Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
1 SEPTEMBER 2022. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de presentiegelden die kunnen worden toegekend aan rechters in ondernemingszaken
Titre
1 SEPTEMBRE 2022. - Arrêté royal fixant les jetons de présence qui peuvent être alloués aux juges consulaires
Informations sur le document
Numac: 2022041684
Datum: 2022-09-01
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2022041684
Date: 2022-09-01
Moniteur: Voir
Tekst (11)
Texte (11)
Artikel 1. De rechter in ondernemingszaken wordt op grond van artikel 356 van het Gerechtelijk Wetboek, een presentiegeld toegekend van 40,75 EUR per begonnen schijf van drie uren dat een terechtzitting duurt.
  Met een terechtzitting wordt in dit besluit de zitting bedoeld die door de rechter geopend en gesloten wordt, ongeacht het aantal zaken die tijdens deze zitting behandeld worden.
Article 1er. Le juge consulaire se voit allouer sur la base de l'article 356 du Code judiciaire un jeton de présence de 40,75 EUR par tranche entamée de trois heures que dure une audience.
  Dans le présent arreté, on entend par audience, l'audience ouverte et cloturée par le juge, quel que soit le nombre d'affaires traitées au cours de cette audience.
Art. 2. Met een terechtzitting bedoeld in artikel 1 worden volgende prestaties gelijkgesteld:
  1°. buitengewone zitting, getuigenverhoor, plaatsbezoek (buiten faillissement): één presentiegeld per prestatie;
  2°. faillissement: één presentiegeld bij opening, één presentiegeld bij sluiting indien effectieve afstapping en/of vereffeningsvergadering;
  3°. procedure in het kader van het Wetboek van economisch recht, Boek XX, titel II: één presentiegeld per zitting. Een onderzoekzitting of een hoorzitting door de rechter-verslaggever worden gelijkgesteld met één zitting;
  4°. onderzoek met inbegrip van het onderzoek dat de gedelegeerde rechter voert voor zijn verslagen in het kader van een gerechtelijke reorganisatie bedoeld in het Wetboek van economisch recht, Boek XX, titel V: één presentiegeld per rapport van de gedelegeerde rechter al dan niet aanwezig op de zitting waar zijn rapport wordt voorgelegd;
  5°. vereffening: één presentiegeld per drie uur effectief gepresteerde uren. Deze uren kunnen worden samengevoegd tot de drie uren zijn bereikt;
  6°. deelname aan een algemene vergadering, aan een samenkomst van een werkgroep of andere prestaties, vooraf schriftelijk gevalideerd door de voorzitter van de ondernemingsrechtbank: één presentiegeld. Enkel de opleidingen bedoeld in artikel 204, § 3, van het Gerechtelijk Wetboek, worden vergoed.
  Indien de gedelegeerde rechter in het kader van de procedure van de gerechtelijke reorganisatie overeenkomstig het Wetboek van economisch recht, Boek XX, titel V, een onderzoek doet, dat gelet op de complexiteit van het dossier minstens zes uren duurt, wordt dit gelijkgesteld aan twee terechtzittingen. De voorzitter van de rechtbank beslist over de toe te kennen presentiegelden op basis van rechtvaardigingstukken hem bezorgd door de gedelegeerde rechter. Deze motiveert de complexiteit ervan, aan de hand van onder meer de omzet, het aantal personeelsleden, de bedrijfstak en de boekhoudkundige staat van het vermogen van de schuldenaar.
Art. 2. Les prestations suivantes sont assimilées à une audience visée à l'article 1er:
  1°. l'audience extraordinaire, l'audition de témoins, la descente sur les lieux (hors faillite) : un jeton de présence par prestation ;
  2°. la faillite : un jeton de présence à l'ouverture, un jeton de présence à la clôture si descente effective et/ou assemblée de liquidation ;
  3°. la procédure dans le cadre du Code de droit économique, Livre XX, titre II : un jeton de présence par audience. Une séance d'enquête ou une séance d'audition par le juge rapporteur sera assimilée à une audience ;
  4°. l'examen y compris l'examen mené par le juge délégué préalablement aux rapports qu'il rédige dans le cadre de la réorganisation judiciaire visée par le Code de droit économique, Livre XX, titre V : un jeton de présence par rapport du juge délégué, qu'il soit présent ou non à l'audience où son rapport est présenté ;
  5°. la liquidation : un jeton de présence par période de trois heures effectivement effectuées. Ces heures peuvent être rassemblées jusqu'à ce que les trois heures soient atteintes ;
  6°. la participation à une assemblée générale, à une réunion d'un groupe de travail ou à d'autres prestations, validée au préalable par écrit par le président du tribunal de l'entreprise : un jeton de présence. Seules les formations visées à l'article 204, § 3 du Code judiciaire, sont compensées.
  Si le juge délégué dans le cadre de la procédure de réorganisation judiciaire, conformément au Code de droit économique, Livre XX, titre V, procède à un examen qui au vu de la complexité du dossier dure au moins six heures, celui-ci équivaut à deux audiences. Le président du tribunal en décide sur base des pièces justificatives qui lui sont fournies par le juge délégué. Celui-ci justifie de la complexité à l'aide, entre autres, du chiffre d'affaires, du nombre de membres du personnel, du secteur d'activité et de la situation comptable du patrimoine du débiteur.
