Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
1 MAART 2019. - Decreet tot ontbinding van het Fonds Jongerenwelzijn en tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin en het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 08-04-2019 en tekstbijwerking tot 02-05-2019)
Titre
1 MARS 2019. - Décret portant dissolution du Fonds d'Aide sociale aux Jeunes et modifiant le décret du 30 avril 2004 portant création de l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Kind en Gezin " (Enfance et Famille) et le décret du 12 juillet 2013 relatif à l'aide intégrale à la jeunesse(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 08-04-2019 et mise à jour au 02-05-2019)
Informations sur le document
Numac: 2019040756
Datum: 2019-03-01
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2019040756
Date: 2019-03-01
Moniteur: Voir
Tekst (34)
Texte (34)
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling
CHAPITRE 1er. - Disposition générale
Artikel 1. Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid.
Article 1er. Le présent décret règle une matière communautaire.
HOOFDSTUK 2. - Ontbinding van het Fonds Jongerenwelzijn
CHAPITRE 2. - Dissolution du Fonds d'Aide sociale aux Jeunes
Art. 2. Het Fonds Jongerenwelzijn, vermeld in artikel 54 van het decreet van 7 maart 2008 inzake bijzondere jeugdbijstand, wordt ontbonden.
Art. 2. Le Fonds d'Aide sociale aux Jeunes, visé à l'article 54 du décret du 7 mars 2008 relatif à l'aide spéciale à la jeunesse, est dissous.
Art. 3. De ontbinding van het Fonds Jongerenwelzijn is een ontbinding zonder vereffening waarbij het hele vermogen van het Fonds Jongerenwelzijn, alsook het geheel van zijn taken, activiteiten, rechten en verplichtingen, wordt overgedragen aan het agentschap Opgroeien regie, waaronder de op die datum uitstaande verbintenissen ten laste van het programma GE, begrotingsartikels GB0-1GED2MX-IS en GB0-1GED5MX-IS van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap. Dat gebeurt onder de nadere voorwaarden en volgens de procedure die de Vlaamse Regering bepaalt. Daarbij wordt de continuïteit gewaarborgd.
Art. 3. La dissolution du Fonds d'Aide sociale aux Jeunes est une dissolution sans liquidation par laquelle la totalité des actifs du Fonds d'Aide sociale aux Jeunes, ainsi que l'ensemble de ses tâches, activités, droits et obligations, sont transférés à l'agence Grandir régie (" Opgroeien regie "), y compris les engagements en cours à cette date du programme GE, articles budgétaires GB0-1GED2MX-IS et GB0-1GED5MX-IS du budget général des dépenses de la Communauté flamande. Ces transferts auront lieu conformément aux conditions et à la procédure définies par le Gouvernement flamand, et tout en assurant la continuité.
Art. 4. De overdrachten, vermeld in artikel 3, vinden plaats op de datum die de Vlaamse Regering vaststelt.
De Vlaamse Regering bepaalt op welke wijze die overdrachten tegenstelbaar worden aan derden.
Art. 4. Les transferts visés à l'article 3 ont lieu à la date fixée par le Gouvernement flamand.
Le Gouvernement flamand détermine les modalités d'opposabilité de ces transferts aux tiers.
HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin
CHAPITRE 3. - Modifications du décret du 30 avril 2004 portant création de l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Kind en Gezin " (Enfance et Famille)
Art. 5. In het opschrift van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin worden de woorden "Kind en Gezin" vervangen door de woorden "Opgroeien regie".
Art. 5. Dans l'intitulé du décret du 30 avril 2004 portant création de l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Kind en Gezin " (Enfance et Famille), les mots " " Kind en Gezin " (Enfance et Famille) " sont remplacés par les mots " Grandir régie (" Opgroeien regie ") ".
Art. 6. In artikel 2 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 20 april 2012, 29 november 2013 en 7 juli 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in punt 5° wordt de zinsnede "elke organisatievorm die de ondersteuning organiseert en/of verleent" vervangen door de zinsnede "elke organisatievorm die dienstverlening, hulpverlening of ondersteuning organiseert of verleent aan kinderen, jongeren en gezinnen";
2° punt 6° wordt vervangen door wat volgt:
"6° gezinsbeleid: het gezinsbeleid als vermeld in artikel 3, § 1, 18°, van het decreet van 27 april 2018 tot regeling van de toelagen in het kader van het gezinsbeleid";
3° er worden een punt 8° tot en met 11° toegevoegd, die luiden als volgt:
"8° jeugd- en gezinsbeleid: het jeugdbeleid, vermeld in artikel 5, § 1, II, 6°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, en het gezinsbeleid, vermeld in punt 6° ;
9° agentschap: het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie;
10° het agentschap Opgroeien: het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid Opgroeien, vermeld in artikel 1, 1°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2008 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid Opgroeien;
11° jongere: een persoon tot en met de leeftijd van vijfentwintig jaar.".
