Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
7 OKTOBER 2022. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende maatregelen ter ondersteuning van de Vlaamse woningmarkt tijdens de energiecrisis
Titre
7 OCTOBRE 2022. - Arrêté du Gouvernement flamand portant des mesures de soutien au marché flamand du logement pendant la crise énergétique
Informations sur le document
Numac: 2022033803
Datum: 2022-10-07
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2022033803
Date: 2022-10-07
Moniteur: Voir
Tekst (17)
Texte (17)
HOOFDSTUK 1. - De bijzondere sociale leningen
CHAPITRE 1er. - Les prêts sociaux spéciaux
Artikel 1. In dit artikel wordt verstaan onder:
  1° kredietgever: de kredietgever, vermeld in artikel 5.117, eerste lid, 3°, van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021;
  2° ontlener: de ontlener, vermeld in artikel 5.117, eerste lid, 5°, van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021;
  3° lening: de lening vermeld in artikel 5.117, eerste lid, 4° van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021.
  De kredietgever kan aan de ontlener kosteloos betalingsuitstel toestaan als de ontlener aantoont dat hij door de uitzonderlijk hoge energiekosten de lening niet langer tijdig kan terugbetalen. De ontlener krijgt dan een betalingsuitstel van maximaal zes maanden waarin geen kapitaal of interesten worden afgelost. De voormelde periode van betalingsuitstel kan één keer worden verlengd met drie maanden nadat de kredietgever een gemotiveerde vraag van de ontlener tot verlenging heeft ontvangen. De interesten tijdens de periode van betalingsuitstel zijn achteraf niet verschuldigd. Na de voormelde periode van betalingsuitstel wordt de looptijd van de lening verlengd met het aantal maanden van het betalingsuitstel.
  In afwijking van artikel 5.127, eerste lid, van het voormelde besluit kan de looptijd van de lening na het toestaan van het betalingsuitstel meer dan 360 maanden bedragen, met een maximum van 378 maanden en moet de lening volledig zijn terugbetaald in het jaar waarin de jongste ontlener 77 jaar wordt.
  Een ontlener die al betalingsachterstand heeft opgelopen voor de datum van de inwerkingtreding van dit besluit, kan ook in aanmerking komen voor het betalingsuitstel, vermeld in het tweede lid. De nalatigheidsintresten op de voormelde betalingsachterstand zijn gedurende de periode van betalingsuitstel niet verschuldigd.
Article 1er. Dans le présent article, on entend par :
  1° prêteur : le prêteur visé à l'article 5.117, alinéa 1er, 3°, de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021 ;
  2° emprunteur : l'emprunteur visé à l'article 5.117, alinéa 1er, 5°, de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021 ;
  3° prêt : le prêt visé à l'article 5.117, alinéa 1er, 4°, de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021.
  Le prêteur peut accorder sans frais à l'emprunteur un report de paiement si celui-ci démontre qu'il ne peut plus rembourser le prêt à temps en raison des coûts énergétiques exceptionnellement élevés. L'emprunteur bénéficie alors d'un report de paiement de six mois au maximum pendant lesquels il ne doit pas rembourser de capital ou d'intérêts. La période de report de paiement précitée peut être prolongée une seule fois de trois mois après que le prêteur a reçu une demande motivée de prolongation de la part de l'emprunteur. Les intérêts pendant la période de report de paiement ne sont pas dus par la suite. A l'issue de la période de report de paiement précitée, la durée du prêt est prolongée du nombre de mois de report de paiement.
  Par dérogation à l'article 5.127, alinéa 1er, de l'arrêté précité, après l'autorisation du report de paiement, la durée du prêt peut dépasser 360 mois, avec un maximum de 378 mois, et le prêt doit être entièrement remboursé dans l'année au cours de laquelle l'emprunteur le plus jeune atteindra 77 ans.
  Un emprunteur qui accuse déjà un retard de paiement avant la date d'entrée en vigueur du présent arrêté, est également éligible au report de paiement, visé à l'alinéa 2. Les intérêts de retard sur ces arriérés ne sont pas dus pendant la période du report de paiement.
HOOFDSTUK 2. - De huurwaarborglening
CHAPITRE 2. - Le prêt de garantie locative
Art. 2. In dit artikel wordt verstaan onder:
  1° kredietgever: de kredietgever, vermeld in artikel 5.137, eerste lid, 3°, van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021;
  2° ontlener: de ontlener, vermeld in artikel 5.117, eerste lid, 4°, van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021.
