Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
16 JUNI 2011. - Verdrag nr. 189 betreffende waardig werk voor het huispersoneel, aangenomen te Genève op 16 juni 2011 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar 100e zitting
Titre
16 JUIN 2011. - Convention n° 189 concernant le travail décent pour les travailleuses et travailleurs domestiques, adoptée à Genève le 16 juin 2011 par la Conférence internationale du travail à sa 100esession
Table des matières
Table des matières
Tekst (29)
Texte (29)
Artikel 1. Ter fine van dit verdrag :
  a) betekent de uitdrukking huishoudelijk werk het werk dat wordt uitgevoerd binnen of voor één of meerdere gezinnen;
  b) geldt de uitdrukking huispersoneel voor elke mannelijke of vrouwelijke persoon die huishoudelijk werk verricht in het kader van een arbeidsrelatie;
  c) is een persoon die slechts bij gelegenheid of sporadisch huishoudelijk werk verricht zonder hiervan zijn of haar beroep te maken, geen huishoudelijk werker of werkster.
Article 1. Aux fins de la présente convention :
  (a) l'expression travail domestique " désigne le travail effectué au sein de ou pour un ou plusieurs ménages;
  (b) l'expression travailleur domestique désigne toute personne de genre féminin ou masculin exécutant un travail domestique dans le cadre d'une relation de travail;
  (c) une personne qui effectue un travail domestique seulement de manière occasionnelle ou sporadique sans en faire sa profession n'est pas un travailleur domestique.
Art. 2. 1. Het verdrag is van toepassing op al het huispersoneel.
  2. Een Lid dat dit verdrag ratificeert, kan, na overleg met de meest representatieve werkgevers- en werknemersorganisaties en, indien deze bestaan, met de representatieve organisaties van huispersoneel en van de werkgevers van huispersoneel, de volgende categorieën volledig of ten dele uitsluiten van het toepassingsveld van het verdrag :
  a) categorieën van werknemers die op een andere manier eenzelfde en minstens equivalente bescherming genieten;
  b) beperkte categorieën van werknemers voor wie zich bijzondere en zeer belangrijke problemen stellen.
  3. Elk lid dat zich beroept op de mogelijkheid die wordt aangeboden in de vorige paragraaf, moet, in zijn eerste verslag over de toepassing van het verdrag krachtens artikel 22 van het Statuut van de Internationale Arbeidsorganisatie, elke bijzondere categorie van werknemers aanduiden die zo wordt uitgesloten en de redenen van deze uitsluiting vermelden en moet in latere verslagen elke maatregel toelichten die kan worden genomen om de toepassing van het verdrag uit te breiden tot de betrokken werknemers.
Art. 2. 1. La convention s'applique à tous les travailleurs domestiques.
  2. Un Membre qui ratifie cette convention peut, après consultation des organisations d'employeurs et de travailleurs les plus représentatives et, lorsqu'elles existent, des organisations représentatives de travailleurs domestiques et de celles d'employeurs de travailleurs domestiques, exclure totalement ou partiellement de son champ d'application :
  (a) des catégories de travailleurs qui bénéficient à un autre titre d'une protection au moins équivalente;
  (b) des catégories limitées de travailleurs au sujet desquelles se posent des problèmes particuliers d'une importance significative.
  3. Tout Membre qui se prévaut de la possibilité offerte au paragraphe précédent doit, dans son premier rapport sur l'application de la convention en vertu de l'article 22 de la Constitution de l'Organisation internationale du Travail, indiquer toute catégorie particulière de travailleurs ainsi exclue en précisant les raisons d'une telle exclusion et, dans ses rapports ultérieurs, spécifier toute mesure qui pourra avoir été prise en vue d'étendre l'application de la convention aux travailleurs concernés.
Art. 3. 1. Elk Lid moet maatregelen nemen om de daadwerkelijke bevordering en bescherming van de menselijke rechten van al het huispersoneel te waarborgen zoals bepaald in dit verdrag.
  2. Elk Lid moet ten aanzien van het huispersoneel de maatregelen nemen die zijn bepaald door dit verdrag om de beginselen en fundamentele rechten op werk te respecteren, te bevorderen en de verwezenlijken, namelijk :
  a) de vrijheid van vereniging en de daadwerkelijke erkenning van het recht op collectief overleg;
  b) de uitroeiing van elke vorm van dwangarbeid of verplichte arbeid;
  c) de daadwerkelijke afschaffing van kinderarbeid;
  d) de uitroeiing van de discriminatie inzake werk en beroep.
  3. Wanneer de Leden maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat het huispersoneel en de werkgevers van het huispersoneel vakbondsvrijheid en daadwerkelijke erkenning van het recht op collectief overleg genieten, moeten ze het recht beschermen van het huispersoneel en de werkgevers van dienstboden om hun eigen organisaties, federaties en confederaties op te richten en om hen de mogelijkheid te bieden toe te treden tot de organisaties, federaties en confederaties van hun keuze, op voorwaarde dat ze zich schikken naar de statuten ervan.
Art. 3. 1. Tout Membre doit prendre des mesures pour assurer la promotion et la protection effectives des droits humains de tous les travailleurs domestiques comme prévu dans la présente convention.
