Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
28 MEI 2018. - Decreet betreffende de AktiF- en AktiF PLUS-maatregel ter bevordering van de werkgelegenheid(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 10-07-2018 en tekstbijwerking tot 06-06-2025)
Titre
28 MAI 2018. - Décret relatif aux mesures AktiF et AktiF PLUS destinées à promouvoir l'emploi(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 10-07-2018 et mise à jour au 06-06-2025)
Informations sur le document
Info du document
Table des matières
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen
HOOFDSTUK 2. - Subsidiëringsvoorwaarden
Afdeling 1. - AktiF-gerechtigden
Onderafdeling 1. - Jonge werkzoekenden
Onderafdeling 2. - Oudere werkzoekenden
Onderafdeling 3. - Langdurig werkzoekenden
Onderafdeling 4. - Slachtoffers van herstructur...
Afdeling 2. - AktiF PLUS-gerechtigden
HOOFDSTUK 3. - Algemene subsidies
Afdeling 1. - Toepassingsgebied
Afdeling 2. - Duur, bedrag en uitbetaling van d...
Afdeling 3. - Aanvraagprocedure en klachtenproc...
HOOFDSTUK 4. - Bijzondere subsidies
Afdeling 1. - Projectgebonden betrekkingen
Onderafdeling 1. - Toepassingsgebied
Onderafdeling 2. - Duur, bedrag en uitbetaling
Onderafdeling 3. - Aanvraagprocedure
Afdeling 2. - Betrekkingen in het kader van een...
Onderafdeling 1. - Toepassingsgebied
Onderafdeling 2. - Duur, bedrag en uitbetaling
HOOFDSTUK 5. - Onverenigbaarheden
HOOFDSTUK 6. [1 - Weigering van de aanvraag, ...
HOOFDSTUK 7.
HOOFDSTUK 8. - Rapportering
HOOFDSTUK 8.1. [1 - Tijdelijke maatregelen om d...
HOOFDSTUK 9. - Slotbepalingen
Table des matières
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales
CHAPITRE 2. - Conditions de subventionnement
Section 1re. - Bénéficiaires des mesures AktiF
Sous-section 1re. - Jeunes demandeurs d'emploi
Sous-section 2. - Demandeurs d'emploi âgés
Sous-section 3. - Demandeurs d'emploi de longue...
Sous-section 4. - Victimes de restructurations
Section 2. - Bénéficiaires des mesures AktiF PLUS
CHAPITRE 3. - Subventions générales
Section 1re. - Champ d'application
Section 2. - Durée, montant et liquidation de l...
Section 3. - Procédure de demande et de recours
CHAPITRE 4. - Subventions spécifiques
Section 1re. - Postes liés à des projets
Sous-section 1re. - Champ d'application
Sous-section 2. - Durée, montant et liquidation...
Sous-section 3. - Procédure de demande
Section 2. - Emplois réglés par une convention
Sous-section 1re. - Champ d'application
Sous-section 2. - Durée, montant et liquidation...
CHAPITRE 5. - Incompatibilités
CHAPITRE 6. [1 - Rejet de la demande, mise en d...
CHAPITRE 7.
CHAPITRE 8. - Rapport
CHAPITRE 8.1. [1 - Mesures temporaires visant à...
CHAPITRE 9. - Dispositions finales
Tekst (100)
Texte (100)
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales
Artikel 1. Dit decreet bepaalt verscheidene maatregelen om de werkloosheid op het Duitse taalgebied tegen te gaan en in het bijzonder een kans op de arbeidsmarkt en op een volwaardige arbeidsovereenkomst te geven aan mensen die een arbeidsmarktrelevant of individueel nadeel hebben. Die maatregelen bestaan uit financiële stimulansen om opleiding en aanwerving te bevorderen en werkgelegenheid veilig te stellen.
Article 1er. Le présent décret fixe plusieurs mesures destinées à lutter contre le chômage en région de langue allemande et, plus particulièrement, à donner aux personnes qui font face à des désavantages liés au marché de l'emploi ou individuels, une chance d'accéder à l'emploi et d'obtenir un vrai contrat de travail. Ces mesures englobent des incitations financières destinées à promouvoir la formation et l'engagement ainsi qu'à assurer la sécurité de l'emploi.
Art. 2. De verwijzingen naar personen in dit decreet gelden voor alle geslachten.
Art. 2. Dans le présent décret, les qualifications s'appliquent à tous les sexes.
Art. 3. Voor de toepassing van dit decreet wordt verstaan onder :
1° [1 bevoegde dienst: de door de Regering bepaalde dienst;]1;
2° OCMW's : de openbare centra voor maatschappelijk welzijn die in het Duitse taalgebied gevestigd zijn;
3° niet-werkende werkzoekende : de natuurlijke persoon die :
a) bij de [1 de bevoegde dienst]1 als niet-werkende werkzoekende ingeschreven is;
b) zijn woonplaats in het Duitse taalgebied heeft;
c) niet leerplichtig is;
d) de wettelijke pensioenleeftijd niet bereikt heeft;
4° duur van de inschrijving bij [1 de bevoegde dienst]1: de periode die begint te lopen vanaf de inschrijving als niet-werkende werkzoekende en gedurende welke de niet-werkende werkzoekende noch is aangeworven met toepassing van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, noch arbeid verricht onder het gezag van een andere persoon, noch zich in een statutaire rechtspositieregeling bevindt, noch een hoofdactiviteit als zelfstandige uitoefent;
5° AktiF-gerechtigden : de niet-werkende werkzoekenden beschreven in hoofdstuk 2, afdeling 1, die voldoen aan de daarin vermelde respectieve voorwaarden;
6° AktiF PLUS-gerechtigden : de niet-werkende werkzoekenden beschreven in hoofdstuk 2, afdeling 2, die voldoen aan de daarin vermelde voorwaarden;
7° AktiF-subsidie : de subsidie die kan worden toegekend aan de werkgever voor elke AktiF-gerechtigde die hij in dienst neemt;
8° AktiF PLUS-subsidie : de subsidie die kan worden toegekend aan de werkgever voor elke AktiF PLUS-gerechtigde die hij in dienst neemt;
9° attest : het document van [1 de bevoegde dienst]1 waaruit blijkt dat de niet-werkende werkzoekende voldoet aan de subsidiëringsvoorwaarden voor AktiF-gerechtigden of AktiF PLUS-gerechtigden vermeld in hoofdstuk 2 en dit :
a) op het tijdstip van de afgifte van het attest, voor zover de niet-werkende werkzoekende nog niet in dienst werd genomen, of
b) de dag vóór zijn indiensttreding of de dag vóór het begin van een maatregel vermeld in de artikelen 9, 12 of 13.
De Regering kan bepalen :
1° wie gelijkgesteld moet worden met een niet-werkende werkzoekende in de zin van het eerste lid, 3°;
2° wat gelijkgesteld moet worden met de 'duur van de inschrijving bij de [1 de bevoegde dienst]1' vermeld in het eerste lid, 4°;
3° wat moet worden verstaan onder een hoofdactiviteit als zelfstandige;
4° welke geldigheidsduur het attest vermeld in het eerste lid, 9°, heeft.
1° [1 bevoegde dienst: de door de Regering bepaalde dienst;]1;
2° OCMW's : de openbare centra voor maatschappelijk welzijn die in het Duitse taalgebied gevestigd zijn;
3° niet-werkende werkzoekende : de natuurlijke persoon die :
a) bij de [1 de bevoegde dienst]1 als niet-werkende werkzoekende ingeschreven is;
b) zijn woonplaats in het Duitse taalgebied heeft;
c) niet leerplichtig is;
d) de wettelijke pensioenleeftijd niet bereikt heeft;
4° duur van de inschrijving bij [1 de bevoegde dienst]1: de periode die begint te lopen vanaf de inschrijving als niet-werkende werkzoekende en gedurende welke de niet-werkende werkzoekende noch is aangeworven met toepassing van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, noch arbeid verricht onder het gezag van een andere persoon, noch zich in een statutaire rechtspositieregeling bevindt, noch een hoofdactiviteit als zelfstandige uitoefent;
5° AktiF-gerechtigden : de niet-werkende werkzoekenden beschreven in hoofdstuk 2, afdeling 1, die voldoen aan de daarin vermelde respectieve voorwaarden;
6° AktiF PLUS-gerechtigden : de niet-werkende werkzoekenden beschreven in hoofdstuk 2, afdeling 2, die voldoen aan de daarin vermelde voorwaarden;
7° AktiF-subsidie : de subsidie die kan worden toegekend aan de werkgever voor elke AktiF-gerechtigde die hij in dienst neemt;
8° AktiF PLUS-subsidie : de subsidie die kan worden toegekend aan de werkgever voor elke AktiF PLUS-gerechtigde die hij in dienst neemt;
9° attest : het document van [1 de bevoegde dienst]1 waaruit blijkt dat de niet-werkende werkzoekende voldoet aan de subsidiëringsvoorwaarden voor AktiF-gerechtigden of AktiF PLUS-gerechtigden vermeld in hoofdstuk 2 en dit :
a) op het tijdstip van de afgifte van het attest, voor zover de niet-werkende werkzoekende nog niet in dienst werd genomen, of
b) de dag vóór zijn indiensttreding of de dag vóór het begin van een maatregel vermeld in de artikelen 9, 12 of 13.
De Regering kan bepalen :
1° wie gelijkgesteld moet worden met een niet-werkende werkzoekende in de zin van het eerste lid, 3°;
2° wat gelijkgesteld moet worden met de 'duur van de inschrijving bij de [1 de bevoegde dienst]1' vermeld in het eerste lid, 4°;
3° wat moet worden verstaan onder een hoofdactiviteit als zelfstandige;
4° welke geldigheidsduur het attest vermeld in het eerste lid, 9°, heeft.
Modifications
Art. 3. Pour l'application du présent décret, il faut entendre par :
1°[1 1° Service : le service désigné par le Gouvernement;]1;
2° CPAS : les centres publics d'action sociale ayant leur siège en région de langue allemande;
3° demandeur d'emploi inoccupé : la personne physique qui :
a) est inscrite comme demandeur d'emploi inoccupé [1 auprès du Service]1;
b) a son domicile en région de langue allemande;
c) n'est pas soumise à l'obligation scolaire;
d) n'a pas atteint l'âge légal de la retraite;
4° durée de l'inscription [1 auprès du Service]1 : la période prenant cours à l'inscription en tant que demandeur d'emploi inoccupé et au cours de laquelle celui-ci n'est pas soumis à l'application de la loi du 27 juin 1969 révisant l'arrêté-loi du 28 décembre 1944 concernant la sécurité sociale des travailleurs et ne fournit pas de prestations de travail sous l'autorité d'une autre personne, ne se trouve pas dans une relation statutaire et n'exerce aucune activité d'indépendant à titre principal;
5° bénéficiaires des mesures AktiF : les demandeurs d'emploi inoccupés décrits au chapitre 2, section 1re, qui remplissent les conditions correspondantes y mentionnées;
6° bénéficiaires des mesures AktiF PLUS : les demandeurs d'emploi inoccupés décrits au chapitre 2, section 2, qui remplissent les conditions correspondantes y mentionnées;
7° subvention AktiF : la subvention qui peut être octroyée à l'employeur pour chaque bénéficiaire des mesures AktiF qu'il occupe;
8° subvention AktiF PLUS : la subvention qui peut être octroyée à l'employeur pour chaque bénéficiaire des mesures AktiF PLUS qu'il occupe;
9° attestation : le document délivré par[1 le Service]1 qui atteste que le demandeur d'emploi inoccupé remplit les conditions de subventionnement pour les bénéficiaires des mesures AktiF ou AktiF PLUS mentionnées dans le chapitre 2, et ce :
a) au moment de l'établissement de l'attestation, si le demandeur d'emploi inoccupé n'a pas encore été engagé, ou
b) à la veille de son entrée en service ou du début d'une mesure mentionnée aux articles 9, 12 ou 13.
Le Gouvernement peut déterminer :
1° qui peut être assimilé à un demandeur d'emploi inoccupé au sens de l'alinéa 1er, 3°;
2° la période qui peut être assimilée à la durée de l'inscription [1 auprès du Service ]1 de l'emploi mentionnée à l'alinéa 1er, 4°;
3° ce qu'il faut entendre par " activité d'indépendant à titre principal ";
4° la durée de validité de l'attestation mentionnée à l'alinéa 1er, 9°.
1°[1 1° Service : le service désigné par le Gouvernement;]1;
2° CPAS : les centres publics d'action sociale ayant leur siège en région de langue allemande;
3° demandeur d'emploi inoccupé : la personne physique qui :
a) est inscrite comme demandeur d'emploi inoccupé [1 auprès du Service]1;
b) a son domicile en région de langue allemande;
c) n'est pas soumise à l'obligation scolaire;
d) n'a pas atteint l'âge légal de la retraite;
4° durée de l'inscription [1 auprès du Service]1 : la période prenant cours à l'inscription en tant que demandeur d'emploi inoccupé et au cours de laquelle celui-ci n'est pas soumis à l'application de la loi du 27 juin 1969 révisant l'arrêté-loi du 28 décembre 1944 concernant la sécurité sociale des travailleurs et ne fournit pas de prestations de travail sous l'autorité d'une autre personne, ne se trouve pas dans une relation statutaire et n'exerce aucune activité d'indépendant à titre principal;
5° bénéficiaires des mesures AktiF : les demandeurs d'emploi inoccupés décrits au chapitre 2, section 1re, qui remplissent les conditions correspondantes y mentionnées;
6° bénéficiaires des mesures AktiF PLUS : les demandeurs d'emploi inoccupés décrits au chapitre 2, section 2, qui remplissent les conditions correspondantes y mentionnées;
7° subvention AktiF : la subvention qui peut être octroyée à l'employeur pour chaque bénéficiaire des mesures AktiF qu'il occupe;
8° subvention AktiF PLUS : la subvention qui peut être octroyée à l'employeur pour chaque bénéficiaire des mesures AktiF PLUS qu'il occupe;
9° attestation : le document délivré par[1 le Service]1 qui atteste que le demandeur d'emploi inoccupé remplit les conditions de subventionnement pour les bénéficiaires des mesures AktiF ou AktiF PLUS mentionnées dans le chapitre 2, et ce :
a) au moment de l'établissement de l'attestation, si le demandeur d'emploi inoccupé n'a pas encore été engagé, ou
b) à la veille de son entrée en service ou du début d'une mesure mentionnée aux articles 9, 12 ou 13.
Le Gouvernement peut déterminer :
1° qui peut être assimilé à un demandeur d'emploi inoccupé au sens de l'alinéa 1er, 3°;
2° la période qui peut être assimilée à la durée de l'inscription [1 auprès du Service ]1 de l'emploi mentionnée à l'alinéa 1er, 4°;
3° ce qu'il faut entendre par " activité d'indépendant à titre principal ";
4° la durée de validité de l'attestation mentionnée à l'alinéa 1er, 9°.
Modifications
HOOFDSTUK 2. - Subsidiëringsvoorwaarden
CHAPITRE 2. - Conditions de subventionnement
Afdeling 1. - AktiF-gerechtigden
Section 1re. - Bénéficiaires des mesures AktiF
Onderafdeling 1. - Jonge werkzoekenden
Sous-section 1re. - Jeunes demandeurs d'emploi
Art. 4. Met behoud van de toepassing van het tweede lid kan de Regering een AktiF-subsidie toekennen voor de indienstneming van niet-werkende werkzoekenden die :
1° hoogstens 25 jaar oud zijn;
2° hoogstens houder zijn van :
a) een getuigschrift van het hoger secundair onderwijs en geen opleiding volgen die in de volgende drie maanden tot een hoger getuigschrift leidt, of;
b) een eindeleertijdsgetuigschrift van de leertijd vermeld in artikel 7 van het decreet van 16 december 1991 betreffende de opleiding en de voortgezette opleiding in de Middenstand en de KMO's en geen leertijd volgen die in de volgende drie maanden tot een hoger getuigschrift leidt, of
c) een gelijkwaardig getuigschrift als onder a) en b) van een andere deelentiteit of van een andere Staat;
3° een duur van inschrijving bij [1 de bevoegde dienst]1 hebben van minstens zes maanden.
De Regering kan een AktiF-subsidie toekennen voor de indienstneming van niet-werkende werkzoekenden die :
1° hoogstens 25 jaar oud zijn;
2° geen houder zijn van:
a) een getuigschrift van het hoger secundair onderwijs en geen opleiding volgen die in de volgende drie maanden tot zo een getuigschrift leidt, noch van
b) een eindeleertijdsgetuigschrift van de leertijd vermeld in artikel 7 van het decreet van 16 december 1991 betreffende de opleiding en de voortgezette opleiding in de Middenstand en de KMO's en geen leertijd volgen die in de volgende drie maanden tot zo een getuigschrift leidt, noch van
c) een gelijkwaardig getuigschrift als onder a) en b) van een andere deelentiteit of van een andere Staat.
De Regering kan aanvullende voorwaarden bepalen voor de toekenning van de subsidie vermeld in het eerste en het tweede lid.
1° hoogstens 25 jaar oud zijn;
2° hoogstens houder zijn van :
a) een getuigschrift van het hoger secundair onderwijs en geen opleiding volgen die in de volgende drie maanden tot een hoger getuigschrift leidt, of;
b) een eindeleertijdsgetuigschrift van de leertijd vermeld in artikel 7 van het decreet van 16 december 1991 betreffende de opleiding en de voortgezette opleiding in de Middenstand en de KMO's en geen leertijd volgen die in de volgende drie maanden tot een hoger getuigschrift leidt, of
c) een gelijkwaardig getuigschrift als onder a) en b) van een andere deelentiteit of van een andere Staat;
3° een duur van inschrijving bij [1 de bevoegde dienst]1 hebben van minstens zes maanden.
De Regering kan een AktiF-subsidie toekennen voor de indienstneming van niet-werkende werkzoekenden die :
1° hoogstens 25 jaar oud zijn;
2° geen houder zijn van:
a) een getuigschrift van het hoger secundair onderwijs en geen opleiding volgen die in de volgende drie maanden tot zo een getuigschrift leidt, noch van
b) een eindeleertijdsgetuigschrift van de leertijd vermeld in artikel 7 van het decreet van 16 december 1991 betreffende de opleiding en de voortgezette opleiding in de Middenstand en de KMO's en geen leertijd volgen die in de volgende drie maanden tot zo een getuigschrift leidt, noch van
c) een gelijkwaardig getuigschrift als onder a) en b) van een andere deelentiteit of van een andere Staat.
De Regering kan aanvullende voorwaarden bepalen voor de toekenning van de subsidie vermeld in het eerste en het tweede lid.
Modifications
Art. 4. Sans préjudice de l'alinéa 2, le Gouvernement peut octroyer une subvention AktiF pour l'occupation de demandeurs d'emploi inoccupés qui :
1° sont âgés de 25 ans au plus;
2° sont porteurs au plus :
a) d'un diplôme de l'enseignement secondaire supérieur et ne suivent aucune formation qui mène à l'obtention d'un diplôme plus élevé dans les trois mois suivants;
b) d'un certificat d'aptitudes professionnelles de l'apprentissage mentionné à l'article 7 du décret du 16 décembre 1991 relatif à la formation et la formation continue dans les classes moyennes et les PME et ne suivent aucun apprentissage qui mène à l'obtention d'un diplôme supérieur dans les trois mois suivants;
c) d'un diplôme équivalent à celui mentionné aux a) et b) délivré par une autre entité fédérée ou un autre Etat;
3° apportent la preuve d'une durée d'inscription d'au moins six mois [1 auprès du Service]1.
