Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
14 AUGUSTUS 2021. - Koninklijk besluit houdende diverse maatregelen betreffende de voortgezette en permanente opleidingen van het operationeel personeel van de hulpverleningszones en de civiele bescherming
Titre
14 AOUT 2021. - Arrêté royal portant diverses mesures relatives aux formations continues et permanentes du personnel opérationnel des zones de secours et de la protection civile
Informations sur le document
Numac: 2021033041
Datum: 2021-08-14
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2021033041
Date: 2021-08-14
Moniteur: Voir
Tekst (8)
Texte (8)
Artikel 1. In artikel 150 van het koninklijk besluit van 19 april 2014 tot bepaling van het administratief statuut van het operationeel personeel van de hulpverleningszones, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1°. in paragraaf 1, vervangen bij koninklijke besluiten van 18 november 2015 en 13 april 2019, wordt tussen het tweede en het derde lid een lid ingevoegd, luidende:
  "In afwijking van het eerste lid bestaat er, ten gevolge van de "Coronavirus COVID-19"-epidemie, geen verplichting om voortgezette opleiding te volgen in 2020. Het minimaal aantal uren voortgezette uren dat moet gevolgd worden per vijf jaar wordt verminderd in verhouding tot de tewerkstelling van het personeelslid in het jaar 2020."
  2.° paragraaf 2, vervangen bij koninklijk besluit van 18 november 2015, wordt aangevuld met een lid, luidende:
  "In afwijking van het eerste lid bestaat er, ten gevolge van de "Coronavirus COVID-19"-epidemie, geen verplichting om permanente opleiding te volgen in 2020."
Article 1er. Dans l'article 150 de l'arrêté royal du 19 avril 2014 relatif au statut administratif du personnel opérationnel des zones de secours, les modifications suivantes sont apportées :
  1.° dans le paragraphe 1er, remplacé par les arrêtés royaux du 18 novembre 2015 et du 13 avril 2019, un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 2 et 3:
  " Par dérogation à l'alinéa 1er, en raison de l'épidémie de " Coronavirus - COVID - 19 ", il n'y a pas d'obligation de suivre la formation continue en 2020. Le nombre minimal d'heures de formation continue à suivre sur cinq ans est diminué au prorata de l'occupation du membre du personnel durant l'année 2020. "
  2°. le paragraphe 2, remplacé par l'arrêté royal du 18 novembre 2015, est complété par un alinéa rédigé comme suit :
  " Par dérogation à l'alinéa 1er, en raison de l'épidémie de " Coronavirus - COVID - 19 ", il n'y a pas d'obligation de suivre la formation permanente en 2020. "
Art. 2. Artikel 52/1 van het koninklijk besluit van 19 april 2014 houdende bezoldigingsregeling van het operationeel personeel van de hulpverleningszones, ingevoegd bij koninklijk besluit van 9 mei 2015, wordt aangevuld met een lid, luidende:
  "Ten gevolge van de "Coronavirus COVID-19"-epidemie worden voor het jaar 2020 vierentwintig uren fictief toegekend aan het personeelslid, in verhouding tot zijn tewerkstelling in het jaar 2020, voor de berekening van het aantal uren voortgezette opleiding bedoeld in 3° van de artikelen 12 tot 19."
Art. 2. Dans l'article 52/1 de l'arrêté royal du 19 avril 2014 portant statut pécuniaire du personnel opérationnel des zones de secours, inséré par l'arrêté royal du 9 mai 2015, un alinéa 2 rédigé comme suit est inséré, :
  " En raison de l'épidémie de " Coronavirus - COVID - 19 ", vingt-quatre heures sont accordées fictivement au membre du personnel pour l'année 2020, au prorata de son occupation durant l'année 2020, pour le calcul du nombre d'heures de formation continue visé au 3° des articles 12 à 19. "
Art. 3. In artikel 70 van het koninklijk besluit van 29 juni 2018 tot bepaling van het administratief statuut van het operationeel personeel van de Civiele Bescherming worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1°. paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidende:
  "In afwijking van het eerste lid bestaat er, ten gevolge van de "Coronavirus COVID-19"-epidemie, geen verplichting om voortgezette opleiding te volgen in 2020."
  2.° paragraaf 3 wordt aangevuld met een lid, luidende:
  "In afwijking van het eerste lid bestaat er, ten gevolge van de "Coronavirus COVID-19"-epidemie, geen verplichting om permanente opleiding te volgen in 2020."
Art. 3. Dans l'article 70 de l'arrêté royal du 29 juin 2018 relatif au statut administratif du personnel opérationnel de la Protection civile, les modifications suivantes sont apportées :
  1°. le paragraphe 1er, est complété par un alinéa rédigé comme suit :
  " Par dérogation à l'alinéa 1er, en raison de l'épidémie de " Coronavirus - COVID - 19 ", il n'y a pas d'obligation de suivre la formation continue en 2020. "
  2°. le paragraphe 3, est complété par un alinéa rédigé comme suit :
  " Par dérogation à l'alinéa 1er, en raison de l'épidémie de " Coronavirus - COVID - 19 ", il n'y a pas d'obligation de suivre la formation permanente en 2020. "
Art. 4. In het koninklijk besluit van 29 juni 2018 houdende bezoldigingsregeling van het operationeel personeel van de civiele bescherming wordt een artikel 53/1 ingevoegd, luidende:
  "Art. 53/1. Ten gevolge van de "Coronavirus COVID-19"-epidemie, worden voor het jaar 2020 vierentwintig uren fictief toegekend aan het personeelslid, in verhouding tot zijn tewerkstelling in het jaar 2020, voor de berekening van het aantal uren voortgezette opleiding bedoeld in 3° van de artikelen 11 tot 19."
