Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
11 FEBRUARI 2022. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en gebruikers en het ministerieel besluit van 26 juli 2001 tot vaststelling van het bijdragesysteem voor de gebruiker van gezinszorg, en tot toekenning van een subsidie aan de vzw Socialistische Actie Blankenberge en aan het vormingsfonds gezinszorg Vlaamse Gemeenschap, wat betreft de uitvoering van het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021
Titre
11 FEVRIER 2022. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 28 juin 2019 relatif à la programmation, aux conditions d'agrément et au régime de subventionnement de structures de soins résidentiels et d'associations d'intervenants de proximité et d'usagers et l'arrêté ministériel du 26 juillet 2001 fixant le système de contribution pour l'usager d'aide aux familles, et octroyant une subvention à l'asbl Socialistische Actie Blankenberge et au fonds de formation à l'aide aux familles de la Communauté flamande, en ce qui concerne l'exécution du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021
Informations sur le document
Numac: 2022040612
Datum: 2022-02-11
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2022040612
Date: 2022-02-11
Moniteur: Voir
Tekst (41)
Texte (41)
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van bijlage 1 bij het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en gebruikers
CHAPITRE 1er. - Modification de l'annexe 1reà l'arrêté du Gouvernement flamand du 28 juin 2019 relatif à la programmation, aux conditions d'agrément et au régime de subventionnement de structures de soins résidentiels et d'associations d'intervenants de proximité et d'usagers
Artikel 1. In artikel 20 van bijlage 1 bij het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en gebruikers wordt tussen het derde en het vierde lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
"De subsidie-enveloppe, vermeld in het eerste lid, wordt voor een openbaar centrum verhoogd met 4883,63 euro om de maatregel kwaliteit uit het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non- profitsectoren voor de periode 2021 tot 2025 uit te voeren.".
Article 1er. A l'article 20 de l'annexe 1reà l'arrêté du Gouvernement flamand du 28 juin 2019 relatif à la programmation, aux conditions d'agrément et au régime de subventionnement de structures de soins résidentiels et d'associations d'intervenants de proximité et d'usagers, il est inséré, entre les alinéas 3 et 4, un alinéa libellé comme suit :
" L'enveloppe de subvention visée à l'alinéa 1er est majorée, pour un centre public, de 4.883,63 euros afin de mettre en oeuvre la mesure de qualité du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands pour la période de 2021 à 2025. ".
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van bijlage 2 bij het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en gebruikers
CHAPITRE 2. - Modifications de l'annexe 2 à l'arrêté du Gouvernement flamand du 28 juin 2019 relatif à la programmation, aux conditions d'agrément et au régime de subventionnement de structures de soins résidentiels et d'associations d'intervenants de proximité et d'usagers
Art. 2. In artikel 30 van bijlage 2 bij het besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019 betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers wordt het eerste lid vervangen door wat volgt:
"De dienst stelt per 110 gebruikers, aan wie hij gezinszorg door verzorgend personeel biedt, één voltijdsequivalent begeleidend personeel tewerk. Per 55 extra gebruikers aan wie hij gezinszorg aanbiedt, stelt hij daarbovenop één halftijdsequivalent begeleidend personeel tewerk.".
Art. 2. A l'article 30 de l'annexe 2 à l'arrêté du Gouvernement flamand du 28 juin 2019 relatif à la programmation, aux conditions d'agrément et au régime de subventionnement de structures de soins résidentiels et d'associations d'intervenants de proximité et d'usagers, l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" Le service occupe, par 110 usagers auxquels il offre une aide aux familles dispensée par un personnel soignant, un équivalent temps plein de personnel d'accompagnement. Il occupe en outre, par 55 usagers supplémentaires auxquels il offre une aide aux familles, un équivalent mi-temps de personnel d'accompagnement. ".
Art. 3. In artikel 30, eerste lid, van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, vervangen bij dit besluit, wordt het getal "110" vervangen door het getal "105" en wordt het getal "55" vervangen door het getal "53".
Art. 3. A l'article 30, alinéa 1er, de l'annexe 2 au même arrêté, remplacé par le présent arrêté, le nombre " 110 " est remplacé par le nombre " 105 " et le nombre " 55 " par le nombre " 53 ".
Art. 4. In artikel 52 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid wordt punt 2° vervangen door wat volgt:
"2° een forfaitair bedrag van 44.188 euro per jaar en per 110 geholpen gebruikers, als subsidiëring van het begeleidend personeel;";
2° tussen het tweede en het derde lid wordt een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Het subsidiebedrag, vermeld in het eerste lid, 4°, wordt verhoogd met 1279 euro om de maatregel administratieve optimalisatie uit het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren voor de periode 2021 tot 2025 uit te voeren.";
3° in het bestaande vijfde lid, dat het zesde lid wordt, worden de woorden "het derde en het vierde lid" vervangen door de woorden "het vierde en het vijfde lid".
Art. 4. A l'article 52 de l'annexe 2 au même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° à l'alinéa 1er, le point 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° un montant forfaitaire de 44.188 euros par an et par 110 usagers aidés, à titre de subventionnement du personnel d'accompagnement ; " ;
2° entre les alinéas 2 et 3, il est inséré un alinéa libellé comme suit :
" Le montant de la subvention visé à l'alinéa 1er, 4°, est majoré de 1279 euros afin de mettre en oeuvre la mesure d'optimisation administrative du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands pour la période de 2021 à 2025. " ;
3° dans l'alinéa 5 existant, qui devient l'alinéa 6, les mots " aux alinéas 3 et 4 " sont remplacés par les mots " aux alinéas 4 et 5 ".