Le Gouvernement peut octroyer une subvention AktiF pour l'occupation de demandeurs d'emploi inoccupés qui :
1° sont âgés de 25 ans au plus;
2° ne sont porteurs;
a) ni d'un diplôme de l'enseignement secondaire supérieur et ne suivent aucune formation qui mène à une telle obtention dans les trois mois suivants;
b) ni d'un certificat d'aptitudes professionnelles de l'apprentissage mentionné à l'article 7 du décret du 16 décembre 1991 relatif à la formation et la formation continue dans les classes moyennes et les PME et ne suivent aucun apprentissage qui mène à une telle obtention dans les trois mois suivants;
c) ni d'un diplôme équivalent à celui mentionné au a) et b) délivré par une autre entité fédérée ou un autre Etat.
Le Gouvernement peut fixer des conditions supplémentaires pour l'octroi des subventions mentionnées aux alinéas 1er et 2.
1° sont âgés de 25 ans au plus;
2° sont porteurs au plus :
a) d'un diplôme de l'enseignement secondaire supérieur et ne suivent aucune formation qui mène à l'obtention d'un diplôme plus élevé dans les trois mois suivants;
b) d'un certificat d'aptitudes professionnelles de l'apprentissage mentionné à l'article 7 du décret du 16 décembre 1991 relatif à la formation et la formation continue dans les classes moyennes et les PME et ne suivent aucun apprentissage qui mène à l'obtention d'un diplôme supérieur dans les trois mois suivants;
c) d'un diplôme équivalent à celui mentionné aux a) et b) délivré par une autre entité fédérée ou un autre Etat;
3° apportent la preuve d'une durée d'inscription d'au moins six mois [1 auprès du Service]1.
Le Gouvernement peut octroyer une subvention AktiF pour l'occupation de demandeurs d'emploi inoccupés qui :
1° sont âgés de 25 ans au plus;
2° ne sont porteurs;
a) ni d'un diplôme de l'enseignement secondaire supérieur et ne suivent aucune formation qui mène à une telle obtention dans les trois mois suivants;
b) ni d'un certificat d'aptitudes professionnelles de l'apprentissage mentionné à l'article 7 du décret du 16 décembre 1991 relatif à la formation et la formation continue dans les classes moyennes et les PME et ne suivent aucun apprentissage qui mène à une telle obtention dans les trois mois suivants;
c) ni d'un diplôme équivalent à celui mentionné au a) et b) délivré par une autre entité fédérée ou un autre Etat.
Le Gouvernement peut fixer des conditions supplémentaires pour l'octroi des subventions mentionnées aux alinéas 1er et 2.
Modifications
Onderafdeling 2. - Oudere werkzoekenden
Sous-section 2. - Demandeurs d'emploi âgés
Art. 5. De Regering kan een AktiF-subsidie toekennen voor de indienstneming van niet-werkende werkzoekenden die :
1° minstens 50 jaar oud zijn;
2° de laatste betrekking onvrijwillig verloren hebben.
De Regering kan :
1° bepalen wat moet worden verstaan onder 'vrijwillig verloren betrekking' in de zin van dit artikel;
2° aanvullende voorwaarden bepalen voor de toekenning van de subsidie vermeld in het eerste lid.
1° minstens 50 jaar oud zijn;
2° de laatste betrekking onvrijwillig verloren hebben.
De Regering kan :
1° bepalen wat moet worden verstaan onder 'vrijwillig verloren betrekking' in de zin van dit artikel;
2° aanvullende voorwaarden bepalen voor de toekenning van de subsidie vermeld in het eerste lid.
Art. 5. Le Gouvernement peut octroyer une subvention AktiF pour l'occupation de demandeurs d'emploi inoccupés qui :
1° sont âgés de 50 ans au moins;
2° ont perdu leur dernier emploi involontairement.
Le Gouvernement peut :
1° déterminer ce qu'il faut entendre par " perdre son emploi involontairement " au sens du présent article;
2° fixer des conditions supplémentaires pour l'octroi des subventions mentionnées à l'alinéa 1er.
1° sont âgés de 50 ans au moins;
2° ont perdu leur dernier emploi involontairement.
Le Gouvernement peut :
1° déterminer ce qu'il faut entendre par " perdre son emploi involontairement " au sens du présent article;
2° fixer des conditions supplémentaires pour l'octroi des subventions mentionnées à l'alinéa 1er.
Onderafdeling 3. - Langdurig werkzoekenden
Sous-section 3. - Demandeurs d'emploi de longue durée
Art. 6. De Regering kan een AktiF-subsidie toekennen voor de indienstneming van niet-werkende werkzoekenden die een duur van inschrijving bij de [1 bevoegde dienst]1.
De Regering kan aanvullende voorwaarden bepalen voor de toekenning van de AktiF-subsidie vermeld in het eerste lid.
De Regering kan aanvullende voorwaarden bepalen voor de toekenning van de AktiF-subsidie vermeld in het eerste lid.
Modifications
Art. 6. Le Gouvernement peut octroyer une subvention AktiF pour l'occupation de demandeurs d'emploi inoccupés qui apportent la preuve d'une durée d'inscription d'au moins douze mois [1 auprès du Service]1.
Le Gouvernement peut fixer des conditions supplémentaires pour l'octroi de la subvention AktiF mentionnée à l'alinéa 1er.
Le Gouvernement peut fixer des conditions supplémentaires pour l'octroi de la subvention AktiF mentionnée à l'alinéa 1er.
Modifications
Onderafdeling 4. - Slachtoffers van herstructureringen
Sous-section 4. - Victimes de restructurations
Art. 7. De Regering kan een AktiF-subsidie toekennen voor niet-werkende werkzoekenden die met toepassing van artikel 31 van de wet van 23 december 2005 betreffende het generatiepact in het kader van een herstructurering ontslagen werden of voor niet-werkende werkzoekenden die in het kader van een faillissement, sluiting of vereffening van een onderneming ontslagen werden.
De Regering kan aanvullende voorwaarden bepalen voor de toekenning van de subsidie vermeld in het eerste lid.
De Regering kan aanvullende voorwaarden bepalen voor de toekenning van de subsidie vermeld in het eerste lid.
Art. 7. Le Gouvernement peut accorder une subvention AktiF aux demandeurs d'emploi inoccupés qui, en application de l'article 31 de la loi du 23 décembre 2005 relative au pacte de solidarité entre les générations, ont été licenciés dans le cadre d'une restructuration ou à ceux qui ont été licenciés dans le cadre de la faillite, de la fermeture ou de la dissolution d'une entreprise.
Le Gouvernement peut fixer des conditions supplémentaires pour l'octroi de la subvention mentionnée à l'alinéa 1er.
Le Gouvernement peut fixer des conditions supplémentaires pour l'octroi de la subvention mentionnée à l'alinéa 1er.
Afdeling 2. - AktiF PLUS-gerechtigden
Section 2. - Bénéficiaires des mesures AktiF PLUS
Art. 8. De Regering kan een AktiF PLUS-subsidie toekennen voor de indienstneming van niet-werkende werkzoekenden die minstens twee belemmeringen bij het vinden van werk hebben.
Als belemmeringen bij het vinden van werk in de zin van het eerste lid gelden :
1° een verminderde arbeidsgeschiktheid;
2° een duur van inschrijving bij de [1 bevoegde dienst]1 van minstens 24 maanden;
3° geen getuigschrift van het hoger secundair onderwijs hebben of geen eindeleertijdsgetuigschrift van de leertijd hebben vermeld in artikel 7 van het decreet van 16 december 1991 betreffende de opleiding en de voortgezette opleiding in de Middenstand en de KMO's of geen gelijkwaardig getuigschrift van een andere deelentiteit of van een andere Staat hebben;
4° geen niveau B1 overeenkomstig het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor Moderne Vreemde Talen bereiken, noch in Duits, noch in Frans.
De Regering :
1° bepaalt wat moet worden verstaan onder 'verminderde arbeidsgeschiktheid' in de zin van dit artikel;
2° bepaalt de nadere regels om die belemmeringen bij het vinden van werk te onderzoeken;
3° kan aanvullende voorwaarden bepalen voor de toekenning van de subsidie vermeld in het eerste lid.
Als belemmeringen bij het vinden van werk in de zin van het eerste lid gelden :
1° een verminderde arbeidsgeschiktheid;
2° een duur van inschrijving bij de [1 bevoegde dienst]1 van minstens 24 maanden;
3° geen getuigschrift van het hoger secundair onderwijs hebben of geen eindeleertijdsgetuigschrift van de leertijd hebben vermeld in artikel 7 van het decreet van 16 december 1991 betreffende de opleiding en de voortgezette opleiding in de Middenstand en de KMO's of geen gelijkwaardig getuigschrift van een andere deelentiteit of van een andere Staat hebben;
4° geen niveau B1 overeenkomstig het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor Moderne Vreemde Talen bereiken, noch in Duits, noch in Frans.
De Regering :
1° bepaalt wat moet worden verstaan onder 'verminderde arbeidsgeschiktheid' in de zin van dit artikel;
2° bepaalt de nadere regels om die belemmeringen bij het vinden van werk te onderzoeken;
3° kan aanvullende voorwaarden bepalen voor de toekenning van de subsidie vermeld in het eerste lid.
Modifications
Art. 8. Le Gouvernement peut octroyer une subvention AktiF PLUS pour l'occupation de demandeurs d'emploi inoccupés qui apportent la preuve de l'existence d'au moins deux obstacles rencontrés.
Sont considérés comme " obstacles rencontrés " au sens de l'alinéa 1er :
1° la preuve d'une réduction de la capacité de travail;
2° la preuve d'une durée d'inscription d'au moins vingt-quatre mois [1 auprès du Service]1;
3° l'absence d'un diplôme de l'enseignement secondaire supérieur ou, selon le cas, d'un certificat d'aptitudes professionnelles de l'apprentissage mentionné dans l'article 7 du décret du 16 décembre 1991 relatif à la formation et la formation continue dans les classes moyennes et les PME ou d'un diplôme équivalent délivré par une autre entité fédérée ou un autre Etat;
4° le fait de ne pas avoir atteint le niveau B1 conformément au Cadre européen commun de références pour les langues tant en allemand qu'en français.
Le Gouvernement :
1° détermine ce qu'il faut entendre par " réduction de la capacité de travail " au sens du présent article;
2° fixe les modalités de vérification desdits obstacles rencontrés;
3° peut arrêter des conditions supplémentaires pour l'octroi de la subvention mentionnée à l'alinéa 1er.
Sont considérés comme " obstacles rencontrés " au sens de l'alinéa 1er :
1° la preuve d'une réduction de la capacité de travail;
2° la preuve d'une durée d'inscription d'au moins vingt-quatre mois [1 auprès du Service]1;
3° l'absence d'un diplôme de l'enseignement secondaire supérieur ou, selon le cas, d'un certificat d'aptitudes professionnelles de l'apprentissage mentionné dans l'article 7 du décret du 16 décembre 1991 relatif à la formation et la formation continue dans les classes moyennes et les PME ou d'un diplôme équivalent délivré par une autre entité fédérée ou un autre Etat;
4° le fait de ne pas avoir atteint le niveau B1 conformément au Cadre européen commun de références pour les langues tant en allemand qu'en français.
Le Gouvernement :
1° détermine ce qu'il faut entendre par " réduction de la capacité de travail " au sens du présent article;
2° fixe les modalités de vérification desdits obstacles rencontrés;
3° peut arrêter des conditions supplémentaires pour l'octroi de la subvention mentionnée à l'alinéa 1er.
Modifications
Art. 9. In afwijking van artikel 8 kan de Regering een lijst van maatregelen voor socio-professionele integratie vastleggen. Nadat een AktiF PLUS-gerechtigde aan een van die maatregelen heeft deelgenomen, wordt een AktiF PLUS-subsidie toegekend aan een werkgever, zonder dat de AktiF PLUS-gerechtigde na zijn deelneming aan de voormelde maatregel opnieuw in het bezit is van het attest, op voorwaarde dat:
1° de AktiF PLUS-gerechtigde binnen dertig dagen na begin van de voormelde maatregel in het bezit van het attest is en
2° de werkgever de AktiF PLUS-gerechtigde binnen zes maanden na deelneming aan de voormelde maatregel in dienst neemt.
De Regering bepaalt de minimale duur van de deelneming aan de in het eerste lid vermelde maatregel.
1° de AktiF PLUS-gerechtigde binnen dertig dagen na begin van de voormelde maatregel in het bezit van het attest is en
2° de werkgever de AktiF PLUS-gerechtigde binnen zes maanden na deelneming aan de voormelde maatregel in dienst neemt.
De Regering bepaalt de minimale duur van de deelneming aan de in het eerste lid vermelde maatregel.
Art. 9. Par dérogation à l'article 8, le Gouvernement peut fixer une liste de mesures destinées à l'intégration socioprofessionnelle. Après la participation d'un bénéficiaire des mesures AktiF PLUS à une telle mesure, un employeur qui l'occupe sans que ledit bénéficiaire ait renouvelé l'attestation au terme de ladite mesure reçoit une subvention AktiF PLUS, à condition que :
1° le bénéficiaire des mesures AktiF PLUS soit en possession de l'attestation dans les trente jours suivant le début de la mesure susmentionnée et que
2° l'employeur engage le bénéficiaire des mesures AktiF PLUS dans un délai de six mois à compter de la participation à la mesure susmentionnée.
Le Gouvernement fixe la durée minimale de participation à la mesure mentionnée dans l'alinéa 1er.
1° le bénéficiaire des mesures AktiF PLUS soit en possession de l'attestation dans les trente jours suivant le début de la mesure susmentionnée et que
2° l'employeur engage le bénéficiaire des mesures AktiF PLUS dans un délai de six mois à compter de la participation à la mesure susmentionnée.
Le Gouvernement fixe la durée minimale de participation à la mesure mentionnée dans l'alinéa 1er.
HOOFDSTUK 3. - Algemene subsidies
CHAPITRE 3. - Subventions générales
Afdeling 1. - Toepassingsgebied
Section 1re. - Champ d'application
Art. 10. Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt onder 'werkgever' verstaan : elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die een AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde onder zijn verantwoordelijkheid en gezag tewerkstelt en bezoldigt en die in het kader van dit decreet en de uitvoeringsbesluiten ervan een subsidie krijgt.
De bepalingen van dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op werkgevers die :
1° werknemers tewerkstellen in het kader van arbeidsovereenkomsten voor uitzendarbeid overeenkomstig hoofdstuk II van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers;
2° niet onder het toepassingsgebied vallen van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders.
De bepalingen van dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op werkgevers die :
1° werknemers tewerkstellen in het kader van arbeidsovereenkomsten voor uitzendarbeid overeenkomstig hoofdstuk II van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers;
2° niet onder het toepassingsgebied vallen van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders.
Art. 10. Pour l'application du présent chapitre, il faut entendre par " employeur " toute personne physique ou morale qui occupe et rémunère, sous sa responsabilité et son autorité, un bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS et qui reçoit une subvention dans le cadre du présent décret et de ses arrêtés d'exécution.
Les dispositions du présent chapitre ne s'appliquent pas à l'employeur qui :
1° occupe des travailleurs dans le cadre de contrats de travail intérimaire conformément au chapitre II de la loi du 24 juillet 1987 sur le travail temporaire, le travail intérimaire et la mise de travailleurs à la disposition d'utilisateurs;
2° ne relève pas du champ d'application de la loi du 27 juin 1969 révisant l'arrêté-loi du 28 décembre 1944 concernant la sécurité sociale des travailleurs.
Les dispositions du présent chapitre ne s'appliquent pas à l'employeur qui :
1° occupe des travailleurs dans le cadre de contrats de travail intérimaire conformément au chapitre II de la loi du 24 juillet 1987 sur le travail temporaire, le travail intérimaire et la mise de travailleurs à la disposition d'utilisateurs;
2° ne relève pas du champ d'application de la loi du 27 juin 1969 révisant l'arrêté-loi du 28 décembre 1944 concernant la sécurité sociale des travailleurs.
Afdeling 2. - Duur, bedrag en uitbetaling van de subsidie
Section 2. - Durée, montant et liquidation de la subvention
Art. 11. § 1. Binnen de perken van de daarvoor beschikbare begrotingskredieten kan de Regering in het kader van dit hoofdstuk de volgende subsidies toekennen :
1° een AktiF-subsidie voor een niet-verlengbare periode van twee jaar;
2° een AktiF PLUS-subsidie voor een niet-verlengbare periode van drie jaar.
§ 2. De AktiF-subsidie vermeld in § 1, 1°, bedraagt [6 630 euros]6 per maand.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF-subsidie [6 377 euros ]6 per maand.
§ 3. De AktiF PLUS-subsidie vermeld in § 1, 2°, bedraagt [6 1 259 euros]6 per maand.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 756 euros]6 per maand.
Vanaf de 25e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 377 euros]6 per maand.
§ 4. De Regering kan nog andere nadere regels voor de subsidiëring vastleggen.
1° een AktiF-subsidie voor een niet-verlengbare periode van twee jaar;
2° een AktiF PLUS-subsidie voor een niet-verlengbare periode van drie jaar.
§ 2. De AktiF-subsidie vermeld in § 1, 1°, bedraagt [6 630 euros]6 per maand.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF-subsidie [6 377 euros ]6 per maand.
§ 3. De AktiF PLUS-subsidie vermeld in § 1, 2°, bedraagt [6 1 259 euros]6 per maand.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 756 euros]6 per maand.
Vanaf de 25e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 377 euros]6 per maand.
§ 4. De Regering kan nog andere nadere regels voor de subsidiëring vastleggen.
Modifications
Art. 11. § 1er. Dans la limite des crédits budgétaires disponibles à cette fin, le Gouvernement peut, dans le cadre du présent chapitre, octroyer les subventions suivantes :
1° une subvention AktiF pour une durée non renouvelable de deux ans;
2° une subvention AktiF PLUS pour une durée non renouvelable de trois ans.
§ 2. La subvention [AktiF] mentionnée au § 1er, 1°, s'élève à [6 630 euros]6 par mois. (Erratum du 16-11-20118, p. 88107)
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF s'élève à [6 377 euros]6 par mois.
§ 3. La subvention AktiF PLUS mentionnée au § 1er, 2°, s'élève à [6 1 259 euros]6 par mois.
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 756 euros]6 par mois.
A partir du 25e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 377 euros]6 par mois.
§ 4. Le Gouvernement peut fixer d'autres critères de subventionnement.
1° une subvention AktiF pour une durée non renouvelable de deux ans;
2° une subvention AktiF PLUS pour une durée non renouvelable de trois ans.
§ 2. La subvention [AktiF] mentionnée au § 1er, 1°, s'élève à [6 630 euros]6 par mois. (Erratum du 16-11-20118, p. 88107)
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF s'élève à [6 377 euros]6 par mois.
§ 3. La subvention AktiF PLUS mentionnée au § 1er, 2°, s'élève à [6 1 259 euros]6 par mois.
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 756 euros]6 par mois.
A partir du 25e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 377 euros]6 par mois.
§ 4. Le Gouvernement peut fixer d'autres critères de subventionnement.
Modifications
Art. 12. Indien een AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde binnen dertig dagen na begin van een reglementaire opleidingsmaatregel in het bezit is van het attest en in aansluiting op die opleidingsmaatregel bij dezelfde werkgever tewerkgesteld wordt, heeft hij niet opnieuw een attest nodig voor de toekenning van de subsidie vermeld in artikel 11.