Art. 6. Les modifications suivantes sont apportées à l'article 2 du même décret, modifié par les décrets des 20 avril 2012, 29 novembre 2013 et 7 juillet 2017 :
1° au point 5°, le membre de phrase " toute forme d'organisation qui organise et/ou offre le soutien " est remplacé par le membre de phrase " toute forme d'organisation qui organise ou fournit les services, l'assistance ou le soutien aux enfants, aux jeunes et aux familles " ;
2° le point 6° est remplacé par la disposition suivante :
" 6° politique familiale : la politique familiale visée à l'article 3, § 1er, 18°, du décret du 27 avril 2018 réglant les allocations dans le cadre de la politique familiale " ;
3° il est ajouté des points 8° à 11° libellés comme suit :
" 8° politique de la jeunesse et familiale : la politique de la jeunesse visée à l'article 5, § 1er, II, 6°, de la loi spéciale du 8 août 1980 de réformes institutionnelles, et la politique familiale, visée au point 6° " ;
9° agence : l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique Grandir régie ;
10° l'agence Grandir : l'agence autonomisée interne sans personnalité juridique Grandir, visée à l'article 1er, 1° de l'arrêté du Gouvernement flamand du 24 octobre 2008 portant création de l'agence autonomisée interne sans personnalité juridique Grandir ;
11° jeune : une personne jusqu'à l'âge de vingt-cinq ans inclus. ".
Art. 7. In artikel 3, tweede lid, van hetzelfde decreet worden de woorden "Kind en Gezin" vervangen door de woorden "Opgroeien regie".
Art. 7. A l'article 3, deuxième alinéa, du même décret, les mots " Kind en Gezin " sont remplacés par les mots " Grandir régie ".
Art. 8. Artikel 4 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 4. § 1. Het agentschap heeft als missie om, samen met zijn partners, door een geïntegreerd jeugd- en gezinsbeleid, voor alle kinderen en jongeren, waar en hoe ze ook geboren zijn of opgroeien, zoveel mogelijk kansen te creëren en om een continuüm aan zorg, hulp en ondersteuning aan te bieden.
§ 2. Het agentschap oefent zijn taken uit voor de volgende personen:
1° kinderen en jongeren, aanstaande ouders en gezinnen;
2° adoptiekinderen, afstandsouders en de personen en gezinnen die een kind willen adopteren;
3° de personen en gezinnen die een pleegkind of pleeggast in hun gezin willen opnemen;
4° de personen tot de leeftijd van vijfentwintig jaar voor wie de maatschappelijke integratie en participatie in het gedrang is gekomen of dreigt te komen door een problematische leefsituatie of door andere maatschappelijk niet aanvaardbare situaties;
5° de pleeggasten en pleegkinderen, vermeld in artikel 2, 8° en 10°, van het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg;
6° personen die onderworpen zijn aan de maatregelen en de sancties, respectievelijk vermeld in artikel 20, § 2, eerste lid, en artikel 29, § 2, eerste lid, van het decreet van 15 februari 2019 betreffende het jeugddelinquentierecht;
7° de personen tot en met eenentwintig jaar, met een mogelijkheid tot verlenging tot en met vijfentwintig jaar, met een handicap of met een vermoeden van handicap;
8° de ouders, de opvoedingsverantwoordelijken en de natuurlijke personen die inwonen bij de personen, vermeld in punt 4°, 5°, 6° en 7°, of met die personen een affectieve band hebben, of in de buurt wonen of die geregeld contact hebben met hen, onder meer bij het schoolgaan, in de werksituatie of tijdens de vrijetijdsbesteding.
§ 3. Bij het uitvoeren van zijn missie stelt het agentschap de volgende uitgangspunten centraal:
1° respect voor de rechten van het kind en de jongere en zijn gezin of opvoedingsverantwoordelijken;
2° respect voor diversiteit;
3° de optimale ontwikkeling van het kind en de jongere;
4° de verantwoordelijkheid en de mogelijkheden van de jongere en zijn ouders of opvoedingsverantwoordelijken;
5° het behoud of het herstel van de maatschappelijke integratie van het kind, de jongere en zijn gezin of opvoedingsverantwoordelijken, en hun participatie aan de samenleving.
Het agentschap eerbiedigt bij zijn optreden de ideologische, filosofische en godsdienstige overtuiging van de personen tot wie het zich richt.
Het agentschap geeft mee uitvoering aan het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap, aangenomen in New York op 13 december 2006, en respecteert op elk moment de rechten van personen met een handicap die daarin geconcretiseerd zijn.".
Art. 8. L'article 4 du même décret est remplacé par ce qui suit :
" Art. 4. § 1er. L'agence a pour mission, avec ses partenaires, de créer par le biais d'une politique intégrée de la jeunesse et familiale un maximum d'opportunités pour tous les enfants et les jeunes, où qu'ils soient nés ou aient grandi, et d'offrir un continuum de soins, d'aide et de soutien.
