Artikel 1. In artikel 2, eerste lid, van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in de bepaling onder 29° worden de woorden "bedoeld bij artikel 10" vervangen door de woorden "waarmee België door internationale overeenkomsten of akkoorden inzake de tewerkstelling van werknemers verbonden is";
2° de bepaling onder 34° wordt opgeheven.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
25 JUNI 2020. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers
Titre
25 JUIN 2020. - Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale modifiant l'arrêté royal du 9 juin 1999 portant exécution de la loi du 30 avril 1999 relative à l'occupation des travailleurs étrangers
Informations sur le document
Info du document
Table des matières
Table des matières
Tekst (17)
Texte (17)
HOOFDSTUK I. - Bepalingen tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers
CHAPITRE 1er. - Dispositions modifiant l'arrêté royal du 9 juin 1999 portant exécution de la loi du 30 avril 1999 relative à l'occupation des travailleurs étrangers
Article 1er. A l'article 2, alinéa 1er, de l'arrêté royal du 9 juin 1999 portant exécution de la loi du 30 avril 1999 relative à l'occupation des travailleurs étrangers, les modifications suivantes sont apportées :
1° au point 29°, les mots " visé à l'article 10 " sont remplacés par les mots " avec lequel la Belgique est liée par une convention ou un accord international en matière d'occupation de travailleurs ".
2° le point 34° est abrogé ;
1° au point 29°, les mots " visé à l'article 10 " sont remplacés par les mots " avec lequel la Belgique est liée par une convention ou un accord international en matière d'occupation de travailleurs ".
2° le point 34° est abrogé ;
Art. 2. In artikel 9 van hetzelfde besluit worden in het eerste lid, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 13 november 2014, de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de bepaling onder 6° wordt vervangen als volgt:
"6° hooggeschoold personeel, voor zover de jaarlijkse bezoldiging ervan hoger ligt dan het bedrag van 39.422 EUR berekend en aangepast volgens artikel 37 van dit besluit;";
2° in de bepaling onder 18° worden de woorden "bedoeld bij artikel 10" vervangen door de woorden "waarmee België door internationale overeenkomsten of akkoorden inzake de tewerkstelling van werknemers verbonden is".
1° de bepaling onder 6° wordt vervangen als volgt:
"6° hooggeschoold personeel, voor zover de jaarlijkse bezoldiging ervan hoger ligt dan het bedrag van 39.422 EUR berekend en aangepast volgens artikel 37 van dit besluit;";
2° in de bepaling onder 18° worden de woorden "bedoeld bij artikel 10" vervangen door de woorden "waarmee België door internationale overeenkomsten of akkoorden inzake de tewerkstelling van werknemers verbonden is".
Art. 2. A l'article 9, alinéa 1er, du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 13 novembre 2014, les modifications suivantes sont apportées :
1° le point 6° est remplacé par ce qui suit :
" 6° du personnel hautement qualifié pour autant que leur rémunération annuelle dépasse le montant [3 de 39.422 EUR calculé et adapté suivant l'article 37 du présent arrêté. "
2° Au point 18°, les mots " visé à l'article 10 " sont remplacés par les mots " avec lequel la Belgique est liée par une convention ou un accord international en matière d'occupation de travailleurs ".
1° le point 6° est remplacé par ce qui suit :
" 6° du personnel hautement qualifié pour autant que leur rémunération annuelle dépasse le montant [3 de 39.422 EUR calculé et adapté suivant l'article 37 du présent arrêté. "
2° Au point 18°, les mots " visé à l'article 10 " sont remplacés par les mots " avec lequel la Belgique est liée par une convention ou un accord international en matière d'occupation de travailleurs ".
Art. 3. In afdeling 1 van hoofdstuk IV van hetzelfde besluit wordt onderafdeling 2, die de artikelen 10 en 11 bevat, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 mei 2019, opgeheven.
Art. 3. Au chapitre IV, section 1ère, du même arrêté, la sous-section 2, contenant les articles 10 et 11, et modifiée en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 mai 2019, est abrogée.
Art. 4. In artikel 12 van hetzelfde besluit, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 mei 2019, wordt het vijfde lid vervangen als volgt:
"Wanneer het vastbenoemde ambtenaren betreft, vervangt het bewijs van hun statutaire betrekking de in het eerste lid vermelde arbeidsovereenkomst.".