Art. 12. Si un bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS est, dans les trente jours suivant le début d'une mesure de formation règlementaire, en possession de l'attestation et est occupé par le même employeur au terme de celle-ci, ladite attestation ne doit pas être renouvelée pour l'octroi de la subvention mentionnée à l'article 11.
Art. 13. § 1 - Indien een AktiF-gerechtigde in aansluiting op een door de Regering vastgelegde opleidingsmaatregel bij dezelfde werkgever tewerkgesteld wordt, bedraagt de AktiF-subsidie gedurende de hele, in artikel 11, 1°, vermelde periode [6 630 euros]6 per maand, voor zover de AktiF-gerechtigde binnen dertig dagen na begin van de opleidingsmaatregel in het bezit van het attest is.
§ 2 - Indien een AktiF PLUS-gerechtigde in aansluiting op de opleidingsmaatregel vermeld in § 1 bij dezelfde werkgever tewerkgesteld wordt, bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 1 259 euros]6 per maand, voor zover de AktiF PLUS-gerechtigde binnen dertig dagen na begin van de opleidingsmaatregel in het bezit van het attest is.
Vanaf de 25e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 756 euros]6 per maand.
In afwijking van het eerste lid kan de Regering de AktiF PLUS-subsidie vermeld in het eerste en het tweede lid toekennen, zonder dat de AktiF PLUS-gerechtigde bij het begin van de opleiding vermeld in het eerste lid in het bezit van het attest is, indien hij die opleidingsmaatregel in aansluiting op de maatregel vermeld in artikel 9 of uiterlijk binnen de zes daaropvolgende maanden aanvat.
§ 3 - Voor de toepassing van de §§ 1 en 2 kan de AktiF-subsidie of AktiF PLUS-subsidie slechts toegekend worden, indien de AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde de daar vermelde opleidingsmaatregel tot het einde doorlopen heeft.
§ 4 - Voor de toepassing van dit artikel kan de Regering bijzondere nadere regels vastleggen voor de personen die vóór inwerkingtreding van dit decreet een opleidingsmaatregel vermeld in § 1 hebben aangevat en op dat tijdstip aan de voorwaarden vermeld in hoofdstuk 2 voldeden.
§ 2 - Indien een AktiF PLUS-gerechtigde in aansluiting op de opleidingsmaatregel vermeld in § 1 bij dezelfde werkgever tewerkgesteld wordt, bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 1 259 euros]6 per maand, voor zover de AktiF PLUS-gerechtigde binnen dertig dagen na begin van de opleidingsmaatregel in het bezit van het attest is.
Vanaf de 25e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 756 euros]6 per maand.
In afwijking van het eerste lid kan de Regering de AktiF PLUS-subsidie vermeld in het eerste en het tweede lid toekennen, zonder dat de AktiF PLUS-gerechtigde bij het begin van de opleiding vermeld in het eerste lid in het bezit van het attest is, indien hij die opleidingsmaatregel in aansluiting op de maatregel vermeld in artikel 9 of uiterlijk binnen de zes daaropvolgende maanden aanvat.
§ 3 - Voor de toepassing van de §§ 1 en 2 kan de AktiF-subsidie of AktiF PLUS-subsidie slechts toegekend worden, indien de AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde de daar vermelde opleidingsmaatregel tot het einde doorlopen heeft.
§ 4 - Voor de toepassing van dit artikel kan de Regering bijzondere nadere regels vastleggen voor de personen die vóór inwerkingtreding van dit decreet een opleidingsmaatregel vermeld in § 1 hebben aangevat en op dat tijdstip aan de voorwaarden vermeld in hoofdstuk 2 voldeden.
Modifications
Art. 13. § 1er. Si un bénéficiaire des mesures AktiF est occupé auprès du même employeur au terme de la mesure de formation fixée par le Gouvernement, la subvention AktiF octroyée pendant toute la durée mentionnée à l'article 11, 1°, s'élève à [6 630 euros]6 par mois, pour autant que ledit bénéficiaire soit en possession de l'attestation dans les trente jours suivant le début de la mesure de formation.
§ 2. Si un bénéficiaire des mesures AktiF PLUS est occupé auprès du même employeur au terme de la mesure de formation mentionnée au § 1er, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 1 259 euros]6 par mois, pour autant que ledit bénéficiaire soit en possession de l'attestation dans les trente jours suivant le début de la mesure de formation.
A partir du 25e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 756 euros]6 par mois.
Par dérogation à l'alinéa 1er, le Gouvernement peut octroyer les subventions mentionnées aux alinéas 1er et 2 sans que le bénéficiaire des mesures AktiF PLUS ne soit en possession de l'attestation au début de la mesure de formation mentionnée à l'alinéa 1er, s'il la commence à la suite de celle mentionnée à l'article 9 ou au plus tard dans un délai de six mois après celle-ci.
§ 3. Pour l'application des § § 1er et 2, la subvention AktiF ou AktiF PLUS ne peut être octroyée que si le bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS achève la mesure de formation y mentionnée.
§ 4. Pour l'application du présent article, le Gouvernement peut fixer des modalités spécifiques pour les personnes qui, avant l'entrée en vigueur du présent décret, ont entamé une mesure de formation mentionnée au § 1er et remplissaient, à ces débuts, les conditions fixées dans le chapitre 2.
§ 2. Si un bénéficiaire des mesures AktiF PLUS est occupé auprès du même employeur au terme de la mesure de formation mentionnée au § 1er, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 1 259 euros]6 par mois, pour autant que ledit bénéficiaire soit en possession de l'attestation dans les trente jours suivant le début de la mesure de formation.
A partir du 25e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 756 euros]6 par mois.
Par dérogation à l'alinéa 1er, le Gouvernement peut octroyer les subventions mentionnées aux alinéas 1er et 2 sans que le bénéficiaire des mesures AktiF PLUS ne soit en possession de l'attestation au début de la mesure de formation mentionnée à l'alinéa 1er, s'il la commence à la suite de celle mentionnée à l'article 9 ou au plus tard dans un délai de six mois après celle-ci.
§ 3. Pour l'application des § § 1er et 2, la subvention AktiF ou AktiF PLUS ne peut être octroyée que si le bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS achève la mesure de formation y mentionnée.
§ 4. Pour l'application du présent article, le Gouvernement peut fixer des modalités spécifiques pour les personnes qui, avant l'entrée en vigueur du présent décret, ont entamé une mesure de formation mentionnée au § 1er et remplissaient, à ces débuts, les conditions fixées dans le chapitre 2.
Modifications
Art.13.1. [1 De Regering kan bijzondere gevallen bepalen waarin kan worden afgeweken van de termijn van dertig dagen, vermeld in de artikelen 12 en 13.]1
Art.13.1. [1 Le Gouvernement peut fixer des cas spéciaux dans lesquels il peut être dérogé au délai de trente jours mentionné aux articles 12 et 13.]1
Art. 14. § 1 - De Regering betaalt de subsidies vermeld in artikel 11 vanaf de maand van indiensttreding maandelijks in de vorm van een terugvorderbaar voorschot.
Voor de toepassing van dit hoofdstuk is de indiensttreding de dag waarop :
1° de AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde werkelijk in dienst genomen wordt;
2° een schriftelijke arbeidsovereenkomst gesloten wordt overeenkomstig de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten;
3° de aangifte van indiensttreding is ingediend overeenkomstig artikel 4 van het koninklijk besluit van 5 november 2002 tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling, met toepassing van artikel 38 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels.
§ 2 - De maandelijkse subsidies stemmen overeen met het resultaat bekomen door de desbetreffende subsidie te vermenigvuldigen met een breuk waarvan de noemer het aantal werkdagen van de maand naargelang de toe te passen arbeidstijdregeling is en de teller het aantal werkelijke of daarmee gelijkgestelde arbeidsdagen is waarvoor de werkgever een wedde heeft betaald.
Bij een deeltijdse betrekking worden de subsidies telkens evenredig verminderd op basis van de arbeidsduur in verhouding tot een voltijdse betrekking bij de werkgever.
Met het oog op de aanpassing aan de beschikbare begrotingskredieten kan de Regering de AktiF-subsidie en AktiF PLUS-subsidie met een coëfficiënt vermenigvuldigen.
§ 3 - De Regering kan nadere regels voor de uitbetaling en indexering van de subsidies bepalen.
Voor de toepassing van dit hoofdstuk is de indiensttreding de dag waarop :
1° de AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde werkelijk in dienst genomen wordt;
2° een schriftelijke arbeidsovereenkomst gesloten wordt overeenkomstig de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten;
3° de aangifte van indiensttreding is ingediend overeenkomstig artikel 4 van het koninklijk besluit van 5 november 2002 tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling, met toepassing van artikel 38 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels.
§ 2 - De maandelijkse subsidies stemmen overeen met het resultaat bekomen door de desbetreffende subsidie te vermenigvuldigen met een breuk waarvan de noemer het aantal werkdagen van de maand naargelang de toe te passen arbeidstijdregeling is en de teller het aantal werkelijke of daarmee gelijkgestelde arbeidsdagen is waarvoor de werkgever een wedde heeft betaald.
Bij een deeltijdse betrekking worden de subsidies telkens evenredig verminderd op basis van de arbeidsduur in verhouding tot een voltijdse betrekking bij de werkgever.
Met het oog op de aanpassing aan de beschikbare begrotingskredieten kan de Regering de AktiF-subsidie en AktiF PLUS-subsidie met een coëfficiënt vermenigvuldigen.
§ 3 - De Regering kan nadere regels voor de uitbetaling en indexering van de subsidies bepalen.
Art. 14. § 1er - A partir du mois de l'entrée en service, les subventions mentionnées à l'article 11 sont liquidées mensuellement par le Gouvernement sous forme d'avances récupérables.
Pour l'application du présent chapitre est considéré comme entrée en service le jour où :
1° le bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS est réellement engagé;
2° un contrat de travail écrit conformément à la loi du 3 juillet 1978 relative aux contrats de travail est conclu;
3° la déclaration correspondante est introduite conformément à l'article 4 de l'arrêté royal du 5 novembre 2002 instaurant une déclaration immédiate de l'emploi, en application de l'article 38 de la loi du 26 juillet 1996 portant modernisation de la sécurité sociale et assurant la viabilité des régimes légaux des pensions.
§ 2 - Les subventions mensuelles correspondent au résultat obtenu en multipliant la subvention correspondante par une fraction dont le dénominateur est le nombre de jours ouvrables du mois en fonction du régime de travail applicable et le numérateur, le nombre de jours de travail effectifs ou assimilés pour lesquels l'employeur a payé un traitement.
Dans le cas d'une occupation à temps partiel, les subventions sont à chaque fois réduites, sur la base de la durée des prestations, au prorata d'un emploi à temps plein auprès de l'employeur concerné.
Le Gouvernement peut multiplier les subventions AktiF et AktiF PLUS par un coefficient en vue de les adapter aux crédits budgétaires disponibles.
§ 3 - Le Gouvernement peut déterminer d'autres modalités de liquidation et d'indexation.
Pour l'application du présent chapitre est considéré comme entrée en service le jour où :
1° le bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS est réellement engagé;
2° un contrat de travail écrit conformément à la loi du 3 juillet 1978 relative aux contrats de travail est conclu;
3° la déclaration correspondante est introduite conformément à l'article 4 de l'arrêté royal du 5 novembre 2002 instaurant une déclaration immédiate de l'emploi, en application de l'article 38 de la loi du 26 juillet 1996 portant modernisation de la sécurité sociale et assurant la viabilité des régimes légaux des pensions.
§ 2 - Les subventions mensuelles correspondent au résultat obtenu en multipliant la subvention correspondante par une fraction dont le dénominateur est le nombre de jours ouvrables du mois en fonction du régime de travail applicable et le numérateur, le nombre de jours de travail effectifs ou assimilés pour lesquels l'employeur a payé un traitement.
Dans le cas d'une occupation à temps partiel, les subventions sont à chaque fois réduites, sur la base de la durée des prestations, au prorata d'un emploi à temps plein auprès de l'employeur concerné.
Le Gouvernement peut multiplier les subventions AktiF et AktiF PLUS par un coefficient en vue de les adapter aux crédits budgétaires disponibles.
§ 3 - Le Gouvernement peut déterminer d'autres modalités de liquidation et d'indexation.
Art. 15. Met behoud van de toepassing van hoofdstuk 6 eindigt de toekenning van de AktiF-subsidie of AktiF PLUS-subsidie indien :
1° de periode vermeld in artikel 11, § 1, verstreken is;
2° de arbeidsovereenkomst beëindigd wordt.
1° de periode vermeld in artikel 11, § 1, verstreken is;
2° de arbeidsovereenkomst beëindigd wordt.
Art. 15. Sans préjudice du chapitre 6, l'octroi des subventions AktiF ou AktiF PLUS prend fin si :
1° la durée mentionnée à l'article 11, § 1er, s'est écoulée;
2° le contrat de travail expire.
1° la durée mentionnée à l'article 11, § 1er, s'est écoulée;
2° le contrat de travail expire.
Art. 16. Er wordt geen subsidie toegekend aan werkgevers die een AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde in dienst nemen die in het jaar vóór de tewerkstelling bij dezelfde werkgever of bij een met hem verbonden instelling tewerkgesteld was, met uitzondering van werknemers die bij dezelfde werkgever of bij een met hem verbonden instelling [1 tewerkgesteld waren in het kader van een tewerkstellingsmaatregel of in het kader van een baan waarvan de vorm en de maximale duur vastgelegd worden door de Regering]1.
De Regering kan bepalen wat onder de tewerkstellingsmaatregelen vermeld in het eerste lid moet worden verstaan.
De Regering kan bepalen wat onder de tewerkstellingsmaatregelen vermeld in het eerste lid moet worden verstaan.
Modifications
Art. 16. Les employeurs qui engagent un bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS qui, l'année précédant l'occupation, était occupé auprès du même employeur ou auprès d'un établissement lié à ce dernier, à l'exception de travailleurs occupés auprès du même employeur ou auprès d'un établissement lié à ce dernier dans le cadre d'une mesure en faveur de l'emploi [1 ou d'une occupation dont la forme et la durée maximale sont fixées par le Gouvernement]1, ne sont pas subventionnés.
Le Gouvernement peut déterminer ce qu'il faut entendre par " mesures en faveur de l'emploi ".
Le Gouvernement peut déterminer ce qu'il faut entendre par " mesures en faveur de l'emploi ".
Modifications
Afdeling 3. - Aanvraagprocedure en klachtenprocedure
Section 3. - Procédure de demande et de recours
Art. 17. De werkgevers kunnen de toekenning van de subsidies bij de Regering aanvragen. De aanvraag omvat minstens inlichtingen over de werkgever en over de AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde, alsook het attest.
De Regering bepaalt :
1° de verdere elementen en inlichtingen die de aanvraag omvat;
2° de procedure voor de aanvraag en de besluitvorming.
De Regering bepaalt :
1° de verdere elementen en inlichtingen die de aanvraag omvat;
2° de procedure voor de aanvraag en de besluitvorming.
Art. 17. Les employeurs peuvent demander l'octroi de subventions auprès du Gouvernement. La demande comprend au moins les informations concernant l'employeur et le bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS ainsi que l'attestation.
Le Gouvernement détermine :
1° les autres éléments et informations contenus dans la demande;
2° la procédure d'introduction de la demande et de prise de décision.
Le Gouvernement détermine :
1° les autres éléments et informations contenus dans la demande;
2° la procédure d'introduction de la demande et de prise de décision.
Art. 18. Als zijn aanvraag geweigerd werd, kan de betrokken werkgever klacht indienen bij de Regering. Die klacht geschiedt aangetekend en binnen een maand na kennisgeving van de beslissing.
De Regering kan de nadere regels voor de klachtenprocedure bepalen.
De Regering kan de nadere regels voor de klachtenprocedure bepalen.
Art. 18. L'employeur dont la demande a été refusée peut introduire un recours auprès du Gouvernement. Ce recours doit être envoyé par recommandé dans un délai d'un mois à compter de la notification de la décision en question.
Le Gouvernement peut fixer d'autres modalités de procédure de recours.
Le Gouvernement peut fixer d'autres modalités de procédure de recours.
HOOFDSTUK 4. - Bijzondere subsidies
CHAPITRE 4. - Subventions spécifiques
Afdeling 1. - Projectgebonden betrekkingen
Section 1re. - Postes liés à des projets
Onderafdeling 1. - Toepassingsgebied
Sous-section 1re. - Champ d'application
Art. 19. Voor de toepassing van deze afdeling wordt onder 'werkgevers' verstaan: de volgende instellingen die een AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde onder hun verantwoordelijkheid en gezag tewerkstellen en bezoldigen:
1° de instellingen vermeld in artikel 2, 2°, van het decreet van 25 mei 2009 houdende het financieel reglement van de Duitstalige Gemeenschap;
2° de verenigingen zonder winstoogmerk vermeld in [1 het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen]1, alsook de stichtingen van openbaar nut die gevestigd zijn op het Duitse taalgebied, voor zover ze taken uitoefenen die tot de bevoegdheid van de Duitstalige Gemeenschap behoren of die daarmee verbonden zijn, met uitzondering van de ziekenhuizen.
1° de instellingen vermeld in artikel 2, 2°, van het decreet van 25 mei 2009 houdende het financieel reglement van de Duitstalige Gemeenschap;
2° de verenigingen zonder winstoogmerk vermeld in [1 het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen]1, alsook de stichtingen van openbaar nut die gevestigd zijn op het Duitse taalgebied, voor zover ze taken uitoefenen die tot de bevoegdheid van de Duitstalige Gemeenschap behoren of die daarmee verbonden zijn, met uitzondering van de ziekenhuizen.
Modifications
Art. 19. Pour l'application de la présente section, il faut entendre par " employeur " les institutions suivantes qui occupent et rémunèrent sous leur responsabilité et autorité un bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS :
1° les institutions mentionnées à l'article 2, 2°, du décret du 25 mai 2009 relatif au règlement budgétaire de la Communauté germanophone;
2° les associations sans but lucratif et fondations d'utilité publique mentionnées dans [1 le Code des sociétés et des associations]1, qui ont leur siège en région de langue allemande, pour autant qu'elles effectuent des missions relevant des compétences de la Communauté germanophone ou de domaines y liés, à l'exception des hôpitaux.
1° les institutions mentionnées à l'article 2, 2°, du décret du 25 mai 2009 relatif au règlement budgétaire de la Communauté germanophone;
2° les associations sans but lucratif et fondations d'utilité publique mentionnées dans [1 le Code des sociétés et des associations]1, qui ont leur siège en région de langue allemande, pour autant qu'elles effectuent des missions relevant des compétences de la Communauté germanophone ou de domaines y liés, à l'exception des hôpitaux.
Modifications
Onderafdeling 2. - Duur, bedrag en uitbetaling
Sous-section 2. - Durée, montant et liquidation de la subvention
Art. 20. Binnen de perken van de daarvoor beschikbare begrotingskredieten kan de Regering, overeenkomstig de door haar vastgelegde voorwaarden, een AktiF-subsidie of AktiF PLUS-subsidie toekennen voor een verlengbare periode van hoogstens vijf jaar, voor zover de werkgever de AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde tewerkstelt in het kader van een projectgebonden betrekking.
De Regering bepaalt wat onder 'projectgebonden betrekking' wordt verstaan.