Art. 5. In artikel 52, eerste lid, 2°, van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, vervangen bij dit besluit, wordt het bedrag "44.188 euro" vervangen door het bedrag "45.081 euro" en wordt het getal "110" vervangen door het getal "105".
Art. 5. A l'article 52, alinéa 1er, 2°, de l'annexe 2 au même arrêté, remplacé par le présent arrêté, le montant " 44.188 euros " est remplacé par le montant " 45.081 euros " et le nombre " 110 " par le nombre " 105 ".
Art. 6. In artikel 53 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit wordt paragraaf 5 vervangen door wat volgt:
" § 5. De verhogingen, vermeld in paragraaf 3, worden begrensd tot 4,87% van het toegekende urencontingent.
Binnen de beschikbare begrotingskredieten kunnen de individuele diensten die het percentage, vermeld in het eerste lid, overschrijden, de verhogingen, vermeld in paragraaf 3, ontvangen voor de onregelmatige prestaties die het percentage, vermeld in het eerste lid, overschrijden, op voorwaarde dat die grens op sectorniveau niet wordt overschreden. De beschikbare middelen worden verdeeld over de diensten in kwestie in verhouding tot de onregelmatige prestaties boven het percentage, vermeld in het eerste lid.".
Art. 6. A l'article 53 de l'annexe 2 au même arrêté, le paragraphe 5 est remplacé par ce qui suit :
" § 5. Les majorations visées au paragraphe 2 sont limitées à 4,87 % du contingent d'heures attribué.
Dans les limites des crédits budgétaires disponibles, les services individuels dépassant le pourcentage visé à l'alinéa 1er peuvent recevoir les majorations visées au paragraphe 3 pour les prestations irrégulières dépassant le pourcentage visé à l'alinéa 1er à condition que cette limite ne soit pas dépassée au niveau sectoriel. Les moyens disponibles sont répartis entre les services en question proportionnellement aux prestations irrégulières au-delà du pourcentage visé à l'alinéa 1er. ".
Art. 7. In artikel 53, § 5, eerste lid, van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, vervangen bij dit besluit, wordt het percentage "4,87%" vervangen door het percentage "5,2%".
Art. 7. A l'article 53, paragraphe 5, alinéa 1er, de l'annexe 2 au même arrêté, remplacé par le présent arrêté, le pourcentage " 4,87 % " est remplacé par le pourcentage " 5,2 % ".
Art. 8. In bijlage 2 bij hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 27 november 2020, 28 mei 2021 en 17 september 2021, wordt een artikel 53/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 53/1. § 1. Voor de maatregel flexibiliteit tussen 18 uur en 20 uur uit het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non- profitsectoren voor de periode 2021 tot 2025 wordt een budget van 256.312,02 euro verdeeld tussen de erkende diensten voor gezinszorg. Dat budget stijgt jaarlijks met hetzelfde percentage als het percentage waarmee het urencontingent gezinszorg voor dat jaar verhoogd wordt.
§ 2. Het budget, vermeld in paragraaf 1, wordt evenredig verdeeld tussen de diensten op basis van het aantal gepresteerde uren gezinszorg tussen 18 uur en 20 uur op werkdagen als vermeld in artikel 21, tweede lid, van deze bijlage, met inbegrip van de uren die gepresteerd zijn in een centrum voor dagopvang, door het verzorgend personeel dat gefinancierd wordt met de middelen, vermeld in artikel 52, eerste lid, 1°, van deze bijlage. De diensten kunnen per gepresteerd uur maximaal 15% van het bedrag, vermeld in artikel 52, eerste lid, 1°, van deze bijlage, ontvangen. Voor die verdeling worden de gegevens in aanmerking genomen van het jaar waarop het budget betrekking heeft.
§ 3. De dienst bezorgt het aantal gepresteerde uren, vermeld in paragraaf 2, jaarlijks via een formulier dat het agentschap daarvoor op zijn website ter beschikking stelt, uiterlijk op 1 mei van het jaar dat volgt op het jaar waarop het budget betrekking heeft.
Het subsidiebedrag wordt aan de diensten toegekend samen met het saldo, vermeld in artikel 66, eerste lid, van deze bijlage.
Het bedrag, vermeld in paragraaf 1, wordt geïndexeerd conform artikel 58, § 3, derde lid, van deze bijlage.".
Art. 8. A l'annexe 2 au même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 27 novembre 2020, 28 mai 2021 et 17 septembre 2021, il est inséré un article 53/1 libellé comme suit :
" Art. 53/1. § 1er. Pour la mesure de flexibilité entre 18 et 20 heures du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands pour la période de 2021 à 2025, un budget de 256.312,02 euros est réparti entre les services agréés d'aide aux familles. Ce budget augmente annuellement du même pourcentage que celui dont est augmenté le contingent d'heures d'aide aux familles pour cette année.
