Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
24 APRIL 2015. - Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 27 februari 2014 tot uitvoering van artikel 8, 11, 40, 43 en 73, van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, wat betreft de kwalificatiebewijzen en attesten en het ministerieel besluit van 23 april 2014 tot uitvoering van het Subsidiebesluit van 22 november 2013, wat betreft de regeling voor het inkomenstarief
Titre
24 AVRIL 2015. - Arrêté ministériel modifiant l'arrêté ministériel du 27 février 2014 portant exécution des articles 8, 11, 40, 43 et 73 de l'Arrêté d'autorisation du 22 novembre 2013, pour ce qui est des certifications et des attestations et l'arrêté ministériel du 23 avril 2014 portant exécution de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013, en ce qui concerne la tarification en fonction des revenus
Informations sur le document
Numac: 2015035564
Datum: 2015-04-24
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2015035564
Date: 2015-04-24
Moniteur: Voir
Tekst (15)
Texte (15)
HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen aan het ministerieel besluit van 27 februari 2014
CHAPITRE 1er. - Modifications à l'arrêté ministériel du 27 février 2014
Artikel 1. In artikel 6 van het ministerieel besluit van 27 februari 2014 tot uitvoering van artikel 8, 11, 40, 43 en 73, van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, wat betreft de kwalificatiebewijzen en attesten, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° punt 5° wordt vervangen door wat volgt:
"5° van het stelsel leren en werken:
a) een certificaat van de opleiding Begeleider in de Kinderopvang van het deeltijds beroepssecundair onderwijs, uitgereikt vanaf september 2011;
b) het certificaat begeleider in de kinderopvang behaald in de leertijd;";
2° in punt 8°, c), worden de woorden "tot en met oktober 2016" vervangen door de woorden "tot en met oktober 2017".
Article 1er. A l'article 6 de l'arrêté ministériel du 27 février 2014 portant exécution des articles 8, 11, 40, 43 et 73 de l'Arrêté d'autorisation du 22 novembre 2013, pour ce qui est des certifications et des attestations, les modifications suivantes sont apportées :
1° le point 5° est remplacé par la disposition suivante :
" du système d'apprentissage et de travail :
a) un certificat de la formation " Begeleider in de Kinderopvang " de l'enseignement secondaire professionnel à temps partiel, délivré à partir de septembre 2011 ;
b) le certificat de " Begeleider in de Kinderopvang " obtenu dans l'apprentissage ; " ;
2° au point 8°, c) les mots " jusqu'au 1er octobre 2016 " sont remplacés par les mots " jusqu'au 1er octobre 2017 " ;
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen aan het ministerieel besluit van 23 april 2014
CHAPITRE 2. - Modifications à l'arrêté ministériel du 23 avril 2014
Art. 2. In artikel 6 van het ministerieel besluit van 23 april 2014 tot uitvoering van het Subsidiebesluit van 22 november 2013 worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de zinsnede "vermeld in artikel 33 en 34" wordt vervangen door de zinsnede "vermeld in artikel 33, 34 en 34/1";
2° er wordt een tweede lid toegevoegd dat luidt als volgt:
"De indexering van het berekende inkomenstarief, vermeld in het eerste lid, wordt toegepast vóór de aftrek van de vermindering voor kinderen ten laste, vermeld in artikel 28.".
Art. 2. A l'article 6 de l'arrêté ministériel du 23 avril 2014 portant exécution de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013, sont apportées les modifications suivantes :
1° le membre de phrase " visé aux articles 33 et 34 " est remplacé par le membre de phrase " visé aux articles 33, 34 et 34/1 " ;
2° il est ajouté un deuxième alinéa ainsi rédigé :
" L'indexation du tarif sur base des revenus calculé, visé au premier alinéa, est appliquée avant déduction de la réduction pour enfants à charge, visée à l'article 28. ".
Art. 3. In titel 3, hoofdstuk 2, afdeling 4, onderafdeling 2, van hetzelfde besluit wordt een artikel 22/1 ingevoegd dat luidt als volgt:
"Art. 22/1. De startdatum, vermeld op het attest inkomenstarief, is de maand na de aanvraag van het attest inkomenstarief, tenzij:
1° bij de start van de kinderopvang, in welk geval de startdatum steeds de maand van de start is;
2° het OCMW of de organisator een beslissing nemen als vermeld in artikel 34/1 van het Subsidiebesluit van 22 november 2013, die kan gelden met terugwerkende kracht.
De einddatum, vermeld op het attest inkomenstarief, is de laatste dag van het kalenderjaar van de aanvraag van het attest inkomenstarief, tenzij wanneer het kind 3,5 jaar wordt, in welk geval de einddatum de laatste dag van de maand is waarin het kind deze leeftijd krijgt.".