De Regering bepaalt wat onder 'projectgebonden betrekking' wordt verstaan.
Art. 20. Dans la limite des crédits budgétaires disponibles à cette fin, le Gouvernement peut, conformément aux conditions fixées par lui, octroyer une subvention AktiF ou AktiF PLUS pour une durée renouvelable de maximum cinq ans, pour autant que l'employeur occupe un bénéficiaire desdites mesures AktiF ou AktiF PLUS dans le cadre d'un poste lié à un projet.
Le Gouvernement détermine ce qu'il faut entendre par " poste lié à un projet ".
Le Gouvernement détermine ce qu'il faut entendre par " poste lié à un projet ".
Art. 21. § 1. Bij een nieuwe aanwerving bedraagt de AktiF-subsidie vermeld in artikel 20 [6 1 259 euros]6 per maand.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF-subsidie [6 1 156 euros]6 per maand.
§ 2. Bij een nieuwe aanwerving bedraagt de AktiF PLUS-subsidie vermeld in artikel 20 [6 2 308 euros]6 per maand.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 2 203 euros]6 per maand.
§ 3. Indien een AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde bij het begin van een reglementaire opleidingsmaatregel in het bezit is van het attest en in aansluiting op die opleidingsmaatregel bij dezelfde werkgever tewerkgesteld wordt, heeft hij niet opnieuw een attest nodig voor de toekenning van de AktiF-subsidie of AktiF PLUS-subsidie.
§ 4. De Regering kan :
1° nog andere nadere regels voor de subsidiëring bepalen;
2° bepalen wat onder 'nieuwe aanwerving' wordt verstaan.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF-subsidie [6 1 156 euros]6 per maand.
§ 2. Bij een nieuwe aanwerving bedraagt de AktiF PLUS-subsidie vermeld in artikel 20 [6 2 308 euros]6 per maand.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 2 203 euros]6 per maand.
§ 3. Indien een AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde bij het begin van een reglementaire opleidingsmaatregel in het bezit is van het attest en in aansluiting op die opleidingsmaatregel bij dezelfde werkgever tewerkgesteld wordt, heeft hij niet opnieuw een attest nodig voor de toekenning van de AktiF-subsidie of AktiF PLUS-subsidie.
§ 4. De Regering kan :
1° nog andere nadere regels voor de subsidiëring bepalen;
2° bepalen wat onder 'nieuwe aanwerving' wordt verstaan.
Modifications
Art. 21. § 1er. Dans le cas d'un nouvel engagement, la subvention AktiF mentionnée à l'article 20 s'élève à [6 1 259 euros]6 par mois.
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF s'élève à [6 1 156 euros]6 par mois.
§ 2. Dans le cas d'un nouvel engagement, la subvention AktiF PLUS mentionnée à l'article 20 s'élève à [6 2 308 euros]6 par mois.
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 2 203 euros]6 par mois.
§ 3. Si un bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS est en possession de l'attestation au début d'une mesure de formation règlementaire et est occupé par le même employeur au terme de celle-ci, ladite attestation ne doit pas être renouvelée pour l'octroi de la subvention AktiF ou AktiF PLUS.
§ 4. Le Gouvernement peut :
1° fixer d'autres critères de subventionnement;
2° déterminer ce qu'il faut entendre par " nouvel engagement ".
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF s'élève à [6 1 156 euros]6 par mois.
§ 2. Dans le cas d'un nouvel engagement, la subvention AktiF PLUS mentionnée à l'article 20 s'élève à [6 2 308 euros]6 par mois.
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 2 203 euros]6 par mois.
§ 3. Si un bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS est en possession de l'attestation au début d'une mesure de formation règlementaire et est occupé par le même employeur au terme de celle-ci, ladite attestation ne doit pas être renouvelée pour l'octroi de la subvention AktiF ou AktiF PLUS.
§ 4. Le Gouvernement peut :
1° fixer d'autres critères de subventionnement;
2° déterminer ce qu'il faut entendre par " nouvel engagement ".
Modifications
Art. 22. De AktiF-subsidies en AktiF PLUS-subsidies vermeld in artikel 21 worden toegekend en uitbetaald overeenkomstig de nadere regels en de voorwaarden vermeld in de artikelen 14 en 16.
Art. 22. L'octroi et la liquidation des subventions AktiF et AktiF PLUS mentionnées à l'article 21 s'effectuent conformément aux modalités et aux conditions fixées dans les articles 14 et 16.
Onderafdeling 3. - Aanvraagprocedure
Sous-section 3. - Procédure de demande
Art. 23. De werkgevers kunnen de toekenning van de subsidies bij de Regering aanvragen. De aanvraag omvat minstens inlichtingen over de werkgever, het aantal aangevraagde betrekkingen en een projectbeschrijving.
De Regering bepaalt :
1° de verdere elementen en inlichtingen die de aanvraag omvat;
2° de procedure voor de aanvraag en de besluitvorming;
3° de klachtenprocedure.
De Regering bepaalt :
1° de verdere elementen en inlichtingen die de aanvraag omvat;
2° de procedure voor de aanvraag en de besluitvorming;
3° de klachtenprocedure.
Art. 23. Les employeurs peuvent demander l'octroi de subventions auprès du Gouvernement. La demande contient au moins des informations concernant l'employeur, le nombre de postes demandés ainsi qu'une description du projet.
Le Gouvernement détermine :
1° les autres éléments et informations contenus dans la demande;
2° la procédure d'introduction de la demande et de prise de décision;
3° la procédure de recours.
Le Gouvernement détermine :
1° les autres éléments et informations contenus dans la demande;
2° la procédure d'introduction de la demande et de prise de décision;
3° la procédure de recours.
Afdeling 2. - Betrekkingen in het kader van een overeenkomst
Section 2. - Emplois réglés par une convention
Onderafdeling 1. - Toepassingsgebied
Sous-section 1re. - Champ d'application
Art. 24. Voor de toepassing van deze afdeling wordt onder 'werkgevers' verstaan : de volgende overheidsinstanties die een AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde onder hun verantwoordelijkheid en gezag tewerkstellen en bezoldigen :
1° de gemeenten van het Duitse taalgebied;
2° de verenigingen van gemeenten, met uitzondering van de verenigingen van gemeenten die een economisch doel nastreven, en de containerparken die gevestigd zijn op het Duitse taalgebied;
3° de autonome gemeentebedrijven die actief zijn in de domeinen cultuur, sport, toerisme of vrije tijd, onderwijs, sociale zaken, wetenschap of zorg en die gevestigd zijn op het Duitse taalgebied;
4° de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, de verenigingen van openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de intercommunale centra voor maatschappelijk welzijn die gevestigd zijn op het Duitse taalgebied;
5° de meergemeentezones van de lokale politie vermeld in artikel 9 van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus.
De Regering kan het toepassingsgebied uitbreiden tot andere overheidsinstanties.
1° de gemeenten van het Duitse taalgebied;
2° de verenigingen van gemeenten, met uitzondering van de verenigingen van gemeenten die een economisch doel nastreven, en de containerparken die gevestigd zijn op het Duitse taalgebied;
3° de autonome gemeentebedrijven die actief zijn in de domeinen cultuur, sport, toerisme of vrije tijd, onderwijs, sociale zaken, wetenschap of zorg en die gevestigd zijn op het Duitse taalgebied;
4° de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, de verenigingen van openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de intercommunale centra voor maatschappelijk welzijn die gevestigd zijn op het Duitse taalgebied;
5° de meergemeentezones van de lokale politie vermeld in artikel 9 van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus.
De Regering kan het toepassingsgebied uitbreiden tot andere overheidsinstanties.
Art. 24. Pour l'application de la présente section, il faut entendre par " employeur " les autorités suivantes qui occupent et rémunèrent sous leur responsabilité et autorité un bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS :
1° les communes de la région de langue allemande;
2° les associations de communes, à l'exception de celles à finalité économique et les parcs à conteneurs dont le siège se trouve en région de langue allemande;
3° les régies communales autonomes dont le siège se trouve en région de langue allemande et qui sont actives dans les domaines de la culture, du sport, du tourisme ou des loisirs, dans l'enseignement ou les affaires sociales, ou dans les secteurs économique ou de la santé;
4° les CPAS, les associations de CPAS et les intercommunales de CPAS dont le siège se trouve en région de langue allemande;
5° les zones pluricommunales mentionnées dans l'article 9 de la loi du 7 décembre 1998 organisant un service de police intégré, structuré à deux niveaux.
Le Gouvernement peut étendre le champ d'application à d'autres autorités.
1° les communes de la région de langue allemande;
2° les associations de communes, à l'exception de celles à finalité économique et les parcs à conteneurs dont le siège se trouve en région de langue allemande;
3° les régies communales autonomes dont le siège se trouve en région de langue allemande et qui sont actives dans les domaines de la culture, du sport, du tourisme ou des loisirs, dans l'enseignement ou les affaires sociales, ou dans les secteurs économique ou de la santé;
4° les CPAS, les associations de CPAS et les intercommunales de CPAS dont le siège se trouve en région de langue allemande;
5° les zones pluricommunales mentionnées dans l'article 9 de la loi du 7 décembre 1998 organisant un service de police intégré, structuré à deux niveaux.
Le Gouvernement peut étendre le champ d'application à d'autres autorités.
Onderafdeling 2. - Duur, bedrag en uitbetaling
Sous-section 2. - Durée, montant et liquidation de la subvention
Art. 25. Binnen de perken van de daarvoor beschikbare begrotingskredieten kan de Regering, overeenkomstig de door haar vastgelegde voorwaarden, in het kader van een overeenkomst met de werkgever, een budget toekennen voor de tewerkstelling van AktiF-gerechtigden of AktiF PLUS-gerechtigden. Binnen de perken van dat budget kan de Regering AktiF-subsidies of AktiF PLUS-subsidies toekennen. De overeenkomst heeft telkens een looptijd van ten hoogste vijf jaar en kan worden verlengd.
De Regering bepaalt het budget dat ter beschikking staat van de werkgevers in het bijzonder op basis van de mate waarin die werkgevers werkelijk een beroep doen op programma's voor wedertewerkstelling in het kader van artikel 6, § 1, IX, 2°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen en/of op basis van het werkloosheidscijfer in de gemeenten voor een referentiemaand.
De Regering bepaalt het budget dat ter beschikking staat van de werkgevers in het bijzonder op basis van de mate waarin die werkgevers werkelijk een beroep doen op programma's voor wedertewerkstelling in het kader van artikel 6, § 1, IX, 2°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen en/of op basis van het werkloosheidscijfer in de gemeenten voor een referentiemaand.
Art. 25. Dans la limite des crédits budgétaires disponibles à cette fin, le Gouvernement peut, conformément aux conditions fixées par lui et dans le cadre d'un accord conclu avec l'employeur, accorder un budget destiné à l'occupation de bénéficiaires des mesures AktiF ou AktiF PLUS. Le Gouvernement peut octroyer des subventions AktiF ou AktiF PLUS dans les limites de ce budget. Cet accord est conclu pour une durée renouvelable de cinq ans maximum à chaque fois.
Le Gouvernement fixe le budget mis à disposition des employeurs en se basant notamment sur le recours effectif de ceux-ci à des programmes de remise au travail dans le cadre de l'article 6, § 1er, IX, 2°, de la loi spéciale du 8 août 1980 de réformes institutionnelles et/ou sur les chiffres du chômage dans les communes pour un mois de référence.
Le Gouvernement fixe le budget mis à disposition des employeurs en se basant notamment sur le recours effectif de ceux-ci à des programmes de remise au travail dans le cadre de l'article 6, § 1er, IX, 2°, de la loi spéciale du 8 août 1980 de réformes institutionnelles et/ou sur les chiffres du chômage dans les communes pour un mois de référence.
Art. 26. § 1. Bij een nieuwe aanwerving bedraagt de AktiF-subsidie vermeld in artikel 25, eerste lid, [6 1 259 euros]6 per maand.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF-subsidie [6 1 156 euros]6 per maand.
§ 2. Bij een nieuwe aanwerving bedraagt de AktiF PLUS-subsidie vermeld in artikel 25, eerste lid, [[6 2 308 euros]6 per maand.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 2 203 euros]6 per maand.
§ 3. Indien een AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde bij het begin van een reglementaire opleidingsmaatregel in het bezit is van het attest en in aansluiting op die opleidingsmaatregel bij dezelfde werkgever tewerkgesteld wordt, heeft hij niet opnieuw een attest nodig voor de toekenning van de AktiF-subsidie of AktiF PLUS-subsidie.
§ 4. De Regering kan :
1° nog andere nadere regels voor de subsidiëring bepalen;
2° bepalen wat onder 'nieuwe aanwerving' wordt verstaan.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF-subsidie [6 1 156 euros]6 per maand.
§ 2. Bij een nieuwe aanwerving bedraagt de AktiF PLUS-subsidie vermeld in artikel 25, eerste lid, [[6 2 308 euros]6 per maand.
Vanaf de 13e volledige maand die volgt op de maand van indiensttreding bedraagt de AktiF PLUS-subsidie [6 2 203 euros]6 per maand.
§ 3. Indien een AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde bij het begin van een reglementaire opleidingsmaatregel in het bezit is van het attest en in aansluiting op die opleidingsmaatregel bij dezelfde werkgever tewerkgesteld wordt, heeft hij niet opnieuw een attest nodig voor de toekenning van de AktiF-subsidie of AktiF PLUS-subsidie.
§ 4. De Regering kan :
1° nog andere nadere regels voor de subsidiëring bepalen;
2° bepalen wat onder 'nieuwe aanwerving' wordt verstaan.
Modifications
Art. 26. § 1er - Dans le cas d'un nouvel engagement, la subvention AktiF mentionnée à l'article 25, alinéa 1er, s'élève à [6 1 259 euros]6 par mois.
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF s'élève à [6 1 156 euros]6 par mois.
§ 2 - Dans le cas d'un nouvel engagement, la subvention AktiF PLUS mentionnée à l'article 25, alinéa 1er, s'élève à [6 2 308 euros]6 par mois.
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 2 203 euros]6 par mois.
§ 3 - Si un bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS est en possession de l'attestation au début d'une mesure de formation règlementaire et est occupé par le même employeur au terme de celle-ci, ladite attestation ne doit pas être renouvelée pour l'octroi de la subvention AktiF ou AktiF PLUS.
§ 4 - Le Gouvernement peut :
1° fixer d'autres critères de subventionnement;
2° déterminer ce qu'il faut entendre par " nouvel engagement ".
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF s'élève à [6 1 156 euros]6 par mois.
§ 2 - Dans le cas d'un nouvel engagement, la subvention AktiF PLUS mentionnée à l'article 25, alinéa 1er, s'élève à [6 2 308 euros]6 par mois.
A partir du 13e mois complet qui suit celui de l'entrée en service, la subvention AktiF PLUS s'élève à [6 2 203 euros]6 par mois.
§ 3 - Si un bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS est en possession de l'attestation au début d'une mesure de formation règlementaire et est occupé par le même employeur au terme de celle-ci, ladite attestation ne doit pas être renouvelée pour l'octroi de la subvention AktiF ou AktiF PLUS.
§ 4 - Le Gouvernement peut :
1° fixer d'autres critères de subventionnement;
2° déterminer ce qu'il faut entendre par " nouvel engagement ".
Modifications
Art. 27. De Regering betaalt het budget vermeld in artikel 25 maandelijks in twaalfden in de vorm van een terugvorderbaar voorschot.
De toekenning van de AktiF-subsidie of AktiF PLUS-subsidie geschiedt overeenkomstig de voorwaarden bepaald in artikel 16.
De toekenning van de AktiF-subsidie of AktiF PLUS-subsidie geschiedt overeenkomstig de voorwaarden bepaald in artikel 16.
Art. 27. Le budget mentionné à l'article 25 est liquidé mensuellement en douzièmes par le Gouvernement sous forme d'avances récupérables.
L'octroi des subventions AktiF et AktiF PLUS s'effectue conformément aux conditions fixées dans l'article 16.
L'octroi des subventions AktiF et AktiF PLUS s'effectue conformément aux conditions fixées dans l'article 16.
Art. 28. Het door de Regering vastgelegde budget staat ter beschikking van de in artikel 24, 1°, vermelde gemeenten voor volledige of gedeeltelijke overdracht aan andere werkgevers die een activiteit binnen of voor de betrokken gemeente uitoefenen. Deze overdracht wordt vastgesteld in de overeenkomst waarin artikel 25 voorziet.
Deze overdracht omvat alle rechten en plichten van de gemeente in het kader van dit decreet en de uitvoeringsbesluiten ervan.
Deze overdracht omvat alle rechten en plichten van de gemeente in het kader van dit decreet en de uitvoeringsbesluiten ervan.
Art. 28. Le budget fixé par le Gouvernement est mis à disposition des communes mentionnées à l'article 24, 1°, qui peuvent le céder, en tout ou partie, à d'autres employeurs qui exercent une activité sur le territoire de la commune concernée ou pour elle. Cette cession est consignée dans la convention prévue à l'article 25.
Cette cession englobe tous les droits et devoirs de la commune dans le cadre du présent décret et de ses arrêtés d'exécution.
Cette cession englobe tous les droits et devoirs de la commune dans le cadre du présent décret et de ses arrêtés d'exécution.
HOOFDSTUK 5. - Onverenigbaarheden
CHAPITRE 5. - Incompatibilités
Art. 29. AktiF-subsidies voor de tewerkstelling van een AktiF-gerechtigde kunnen niet met elkaar gecumuleerd worden in het kader van dezelfde arbeidsovereenkomst.
AktiF PLUS-subsidies voor de tewerkstelling van een AktiF PLUS-gerechtigde kunnen niet met elkaar gecumuleerd worden in het kader van dezelfde arbeidsovereenkomst.
In het kader van dezelfde arbeidsovereenkomst kunnen AktiF -subsidies voor de tewerkstelling van een AktiF -gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde niet gecumuleerd worden met AktiF PLUS-subsidies.
AktiF PLUS-subsidies voor de tewerkstelling van een AktiF PLUS-gerechtigde kunnen niet met elkaar gecumuleerd worden in het kader van dezelfde arbeidsovereenkomst.
In het kader van dezelfde arbeidsovereenkomst kunnen AktiF -subsidies voor de tewerkstelling van een AktiF -gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde niet gecumuleerd worden met AktiF PLUS-subsidies.
Art. 29. Dans le cadre du même contrat de travail, les subventions AktiF pour l'occupation d'un bénéficiaire des mesures AktiF ne peuvent pas être cumulées.
Dans le cadre du même contrat de travail, les subventions AktiF PLUS pour l'occupation d'un bénéficiaire des mesures AktiF PLUS ne peuvent pas être cumulées.
Dans le cadre du même contrat de travail, les subventions AktiF pour l'occupation d'un bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS ne peuvent pas être cumulées avec les subventions Aktif PLUS..
Dans le cadre du même contrat de travail, les subventions AktiF PLUS pour l'occupation d'un bénéficiaire des mesures AktiF PLUS ne peuvent pas être cumulées.
Dans le cadre du même contrat de travail, les subventions AktiF pour l'occupation d'un bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS ne peuvent pas être cumulées avec les subventions Aktif PLUS..
Art. 30. Indien de werkgever met toepassing van hoofdstuk 3 AktiF-subsidies of AktiF PLUS-subsidies ontvangt, kan niet overgestapt worden naar het toepassingsgebied van hoofdstuk 4 voor een en dezelfde AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde.
