Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
22 JULI 2019. - Koninklijk besluit tot bepaling van de normen voor de erkenning als transitiehuis en houdende de exploitatievoorwaarden voor een transitiehuis
Titre
22 JUILLET 2019. - Arrêté royal fixant les normes en vue de l'agrément comme maison de transition et fixant les conditions d'exploitation pour une maison de transition
Informations sur le document
Numac: 2019030797
Datum: 2019-07-22
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2019030797
Date: 2019-07-22
Moniteur: Voir
Tekst (75)
Texte (75)
HOOFDSTUK 1. -Algemene bepalingen
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales
Artikel 1. Dit besluit bepaalt, ter uitvoering van artikel 9/2, § 3 van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten, de normen waaraan een inrichting moet voldoen om erkend te kunnen worden als transitiehuis voor de plaatsing van veroordeelden alsook de voorwaarden voor de exploitatie van een transitiehuis.
Article 1er. Le présent arrêté fixe, en exécution de l'article 9/2, § 3, de la loi du 17 mai 2006 relative au statut juridique externe des personnes condamnées à une peine privative de liberté et aux droits reconnus à la victime dans le cadre des modalités d'exécution de la peine, les normes auxquelles un établissement doit satisfaire afin de pouvoir être agréé comme maison de transition pour le placement de condamnés ainsi que les conditions d'exploitation d'une maison de transition.
Art. 2. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
  1) Wet externe rechtspositie: de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten;
  2) De directeur: de persoon zoals bedoeld in artikel 2, 13° van de wet van 12 januari 2005 betreffende het gevangeniswezen en de rechtspositie van de gedetineerden;
  3) Transitiehuis: het transitiehuis zoals bepaald in artikel 9/2, § 1, van de wet externe rechtspositie;
  4) De verantwoordelijke: de verantwoordelijke van het transitiehuis zoals bepaald in artikel 35 van dit besluit;
  5) De exploitant: de rechtspersoon die instaat voor de exploitatie van een transitiehuis;
  6) Algemene Verordening Gegevensbescherming: de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van de Richtlijn 95/46/EG.
Art. 2. Pour l'application du présent arrêté, il y a lieu d'entendre par :
  1) La loi relative au statut juridique externe : la loi du 17 mai 2006 relative au statut juridique externe des personnes condamnées à une peine privative de liberté et aux droits reconnus à la victime dans le cadre des modalités d'exécution de la peine ;
  2) Le directeur : la personne visée à l'article 2, 13°, de la loi du 12 janvier 2005 concernant l'administration pénitentiaire ainsi que le statut juridique des détenus ;
  3) La maison de transition : la maison de transition visée à l'article 9/2, § 1er, de la loi relative au statut juridique externe ;
  4) Le responsable : le responsable de la maison de transition visé à l'article 35 du présent arrêté ;
  5) L'exploitant : la personne morale responsable de l'exploitation d'une maison de transition ;
  6) Règlement Général sur la Protection des Données : le Règlement (UE) 2016/679 du Parlement européen et du Conseil du 27 avril 2016 relatif à la protection des personnes physiques à l'égard du traitement des données à caractère personnel et à la libre circulation de ces données, et abrogeant la directive 95/46/CE.
HOOFDSTUK 2. - Algemene normen
CHAPITRE 2. - Normes générales
Art. 3. Het transitiehuis beschikt over ten minste 12 en niet meer dan 17 plaatsen.
Art. 3. La maison de transition dispose de 12 places minimum et de 17 places maximum.
Art. 4. Indien één of meerdere transitiehuizen deel uitmaken van een ruimere infrastructuur met andere diensten, dient de inhoudelijke werking van de transitiehuizen afzonderlijk van de andere diensten te worden beheerd.
Art. 4. Si une ou plusieurs maisons de transition font partie d'une infrastructure plus vaste comprenant d'autres services, le fonctionnement interne des maisons de transition doit être géré séparément de ces autres services.
Art. 5. Bij de ruimtelijke inplanting van het transitiehuis wordt rekening gehouden met het lichamelijk en psychisch welzijn van de veroordeelden.
Art. 5. Lors de l'implantation dans l'espace de la maison de transition, il sera veillé à ce que toutes les conditions soient remplies en termes de bien-être corporel et psychique des condamnés.
Art. 6. Het transitiehuis wordt binnen de lokale leefgemeenschap ingeplant.
Art. 6. La maison de transition est implantée dans la communauté locale.
Art. 7. De exploitant van een transitiehuis dient rechtspersoonlijkheid te bezitten.
Art. 7. L'exploitant d'une maison de transition doit revêtir la personnalité juridique.
HOOFDSTUK 3. - Verwerking van persoonsgegevens
CHAPITRE 3. - Traitement des données à caractère personnel
Art. 8. § 1. De verwerking van persoonsgegevens in het kader van de exploitatie van een transitiehuis heeft als doeleinde de professionele opvolging en begeleiding van de veroordeelden die in het transitiehuis verblijven.
  § 2. De exploitant is de verantwoordelijke voor de verwerking in de zin van artikel 4, 7° van de Algemene Verordening Gegevensbescherming.
Art. 8. § 1. Le traitement des données à caractère personnel dans le cadre de l'exploitation des maisons de transition a comme but le suivi et l'accompagnement professionnels des condamnés qui séjournent dans la maison de transition.
  § 2. L'exploitant est le responsable du traitement au sens de l'article 4, 7° du Règlement Général sur la Protection des Données.