§ 2. Le budget visé au paragraphe 1er est réparti proportionnellement entre les services sur la base du nombre d'heures d'aide aux familles prestées entre 18 heures et 20 heures les jours ouvrables, tels que visés à l'article 21, alinéa 2, de la présente annexe, y compris les heures prestées dans un centre d'accueil de jour, par le personnel soignant qui est financé avec les moyens visés à l'article 52, alinéa 1er, 1°, de la présente annexe. Les services peuvent recevoir maximum 15 % du montant visé à l'article 52, alinéa 1er, 1°, de la présente annexe, par heure prestée. Pour cette répartition, les données de l'année à laquelle le budget se rapporte sont prises en considération.
§ 3. Le service communique chaque année le nombre d'heures prestées, visées au paragraphe 2, au moyen d'un formulaire que l'agence met à disposition à cet effet sur son site web, au plus tard le 1er mai de l'année qui suit celle à laquelle le budget se rapporte.
Le montant de la subvention est octroyé au service en même temps que le solde visé à article 66, alinéa 1er, de la présente annexe.
Le montant visé au paragraphe 1er est indexé conformément à l'article 58, § 3, alinéa 3, de la présente annexe. ".
Art. 9. In artikel 54, § 1, van bijlage 2 bij hetzelfde besluit wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
"1° voor het begeleidend personeel: x/110 van het subsidiebedrag, vermeld in artikel 52, eerste lid, 2°, van deze bijlage;".
Art. 9. A l'article 54, § 1er, de l'annexe 2 au même arrêté, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° pour le personnel d'accompagnement : x/110 du montant de subvention visé à l'article 52, alinéa 1er, 2°, de la présente annexe ; ".
Art. 10. In artikel 54, § 1, 1°, van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, vervangen bij dit besluit, wordt de zinsnede "x/110" vervangen door de zinsnede "x/105".
Art. 10. A l'article 54, § 1er, 1°, de l'annexe 2 au même arrêté, remplacé par le présent arrêté, le membre de phrase " x/110 " est remplacé par le membre de phrase " x/105 ".
Art. 11. In artikel 58, § 1, van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 september 2021, wordt het bedrag "4.241.979,86 euro" vervangen door het bedrag "7.223.155,68 euro".
Art. 11. A l'article 58, § 1er, de l'annexe 2 au même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 septembre 2021, le montant " 4.241.979,86 euros " est remplacé par le montant " 7.223.155,68 euros ".
Art. 12. In artikel 59 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 september 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, eerste lid, wordt het bedrag "166.419,31 euro" vervangen door het bedrag "166.068,83 euro";
2° er worden een paragraaf 4 en een paragraaf 5 toegevoegd, die luiden als volgt:
" § 4. Voor de maatregel verplaatsingen met de fiets of bromfiets in opdracht wordt ter uitvoering van het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren voor de periode 2021 tot 2025 een extra budget van 35.621,61 euro boven op het budget, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, verdeeld tussen de private diensten voor gezinszorg.
Het deel van het budget, vermeld in het eerste lid, dat in het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarop dat budget betrekking heeft, aan verzorgend personeel is toegekend, stijgt jaarlijks met hetzelfde percentage als het percentage waarmee het urencontingent gezinszorg wordt verhoogd voor het jaar waarop het budget betrekking heeft.
Het budget, vermeld in het eerste lid, wordt evenredig verdeeld tussen de diensten op basis van het aantal kilometers dat de diensten jaarlijks doorgeven aan het agentschap conform paragraaf 3, eerste lid.
Het subsidiebedrag wordt aan de private diensten toegekend samen met hun voorschot voor het derde trimester.
Het bedrag, vermeld in het eerste lid, wordt geïndexeerd conform artikel 58, § 3, derde lid, van deze bijlage.
§ 5. Ter uitvoering van het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren voor de periode 2021 tot 2025 wordt aan de private diensten voor gezinszorg 211.700 euro en aan de openbare diensten voor gezinszorg 78.259 euro toegekend voor vernieuwende projecten die het fietsgebruik ondersteunen.
De budgetten, vermeld in het eerste lid, worden evenredig verdeeld tussen de diensten, vermeld in paragraaf 1, op basis van het aantal kilometers dat de diensten jaarlijks doorgeven aan het agentschap conform paragraaf 3, eerste lid.
De bewijsstukken over de besteding van de subsidie voor vernieuwende projecten die het fietsgebruik stimuleren, vermeld in het eerste lid, zijn raadpleegbaar in de dienst.
Het subsidiebedrag wordt aan de diensten toegekend samen met hun voorschot voor het derde trimester.
De bedragen, vermeld in het eerste lid, worden geïndexeerd conform artikel 58, § 3, derde lid, van deze bijlage.".
Art. 12. A l'article 59 de l'annexe 2 au même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 septembre 2021, les modifications suivantes sont apportées :
1° au paragraphe 1er, alinéa 1er, le montant " 166.419,31 euros " est remplacé par le montant " 166.068,83 euros " ;
2° des paragraphes 4 et 5 sont ajoutés et libellés comme suit :
" § 4. Pour la mesure concernant les déplacements à bicyclette ou cyclomoteur dans le cadre du service, un budget supplémentaire de 35.621,61 euros en sus du budget visé au paragraphe 1er, alinéa 1er, est réparti entre les services privés d'aide aux familles en exécution du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands pour la période de 2021 à 2025.
La partie du budget, visé à l'alinéa 1er, qui a été octroyée au personnel soignant l'année précédant celle à laquelle ce budget se rapporte augmente annuellement du même pourcentage que celui dont est augmenté le contingent d'heures d'aide aux familles pour l'année à laquelle le budget se rapporte.