Indien de werkgever AktiF-subsidies of AktiF PLUS-subsidies ontvangt met toepassing van hoofdstuk 4, kan niet overgestapt worden naar het toepassingsgebied van hoofdstuk 3 voor een en dezelfde AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde.
Indien de werkgever AktiF-subsidies of AktiF PLUS-subsidies ontvangt met toepassing van hoofdstuk 4, kan niet overgestapt worden naar het toepassingsgebied van hoofdstuk 3 voor een en dezelfde AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde.
Art. 30. Si l'employeur reçoit des subventions AktiF ou AktiF PLUS en application du chapitre 3, aucun transfert vers le champ d'application du chapitre 4 n'est possible pour le même bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS.
Si l'employeur reçoit des subventions AktiF ou AktiF PLUS en application du chapitre 4, aucun transfert vers le champ d'application du chapitre 3 n'est possible pour le même bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS.
Si l'employeur reçoit des subventions AktiF ou AktiF PLUS en application du chapitre 4, aucun transfert vers le champ d'application du chapitre 3 n'est possible pour le même bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS.
Art. 31. De AktiF-subsidies en AktiF PLUS-subsidies vermeld in de hoofdstukken 3 en 4 kunnen niet gecumuleerd worden met toelagen die toegekend worden met toepassing van artikel 60, § 7, van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
Art. 31. Les subventions AktiF et AktiF PLUS ne peuvent être cumulées avec celles octroyées en application de l'article 60, § 7, de la loi du 8 juillet 1976 organique des centres publics d'action sociale.
Art. 32. De AktiF-subsidies en AktiF PLUS-subsidies vermeld in hoofdstuk 4 kunnen niet gecumuleerd worden met de dienstencheques vermeld in de wet van 20 juli 2001 tot bevordering van buurtdiensten en -banen.
Art. 32. Les subventions AktiF et AktiF PLUS mentionnées dans le chapitre 4 ne peuvent être cumulées avec les titres-services mentionnés dans la loi du 20 juillet 2001 visant à favoriser le développement de services et d'emplois de proximité.
Art.32.1. [1 De AktiF-subsidies en AktiF PLUS-subsidies vermeld in hoofdstuk 3 en hoofdstuk 4 kunnen niet toegekend worden in het kader van een studentenovereenkomst als bedoeld in titel VII van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten.]1
Art. 32.1. [1 Les subventions AKTIF et AktiF PLUS mentionnées dans les chapitres 3 et 4 ne peuvent pas être octroyées dans le cadre d'un contrat de travail d'étudiant mentionné au titre VII de la loi du 3 juillet 1978 sur les contrats de travail.]1
Art. 33. De Regering kan nog andere cumulatieverbodsbepalingen en uitzonderingen vastleggen.
Art. 33. Le Gouvernement peut fixer d'autres interdictions de cumul et exceptions.
HOOFDSTUK 6. [1 - Weigering van de aanvraag, ingebrekestelling, schorsing en stopzetting van de subsidies]1
CHAPITRE 6. [1 - Rejet de la demande, mise en demeure, suspension et suppression des subventions]1
Art. 34. § 1. [1 De goedkeuring van de aanvraag en de toekenning van de subsidies zijn]1 gebonden aan de naleving van de in dit decreet vastgelegde verplichtingen en voorwaarden die aan de toekenning van de AktiF-subsidies of AktiF PLUS-subsidies ten grondslag liggen.
Met behoud van de toepassing van het eerste lid [1 zijn de goedkeuring van de aanvraag en de toekenning van de subsidies]1 gebonden aan de naleving van de voorschriften inzake non-discriminatie, comptabiliteit, fiscaal recht, sociaal recht en arbeidsrecht die van toepassing zijn op de werkgevers.
§ 2. Werkgevers die ten onrechte subsidies ontvangen, worden niet gesubsidieerd.
Een werkgever wordt geacht een subsidie ten onrechte te ontvangen in de zin van het eerste lid, als hij door de rechtshandeling - of het geheel van de rechtshandelingen - die hij in voorkomend geval in samenwerking met een personeelslid of een andere derde stelt, een verrichting tot stand brengt die hem de mogelijkheid biedt aanspraak te maken op een subsidiëring in het kader van een bepaling van dit decreet waarvan de toekenning in strijd zou zijn met de doelstellingen van die bepaling en die in wezen het verkrijgen van die subsidiëring tot doel heeft.
In afwijking van het eerste en het tweede lid geldt een subsidie als "terecht ontvangen" als de werkgever bewijst dat de keuze van de rechtshandeling of het geheel van rechtshandelingen vermeld in het tweede lid door andere motieven verantwoord is dan door de wil om subsidies te ontvangen.
§ 3. De Regering kan :
1° de voorschriften vermeld in § 1, tweede lid, preciseren;
2° nog andere verplichtingen voor het behoud van de toekenning van de subsidies vastleggen.
Met behoud van de toepassing van het eerste lid [1 zijn de goedkeuring van de aanvraag en de toekenning van de subsidies]1 gebonden aan de naleving van de voorschriften inzake non-discriminatie, comptabiliteit, fiscaal recht, sociaal recht en arbeidsrecht die van toepassing zijn op de werkgevers.
§ 2. Werkgevers die ten onrechte subsidies ontvangen, worden niet gesubsidieerd.
Een werkgever wordt geacht een subsidie ten onrechte te ontvangen in de zin van het eerste lid, als hij door de rechtshandeling - of het geheel van de rechtshandelingen - die hij in voorkomend geval in samenwerking met een personeelslid of een andere derde stelt, een verrichting tot stand brengt die hem de mogelijkheid biedt aanspraak te maken op een subsidiëring in het kader van een bepaling van dit decreet waarvan de toekenning in strijd zou zijn met de doelstellingen van die bepaling en die in wezen het verkrijgen van die subsidiëring tot doel heeft.
In afwijking van het eerste en het tweede lid geldt een subsidie als "terecht ontvangen" als de werkgever bewijst dat de keuze van de rechtshandeling of het geheel van rechtshandelingen vermeld in het tweede lid door andere motieven verantwoord is dan door de wil om subsidies te ontvangen.
§ 3. De Regering kan :
1° de voorschriften vermeld in § 1, tweede lid, preciseren;
2° nog andere verplichtingen voor het behoud van de toekenning van de subsidies vastleggen.
Modifications
Art. 34. § 1er. [1 L'approbation de la demande ainsi que l'octroi des subventions sont subordonnés]1 au respect des obligations et conditions fixées dans le présent décret qui sous-tendent l'octroi desdites subventions AktiF ou AktiF PLUS.
Sans préjudice de l'alinéa 1er, [1 l'approbation de la demande ainsi que l'octroi des subventions "sont subordonnés]1 au respect des dispositions applicables à l'employeur dans les domaines de la non-discrimination, de la comptabilité et en matière de droit fiscal, social et du travail.
§ 2. Les employeurs qui perçoivent indûment des subventions ne sont pas subventionnés.
Un employeur est censé percevoir indûment des subventions au sens de l'alinéa 1er, lorsqu'il réalise, par l'acte juridique ou l'ensemble des actes juridiques qu'il pose, le cas échéant, en collaboration avec un membre du personnel ou un autre tiers, une opération par laquelle il ouvre le droit à un subventionnement dans le cadre d'une disposition du présent décret dont l'octroi serait en contradiction avec l'objectif de ladite disposition, et qui vise essentiellement le bénéfice de ce subventionnement.
Par dérogation aux alinéas 1er et 2, une subvention est censée ne pas être perçue indûment lorsque l'employeur prouve que le choix de l'acte juridique ou de l'ensemble des actes juridiques mentionnés à l'alinéa 2 est motivé par d'autres raisons que la volonté de percevoir des subventions.
§ 3 - Le Gouvernement peut :
1° préciser les dispositions mentionnées dans le § 1er, alinéa 2;
2° fixer d'autres obligations destinées au maintien de l'octroi des subventions.
Sans préjudice de l'alinéa 1er, [1 l'approbation de la demande ainsi que l'octroi des subventions "sont subordonnés]1 au respect des dispositions applicables à l'employeur dans les domaines de la non-discrimination, de la comptabilité et en matière de droit fiscal, social et du travail.
§ 2. Les employeurs qui perçoivent indûment des subventions ne sont pas subventionnés.
Un employeur est censé percevoir indûment des subventions au sens de l'alinéa 1er, lorsqu'il réalise, par l'acte juridique ou l'ensemble des actes juridiques qu'il pose, le cas échéant, en collaboration avec un membre du personnel ou un autre tiers, une opération par laquelle il ouvre le droit à un subventionnement dans le cadre d'une disposition du présent décret dont l'octroi serait en contradiction avec l'objectif de ladite disposition, et qui vise essentiellement le bénéfice de ce subventionnement.
Par dérogation aux alinéas 1er et 2, une subvention est censée ne pas être perçue indûment lorsque l'employeur prouve que le choix de l'acte juridique ou de l'ensemble des actes juridiques mentionnés à l'alinéa 2 est motivé par d'autres raisons que la volonté de percevoir des subventions.
§ 3 - Le Gouvernement peut :
1° préciser les dispositions mentionnées dans le § 1er, alinéa 2;
2° fixer d'autres obligations destinées au maintien de l'octroi des subventions.
Modifications
Art. 35. Indien de Regering vaststelt dat de werkgever één of meer verplichtingen of voorwaarden niet naleeft, maant ze hem, volgens de door haar vastgestelde nadere regels, aan om schriftelijk een standpunt omtrent die vaststellingen in te nemen.
Met behoud van de toepassing van de strafbepalingen vervat in hoofdstuk 7 en met behoud van de toepassing van artikel 104, § 3, van het decreet van 25 mei 2009 houdende het financieel reglement van de Duitstalige Gemeenschap kan de Regering een werkgever in gebreke stellen en de toekenning van de subsidies tijdelijk schorsen en uiteindelijk stopzetten.
De Regering kan :
1° de procedure voor de ingebrekestelling, schorsing en stopzetting vastleggen;
2° een lijst opstellen van feiten die ertoe leiden dat de werkgever van de toepassing van dit decreet wordt uitgesloten voor een periode van ten hoogste vijf jaar.
Met behoud van de toepassing van de strafbepalingen vervat in hoofdstuk 7 en met behoud van de toepassing van artikel 104, § 3, van het decreet van 25 mei 2009 houdende het financieel reglement van de Duitstalige Gemeenschap kan de Regering een werkgever in gebreke stellen en de toekenning van de subsidies tijdelijk schorsen en uiteindelijk stopzetten.
De Regering kan :
1° de procedure voor de ingebrekestelling, schorsing en stopzetting vastleggen;
2° een lijst opstellen van feiten die ertoe leiden dat de werkgever van de toepassing van dit decreet wordt uitgesloten voor een periode van ten hoogste vijf jaar.
Art. 35. Si le Gouvernement constate que l'employeur ne respecte pas une ou plusieurs obligations ou conditions, il l'enjoint, conformément aux modalités fixées par lui, à présenter par écrit ses observations sur les faits constatés.
Sans préjudice de l'application des dispositions pénales prévues au chapitre 7 et de l'article 104, § 3, du décret du 25 mai 2009 relatif au règlement budgétaire de la Communauté germanophone, le Gouvernement peut mettre un employeur en demeure et suspendre temporairement l'octroi de subventions et finalement le supprimer.
Le Gouvernement peut :
1° fixer la procédure de mise en demeure, de suspension et de suppression;
2° fixer une liste de faits qui excluent l'employeur, pour une durée maximale de cinq ans, de l'application du présent décret.
Sans préjudice de l'application des dispositions pénales prévues au chapitre 7 et de l'article 104, § 3, du décret du 25 mai 2009 relatif au règlement budgétaire de la Communauté germanophone, le Gouvernement peut mettre un employeur en demeure et suspendre temporairement l'octroi de subventions et finalement le supprimer.
Le Gouvernement peut :
1° fixer la procédure de mise en demeure, de suspension et de suppression;
2° fixer une liste de faits qui excluent l'employeur, pour une durée maximale de cinq ans, de l'application du présent décret.
Art. 36. Als de subsidies geschorst of stopgezet worden, kan de betrokken werkgever klacht indienen bij de Regering. Die klacht geschiedt aangetekend en binnen een maand na kennisgeving van de beslissing.
De Regering kan de nadere regels voor de klachtenprocedure bepalen.
De Regering kan de nadere regels voor de klachtenprocedure bepalen.
Art. 36. L'employeur dont les subventions ont été suspendues ou supprimées peut introduire un recours auprès du Gouvernement. Ce recours doit être envoyé par recommandé dans un délai d'un mois à compter de la notification de la décision en question.
Le Gouvernement peut fixer d'autres modalités de procédure de recours.
Le Gouvernement peut fixer d'autres modalités de procédure de recours.
Art. 37. De controle van de aanwending van de subsidies en in voorkomend geval de terugvordering van de toegekende subsidies geschieden overeenkomstig de wet van 16 mei 2003 tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof.
Art. 37. Le contrôle de l'utilisation des subventions octroyées et, le cas échéant, de leur répétition s'opère conformément aux dispositions de la loi du 16 mai 2003 fixant les dispositions générales applicables aux budgets, au contrôle des subventions et à la comptabilité des communautés et des régions, ainsi qu'à l'organisation du contrôle de la Cour des comptes.
HOOFDSTUK 7.
CHAPITRE 7.
HOOFDSTUK 8. - Rapportering
CHAPITRE 8. - Rapport
Art. 43. De Regering maakt jaarlijks een verslag op over de toepassing van dit decreet; ze doet dit uiterlijk op 30 juni van het jaar dat volgt op het toepassingsjaar. Ze bezorgt dat verslag aan het Parlement.
Art. 43. Au 30 juin de l'année qui suit celle de l'application, le Gouvernement rédige un rapport annuel concernant l'application du présent décret. Il transmet ce rapport au Parlement.
HOOFDSTUK 8.1. [1 - Tijdelijke maatregelen om de negatieve gevolgen van de Coronacrisis te beperken]1
CHAPITRE 8.1. [1 - Mesures temporaires visant à atténuer les effets de la crise Corona]1
Art.43.1. [1 De bepalingen van dit hoofdstuk zijn bedoeld om de negatieve gevolgen van de epidemie of pandemie van het coronavirus ((COVID-19) in de Duitstalige Gemeenschap te beperken.]1
Art. 43.1. [1 Les dispositions du présent chapitre visent à atténuer les effets de l'épidémie ou de la pandémie de coronavirus (COVID-19) en Communauté germanophone.]1
Modifications
Art.43.2.[1 De Regering kan de AktiF- en AktiF PLUS-subsidies bepaald in de artikelen 11, 13, 21 en 26 vanaf 1 juli 2020 gedurende zes maanden met hoogstens 100 % verhogen.
De Regering kan de termijn vermeld in het eerste lid [2 drie keer]2 met dezelfde duur verlengen.]1
De Regering kan de termijn vermeld in het eerste lid [2 drie keer]2 met dezelfde duur verlengen.]1
Art. 43.2. [1 A dater du 1er juillet 2020, le Gouvernement peut augmenter les subventions AktiF et AktiF PLUS fixées aux articles 11, 13, 21 et 26 de 100 % au maximum, et ce, pendant une période de six mois.
Le Gouvernement peut prolonger [2 à trois reprises]2, pour la même durée, la période mentionnée au premier alinéa.]1
Le Gouvernement peut prolonger [2 à trois reprises]2, pour la même durée, la période mentionnée au premier alinéa.]1
Art.43.3. [1 In het kader van de overeenkomst vermeld in artikel 24 kan de Regering, voor een door haar vastgestelde termijn, een bijzondere dotatie toekennen aan de werkgevers vermeld in artikel 24.]1
Art. 43.3. [1 Dans le cadre de l'accord mentionné à l'article 25, le Gouvernement peut, pour une période qu'il fixe, accorder aux employeurs mentionnés à l'article 24 une allocation affectée spéciale.]1
Modifications
Art.43.4.[1 In afwijking van artikel 11, § 1, kan de Regering aan alle in artikel 10 vermelde werkgevers die tussen 13 maart 2020 en 30 september 2020 op grond van dit decreet een AktiF-subsidie of een AktiF PLUS-subsidie ontvangen, de AktiF-subsidie vermeld in artikel 11, § 2, tweede lid, of de AktiF PLUS-subsidie vermeld in [2 artikel 11, § 3, derde lid,]2 na het verstrijken van de in artikel 11, § 1, 1° en 2°, vermelde periode nog zes maanden toekennen.
[2 Als een in artikel 10 vermelde werkgever tussen 13 maart 2020 en 30 september 2020 een AktiF-subsidie of een AktiF PLUS-subsidie ontvangt overeenkomstig artikel 13, dan wordt de in artikel 13, § 1, vermelde AktiF-subsidie of de in artikel 13, § 2, tweede lid, vermelde AktiF PLUS-subsidie na het verstrijken van de in hetzelfde artikel vermelde periode nog zes maanden toegekend.]2
De Regering kan [2 de in het eerste en het tweede lid vermelde termijnen]2 van zes maanden één keer met dezelfde duur verlengen.]1
[2 Als een in artikel 10 vermelde werkgever tussen 13 maart 2020 en 30 september 2020 een AktiF-subsidie of een AktiF PLUS-subsidie ontvangt overeenkomstig artikel 13, dan wordt de in artikel 13, § 1, vermelde AktiF-subsidie of de in artikel 13, § 2, tweede lid, vermelde AktiF PLUS-subsidie na het verstrijken van de in hetzelfde artikel vermelde periode nog zes maanden toegekend.]2
De Regering kan [2 de in het eerste en het tweede lid vermelde termijnen]2 van zes maanden één keer met dezelfde duur verlengen.]1
Art. 43.4. [1 Par dérogation à l'article 11, § 1er, le Gouvernement peut, à l'expiration de la durée mentionnée à l'article 11, § 1er, 1° et 2°, accorder pendant une période supplémentaire de six mois la subvention AktiF PLUS visée à l'article 11, § 2, alinéa 2, ou la subvention AktiF PLUS visée à l'[2 article 11, § 3, alinéa 3]2 selon le cas, à tous les employeurs mentionnés à l'article 10 qui bénéficient d'une subvention AktiF ou AktiF PLUS dans le cadre du présent décret entre le 13 mars 2020 et le 30 septembre 2020.
[2 Si un employeur mentionné à l'article 10 reçoit, entre le 13 mars 2020 et le 30 septembre 2020, une subvention AktiF ou AktiF PLUS conformément à l'article 13, la subvention AktiF mentionnée à l'article 13, § 1er, ou - selon le cas - la subvention AktiF PLUS mentionnée à l'article 13, § 2, alinéa 2, continue d'être octroyée pendant six mois supplémentaires.]2
Le Gouvernement peut prolonger une fois, pour la même durée, [2 les périodes de 6 mois mentionnées aux alinéas 1er et 2]2.]1
[2 Si un employeur mentionné à l'article 10 reçoit, entre le 13 mars 2020 et le 30 septembre 2020, une subvention AktiF ou AktiF PLUS conformément à l'article 13, la subvention AktiF mentionnée à l'article 13, § 1er, ou - selon le cas - la subvention AktiF PLUS mentionnée à l'article 13, § 2, alinéa 2, continue d'être octroyée pendant six mois supplémentaires.]2
Le Gouvernement peut prolonger une fois, pour la même durée, [2 les périodes de 6 mois mentionnées aux alinéas 1er et 2]2.]1
Art.43.5.[1 In afwijking van artikel 13 worden de daarin vermelde bedragen ook toegekend indien de AktiF-gerechtigde of AktiF PLUS-gerechtigde - in aansluiting op de door de Regering vastgelegde opleidingsmaatregel of uiterlijk binnen zes maanden - bij dezelfde werkgever in dienst wordt genomen, voor zover die opleidingsmaatregel in de periode tussen 13 maart 2020 en [2 19 april 2021]2 afloopt.