"Wanneer het vastbenoemde ambtenaren betreft, vervangt het bewijs van hun statutaire betrekking de in het eerste lid vermelde arbeidsovereenkomst.".
Art. 4. A l'article 12, du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 mai 2019, l'alinéa 5 est remplacé par ce qui suit :
" Lorsqu'il s'agit d'agents de la fonction publique nommés à titre définitif, la preuve de leur statut remplace le contrat de travail mentionné à l'alinéa premier. "
" Lorsqu'il s'agit d'agents de la fonction publique nommés à titre définitif, la preuve de leur statut remplace le contrat de travail mentionné à l'alinéa premier. "
Art. 5. In artikel 16 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het vierde lid worden de woorden "alsook de perioden van moederschapsbescherming als bedoeld in hoofdstuk IV van de Arbeidswet van 16 maart 1971, voor zover de betrokkene een moederschapsuitkering in de zin van het koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 of het in artikel 30, § 2 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten bedoelde geboorteverlof geniet, en" ingevoegd tussen de woorden "van het werk" en de woorden "die zich voordeden".
2° in het zesde lid wordt:
a) de bepaling onder f) vervangen als volgt:
"f) aan seizoenarbeiders, bedoeld in afdeling 4 van hoofdstuk VI;";
b) de opsomming aangevuld met een j), luidende:
"j) aan de in artikel twee bedoelde werknemers, behalve de in punt 35° bedoelde werknemers.".
1° in het vierde lid worden de woorden "alsook de perioden van moederschapsbescherming als bedoeld in hoofdstuk IV van de Arbeidswet van 16 maart 1971, voor zover de betrokkene een moederschapsuitkering in de zin van het koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 of het in artikel 30, § 2 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten bedoelde geboorteverlof geniet, en" ingevoegd tussen de woorden "van het werk" en de woorden "die zich voordeden".
2° in het zesde lid wordt:
a) de bepaling onder f) vervangen als volgt:
"f) aan seizoenarbeiders, bedoeld in afdeling 4 van hoofdstuk VI;";
b) de opsomming aangevuld met een j), luidende:
"j) aan de in artikel twee bedoelde werknemers, behalve de in punt 35° bedoelde werknemers.".
Art. 5. A l'article 16 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées:
1° A l'alinéa 4, les mots " , les périodes de protection de la maternité visées au chapitre IV de la loi du 16 mars 1971 sur le travail pour autant que l'intéressé bénéficie d'une indemnité de maternité au sens de l'arrêté royal du 3 juillet 1996 portant exécution de la loi relative à l'assurance obligatoire soins de santé et indemnités, coordonnée le 14 juillet 1994 et le congé de naissance visé à l'article 30, § 2 de la loi du 3 juillet 1978 sur le contrat de travail, " sont insérés entre les mots " chemin du travail " et les mots " alors que l'intéressé ".
2° A l'alinéa 6, le point f) est remplacé par ce qui suit :
" aux travailleurs saisonniers, visés à la section 4 du chapitre VI ; "
3° A l'alinéa 6, un point j) est ajouté, rédigé comme suit :
" j) aux travailleurs visés à l'article 2, à l'exception des travailleurs visés au point 35°. "
1° A l'alinéa 4, les mots " , les périodes de protection de la maternité visées au chapitre IV de la loi du 16 mars 1971 sur le travail pour autant que l'intéressé bénéficie d'une indemnité de maternité au sens de l'arrêté royal du 3 juillet 1996 portant exécution de la loi relative à l'assurance obligatoire soins de santé et indemnités, coordonnée le 14 juillet 1994 et le congé de naissance visé à l'article 30, § 2 de la loi du 3 juillet 1978 sur le contrat de travail, " sont insérés entre les mots " chemin du travail " et les mots " alors que l'intéressé ".