Art. 9. § 1. Met betrekking tot de veroordeelden die in een transitiehuis verblijven worden de volgende categorieën van persoonsgegevens verwerkt :
  1° de identificatiegegevens, namelijk:
  - familienaam, voorna(a)m(en), eventuele alias(sen);
  - geboortedatum, plaats en land van geboorte;
  - nationaliteit(en);
  - geslacht;
  - unieke identificatienummers, namelijk het identificatienummer van de sociale zekerheid (rijksregisternummer of bisnummer), het dossiernummer bij de Dienst Vreemdelingenzaken en het in toepassing van het koninklijk besluit van 11 maart 2019 betreffende de nadere regels voor de rechtstreekse bevraging van de Algemene Nationale Gegevensbank bedoeld in artikel 44/7 van de wet op het politieambt ten behoeve van de Federale Overheidsdienst Justitie met het oogmerk bij te dragen tot de unieke identificatie van gedetineerden bekomen unieke dactyloscopische referentienummer (AFIS-nummer);
  - burgerlijke staat;
  - gesproken taal, administratieve taal;
  - adres van inschrijving in het bevolkingsregister, het verblijfsadres;
  - familiale gegevens, met name de naam van vader, moeder, echtgenoot of wettelijk samenwonende partner en het aantal kinderen;
  2° De gegevens van het dossier waartoe de verantwoordelijke voor de verwerking toegang heeft overeenkomstig artikel 9/2, § 2, van de wet externe rechtspositie om de opdrachten die verbonden zijn aan de plaatsing te kunnen uitvoeren, namelijk:
  - de opsluitingsfiche, die een opsomming bevat van de detentietitels en de tijdsvoorwaarden voor de toekenning van strafuitvoeringsmodaliteiten;
  - de veroordelende vonnissen en arresten;
  - de verslagen van de psychosociale dienst van de gevangenis;
  - de overeenkomstig artikel 10, § 1bis, van de wet externe rechtspositie genomen beslissing tot plaatsing, vergezeld van het schriftelijk verzoek van de directeur.
  - het plaatsingsplan;
  - de schriftelijke instemming van de veroordeelde met het plaatsingsplan, met de voorwaarden verbonden aan de plaatsing en met het huishoudelijk reglement;
  3° de pertinente gegevens met betrekking tot de interne rechtspositie van de gedetineerde, waaronder de lijst van bezoekers.
  Indien de verantwoordelijke toegang wenst tot andere gegevens, dient hij een gemotiveerde aanvraag in bij de directeur-generaal van het directoraat-generaal Penitentiaire Inrichtingen van de Federale Overheidsdienst Justitie.
  § 2. Het is de verantwoordelijke niet toegestaan om gegevens uit het dossier van de veroordeelde of enige andere informatie waarvan hij ingevolge de exploitatie van het transitiehuis kennis zou krijgen, kenbaar te maken aan derden, behoudens indien hij hiertoe verplicht zou zijn ingevolge wettelijke of reglementaire bepalingen of ingevolge een rechterlijke beslissing.
  § 3. In toepassing van artikel 10, § 2 van de Wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens stelt de verantwoordelijke een lijst op van de categorieën van personen die toegang hebben tot de persoonsgegevens. Deze personen zijn gehouden het vertrouwelijke karakter van de persoonsgegevens in acht te nemen.
Art. 9. § 1. En ce qui concerne les condamnés qui séjournent dans une maison de transition, les catégories de données à caractère personnel suivantes sont traitées :
  1° les données d'identification, à savoir :
  - les nom de famille, prénom(s), éventuel(s) alias,
  - les date, lieu, et pays de naissance,
  - la (les) nationalité(s),
  - le sexe,
  - les numéros d'identifications uniques disponibles, à savoir le numéro d'identification de la sécurité sociale (numéro de registre nationale ou numéro bis), le numéro de dossier auprès de l'Office des étrangers et le numéro de référence dactyloscopique unique (numéro AFIS) obtenu en application de l'arrêté royal du 11 mars 2019 relatif aux modalités d'interrogation directe de la Banque de Données nationale générale visée à l'article 44/7 de la loi sur la fonction de police au profit du Service Public Fédéral justice dans le but de contribuer à l'identification unique des détenus,
  - l'état civil,
  - la langue parlée, la langue administrative,
  - l'adresse d'inscription dans le registre de la population, l'adresse de séjour,
  - les données familiales comme le nom du père, de la mère, de l'époux ou du cohabitant légal et le nombre d'enfants,
  2° Les données du dossier auxquelles le responsable a accès conformément à l'article 9/2, § 2, de la loi relative au statut juridique externe afin de pouvoir mener à bien les missions liées au placement, à savoir:
  - la fiche d'écrou, qui contient un relevé des titres de détention et des conditions de temps pour l'octroi des modalités d'exécution de la peine ;
  - les jugements et arrêts de condamnation ;
  - les rapports psychosociaux ;
  - la décision de placement prise conformément à l'article 10, § 1bis, de la loi relative au statut juridique externe, accompagnée de la demande écrite du directeur ;
  - le plan de placement ;
  - l'accord écrit du prévenu quant au plan de placement, aux conditions liées au placement et au règlement d'ordre intérieur ;
  3° les données pertinentes relatives au statut juridique interne du détenu, dont notamment la liste des visiteurs.
  Si le responsable souhaite avoir accès à d'autres documents, il en fait la demande motivée au directeur général des établissements pénitentiaires du Service Public Fédéral Justice.
  § 2. Il est interdit au responsable de divulguer à des tiers des données du dossier du condamné ou toute autre information dont il aurait connaissance à la suite de l'exploitation de la maison de transition, à moins qu'il n'y soit obligé en vertu de dispositions ou réglementaires légales ou à la suite d'une décision judiciaire.
  § 3. En application de l'article 10, § 2 de la loi du 30 juillet 2018 relative à la protection des personnes physiques à l'égard des traitement de données à caractère personnel, le responsable du traitement établit une liste des catégories de personnes ayant accès aux données personnelles. Ces personnes sont tenues de respecter le caractère confidentiel des données personnelles.