[3 De Regering kan de periode waarin de opleidingsmaatregel eindigt, drie keer met hoogstens acht maanden verlengen.]3]1
[3 De Regering kan de periode waarin de opleidingsmaatregel eindigt, drie keer met hoogstens acht maanden verlengen.]3]1
Art. 43.5. [1 Par dérogation à l'article 13, les montants qui y sont mentionnés sont octroyés même si le bénéficiaire des mesures AktiF ou AktiF PLUS est repris auprès du même employeur au terme de la mesure de formation définie par le Gouvernement ou, au plus tard, dans un délai de six mois, si cette formation prend fin entre le 13 mars 2020 et [2 le 19 avril 2021]2.
[3 Le Gouvernement peut prolonger à trois reprises de huit mois maximum la période au cours de laquelle la mesure de formation prend fin.]3]1
[3 Le Gouvernement peut prolonger à trois reprises de huit mois maximum la période au cours de laquelle la mesure de formation prend fin.]3]1
Art.43.6. [1 Met behoud van de toepassing van de bepalingen van hoofdstuk 2, afdeling 1, kan de Regering de werkgevers vermeld in artikel 10, artikel 19 en artikel 24 een AktiF-subsidie of een AktiF PLUS-subsidie toekennen voor de tewerkstelling van personen die hun baan verloren hebben door de epidemie of pandemie van het coronavirus (COVID-19).
De Regering legt de voorwaarden voor de toekenning en de toepassing vast.]1
De Regering legt de voorwaarden voor de toekenning en de toepassing vast.]1
Art. 43.6. [1 Sans préjudice des dispositions du chapitre 2, section 1re, le Gouvernement peut accorder aux employeurs mentionnés aux articles 10, 19 et 24 une subvention AktiF ou AktiF PLUS pour l'occupation de personnes qui ont perdu leur emploi à la suite de l'épidémie ou de la pandémie de coronavirus (COVID-19).
Le Gouvernement fixe les conditions d'octroi et d'application.]1
Le Gouvernement fixe les conditions d'octroi et d'application.]1
Modifications
Art.43.7. [1 De krachtens de artikelen 43.2 tot 43.6 aangenomen regeringsbesluiten worden, onmiddellijk na de aanneming ervan, overgezonden aan de voorzitter van het Parlement.]1
Art. 43.7. [1 Les arrêtés du Gouvernement adoptés en vertu des articles 43.2 à 43.6 sont transmis au président du Parlement immédiatement après leur adoption.]1
Modifications
HOOFDSTUK 9. - Slotbepalingen
CHAPITRE 9. - Dispositions finales
Art. 44. Artikel 1, eerste lid, van het koninklijk besluit nr. 474 van 28 oktober 1986 tot opzetting van een stelsel van door de Staat gesubsidieerde contractuelen bij sommige plaatselijke besturen, gewijzigd bij het decreet van 27 april 2009, wordt vervangen als volgt :
"Voor de toepassing van dit besluit wordt als 'plaatselijk bestuur' beschouwd : een gemeente of een vereniging van gemeenten die een gesubsidieerde contractueel tewerkstelt voor de exploitatie van een containerpark dat bestaat uit een behoorlijk erkende en bewaakte omheinde ruimte voor de selectieve opslag van afvalstoffen die er gesorteerd en, naargelang hun aard, over verschillende containers verspreid worden om vervolgens te worden afgevoerd naar centra waar ze, zo mogelijk, gevaloriseerd of, in voorkomend geval, verwijderd worden."
"Voor de toepassing van dit besluit wordt als 'plaatselijk bestuur' beschouwd : een gemeente of een vereniging van gemeenten die een gesubsidieerde contractueel tewerkstelt voor de exploitatie van een containerpark dat bestaat uit een behoorlijk erkende en bewaakte omheinde ruimte voor de selectieve opslag van afvalstoffen die er gesorteerd en, naargelang hun aard, over verschillende containers verspreid worden om vervolgens te worden afgevoerd naar centra waar ze, zo mogelijk, gevaloriseerd of, in voorkomend geval, verwijderd worden."
Art. 44. A l'article 1er de l'arrêté royal n° 474 du 28 octobre 1986 portant création d'un régime de contractuels subventionnés par l'Etat auprès de certains pouvoirs locaux, modifié par le décret du 27 avril 2009, l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" Pour l'application du présent arrêté est considérée comme autorité locale une commune ou association de communes occupant un travailleur contractuel subventionné pour l'exploitation d'un parc à conteneurs, à savoir un site clôturé dûment autorisé et surveillé où est opéré l'accueil sélectif des déchets et où ceux-ci sont triés et répartis dans des conteneurs selon leur nature, puis écoulés vers des centres qui procèdent soit à leur valorisation s'ils sont récupérables, soit à leur élimination s'ils ne le sont pas. "
" Pour l'application du présent arrêté est considérée comme autorité locale une commune ou association de communes occupant un travailleur contractuel subventionné pour l'exploitation d'un parc à conteneurs, à savoir un site clôturé dûment autorisé et surveillé où est opéré l'accueil sélectif des déchets et où ceux-ci sont triés et répartis dans des conteneurs selon leur nature, puis écoulés vers des centres qui procèdent soit à leur valorisation s'ils sont récupérables, soit à leur élimination s'ils ne le sont pas. "
Art. 45. Artikel 5 van hetzelfde koninklijk besluit wordt vervangen als volgt :
" § 1 - De volgende niet-werkende werkzoekenden die als werkzoekenden zijn ingeschreven, kunnen een betrekking als gesubsidieerde contractueel bekleden :
1° de uitkeringsgerechtigde niet-werkende volledige werklozen in de zin van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering;
2° de niet-werkende rechthebbenden op een inkomensvervangende tegemoetkoming of een integratietegemoetkoming overeenkomstig de wet van 27 februari 1987 betreffende de tegemoetkomingen aan personen met een handicap;
3° de werklozen bedoeld in artikel 89 van het voormelde koninklijk besluit;
4° de uitkeringsgerechtigde volledige werklozen die een beroepsopleiding volgen die georganiseerd of erkend wordt door de Dienst voor arbeidsbemiddeling van de Duitstalige Gemeenschap, het Instituut voor de opleiding en de voortgezette opleiding in de Middenstand en de KMO's of de Dienst voor zelfbeschikkend leven;
5° de niet-werkende rechthebbenden op het leefloon bepaald in de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie;
6° de niet-werkende bijstandsgerechtigden die wegens hun nationaliteit geen recht hebben op het leefloon bepaald in de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie, die ingeschreven zijn in het vreemdelingenregister, voor zover ze vrijgesteld zijn van de verplichting tot het aanvragen van een arbeidskaart overeenkomstig artikel 2 van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers of voor zover ze in het bezit zijn van een arbeidskaart;
7° de asielzoekers die in het bezit zijn van een geldige arbeidskaart C overeenkomstig artikel 17, 1°, van het voormelde koninklijk besluit van 9 juni 1999;
8° de niet-werkende werkzoekenden die hun woonplaats hebben in het Duitse taalgebied.
§ 2 - De personen die in dienst worden genomen als gesubsidieerde contractuelen mogen op de dag vóór de uitvoering van de overeenkomst geen hoger diploma hebben dan dat van het hoger secundair onderwijs.
§ 3 - De situatie van de personen vermeld in § 1 wordt beoordeeld op de dag vóór de uitvoering van de overeenkomst.
§ 4 - De Regering kan het toepassingsgebied van dit artikel beperken of uitbreiden."
" § 1 - De volgende niet-werkende werkzoekenden die als werkzoekenden zijn ingeschreven, kunnen een betrekking als gesubsidieerde contractueel bekleden :
1° de uitkeringsgerechtigde niet-werkende volledige werklozen in de zin van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering;
2° de niet-werkende rechthebbenden op een inkomensvervangende tegemoetkoming of een integratietegemoetkoming overeenkomstig de wet van 27 februari 1987 betreffende de tegemoetkomingen aan personen met een handicap;
3° de werklozen bedoeld in artikel 89 van het voormelde koninklijk besluit;
4° de uitkeringsgerechtigde volledige werklozen die een beroepsopleiding volgen die georganiseerd of erkend wordt door de Dienst voor arbeidsbemiddeling van de Duitstalige Gemeenschap, het Instituut voor de opleiding en de voortgezette opleiding in de Middenstand en de KMO's of de Dienst voor zelfbeschikkend leven;
5° de niet-werkende rechthebbenden op het leefloon bepaald in de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie;
6° de niet-werkende bijstandsgerechtigden die wegens hun nationaliteit geen recht hebben op het leefloon bepaald in de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie, die ingeschreven zijn in het vreemdelingenregister, voor zover ze vrijgesteld zijn van de verplichting tot het aanvragen van een arbeidskaart overeenkomstig artikel 2 van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers of voor zover ze in het bezit zijn van een arbeidskaart;
7° de asielzoekers die in het bezit zijn van een geldige arbeidskaart C overeenkomstig artikel 17, 1°, van het voormelde koninklijk besluit van 9 juni 1999;
8° de niet-werkende werkzoekenden die hun woonplaats hebben in het Duitse taalgebied.
§ 2 - De personen die in dienst worden genomen als gesubsidieerde contractuelen mogen op de dag vóór de uitvoering van de overeenkomst geen hoger diploma hebben dan dat van het hoger secundair onderwijs.
§ 3 - De situatie van de personen vermeld in § 1 wordt beoordeeld op de dag vóór de uitvoering van de overeenkomst.
§ 4 - De Regering kan het toepassingsgebied van dit artikel beperken of uitbreiden."
Art. 45. L'article 5 du même arrêté royal est remplacé par ce qui suit :
" § 1er - Les demandeurs d'emploi inoccupés suivants, inscrits en tant que demandeurs d'emploi, peuvent occuper un emploi en tant que travailleur contractuel subventionné :
1° les chômeurs complets indemnisés et inoccupés, conformément à l'arrêté royal du 25 novembre 1991 portant réglementation du chômage;
2° les bénéficiaires, inoccupés, d'une allocation de remplacement de revenus ou d'une allocation d'intégration en vertu de la loi du 27 février 1987 relative aux allocations aux handicapés;
3° les chômeurs énumérés à l'article 89 de l'arrêté royal susmentionné;
4° les chômeurs complets indemnisés qui suivent une formation professionnelle organisée ou agréée par l'Office de l'Emploi de la Communauté germanophone, par l'Institut pour la formation et la formation continue dans les Classes moyennes et les PME ou par l'Office pour une vie autodéterminée;
5° les bénéficiaires, inoccupés, du revenu d'intégration prévu dans la loi du 26 mai 2002 concernant le droit à l'intégration sociale;
6° les bénéficiaires, inoccupés, de l'aide sociale qui, en raison de leur nationalité, n'ont pas droit au revenu d'intégration sociale prévu dans la loi du 26 mai 2002 concernant le droit à l'intégration sociale et qui sont inscrits au registre des étrangers, dans la mesure où ils sont dispensés de la demande d'un permis de travail conformément à l'article 2 de l'arrêté royal du 9 juin 1999 portant exécution de la loi du 30 avril 1999 relative à l'occupation des travailleurs étrangers ou sont en possession d'un permis de travail;
7° les demandeurs d'asile en possession d'un permis de travail C valable, conformément à l'article 17, 1°, de l'arrêté royal du 9 juin 1999 susmentionné;
8° les demandeurs d'emploi inoccupés domiciliés en région de langue allemande.
§ 2 - Les personnes engagées en tant que travailleurs contractuels subventionnés ne peuvent, la veille de l'exécution du contrat, être porteuses d'un diplôme supérieur au certificat de l'enseignement secondaire supérieur.
§ 3 - La situation des personnes visées au premier alinéa est appréciée le jour qui précède l'exécution du contrat.
§ 4 - Le Gouvernement peut limiter ou étendre le champ d'application du présent article. "
" § 1er - Les demandeurs d'emploi inoccupés suivants, inscrits en tant que demandeurs d'emploi, peuvent occuper un emploi en tant que travailleur contractuel subventionné :
1° les chômeurs complets indemnisés et inoccupés, conformément à l'arrêté royal du 25 novembre 1991 portant réglementation du chômage;
2° les bénéficiaires, inoccupés, d'une allocation de remplacement de revenus ou d'une allocation d'intégration en vertu de la loi du 27 février 1987 relative aux allocations aux handicapés;
3° les chômeurs énumérés à l'article 89 de l'arrêté royal susmentionné;
4° les chômeurs complets indemnisés qui suivent une formation professionnelle organisée ou agréée par l'Office de l'Emploi de la Communauté germanophone, par l'Institut pour la formation et la formation continue dans les Classes moyennes et les PME ou par l'Office pour une vie autodéterminée;
5° les bénéficiaires, inoccupés, du revenu d'intégration prévu dans la loi du 26 mai 2002 concernant le droit à l'intégration sociale;
6° les bénéficiaires, inoccupés, de l'aide sociale qui, en raison de leur nationalité, n'ont pas droit au revenu d'intégration sociale prévu dans la loi du 26 mai 2002 concernant le droit à l'intégration sociale et qui sont inscrits au registre des étrangers, dans la mesure où ils sont dispensés de la demande d'un permis de travail conformément à l'article 2 de l'arrêté royal du 9 juin 1999 portant exécution de la loi du 30 avril 1999 relative à l'occupation des travailleurs étrangers ou sont en possession d'un permis de travail;
7° les demandeurs d'asile en possession d'un permis de travail C valable, conformément à l'article 17, 1°, de l'arrêté royal du 9 juin 1999 susmentionné;
8° les demandeurs d'emploi inoccupés domiciliés en région de langue allemande.
§ 2 - Les personnes engagées en tant que travailleurs contractuels subventionnés ne peuvent, la veille de l'exécution du contrat, être porteuses d'un diplôme supérieur au certificat de l'enseignement secondaire supérieur.
§ 3 - La situation des personnes visées au premier alinéa est appréciée le jour qui précède l'exécution du contrat.
§ 4 - Le Gouvernement peut limiter ou étendre le champ d'application du présent article. "
Art. 46. In de programmawet van 30 december 1988 worden opgeheven :
1° titel III, hoofdstuk II, dat de artikelen 93 tot 101 omvat, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 24 april 2014;
2° titel III, hoofdstuk IIter, dat artikel 101quater omvat, ingevoegd bij het decreet van 25 juni 2007.
1° titel III, hoofdstuk II, dat de artikelen 93 tot 101 omvat, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 24 april 2014;
2° titel III, hoofdstuk IIter, dat artikel 101quater omvat, ingevoegd bij het decreet van 25 juni 2007.
Art. 46. Dans la loi-programme du 30 décembre 1988 sont abrogés :
1° le titre III, chapitre II, comportant les articles 93 à 101, modifié en dernier lieu par la loi du 24 avril 2014;
2° le titre III, chapitre IIter, comportant l'article 101quater, inséré par le décret du 25 juin 2007.
1° le titre III, chapitre II, comportant les articles 93 à 101, modifié en dernier lieu par la loi du 24 avril 2014;
2° le titre III, chapitre IIter, comportant l'article 101quater, inséré par le décret du 25 juin 2007.
Art. 47. In artikel 1, eerste lid, van het decreet van het Waals Gewest van 5 februari 1998 houdende toezicht en controle op de naleving van de wetgeving betreffende het tewerkstellingsbeleid, laatstelijk gewijzigd bij het decreet van 25 april 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de bepaling onder 13° wordt opgeheven;
2° er wordt een bepaling onder 26° ingevoegd, luidende :
"26° het decreet van 28 mei 2018 betreffende de AktiF- en AktiF-PLUS-maatregel ter bevordering van de werkgelegenheid en de uitvoeringsbesluiten ervan."
1° de bepaling onder 13° wordt opgeheven;
2° er wordt een bepaling onder 26° ingevoegd, luidende :
"26° het decreet van 28 mei 2018 betreffende de AktiF- en AktiF-PLUS-maatregel ter bevordering van de werkgelegenheid en de uitvoeringsbesluiten ervan."
Art. 47. A l'article 1er, alinéa 1er, du décret de la Région wallonne du 5 février 1998 relatif à la surveillance et au contrôle des législations relatives à la politique de l'emploi, modifié en dernier lieu par le décret du 25 avril 2016, les modifications suivantes sont apportées :
1° le 13° est abrogé;
2° l'article est complété par un 26° rédigé comme suit :
" 26° le décret du 28 mai 2018 relatif aux mesures AktiF et AktiF PLUS destinées à promouvoir l'emploi ainsi que ses arrêtés d'exécution ".
1° le 13° est abrogé;
2° l'article est complété par un 26° rédigé comme suit :
" 26° le décret du 28 mai 2018 relatif aux mesures AktiF et AktiF PLUS destinées à promouvoir l'emploi ainsi que ses arrêtés d'exécution ".
Art. 48. In artikel 339 van de programmawet (I) van 24 december 2002, laatstelijk gewijzigd bij het programmadecreet van 26 februari 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° in het eerste lid, 2°, wordt het getal "54" vervangen door het getal "55";
2° tussen het tweede lid en het derde lid, dat het vierde lid wordt, wordt een nieuw derde lid ingevoegd, luidende :
"De doelgroepenvermindering eindigt op de eerste dag van het kwartaal dat volgt op het kwartaal waarin de werknemers de wettelijke pensioenleeftijd hebben bereikt."
1° in het eerste lid, 2°, wordt het getal "54" vervangen door het getal "55";
2° tussen het tweede lid en het derde lid, dat het vierde lid wordt, wordt een nieuw derde lid ingevoegd, luidende :
"De doelgroepenvermindering eindigt op de eerste dag van het kwartaal dat volgt op het kwartaal waarin de werknemers de wettelijke pensioenleeftijd hebben bereikt."
Art. 48. A l'article 339 de la loi-programme (I) du 24 décembre 2002, modifié en dernier lieu par le décret-programme du 26 février 2018, les modifications sont apportées :
1° dans l'alinéa 1er, 2°, le nombre " 54 " est remplacé par le nombre " 55 ";
2° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 2 et 3, qui devient l'alinéa 4 :
" La réduction groupe-cible prend fin le premier jour du trimestre qui suit celui au cours duquel les travailleurs atteignent l'âge légal de la retraite. "
1° dans l'alinéa 1er, 2°, le nombre " 54 " est remplacé par le nombre " 55 ";
2° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 2 et 3, qui devient l'alinéa 4 :
" La réduction groupe-cible prend fin le premier jour du trimestre qui suit celui au cours duquel les travailleurs atteignent l'âge légal de la retraite. "
Art. 49. In dezelfde programmawet worden opgeheven :
1° de artikelen 340 en 341;
2° titel IV, hoofdstuk 7, afdeling 3, onderafdeling 5, die de artikelen 346 en 347 omvat, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 december 2012;
3° titel IV, hoofdstuk 7, afdeling 3, onderafdeling 7, die artikel 353bis omvat, ingevoegd bij de wet van 22 december 2003 en gewijzigd bij de wetten van 19 juni 2009 en 4 juli 2011.