2° A l'alinéa 6, le point f) est remplacé par ce qui suit :
" aux travailleurs saisonniers, visés à la section 4 du chapitre VI ; "
3° A l'alinéa 6, un point j) est ajouté, rédigé comme suit :
" j) aux travailleurs visés à l'article 2, à l'exception des travailleurs visés au point 35°. "
Art. 6. Artikel 18/3, eerste lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 5 juli 2018, wordt aangevuld met de bepalingen onder 4° en 5°, luidende:
"4° als de aanvraag een dienstverlening betreft, een kopie van de dienstverleningsovereenkomst;
5° als de werknemer uitsluitend in zijn woning of ten huize van de werkgever is tewerkgesteld, een schriftelijke verklaring van de werkgever of van de werknemer aan de hand waarvan deze toegang verleent tot zijn bewoonde ruimten aan ambtenaren die met het toezicht belast zijn krachtens artikel 11/1 van de wet en artikel 4 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 9 juni 2016 houdende bepaling van de met het toezicht en de controle belaste overheden in werkgelegenheidsaangelegenheden en houdende nadere regels met betrekking tot de werking van deze overheden.".
"4° als de aanvraag een dienstverlening betreft, een kopie van de dienstverleningsovereenkomst;
5° als de werknemer uitsluitend in zijn woning of ten huize van de werkgever is tewerkgesteld, een schriftelijke verklaring van de werkgever of van de werknemer aan de hand waarvan deze toegang verleent tot zijn bewoonde ruimten aan ambtenaren die met het toezicht belast zijn krachtens artikel 11/1 van de wet en artikel 4 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 9 juni 2016 houdende bepaling van de met het toezicht en de controle belaste overheden in werkgelegenheidsaangelegenheden en houdende nadere regels met betrekking tot de werking van deze overheden.".
Art. 6. A l'article 18/3, alinéa 1er, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 5 juillet 2018, les points 4° et 5° sont ajoutés, rédigés comme suit :
" 4° si la demande concerne une prestation de service, une copie du contrat de prestation de service ;
5° si l'occupation a exclusivement lieu dans le domicile privé de l'employeur ou du travailleur, une déclaration écrite de l'employeur ou du travailleur, selon laquelle il autorise l'accès à ses locaux habités aux fonctionnaires chargés de la surveillance en vertu de l'article 11/1 de la loi et de l'article 4 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 9 juin 2016 déterminant les autorités chargées de la surveillance et du contrôle en matière d'emploi et portant des modalités relatives au fonctionnement de ces autorités. "
" 4° si la demande concerne une prestation de service, une copie du contrat de prestation de service ;
5° si l'occupation a exclusivement lieu dans le domicile privé de l'employeur ou du travailleur, une déclaration écrite de l'employeur ou du travailleur, selon laquelle il autorise l'accès à ses locaux habités aux fonctionnaires chargés de la surveillance en vertu de l'article 11/1 de la loi et de l'article 4 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 9 juin 2016 déterminant les autorités chargées de la surveillance et du contrôle en matière d'emploi et portant des modalités relatives au fonctionnement de ces autorités. "
Art. 7. Artikel 18/18 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 5 juli 2018, wordt aangevuld met de bepaling onder 4°, luidende:
" 4° bij een wederkerig uitwisselingsprogramma, het bewijs van de wederkerigheid.".
" 4° bij een wederkerig uitwisselingsprogramma, het bewijs van de wederkerigheid.".
Art. 7. A l'article 18/18 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 5 juillet 2018, un point 4° est ajouté, rédigé comme suit :
" 4° en cas de programme d'échange basé sur la réciprocité, la preuve de la réciprocité. "
" 4° en cas de programme d'échange basé sur la réciprocité, la preuve de la réciprocité. "
Art. 8. In artikel 18/19 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 5 juli 2018, wordt de bepaling onder 3° opgeheven.
Art. 8. A l'article 18/19 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 5 juillet 2018, le point 3° est abrogé.
Art. 9. In artikel 18/22/1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 mei 2019, worden de woorden "de artikelen 18/2 en 18/3" vervangen door de woorden "artikel 18/3 en in de artikelen 61/29-4, § 3 en 61/29-5, § 2 van de wet van 15 december 1980"."
Art. 9. A l'article 18/22/1 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 mai 2019, les mots " aux articles 18/2 et 18/3 " sont remplacés par les mots " à l'article 18/3 et aux articles 61/29-4, paragraphe 3 et 61/29-5, paragraphe 2, de la loi du 15 décembre 1980 ".
Art. 10. In artikel 18/22/4 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 mei 2019, worden de woorden "de artikelen 18/2 en 18/3" vervangen door de woorden "artikel 18/3 en in artikel 61/27-1, §§ § 1 tot 3 van de wet van 15 december 1980"."