Art. 10. De persoonsgegevens die verwerkt werden in het kader van de exploitatie van een transitiehuis worden gewist wanneer de veroordeelde op defintieve wijze het transitiehuis verlaat.
Art. 10. Les données à caractère personnel traitées dans le cadre de l'exploitation d'une maison de transition sont effacées lorsque le condamné quitte définitivement la maison de transition.
Art. 11. § 1. In afwijking van de rechten voorzien in artikel 13, § 1, d), e) en f), § 2, b), c), e) en f) en § 3, artikel 14, artikel 15, § 1, b), c), e), g) en h), § 2, de artikelen 16 tot en met 22 en artikel 34 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming, om de doelstelling voorzien in artikel 23.1.d) van de Algemene Verordening Gegevensbescherming te waarborgen, kunnen de voormelde rechten ten opzichte van de betrokkenen vermeld in artikel 9, § 1 van dit besluit geheel of gedeeltelijk worden beperkt.
  De in het eerste lid bedoelde verwerkingen zijn deze die noodzakelijk zijn ter uitvoering van de wettelijke opdrachten bedoeld in artikel 8, § 1.
  § 2. De in paragraaf 1, eerste lid vermelde afwijkingen worden niet in de tijd beperkt tenzij:
  - het beperken van de uitoefening van de rechten van de betrokkenen niet langer noodzakelijk is voor de uitoefening van de wettelijke opdrachten bedoeld in artikel 8, § 1;
  - een uitdrukkelijke wettelijke bepaling hiertoe verplicht in het kader van een geschillen- of administratieve procedure; of
  - de Federale Overheidsdienst Justitie dit uitdrukkelijk toestaat voor wat betreft de gegevens waartoe de verantwoordelijke toegang heeft en waarvoor de Federale Overheidsdienst Justitie de verantwoordelijke voor de verwerking is in de zin van artikel 4, 7° van de Algemene Verordening Gegevensbescherming.
  § 3. Bij ontvangst van een verzoek tot uitoefening van de rechten bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, bevestigt de verantwoordelijke de ontvangst hiervan en informeert de verzoeker over de afwijkingen tenzij dit afbreuk kan doen aan het doel van de afwijkingen.
  De verantwoordelijke informeert de verzoeker in ieder geval over de mogelijkheden om klacht in te dienen bij de bevoegde toezichthoudende autoriteit of om een beroep in rechte in te stellen.
Art. 11. § 1. Par dérogation aux droits prévus à l'article 13, § 1er, d), e) et f), § 2, b), c), e) et f) et § 3, l'article 14, l'article 15, § 1er, b), c), e), g) et h), § 2, les articles 16 à 22 et l'article 34 du Règlement Général sur la Protection des Données, en vue de garantir la finalité prévue dans l'article 23.1.d) du Règlement Général sur la Protection des Données, les droits précités peuvent être limités entièrement ou partiellement à l'égard des personnes concernées mentionnées à l'article 9, § 1er de cet arrêté.
  Les traitements visés à l'alinéa 1er sont ceux qui sont nécessaires pour mener les missions légales visées à l'article 8, § 1er.
  § 2. Les dérogations mentionnées au paragraphe 1er, alinéa 1er ne sont pas limitées dans le temps, sauf si:
  - la limitation de l'exercice des droits des personnes concernées n'est plus nécessaire pour l'exercice des missions légales visées à l'article 8, § 1er;
  - une disposition légale l'impose dans le cadre d'une procédure de litige ou administrative; ou
  - le Service Public Fédéral Justice le permet explicitement pour ce qui concerne les données auxquelles le responsable a accès et pour lesquelles le Service Public Fédéral Justice est le responsable du traitement au sens de l'article 4, 7° du Règlement Général sur la Protection des Données.
  § 3. Lors de la réception d'une requête visant à exercer les droits visés au paragraphe 1er, alinéa 1er, le responsable en confirme la réception et informe le requérant des dérogations, sauf si cela peut porter préjudice à l'objectif des dérogations.
  Dans tous les cas, le responsable informe le requérant des possibilités d'introduire une réclamation à l'autorité de contrôle compétente ou d'introduire un recours en justice.
HOOFDSTUK 4. - Bijzondere normen
CHAPITRE 4. - Normes particulières
Afdeling 1. - Architectonische normen
Section 1re. - Normes architecturales
Onderafdeling 1. - Normen inzake de persoonlijke verblijfsruimten en de gemeenschappelijke ruimten
Sous-section 1re. - Normes concernant les espaces de séjour personnels et les espaces communs
Art. 12. In elk transitiehuis moeten minimaal de volgende gemeenschappelijke ruimten voorzien zijn:
  - een zitkamer, die zo gezellig en huiselijk mogelijk wordt ingericht;
  - een ruimte voor gemeenschappelijke activiteiten; alsook
  - ruimten voor individuele hulp en begeleiding in het kader van de hulp- en dienstverlening aan de veroordeelden.
Art. 12. Dans chaque maison de transition, il y a lieu de prévoir les espaces communs suivants :
  - une salle de séjour, aménagée de la manière la plus agréable et familiale possible ;
  - un espace destiné aux activités communes ; ainsi que
  - des espaces destinés à l'assistance et à l'accompagnement individuels dans le cadre de l'aide et de l'assistance aux condamnés.
Art. 13. In het transitiehuis kunnen de veroordeelden gebruik maken van een, al dan niet gemeenschappelijke, afdoende uitgeruste keuken of kitchenette.
Art. 13. Dans la maison de transition, les condamnés peuvent faire usage d'une cuisine ou kitchenette, commune ou non, suffisamment équipée.
Art. 14. Het transitiehuis moet beschikken over een buitenruimte die in het kader van de organisatie van het dagprogramma kan benut worden.