§ 2. L'agence accomplit ses tâches pour les personnes suivantes :
1° les enfants et les jeunes, les futurs parents et les familles ;
2° les enfants adoptifs, les parents d'origine et les personnes et familles désireuses d'adopter un enfant ;
3° les personnes et les familles désireuses d'intégrer un enfant placé ou un adulte placé dans leur famille ;
4° les personnes ayant jusqu'à vingt-cinq ans inclus pour qui l'intégration et la participation sociales ont été ou risquent d'être compromises par une situation de vie problématique ou par d'autres situations socialement inacceptables ;
5° les adultes placés et les enfants placés visés aux articles 2, 8° et 10° du décret du 29 juin 2012 portant organisation du placement familial ;
6° les personnes soumises aux mesures et sanctions visées respectivement à l'article 20, § 2, alinéa premier, et à l'article 29, § 2, alinéa premier, du décret du 15 février 2019 sur le droit en matière de délinquance juvénile ;
7° les personnes handicapées ou présentant une suspicion de handicap ayant jusqu'à vingt et un ans inclus, avec possibilité de prolongation jusqu'à vingt-cinq ans inclus ;
8° les parents, les responsables de l'éducation et les personnes physiques qui vivent avec les personnes mentionnées aux points 4°, 5°, 6° et 7°, ou qui ont une relation affective avec ces personnes, ou qui vivent dans le voisinage, ou qui ont des contacts réguliers avec elles, entre autres pendant les activités scolaires, professionnelles ou de loisirs.
§ 3. Dans l'accomplissement de sa mission, l'agence se concentrera sur les principes suivants :
1° le respect des droits de l'enfant et de l'adolescent ainsi que de sa famille ou des responsables de son éducation ;
2° le respect de la diversité ;
3° le développement optimal de l'enfant et du jeune ;
4° la responsabilité et les possibilités du jeune et de ses parents ou des personnes responsables de son éducation ;
5° la préservation ou le rétablissement de l'intégration sociale de l'enfant, du jeune et de sa famille ou des personnes responsables de son éducation, et de leur participation à la société.
Dans ses interventions, l'agence respecte les convictions idéologiques, philosophiques et religieuses des personnes auxquelles elle s'adresse.
L'agence contribue à la mise en oeuvre de la convention des Nations unies relative aux droits des personnes handicapées, adoptée à New York le 13 décembre 2006, et respecte à tout moment les droits des personnes handicapées tels qu'ils y sont formulés. ".
Art. 9. Artikel 5 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 7 juli 2017, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 5. § 1. De kerntaken van het agentschap zijn:
1° de regie en strategie voor de domeinen:
a) de kinderopvang;
b) de preventieve gezinsondersteuning;
c) de toelagen in het kader van het gezinsbeleid;
d) de binnenlandse en interlandelijke adoptie;
e) de pleegzorg;
f) de integrale jeugdhulp;
g) de jeugddelinquentie;
h) het aanbod voor ondersteuning van jongeren met een handicap of een vermoeden van handicap in de typemodule diagnostiek of de typemodule GES+ in de multifunctionele centra, vermeld in artikel 1, 6°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap, en het aanbod georganiseerd door de centra voor ontwikkelingsstoornissen, vermeld in hoofdstuk 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juni 1998 tot regeling van de erkenning en de subsidiëring van de centra voor ontwikkelingsstoornissen;
2° de financiering van de personen, vermeld in artikel 4, § 2, beheren en de voorzieningen subsidiëren, met uitzondering van de financiering van de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap, vermeld in artikel 3 van het decreet van 25 april 2014 houdende de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap en tot hervorming van de wijze van financiering van de zorg en de ondersteuning voor personen met een handicap.
Het beheren van de financiering van de personen en de subsidiëring aan de voorzieningen, vermeld in paragraaf 1, 2°, omvat de volgende taken:
1° de financiële lasten van de zorgtaken voor de groep, vermeld in artikel 4, § 2, op zich nemen;
2° de gezinsbijslagen en toelagen met betrekking tot het gezinsbeleid ontvangen en de bijdragen van personen ten aanzien van wie hulp wordt georganiseerd, innen;
3° de financiële lasten ten gevolge van de toepassing van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp, het decreet van 15 februari 2019 betreffende het jeugddelinquentierecht en het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg opnemen. In die financiële lasten zijn de wedden, de voorschotten daarop en de vergoedingen of uitkeringen die een toebehoren van de wedden vormen of ermee gelijkstaan, van het personeel van de diensten van de Vlaamse Regering niet inbegrepen.
§ 2. Naast de kerntaken, vermeld in paragraaf 1, voert het agentschap ook de volgende taken uit voor de in paragraaf 1, 1°, a) tot en met h), vermelde domeinen:
1° het voeren van een geïntegreerd jeugd- en gezinsbeleid, dat de volgende taken omvat:
a) beleid voorbereiden en ontwikkelen;
b) beleid implementeren, coördineren en integreren;
c) het beleid monitoren, evalueren en uitvoeren via eigen personeel en via samenwerkingsverbanden met partners;
d) wetenschappelijk onderzoek voeren en ondersteunen;
e) een programmatie op basis van wetenschappelijk verantwoorde criteria opstellen;
f) informatie- en communicatiesystemen opzetten;
g) de dienstverlening maximaal integreren;
h) de erkennings-, vergunnings- en subsidiëringsprocessen maximaal afstemmen;
i) de sectorale regelgeving evalueren;
j) een kwaliteitsbeleid ontwikkelen en opvolgen;
k) rechtsgedingen voeren voor het agentschap Opgroeien, als eiser, verweerder of tussenkomende partij, voor de hoven en rechtbanken, de administratieve rechtscolleges en het Rekenhof, met uitzondering van de rechtsgedingen voor het Grondwettelijk Hof en de internationale hoven;
2° het voeren van een geïntegreerd voorzieningenbeleid, dat de volgende taken omvat:
a) voorzieningen, diensten, samenwerkingsverbanden en organisatoren stimuleren, toelaten, programmeren, erkennen, vergunnen, toekennen van een kwaliteitslabel, subsidiëren en handhaven en projecten subsidiëren;
b) de kwaliteit van de erkende en vergunde voorzieningen, diensten, samenwerkingsverbanden en organisatoren opvolgen en bevorderen.".