1° de artikelen 340 en 341;
2° titel IV, hoofdstuk 7, afdeling 3, onderafdeling 5, die de artikelen 346 en 347 omvat, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 december 2012;
3° titel IV, hoofdstuk 7, afdeling 3, onderafdeling 7, die artikel 353bis omvat, ingevoegd bij de wet van 22 december 2003 en gewijzigd bij de wetten van 19 juni 2009 en 4 juli 2011.
Art. 49. Dans la même loi-programme sont abrogés :
1° les articles 340 et 341;
2° le titre IV, chapitre 7, section 3, sous-section 5, comportant les articles 346 et 347, modifié en dernier lieu par la loi du 27 décembre 2012;
3° le titre IV, chapitre 7, section 3, sous-section 7, comportant l'article 353bis, inséré par la loi du 22 décembre 2003 et modifié par les lois des 19 juin 2009 et 4 juillet 2011.
1° les articles 340 et 341;
2° le titre IV, chapitre 7, section 3, sous-section 5, comportant les articles 346 et 347, modifié en dernier lieu par la loi du 27 décembre 2012;
3° le titre IV, chapitre 7, section 3, sous-section 7, comportant l'article 353bis, inséré par la loi du 22 décembre 2003 et modifié par les lois des 19 juin 2009 et 4 juillet 2011.
Art. 50. Artikel 9 van het crisisdecreet van 19 april 2010 wordt opgeheven.
Art. 50. L'article 10 du décret de crise du 19 avril 2010 est abrogé.
Art. 51. In het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 (I) betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen worden opgeheven :
1° artikel 7;
2° artikel 8, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 21 januari 2004 en 28 maart 2007;
3° artikel 9, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 21 januari 2004, 17 juli 2013 en 26 januari 2014;
4° artikel 10, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 21 januari 2004 en 28 maart 2007;
5° artikel 11, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 21 januari 2004 en 28 maart 2007;
6° artikel 13;
7° artikel 14bis, eerste lid, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 21 januari 2004 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 28 maart 2007;
8° titel III, hoofdstuk V, dat de artikelen 17 tot 20 omvat, laatstelijk gewijzigd bij het koninklijk besluit van 24 januari 2013;
9° titel III, hoofdstuk VII, dat de artikelen 28/1 tot 28/1ter omvat, laatstelijk gewijzigd bij het koninklijk besluit van 18 augustus 2011.
1° artikel 7;
2° artikel 8, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 21 januari 2004 en 28 maart 2007;
3° artikel 9, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 21 januari 2004, 17 juli 2013 en 26 januari 2014;
4° artikel 10, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 21 januari 2004 en 28 maart 2007;
5° artikel 11, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 21 januari 2004 en 28 maart 2007;
6° artikel 13;
7° artikel 14bis, eerste lid, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 21 januari 2004 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 28 maart 2007;
8° titel III, hoofdstuk V, dat de artikelen 17 tot 20 omvat, laatstelijk gewijzigd bij het koninklijk besluit van 24 januari 2013;
9° titel III, hoofdstuk VII, dat de artikelen 28/1 tot 28/1ter omvat, laatstelijk gewijzigd bij het koninklijk besluit van 18 augustus 2011.
Art. 51. Dans l'arrêté royal du 16 mai 2003 pris en exécution du Chapitre 7 du Titre IV de la loi-programme du 24 décembre 2002 (I), visant à harmoniser et à simplifier les régimes de réductions de cotisations de sécurité sociale, sont abrogés :
1° l'article 7;
2° l'article 8, modifié par les arrêtés royaux des 21 janvier 2004 et 28 mars 2007;
3° l'article 9, modifié par les arrêtés royaux des 21 janvier 2004, 17 juillet 2013 et 26 janvier 2014;
4° l'article 10, modifié par les arrêtés royaux des 21 janvier 2004 et 28 mars 2007;
5° l'article 11, modifié par les arrêtés royaux des 21 janvier 2004 et 28 mars 2007;
6° l'article 13;
7° l'article 14bis, alinéa 1er, inséré par l'arrêté royal du 21 janvier 2004 et modifié par l'arrêté royal du 28 mars 2007;
8° le titre III, chapitre V, comportant les articles 17 à 20, modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 24 janvier 2013;
9° le titre III, chapitre VII, comportant les articles 28/1 à 28/1ter, modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 18 août 2011.
1° l'article 7;
2° l'article 8, modifié par les arrêtés royaux des 21 janvier 2004 et 28 mars 2007;
3° l'article 9, modifié par les arrêtés royaux des 21 janvier 2004, 17 juillet 2013 et 26 janvier 2014;
4° l'article 10, modifié par les arrêtés royaux des 21 janvier 2004 et 28 mars 2007;
5° l'article 11, modifié par les arrêtés royaux des 21 janvier 2004 et 28 mars 2007;
6° l'article 13;
7° l'article 14bis, alinéa 1er, inséré par l'arrêté royal du 21 janvier 2004 et modifié par l'arrêté royal du 28 mars 2007;
8° le titre III, chapitre V, comportant les articles 17 à 20, modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 24 janvier 2013;
9° le titre III, chapitre VII, comportant les articles 28/1 à 28/1ter, modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 18 août 2011.
Art. 52. Opgeheven worden :
1° het besluit van de Waalse Regering van 11 mei 1995 betreffende de indienstneming van gesubsidieerde contractuelen door sommige openbare besturen en ermee gelijkgestelde werkgevers, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017;
2° het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017;
3° het besluit van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap van 20 december 2001 houdende toekenning van toelagen aan plaatselijke besturen die geco's tewerkstellen, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017;
4° het koninklijk besluit van 11 juli 2002 tot vaststelling van de financiële tussenkomst vanwege het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn in de loonkost van een gerechtigde op maatschappelijke integratie die wordt aangeworven in het kader van het Activaplan, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017;
5° het koninklijk besluit van 14 november 2002 tot vaststelling van de financiële tussenkomst vanwege het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn in de loonkost van een rechthebbende op financiële maatschappelijke hulp die wordt aangeworven in het kader van het Activaplan, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017;
6° het koninklijk besluit van 29 maart 2006 tot uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, m, van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders ter bevordering van de tewerkstelling van laaggeschoolde of erg laag geschoolde jongeren, gewijzigd bij de koninklijk besluiten van 20 juli 2006 en 2 mei 2007;
7° het besluit van de Regering van 29 april 2010 houdende invoering van een programma ter tewerkstelling van oudere werknemers in de private profitsector, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017.
1° het besluit van de Waalse Regering van 11 mei 1995 betreffende de indienstneming van gesubsidieerde contractuelen door sommige openbare besturen en ermee gelijkgestelde werkgevers, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017;
2° het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017;
3° het besluit van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap van 20 december 2001 houdende toekenning van toelagen aan plaatselijke besturen die geco's tewerkstellen, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017;
4° het koninklijk besluit van 11 juli 2002 tot vaststelling van de financiële tussenkomst vanwege het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn in de loonkost van een gerechtigde op maatschappelijke integratie die wordt aangeworven in het kader van het Activaplan, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017;
5° het koninklijk besluit van 14 november 2002 tot vaststelling van de financiële tussenkomst vanwege het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn in de loonkost van een rechthebbende op financiële maatschappelijke hulp die wordt aangeworven in het kader van het Activaplan, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017;
6° het koninklijk besluit van 29 maart 2006 tot uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, m, van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders ter bevordering van de tewerkstelling van laaggeschoolde of erg laag geschoolde jongeren, gewijzigd bij de koninklijk besluiten van 20 juli 2006 en 2 mei 2007;
7° het besluit van de Regering van 29 april 2010 houdende invoering van een programma ter tewerkstelling van oudere werknemers in de private profitsector, laatstelijk gewijzigd bij het besluit van de Regering van 28 september 2017.
Art. 52. Sont abrogés :
1° l'arrêté du Gouvernement wallon du 11 mai 1995 relatif à l'engagement d'agents contractuels subventionnés auprès de certains pouvoirs publics et employeurs y assimilés, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 28 septembre 2017;
2° l'arrêté royal du 19 décembre 2001 de promotion de mise à l'emploi des demandeurs d'emploi de longue durée, modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 28 septembre 2017;
3° l'arrêté du Gouvernement de la Communauté germanophone du 20 décembre 2001 portant octroi de subventions aux pouvoirs locaux occupant des travailleurs contractuels subventionnés, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 28 septembre 2017;
4° l'arrêté royal du 11 juillet 2002 déterminant l'intervention financière du centre public d'aide sociale dans le coût salarial d'un ayant droit à l'intégration sociale qui est engagé dans le cadre du plan Activa, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 28 septembre 2017;
5° l'arrêté royal du 14 novembre 2002 déterminant l'intervention financière du centre public d'aide sociale dans le coût salarial d'un ayant droit à une aide sociale financière qui est engagé dans le cadre du plan Activa, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 28 septembre 2017;
6° l'arrêté royal du 29 mars 2006 d'exécution de l'article 7, § 1er, alinéa 3, m), de l'arrêté-loi du 28 décembre 1944 relatif à la sécurité sociale des travailleurs pour la promotion de mise à l'emploi des jeunes moins qualifiés ou très peu qualifiés, modifié par les arrêtés royaux des 20 juillet 2006 et 2 mai 2007;
7° l'arrêté du Gouvernement du 29 avril 2010 instaurant un programme visant la mise au travail de travailleurs âgés dans le secteur marchand privé, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 28 septembre 2017.
1° l'arrêté du Gouvernement wallon du 11 mai 1995 relatif à l'engagement d'agents contractuels subventionnés auprès de certains pouvoirs publics et employeurs y assimilés, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 28 septembre 2017;
2° l'arrêté royal du 19 décembre 2001 de promotion de mise à l'emploi des demandeurs d'emploi de longue durée, modifié en dernier lieu par l'arrêté royal du 28 septembre 2017;
3° l'arrêté du Gouvernement de la Communauté germanophone du 20 décembre 2001 portant octroi de subventions aux pouvoirs locaux occupant des travailleurs contractuels subventionnés, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 28 septembre 2017;
4° l'arrêté royal du 11 juillet 2002 déterminant l'intervention financière du centre public d'aide sociale dans le coût salarial d'un ayant droit à l'intégration sociale qui est engagé dans le cadre du plan Activa, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 28 septembre 2017;
5° l'arrêté royal du 14 novembre 2002 déterminant l'intervention financière du centre public d'aide sociale dans le coût salarial d'un ayant droit à une aide sociale financière qui est engagé dans le cadre du plan Activa, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 28 septembre 2017;
6° l'arrêté royal du 29 mars 2006 d'exécution de l'article 7, § 1er, alinéa 3, m), de l'arrêté-loi du 28 décembre 1944 relatif à la sécurité sociale des travailleurs pour la promotion de mise à l'emploi des jeunes moins qualifiés ou très peu qualifiés, modifié par les arrêtés royaux des 20 juillet 2006 et 2 mai 2007;
7° l'arrêté du Gouvernement du 29 avril 2010 instaurant un programme visant la mise au travail de travailleurs âgés dans le secteur marchand privé, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement du 28 septembre 2017.
Art. 53. De Regering kan regels vastleggen die de in de volgende teksten vastgelegde bepalingen betreffende de activering van de werkuitkering en betreffende de vermindering van de sociale zekerheidsbijdragen geheel of gedeeltelijk beperken of opheffen :
1° het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering;
2° het koninklijk besluit van 3 mei 1999 tot uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, m, van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, betreffende de herinschakeling van zeer moeilijk te plaatsen werklozen;
3° het koninklijk besluit van 11 juli 2002 tot vaststelling van de financiële tussenkomst vanwege het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn in de loonkost van een gerechtigde op maatschappelijke integratie die wordt tewerkgesteld in een sociale inschakelingsinitiatief;
4° het koninklijk besluit van 14 november 2002 tot vaststelling van de financiële tussenkomst vanwege het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn in de loonkost van een rechthebbende op financiële maatschappelijke hulp die wordt tewerkgesteld in een sociale inschakelingsinitiatief;
5° het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 (I) betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen.
1° het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering;
2° het koninklijk besluit van 3 mei 1999 tot uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, m, van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, betreffende de herinschakeling van zeer moeilijk te plaatsen werklozen;
3° het koninklijk besluit van 11 juli 2002 tot vaststelling van de financiële tussenkomst vanwege het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn in de loonkost van een gerechtigde op maatschappelijke integratie die wordt tewerkgesteld in een sociale inschakelingsinitiatief;
4° het koninklijk besluit van 14 november 2002 tot vaststelling van de financiële tussenkomst vanwege het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn in de loonkost van een rechthebbende op financiële maatschappelijke hulp die wordt tewerkgesteld in een sociale inschakelingsinitiatief;
5° het koninklijk besluit van 16 mei 2003 tot uitvoering van het Hoofdstuk 7 van Titel IV van de programmawet van 24 december 2002 (I) betreffende de harmonisering en vereenvoudiging van de regelingen inzake verminderingen van de sociale zekerheidsbijdragen.
Art. 53. Le Gouvernement peut fixer des règles qui limitent ou abrogent, en tout ou partie, les dispositions relatives à l'activation de l'allocation de travail et aux réductions de cotisations de sécurité sociale, fixées dans les textes suivants :
1° l'arrêté royal du 25 novembre 1991 portant réglementation du chômage;
2° l'arrêté royal du 3 mai 1999 portant exécution de l'article 7, § 1er, alinéa 3, m), de l'arrêté-loi du 28 décembre 1944 concernant la sécurité sociale des travailleurs relatif à la réinsertion de chômeurs très difficiles à placer;
3° l'arrêté royal du 11 juillet 2002 déterminant l'intervention financière du centre public d'aide sociale dans le coût salarial d'un ayant droit à l'intégration sociale mis au travail dans une initiative d'insertion sociale;
4° l'arrêté royal du 14 novembre 2002 déterminant l'intervention financière du centre public d'aide sociale dans le coût salarial d'un ayant droit à une aide sociale financière mis au travail dans une initiative d'insertion sociale;
5° l'arrêté royal du 16 mai 2003 pris en exécution du Chapitre 7 du Titre IV de la loi-programme du 24 décembre 2002 (I), visant à harmoniser et à simplifier les régimes de réductions de cotisations de sécurité sociale.
1° l'arrêté royal du 25 novembre 1991 portant réglementation du chômage;
2° l'arrêté royal du 3 mai 1999 portant exécution de l'article 7, § 1er, alinéa 3, m), de l'arrêté-loi du 28 décembre 1944 concernant la sécurité sociale des travailleurs relatif à la réinsertion de chômeurs très difficiles à placer;
3° l'arrêté royal du 11 juillet 2002 déterminant l'intervention financière du centre public d'aide sociale dans le coût salarial d'un ayant droit à l'intégration sociale mis au travail dans une initiative d'insertion sociale;
4° l'arrêté royal du 14 novembre 2002 déterminant l'intervention financière du centre public d'aide sociale dans le coût salarial d'un ayant droit à une aide sociale financière mis au travail dans une initiative d'insertion sociale;
5° l'arrêté royal du 16 mai 2003 pris en exécution du Chapitre 7 du Titre IV de la loi-programme du 24 décembre 2002 (I), visant à harmoniser et à simplifier les régimes de réductions de cotisations de sécurité sociale.
Art. 54. Voor de werknemers die vóór inwerkingtreding van dit decreet in dienst getreden zijn, blijven de werkgevers de doelgroepverminderingen ontvangen zoals vastgelegd in de artikelen 340 tot 341, 346, 347 en 353bis van de Programmawet (I) van 24 december 2002 of in de desbetreffende uitvoeringsbepalingen, zoals van kracht op 31 december 2018.
Art. 54. Pour les travailleurs entrés en service avant l'entrée en vigueur du présent décret, les réductions pour groupe cible continuent à être octroyées aux employeurs telles qu'elles sont fixées dans les articles 340 à 341, 346, 347 et 353bis de la loi-programme (I) du 24 décembre 2002 ou dans leurs dispositions exécutoires, dans leur version en vigueur au 31 décembre 2018.
Art. 55. [6 Werkgevers]6 die - in het kader van het besluit van de Waalse Regering van 11 mei 1995 betreffende de indienstneming van gesubsidieerde contractuelen door sommige openbare besturen en ermee gelijkgestelde werkgevers - werknemers tewerkstellen die vóór inwerkingtreding van dit decreet in dienst zijn [6 getreden, vallen voor]6 die werknemers onder de toepassing van dit decreet, behalve voor wat betreft het bedrag van de jaarlijkse premies, [1 die worden vastgelegd in het tweede lid]1. Het aantal betrekkingen, uitgedrukt in voltijdse equivalenten, dat met toepassing van het voormelde besluit aan de werkgevers werd toegekend, wordt hen gedurende zes maanden nadat de arbeidsverhouding met de voormelde werknemers werd beëindigd verder toegekend, voor zover binnen die termijn een nieuwe aanwerving geschiedt met toepassing van hoofdstuk 4, afdeling 1, van dit decreet.
[1 De jaarlijkse premies die moeten worden betaald aan de werkgevers vermeld in het eerste lid, bedragen:
1° [5 19 522 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een premie ontvingen van de subsidiecategorie B1 in de zin van artikel 5, § 1, van het besluit van de Regering van het Waals Gewest van 11 mei 1995 betreffende de indienstneming van gesubsidieerde contractuelen door sommige openbare besturen en ermee gelijkgestelde werkgevers;
2° [5 27 343 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een premie ontvingen van de subsidiecategorie B2 in de zin van artikel 5, § 2, van hetzelfde besluit van de Regering van het Waals Gewest;
3° [5 34 514 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een premie ontvingen van de subsidiecategorie B3 in de zin van artikel 5, § 3, eerste en derde lid, van hetzelfde besluit van de Regering van het Waals Gewest.
Met behoud van de toepassing van het eerste lid is de indexering van de overeenkomstig het tweede lid vastgelegde premie onderworpen aan de toepassing van artikel 14, § 3.]1
[1 De jaarlijkse premies die moeten worden betaald aan de werkgevers vermeld in het eerste lid, bedragen:
1° [5 19 522 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een premie ontvingen van de subsidiecategorie B1 in de zin van artikel 5, § 1, van het besluit van de Regering van het Waals Gewest van 11 mei 1995 betreffende de indienstneming van gesubsidieerde contractuelen door sommige openbare besturen en ermee gelijkgestelde werkgevers;
2° [5 27 343 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een premie ontvingen van de subsidiecategorie B2 in de zin van artikel 5, § 2, van hetzelfde besluit van de Regering van het Waals Gewest;
3° [5 34 514 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een premie ontvingen van de subsidiecategorie B3 in de zin van artikel 5, § 3, eerste en derde lid, van hetzelfde besluit van de Regering van het Waals Gewest.
Met behoud van de toepassing van het eerste lid is de indexering van de overeenkomstig het tweede lid vastgelegde premie onderworpen aan de toepassing van artikel 14, § 3.]1
Modifications
Art. 55. [6 Les employeurs]6 qui occupent des travailleurs dans le cadre de l'arrêté du Gouvernement de la Région wallonne du 11 mai 1995 relatif à l'engagement d'agents contractuels subventionnés auprès de certains pouvoirs publics et employeurs y assimilés, entrés en service avant l'entrée en vigueur du présent décret, sont soumis, pour ces travailleurs, à l'application du présent décret, à l'exception du montant des primes payables annuellement, [1 fixé à l'alinéa 2]1. Le nombre de postes, exprimé en équivalents temps plein, octroyés aux employeurs en application de l'arrêté susmentionné continuent à l'être pendant six mois après le terme du contrat de travail conclu avec les travailleurs susmentionnés, pour autant qu'un nouvel engagement ait lieu pendant cette période en application du chapitre 4, section 1re, du présent décret.
