Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
30 OKTOBER 2015. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende wijziging van artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 april 2000 tot bepaling van de vergunningsplichtige functiewijzigingen en van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 november 2003 tot vaststelling van de lijst van toelaatbare zonevreemde functiewijzigingen
Titre
30 OCTOBRE 2015. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'article 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 avril 2000 portant détermination des modifications de fonction subordonnées à un permis et diverses dispositions de l'arrêté du Gouvernement flamand du 28 novembre 2003 fixant la liste des modifications admissibles de la fonction étrangère à la zone
Informations sur le document
Numac: 2015036424
Datum: 2015-10-30
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2015036424
Date: 2015-10-30
Moniteur: Voir
Tekst (4)
Texte (4)
Artikel 1. Aan artikel 2, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 april 2000 tot bepaling van de vergunningsplichtige functiewijzigingen, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 26 april 2002 en 17 juli 2015, wordt een derde lid toegevoegd dat luidt als volgt:
  "Een stedenbouwkundige vergunning is evenmin vereist als de hoofdfunctie van een bebouwd onroerend goed geheel of gedeeltelijk wordt gewijzigd van een van de in het eerste lid opgesomde hoofdfuncties naar een hoofdfunctie die bestaat uit noodopvang, als aan al de volgende voorwaarden is voldaan:
  1° het betreft gegroepeerde opvang van asielzoekers, daklozen of burgers wiens woning onbewoonbaar is;
  2° onvoorziene omstandigheden geven aanleiding tot een dringende opvangbehoefte;
  3° de opvang is nodig om humanitaire redenen;
  4° de opvang is tijdelijk voor een periode van maximaal drie jaar.".
Article 1er. A l'article 2, § 1er, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 avril 2000 portant détermination des modifications de fonction subordonnées à un permis, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 26 avril 2002 et 17 juillet 2015, il est ajouté un alinéa trois, rédigé comme suit :
  " Une autorisation urbanistique n'est pas non plus requise lorsque la fonction principale d'un bien immobilier bâti est modifiée entièrement ou partiellement d'une des fonctions principales énumérées à l'alinéa premier en une fonction principale qui se compose de l'accueil d'urgence, si toutes les conditions suivantes sont remplies :
  1° il s'agit de l'accueil en groupe de demandeurs d'asile, de sans-abri ou de citoyens dont le logement est inhabitable ;
  2° des circonstances imprévues donnent lieu à un besoin d'accueil urgent ;
  3° l'accueil est nécessaire pour des raisons humanitaires ;
  4° l'accueil est temporaire, pour une période maximale de trois ans. ".
Art. 2. In artikel 2, § 3, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 november 2003 tot vaststelling van de lijst van toelaatbare zonevreemde functiewijzigingen, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 29 mei 2009 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 mei 2010, wordt de zinsnede "vermeld in artikel 4 tot en met artikel 10," vervangen door de zinsnede "vermeld in artikel 4 tot en met 10 en artikel 11/1 en 11/2,".
Art. 2. Dans l'article 2, § 3, alinéa premier, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 28 novembre 2003 fixant la liste des modifications admissibles de la fonction étrangère à la zone, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 29 mai 2009 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 7 mai 2010, le membre de phrase " visées aux articles 4 à 10, " est remplacé par le membre de phrase " visées aux articles 4 à 10 inclus et aux articles 11/1 et 11/2, ".