Art. 9. L'article 5 du même décret, modifié par le décret du 7 juillet 2017, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 5. § 1er. Les tâches essentielles de l'agence sont les suivantes :
1° la régie et la stratégie des domaines suivants :
a) la garde d'enfants ;
b) le soutien préventif aux familles ;
c) les allocations dans le cadre de la politique familiale ;
d) l'adoption nationale et internationale ;
e) le placement familial ;
f) l'aide intégrale à la jeunesse ;
g) la délinquance juvénile ;
h) l'offre d'aide aux jeunes souffrant d'un handicap ou présentant une suspicion de handicap dans le module type diagnostic ou le module type GES+ dans les centres multifonctionnels, visée à l'article 1er, 6°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 février 2016 portant agrément et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapées mineures, et l'offre organisée par les centres pour troubles du développement visée au chapitre 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juin 1998 réglant l'agrément et le subventionnement des centres pour troubles du développement ;
2° gérer le financement des personnes visées à l'article 4, § 2, et subventionner les établissements, à l'exception du financement du financement personnalisé pour les personnes handicapées, visé à l'article 3 du décret du 25 avril 2014 portant le financement personnalisé pour les personnes handicapées et portant réforme du mode de financement des soins et du soutien pour les personnes handicapées.
La gestion du financement des personnes et de la subvention aux établissements, visée au paragraphe 1er, 2°, comprend les tâches suivantes :
1° prendre en charge les charges financières des tâches de soins du groupe visé à l'article 4, § 2 ;
2° percevoir les allocations familiales et les allocations relatives à la politique familiale, ainsi que les cotisations des personnes pour lesquelles une assistance est organisée ;
3° assumer les charges financières résultant de l'application du décret du 12 juillet 2013 relatif à l'aide intégrale à la jeunesse, du décret du 15 février 2019 sur le droit en matière de délinquance juvénile et du décret du 29 juin 2012 portant organisation du placement familial. Ces charges financières ne comprennent pas les traitements, les avances et les indemnités ou allocations accessoires ou assimilés aux traitements du personnel des services du Gouvernement flamand.
§ 2. Outre les tâches essentielles visées au paragraphe 1, l'agence accomplit également les tâches suivantes pour les domaines visés au paragraphe 1, 1°, a) à h) :
1° conduire une politique intégrée de la jeunesse et familiale incluant les tâches suivantes :
a) préparer et développer la politique ;
b) mettre en oeuvre, coordonner et intégrer la politique ;
c) suivre, évaluer et mettre en oeuvre la politique par l'entremise de son propre personnel ainsi que de partenariats ;
d) mener et soutenir des recherches scientifiques ;
e) élaborer un programme sur la base de critères scientifiquement fondés ;
f) mettre en place des systèmes d'information et de communication ;
g) maximiser l'intégration des services ;
h) coordonner dans toute la mesure du possible les processus d'autorisation, d'agrément et de subvention ;
i) évaluer la réglementation sectorielle ;
j) élaborer et assurer le suivi d'une politique de qualité ;
k) ester en justice pour l'agence Grandir, en qualité de partie demanderesse, défenderesse ou intervenante, devant les cours et tribunaux, les juridictions administratives et la Cour des comptes, à l'exception des procédures devant la Cour constitutionnelle et les cours internationales ;
2° conduire une politique intégrée des établissements incluant les tâches suivantes :
a) stimuler, admettre, programmer, agréer, autoriser, subventionner et contrôler des établissements, des services, des partenariats et des organisateurs, et leur attribuer un label de qualité, et subventionner des projets ;
b) suivre et promouvoir la qualité des établissements, services, partenariats et organisateurs agréés et autorisés. ".
Art. 10. In artikel 6, § 1, van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 20 april 2012, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden "de regie van" worden opgeheven;
2° punt 1°, 2°, 3° en 4° worden opgeheven.
Art. 10. A l'article 6, § 1er, du même décret, remplacé par le décret du 20 avril 2012, sont apportées les modifications suivantes :
1° les mots " la régie de " sont supprimés ;
2° les points 1°, 2°, 3° et 4° sont supprimés.
Art. 11. In artikel 7, § 1, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 29 november 2013, worden de woorden "van de eigen personeelsleden" opgeheven.
Art. 11. Dans l'article 7, § 1er du même décret modifié par le décret du 29 novembre 2013, les mots " des propres membres du personnel " sont supprimés.