  2. Tout Membre doit prendre à l'égard des travailleurs domestiques les mesures prévues par la présente convention pour respecter, promouvoir et réaliser les principes et droits fondamentaux au travail, à savoir :
  (a) la liberté d'association et la reconnaissance effective du droit de négociation collective;
  (b) l'élimination de toute forme de travail forcé ou obligatoire;
  (c) l'abolition effective du travail des enfants;
  (d) l'élimination de la discrimination en matière d'emploi et de profession.
  3. Lorsqu'ils prennent des mesures afin d'assurer que les travailleurs domestiques et les employeurs des travailleurs domestiques jouissent de la liberté syndicale et de la reconnaissance effective du droit de négociation collective, les Membres doivent protéger le droit des travailleurs domestiques et des employeurs des travailleurs domestiques de constituer leurs propres organisations, fédérations et confédérations et, à la condition de se conformer aux statuts de ces dernières, de s'affilier aux organisations, fédérations et confédérations de leur choix.
Art. 4. 1. Elk Lid moet een minimum leeftijd bepalen voor het huispersoneel; deze leeftijd moet in overeenstemming zijn met de bepalingen van het verdrag (nr 138) over de minimumleeftijd, 1973, en met het verdrag (nr 182) betreffende het verbod van de ergste vormen van kinderarbeid, 1999, en mag niet lager liggen dan de leeftijd die is bepaald door de nationale wetgeving die van toepassing is op alle werknemers.
  2. Elk Lid moet maatregelen nemen om erop toe te zien dat het werk dat wordt uitgevoerd door het huispersoneel dat jonger is dan 18 jaar en ouder dan de minimum leeftijd voor de toegang tot de werkgelegenheid, de leerplicht niet belemmert of de mogelijkheden om verder te studeren of een beroepsopleiding te volgen, niet in gevaar brengt.
Art. 4. 1. Tout Membre doit fixer un âge minimum pour les travailleurs domestiques qui doit être compatible avec les dispositions de la convention (no 138) sur l'âge minimum, 1973, et de la convention (n° 182) sur les pires formes de travail des enfants, 1999, et ne pas être inférieur à celui qui est prévu par la législation nationale applicable à l'ensemble des travailleurs.
  2. Tout Membre doit prendre des mesures pour veiller à ce que le travail effectué par les travailleurs domestiques d'un âge inférieur à 18 ans et supérieur à l'âge minimum d'admission à l'emploi ne les prive pas de la scolarité obligatoire ni ne compromette leurs chances de poursuivre leurs études ou de suivre une formation professionnelle.
Art. 5. Elk Lid moet maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat het huispersoneel een daadwerkelijke bescherming geniet tegen alle vormen van misbruik, pesterijen en geweld.
Art. 5. Tout Membre doit prendre des mesures afin d'assurer que les travailleurs domestiques bénéficient d'une protection effective contre toutes les formes d'abus, de harcèlement et de violence.
Art. 6. Elk Lid moet maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat het huispersoneel net als alle werknemers, gelijke voorwaarden inzake werkgelegenheid geniet en kan werken in waardige omstandigheden en dat deze personen, wanneer ze bij een gezin logeren, waardig kunnen leven met respect voor hun privé-leven.
Art. 6. Tout Membre doit prendre des mesures afin d'assurer que les travailleurs domestiques, comme l'ensemble des travailleurs, jouissent de conditions d'emploi équitables ainsi que de conditions de travail décentes et, lorsqu'ils sont logés au sein du ménage, de conditions de vie décentes qui respectent leur vie privée.
Art. 7. Elk Lid moet maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat de huishoudelijke werkers en werksters op een gepaste, controleerbare en makkelijk verstaanbare manier worden ingelicht over hun arbeidsvoorwaarden, bij voorkeur en indien mogelijk aan de hand van een schriftelijke overeenkomst conform de nationale wetgeving of de collectieve overeenkomsten, meer bepaald wat betreft :
  a) de naam en het adres van de werkgever en de werknemer;
  b) het adres van de gangbare arbeidsplaats(en);
  c) de startdatum van het werk en de duur ervan, indien het om een overeenkomst van bepaalde duur gaat;
  d) het soort werk dat moet worden uitgevoerd;
  e) het loon, de berekeningswijze ervan en de periodiciteit van de betalingen;
  f) de normale arbeidsduur;
  g) het jaarlijks betaald verlof en de dagelijkse en wekelijkse rustpauzes;
  h) de terbeschikkingstelling van voeding en een woonplaats, indien nodig;
  i) de proefperiode, indien nodig;
  j) de voorwaarden inzake repatriëring, indien nodig;
  k) de voorwaarden voor de beëindiging van de arbeidsrelatie met inbegrip van elke vooropzegging die door de werkgever of door de werknemer moet worden gerespecteerd.
Art. 7. Tout Membre doit prendre des mesures afin d'assurer que les travailleurs domestiques soient informés de leurs conditions d'emploi d'une manière appropriée, vérifiable et facilement compréhensible, de préférence, lorsque cela est possible, au moyen d'un contrat écrit conformément à la législation nationale ou aux conventions collectives, notamment en ce qui concerne :
  (a) le nom et l'adresse de l'employeur et du travailleur;
  (b) l'adresse du ou des lieux de travail habituels;
  (c) la date de commencement de l'emploi et, si le contrat est d'une durée déterminée, sa durée;
  (d) le type de travail à effectuer;
  (e) la rémunération, son mode de calcul et la périodicité des paiements;
  (f) la durée normale de travail;
  (g) le congé annuel payé et les périodes de repos journalier et hebdomadaire;
  (h) la fourniture de nourriture et d'un logement, le cas échéant;
  (i) la période d'essai, le cas échéant;
  (j) les conditions de rapatriement, le cas échéant;
  (k) les conditions relatives à la cessation de la relation de travail, y compris tout préavis à respecter par l'employeur ou par le travailleur.
