Art. 15. Het hoofd van het
[2 agentschap]2 heeft
[1 voor de toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 februari 2016 houdende vaststelling van de werking en het beheer van het Financieringsinstrument voor de Vlaamse visserij- en aquacultuursector (FIVA) en de verrichtingen die voor steun in aanmerking komen,]1 delegatie om inzake steunmaatregelen in uitvoering van het decreet van 13 mei 1997 houdende oprichting van een Financieringsinstrument voor de Vlaamse visserij- en aquacultuursector:
1° beslissingen te nemen over de toekenning van steun tot een bedrag van 150.000 euro per dossier aan Vlaamse middelen met uitzondering van de dossiers waarbij overheidswaarborg wordt toegekend;
2° alle beslissingen tot toekenning van steun te herzien als de nieuwe totale toegekende steun niet meer bedraagt dan 150.000 euro en als de toegekende waarborg niet stijgt;
3° beslissingen te nemen over de onderhandse verkoop van onroerende goederen die als zekerheid zijn ingebracht voor kredieten met FIVA-waarborg waarbij de prijs niet lager mag zijn dan de schatting door het Comité tot Aankoop van Onroerende Goederen of door de Ontvanger Der Domeinen en Penale Boeten;
4° goedkeuring te verlenen voor een gespreide terugbetaling van de teruggevorderde steun, met een maximum van 50.000 euro tot uiterlijk zestig maanden na de terugvorderingsdatum;
5° goedkeuring te verlenen voor de uitbetaling van verwijlinteresten op de FIVA-waarborg, uitbetalingen waarvoor de initiële afrekening al eerder is goedgekeurd door de minister.