Art. 12. In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juni 2018, wordt een artikel 7/2 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 7/2. De taak van de ondersteuning van de kinderen en jongeren met een handicap, vermeld in artikel 5, § 1, 1°, h), omvat in elk geval de volgende taken:
1° de criteria voor de afbakening van de doelgroep van jongeren met een handicap specificeren, de indicatiestelling en de toewijzing organiseren;
2° jongeren met een handicap toeleiden naar niet rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning waarbij de kloof tussen de ondersteuning die geboden kan worden door zelfzorg, mantelzorg, het sociaal netwerk en reguliere zorg, en de ondersteuningsnood van de persoon met een handicap determinerend is;
3° op operationeel niveau programmeren, voorzieningen vergunnen, erkennen, en subsidiëren en administratieve sancties opleggen aan voorzieningen die belast zijn met de ondersteuning van jongeren met een handicap.".
Art. 12. Dans le même décret, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juin 2018, il est inséré un article 7/2 libellé comme suit :
" Art. 7/2. La tâche d'aide aux enfants et aux jeunes handicapés, visée à l'article 5, § 1er, 1°, h), comprend en tout état de cause les tâches suivantes :
1° préciser les critères de délimitation du groupe cible des jeunes handicapés, et organiser l'indication et l'attribution ;
2° orienter les jeunes handicapés vers des soins et une aide qui ne sont pas directement accessibles, l'écart entre l'aide qui peut être fournie par les autosoins, les soins informels, le réseau social et les soins réguliers et le besoin d'aide de la personne handicapée étant déterminant ;
3° programmer au niveau opérationnel, autoriser, agréer et subventionner des établissements, ainsi qu'imposer des sanctions administratives aux établissements chargés d'aider les jeunes handicapés. ".
Art. 13. In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juni 2018, wordt een artikel 7/3 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 7/3. De taak inzake binnenlandse en interlandelijke adoptie omvat naast de kerntaken, vermeld in artikel 5, in elk geval:
1° optreden als Centrale Autoriteit inzake interlandelijke adoptie als vermeld in artikel 360-1, 3°, van het Burgerlijk Wetboek en het verdrag inzake de internationale samenwerking en de bescherming van kinderen op het gebied van de interlandelijke adoptie aangenomen in Den Haag op 29 mei 1993;
2° het ontwikkelen en uitvoeren van een geïntegreerd beleid inzake adoptie met inbegrip van een gericht beleid voor de adoptie van kinderen met `special needs' en afstamming;
3° ontvangen en registreren van de aanmeldingen voor de adoptieprocedure, het verstrekken van informatie aan de kandidaat-adoptant, het begeleiden van de kandidaat-adoptant doorheen de administratieve en juridische procedure, het toezien op het correcte verloop van de procedure, het bewaren van en inzage verlenen in adoptiedossiers;
4° faciliteren van en toezicht houden op de samenwerking met herkomstlanden in het kader van interlandelijke adoptie.".
Art. 13. Dans le même décret, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juin 2018, il est inséré un article 7/3, libellé comme suit :
" Art. 7/3. Outre les tâches essentielles visées à l'article 5, la tâche de l'adoption nationale et internationale comprend en tout état de cause :
1° agir en qualité d'Autorité centrale en matière d'adoption internationale au sens de l'article 360-1, 3° du Code civil et de la Convention sur la protection des enfants et la coopération en matière d'adoption internationale, adoptée à La Haye le 29 mai 1993 ;
2° élaborer et mettre en oeuvre une politique intégrée en matière d'adoption, y compris une politique ciblée sur l'adoption des enfants ayant des besoins spéciaux et la descendance ;
3° recevoir et enregistrer les demandes d'adoption, informer le candidat adoptant, le guider dans la procédure administrative et judiciaire, contrôler le déroulement correct de la procédure, tenir les dossiers d'adoption et en permettre l'accès ;
4° faciliter et superviser la coopération avec les pays d'origine dans le cadre de l'adoption internationale. ".
Art. 14. In artikel 8 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 22 december 2006 en 29 juni 2012, wordt paragraaf 1 opgeheven.
Art. 14. Le paragraphe premier de l'article 8 du même décret, modifié par les décrets des 22 décembre 2006 et 29 juin 2012, est supprimé.
Art. 15. Artikel 8/1 van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 12 juli 2013, wordt opgeheven.
Art. 15. L'article 8/1 du même décret, inséré par le décret du 12 juillet 2013, est supprimé.
Art. 16. In artikel 10 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 15 juli 2016, 7 juli 2017 en 8 juni 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste, tweede en zesde lid wordt de zinsnede "5, 6, 7, 7/1 en 8" vervangen door de zinsnede "5, 6, 7, 7/1, 7/2, 7/3 en 8";
2° in het eerste lid wordt de zinsnede "voorzover het om beleidsuitvoerende taken gaat," opgeheven;
3° in het zesde lid worden de woorden "zijn cliënteel" vervangen door de zinsnede "de personen, vermeld in artikel 4, § 2".