Art. 14. La maison de transition doit disposer d'un espace extérieur pouvant être utilisé dans le cadre de l'organisation du programme journalier.
Art. 15. De circulatie tussen verschillende verdiepingen van het transitiehuis dient op veilige en doeltreffende wijze te kunnen verlopen.
Art. 15. La circulation entre les différents étages de la maison de transition doit être possible en sécurité et de façon efficace.
Art. 16. § 1. In het transitiehuis mag per kamer slechts één veroordeelde ondergebracht worden.
  Onder kamer dient te worden verstaan: de persoonlijke verblijfsruimte van de veroordeelde.
  § 2. Met een toegelaten afwijkingsmarge van 15% moeten de in paragraaf 1 vermelde kamers ten minste 10 m2 oppervlakte hebben, in voorkomend geval met inbegrip van de oppervlakte voor de sanitaire uitrusting.
Art. 16. § 1. Dans la maison de transition, seul un condamné peut être hébergé par chambre.
  Par chambre, il convient d'entendre : l'espace de séjour individuel du condamné.
  § 2. Avec une marge dérogatoire de 15 %, les chambres prévues au paragraphe 1 doivent avoir une superficie d'au moins 10m2, le cas échéant y compris le sanitaire.
Art. 17. De kamers dienen zodanig te worden ingericht dat de lichaams- en de omgevingshygiëne van de veroordeelde maximaal gegarandeerd wordt.
Art. 17. Les chambres doivent être aménagées de manière à garantir au maximum l'hygiène corporelle et environnementale du condamné.
Art. 18. Elke kamer dient over minimaal volgende uitrusting te beschikken:
  - Een tafel;
  - Een stoel;
  - Een bed;
  - Een afsluitbare kast;
  - een wastafel met stromend warm en koud water.
Art. 18. Chaque chambre doit au moins disposer de l'équipement suivant :
  - une table ;
  - une chaise ;
  - un lit ;
  - une armoire fermant à clé ;
  - un lavabo avec l'eau courante, chaude et froide.
Art. 19. De ruimtes voor gemeenschappelijke activiteiten hebben een vloer- en raamoppervlakte die aangepast is aan de activiteiten die er plaatsvinden.
Art. 19. Les espaces destinés aux activités communes ont une superficie au sol et une surface vitrée adaptées aux activités qui s'y déroulent.
Art. 20. § 1. De gemeenschappelijke ruimtes moeten uitgerust zijn in overeenstemming met de functies waarvoor ze dienen.
  De nodige voorzieningen voor audiovisuele apparatuur en ICT dienen aanwezig te zijn.
  § 2. In geval een gemeenschappelijke ruimte voor diverse functies wordt aangewend, mogen de specifieke eisen die aan die ruimtes gesteld worden niet onverenigbaar zijn.
Art. 20. § 1. Les espaces communs doivent disposer d'un équipement correspondant à leurs fonctions.
  Les installations nécessaires pour des appareils audio-visuels et ICT doivent être prévues.
  § 2. Si un espace commun est utilisé pour diverses fonctions, les exigences spécifiques posées pour ces espaces ne peuvent être incompatibles.
Art. 21. Sanitaire installaties moeten in voldoende mate voorzien zijn, onder meer ook in de onmiddellijke omgeving van eet- en zitkamers en van ruimten voor gemeenschappelijke activiteiten.
Art. 21. Les installations sanitaires doivent être prévues en suffisance, notamment dans l'environnement immédiat des salles à manger et salles de séjour et des espaces destinés aux activités communes.
Art. 22. De sanitaire installaties moeten bestaan uit ten minste :
  1° 1 bad of stortbad per 6 veroordeelden;
  2° 1 toilet per 6 veroordeelden.
Art. 22. Les installations sanitaires doivent comporter au moins :
  1° 1 baignoire ou 1 douche pour 6 condamnés ;
  2° 1 toilette pour 6 condamnés.
Art. 23. De deuren van de toiletten en de badkamers moeten naar buiten open gaan en uitgerust zijn met een slotensysteem dat door het personeel van buitenaf kan bediend worden.
Art. 23. Les portes des toilettes et des salles de bain doivent s'ouvrir vers l'extérieur et être équipées de verrous de sécurité pouvant être actionnés par le personnel depuis l'extérieur.
Art. 24. De vensters moeten een open zicht op de omgeving van het transitiehuis mogelijk maken
Art. 24. Les fenêtres doivent permettre d'avoir une vue dégagée sur l'environnement de la maison de transition.
Onderafdeling 2. - Normen inzake brandveiligheid
Sous-section 2. - Normes relatives à la sécurité incendie
Art. 25. § 1. Alle ruimten op het domein van het transitiehuis dienen in overeenstemming te zijn met de geldende wetgevende en reglementaire bepalingen inzake brandpreventie en brandbestrijding.
  § 2. Een verslag van de brandweer dat de conformiteit van de gebouwen en de uitrusting aan deze bepalingen bevestigt, dient aan de Federale Overheidsdienst Justitie te worden voorgelegd.
Art. 25. § 1er. Tous les espaces se trouvant sur le domaine de la maison de transition doivent être conformes aux dispositions législatives et réglementaires en vigueur en matière de prévention et de lutte contre l'incendie.
  § 2. Un rapport des pompiers confirmant la conformité des bâtiments et équipements à ces dispositions doit être présenté au Service Public Fédéral Justice.
Onderafdeling 3. - Normen inzake verlichting, verwarming en verluchting
Sous-section 3. - Normes en matière d'éclairage, de chauffage et d'aération
Art. 26. In de kamers en ruimten voor gemeenschappelijke activiteiten dienen de verlichting, verwarming en de verluchting, in functie van hun bestemming, in overeenstemming te zijn met de geldende wetgevende en reglementaire bepalingen.