Le budget visé à l'alinéa 1er est réparti proportionnellement entre les services sur la base du nombre de kilomètres que les services transmettent annuellement à l'agence conformément au paragraphe 3, alinéa 1er.
Le montant de subvention est octroyé aux services privés en même temps que leur avance pour le troisième trimestre.
Le montant visé à l'alinéa 1er est indexé conformément à l'article 58, § 3, alinéa 3, de la présente annexe.
§ 5. En exécution du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands pour la période de 2021 à 2025, 211.700 euros sont accordés aux services privés d'aide aux familles et 78.259 euros aux services publics d'aide aux familles pour des projets innovateurs qui encouragent l'utilisation de la bicyclette.
Les budgets visés à l'alinéa 1er sont répartis proportionnellement entre les services visés au paragraphe 1er sur la base du nombre de kilomètres que les services transmettent annuellement à l'agence conformément au paragraphe 3, alinéa 1er.
Les documents justificatifs relatifs à l'affectation de la subvention à des projets innovateurs qui encouragent l'utilisation de la bicyclette, visée à l'alinéa 1er, peuvent être consultés dans le service.
Le montant de subvention est octroyé aux services en même temps que leur avance pour le troisième trimestre.
Les montants visés à l'alinéa 1er sont indexés conformément à l'article 58, § 3, alinéa 3, de la présente annexe. ".
Art. 13. In artikel 60 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 september 2021, worden de volgende wijzingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, eerste lid, wordt het bedrag "0,16 euro" vervangen door het bedrag 0,1735 euro";
2° paragraaf 4 wordt opgeheven.
Art. 13. A l'article 60 de l'annexe 2 au même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 septembre 2021, les modifications suivantes sont apportées :
1° au paragraphe 1er, alinéa 1er, le montant " 0,16 euro " est remplacé par le montant " 0,1735 euro " ;
2° le paragraphe 4 est abrogé.
Art. 14. In artikel 61, § 1, van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 september 2021, wordt het bedrag "9.479.869,13 euro" vervangen door het bedrag "9.451.326,40 euro".
Art. 14. A l'article 61, § 1er, de l'annexe 2 au même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 septembre 2021, le montant " 9.479.869,13 euros " est remplacé par le montant " 9.451.326,40 euros ".
Art. 15. Artikel 62 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 27 november 2020 en 17 september 2021, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 62. § 1. Voor de maatregelen managementondersteuning, koopkracht, uurroosterverstoring, innovatie en digitalisering, en de baremaverhoging voor het verzorgend personeel en de omkadering wordt een budget van 31.822.307,93 euro verdeeld tussen de erkende private diensten voor gezinszorg. Dat budget stijgt jaarlijks met hetzelfde percentage als het percentage waarmee het urencontingent voor dat jaar verhoogd wordt.
§ 2. 87,14% van het budget, vermeld in paragraaf 1, waarvan 75,59% voor koopkracht van het verzorgend personeel en het overige personeel, 0,23% voor uurroosterverstoring en 3,64% voor innovatie en digitalisering, wordt evenredig verdeeld tussen de private diensten op basis van het toegewezen urencontingent gezinszorg van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarop dat budget betrekking heeft.
§ 3. 12,86% van het budget, vermeld in paragraaf 1, waarvan 89,08% voor koopkracht van het begeleidend personeel, wordt evenredig verdeeld tussen de private diensten op basis van het effectieve aantal gesubsidieerde vte begeleidend personeel van gezinszorg van het tweede kalenderjaar dat voorafgaat aan het kalenderjaar waarop dat budget betrekking heeft, zoals berekend in Vesta.
§ 4. Het subsidiebedrag wordt aan de private diensten toegekend samen met hun voorschot van het derde trimester.
Het bedrag, vermeld in paragraaf 1, wordt geïndexeerd conform artikel 58, § 3, derde lid, van deze bijlage.".
Art. 15. L'article 62 de l'annexe 2 au même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 27 novembre 2020 et 17 septembre 2021, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 62. § 1er. Un budget de 31.822.307,93 euros est réparti entre les services privés agréés d'aide aux familles pour la mesure d'aide à la gestion, de pouvoir d'achat, de perturbation d'horaires, d'innovation et de numérisation, et pour l'augmentation barémique pour le personnel soignant et l'encadrement. Ce budget augmente annuellement du même pourcentage que celui dont est augmenté le contingent d'heures pour cette année.
§ 2. 87,14 % du budget visé au paragraphe 1er, dont 75,59 % sont consacrés au pouvoir d'achat du personnel soignant et des autres membres du personnel, 0,23 % à la perturbation d'horaires et 3,64 % à l'innovation et à la numérisation, sont répartis proportionnellement entre les services privés sur la base du contingent d'heures d'aide aux familles attribué de l'année précédant celle à laquelle ce budget se rapporte.
§ 3. 12,86 % du budget visé au paragraphe 1er, dont 89,08 % sont consacrés au pouvoir d'achat du personnel d'encadrement, sont répartis proportionnellement entre les services privés sur la base du nombre effectif d'ETP subventionnés de personnel d'accompagnement d'aide aux familles de l'année précédant celle à laquelle ce budget se rapporte, tel que calculé dans Vesta.
§ 4. Le montant de subvention est octroyé aux services privés en même temps que leur avance pour le troisième trimestre.