Art. 16. A l'article 10 du même décret, modifié par les décrets des 15 juillet 2016, 7 juillet 2017 et 8 juin 2018, les modifications suivantes sont apportées :
1° dans les alinéas 1er, 2 et 6, le membre de phrase " 5, 6, 7, 7, 7/1 et 8 " est remplacé par le membre de phrase " 5, 6, 7, 7/1, 7/2, 7/3 et 8 " ;
2° à l'alinéa premier, le membre de phrase " dans la mesure où il s'agit de tâches d'exécution de la politique, " est supprimé ;
3° à l'alinéa six, les mots " à sa clientèle " sont remplacés par le membre de phrase " aux personnes visées à l'article 4, § 2 ".
Art. 17. In artikel 12 van hetzelfde decreet wordt de zinsnede "vermeld in artikelen 5, 6, 7 en 8" vervangen door de zinsnede "vermeld in artikel 5, 6, 7, 7/1, 7/2, 7/3 en 8,".
Art. 17. A l'article 12 du même décret, le membre de phrase " mentionnée aux articles 5, 6, 7 et 8 " est remplacé par le membre de phrase " mentionnée aux articles 5, 6, 7, 7/1, 7/2, 7/3 et 8 ".
Art. 18. In artikel 16, tweede lid, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 22 december 2006, worden tussen het woord "wordt" en het woord "bijgestaan" de woorden "zowel in het agentschap als in het agentschap Opgroeien" ingevoegd.
Art. 18. Dans l'article 16, deuxième alinéa, du même décret, inséré par le décret du 22 décembre 2006, le membre de phrase " , tant dans l'agence que dans l'agence Grandir " est ajouté après les mots " directeur général ".
Art. 19. In artikel 19, eerste lid, 1°, van hetzelfde decreet wordt tussen de woorden "de kinderen" en de woorden "en de gezinnen" de zinsnede ", de jongeren" ingevoegd.
Art. 19. A l'article 19, alinéa premier, 1°, du même décret, les mots " , les jeunes " sont insérés entre les mots " enfants " et les mots " et les familles " .
Art. 20. In artikel 20 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid worden tussen het woord "kan" en het woord "beschikken" de woorden "voor zichzelf en voor het agentschap Opgroeien" ingevoegd;
2° in het eerste lid, 9°, wordt de zinsnede ", in het bijzonder de bijdragen van ouders of derden in de kostprijs van diensten" opgeheven;
3° aan het eerste lid worden een punt 12° tot en met 16° toegevoegd, die luiden als volgt:
"12° het eventuele saldo op het einde van het voorgaande begrotingsjaar;
13° de bijdragen van personen ten aanzien van wie hulp wordt georganiseerd of van onderhoudsplichtige personen;
14° de geïnde kinderbijslagen en de ontvangsten die voortvloeien uit tussenkomsten in de geneeskundige zorgen;
15° huurgelden voor de gronden of gebouwen waarvan de lasten van het eigenaarsonderhoud zijn toevertrouwd aan het agentschap, alsook de volledige opbrengst uit de verkoop van die gronden of gebouwen;
16° bestuurlijke geldboeten.";
4° er wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Voor een persoon als vermeld in artikel 4, § 2, 4°, 6° en 7°, kan het agentschap, onder de voorwaarden die de Vlaamse Regering bepaalt, tegemoetkomen in de kosten van geneeskundige verzorging als vermeld in het eerste lid, 14°, in afwachting dat die kosten daadwerkelijk worden vergoed volgens de regelgeving betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen. Het agentschap treedt, voor het bedrag van die vergoeding, in de rechten en rechtsvorderingen van die persoon of zijn rechthebbende tegen het ziekenfonds dat de vergoeding verschuldigd is. Als de tegemoetkoming wordt verleend met een subsidie aan een erkende of gelijkgestelde voorziening waaraan de persoon is toevertrouwd, vordert die voorziening namens het agentschap de vergoeding van het ziekenfonds.".
Art. 20. A l'article 20 du même décret, les modifications suivantes sont apportées :
1° à l'alinéa premier, entre le mot " disposer " et les mots " des recettes ", le membre de phrase " , pour elle-même et pour l'agence Grandir, " sont insérés ;
2° à l'alinéa premier, 9°, le membre de phrase " , en particulier les contributions des parents ou des tiers au prix des services " est supprimé ;
3° à l'alinéa premier sont ajoutés des points 12° à 16°, libellés comme suit :
" 12° tout solde restant à la fin de l'exercice précédent ;
13° les contributions des personnes à l'égard desquelles une assistance est organisée ou des débiteurs d'aliments ;
14° les allocations familiales perçues et les recettes résultant des interventions dans les soins médicaux ;
15° les loyers des terrains ou immeubles pour lesquels l'agence est chargée de l'entretien par le propriétaire, ainsi que l'intégralité du produit de la vente desdits terrains ou immeubles ;
16° les amendes administratives. " ;
4° il est ajouté un alinéa 3, libellé comme suit :
" Pour une personne visée à l'article 4, § 2, 4°, 6° et 7°, l'agence peut, aux conditions fixées par le Gouvernement flamand, intervenir dans les frais de soins médicaux visés à l'alinéa premier, 14°, en attendant le remboursement effectif de ces frais conformément à la réglementation sur l'assurance obligatoire soins de santé et indemnités. Pour le montant dudit remboursement, l'agence est subrogée aux droits et actions de cette personne ou de son bénéficiaire auprès de la mutualité tenue au remboursement. Si l'intervention est accordée sous la forme d'une subvention à un établissement agréé ou assimilé auquel la personne a été confiée, cet établissement demande le remboursement à la mutualité au nom de l'agence. ".