Art. 3. Met uitzondering van de prestaties bedoeld in artikel 2, eerste lid, kan aan de rechter in ondernemingszaken dagelijks niet meer dan twee presentiegelden zoals bedoeld in artikel 1 worden toegekend.
  Per kalenderjaar kan aan de rechter in ondernemingszaken maximaal honderd presentiegelden worden toegekend.
  In afwijking van het tweede lid kan aan de rechter in ondernemingszaken meer dan honderd presentiegelden worden toegekend indien de voorzitter van de ondernemingsrechtbank aantoont dat de betrokken rechter in ondernemingszaken werd aangewezen omwille van zijn bijzondere expertise of omdat er onvoldoende rechters in ondernemingszaken voor handen waren om de kamer samen te stellen of de toegewezen opdrachten uit te voeren.
Art. 3. Excepté pour les prestations visées à l'article 2, alinéa 1er, au maximum deux jetons de présence visés à l'article 1er peuvent être attribués au juge consulaire par jour.
  Le juge consulaire peut se voir allouer au maximum cent jetons de présence par année civile.
  Par dérogation à l'alinéa 2, le juge consulaire peut se voir allouer plus de cent jetons de présence si le président du tribunal de l'entreprise démontre que le juge consulaire concerné a été désigné en raison de son expertise particulière ou parce qu'il n'y avait pas suffisamment de juges consulaires pour constituer la chambre ou pour réaliser les tâches allouées.
Art. 4. De mobiliteitsregeling die geldt voor de wedden van het personeel van de federale overheidsdiensten, geldt ook voor de presentiegelden bedoeld in artikel 1. Ze worden aan het spilindexcijfer 138,01 gekoppeld.
Art. 4. Le régime de mobilité applicable aux traitements du personnel des services publics fédéraux s'applique également aux jetons de présence visés à l'article 1er. Il est rattaché à l'indice pivot 138,01.
Art. 5. De aanvraag tot toekenning van het presentiegeld wordt opgemaakt per kalenderkwartaal.
  Zij vermeldt de data, de duur en de aard van de prestaties.
  Zij eindigt met de woorden: "Ik bevestig op mijn eer dat deze verklaring waar en oprecht is.".
  Zij wordt bezorgd aan de voorzitter van de ondernemingsrechtbank die ze, met zijn advies en met de rechtvaardigingstukken, doet toekomen aan de Minister bevoegd voor Justitie.
Art. 5. La demande d'octroi du jeton de présence est établie par trimestre civil.
  Elle mentionne les dates, la durée et la nature des prestations.
  Elle se termine par les mots : " J'affirme sur l'honneur que la présente déclaration est sincère et véritable. ".
  Elle est remise au président du tribunal de l'entreprise qui la transmet au Ministre qui a la Justice dans ses attributions en y joignant son avis et les pièces justificatives.
Art. 6. Het opschrift van het koninklijk besluit van 22 april 1999 tot vaststelling van het bedrag van de presentiegelden die kunnen worden toegekend aan de raadsheren en rechters sociale zaken en aan de rechters in handelszaken, wordt vervangen als volgt: "koninklijk besluit tot vaststelling van het bedrag van de presentiegelden die kunnen worden toegekend aan de raadsheren en de rechters in sociale zaken".
Art. 6. L'intitulé de l'arrêté royal du 22 avril 1999 déterminant le montant des jetons de présence qui peuvent être alloués aux conseillers sociaux, juges sociaux et juges consulaires, est remplacé par ce qui suit : " arrêté royal déterminant le montant des jetons de présence qui peuvent être alloués aux conseillers sociaux et juges sociaux ".
Art. 7. In artikel 1 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° de woorden ", de rechter in sociale zaken en de rechter in handelszaken" worden vervangen door de woorden " en de rechter in sociale zaken";
  2° de woorden "2 461 frank" worden vervangen door de woorden " 61,01 EUR";
  3° de woorden "1 644 frank" worden vervangen door de woorden "40,75 EUR ";
  4° de woorden "-rechter in handelszaken: 1 644 frank" worden opgeheven.
Art. 7. A l'article 1er du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
  1° les mots " , aux juges sociaux et aux juges consulaires " sont remplacés par les mots " et aux juges sociaux " ;
  2° les mots " 2 461 francs " sont remplacés par les mots " 61,01 EUR " ;
  3° les mots " 1 644 francs " sont remplacés par les mots " 40,75 EUR " ;
  4° les mots " - juge consulaire : 1 644 francs " sont abrogés.
Art. 8. In artikel 3 van hetzelfde besluit worden de woorden "der ministeries" vervangen door de woorden "van de federale overheidsdiensten".
Art. 8. Dans l'article 3 du même arrêté, les mots " des ministères " sont remplacés par les mots " des services publics fédéraux ".
Art. 9. Dit besluit is van toepassing op de prestaties die geleverd zijn vanaf zijn inwerkingtreding.
Art. 9. Le présent arrêté s'applique aux prestations rendues à compter de son entrée en vigueur.
Art. 10. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2023.
Art. 10. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2023.
Art. 11. De minister bevoegd voor Justitie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 11. Le ministre qui a la Justice dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.