Art. 8. 1. De nationale wetgeving moet bepalen dat het migrant-huispersoneel dat wordt aangeworven in het ene land om huishoudelijk werk te verrichten in een ander land, een schriftelijke werkaanbieding of een uitvoerende arbeidsovereenkomst moet ontvangen in het land waar het werk zal worden uitgevoerd; hierin worden de arbeidsvoorwaarden opgesomd bedoeld in artikel 7 voordat men zijn/haar land verlaat om het huishoudelijke werk te verrichten waarop de aanbieding of de overeenkomst betrekking heeft.
  2. De voorgaande paragraaf is niet van toepassing op de werknemers die gebruik kunnen maken van het vrije verkeer om een functie te bekleden krachtens bilaterale, regionale of multilaterale akkoorden of in het kader van gewestelijke economische integratiezones.
  3. De Leden moeten maatregelen nemen om onderling samen te werken om ervoor te zorgen dat de bepalingen van deze overeenkomst daadwerkelijk worden toegepast op het migrant-huispersoneel.
  4. Elk Lid moet via zijn wetgeving of andere maatregelen de voorwaarden bepalen krachtens dewelke het huispersoneel recht heeft op een terugkeer naar hun land na afloop of beëindiging van de arbeidsovereenkomst waarmee dit personeel werd aangeworven.
Art. 8. 1. La législation nationale doit prévoir que les travailleurs domestiques migrants qui sont recrutés dans un pays pour effectuer un travail domestique dans un autre pays doivent recevoir par écrit une offre d'emploi ou un contrat de travail exécutoire dans le pays où le travail sera effectué, énonçant les conditions d'emploi visées à l'article 7, avant le passage des frontières nationales aux fins d'effectuer le travail domestique auquel s'applique l'offre ou le contrat.
  2. Le paragraphe précédent ne s'applique pas aux travailleurs qui jouissent de la liberté de circulation aux fins d'occuper un emploi en vertu d'accords bilatéraux, régionaux ou multilatéraux ou dans le cadre de zones d'intégration économique régionales.
  3. Les Membres doivent prendre des mesures pour coopérer entre eux afin d'assurer l'application effective des dispositions de la présente convention aux travailleurs domestiques migrants.
  4. Tout Membre doit, par voie de législation ou d'autres mesures, déterminer les conditions en vertu desquelles les travailleurs domestiques migrants ont droit au rapatriement après expiration ou résiliation du contrat de travail par lequel ils ont été recrutés.
Art. 9. Elk Lid moet maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat het huispersoneel :
  a) vrij is om tot een akkoord te komen met hun werkgever of hun potentiële werkgever over het feit of er al dan niet woongelegenheid wordt aangeboden binnen het gezin;
  b) dat inwoont bij het gezin, niet verplicht is bij het gezin de gezinsleden te blijven tijdens de dagelijkse of wekelijkse rustpauzes of tijdens de jaarlijkse verloven;
  c) het recht heeft persoonlijke reisdocumenten en hun identiteitsdocumenten in hun bezit te houden.
Art. 9. Tout Membre doit prendre des mesures afin d'assurer que les travailleurs domestiques :
  (a) soient libres de parvenir à un accord avec leur employeur ou leur employeur potentiel sur le fait de loger ou non au sein du ménage;
  (b) qui sont logés au sein du ménage ne soient pas obligés de rester au sein du ménage ou avec les membres du ménage pendant les périodes de repos journalier ou hebdomadaire ou de congés annuels;
  (c) aient le droit de garder en leur possession leurs documents de voyage et leurs pièces d'identité.
Art. 10. 1. Elk Lid moet maatregelen nemen om de gelijke behandeling te waarborgen tussen het huispersoneel en alle werknemers wat betreft de normale arbeidsduur, de compensatie van de overuren, de dagelijkse en wekelijkse rustpauzes en het betaald jaarlijks verlof conform de nationale wetgeving of de collectieve overeenkomsten, rekening houdend met de bijzondere kenmerken van het huishoudelijke werk.
  2. De wekelijkse rustpauze moet ten minste 24 opeenvolgende uren bedragen.
  3. De periodes tijdens dewelke het huispersoneel niet vrij kan beschikken over zijn tijd en ter beschikking blijft van het gezin voor het geval dit beroep op hen zou doen, moeten worden beschouwd als arbeidstijd in de mate die wordt bepaald door de nationale wetgeving, door de collectieve overeenkomsten of door enig ander middel dat overeenstemt met de nationale praktijk.
Art. 10. 1. Tout Membre doit prendre des mesures en vue d'assurer l'égalité de traitement entre les travailleurs domestiques et l'ensemble des travailleurs en ce qui concerne la durée normale de travail, la compensation des heures supplémentaires, les périodes de repos journalier et hebdomadaire et les congés annuels payés, conformément à la législation nationale ou aux conventions collectives, compte tenu des caractéristiques particulières du travail domestique.