Art. 21. In artikel 22 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het tweede lid, 1° en 2°, wordt de zinsnede "bedoeld in artikelen 5, 6, 7 en 8, § 1," vervangen door de zinsnede "vermeld in artikel 5, 6, 7, 7/1, 7/2 en 7/3" en wordt de zinsnede "artikel 8, § 2," vervangen door de zinsnede "artikel 8";
2° aan het tweede lid wordt een punt 3° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"3° voor de toekomstige en onvoorziene uitgaven van het agentschap en het agentschap Opgroeien.";
3° in het derde lid worden de woorden "Het spijzen" vervangen door de woorden "De financiering".
Art. 21. A l'article 22 du même décret, les modifications suivantes sont apportées :
1° à l'alinéa deux, 1° et 2°, le membre de phrase " visées aux articles 5, 6, 7 et 8, § 1er " sont remplacés par le membre de phrase " visées aux articles 5, 6, 7, 7/1, 7/2 et 7/3 " et le membre de phrase " l'article 8, § 2 " est remplacé par le membre de phrase " l'article 8 " ;
2° à l'alinéa deux, il est ajouté un point 3°, libellé comme suit :
" 3° pour les dépenses futures et imprévues de l'agence et de l'agence Grandir. " ;
3° au troisième alinéa, les mots " L'alimentation " sont remplacés par les mots " Le financement ".
HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp
CHAPITRE 4. - Modifications du décret du 12 juillet 2013 relatif à l'aide intégrale à la jeunesse
Art. 22. In artikel 42, § 1, eerste lid, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp wordt de zinsnede ", overeenkomstig artikel 8/1 van hoofdstuk III van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin" opgeheven.
Art. 22. A l'article 42, § 1er, alinéa premier, du décret du 12 juillet 2013 relatif à l'aide intégrale à la jeunesse, le segment de phrase " conformément à l'article 8/1 du chapitre III du décret du 30 avril 2004 portant création de l'agence autonomisée interne à personnalité juridique " Kind en Gezin " (Enfance et Famille) " est supprimé.
Art. 23. Aan hoofdstuk 14/1 van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 15 maart 2019 houdende diverse wijzigingsbepalingen betreffende het decreet betreffende de rechtspositie van de minderjarige in de integrale jeugdhulp en het decreet betreffende de integrale jeugdhulp, wordt een afdeling 2 toegevoegd, die luidt als volgt:
"Afdeling 2. Centra voor Kinderzorg en Gezinsondersteuning".
Art. 23. Au chapitre 14/1 du même décret, inséré par le décret du 15 mars 2019 portant diverses dispositions modificatives concernant le décret relatif au statut du mineur dans l'aide intégrale à la jeunesse et le décret relatif à l'aide intégrale à la jeunesse, il est ajouté une section 2, libellée comme suit :
" Section 2. Centres d'aide aux enfants et d'assistance des familles ".
Art. 24. In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 8 juni 2018, wordt aan afdeling 2, ingevoegd bij artikel 23, een artikel 78/7 toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 78/7. In het kader van crisisopvang van jonge kinderen en bij verstoorde opvoedingssituaties kan de Vlaamse Regering centra voor kinderzorg en gezinsondersteuning erkennen en subsidiëren.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de opdrachten en de werking van de centra voor kinderzorg en gezinsondersteuning, alsook de voorwaarden en de procedure voor de erkenning en subsidiëring van de centra voor kinderzorg en gezinsondersteuning. De Vlaamse Regering kan bijkomende opdrachten toekennen aan de centra voor kinderzorg en gezinsondersteuning in het kader van de integrale jeugdhulp.".
Art. 24. Dans le même décret, modifié en dernier lieu par le décret du 8 juin 2018, il est ajouté à la section 2, insérée par l'article 23, un article 78/7, libellé comme suit :
" Art. 78/7. Dans le cadre de l'accueil de crise des jeunes enfants et en cas de situation d'éducation perturbée, le Gouvernement flamand peut agréer et subventionner les centres d'aide aux enfants et d'assistance des familles.
Le Gouvernement flamand fixe les modalités des missions et du fonctionnement des centres d'aide aux enfants et d'assistance des familles, ainsi que les conditions et la procédure d'agrément et de subventionnement des centres d'aide aux enfants et d'assistance des familles. Le Gouvernement flamand peut confier des missions supplémentaires aux centres d'aide aux enfants et d'assistance des familles dans le cadre de l'aide intégrale à la jeunesse. ".