Art. 26. Dans les chambres et espaces destinés aux activités communes, l'éclairage, le chauffage et l'aération doivent, suivant leur destination, être conformes aux dispositions législatives et réglementaires en vigueur.
Onderafdeling 4. - Normen inzake onderhoud
Sous-section 4. - Normes relatives à l'entretien
Art. 27. Het transitiehuis dient behoorlijk onderhouden te worden en ten allen tijde te beantwoorden aan de hedendaagse hygiënische en sanitaire vereisten.
  Bijzondere aandacht dient te worden besteed aan preventie en bestrijding van ongedierte en besmettelijke aandoeningen.
Art. 27. La maison de transition doit être entretenue correctement et doit à tout moment satisfaire aux exigences sanitaires et d'hygiène actuelles.
  Une attention particulière doit être accordée à la prévention et à la lutte contre les parasites et les maladies contagieuses.
Afdeling 2. - Functionele normen
Section 2. - Normes fonctionnelles
Art. 28. De exploitant van een transitiehuis dient een leefklimaat te garanderen, dat het leven in gemeenschap bevordert en moet de nodige middelen voorzien voor het verzekeren van een huishoudelijke sfeer.
Art. 28. L'exploitant d'une maison de transition doit garantir un climat de vie qui favorise la vie en communauté et doit prévoir des moyens nécessaires pour garantir une atmosphère domestique.
Art. 29. De toegang tot het transitiehuis moet voorzien zijn van een systeem waardoor de directe toegang door buitenstaanders onmogelijk wordt gemaakt.
Art. 29. L'accès à la maison de transition doit être muni d'un système empêchant l'accès direct aux personnes extérieures.
Art. 30. Indien het transitiehuis deel uitmaakt van een gebouw waarin nog andere maatschappelijke functies worden voorzien, dient de directe toegang van uit deze andere gebouwdelen eveneens, zonder tussenkomst van personeel van het transitiehuis, onmogelijk te worden gemaakt.
Art. 30. Si la maison de transition fait partie d'un bâtiment dans lequel d'autres fonctions sociales sont remplies, l'accès direct depuis ces autres parties du bâtiment doit également être rendu impossible, sans intervention du personnel de la maison de transition.
Art. 31. De ruimte waarin bezoekers kunnen ontvangen worden moeten hiertoe van gepast meubilair voorzien te worden en kindvriendelijk worden ingericht.
Art. 31. L'espace dans lequel les visiteurs peuvent être reçus doit être doté du mobilier approprié à cet effet et être aménagé de manière accueillante pour les enfants.
Art. 32. De ruimtes voor gemeenschappelijke activiteiten moeten uitgerust zijn met het meubilair en de apparatuur overeenkomstig hun bestemming.
Art. 32. Les espaces destinés aux activités communes doivent être dotés du mobilier et des équipements correspondant à leur destination.
Art. 33. De geneesmiddelen moeten worden bewaard in een afsluitbare kast.
Art. 33. Les médicaments doivent être conservés dans une armoire fermant à clé.
Art. 34. Indien een ruimte voor medisch onderzoek en behandeling wordt ingericht, moet deze een medische raadpleging met respect voor de privacy mogelijk maken.
Art. 34. Si un espace est aménagé pour les examens et traitements médicaux, celui-ci doit permettre une consultation médicale dans le respect de la vie privée.
Afdeling 3. - Organisatorische normen
Section 3. - Normes relatives à l'organisation
Onderafdeling 1. - De leiding over het transitiehuis
Sous-section 1re. - La direction de la maison de transition
Art. 35. De dagelijkse leiding van het transitiehuis dient te worden waargenomen door de verantwoordelijke van het transitiehuis.
  De verantwoordelijke staat tevens in voor de contacten en het overleg met de directeur van de gevangenis die het detentiedossier van de veroordeelde beheert en voor de verslaggeving zoals voorzien in de wet externe rechtspositie en in hoofdstuk 5, afdeling 2, onderafdeling 2, van dit besluit.
Art. 35. La direction journalière de la maison de transition doit être assurée par le responsable de la maison de transition.
  Le responsable se charge également des contacts et de la concertation avec le directeur de la prison qui gère le dossier de détention du condamné ainsi que des rapports prévus dans la loi relative au statut juridique externe et au chapitre 5, section 2, sous-section 2 de cet arrêté.
Art. 36. Elk transitiehuis is, met het oog op het beheer van het detentiedossier, functioneel verbonden aan de gevangenis die in de beslissing tot plaatsing werd aangeduid als gevangenis die het detentiedossier van de veroordeelde beheert.
Art. 36. Pour la gestion du dossier de détention, chaque maison de transition est rattachée sur le plan fonctionnel à la prison désignée dans la décision de placement comme la prison qui gère le dossier de détention du condamné.
Onderafdeling 2. - Het huishoudelijk reglement
Sous-section 2. - Le règlement d'ordre intérieur
Art. 37. § 1. Het transitiehuis moet beschikken over een huishoudelijk reglement dat voor goedkeuring aan de Minister van Justitie moet worden voorgelegd.
  § 2. Het huishoudelijk reglement dient minstens volgende thema's nader te regelen:
  1) Principes rond onthaal en dagindeling;
  2) De materiële levensvoorwaarden in het transitiehuis;
  3) de gedragsregels die de veroordeelden die in het transitiehuis dienen na te leven;
  4) de wijze waarop de veroordeelden in contact kunnen komen met hun advocaat;
  5) de bezoekregeling en andere contacten met de buitenwereld;
  6) het gebruik van telefoon en computer;
  7) de wijze waarop klachten van de geplaatste veroordeelden worden ingediend en behandeld;
  8) de wijze waarop externe diensten in het kader van de hulp- en dienstverlening aan veroordeelden toegang hebben tot het transitiehuis;
  9) de wijze waarop de veroordeelde zijn godsdienst of levensbeschouwing kan belijden;
  10) de activiteiten die in het transitiehuis worden georganiseerd;
  11) de wijze waarop de veroordeelde in contact kan komen met een arts;
  12) de wijze waarop de toegang door de veroordeelde tot diens dossier wordt geregeld.