Le montant visé au paragraphe 1er est indexé conformément à l'article 58, § 3, alinéa 3, de la présente annexe. ".
Art. 16. Artikel 63 van bijlage 2 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 63. § 1. Voor de maatregel werkdrukvermindering, koopkracht en innovatie en digitalisering wordt er een budget verdeeld van 4.791.090,51 euro tussen de erkende openbare diensten voor gezinszorg.
9,28% van het budget, vermeld in het eerste lid, is voor de maatregel werkdrukvermindering, 76,85% van het voormelde budget is voor de koopkrachtmaatregel, en 4,23% van het voormelde budget is voor de maatregel innovatie en digitalisering uit het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren voor de periode 2021 tot 2025.
§ 2. Het budget, vermeld in paragraaf 1, wordt evenredig verdeeld tussen de openbare diensten op basis van het toegewezen urencontingent gezinszorg van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarop dat budget betrekking heeft.
§ 3. Het subsidiebedrag wordt aan de openbare diensten toegekend samen met hun voorschot van het derde trimester.
Het bedrag, vermeld in paragraaf 1, wordt geïndexeerd conform artikel 58, § 3, derde lid, van deze bijlage.".
Art. 16. L'article 63 de l'annexe 2 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 63. § 1er. Un budget de 4.791.090,51 euros est réparti entre les services publics agréés d'aide aux familles pour la mesure de réduction de la charge de travail, de pouvoir d'achat et d'innovation et de numérisation.
9,28 % du budget, visé à l'alinéa 1er, sont destinés à la mesure de réduction de la charge de travail, 76,85 % du budget précité sont destinés à la mesure de pouvoir d'achat, et 4,23 % à la mesure d'innovation et de numérisation du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands pour la période de 2021 à 2025.
§ 2. Le budget visé au paragraphe 1er est réparti proportionnellement entre les services publics sur la base du contingent d'heures d'aide aux familles attribué de l'année précédant celle à laquelle ce budget se rapporte.
§ 3. Le montant de subvention est octroyé aux services publics en même temps que leur avance pour le troisième trimestre.
Le montant visé au paragraphe 1er est indexé conformément à l'article 58, § 3, alinéa 3, de la présente annexe. ".
Art. 17. Artikel 65 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 65. Het aantal uren bijscholing dat in aanmerking komt voor subsidiëring, wordt per dienst begrensd tot 2,33% van het toegekende urencontingent. Dat urencontingent bijscholing komt boven op het toegekende urencontingent.".
Art. 17. L'article 65 de l'annexe 2 au même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 65. Le nombre d'heures de perfectionnement admissible au subventionnement est limité par service à 2,33 % du contingent d'heures attribué. Ce contingent d'heures de perfectionnement s'ajoute au contingent d'heures attribué. ".
Art. 18. In artikel 65 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, vervangen bij dit besluit, wordt het percentage "2,33%" vervangen door het percentage "2,5%".
Art. 18. A l'article 65 de l'annexe 2 au même arrêté, remplacé par le présent arrêté, le pourcentage " 2,33 % " est remplacé par le pourcentage " 2,5 % ".
Art. 19. In artikel 69, eerste lid, van bijlage 2 bij hetzelfde besluit worden de woorden "eerste lid" vervangen door de woorden "eerste en derde lid".
Art. 19. A l'article 69, alinéa 1er, de l'annexe 2 au même arrêté, les mots " alinéa 1er " sont remplacés par les mots " alinéas 1er et 3 ".
Art. 20. Aan artikel 73 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Het bedrag, vermeld in het eerste lid, wordt verhoogd met 100,45 euro om de maatregel innovatie en digitalisering uit het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren voor de periode 2021 tot 2025 uit te voeren.".
Art. 20. A l'article 73 de l'annexe 2 au même arrêté, il est ajouté un alinéa 2, libellé comme suit :
" Le montant visé à l'alinéa 1er est majoré de 100,45 euros afin de mettre en oeuvre la mesure d'innovation et de numérisation du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands pour la période de 2021 à 2025. ".
Art. 21. In artikel 74 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2020, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° tussen het eerste en tweede lid wordt een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Het bedrag, vermeld in het eerste lid, wordt verhoogd met 1623,42 euro om de koopkrachtmaatregel uit het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren voor de periode 2021 tot 2025 uit te voeren.";
2° in het bestaande tweede lid, dat het derde lid wordt, worden de woorden "het eerst lid" vervangen door de woorden "het eerste en het tweede lid".
Art. 21. A l'article 74 de l'annexe 2 au même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 27 novembre 2020, les modifications suivantes sont apportées :
1° entre les alinéas 1er et 2, il est inséré un alinéa libellé comme suit :
" Le montant visé à l'alinéa 1er est majoré de 1623,42 euros afin de mettre en oeuvre la mesure de pouvoir d'achat du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands pour la période de 2021 à 2025. " ;
2° à l'alinéa 2 existant, qui devient l'alinéa 3, les mots " à l'alinéa 1er " sont remplacés par les mots " aux alinéas 1er et 2 ".
Art. 22. In bijlage 2 bij hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 27 november 2020, 28 mei 2021 en 17 september 2021, wordt een artikel 78/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 78/1. § 1. Voor de maatregel koopkracht uit het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren voor de periode 2021 tot 2025 wordt een budget van 840.835,66 euro verdeeld tussen de erkende openbare diensten.