Art. 3. In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014, worden een artikel 11/1 en 11/2 ingevoegd, die luiden als volgt:
  "Art. 11/1. Met toepassing van artikel 4.4.23 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan een vergunning worden verleend voor het geheel of gedeeltelijk wijzigen van het gebruik van een gebouw of gebouwencomplex, voor zover aan al de volgende voorwaarden voldaan is:
  1° het gebouw of gebouwencomplex ligt in een stedelijk gebied, zoals afgebakend in een gewestelijk of provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan;
  2° het college van burgemeester en schepenen heeft conform artikel 2.2.13, § 1, eerste lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening beslist om een gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan op te maken voor het gebied waarin het gebouw of gebouwencomplex ligt;
  3° het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan, vermeld in punt 2°, heeft de omschakeling van oud industrieel of ambachtelijk weefsel naar een gebied met verweving van functies tot doel;
  4° de gemeenteraad heeft principieel ingestemd met de volgende twee elementen:
  a) de opmaak van het ruimtelijk uitvoeringsplan, vermeld in punt 2° ;
  b) de begrenzing van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan die het college van burgemeester en schepenen voorstelt;
  5° maximaal een vierde van de vloeroppervlakte van het gebouw of gebouwencomplex krijgt de functie detailhandel;
  6° minimaal twee vierde van de vloeroppervlakte van het gebouw of gebouwencomplex krijgt de functie industrie en bedrijvigheid, dagrecreatie, met inbegrip van sport of gemeenschapsvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen;
  7° de vergunning wordt verleend voor een periode van maximaal drie jaar. Er kan eenmaal een nieuwe vergunning voor een bijkomende periode van maximaal drie jaar worden verleend, op voorwaarde dat er een plenaire vergadering is gehouden over het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan, vermeld in punt 2°.
  Art.11.2. Met toepassing van artikel 4.4.23 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kan een vergunning worden verleend voor het geheel of gedeeltelijk wijzigen van het gebruik van een gebouw of gebouwencomplex, voor zover de nieuwe functie betrekking heeft op de opvang van asielzoekers, daklozen of burgers wiens woning onbewoonbaar is.".
Art. 3. Dans le même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 mai 2014, sont insérés les articles 11/1 et 11/2, rédigés comme suit :
  " Art. 11/1. En application de l'article 4.4.23 du Code flamand de l'Aménagement du Territoire, une autorisation peut être accordée pour la modification entière ou partielle d'utilisation d'un bâtiment ou d'un complexe de bâtiments, pour autant qu'il ait été répondu aux conditions suivantes :
  1° le bâtiment ou le complexe de bâtiments se situe dans une zone urbaine, telle que délimitée dans un plan d'exécution spatial régional ou provincial ;
  2° le collège des bourgmestre et échevins a décidé, conformément à l'article 2.2.13, § 1er, alinéa premier, du Code flamand de l'Aménagement du Territoire, d'établir un plan d'exécution spatial communal pour la région où se situe le bâtiment ou le complexe de bâtiments ;
  3° le plan d'exécution spatial communal, visé au point 2°, a pour but la reconversion d'ancien tissu industriel ou artisanal en une zone contenant une imbrication de fonctions ;
  4° le conseil communal a donné son consentement de principe au deux éléments suivants :
  a) l'établissement du plan d'exécution spatial, visé au point 2° ;
  b) la délimitation du plan d'exécution spatial communal proposée par le collège des bourgmestre et échevins ;
  5° au maximum un quart de la surface au sol du bâtiment ou du complexe de bâtiments obtiendra la fonction de commerce au détail ;
  6° au minimum deux quarts de la surface au sol du bâtiment ou du complexe de bâtiments obtiendront la fonction d'industrie et activités commerciales, récréation de jour, y compris les sports ou les équipements collectifs ou les équipements d'utilité publique ;
  7° l'autorisation est accordée pour une période maximale de trois années. Une nouvelle autorisation peut être accordée une fois pour une période supplémentaire de trois années, à condition qu'une séance plénière ait été organisée sur le plan d'exécution spatial communal, visé au point 2°.
  Art.11.2. En application de l'article 4.4.23 van du Code flamand de l'Aménagement du Territoire, une autorisation peut être accordée pour la modification entière ou partielle d'utilisation d'un bâtiment ou d'un complexe de bâtiments, pour autant que la nouvelle fonction concerne l'accueil de demandeurs d'asile, de sans-abri ou de citoyens dont le logement est inhabitable. ".
Art. 4. De Vlaamse minister, bevoegd voor de ruimtelijke ordening, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 4. Le Ministre flamand ayant l'aménagement du territoire dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.