  De kredietgever aanvaardt betalingsmoeilijkheden door de uitzonderlijk hoge energieprijzen als uitzonderlijk geval om een uitstel van betaling toe te staan als vermeld in artikel 5.146, § 2, tweede lid, van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, voor maximum zes maanden. De voormelde periode van betalingsuitstel kan één keer worden verlengd met drie maanden nadat de kredietgever een gemotiveerde vraag van de ontlener heeft ontvangen. De kredietgever bezorgt de ontlener een aangepaste aflossingstabel.
Art. 2. Dans le présent article, on entend par :
  1° prêteur : le prêteur visé à l'article 5.137, alinéa 1er, 3°, de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021 ;
  2° emprunteur : l'emprunteur visé à l'article 5.137, alinéa 1er, 4°, de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021.
  Le prêteur accepte les difficultés de paiement dues aux prix exceptionnellement élevés de l'énergie comme un cas exceptionnel pour accorder un report de paiement tel que visé à l'article 5.146, § 2, alinéa 2, de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, pour une durée maximale de six mois. La période de report de paiement précitée peut être prolongée une seule fois de trois mois après que le prêteur a reçu une demande motivée de la part de l'emprunteur. Le prêteur transmet un tableau d'amortissement adapté à l'emprunteur.
HOOFDSTUK 3. - Het Fonds ter bestrijding van de uithuiszettingen
CHAPITRE 3. - Le Fonds de lutte contre les expulsions
Art. 3. In dit artikel wordt verstaan onder fonds: het fonds vermeld in artikel 5.28, 2° van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021.
  In afwijking van artikel 5.33, § 1, van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021 bedraagt de tegemoetkoming van het fonds voor de begeleidingen waarvoor het fonds het formulier, vermeld in artikel 5.30, eerste lid, van het voormelde besluit, van het OCMW heeft ontvangen voor 1 april 2023:
  1° bij de start van de begeleiding door het OCMW een vast bedrag van 400 euro;
  2° bij de start van de begeleiding door het OCMW een bedrag van 45% van de huurachterstal met een maximum van 1125 euro;
  3° bij de beëindiging van de begeleiding door het OCMW een bedrag van 15% van de huurachterstal, met een maximum van 375 euro.
Art. 3. Dans le présent article, on entend par fonds : le fonds visé à l'article 5.28, 2°, de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021.
  Par dérogation à l'article 5.33, § 1er, de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, l'intervention du fonds relative aux accompagnements pour lesquels le fonds a reçu du CPAS avant avril 2023 le formulaire, visé à l'article 5.30, alinéa 1er, de l'arrêté précité, s'élève :
  1° au début de l'accompagnement par le CPAS à un montant fixe de 400 euros ;
  2° au début de l'accompagnement par le CPAS à un montant de 45 % des arriérés de loyer, avec un maximum de 1 125 euros ;
  3° à la fin de l'accompagnement par le CPAS à un montant de 15 % des arriérés de loyer, avec un maximum de 375 euros.
HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021
CHAPITRE 4. - Modifications de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021
Art. 4. In artikel 5.28 van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021 worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in punt 4° wordt de zinsnede ", die niet onder de toepassing valt van boek 6 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, of zijn lasthebber" vervangen door de zinsnede "of in een huurovereenkomst die is opgemaakt conform boek 6 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021 als de woning wordt verhuurd door een woonmaatschappij in het kader van haar opdracht, vermeld in artikel 4.40, 4°, van de voormelde codex";
  2° in punt 6° wordt de zinsnede ", die niet onder de toepassing valt van boek 6 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, of zijn lasthebber" vervangen door de zinsnede "of in een huurovereenkomst die is opgemaakt conform boek 6 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021 als de woning wordt verhuurd door een woonmaatschappij in het kader van haar opdracht, vermeld in artikel 4.40, 4°, van de voormelde codex".
Art. 4. A l'article 5.28 de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021 les modifications suivantes sont apportées :
  1° au point 4°, le membre de phrase " , qui ne relève pas de l'application du livre 6 du Code flamand du Logement de 2021 ou son mandataire " est remplacé par le membre de phrase " , ou dans un contrat de location établi conformément au livre 6 du Code flamand du Logement de 2021 si le logement est loué par une société de logement dans le cadre de sa mission, visée à l'article 4.40, 4°, du Code précité " ;
  2° au point 6°, le membre de phrase " , qui ne relève pas de l'application du livre 6 du Code flamand du Logement de 2021 ou son mandataire " est remplacé par le membre de phrase " ou dans un contrat de location établi conformément au livre 6 du Code flamand du Logement de 2021 si le logement est loué par une société de logement dans le cadre de sa mission, visée à l'article 4.40, 4°, du Code précité ".
Art. 5. In artikel 5.31, eerste lid, 1°, van hetzelfde besluit worden de woorden "van een bedrag dat gelijk is aan minstens twee keer de huurprijs en maximaal zes keer de huurprijs" opgeheven.