Art. 3. Dans le titre 3, chapitre 2, section 4, sous-section 2, du même arrêté, il est inséré un article 22/1, rédigé comme suit :
" Art. 22/1. La date de début, mentionnée dans l'attestation du tarif sur base des revenus, est le mois après le dépôt de la demande de l'attestation du tarif sur base des revenus, sauf :
1° au début des services d'accueil, auquel cas la date de début est le mois du début ;
2° le CPAS ou l'organisateur prennent une décision, telle que visée à l'article 34/1 de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013, qui peut s'appliquer à effet rétroactif.
La date de fin mentionnée dans l'attestation du tarif sur base des revenus est le dernier jour de l'année calendaire de la demande de l'attestation du tarif sur base des revenus, sauf si l'enfant atteint l'âge de 3,5 ans, auquel cas la date de fin est le dernier jour du mois où l'enfant atteint cet âge. ".
Art. 4. Artikel 23 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Bij gebrek aan Belgisch aanslagbiljet voor personenbelasting en aanvullende belastingen wordt volgend inkomen in aanmerking genomen:
1° in geval van een werknemer: het brutoloon, verminderd met 13,07%. Het bekomen bedrag op maandbasis wordt omgezet in een jaarbedrag. Voor de omzetting naar een jaarbedrag, wordt het bekomen bedrag op maandbasis vermenigvuldigd met een coëfficiënt die elk jaar op 1 januari wordt vastgelegd door Kind en Gezin volgens de volgende formule:
a) het gemiddelde gezondheidsindexcijfer van twee jaar voordien wordt gedeeld door het gezondheidsindexcijfer van 1 oktober van het jaar voordien;
b) het resultaat van de berekening, vermeld in punt a), wordt vermenigvuldigd met twaalf;
2° in geval van een beginnende zelfstandige en een beginnende meewerkende echtgenoot: het inkomen dat dient voor de berekening van de voorlopige bijdragen, zoals vastgesteld door artikel 13bis van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen. Dat inkomen wordt verminderd met het bedrag van de voorlopige bijdrage, zoals berekend volgens hetzelfde artikel 13bis.
Het gemiddelde gezondheidsindexcijfer wordt berekend als volgt:
1° de gezondheidsindexcijfers die gelden in elke maand van de twaalf maanden van het jaar voordien worden bij elkaar opgeteld;
2° het resultaat van de optelling, vermeld in punt 1°, wordt gedeeld door twaalf.".
Art. 4. L'article 23 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" A défaut d'un avertissement-extrait de rôle belge de l'impôt des personnes physiques et des impôts complémentaires, le traitement suivant est pris en considération :
1° dans le cas d'un travailleur : le salaire brut, réduit de 13,07%. Le montant obtenu sur une base mensuelle est converti en un montant annuel. Pour la conversion vers un montant annuel, le montant obtenu sur une base mensuelle est multipliée par un coefficient qui est fixé chaque année au 1er janvier par Kind en Gezin, selon la formule suivante :
a) l'indice santé moyen de deux ans auparavant est divisé par l'indice santé du 1er octobre de l'année précédente ;
b) le résultat du calcul, visé au point a), est multiplié par douze ;
2° dans le cas d'un indépendant débutant et d'un conjoint aidant débutant : les revenus servant au calcul des contributions provisoires, telles que fixées par l'article 13bis de l'arrêté royal n° 38 du 27 juillet 1967 organisant le statut social des travailleurs indépendants. Ces revenus sont réduits du montant de la contribution provisoire, telle que calculée suivant le même article 13bis.
L'indice santé moyen est calculé comme suit :
1° les indices santé qui s'appliquent dans chaque mois des douze mois de l'année précédente sont additionnés ;
2° le résultat de l'addition, visée au point 1°, est divisé par douze. ".
Art. 5. In artikel 24 van hetzelfde besluit worden de woorden "als persoon met domicilie op hetzelfde adres als de contracthouder" telkens vervangen door de woorden "als inwonende persoon".
Art. 5. Dans l'article 24 du même arrêté, les mots " domiciliée à la même adresse que le titulaire du contrat " sont chaque fois remplacés par les mots " résidant sous le même toit ".
Art. 6. Artikel 26 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 26. Voor de tarieven gelden de volgende bedragen:
1° het standaard minimumtarief bedraagt 5 euro;
2° het uitzonderlijk minimumtarief bedraagt 3 euro;
3° het laagst mogelijke inkomenstarief bedraagt 1,56 euro;
4° het maximumtarief bedraagt 27,72 euro.".