HOOFDSTUK 5. - Wijziging van het decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van kinderopvang van baby's en peuters
CHAPITRE 5. - Modification du décret du 20 avril 2012 portant organisation de l'accueil de bébés et de bambins
Art. 25. In artikel 18 van het decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van kinderopvang van baby's en peuters, het laatst gewijzigd bij het decreet van 19 januari 2018, wordt een tweede lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Bij dringende noodzakelijkheid kan die aanmaning achterwege gelaten worden en worden onmiddellijk bestuurlijke maatregelen genomen zoals vermeld in afdeling 3.".
Art. 25. A l'article 18 du décret du 20 avril 2012 portant organisation de l'accueil de bébés et de bambins, modifié en dernier lieu par le décret du 19 janvier 2018, il est inséré un alinéa deux, libellé comme suit :
" En cas d'urgence, ladite sommation peut être omise et des mesures administratives immédiates telles que visées à la section 3 sont alors prises. ".
HOOFDSTUK 6. - Slotbepalingen
CHAPITRE 6. - Dispositions finales
Art. 26. De Vlaamse Regering kan de bestaande decreetsbepalingen waarin de werking van het agentschap en het agentschap Opgroeien nader is geregeld, wijzigen, aanvullen, vervangen of opheffen, om ze in overeenstemming te brengen met de bepalingen van dit decreet.
De besluiten die krachtens het eerste lid worden vastgesteld, houden op uitwerking te hebben als ze niet bij decreet zijn bekrachtigd binnen negen maanden na de datum van de inwerkingtreding ervan. De bekrachtiging werkt terug tot die laatste datum.
De bevoegdheid, vermeld in het eerste lid, vervalt twaalf maanden na de inwerkingtreding van dit decreet. Na die datum kunnen de besluiten die krachtens dit artikel zijn vastgesteld en zijn bekrachtigd, alleen bij een decreet worden gewijzigd, aangevuld, vervangen of opgeheven.
Art. 26. Le Gouvernement flamand peut modifier, compléter, remplacer ou supprimer les dispositions décrétales existantes qui réglementent plus en détail le fonctionnement de l'agence et de l'agence Grandir afin de les mettre en conformité avec les dispositions du présent décret.
Les arrêtés adoptés en vertu de l'alinéa premier cessent de produire leurs effets s'ils n'ont pas été ratifiés par décret dans les neuf mois suivant leur entrée en vigueur. La ratification a un effet rétroactif jusqu'à cette dernière date.
La compétence visée à l'alinéa premier expire douze mois après l'entrée en vigueur du présent décret. Après cette date, les arrêtés adoptés et ratifiés en vertu du présent article ne peuvent être modifiés, complétés, remplacés ou abrogés que par décret.
Art. 27. § 1. De titularis van de functie van algemeen directeur van het agentschap Kind en Gezin, zoals vermeld in artikel 16 van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin, zoals van kracht voor de inwerkingtreding van dit decreet, krijgt bij de inwerkingtreding van dit decreet van ambtswege een nieuw mandaat in de functie van algemeen directeur in het agentschap Opgroeien regie.
§ 2. De titularis van de functie van administrateur-generaal van het agentschap Kind en Gezin, zoals vermeld in artikel 16 van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin, zoals van kracht voor de inwerkingtreding van dit decreet, krijgt bij de inwerkingtreding van dit decreet van ambtswege een nieuw mandaat in de functie van administrateur-generaal in het agentschap Opgroeien regie.
Art. 27. § 1er. Le titulaire de la fonction de directeur général de l'agence Enfance et Famille visé à l'article 16 du décret du 30 avril 2004 portant création de l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Kind en Gezin " (Enfance et Famille), tel qu'en vigueur avant l'entrée en vigueur du présent décret, recevra d'office un nouveau mandat de directeur général dans l'agence Grandir régie à l'entrée en vigueur du présent décret.
§ 2. Le titulaire de la fonction d'administrateur général de l'agence Enfance et Famille visé à l'article 16 du décret du 30 avril 2004 portant création de l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Kind en Gezin " (Enfance et Famille), tel qu'en vigueur avant l'entrée en vigueur du présent décret, recevra d'office un nouveau mandat d'administrateur général dans l'agence Grandir régie à l'entrée en vigueur du présent décret.
Art. 28. [2 Het decreet van 7 maart 2008 inzake bijzondere jeugdbijstand, het laatst gewijzigd bij het decreet van 7 december 2018, wordt opgeheven op de datum van de inwerkingtreding van dit decreet, met uitzondering van hoofdstuk V, afdeling I, die bestaat uit artikel 47 en 47/1, die worden opgeheven op 1 september 2019, en hoofdstuk VI, afdeling I, die bestaat uit artikel 54 tot en met 65, die worden opgeheven op een datum die de Vlaamse Regering bepaalt.]2
Art. 28. [2 Le décret du 7 mars 2008 relatif à l'assistance spéciale à la jeunesse, modifié en dernier lieu par le décret du 7 décembre 2018, est abrogé à la date d'entrée en vigueur du présent décret, à l'exception du chapitre V, section Ire, comprenant les articles 47 et 47/1, qui sont abrogés le 1er septembre 2019, et du chapitre VI, section Ire, comprenant les articles 54 à 65, qui sont abrogés à une date à fixer par le Gouvernement flamand.]2