Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
30 OKTOBER 2015. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 december 2000 houdende organisatie van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening en de regeling van de rechtspositie van het personeel
Titre
30 OCTOBRE 2015. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant diverses dispositions de l'arrêté du Gouvernement flamand du 1er décembre 2000 portant organisation de la " Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening " (Société flamande de Distribution d'Eau) et statut du personnel
Informations sur le document
Numac: 2015036419
Datum: 2015-10-30
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2015036419
Date: 2015-10-30
Moniteur: Voir
Tekst (23)
Texte (23)
Artikel 1. Artikel II 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 december 2000 houdende de organisatie van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening en de regeling van de rechtspositie van het personeel, wordt vervangen door wat volgt :
  "Art. II 2. In de Maatschappij is er een directieraad waarvan de samenstelling wordt bepaald door de Raad van Bestuur.".
Article 1er. L'article II 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 1er décembre 2000 portant organisation de la " Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening " (Société flamande de Distribution d'Eau) et statut du personnel, est remplacé par ce qui suit :
  " Art. II 2. La Société comprend un conseil de direction dont la composition est fixée par le Conseil d'Administration. ".
Art. 2. In artikel VIII 16, § 6, van hetzelfde besluit, wordt het woord "loopbaanonderbreking" telkens vervangen door de woorden "voltijdse loopbaanonderbreking".
Art. 2. Dans l'article VIII 16, § 6, du même arrêté, les mots " interruption de carrière " sont chaque fois remplacés par les mots " interruption de carrière à temps plein ".
Art. 3. In artikel VIII 40 van hetzelfde besluit wordt punt 2° vervangen door wat volgt :
  "2° voor bevordering tot een graad van rang Ma1, voor alle statutaire personeelsleden van niveau Mb van de Maatschappij die ten minste drie jaar anciënniteit tellen in dat niveau;".
Art. 3. Dans l'article VIII 40 du même arrêté, le point 2° est remplacé par ce qui suit :
  " 2° pour la promotion à un grade du rang Ma1, aux membres du personnel statutaires du niveau Mb de la Société, qui comptent une ancienneté d'au moins trois ans dans ledit niveau ; ".
Art. 4. In artikel XI 9 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2003, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in paragraaf 1 wordt het tweede lid vervangen door wat volgt :
  "Voor het bepalen van het aantal vakantiedagen wordt de leeftijd in aanmerking genomen die het statutaire personeelslid bereikt in de loop van het dienstjaar";
  2° er wordt een paragraaf 3 toegevoegd die luidt als volgt :
  " § 3. De jaarlijkse vakantiedagen moeten worden opgenomen voor het einde van de kerstvakantie in het onderwijs, met uitzondering van vijf vakantiedagen die mogen worden overgedragen naar het volgende dienstjaar, op voorwaarde dat zij worden opgenomen voor het einde van de paasvakantie in het onderwijs.
  Onverminderd de toepassing van het eerste lid, worden de vakantiedagen die niet konden worden opgenomen in het lopend dienstjaar ingevolge ziekte, beroepsziekte of arbeidsongeval van het statutaire personeelslid, volledig overgedragen naar het volgend dienstjaar.
  Ingeval het statutaire personeelslid door ziekte, beroepsziekte of arbeidsongeval zijn vakantiedagen niet heeft kunnen opnemen vóór de pensionering, worden de bepalingen van artikel XIII 41bis toegepast.".
Art. 4. A l'article XI 9 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2003, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans le paragraphe 1er, l'alinéa deux est remplacé par ce qui suit :
  " Pour fixer le nombre de jours de vacances, on tient compte de l'âge atteint par le membre du personnel statutaire au cours de l'année de service " ;
  2° il est ajouté un paragraphe 3, rédigé comme suit :
  " § 3. Les jours de vacances annuelles doivent être prises avant la fin des vacances de Noël dans l'enseignement, à l'exception de cinq jours de vacances qui peuvent être transférés à l'année de service suivante à condition qu'ils sont pris avant la fin des vacances de Pâques dans l'enseignement.
  Sans préjudice de l'alinéa premier, les jours de vacances qui ne pouvaient pas être pris pendant l'année de service en cours suite à une maladie, une maladie professionnelle ou un accident du travail du membre du personnel statutaire, sont transférés entièrement à l'année de service suivante.