[1 Le montant des primes payables annuellement aux employeurs occupant les travailleurs mentionnés au premier alinéa s'élève à :
1° [5 19 522 euros]5 pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une prime de la catégorie de subventionnement B1 au sens de l'article 5, § 1er, de l'arrêté du Gouvernement de la Région wallonne du 11 mai 1995 relatif à l'engagement de travailleurs contractuels subventionnés auprès de certains pouvoirs publics et employeurs y assimilés;
2° [5 27 343 euros]5 pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une prime de la catégorie de subventionnement B2 au sens de l'article 5, § 2, du même arrêté;
3° [5 34 514 euros]5 pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une prime de la catégorie de subventionnement B3 au sens de l'article 5, § 3, alinéas 1er et 3, du même arrêté.
Sans préjudice de l'application du premier alinéa, l'indexation de la prime fixée conformément à l'alinéa 2 est soumise à l'application de l'article 14, § 3. ]1
[1 Le montant des primes payables annuellement aux employeurs occupant les travailleurs mentionnés au premier alinéa s'élève à :
1° [5 19 522 euros]5 pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une prime de la catégorie de subventionnement B1 au sens de l'article 5, § 1er, de l'arrêté du Gouvernement de la Région wallonne du 11 mai 1995 relatif à l'engagement de travailleurs contractuels subventionnés auprès de certains pouvoirs publics et employeurs y assimilés;
2° [5 27 343 euros]5 pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une prime de la catégorie de subventionnement B2 au sens de l'article 5, § 2, du même arrêté;
3° [5 34 514 euros]5 pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une prime de la catégorie de subventionnement B3 au sens de l'article 5, § 3, alinéas 1er et 3, du même arrêté.
Sans préjudice de l'application du premier alinéa, l'indexation de la prime fixée conformément à l'alinéa 2 est soumise à l'application de l'article 14, § 3. ]1
Modifications
Art. 57. Werkgevers die - in het kader van het besluit van de Regering van 20 december 2001 houdende toekenning van toelagen aan plaatselijke besturen die geco's tewerkstellen - werknemers tewerkstellen die vóór inwerkingtreding van dit decreet in dienst zijn getreden, vallen, voor die werknemers, onder de toepassing van dit decreet, behalve voor wat betreft het bedrag van de toelagen [1 die worden vastgelegd in het tweede lid]1.
[1 De toelagen voor de werkgevers die de werknemers vermeld in het eerste lid tewerkstellen, bedragen:
1° [5 16 235 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een toelage ontvingen op basis van artikel 5 van het besluit van de Regering van 20 december 2001 houdende toekenning van toelagen aan plaatselijke besturen die geco's tewerkstellen;
2° [5 23 043 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een toelage ontvingen op basis van artikel 6 van hetzelfde regeringsbesluit;
3° [5 29 850 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een toelage ontvingen op basis van artikel 7 van hetzelfde regeringsbesluit.
Met behoud van de toepassing van het eerste lid is de indexering van de overeenkomstig het tweede lid vastgelegde toelage onderworpen aan de toepassing van artikel 14, § 3.]1
[1 De toelagen voor de werkgevers die de werknemers vermeld in het eerste lid tewerkstellen, bedragen:
1° [5 16 235 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een toelage ontvingen op basis van artikel 5 van het besluit van de Regering van 20 december 2001 houdende toekenning van toelagen aan plaatselijke besturen die geco's tewerkstellen;
2° [5 23 043 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een toelage ontvingen op basis van artikel 6 van hetzelfde regeringsbesluit;
3° [5 29 850 euros]5 voor werknemers voor wie de werkgevers op 31 december 2018 een toelage ontvingen op basis van artikel 7 van hetzelfde regeringsbesluit.
Met behoud van de toepassing van het eerste lid is de indexering van de overeenkomstig het tweede lid vastgelegde toelage onderworpen aan de toepassing van artikel 14, § 3.]1
Modifications
Art. 57. Les employeurs qui occupent des travailleurs dans le cadre de l'arrêté du Gouvernement du 20 décembre 2001 portant octroi de subventions aux pouvoirs locaux occupant des travailleurs contractuels subventionnés, entrés en service avant l'entrée en vigueur du présent décret, sont soumis, pour ces travailleurs, à l'application du présent décret, à l'exception du montant des primes [1 fixé à l'alinéa 2]1.
[1 Le montant des subventions aux employeurs occupant les travailleurs mentionnés au premier alinéa s'élève à :
1° [5 16 235 euros]5 pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une subvention au sens de l'article 5 de l'arrêté du Gouvernement du 20 décembre 2001 portant octroi de subventions aux pouvoirs locaux occupant des travailleurs contractuels subventionnés;
2° [5 23 043 euros]5 pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une subvention au sens de l'article 6 du même arrêté du Gouvernement;
3° [5 29 850 euros]5 euros pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une subvention au sens de l'article 7 du même arrêté du Gouvernement.
Sans préjudice de l'application du premier alinéa, l'indexation de la subvention fixée conformément à l'alinéa 2 est soumise à l'application de l'article 14, § 3.]1
[1 Le montant des subventions aux employeurs occupant les travailleurs mentionnés au premier alinéa s'élève à :
1° [5 16 235 euros]5 pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une subvention au sens de l'article 5 de l'arrêté du Gouvernement du 20 décembre 2001 portant octroi de subventions aux pouvoirs locaux occupant des travailleurs contractuels subventionnés;
2° [5 23 043 euros]5 pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une subvention au sens de l'article 6 du même arrêté du Gouvernement;
3° [5 29 850 euros]5 euros pour les travailleurs pour lesquels les employeurs obtenaient, au 31 décembre 2018, une subvention au sens de l'article 7 du même arrêté du Gouvernement.
Sans préjudice de l'application du premier alinéa, l'indexation de la subvention fixée conformément à l'alinéa 2 est soumise à l'application de l'article 14, § 3.]1
Modifications
Art. 58. Werkgevers die - met toepassing van de wet van 24 december 1999 ter bevordering van de werkgelegenheid en met toepassing van het koninklijk besluit van 30 maart 2000 tot uitvoering van de artikelen 26, 27, eerste lid, 2°, 30, 39, § 1, en § 4, tweede lid, 40, tweede lid, 40bis, tweede lid, 41, 43, tweede lid, en 47, § 1, vijfde lid, van de wet van 24 december 1999 ter bevordering van de werkgelegenheid - in het kader van een afspraak omtrent de startbaanovereenkomst globaal project "hulp bij projecten in de sociale economie" werknemers tewerkstellen die vóór inwerkingtreding van dit decreet in dienst zijn getreden, blijven de volgens die afspraak bepaalde tegemoetkoming in de loonkosten ontvangen tot de arbeidsverhouding met die werknemers wordt beëindigd of tot de in die afspraak vastgelegde voorwaarden niet meer vervuld zijn. Het aantal betrekkingen, uitgedrukt in voltijdse equivalenten, dat met toepassing van de voormelde afspraken aan de werkgevers toegekend werd, wordt hen gedurende zes maanden nadat de arbeidsverhouding met de voormelde werknemers werd beëindigd verder toegekend, voor zover binnen die termijn een nieuwe aanwerving geschiedt met toepassing van hoofdstuk 4, afdeling 1, van dit decreet.
Art. 58. Les employeurs qui, en application de la loi du 24 décembre 1999 en vue de la promotion de l'emploi et de l'arrêté royal du 30 mars 2000 d'exécution des articles 26, 27, alinéa 1er, 2°, 30, 39, § 1er et § 4, alinéa 2, 40, alinéa 2, 40bis, alinéa 2, 41, 43, alinéa 2, et 47, § 1er, alinéa 5, de la loi du 24 décembre 1999 en vue de la promotion de l'emploi - et dans le cadre d'une convention de premier emploi du projet global " Assistance dans le cadre de projets d'économie sociale " - occupent des travailleurs, entrés en service avant l'entrée en vigueur du présent décret, continuent à recevoir l'intervention dans les coûts salariaux prévue par ladite convention jusqu'au terme du contrat de travail conclu avec ces travailleurs ou jusqu'à ce que les conditions prévues dans ladite convention ne soient plus remplies. Le nombre de postes, exprimé en équivalents temps plein, octroyé aux employeurs dans le cadre de la convention susmentionnée continue à l'être pendant six mois après le terme du contrat de travail conclu avec les travailleurs susmentionnés, pour autant qu'un nouvel engagement ait lieu pendant cette période en application du chapitre 4, section 1re, du présent décret.
Art. 59. De werknemers die vóór inwerkingtreding van dit decreet in dienst zijn getreden, blijven de werkuitkering verder ontvangen onder de voorwaarden gesteld in het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden en onder de voorwaarden gesteld in het koninklijk besluit van 29 maart 2006 tot uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, m, van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders ter bevordering van de tewerkstelling van laaggeschoolde of erg laag geschoolde jongeren, zoals van kracht op 31 december 2018.
De Regering legt de verdere overgangsbepalingen vast.
De Regering legt de verdere overgangsbepalingen vast.
Art. 59. Les travailleurs entrés en service avant l'entrée en vigueur du présent décret continuent à recevoir l'allocation de travail conformément aux conditions mentionnées dans l'arrêté royal du 19 décembre 2001 de promotion de mise à l'emploi des demandeurs d'emploi de longue durée et dans l'arrêté royal du 29 mars 2006 d'exécution de l'article 7, § 1er, alinéa 3, m), de l'arrêté-loi du 28 décembre 1944 relatif à la sécurité sociale des travailleurs pour la promotion de mise à l'emploi des jeunes moins qualifiés ou très peu qualifiés, dans leur version en vigueur au 31 décembre 2018.
Le Gouvernement fixe les autres modalités transitoires.
Le Gouvernement fixe les autres modalités transitoires.
Art. 60. Voor de werknemers die vóór inwerkingtreding van dit decreet in dienst zijn getreden, blijven de werkgevers de 'financiële tussenkomst' van de OCMW's ontvangen onder de voorwaarden gesteld in het koninklijk besluit van 11 juli 2002 tot vaststelling van de financiële tussenkomst vanwege het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn in de loonkost van een gerechtigde op maatschappelijke integratie die wordt aangeworven in het kader van het Activaplan en onder de voorwaarden gesteld in het koninklijk besluit van 14 november 2002 tot vaststelling van de financiële tussenkomst vanwege het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn in de loonkost van een rechthebbende op financiële maatschappelijke hulp die wordt aangeworven in het kader van het Activaplan, zoals van kracht op 31 december 2018.
Art. 60. Pour les travailleurs entrés en service avant l'entrée en vigueur du présent décret, les employeurs continuent à recevoir l'intervention financière du CPAS conformément aux conditions mentionnées dans l'arrêté royal du 11 juillet 2002 déterminant l'intervention financière du centre public d'aide sociale dans le coût salarial d'un ayant droit à l'intégration sociale qui est engagé dans le cadre du plan Activa et dans l'arrêté royal du 14 novembre 2002 déterminant l'intervention financière du centre public d'aide sociale dans le coût salarial d'un ayant droit à une aide sociale financière qui est engagé dans le cadre du plan Activa, dans leur version en vigueur au 31 décembre 2018.
Art. 61. Werkgevers die - in het kader van een bilateraal akkoord over de tewerkstelling van jongeren in de social profitsector en met toepassing van artikel 7 van het decreet van 14 december 2017 houdende de begroting van de ontvangsten en de algemene begroting van de uitgaven van de Duitstalige Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2018 - werknemers tewerkstellen die vóór inwerkingtreding van dit decreet in dienst zijn getreden, blijven de volgens dat akkoord bepaalde tegemoetkoming in de loonkosten ontvangen tot de arbeidsverhouding met die werknemers wordt beëindigd of de voorwaarden bepaald in het akkoord niet meer vervuld zijn. Het aantal betrekkingen, uitgedrukt in voltijdse equivalenten, dat in het kader van het voormelde akkoord aan de werkgevers toegekend werd, wordt hen gedurende zes maanden nadat de arbeidsverhouding met de voormelde werknemers werd beëindigd verder toegekend, voor zover binnen die termijn een nieuwe aanwerving geschiedt met toepassing van hoofdstuk 4, afdeling 1, van dit decreet.
Art. 61. Les employeurs qui occupent des travailleurs, entrés en service avant l'entrée en vigueur du présent décret, dans le cadre d'un accord bilatéral concernant l'emploi des jeunes dans le secteur non-marchand, en application de l'article 7 du décret du 14 décembre 2017 contenant le budget des recettes et le budget général des dépenses de la Communauté germanophone pour l'année budgétaire 2018, continuent à recevoir l'intervention dans les coûts salariaux prévue dans ledit accord jusqu'au terme du contrat de travail conclu avec ces travailleurs ou jusqu'à ce que les conditions prévues dans l'accord ne soient plus remplies. Le nombre de postes, exprimé en équivalents temps plein, octroyé aux employeurs dans le cadre de l'accord susmentionné continue à l'être pendant six mois après le terme du contrat de travail conclu avec les travailleurs susmentionnés, pour autant qu'un nouvel engagement ait lieu pendant cette période en application du chapitre 4, section 1re, du présent décret.
Art. 62. De werknemer die op 31 december 2018 het recht kan openen op een vermindering van de sociale zekerheidsbijdragen met toepassing van artikel 339 van de programmawet (I) van 24 december 2002, blijft tot de laatste dag van het kwartaal dat voorafgaat aan het kwartaal waarin hij de leeftijd van 55 jaar bereikt, in aanmerking komen voor een vermindering van de sociale zekerheidsbijdragen ten belope van het forfaitair bedrag G3 vermeld in artikel 336 van dezelfde wet.
Art. 62. Le travailleur susceptible, au 31 décembre 2018, d'ouvrir le droit à une réduction de cotisations de sécurité sociale en application de l'article 339 de la loi-programme (I) du 24 décembre 2002 continue à bénéficier de cette réduction à concurrence du montant forfaitaire s'élevant à G3 mentionné à l'article 336 de ladite loi, et ce, jusqu'au dernier jour du trimestre précédant celui au cours duquel il atteint l'âge de 55 ans.
Art. 63. Een werknemer die in een ander gewest een activering van de werkuitkering ontvangt met toepassing van bepalingen die bij of krachtens dit decreet na zijn indiensttreding opgeheven worden en die zijn woonplaats naar het Duitse taalgebied overbrengt, blijft de voormelde activering van de werkuitkering verder ontvangen overeenkomstig de voorwaarden gesteld in die bepalingen, zoals van kracht op 31 december 2018.
Een werknemer die in een ander gewest een vermindering van de sociale zekerheidsbijdragen ontvangt met toepassing van bepalingen die na zijn indiensttreding bij of krachtens dit decreet worden opgeheven en die naar een vestigingseenheid in het Duitse taalgebied wordt overgeplaatst of die - indien zijn werkgever geen vestigingseenheid in België heeft - hoofdzakelijk op het Duitse taalgebied tewerkgesteld wordt, blijft de voormelde vermindering van de sociale zekerheidsbijdragen verder ontvangen onder de voorwaarden gesteld in die bepalingen, zoals van kracht op 31 december 2018.
Het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing, wanneer de indiensttreding van de werknemer voor wie de activering van de werkuitkering of de vermindering van de sociale zekerheidsbijdragen toegekend werd, heeft plaatsgevonden na de opheffing van de erin bedoelde bepalingen door het gewest waar hij zijn woonplaats had of waar zich de vestigingseenheid bevond waarin hij tewerkgesteld was.
Een werknemer die in een ander gewest een vermindering van de sociale zekerheidsbijdragen ontvangt met toepassing van bepalingen die na zijn indiensttreding bij of krachtens dit decreet worden opgeheven en die naar een vestigingseenheid in het Duitse taalgebied wordt overgeplaatst of die - indien zijn werkgever geen vestigingseenheid in België heeft - hoofdzakelijk op het Duitse taalgebied tewerkgesteld wordt, blijft de voormelde vermindering van de sociale zekerheidsbijdragen verder ontvangen onder de voorwaarden gesteld in die bepalingen, zoals van kracht op 31 december 2018.
Het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing, wanneer de indiensttreding van de werknemer voor wie de activering van de werkuitkering of de vermindering van de sociale zekerheidsbijdragen toegekend werd, heeft plaatsgevonden na de opheffing van de erin bedoelde bepalingen door het gewest waar hij zijn woonplaats had of waar zich de vestigingseenheid bevond waarin hij tewerkgesteld was.
Art. 63. Dans l'hypothèse où un travailleur bénéficie, dans une autre région, d'une activation de l'allocation de travail en application de dispositions abrogées par ou en vertu du présent décret après son entrée en service et qu'il est domicilié en région de langue allemande, il continue à bénéficier de ladite activation conformément aux conditions prévues dans ces dispositions, dans leur version en vigueur au 31 décembre 2018.
Dans l'hypothèse où un travailleur bénéficie, dans une autre région, d'une réduction de cotisations de sécurité sociale en application de dispositions abrogées par ou en vertu du présent décret après son entrée en service et qu'il est transféré vers une unité d'établissement située en région de langue allemande ou, si son employeur ne dispose pas d'unité d'établissement en Belgique, est principalement occupé sur le territoire de la région de langue allemande, il continue à bénéficier de ladite réduction de cotisations de sécurité sociale conformément aux conditions prévues dans ces dispositions, dans leur version en vigueur au 31 décembre 2018.
Les alinéas 1er et 2 ne s'appliquent pas lorsque l'entrée en service du travailleur, respectivement à l'origine de l'activation de l'allocation de travail ou des réductions de cotisations de sécurité sociale, a eu lieu après l'abrogation des dispositions fédérales y visées par la Région dans laquelle étaient situées respectivement sa résidence principale ou l'unité d'établissement au sein de laquelle il est occupé.
Dans l'hypothèse où un travailleur bénéficie, dans une autre région, d'une réduction de cotisations de sécurité sociale en application de dispositions abrogées par ou en vertu du présent décret après son entrée en service et qu'il est transféré vers une unité d'établissement située en région de langue allemande ou, si son employeur ne dispose pas d'unité d'établissement en Belgique, est principalement occupé sur le territoire de la région de langue allemande, il continue à bénéficier de ladite réduction de cotisations de sécurité sociale conformément aux conditions prévues dans ces dispositions, dans leur version en vigueur au 31 décembre 2018.
Les alinéas 1er et 2 ne s'appliquent pas lorsque l'entrée en service du travailleur, respectivement à l'origine de l'activation de l'allocation de travail ou des réductions de cotisations de sécurité sociale, a eu lieu après l'abrogation des dispositions fédérales y visées par la Région dans laquelle étaient situées respectivement sa résidence principale ou l'unité d'établissement au sein de laquelle il est occupé.
Art. 64. De in het kader van dit hoofdstuk toegekende subsidies, verminderingen en uitkeringen kunnen niet met AktiF-subsidies en AktiF PLUS-subsidies gecumuleerd worden.
Art. 64. Les subventions, réductions et aides octroyées dans le cadre de ce chapitre ne peuvent être cumulées avec les subventions AktiF et AktiF PLUS.
Art. 65. Dit decreet treedt in werking op 1 januari 2019, met uitzondering van artikel 47, 1°, artikel 50 en artikel 52, 7°, die op 1 april 2020 in werking treden.
Art. 65. Le présent décret entre en vigueur le 1er janvier 2019, à l'exception des articles 47, 1°, 50 et 52, 7°, qui entrent en vigueur le 1er avril 2020.