Art. 10. A l'article 18/22/4 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 mai 2019, les mots " aux articles 18/2 et 18/3 " sont remplacés par les mots " à l'article 18/3 et aux paragraphes 1 à 3 de l'article 61/27-1 de la loi du 15 décembre 1980 ".
Art. 11. In artikel 30/10 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 mei 2019, wordt de bepaling onder 3° opgeheven.
Art. 11. A l'article 30/10 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 mai 2019, le point 3° est abrogé.
Art. 12. In artikel 30/11 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 mei 2019, worden de woorden "in de hoedanigheid van werknemer, in het bezit van een geldige Europese blauwe kaart, en" ingevoegd tussen de woorden "de tewerkstelling" en de woorden "die beantwoordt" .
Art. 12. A l'article 30/11 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 mai 2019, les mots " d'un travailleur détenteur d'une carte bleue européenne valide " sont insérés entre les mots " l'occupation " et " qui répond ".
Art. 13. In artikel 32, tweede lid, van hetzelfde besluit worden de woorden "zijn echter de artikelen 8 en 10" vervangen door de woorden "is artikel 8 echter".
Art. 13. A l'article 32, alinéa 2, du même arrêté, les mots " les articles 8 et 10 ne sont pas applicables " sont remplacés par les mots " l'article 8 n'est pas applicable ".
Art. 14. In artikel 38, § 2 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de Arabische cijfers "10" en "21, 1° " worden geschrapt;
2° de paragraaf wordt aangevuld met een lid, luidende:
"De in het vorige lid bedoelde afwijking van artikel 22, 2° geldt echter enkel voor een stage van ten hoogste een jaar, als aan deze stage inkomsten verbonden zijn die de stagiair in staat stellen in zijn behoeften of in die van zijn gezin te voorzien.".
1° de Arabische cijfers "10" en "21, 1° " worden geschrapt;
2° de paragraaf wordt aangevuld met een lid, luidende:
"De in het vorige lid bedoelde afwijking van artikel 22, 2° geldt echter enkel voor een stage van ten hoogste een jaar, als aan deze stage inkomsten verbonden zijn die de stagiair in staat stellen in zijn behoeften of in die van zijn gezin te voorzien.".
Art. 14. A l'article 38, paragraphe 2, du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées:
1° les chiffres arabes " 10, " et " , 21, 1° " sont supprimés ;
2° un alinéa 2 est ajouté, rédigé comme suit :
" La dérogation à l'article 22,2° visée à l'alinéa précédent ne vaut toutefois que pour le stage d'une année au plus et dont les ressources qui en découlent permettent au stagiaire de subvenir à ses besoins ou à ceux de son ménage. "
1° les chiffres arabes " 10, " et " , 21, 1° " sont supprimés ;
2° un alinéa 2 est ajouté, rédigé comme suit :
" La dérogation à l'article 22,2° visée à l'alinéa précédent ne vaut toutefois que pour le stage d'une année au plus et dont les ressources qui en découlent permettent au stagiaire de subvenir à ses besoins ou à ceux de son ménage. "
Art. 15. In bijlage I van hetzelfde besluit wordt de paragraaf in de voetnoot (3), luidende "Opgelet: Overeenkomsten die voor een duur van twaalf maanden of meer worden gesloten, moeten verplicht één van de punten 14 of 15 bevatten ; overeenkomsten die voor een duur van minder dan twaalf maanden worden gesloten, moeten alleen punt 15 bevatten, met uitsluiting van punt 14." aangevuld door de woorden: "Indien punt 14 noch punt 15 wordt aangevinkt, geldt het punt 15 automatisch. "
Art. 15. A l'annexe I du même arrêté, le paragraphe compris à la note de bas de page (3) et rédigé comme suit: " Attention: Les contrats conclus pour une durée de douze mois ou plus doivent obligatoirement contenir l'un des points 14 ou 15 ; les contrats pour une durée inférieure à douze mois doivent obligatoirement contenir le point 15 à l'exclusion du point 14. " est complété par les mots : " A défaut de mention expresse, le contrat est réputé contenir le point 15. "
Art. 16. De minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering bevoegd voor Werk wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 16. Le Ministre du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale ayant l'Emploi dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.