  2. Le repos hebdomadaire doit être d'au moins 24 heures consécutives.
  3. Les périodes pendant lesquelles les travailleurs domestiques ne peuvent disposer librement de leur temps et restent à la disposition du ménage pour le cas où celui-ci ferait appel à eux doivent être considérées comme du temps de travail dans la mesure déterminée par la législation nationale, par les conventions collectives ou par tout autre moyen compatible avec la pratique nationale.
Art. 11. Elk Lid moet maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat het huispersoneel een minimumloon ontvangt daar waar een stelsel voor minimumlonen bestaat en dat het loon wordt bepaald zonder gegronde discriminatie op basis van het geslacht.
Art. 11. Tout Membre doit prendre des mesures afin d'assurer que les travailleurs domestiques bénéficient du régime de salaire minimum, là où un tel régime existe, et que la rémunération soit fixée sans discrimination fondée sur le sexe.
Art. 12. 1. Het huispersoneel moet in contant geld en op regelmatige tijdstippen worden betaald, ten minste één keer per maand. De betaling kan gebeuren via een overschrijving bij de bank of bij de post, met een bank- of postcheque, via een betalingsopdracht of een ander wettelijk middel voor een betaling, wanneer de betrokken werknemers hiermee instemmen, tenzij de betalingswijze is bepaald door de nationale wetgeving of de collectieve overeenkomsten.
  2. De nationale wetgeving, de collectieve overeenkomsten of de arbitrale uitspraken kunnen voorzien in de betaling van een beperkt percentage van het loon van het huispersoneel in de vorm van betalingen in natura die niet minder gunstig zijn dan diegene die over het algemeen van toepassing zijn op de andere categorieën van werknemers, op voorwaarde dat er maatregelen worden genomen om ervoor te zorgen dat deze betalingen in natura worden aanvaard door de werknemer, dat ze gericht zijn op zijn persoonlijk gebruik en belang en dat de geldwaarde ervan rechtvaardig en redelijk is.
Art. 12. 1. Les travailleurs domestiques doivent être payés directement en espèces, à intervalles réguliers et au moins une fois par mois. A moins que le mode de paiement ne soit prévu par la législation nationale ou les conventions collectives, le paiement peut se faire par transfert bancaire, par chèque bancaire ou postal, par ordre de paiement, ou autre moyen légal de paiement monétaire, lorsque les travailleurs intéressés y consentent.
  2. La législation nationale, les conventions collectives ou les sentences arbitrales peuvent prévoir le paiement d'un pourcentage limité de la rémunération des travailleurs domestiques, sous la forme de paiements en nature qui ne soient pas moins favorables que ceux généralement applicables aux autres catégories de travailleurs, à condition que des mesures soient prises pour assurer que ces paiements en nature sont acceptés par le travailleur, visent son usage et son intérêt personnels, et que la valeur monétaire qui leur est attribuée est juste et raisonnable.
Art. 13. 1. Elke huishoudelijke werker heeft het recht op een veilige en gezonde werkomgeving. Elk Lid moet, conform de nationale wetgeving en de nationale praktijk, doeltreffende maatregelen nemen, terdege rekening houdend met de bijzondere kenmerken van het huishoudelijke werk om te zorgen voor de veiligheid en de gezondheid van de dienstboden op het werk.
  2. De maatregelen bedoeld in de vorige paragraaf, kunnen geleidelijk worden toegepast na overleg met de meest representatieve werkgevers- en werknemersorganisaties en, indien deze bestaan, met de representatieve organisaties van huispersoneel en van de werkgevers van huispersoneel.
Art. 13. 1. Tout travailleur domestique a droit à un environnement de travail sûr et salubre. Tout Membre doit prendre, conformément à la législation et à la pratique nationales, des mesures effectives en tenant dûment compte des caractéristiques particulières du travail domestique, afin d'assurer la sécurité et la santé au travail des travailleurs domestiques.
  2. Les mesures visées au paragraphe précédent peuvent être appliquées progressivement en consultation avec les organisations d'employeurs et de travailleurs les plus représentatives et, lorsqu'elles existent, avec les organisations représentatives de travailleurs domestiques et celles d'employeurs de travailleurs domestiques.
Art. 14. 1. Elk Lid moet, conform de nationale wetgeving en terdege rekening houdend met de specifieke eigenschappen van het huishoudelijke werk, geschikte maatregelen nemen, om ervoor te zorgen dat het huispersoneel inzake sociale zekerheid, met inbegrip van het moederschap, voorwaarden kan genieten die niet minder gunstig zijn dan diegene die worden toegepast op alle werknemers.
  2. De maatregelen die worden bedoeld in de vorige paragraaf, kunnen geleidelijk worden toegepast na overleg met de meest representatieve werkgevers- en werknemersorganisaties en, indien deze bestaan, met de representatieve organisaties van huispersoneel en van de werkgevers van huispersoneel.
Art. 14. 1. Tout Membre doit prendre des mesures appropriées, conformément à la législation nationale et en tenant dûment compte des caractéristiques spécifiques du travail domestique, afin d'assurer que les travailleurs domestiques jouissent, en matière de sécurité sociale, y compris en ce qui concerne la maternité, de conditions qui ne soient pas moins favorables que celles applicables à l'ensemble des travailleurs.
  2. Les mesures visées au paragraphe précédent peuvent être appliquées progressivement en consultation avec les organisations d'employeurs et de travailleurs les plus représentatives et, lorsqu'elles existent, avec les organisations représentatives de travailleurs domestiques et celles d'employeurs de travailleurs domestiques.