Art. 4. Dans l'arrêté royal du 29 juin 2018 portant statut pécuniaire du personnel opérationnel de la Protection civile, il est inséré un article 53/1, rédigé comme suit :
  " Art. 53/1. En raison de l'épidémie de " Coronavirus - COVID - 19 ", vingt-quatre heures sont accordées fictivement au membre du personnel pour l'année 2020, au prorata de son occupation durant l'année 2020, pour le calcul du nombre d'heures de formation continue visé au 3° des articles 11 à 19. "
Art. 5. Artikel 11/2 van het ministerieel besluit van 22 november 2004 betreffende het getuigschrift en de opleiding van gaspakdrager, ingevoegd bij ministerieel besluit van 17 juli 2013, wordt aangevuld met twee leden, luidende:
  "In afwijking van het eerste lid wordt, ten gevolge van de "Coronavirus COVID-19"-epidemie, de geldigheidsduur van de getuigschriften waarvan de geldigheidsduur van drie jaar verstrijkt en waarvoor wegens de gezondheidscrisis COVID-19 het examen, de voortgezette opleiding of de training niet konden plaatsvinden, met één jaar verlengd. De getuigschriften waarvan de verlenging krachtens de vorige zin vóór 1 september 2021 vervalt, worden verlengd tot die datum.
  In afwijking van het eerste lid, 2°, worden geen extra trainingen vereist en mag het minimaal aantal trainingen per jaar beschouwd worden als een gemiddeld aantal trainingen per jaar."
Art. 5. L'article 11/2 de l'arrêté ministériel du 22 novembre 2004 relatif au certificat et à la formation de porteur de tenue anti-gaz, inséré par l'arrêté ministériel du 17 juillet 2013, est complété par deux alinéas rédigés comme suit :
  " Par dérogation à l'alinéa 1er, en raison de l'épidémie de " Coronavirus - COVID - 19 ", la durée de validité des certificats, dont la durée de validité de trois ans expire et pour lesquels l'examen, la formation continue ou les entraînements n'ont pas pu être réalisés en raison de la crise sanitaire du COVID-19, est prolongée d'un an. Les certificats dont la prolongation en vertu de la phrase précédente viennent à expiration avant le 1er septembre 2021 sont prolongés jusqu'à cette date.
  Par dérogation à l'alinéa 1er, 2°, des entraînements supplémentaires ne sont pas exigés et le nombre minimal d'entraînements par an peut être considéré comme un nombre moyen d'entraînements par an. "
Art. 6. Artikel 11 van het ministerieel besluit van 7 juni 2010 betreffende het getuigschrift en de opleiding van duiker voor de leden van de openbare hulpdiensten wordt aangevuld met twee leden, luidende:
  "In afwijking van het eerste en tweede lid wordt, ten gevolge van de "Coronavirus COVID-19"-epidemie, de geldigheidsduur van de getuigschriften waarvan de geldigheidsduur van vijf jaar verstrijkt en waarvoor wegens de gezondheidscrisis COVID-19 de test en de oefeningen niet konden plaatsvinden, met één jaar verlengd. De getuigschriften waarvan de verlenging krachtens de vorige zin vóór 1 september 2021 vervalt, worden verlengd tot die datum.
  In afwijking van het tweede lid, 2°, worden geen extra duiken vereist en mag het minimaal aantal duiken per jaar beschouwd worden als een gemiddeld aantal duiken per jaar."
Art. 6. L'article 11 de l'arrêté ministériel du 7 juin 2010 relatif au certificat et à la formation de plongeur pour les membres des services publics de secours est complété par deux alinéas rédigés comme suit :
  " Par dérogation aux alinéas 1er et 2, en raison de l'épidémie de " Coronavirus - COVID - 19 ", la durée de validité des certificats, dont la durée de validité de cinq ans expire et pour lesquels le test ou les exercices n'ont pas pu être réalisés en raison de la crise sanitaire du COVID-19, est prolongée d'un an. Les certificats dont la prolongation en vertu de la phrase précédente viennent à expiration avant le 1er septembre 2021 sont prolongés jusqu'à cette date.
  Par dérogation à l'alinéa 2, 2°, des plongées supplémentaires ne sont pas exigées et le nombre minimal de plongées par an peut être considéré comme un nombre moyen de plongées par an. "
Art. 7. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2020.
Art. 7. Le présent arrêté produit ses effets le 1er janvier 2020.
Art. 8. De minister bevoegd voor Binnenlandse Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 8. Le ministre qui a l'Intérieur dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.