§ 2. Het budget, vermeld in paragraaf 1, wordt evenredig verdeeld tussen de openbare diensten op basis van de gegevens over de koopkracht die ze bezorgen aan VVSG. Voor die verdeling worden de gegevens in aanmerking genomen van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarop het budget betrekking heeft.
§ 3. Het budget, vermeld in paragraaf 1, wordt verdeeld en toegekend nadat VVSG aan het agentschap de gegevens van het afgelopen jaar bezorgd heeft die nodig zijn voor de verdeling. Die gegevens worden uiterlijk op 1 april aan het agentschap bezorgd.
Het subsidiebedrag wordt aan de openbare diensten toegekend samen met hun voorschot voor het derde trimester.
Het bedrag, vermeld in paragraaf 1, wordt geïndexeerd conform artikel 58, § 3, derde lid, van deze bijlage.".
Art. 22. A l'annexe 2 au même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 27 novembre 2020, 28 mai 2021 et 17 septembre 2021, il est inséré un article 78/1 libellé comme suit :
" Art. 78/1. § 1er. Pour la mesure de pouvoir d'achat du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands pour la période de 2021 à 2025, un budget de 840.835,66 euros est réparti entre les services publics agréés.
§ 2. Le budget visé au paragraphe 1er est réparti proportionnellement entre les services publics sur la base des données relatives au pouvoir d'achat qu'ils transmettent à l'Association flamande des villes et communes (VVSG). Pour cette répartition, les données de l'année précédant celle à laquelle le budget se rapporte sont prises en considération.
§ 3. Le budget visé au paragraphe 1er est réparti et octroyé après que l'Association flamande des villes et communes a transmis à l'agence les données de l'année écoulée nécessaires à la répartition. Ces données sont transmises à l'agence au plus tard le 1er avril.
Le montant de subvention est octroyé aux services publics en même temps que leur avance pour le troisième trimestre.
Le montant visé au paragraphe 1er est indexé conformément à l'article 58, § 3, alinéa 3, de la présente annexe. ".
Art. 23. In artikel 79 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, 1°, en paragraaf 2, 1°, wordt het getal "1450" vervangen door het getal "1445";
2° in paragraaf 1, 2°, en paragraaf 2, 2°, wordt het getal "1330" vervangen door het getal "1325".
Art. 23. A l'article 79 de l'annexe 2 au même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° au paragraphe 1er, 1°, et au paragraphe 2, 1°, le nombre " 1450 " est remplacé par le nombre " 1445 " ;
2° au paragraphe 1er, 2°, et au paragraphe 2, 2°, le nombre " 1330 " est remplacé par le nombre " 1325 ".
Art. 24. In artikel 79 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, gewijzigd bij dit besluit, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, 1°, en paragraaf 2, 1°, wordt het getal "1445" vervangen door het getal "1442";
2° in paragraaf 1, 2°, en paragraaf 2, 2°, wordt het getal "1325" vervangen door het getal "1322".
Art. 24. A l'article 79 de l'annexe 2 au même arrêté, modifié par le présent arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° au paragraphe 1er, 1°, et au paragraphe 2, 1°, le nombre " 1445 " est remplacé par le nombre " 1442 " ;
2° au paragraphe 1er, 2°, et au paragraphe 2, 2°, le nombre " 1325 " est remplacé par le nombre " 1322 ".
Art. 25. Aan artikel 86 van bijlage 2 bij hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2020, wordt de zinsnede ", en met 775,50 euro om de koopkrachtmaatregel uit het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren voor de periode 2021 tot 2025 uit te voeren" toegevoegd.
Art. 25. A l'article 86 de l'annexe 2 au même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 27 novembre 2020, le membre de phrase " , et de 775,50 euros afin de mettre en oeuvre la mesure de pouvoir d'achat du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands pour la période de 2021 à 2025 " est ajouté.
HOOFDSTUK 3. - Wijziging van bijlage II bij het ministerieel besluit van 26 juli 2001 tot vaststelling van het bijdragesysteem voor de gebruiker van gezinszorg
CHAPITRE 3. - Modification de l'annexe II à l'arrêté ministériel du 26 juillet 2001 fixant le système de contribution pour l'usager d'aide aux familles
Art. 26. In bijlage II bij het ministerieel besluit van 26 juli 2001 tot vaststelling van het bijdragesysteem voor de gebruiker van gezinszorg, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019, wordt de zin "De diensten verhogen de vastgestelde bijdrage in dat geval met een toeslag van 30% voor de uren gezinszorg die verleend worden op weekdagen tussen 20 uur en 7 uur en op zaterdagen, en met een toeslag van 100% voor de uren gezinszorg die verleend worden op zon- en feestdagen." vervangen door de zin "De diensten verhogen de vastgestelde bijdrage in dat geval met een toeslag van 15% voor de uren gezinszorg die verleend worden op weekdagen tussen 18 uur en 20 uur, met een toeslag van 30% voor de uren gezinszorg die verleend worden op weekdagen tussen 20 uur en 7 uur en op zaterdagen, en met een toeslag van 100% voor de uren gezinszorg die verleend worden op zon- en feestdagen.".