Art. 15. 1. Om ervoor te zorgen dat het huispersoneel, met inbegrip van het migrant-huispersoneel- dat werd aangeworven of geplaatst door privé-werkgelegenheidsagentschappen, daadwerkelijk wordt beschermd tegen onrechtmatige praktijken, moet elk Lid :
  a) de voorwaarden bepalen voor de uitoefening van hun activiteiten door privé-werkgelegenheidsagentschappen, wanneer ze huispersoneel aanwerven of plaatsen, conform de nationale wetgeving en de nationale praktijk;
  b) ervoor zorgen dat er geschikte mechanismen en procedures bestaan om klachten in te dienen en beschuldigingen van misbruik en frauduleuze praktijken te onderzoeken betreffende de activiteiten van de privé- werkgelegenheidsagentschappen in verband met het huispersoneel;
  c) alle noodzakelijke en geschikte maatregelen nemen binnen de grenzen van zijn rechtspraak en indien nodig, in samenwerking met andere Leden om erop toe te zien dat het huispersoneel dat op hun grondgebied wordt aangeworven of geplaatst door privé-werkgelegenheidsagentschappen, een passende bescherming geniet en om te vermijden dat ze het slachtoffer worden van misbruik. Deze maatregelen moeten wetten of reglementen omvatten die de respectieve verplichtingen toelichten van het privé-werkgelegenheidsagentschap en van het huisgezin tegenover het huispersoneel en die sancties bepalen met inbegrip van de uitsluiting van privé-werkgelegenheidsagentschappen die zich overgeven aan misbruiken en frauduleuze praktijken;
  d) overwegen om, wanneer het huispersoneel in het ene land wordt aangeworven om te werken in een ander land, bilaterale of multilaterale akkoorden te sluiten om misbruik en frauduleuze praktijken inzake aanwerving, plaatsing en werkgelegenheid te voorkomen :
  e) maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat de erelonen die worden gefactureerd door de privé- werkgelegenheidsagentschappen niet worden afgetrokken van het loon van het huispersoneel.
  2. Opdat de bepalingen van dit artikel effect zouden ressorteren, moet elk Lid de meest representatieve werkgevers- en werknemersorganisaties raadplegen, alsook de representatieve organisaties van huispersoneel en de representatieve organisaties van de werkgevers van huispersoneel.
Art. 15. 1. Afin d'assurer que les travailleurs domestiques, y compris les travailleurs domestiques migrants, recrutés ou placés par des agences d'emploi privées sont effectivement protégés contre les pratiques abusives, tout Membre doit :
  (a) déterminer les conditions d'exercice de leurs activités par les agences d'emploi privées lorsqu'elles recrutent ou placent des travailleurs domestiques, conformément à la législation et à la pratique nationales;
  (b) assurer qu'il existe des mécanismes et des procédures appropriés aux fins d'instruire les plaintes et d'examiner les allégations d'abus et de pratiques frauduleuses, concernant les activités des agences d'emploi privées en rapport avec des travailleurs domestiques;
  (c) prendre toutes les mesures nécessaires et appropriées, dans les limites de sa juridiction et, le cas échéant, en collaboration avec d'autres Membres, pour faire en sorte que les travailleurs domestiques recrutés ou placés sur son territoire par des agences d'emploi privées bénéficient d'une protection adéquate, et pour empêcher que des abus ne soient commis à leur encontre. Ces mesures doivent comprendre des lois ou règlements qui spécifient les obligations respectives de l'agence d'emploi privée et du ménage vis-à-vis du travailleur domestique et qui prévoient des sanctions, y compris l'interdiction des agences d'emploi privées qui se livrent à des abus et à des pratiques frauduleuses;
  (d) envisager de conclure, lorsque des travailleurs domestiques sont recrutés dans un pays pour travailler dans un autre, des accords bilatéraux, régionaux ou multilatéraux pour prévenir les abus et les pratiques frauduleuses en matière de recrutement, de placement et d'emploi;
  (e) prendre des mesures visant à assurer que les honoraires facturés par les agences d'emploi privées ne soient pas déduits de la rémunération des travailleurs domestiques.
  2. Pour donner effet à chacune des dispositions du présent article, tout Membre doit consulter les organisations d'employeurs et de travailleurs les plus représentatives et, lorsqu'elles existent, les organisations représentatives de travailleurs domestiques et celles d'employeurs de travailleurs domestiques.
Art. 16. Elk Lid moet maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat al het huispersoneel, alleen of via een vertegenwoordiger en conform de nationale wetgeving en de nationale praktijk, daadwerkelijk toegang hebben tot de rechtbanken of andere mechanismen om geschillen te regelen, dit aan voorwaarden die niet minder gunstig zijn dat diegene die zijn bepaald voor alle werknemers.
Art. 16. Tout Membre doit prendre des mesures afin d'assurer, conformément à la législation et à la pratique nationales, que tous les travailleurs domestiques, seuls ou par l'intermédiaire d'un représentant, aient un accès effectif aux tribunaux ou à d'autres mécanismes de règlement des différends, à des conditions qui ne soient pas moins favorables que celles qui sont prévues pour l'ensemble des travailleurs.
Art. 17. 1. Elke Lid moet klachtenmechanismen oprichten,alsook doeltreffende en toegankelijke middelen om ervoor te zorgen dat de nationale wetgeving inzake de bescherming van het huispersoneel wordt nageleefd.