  § 3. Elke wijziging aan het huishoudelijk reglement dient voorafgaandelijk aan de Minister van Justitie ter goedkeuring te worden voorgelegd.
Art. 37. § 1er. La maison de transition doit disposer d'un règlement d'ordre intérieur qui doit être soumis pour approbation au Ministre de la Justice.
  § 2. Le règlement d'ordre intérieur doit au moins régler les thèmes suivants :
  1) les principes relatifs à l'accueil et à l'organisation de la journée ;
  2) les conditions de vie matérielles dans la maison de transition ;
  3) les règles de conduite que sont tenus de respecter les condamnés dans la maison de transition ;
  4) la manière dont les condamnés peuvent entrer en contact avec leur avocat ;
  5) le régime des visites et autres contacts avec le monde extérieur ;
  6) l'usage du téléphone et d'ordinateur ;
  7) les modalités d'introduction et de traitement des plaintes des condamnés placés ;
  8) les modalités d'accès des services externes à la maison de transition dans le cadre de l'aide et de l'assistance aux condamnés ;
  9) la manière pour le condamné de pratiquer sa religion ou sa philosophie ;
  10) les activités organisées dans la maison de transition ;
  11) la manière pour le condamné d'entrer en contact avec un médecin ;
  12) les modalités régissant l'accès du condamné à son dossier.
  § 3. Toute modification apportée au règlement d'ordre intérieur doit être soumise préalablement à l'approbation du Ministre de la Justice.
Afdeling 4. - Personele normen
Section 4. - Normes relatives au personnel
Art. 38. § 1. De exploitant van een transitiehuis moet voor de plaatsing en de begeleiding van de veroordeelden beschikken over voldoende personeel om de bij dit besluit bepaalde kernopdrachten te kunnen vervullen.
  § 2. Volgende opdrachten dienen minstens gewaarborgd te worden:
  1° de leiding van het transitiehuis;
  2° het administratief en financieel beheer;
  3° de huisvesting;
  4° de begeleiding van de veroordeelden.
  § 3. Er kan geen beroep gedaan worden op onderaannemers voor de organisatie van activiteiten en begeleiding van veroordeelden
  § 4. Voor de opdrachten inzake de begeleiding van de veroordeelden dient, in samenwerking met de diensten van de Gemeenschappen, de exhaustieve invulling en de continuïteit van de hulp- en dienstverlening gewaarborgd te worden.
Art. 38. § 1er. Concernant le placement et l'accompagnement des condamnés, l'exploitant d'une maison de transition doit pouvoir disposer du personnel suffisant pour pouvoir remplir les missions-clés prévues par le présent arrêté royal.
  § 2. Les missions suivantes doivent au moins être assurées :
  1° la direction de la maison de transition ;
  2° la gestion administrative et financière ;
  3° le logement ;
  4° l'accompagnement des condamnés.
  § 3. Il ne peut pas être fait appel à des sous-traitants pour l'organisation des activités et l'accompagnement des condamnés.
  § 4. Concernant les missions relatives à l'accompagnement des détenus, leur accomplissement exhaustif et la continuité de l'aide et de l'assistance doivent être garantis, en collaboration avec les services des Communautés.
HOOFDSTUK 5. - Voorwaarden voor de exploitatie van een transitiehuis
CHAPITRE 5. - Conditions d'exploitation d'une maison de transition
Afdeling 1. - Kernopdrachten van de exploitant
Section 1re. - Missions-clés de l'exploitant
Art. 39. De exploitant van het transitiehuis dient gedurende de ganse duur van de erkenning te voldoen aan alle normen zoals bepaald in de hoofdstukken 2 en 4 van dit besluit.
Art. 39. Durant toute la durée de l'agrément, l'exploitant de la maison de transition doit satisfaire à toutes les normes prévues aux chapitres 2 et 4 du présent arrêté.
Art. 40. § 1. De continuïteit van de exploitatie dient te allen tijde gegarandeerd te worden (24 uur op 24 en 7 dagen op 7).
  § 2. Het is de exploitant verboden om:
  1) de exploitatie van het transitiehuis op enig ogenblik geheel of gedeeltelijk stop te zetten zonder toestemming van de Federale Overheidsdienst Justitie, of de goede werking ervan te belemmeren;
  2) het transitiehuis aan te wenden voor andere doeleinden dan deze bepaald in de wet externe rechtspositie;
  3) in het transitiehuis activiteiten uit te voeren die onverenigbaar zijn met de bestemming van het transitiehuis of die de goede werking ervan kunnen belemmeren.
Art. 40. § 1er. La continuité de l'exploitation doit être garantie à tout moment (24 heures sur 24 et 7 jours sur 7).
  § 2. Il est interdit à l'exploitant :
  1) d'arrêter à un moment quelconque, de manière totale ou partielle, l'exploitation de la maison de transition sans l'assentiment du Service Public Fédéral Justice ou d'en entraver le bon fonctionnement ;
  2) d'affecter la maison de transition à d'autres fins que celles visées par la loi relative au statut juridique externe ;
  3) d'exercer dans la maison de transition des activités incompatibles avec la destination de la maison de transition ou susceptibles d'en entraver le bon fonctionnement.
Art. 41. De exploitant is ertoe gehouden loyaal en te goeder trouw samen te werken met de Federale Overheidsdienst Justitie.