Art. 6. L'article 26 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 26. Aux tarifs suivants, les montants suivants s'appliquent :
1° le tarif minimal standard s'élève à 5 euros ;
2° le tarif minimal exceptionnel s'élève à 3 euros ;
3° le tarif plancher sur base des revenus s'élève à 1,56 euros ;
4° le tarif maximal s'élève à 27,72 euros. ".
Art. 7. Artikel 27 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 27. Het individueel verminderd inkomenstarief bedraagt:
1° in de situatie, vermeld in artikel 34, § 1, 1°, a), b) en c) van het Subsidiebesluit van 22 november 2013: een vermindering van 25% op het laatst berekende inkomenstarief met als minimum het standaard minimumtarief. Er is maximaal één vermindering van 25% per gezin;
2° in de situatie, vermeld in artikel 34, § 1, 1°, d), van het Subsidiebesluit van 22 november 2013: het standaard minimumtarief;
3° in de situatie, vermeld in artikel 34, § 1, 1°, e), 2°, a) en b), van het Subsidiebesluit van 22 november 2013: het uitzonderlijk minimumtarief;
4° in de situatie, vermeld in artikel 34, § 1, 2°, c), en 3°, van het Subsidiebesluit van 22 november 2013: het laagst mogelijke inkomenstarief;
5° in de situatie, vermeld in artikel 34/1 van het Subsidiebesluit van 22 november 2013, een van de volgende tarieven:
a) een vermindering van 50% op het laatst bepaalde individueel verminderde inkomenstarief of op het laatst berekende inkomenstarief met als minimum het standaard minimumtarief;
b) het standaard minimumtarief;
c) het laagst mogelijke inkomenstarief.".
Art. 7. L'article 27 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 27. Le tarif sur base des revenus réduit individuellement s'élève à :
1° dans la situation, visée à l'article 34, § 1er, 1°, a), b) et c), de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013 : une réduction de 25% sur le tarif sur base des revenus dernièrement calculé avec comme minimum le tarif minimal standard. Il y a au maximum une réduction de 25% par famille ;
2° dans la situation, visée à l'article 34, § 1er, 1°, d), de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013 : le tarif minimal standard ;
3° dans la situation, visée à l'article 34, § 1er, 1°, e), 2°, a) et b) de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013 : le tarif minimal exceptionnel ;
4° dans la situation, visée à l'article 34, § 1er, 2°, c) et 3°, de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013 : le tarif plancher sur base des revenus ;
5° dans la situation, visée à l'article 34/1 de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013, un des tarifs suivants :
a) une réduction de 50% sur le tarif sur base des revenus réduit individuellement dernièrement déterminé ou sur le tarif sur base des revenus dernièrement calculé avec comme minimum le tarif minimal standard ;
b) le tarif minimal standard ;
c) le tarif plancher sur base des revenus. ".
Art. 8. Artikel 28 van hetzelfde besluit wordt gewijzigd als volgt:
1° in het eerste lid wordt punt 3° vervangen door wat volgt:
"3° een aanvullende vermindering van 3,14 euro voor kinderen ten laste die een meerling zijn, met een maximum van één aanvullende vermindering per gezin.";
2° het tweede lid wordt opgeheven.
Art. 8. L'article 28 du même arrêté est modifié comme suit :
1° à l'alinéa premier, le point 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° une réduction complémentaire de 3,14 euros pour enfants à charge qui sont des multiples, avec un maximum d'une seule réduction complémentaire par famille. " ;
2° le deuxième alinéa est abrogé.
Art. 9. In artikel 30 van hetzelfde besluit wordt de zinsnede "3° de gedetailleerde opgave" vervangen door de zinsnede "4° de gedetailleerde opgave".
Art. 9. Dans l'article 30 du même arrêté, les mots " 3° un relevé détaillé " sont remplacés par les mots " 4° un relevé détaillé ".
Art. 10. In titel 3, hoofdstuk 2, afdeling 4, van hetzelfde besluit wordt onderafdeling 4 opgeheven.
Art. 10. Dans le titre 3, chapitre 2, section 4, du même arrêté, la sous-section 4 est abrogée.
Art. 11. Artikel 31 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 11. L'article 31 du même arrêté est abrogé.
HOOFDSTUK 3. - Slotbepalingen
CHAPITRE 3. - Dispositions finales
Art. 12. Dit besluit treedt in werking op 1 mei 2015. Met uitzondering voor de contracthouders die geen nieuw attest inkomenstarief moeten aanvragen vóór 1 januari 2016, voor hen treedt de toepassing van dit besluit in werking op 1 januari 2016.
Art. 12. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er mai 2015. A l'exception des détenteurs de contrat qui ne doivent pas demander une nouvelle attestation du tarif sur base des revenus avant le 1er janvier 2016, pour eux l'application du présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2016.