  Si, pour cause de maladie, de maladie professionnelle ou d'accident du travail, le membre du personnel statutaire n'a pas pu prendre ses jours de congé avant la mise à la retraite, les dispositions de l'article XIII 41bis sont appliquées. ".
Art. 5. Artikel XI 20 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt :
  "Art. XI 20. De leidend ambtenaar kan aan de statutaire personeelsleden onbetaald verlof toestaan voor maximum 26 werkdagen per jaar, te nemen in volledige of halve dagen en al dan niet aaneensluitende periodes.".
Art. 5. L'article XI 20 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
  " Art. XI 20. Le fonctionnaire dirigeant peut accorder aux membres du personnel statutaires un congé non rémunéré pour une durée maximale de 26 jours ouvrables par an, à prendre par jours entiers ou en demi-jours et par périodes continues ou non. ".
Art. 6. In artikel XI 29 van hetzelfde besluit worden de woorden "ofwel 60 procent ofwel 75 procent" opgeheven.
Art. 6. Dans l'article XI 29 du même arrêté, les mots " soit 60 pour-cent, soit 75 pour-cent, " sont abrogés.
Art. 7. In artikel XI 44 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2003 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 20 februari 2009 en 6 juni 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in § 1 en § 2 wordt het woord "halftijds" telkens vervangen door het woord "deeltijds" en wordt het woord "halftijdse" telkens vervangen door het woord "deeltijdse";
  2° aan paragraaf 1 wordt een vijfde lid toegevoegd dat luidt als volgt :
  "De deeltijdse loopbaanonderbreking kan opgenomen worden in een van de volgende vormen :
  1° halftijdse loopbaanonderbreking;
  2° 1/5 loopbaanonderbreking.";
  3° in paragraaf 2,1°, wordt een punt c ingevoegd, dat luidt als volgt :
  "c) die in geval van een 1/5 loopbaanonderbreking een beroepsloopbaan van 28 jaar hebben doorlopen;";
  4° aan paragraaf 2 worden een tweede en derde lid toegevoegd die luiden als volgt :
  "Voor de 28 jaar vermeld in het eerste lid, 1°, c), geldt als jaar : elk kalenderjaar van tewerkstelling in de privé sector waarvoor minstens 285 dagen voltijds loon werd uitbetaald of elk kalenderjaar van tewerkstelling in de publieke sector waarvoor gedurende ministens 237 dagen voltijds werkelijk gepresteerde diensten werden vastgesteld.
  Moederschapsverlof, verlof naar aanleiding van de geboorte van een kind, adoptie verlof, moederschapsbescherming en de preventieve werkverwijdering van zwangere vrouwen, ouderschapsverlof in het kader van tijdskrediet of loopbaanonderbreking en verloven met behoud van bezoldiging worden met voltijds gepresteerde diensten en dagen waarop voltijds loon werd uitbetaald, gelijkgesteld.";
  5° in paragraaf 3 wordt het eerste lid vervangen door wat volgt :
  "In afwijking van § 1 en § 2 is het verlof voor loopbaanonderbreking een gunst :
  - ingeval van 1/5 loopbaanonderbreking, behalve voor de statutaire personeelsleden van minstens vijftig jaar voor wie de 1/5 loopbaanonderbreking een recht is;
  - voor het statutaire personeelslid dat een leidinggevende functie (niveau K en de hoofden van een sectoraal dienstencentrum) uitoefent, zodat het aan laatstgenoemden, mits motivering, kan worden geweigerd in het belang van de dienst.".
Art. 7. Dans l'article XI 44 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2003 et modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 20 février 2009 et 6 juin 2014, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans les §§ 1er et 2, les mots " à mi-temps " sont chaque fois remplacés par les mots " à temps partiel " ;
  2° le paragraphe 1er est complété par un alinéa cinq, rédigé comme suit :
  " L'interruption de carrière à temps partiel peut prendre les formes suivantes :
  1° l'interruption de carrière à mi-temps ;
  2° l'interruption de carrière à 1/5 de temps. " ;
  3° dans le paragraphe 2, 1°, il est inséré un point c, rédigé comme suit :
  " c) qui, dans le cas d'une interruption de carrière à 1/5 de temps, ont parcouru une carrière professionnelle de 28 ans ; " ;
  4° le paragraphe 2 est complété par un alinéa deux et un alinéa trois, rédigés comme suit :
  " En ce qui concerne les 28 ans, visés à l'alinéa premier, 1°, c), on entend par an : chaque année calendaire d'emploi dans le secteur privé au cours de laquelle un salaire à plein temps a été payé pour au moins 285 jours ou chaque année calendaire d'emploi dans le secteur public au cours de laquelle au moins 237 jours de services prestés à plein temps ont été constatés.