Art. 26. A l'annexe II à l'arrêté ministériel du 26 juillet 2001 fixant le système de contribution pour l'usager d'aide aux familles, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 mars 2019, la phrase " Dans ce cas, les services augmentent la contribution fixée d'un supplément de 30 % pour les heures d'aide aux familles qui sont prestées les jours de semaine entre 20 heures et 7 heures et le samedi, et d'un supplément de 100 % pour les heures d'aide aux familles prestées le dimanche et les jours fériés. " est remplacée par la phrase " Dans ce cas, les services augmentent la contribution fixée d'un supplément de 15 % pour les heures d'aide aux familles qui sont prestées les jours de semaine entre 18 heures et 20 heures, d'un supplément de 30 % pour les heures d'aide aux familles qui sont prestées les jours de semaine entre 20 heures et 7 heures et le samedi, et d'un supplément de 100 % pour les heures d'aide aux familles prestées le dimanche et les jours fériés. ".
HOOFDSTUK 4. - Vaststelling van een subsidie aan de erkende dienst voor logistieke hulp van de vzw Socialistische Actie Blankenberge
CHAPITRE 4. - Fixation d'une subvention au service agréé d'aide logistique de l'asbl Socialistische Actie Blankenberge
Art. 27. Aan de erkende dienst voor logistieke hulp van de vzw Socialistische Actie Blankenberge wordt een subsidie van 791,87 euro (zevenhonderdeenennegentig euro zevenentachtig cent) toegekend om de maatregel baremaverhoging voor de omkadering en de verhoging van de maatregel eindejaarspremie in 2021 uit het vijfde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 8 juni 2018 voor de social/non-profitsectoren uit te voeren en een subsidie van 16.704,36 euro (zestienduizend zevenhonderdenvier euro zesendertig cent) om de koopkrachtmaatregel en de maatregel innovatie en digitalisering uit het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren uit te voeren.
Art. 27. Une subvention de 791,87 euros (sept cent nonante et un euros et quatre-vingt-sept centimes) est octroyée au service agréé d'aide logistique de l'asbl Socialistische Actie Blankenberge pour mettre en oeuvre la mesure d'augmentation barémique pour l'encadrement et la mesure d'augmentation en 2021 de la prime de fin d'année du cinquième Accord intersectoriel flamand du 8 juin 2018 pour les secteurs sociaux et non marchands et une subvention de 16.704,36 euros (seize mille sept cent quatre euros et trente-six centimes) pour mettre en oeuvre les mesures de pouvoir d'achat et d'innovation et de numérisation du sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands.
Art. 28. De bedragen, vermeld in artikel 27, worden aangerekend op begrotingsartikel GE0-1GHF2TH-WT, basisallocatie 1GD348 van de begroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2021.
Art. 28. Les montants visés à l'article 27 sont imputés à l'article budgétaire GE0-1GHF2TH-WT, allocation de base 1GD348, du budget de la Communauté flamande pour l'année budgétaire 2021.
Art. 29. Het subsidiebedrag wordt toegekend aan de dienst voor logistieke hulp, vermeld in artikel 27, samen met zijn voorschot voor het vierde trimester.
Art. 29. Le montant de subvention est octroyé au service d'aide logistique visé à l'article 27 en même temps que son avance pour le quatrième trimestre.
HOOFDSTUK 5. - Vaststelling van een subsidie aan het vormingsfonds gezinszorg Vlaamse Gemeenschap
CHAPITRE 5. - Fixation d'une subvention pour le fonds de formation à l'aide aux familles de la Communauté flamande
Art. 30. Aan het vormingsfonds gezinszorg Vlaamse Gemeenschap, Sainctelettesquare 13-15, 1000 Brussel, met ondernemingsnummer 0812.290.173 en met rekeningnummer IBAN BE15 0016 6103 1030 en BIC GEBABEBB, hierna begunstigde te noemen, wordt een subsidie toegekend van 200.000 euro (tweehonderdduizend euro).
Die subsidie heeft betrekking op de periode van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2021 en wordt vastgelegd op begrotingsartikel GE0-1GHF2TH-WT, basisallocatie GD348, ESR-code 3300, van de uitgavebegroting 2021 van de Vlaamse Gemeenschap.
Art. 30. Une subvention de 200.000 euros (deux cent mille euros) est octroyée au fonds de formation à l'aide aux familles de la Communauté flamande, square Sainctelette 13-15, 1000 Bruxelles, portant le numéro d'entreprise 0812.290.173 et ayant pour compte bancaire IBAN BE15 0016 6103 1030, BIC GEBABEBB, dénommé ci-après " le bénéficiaire ".
Cette subvention porte sur la période allant du 1er janvier 2021 au 31 décembre 2021 inclus et est imputée à l'article budgétaire GE0-1GHF2TH-WT, allocation de base GD348, code SEC 3300, du budget des dépenses 2021 de la Communauté flamande.
Art. 31. Deze bijdrage voor het jaar 2021 dient om een extra zijinstroom van 5 voltijdsequivalenten verzorgend personeel te realiseren (project "3030") zoals opgenomen in het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren voor de periode 2021-2025.
Art. 31. Cette contribution pour l'année 2021 sert à réaliser une entrée indirecte supplémentaire de 5 équivalents temps plein de personnel soignant (projet " 3030 ") comme prévu dans le sixième Accord intersectoriel flamand du 30 mars 2021 pour les secteurs sociaux et non marchands pour la période de 2021 à 2025.