  2. Elk Lid moet maatregelen inzake arbeidsinspectie en sancties opstellen en toepassen, terdege rekening houdend met de bijzondere kenmerken van het huishoudelijk werk, conform de nationale wetgeving.
  3. In de mate waarin dit verenigbaar is met de nationale wetgeving moeten deze maatregelen de voorwaarden bepalen waaraan de toegang tot de woning van het gezin kan worden toegestaan, terdege rekening houdend met het respect voor de privé-levenssfeer.
Art. 17. 1. Tout Membre doit mettre en place des mécanismes de plainte et des moyens effectifs et accessibles afin d'assurer le respect de la législation nationale relative à la protection des travailleurs domestiques.
  2. Tout Membre doit établir et mettre en oeuvre des mesures en matière d'inspection du travail, de mise en application et de sanctions, en tenant dûment compte des caractéristiques particulières du travail domestique, conformément à la législation nationale.
  3. Dans la mesure où cela est compatible avec la législation nationale, ces mesures doivent prévoir les conditions auxquelles l'accès au domicile du ménage peut être autorisé, en tenant dûment compte du respect de la vie privée.
Art. 18. Elk Lid moet de bepalingen van deze overeenkomst uitvoeren in overleg met de meest representatieve werknemers- en werkgeversorganisaties binnen het kader van de wetgeving en aan de hand van collectieve overeenkomsten of bijkomende maatregelen conform de nationale praktijk, waarbij de bestaande maatregelen worden uitgebreid naar of aangepast aan het huispersoneel of waarbij specifieke maatregelen voor hun plaats worden uitgewerkt, indien nodig.
Art. 18. Tout Membre doit mettre en oeuvre les dispositions de la présente convention, en consultation avec les organisations d'employeurs et de travailleurs les plus représentatives par voie de législation ainsi que par des conventions collectives ou des mesures supplémentaires conformes à la pratique nationale, en étendant ou en adaptant les mesures existantes aux travailleurs domestiques, ou en élaborant des mesures spécifiques à leur endroit, s'il y a lieu.
Art. 19. Deze overeenkomst doet geen afbreuk aan de gunstigere bepalingen die van toepassing zijn op het huispersoneel krachtens andere internationale arbeidsovereenkomsten.
Art. 19. La présente convention n'affecte pas les dispositions plus favorables applicables aux travailleurs domestiques en vertu d'autres conventions internationales du travail.
Art. 20. De formele ratificaties van deze overeenkomst worden meegedeeld aan de Directeur-generaal van het Internationaal Arbeidsbureau zodat ze kunnen worden geregistreerd.
Art. 20. Les ratifications formelles de la présente convention sont communiquées au Directeur général du Bureau international du Travail aux fins d'enregistrement.
Art. 21. 1. Deze overeenkomst bindt alleen de leden van de Internationale Arbeidsorganisatie waarvan de ratificatie werd geregistreerd door de Directeur-generaal van het Internationaal Arbeidsbureau.
  2. Ze treedt in werking twaalf maanden nadat de ratificaties van twee Leden werden geregistreerd door de Directeur-generaal.
  3. Vervolgens treedt deze overeenkomst in werking voor elk Lid twaalf maanden na de registratie van de ratificatie ervan.
Art. 21. 1. La présente convention ne lie que les Membres de l'Organisation internationale du Travail dont la ratification a été enregistrée par le Directeur général du Bureau international du Travail.
  2. Elle entre en vigueur douze mois après que les ratifications de deux Membres ont été enregistrées par le Directeur général.
  3. Par la suite, cette convention entre en vigueur pour chaque Membre douze mois après la date de l'enregistrement de sa ratification.
Art. 22. 1. Elk Lid dat deze overeenkomst goedgekeurd heeft, kan ze opzeggen na verloop van een periode van tien jaar na de eerste inwerkingtreding van het verdrag met een akte die wordt meegedeeld aan de Directeur-generaal van het Internationaal Arbeidsbureau waar deze akte wordt geregistreerd. De opzegging treedt in werking één jaar nadat ze werd geregistreerd.
  2. Elk Lid dat deze overeenkomst heeft goedgekeurd en dat na verloop van de periode van tien jaar die is vermeld in de vorige paragraaf, geen gebruik maakt van de opzeggingsmogelijkheid waarin wordt voorzien in dit artikel, zal gebonden zijn voor een nieuwe periode van tien jaar en zal deze overeenkomst bijgevolg pas kunnen opzeggen in het eerste jaar van elke nieuwe periode van tien jaar volgens de voorwaarden die zijn bepaald in dit artikel.
Art. 22. 1. Tout Membre ayant ratifié la présente convention peut la dénoncer à l'expiration d'une période de dix années après la date de la mise en vigueur initiale de la convention, par un acte communiqué au Directeur général du Bureau international du Travail aux fins d'enregistrement. La dénonciation prend effet une année après avoir été enregistrée.
  2. Tout Membre ayant ratifié la présente convention qui, dans l'année après l'expiration de la période de dix années mentionnée au paragraphe précédent, ne se prévaut pas de la faculté de dénonciation prévue par le présent article sera lié pour une nouvelle période de dix années et, par la suite, pourra dénoncer la présente convention dans la première année de chaque nouvelle période de dix années dans les conditions prévues au présent article.