  In het kader daarvan dient de exploitant op het eerste verzoek alle gevraagde informatie in verband met de exploitatie van het transitiehuis aan de Federale Overheidsdienst Justitie over te maken.
Art. 41. L'exploitant est tenu de collaborer loyalement et de bonne foi avec le Service Public Fédéral Justice.
  Dans ce cadre, l'exploitant doit transmettre à la première demande toutes les informations demandées relatives à l'exploitation de la maison de transition au Service Public Fédéral Justice.
Art. 42. De exploitant dient op de dag van de plaatsing van de eerste veroordeelde in het transitiehuis te beschikken over:
  - een huishoudelijk reglement, dat overeenkomstig artikel 37, § 1, van dit besluit is goedgekeurd door de Minister van Justitie;
  - een veiligheidsplan, hetgeen onder andere maar niet uitsluitend richtlijnen bevat voor het beheer van brand en andere calamiteiten.
Art. 42. Le jour du placement du premier condamné dans la maison de transition, l'exploitant doit disposer :
  - d'un règlement d'ordre intérieur approuvé par le Ministre de la Justice conformément à l'article 37, § 1er de cet arrêté ;
  - d'un plan de sécurité comportant notamment, mais pas exclusivement, des directives pour la gestion des incendies et autres calamités.
Afdeling 2. - Verblijf van veroordeelden in het transitiehuis
Section 2. - Séjour de condamnés dans la maison de transition
Onderafdeling 1. - Opmaak van het plaatsingsplan
Sous-section 1re. - Etablissement du plan de placement
Art. 43. § 1. Het in artikel 9/1, 1e lid van de wet externe rechtspositie bedoelde plaatsingsplan wordt uitgewerkt door de verantwoordelijke en de directeur, in overleg en met medewerking van de veroordeelde.
  § 2. Het plaatsingsplan kan door de verantwoordelijke en door de directeur van de gevangenis die tijdens de duur van de plaatsing het detentiedossier van de veroordeelde beheert, in samenwerking met de veroordeelde, in de loop van de plaatsing worden aangevuld, nader geconcretiseerd en bijgestuurd, onder meer in functie van de evolutie van het re-integratietraject van de veroordeelde.
Art. 43. § 1er. Le plan de placement visé à l'article 9/1, alinéa 1er, de la loi relative au statut juridique externe est élaboré par le responsable et le directeur, en concertation avec le condamné et avec la collaboration de celui-ci.
  § 2. Le plan de placement peut être complété, concrétisé et adapté durant le placement par le responsable et le directeur de la prison qui gère le dossier de détention du condamné pendant la durée du placement, en collaboration avec le condamné, notamment en fonction de l'évolution du trajet de réinsertion du condamné.
Onderafdeling 2. - Verloop van de plaatsing
Sous-section 2. - Déroulement du placement
Art. 44. Onverminderd de verplichting van de verantwoordelijke om in de gevallen bepaald in artikel 12, § 2bis, van de wet externe rechtspositie verslag uit te brengen aan de directeur van de gevangenis die het detentiedossier van de veroordeelde beheert, dient de verantwoordelijke daarenboven gedurende de volledige duur van de plaatsing minstens eens per maand te rapporteren aan de directeur die het detentiedossier van de veroordeelde beheert omtrent het verloop van de plaatsing. Hij stelt eveneens een eindverslag op wanneer de veroordeelde definitief het transitiehuis verlaat.
  Deze verslaggeving heeft betrekking op :
  - de naleving van de bijzondere voorwaarden;
  - de deelname aan de in het plaatsingplan opgelegde activiteiten;
  - het verloop van het verblijf in het transitiehuis en in het bijzonder de moeilijkheden en incidenten die zich tijdens het verblijf van de veroordeelde voordoen;
  - de naleving van de bepalingen van het huishoudelijk reglement;
  - De periodes gedurende dewelke de veroordeelde het transitiehuis tijdelijk verlaten heeft.
Art. 44. Sans préjudice de l'obligation du responsable de transmettre un rapport au directeur chargé de la gestion et du dossier de détention du condamné dans les cas visés à l'article 12, § 2bis, de la loi relative au statut juridique externe, le responsable doit en outre faire rapport au moins une fois par mois au directeur qui gère le dossier de détention du condamné sur le déroulement du placement et ce, durant toute la durée du placement. Il rédige également un rapport de clôture lorsque le condamné quitte définitivement la maison de transition.
  Les rapports portent sur :
  - le respect des conditions particulières ;
  - la participation aux activités imposées dans le plan de placement ;
  - le déroulement du séjour dans la maison de transition et, en particulier, les difficultés et incidents durant le séjour du condamné ;
  - le respect des disposition du règlement d'ordre intérieur ;
  - les périodes pendant lesquelles le condamné a quitté temporairement la maison de transition.
Art. 45. Op geregelde tijdstippen heeft een overleg plaats tussen de verantwoordelijke, de directeur van de gevangenis die het detentiedossier van de veroordeelde beheert en de bevoegde diensten van de Gemeenschappen.
Art. 45. Une concertation entre le responsable, le directeur de la prison qui gère le dossier de détention du condamné et les services compétents des Communautés, se tient à intervalles réguliers.
Art. 46. Gedurende het verloop van de plaatsing, dienen voorzieningen te worden getroffen opdat veroordeelden in geval van medische urgentie overgebracht kunnen worden naar een ziekenhuis.
  De directeur van de gevangenis die tijdens de duur van de plaatsing het detentiedossier van de veroordeelde beheert, wordt hiervan onverwijld in kennis gesteld.
Art. 46. Pendant la durée du placement, des dispositions doivent être prises afin que les condamnés puissent être transférés vers un hôpital en cas d'urgence médicale.