Art. 32. § 1. In dit artikel wordt verstaan agentschap: het intern verzelfstandigd agentschap Zorg en Gezondheid, opgericht bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 mei 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap "Zorg en Gezondheid".
§ 2. De begunstigde bezorgt uiterlijk op 31 maart 2022 aan het agentschap een inhoudelijk verslag en een rapport met de besteding van de middelen voor 2021 voor de periode, vermeld in artikel 30, tweede lid.
De documenten worden elektronisch naar het agentschap gestuurd via thuiszorg@vlaanderen.be. Als dat niet mogelijk is, worden ze met de post opgestuurd.
§ 3. Het inhoudelijk verslag bevat de volgende elementen:
1° het aantal voltijdsequivalenten zonder zorgdiploma dat is kunnen doorstromen als verzorgend personeel naar de diensten voor gezinszorg;
2° een overzicht van de diensten voor gezinszorg die vervangend personeel voor de zijinstromers hebben ingezet;
3° een analyse van de elementen die de zijinstroom van personeel zonder zorgdiploma bemoeilijken of zouden verbeteren.
§ 4. Het rapport omvat:
1° een lijst met de effectief uitbetaalde subsidie per organisatie;
2° de data waarop de verschillende subsidies zijn uitbetaald;
3° een overzicht van de effectieve inkomsten uit terugvorderingen;
4° een overzicht van de communicatie met de gesubsidieerde organisaties over de uitvoering van de subsidie.
§ 5. De Zorginspectie, vermeld in artikel 3, § 2, derde lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 maart 2006 betreffende het Departement Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, betreffende de inwerkingtreding van regelgeving tot oprichting van agentschappen in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en betreffende de wijziging van regelgeving met betrekking tot dat beleidsdomein, heeft de mogelijkheid om ter plaatse controles uit te voeren op de financiële stukken.
Art. 32. § 1er. Dans le présent article, on entend par agence : l'agence autonomisée interne " Zorg en Gezondheid " (Soins et Santé), créée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 7 mai 2004 portant création de l'agence autonomisée interne " Zorg en Gezondheid " (Soins et Santé).
§ 2. Le bénéficiaire transmet, au plus tard le 31 mars 2022, à l'agence un rapport d'activité et un rapport présentant l'affectation des moyens pour 2021 pour la période visée à l'article 30, alinéa 2.
Les documents sont envoyés à l'agence par voie électronique à l'adresse thuiszorg@vlaanderen.be. Si cela n'est pas possible, ils sont envoyés par la poste.
§ 3. Le rapport d'activité contient les éléments suivants :
1° le nombre d'équivalents temps plein sans diplôme dans le domaine des soins qui ont pu entrer comme personnel soignant dans les services d'aide aux familles ;
2° un aperçu des services d'aide aux familles qui ont fait appel à du personnel remplaçant pour les entrants indirects ;
3° une analyse des éléments qui compliquent ou pourraient améliorer l'entrée indirecte de personnel sans diplôme dans le domaine des soins.
§ 4. Le rapport contient :
1° une liste des subventions effectivement versées à chaque organisation ;
2° les dates auxquelles les différentes subventions ont été payées ;
3° un aperçu des revenus effectifs tirés des recouvrements ;
4° un aperçu des communications avec les organisations subventionnées au sujet de l'exécution de la subvention.
§ 5. L'Inspection des soins visée à l'article 3, § 2, alinéa 3, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 31 mars 2006 concernant le Département de l'Aide sociale, de la Santé publique et de la Famille, relatif à l'entrée en vigueur de la réglementation créant des agences dans le domaine politique Aide sociale, Santé publique et Famille et modifiant la réglementation concernant ce domaine politique, peut effectuer des contrôles sur place des documents financiers.
Art. 33. De subsidie, vermeld in artikel 30, wordt uitbetaald na de goedkeuring van dit besluit en de vastlegging van de subsidie op de begroting.
Als uit de controle door het agentschap blijkt dat de financiële verantwoording of de uitvoering van de activiteiten onvoldoende is of als het subsidiebedrag te hoog blijkt, wordt door het agentschap een deel van de subsidie teruggevorderd.
Art. 33. La subvention visée à l'article 30 est payée après l'approbation du présent arrêté et l'engagement de la subvention sur le budget.
S'il ressort du contrôle de l'agence que la justification financière ou l'exécution des activités sont insuffisantes ou si le montant de la subvention s'avère trop élevé, l'agence récupère une partie de la subvention.
HOOFDSTUK 6. - Slotbepalingen
CHAPITRE 6. - Dispositions finales
Art. 34. Artikel 26 treedt in werking op 1 maart 2022.
Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2021, met uitzondering van artikel 8 dat uitwerking heeft met ingang van 1 september 2021 en met uitzondering van artikel 3, 5, 7, 10, 18 en 24, die uitwerking hebben met ingang van 1 januari 2022.
Art. 34. L'article 26 entre en vigueur le 1er mars 2022.
Le présent arrêté produit ses effets à compter du 1er janvier 2021, à l'exception de l'article 8, qui produit ses effets à compter du 1er septembre 2021, et des articles 3, 5, 7, 10, 18 et 24, qui produisent leurs effets à compter du 1er janvier 2022.
Art. 35. De Vlaamse minister, bevoegd voor de gezondheids- en woonzorg, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 35. Le ministre flamand qui a les Soins de santé et les Soins résidentiels dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.