  Le congé de maternité, le congé pris à l'occasion de la naissance d'un enfant, le congé d'adoption, le congé de protection de la maternité et d'écartement préventif des femmes enceintes, le congé parental dans le cadre d'un crédit-temps ou d'une interruption de carrière et les congés avec maintien de la rémunération sont assimilés à des services prestés à plein temps et à des jours auxquels un salaire à temps plein a été payé. " ;
  5° dans le paragraphe 3, l'alinéa premier est remplacé par ce qui suit :
  " Par dérogation aux §§ 1er et 2, le congé pour interruption de carrière est une faveur :
  - en cas d'interruption de carrière à 1/5e de temps, sauf pour les membres du personnel statutaires d'au moins cinquante ans pour qui l'interruption de carrière à 1/5e de temps est un droit ;
  - pour le membre du personnel statutaire qui exerce une fonction dirigeante (niveau K et les chefs d'un centre de services sectoriel), de sorte qu'il peut être refusé à ces derniers, moyennant motivation, dans l'intérêt du service. ".
Art. 8. In artikel XI 44quater van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2003 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 februari 2009, wordt het woord `halftijdse" telkens vervangen door het woord "deeltijdse".
Art. 8. Dans l'article XI 44quater du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2003 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 20 février 2009, les mots " à mi-temps " sont chaque fois remplacés par les mots " à temps partiel ".
Art. 9. In artikel XI 45 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2003, wordt in paragraaf 1 een tweede lid toegevoegd dat luidt als volgt :
  "Het statutaire personeelslid heeft recht op voltijdse en/of halftijdse loopbaanonderbreking voor het verstrekken van palliatieve zorgen."
Art. 9. Dans l'article XI 45 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2003, dans le paragraphe 1er, il est ajouté un alinéa deux, rédigé comme suit :
  " Le membre du personnel statutaire a droit à une interruption de carrière à temps plein et/ou à mi-temps pour la prestation de soins palliatifs. ".
Art. 9bis. In artikel XI 45bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2003 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juni 2014, wordt het woord "halftijdse" vervangen door het woord "deeltijdse".
Art. 9bis. Dans l'article XI 45bis du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2003 et remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 juin 2014, les mots " à mi-temps " sont remplacés par les mots " à temps partiel ".
Art. 10. In artikel XI 45quinquies van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2003, wordt in paragraaf 1 een derde lid toegevoegd dat luidt als volgt :
  "Het statutaire personeelslid heeft recht op voltijdse en/of halftijdse loopbaanonderbreking voor bijstand aan of verzorging van een zwaar ziek gezins- of familielid."
Art. 10. Dans l'article XI 45quinquies du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2003, dans le paragraphe 1er, il est ajouté un alinéa trois, rédigé comme suit :
  " Le membre du personnel statutaire a droit à une interruption de carrière à temps plein et/ou à mi-temps pour assistance ou prestation de soins à un membre du ménage ou de la famille souffrant d'une maladie grave. ".
Art. 10bis. In artikel XI 45sexies van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2003 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juni 2014, wordt het woord "halftijdse" vervangen door het woord "deeltijdse".
Art. 10bis. Dans l'article XI 45sexies du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2003 et remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 juin 2014, les mots " à mi-temps " sont remplacés par les mots " à temps partiel ".
Art. 11. In artikel XI 45novies, § 1, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2003 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juni 2014, wordt een punt 3° toegevoegd dat luidt als volgt :
  "3° in geval van 1/5 loopbaanonderbreking, twintig maanden per kind bedraagt, op te nemen in periodes van vijf maanden of een veelvoud daarvan.".
Art. 11. Dans l'article XI 45novies, § 1er, du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2003 et remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 juin 2014, il est ajouté un point 3°, rédigé comme suit :
  " 3° en cas d'interruption de carrière à 1/5e de temps, s'élève à vingt mois par enfant, à prendre en périodes de cinq mois ou d'un multiple de ceux-ci. ".