Art. 23. 1. De Directeur-generaal van het Internationaal Arbeidsbureau betekent aan alle Leden van de Internationale Arbeidsorganisatie de registratie van alle ratificaties en opzeggingen die hem werden meegedeeld door de Leden van de Organisatie.
  2. Bij de kennisgeving van de registratie van de tweede meegedeelde ratificatie aan de Leden van de Organisatie, vestigt de Directeur-generaal de aandacht van de Leden van de Organisatie op de datum waarop deze overeenkomst in werking zal treden.
Art. 23. 1. Le Directeur général du Bureau international du Travail notifie à tous les Membres de l'Organisation internationale du Travail l'enregistrement de toutes les ratifications et dénonciations qui lui sont communiquées par les Membres de l'Organisation.
  2. En notifiant aux Membres de l'Organisation l'enregistrement de la deuxième ratification communiquée, le Directeur général appelle l'attention des Membres de l'Organisation sur la date à laquelle la présente convention entrera en vigueur.
Art. 24. De Directeur-generaal van het Internationaal Arbeidsbureau deelt de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties met het oog op registratie en conform artikel 102 van het Handvest van de Verenigde Naties de volledige inlichtingen mee met betrekking tot alle geregistreerde ratificaties opzeggingen.
Art. 24. Le Directeur général du Bureau international du Travail communique au Secrétaire général des Nations Unies, aux fins d'enregistrement, conformément à l'article 102 de la Charte des Nations Unies, des renseignements complets au sujet de toutes ratifications et dénonciations enregistrées.
Art. 25. Telkens wanneer de Raad van Bestuur van het Internationaal Arbeidsbureau dit nodig acht, legt deze de Algemene Conferentie een verslag voor over de toepassing van deze overeenkomst en onderzoekt deze of het nodig is het probleem van de totale of gedeeltelijke herziening ervan op de agenda van de Conferentie te plaatsen.
Art. 25. Chaque fois qu'il le juge nécessaire, le Conseil d'administration du Bureau international du Travail présente à la Conférence générale un rapport sur l'application de la présente convention et examine s'il y a lieu d'inscrire à l'ordre du jour de la Conférence la question de sa révision totale ou partielle.
Art. 26. 1. Voor het geval de Conferentie een nieuwe overeenkomst houdende herziening van deze overeenkomst goedkeurt en tenzij de nieuwe overeenkomst dit anders bepaalt :
  a) houdt de ratificatie door een Lid van een nieuwe overeenkomst houdende herziening van rechtswege en in weerwil van Artikel 22 de onmiddellijke opzegging in van onhavige overeenkomst, onder voorbehoud dat de nieuwe overeenkomst houdende herziening in werking is getreden;
  b) kan onderhavige overeenkomst vanaf de datum van de inwerkingtreding van de nieuwe overeenkomst houdende herziening, niet meer worden goedgekeurd door de Leden.
  2. Deze overeenkomst blijft in ieder geval als dusdanig geldig voor de Leden die ze zouden hebben goedgekeurd en die de overeenkomst houdende herziening niet zouden goedkeuren.
Art. 26. 1. Au cas où la Conférence adopte une nouvelle convention portant révision de la présente convention, et à moins que la nouvelle convention n'en dispose autrement :
  (a) la ratification par un Membre de la nouvelle convention portant révision entraîne de plein droit, nonobstant l'article 22, la dénonciation immédiate de la présente convention, sous réserve que la nouvelle convention portant révision soit entrée en vigueur;
  (b) à partir de la date de l'entrée en vigueur de la nouvelle convention portant révision, la présente convention cesse d'être ouverte à la ratification des Membres.
  2. La présente convention demeure en tout cas en vigueur dans sa forme et teneur pour les Membres qui l'auraient ratifiée et qui ne ratifieraient pas la convention portant révision.
Art. 27. De Franse en Engelse versies van de tekst van deze overeenkomst zijn ook rechtsgeldig.
Art. 27. Les versions française et anglaise du texte de la présente convention font également foi.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N.
Art. N.