Art. 5. A l'article 5.31, alinéa 1er, 1°, du même arrêté, les mots " d'un montant égal à au moins deux fois le loyer et à au maximum six fois le loyer " sont abrogés.
Art. 6. In artikel 5.187 van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, vervangen bij het besluit van 4 februari 2022, worden het tweede tot en met het vierde lid vervangen door wat volgt:
  "Het inkomen mag niet meer bedragen dan:
  1° 46.170 euro voor een alleenstaande;
  2° 65.960 voor een alleenstaande met één persoon ten laste, te verhogen met 3.700 euro per persoon ten laste vanaf de tweede persoon ten laste;
  3° 65.960 voor andere personen, te verhogen met 3.700 euro per persoon ten laste.".
  De tegemoetkoming wordt berekend volgens het percentage, vermeld in artikel 5.191, § 3, tweede lid, 2°, als het inkomen ook voldoet aan de volgende inkomensgrenzen:
  1° 36.278 euro voor een alleenstaande;
  2° 50.787 euro voor een alleenstaande met één persoon ten laste, te verhogen met 3.700 euro per persoon ten laste vanaf de tweede persoon ten laste;
  3° 50.787 euro voor andere personen, te verhogen met 3.700 euro per persoon ten laste.
  De bedragen vermeld in het tweede en derde lid, worden gekoppeld aan het gezondheidsindexcijfer 113,94 van oktober 2021 (basisjaar 2013). Ze worden voor de eerste maal op de datum van inwerkingtreding van deze bepaling aangepast aan het gezondheidsindexcijfer van de maand oktober 2022 en worden vervolgens jaarlijks op 1 januari aangepast aan het gezondheidsindexcijfer van de maand oktober die voorafgaat aan de aanpassing en afgerond naar het hogere tiental.".
Art. 6. A l'article 5.187 de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 février 2022, les alinéas 2 à 4 inclus sont remplacés par ce qui suit :
  " Le revenu ne peut pas être supérieur à :
  1° 46 170 euros pour une personne isolée ;
  2° 65 960 euros pour une personne isolée ayant une personne à charge, à majorer de 3 700 euros par personne à charge à partir de la deuxième personne à charge ;
  3° 65 960 euros pour d'autres personnes, à majorer de 3 700 euros par personne à charge. ".
  L'intervention est calculée selon le pourcentage visé à l'article 5.191, § 3, alinéa 2, 2°, si le revenu satisfait également aux plafonds de revenus suivants :
  1° 36 278 euros pour une personne isolée ;
  2° 50 787 euros pour une personne isolée ayant une personne à charge, à majorer de 3 700 euros par personne à charge à partir de la deuxième personne à charge ;
  3° 50 787 euros pour d'autres personnes, à majorer de 3 700 euros par personne à charge.
  Les montants visés aux alinéas 2 et 3, sont liés à l'indice santé 113,94 d'octobre 2021 (année de base 2013). Ils sont adaptés pour la première fois à la date d'entrée en vigueur de la présente disposition à l'indice santé du mois d'octobre 2022 et sont ensuite adaptés annuellement, au 1er janvier, à l'indice santé du mois d'octobre précédant l'adaptation et arrondis à la dizaine supérieure. ".
Art. 7. Bijlage 17 bij hetzelfde besluit wordt vervangen door de bijlage die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 7. L'annexe 17 du même arrêté est remplacée par l'annexe jointe au présent arrêté.
HOOFDSTUK 5. - Slotbepalingen
CHAPITRE 5. - Dispositions finales
Art. 8. Tot en met 30 juni 2023 wordt een huurovereenkomst die gesloten is door een sociaal verhuurkantoor, gelijkgesteld met een huurovereenkomst als vermeld in artikel 5.28, 4° en 6°, van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, zoals van kracht vanaf de dag van inwerkingtreding van dit besluit.
Art. 8. Jusqu'au 30 juin 2023, un contrat de location conclu par une agence locative sociale est assimilé à un contrat de location tel que visé à l'article 5.28, 4° et 6°, de l'arrêté Code flamand du Logement de 2021, tel que d'application à la date d'entrée en vigueur du présent arrêté.
Art. 9. Dit besluit treedt in werking op de dag die volgt op de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.
Art. 9. Le présent arrêté entre en vigueur le jour suivant sa publication au Moniteur belge.
Art. 10. De Vlaamse minister, bevoegd voor het woonbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 10. Le ministre flamand ayant la politique du logement dans ses attributions, est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N.   (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 20-10-2022, p. 75708)
Art. N.   (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 20-10-2022, p. 75714)