Art. 12. In artikel XI 45decies van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2003 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juni 2014, worden de volgende woorden toegevoegd "en aan vijf maanden 1/5 loopbaanonderbreking".
Art. 12. Dans l'article XI 45decies du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2003 et remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 juin 2014, les mots " et à cinq mois d'interruption de carrière à 1/5e de temps " sont ajoutés.
Art. 13. In artikel XI 45undecies van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2003 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juni 2014, wordt het woord `halftijdse" vervangen door het woord "deeltijdse".
Art. 13. Dans l'article XI 45undecies du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2003 et remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 juin 2014, les mots " à mi-temps " sont remplacés par les mots " à temps partiel ".
Art. 14. Artikel XI 46ter van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 september 2003, wordt vervangen door wat volgt :
  "Art. XI 46ter. De vervanging van het statutaire personeelslid in loopbaanonderbreking vindt plaats overeenkomstig de federale bepalingen.".
Art. 14. L'article XI 46ter du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 septembre 2003, est remplacé par ce qui suit :
  " Art. XI 46ter. Le remplacement du membre du personnel statutaire en interruption de carrière s'opère conformément aux dispositions fédérales. ".
Art. 15.. In artikel XIII 9, § 1, 6°, van hetzelfde besluit wordt het punt b vervangen door wat volgt :
  "b) wegens voltijdse of deeltijdse loopbaanonderbreking;".
Art. 15. Dans l'article XIII 9, § 1er, 6°, du même arrêté, le point b) est remplacé par ce qui suit :
  " b) pour cause d'interruption de carrière ou d'interruption de carrière à temps plein ou à temps partiel ; ".
Art. 16. Aan deel XIII, Titel I van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 februari 2009, wordt een Hoofdstuk IXbis, bestaande uit artikel XIII 41bis, toegevoegd, dat luidt als volgt :
  "HOOFDSTUK IXbis. - Vergoeding voor niet-opgenomen vakantiedagen
  Art. XIII. 41bis. § 1. Als een personeelslid het vakantieverlof waarop hij recht heeft, niet heeft kunnen opnemen voor het einde van de arbeidsrelatie(s) bij de Maatschappij, worden de niet opgenomen vakantiedagen uitbetaald.
  In geval van overlijden van het personeelslid worden de niet opgenomen vakantiedagen uitbetaald aan de erfgenamen.
  § 2. Voor de toepassing van § 1 is het salaris dat in aanmerking moet worden genomen voor de uitbetaling, gelijk aan het salaris zoals vastgesteld in de salarisschaal, voor volledige prestaties en eventueel aangevuld met de haard- en standplaatstoelage.".
Art. 16. La partie XIII, Titre 1er, du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 20 février 2009, est complété par un Chapitre IXbis, comprenant l'article XIII 41bis, rédigé comme suit :
  " CHAPITRE IXbis. - Indemnité pour jours de congé non pris.
  Art. XIII. 41bis. § 1er. Lorsqu'un membre du personnel n'a pas pu prendre le congé de vacances auquel il a droit avant la cessation des relations de travail auprès de la Société, les jours de congé non pris lui sont payés.
  En cas de décès du membre du personnel, les jours de congé non pris sont payés aux héritiers.
  § 2. Pour l'application du § 1er, le traitement devant être pris en compte pour le paiement est le traitement tel que fixé à l'échelle de traitement, pour des prestations complètes, éventuellement complété de l'allocation de foyer et l'allocation de résidence. ".
Art. 17. Aan deel XIV, titel III, hoofdstuk II van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 februari 2009, wordt, tussen de afdelingen 4 en 5, een afdeling 4bis, bestaande uit artikel XIV 33bis, ingevoegd, die luidt als volgt :
  "Afdeling 4bis. Onbetaald verlof.
  Art. XIV. 33bis. Voor het contractuele personeelslid is de in artikel XI 20 van dit besluit vermelde regeling inzake onbetaald verlof, van toepassing.".
Art. 17. Dans la partie XIV, titre III, chapitre II, du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 20 février 2009, il est inséré, entre les sections 4 et 5, une section 4bis, comprenant l'article XIV 33bis, rédigée comme suit :
  " Section 4bis. - Congé non rémunéré.