  Le directeur de la prison qui gère le dossier de détention du condamné pendant la durée du placement en est informé sans délai.
Afdeling 3. - Inspecties en toezicht
Section 3. - Inspections et contrôle
Art. 47. § 1. De exploitant is ertoe gehouden te allen tijde in het transitiehuis inspecties toe te laten door vertegenwoordigers van de Federale Overheidsdienst Justitie, dewelke erop gericht zijn de conformiteit na te gaan met de aan de exploitant opgelegde voorwaarden en verplichtingen.
  Het kan hierbij gaan om aangekondigde zowel als onaangekondigde inspecties.
  § 2. Gedurende de inspecties dient de exploitant de vertegenwoordigers van de Federale Overheidsdienst Justitie toegang te verlenen tot alle locaties binnen het domein van het transitiehuis en hen te voorzien van alle informatie die noodzakelijk wordt geacht voor het uitvoeren van de inspectie.
  De exploitant mag deze inspecties bijwonen zonder deze op enige wijze te hinderen of te bemoeilijken.
  De vertegenwoordigers van de Federale Overheidsdienst Justitie kunnen in vertrouwen en buiten de aanwezigheid van de exploitant een onderhoud hebben met de veroordeelde.
Art. 47. § 1er. L'exploitant est tenu à tout moment de permettre aux représentants du Service Public Fédéral Justice de procéder aux inspections de la maison de transition destinées à vérifier la conformité aux conditions et obligations imposées à l'exploitant.
  Ces inspections peuvent être annoncées ou non.
  § 2. Durant les inspections, l'exploitant doit permettre aux représentants du Service Public Fédéral Justice d'accéder à tous les emplacements relevant du domaine de la maison de transition et leur fournir toutes les informations estimées nécessaires pour mener à bien leur inspection.
  L'exploitant peut assister à ces inspections sans les gêner ou entraver de quelque manière que ce soit.
  Les représentants du Service Public Fédéral Justice peuvent s'entretenir avec les condamnés en toute confidentialité, hors présence de l'exploitant.
Afdeling 4. -Overige verplichtingen van de exploitant
Section 4. - Autres obligations de l'exploitant
Art. 48. § 1. De exploitant is ertoe gehouden ervoor te zorgen dat de uitvoering van alle activiteiten in en rond het transitiehuis steeds plaatsvindt in overeenstemming met de van toepassing zijnde regelgeving en relevante vergunningen.
  § 2. De exploitant staat waar nodig in voor het aanvragen, verkrijgen en verlengen van alle vergunningen vereist voor de exploitatie van het transitiehuis.
  § 3. De exploitant sluit de nodige verzekeringen af met het oog op eventuele schade en aansprakelijkheid voortvloeiend uit de exploitatie van het transitiehuis.
  Hiertoe wordt minstens doch niet uitsluitend een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid afgesloten.
Art. 48. § 1er. L'exploitant est tenu de veiller à ce que les activités dans et autour de la maison de transition se déroulent toujours conformément à la réglementation en vigueur et aux autorisations pertinentes.
  § 2. Le cas échéant, l'exploitant se charge de la demande, l'obtention et la prolongation de toutes les autorisations requises pour l'exploitation de la maison de transition.
  § 3. L'exploitant souscrit les assurances nécessaires en vue des dommages éventuels et de la responsabilité découlant de l'exploitation de la maison de transition.
  A cet effet, il souscrira au moins, mais pas exclusivement, une assurance en responsabilité civile.
Art. 49. In het kader van de verwerking van de persoonsgegevens voorziet de exploitant in een strikt en adequaat gebruikers- en toegangsbeheer dat toelaat gebruikers te identificeren, te authentificeren en hun relevante kenmerken of hoedanigheden, mandaten en toegangsmachtigingen te controleren en beheren.
Art. 49. Dans le cadre du traitement des données à caractère personnel, l'exploitant prévoit une gestion stricte et adéquate des utilisateurs et des accès qui permet d'identifier les utilisateurs, de les authentifier et de contrôler et gérer leurs caractéristiques ou qualités pertinentes, mandats et autorisations d'accès.
Afdeling 5. - Evaluatie van de exploitant
Section 5. - Evaluation de l'exploitant
Art. 50. De exploitant dient gedurende de exploitatie te blijven voldoen aan alle voorwaarden en verwachtingen in verband met de exploitatie, inzonderheid aan de in afdeling 1 opgenomen kernopdrachten.
  Indien de exploitant in dit verband ernstige tekortkomingen vertoont, is de Federale Overheidsdienst Justitie er steeds toe gerechtigd de erkenning van het transitiehuis en haar exploitant op te heffen.
Art. 50. Durant l'exploitation, l'exploitant doit continuer à satisfaire à toutes les conditions et attentes en lien avec l'exploitation et en particulier aux missions-clés énoncées dans la section 1re.
  En présence de manquements graves à cet égard dans le chef de l'exploitant, le Service Public Fédéral Justice est toujours habilité à supprimer l'agrément de la maison de transition et de son exploitant.
HOOFDSTUK 6. - Inwerkingtreding
CHAPITRE 6. - Entrée en vigueur
Art. 51. Treden in werking op 1 september 2019:
  1° artikel 9/1, 9/2 en 9/3 van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten;
  2° dit besluit.
Art. 51. Entrent en vigueur le 1 septembre 2019 :
  1° les articles 9/1, 9/2 et 9/3 de la loi du 17 mai 2006 relative au statut juridique externe des personnes condamnées à une peine privative de liberté et aux droits reconnus à la victime dans le cadre des modalités d'exécution de la peine ;
  2° le présent arrêté.
Art. 52. De minister bevoegd voor Justitie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 52. Le ministre qui a la Justice dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.