19 | 24.859,95 | 26.397,99 | 29.409,43 | 34.685,13 | 43.580,96 | ||
| 21 | 25.387,84 | 26.859,30 | 29.893,49 | 35.169,19 | 44.065,02 | ||
| 23 | 25.915,73 | 27.320,61 | 30.377,55 | 35.653,25 | 44.549,08 | ||
| 25 | 26.971,51 | 28.243,23 | 31.345,67 | 36.621,37 | 45.517,20 |
| Barème | II+/1 | II+/2 | II+/3 | II+/4 | II+/5 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 469,25 | 410,03 | 430,24 | 430,24 | 430,24 |
| biennale | 3 | 938,53 | 820,08 | 860,50 | 860,50 | 860,50 | |
| biennale | 8 | 527,89 | 461,31 | 484,06 | 484,06 | 484,06 | |
| Min. | 17 997,16 | 20 401,11 | 23 116,91 | 28 392,61 | 37 288,44 | ||
| Max. | 26 443,62 | 27 781,92 | 30 861,61 | 36 137,31 | 45 033,14 | ||
| 0 | 17 997,16 | 20 401,11 | 23 116,91 | 28 392,61 | 37 288,44 | ||
| 1 | 18 466,41 | 20 811,14 | 23 547,15 | 28 822,85 | 37 718,68 | ||
| 2 | 18 935,66 | 21 221,17 | 23 977,39 | 29 253,09 | 38 148,92 | ||
| 3 | 19 404,91 | 21 631,20 | 24 407,63 | 29 683,33 | 38 579,16 | ||
| 5 | 20 343,44 | 22 451,28 | 25 268,13 | 30 543,83 | 39 439,66 | ||
| 7 | 21 281,97 | 23 271,36 | 26 128,63 | 31 404,33 | 40 300,16 | ||
| 9 | 22 220,50 | 24 091,44 | 26 989,13 | 32 264,83 | 41 160,66 | ||
| 11 | 22 748,39 | 24 552,75 | 27 473,19 | 32 748,89 | 41 644,72 | ||
| 13 | 23 276,28 | 25 014,06 | 27 957,25 | 33 232,95 | 42 128,78 | ||
| 15 | 23 804,17 | 25 475,37 | 28 441,31 | 33 717,01 | 42 612,84 | ||
| 17 | 24 332,06 | 25 936,68 | 28 925,37 | 34 201,07 | 43 096,90 | ||
| 19 | 24 859,95 | 26 397,99 | 29 409,43 | 34 685,13 | 43 580,96 | ||
| 21 | 25 387,84 | 26 859,30 | 29 893,49 | 35 169,19 | 44 065,02 | ||
| 23 | 25 915,73 | 27 320,61 | 30 377,55 | 35 653,25 | 44 549,08 | ||
| 25 | 26 443,62 | 27 781,92 | 30 861,61 | 36 137,31 | 45 033,14 |
-
| Barème | II+/-59 | II+/-59 | II+/-59 | II+/-59 | II+/5-59 | ||
| Augmentation | annale | 3 | 469,25 | 410,03 | 430,24 | 430,24 | 430,24 |
| biennale | 3 | 938,53 | 820,08 | 860,50 | 860,50 | 860,50 | |
| biennale | 7 | 527,89 | 461,31 | 484,06 | 484,06 | 484,06 | |
| biennale | 1 | 1 055,78 | 922,62 | 968,12 | 968,12 | 968,12 | |
| Min. | 17 997,16 | 20 401,11 | 23 116,91 | 28 392,61 | 37 288,44 | ||
| Max. | 26 971,51 | 28 243,23 | 31 345,67 | 36 621,37 | 45 517,20 | ||
| 0 | 17 997,16 | 20 401,11 | 23 116,91 | 28 392,61 | 37 288,44 | ||
| 1 | 18 466,41 | 20 811,14 | 23 547,15 | 28 822,85 | 37 718,68 | ||
| 2 | 18 935,66 | 21 221,17 | 23 977,39 | 29 253,09 | 38 148,92 | ||
| 3 | 19 404,91 | 21 631,20 | 24 407,63 | 29 683,33 | 38 579,16 | ||
| 5 | 20 343,44 | 22 451,28 | 25 268,13 | 30 543,83 | 39 439,66 | ||
| 7 | 21 281,97 | 23 271,36 | 26 128,63 | 31 404,33 | 40 300,16 | ||
| 9 | 22 220,50 | 24 091,44 | 26 989,13 | 32 264,83 | 41 160,66 | ||
| 11 | 22 748,39 | 24 552,75 | 27 473,19 | 32 748,89 | 41 644,72 | ||
| 13 | 23 276,28 | 25 014,06 | 27 957,25 | 33 232,95 | 42 128,78 | ||
| 15 | 23 804,17 | 25 475,37 | 28 441,31 | 33 717,01 | 42 612,84 | ||
| 17 | 24 332,06 | 25 936,68 | 28 925,37 | 34 201,07 | 43 096,90 | ||
| 19 | 24 859,95 | 26 397,99 | 29 409,43 | 34 685,13 | 43 580,96 | ||
| 21 | 25 387,84 | 26 859,30 | 29 893,49 | 35 169,19 | 44 065,02 | ||
| 23 | 25 915,73 | 27 320,61 | 30 377,55 | 35 653,25 | 44 549,08 | ||
| 25 | 26 971,51 | 28 243,23 | 31 345,67 | 36 621,37 | 45 517,20 |