  Art. XIV. 33bis. Le membre du personnel contractuel est soumis au règlement en matière de congé non rémunéré, visé à l'article XI 20 du présent arrêté. ".
Art. 18. In deel XIV, Titel III, Hoofdstuk II, Afdeling 6 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 3 februari 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° artikel XIV 35 wordt vervangen door wat volgt :
  "Art. XIV 35. Het contractuele personeelslid kan voltijdse, halftijdse en 1/5 loopbaanonderbreking krijgen overeenkomstig de arbeidsrechtelijke bepalingen die van toepassing zijn voor de Maatschappij.
  Het contractuele personeelslid heeft recht op loopbaanonderbreking voor palliatief verlof overeenkomstig de arbeidsrechtelijke bepalingen die van toepassing zijn voor de Maatschappij.";
  2° aan artikel XIV 36 wordt een derde lid toegevoegd dat luidt als volgt :
  "Om het recht op ouderschapsverlof in de vorm van 1/5 loopbaanonderbreking te kunnen uitoefenen, moet het contractuele personeelslid voltijds zijn tewerkgesteld.".
Art. 18. A la partie XIV, Titre III, Chapitre II, Section 6, du même arrêté, insérée par l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 février 2006, les modifications suivantes sont apportées :
  1° l'article XIV 35 est remplacé par ce qui suit :
  " Art. XIV 35. Le membre du personnel contractuel peut obtenir une interruption de carrière à temps plein, à mi-temps et à 1/5e de temps conformément aux dispositions du droit du travail applicables à la Société.
  Le membre du personnel contractuel a droit à une interruption de carrière pour la prestation de soins palliatifs conformément aux dispositions du droit du travail applicables à la Société. " ;
  2° l'article XIV 36 est complété par un alinéa trois, rédigé comme suit :
  " Toutefois, pour qu'il puisse exercer le droit au congé parental sous forme d'interruption de carrière à 1/5e de temps, il faut que le membre du personnel contractuel soit occupé à temps plein. ".
Art. 19. Aan deel XIV, Titel III, Hoofdstuk IV van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 20 februari 2009, wordt, tussen de afdelingen 4 en 5, een afdeling 4bis, bestaande uit artikel XIV 49bis, ingevoegd, die luidt als volgt :
  "Afdeling 4bis. - Vergoeding voor niet-opgenomen vakantiedagen
  Art. XIV. 49bis. Het contractuele personeelslid ontvangt de uitbetaling van vakantiedagen die niet werden opgenomen vóór het einde van de arbeidsrelatie(s) bij de Maatschappij, volgens dezelfde regeling als het statutaire personeelslid."
Art. 19. Dans la partie XIV, Titre III, Chapitre IV, du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 20 février 2009, il est inséré, entre les sections 4 et 5, une section 4bis, comprenant l'article XIV 49bis, rédigée comme suit :
  " Section 4bis. - Indemnité pour jours de congé non pris.
  Art. XIV. 49bis. Le membre du personnel contractuel reçoit le paiement des jours de congé non pris avant la cessation des relations de travail auprès de la Société, selon le même règlement que le membre du personnel statutaire. "
Art. 20. Dit besluit treedt in werking op :
  - de dag van bekendmaking ervan wat betreft artikel 1, 3, 4 punt 2°, 16, 17 en 19;
  - de datum van goedkeuring door de federale ministerraad wat betreft artikel 2, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 15 en 18;
  - 1 januari 2016 wat betreft artikel 5 en 6.
  Artikel 4, 1°, heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2014.
Art. 20. Le présent arrêté entre en vigueur :
  - le jour de sa publication, en ce qui concerne les articles 1er, 3, 4, point 2°, 16, 17 et 19 ;
  - la date d'approbation par le Conseil des Ministres fédéral, en ce qui concerne les articles 2, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 15 et 18 ;
  - le 1er janvier 2016, en ce qui concerne les articles 5 et 6.
  L'article 4, 1°, produit ses effets le 1er janvier 2014.
Art. 21. De Vlaamse minister, bevoegd voor het leefmilieu en het waterbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 21. Le Ministre flamand chargé de l'environnement et de la politique des eaux est chargé de l'exécution du présent arrêté.