Land Ratificatiedatum Type Datum inwerkingtreding
Argentinië 24/03/2014 Bekrachtiging 24/03/2015
België 10/06/2015 Bekrachtiging 10/06/2016
Brazilië31/01/2018Bekrachtiging31/01/2019
Bolivia 15/04/2013 Bekrachtiging 15/04/2014
Chili 10/06/2015 Bekrachtiging 10/06/2016
Colombia 09/05/2014 Bekrachtiging 09/05/2015
Costa Rica 20/01/2014 Bekrachtiging 20/01/2015
Dominicaanse Rep. 15/05/2015 Bekrachtiging 15/05/2016
Ecuador 18/12/2013 Bekrachtiging 18/12/2014
Finland 08/01/2015 Bekrachtiging 08/01/2016
Duitsland 20/09/2013 Bekrachtiging 20/09/2014
Guyana 09/08/2013 Bekrachtiging 09/08/2014
Guinee25/04/2017Bekrachtiging25/04/2018
Ierland 28/08/2014 Bekrachtiging 28/08/2015
Italië 22/01/2013 Bekrachtiging 22/01/2014
Jamaica 11/10/2016 Bekrachtiging 11/10/2017
Mauritius 13/09/2012 Bekrachtiging 13/09/2013
Nicaragua 10/01/2013 Bekrachtiging 10/01/2014
Panama 11/06/2015 Bekrachtiging 11/06/2016
Paraguay 07/05/2013 Bekrachtiging 07/05/2014
Filipijnen 05/09/2012 Bekrachtiging 05/09/2013
Portugal 17/07/2015 Bekrachtiging 17/07/2016
Zuid-Afrika 20/06/2013 Bekrachtiging 20/06/2014
Zwitserland 12/11/2014 Bekrachtiging 12/11/2015
Uruguay 14/06/2012 Bekrachtiging 05/09/2013
Land Ratificatiedatum Type Datum inwerkingtredingArgentinië 24/03/2014 Bekrachtiging 24/03/2015België 10/06/2015 Bekrachtiging 10/06/2016Brazilië31/01/2018Bekrachtiging31/01/2019Bolivia 15/04/2013 Bekrachtiging 15/04/2014Chili 10/06/2015 Bekrachtiging 10/06/2016Colombia 09/05/2014 Bekrachtiging 09/05/2015Costa Rica 20/01/2014 Bekrachtiging 20/01/2015Dominicaanse Rep. 15/05/2015 Bekrachtiging 15/05/2016Ecuador 18/12/2013 Bekrachtiging 18/12/2014Finland 08/01/2015 Bekrachtiging 08/01/2016Duitsland 20/09/2013 Bekrachtiging 20/09/2014Guyana 09/08/2013 Bekrachtiging 09/08/2014Guinee25/04/2017Bekrachtiging25/04/2018Ierland 28/08/2014 Bekrachtiging 28/08/2015Italië 22/01/2013 Bekrachtiging 22/01/2014Jamaica 11/10/2016 Bekrachtiging 11/10/2017Mauritius 13/09/2012 Bekrachtiging 13/09/2013Nicaragua 10/01/2013 Bekrachtiging 10/01/2014Panama 11/06/2015 Bekrachtiging 11/06/2016Paraguay 07/05/2013 Bekrachtiging 07/05/2014Filipijnen 05/09/2012 Bekrachtiging 05/09/2013Portugal 17/07/2015 Bekrachtiging 17/07/2016Zuid-Afrika 20/06/2013 Bekrachtiging 20/06/2014Zwitserland 12/11/2014 Bekrachtiging 12/11/2015Uruguay 14/06/2012 Bekrachtiging 05/09/2013
Pays Date de ratification Type Date entrée en vigueur
Argentine 24/03/2014 Ratification 24/03/2015
Belgique 10/06/2015 Ratification 10/06/2016
Bolivie 15/04/2013 Ratification 15/04/2014
Brésil31/01/2018Ratification31/01/2019
Chili 10/06/2015 Ratification 10/06/2016
Colombie 09/05/2014 Ratification 09/05/2015
Costa Rica 20/01/2014 Ratification 20/01/2015
Rép. Dominicaine 15/05/2015 Ratification 15/05/2016
Equateur 18/12/2013 Ratification 18/12/2014
Finlande 08/01/2015 Ratification 08/01/2016
Allemagne 20/09/2013 Ratification 20/09/2014
Guinée25/04/2017Ratification25/04/2018
Guyane 09/08/2013 Ratification 09/08/2014
Irlande 28/08/2014 Ratification 28/08/2015
Italie 22/01/2013 Ratification 22/01/2014
Jamaïque 11/10/2016 Ratification 11/10/2017
Maurice 13/09/2012 Ratification 13/09/2013
Nicaragua 10/01/2013 Ratification 10/01/2014
Panama 11/06/2015 Ratification 11/06/2016
Paraguay 07/05/2013 Ratification 07/05/2014
Philippines 05/09/2012 Ratification 05/09/2013
Portugal 17/07/2015 Ratification 17/07/2016
Afrique du sud 20/06/2013 Ratification 20/06/2014
Suisse 12/11/2014 Ratification 12/11/2015
Uruguay 14/06/2012 Ratification 05/09/2013
Pays Date de ratification Type Date entrée en vigueurArgentine 24/03/2014 Ratification 24/03/2015Belgique 10/06/2015 Ratification 10/06/2016Bolivie 15/04/2013 Ratification 15/04/2014Brésil31/01/2018Ratification31/01/2019Chili 10/06/2015 Ratification 10/06/2016Colombie 09/05/2014 Ratification 09/05/2015Costa Rica 20/01/2014 Ratification 20/01/2015Rép. Dominicaine 15/05/2015 Ratification 15/05/2016Equateur 18/12/2013 Ratification 18/12/2014Finlande 08/01/2015 Ratification 08/01/2016Allemagne 20/09/2013 Ratification 20/09/2014Guinée25/04/2017Ratification25/04/2018Guyane 09/08/2013 Ratification 09/08/2014Irlande 28/08/2014 Ratification 28/08/2015Italie 22/01/2013 Ratification 22/01/2014Jamaïque 11/10/2016 Ratification 11/10/2017Maurice 13/09/2012 Ratification 13/09/2013Nicaragua 10/01/2013 Ratification 10/01/2014Panama 11/06/2015 Ratification 11/06/2016Paraguay 07/05/2013 Ratification 07/05/2014Philippines 05/09/2012 Ratification 05/09/2013Portugal 17/07/2015 Ratification 17/07/2016Afrique du sud 20/06/2013 Ratification 20/06/2014Suisse 12/11/2014 Ratification 12/11/2015Uruguay 14/06/2012 Ratification 05/09/2013