Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
20 JANUARI 2014. - Wet tot wijziging van de wet van 3 november 2001 tot oprichting van de Belgische Investeringsmaatschappij voor Ontwikkelingslanden en tot wijziging van de wet van 21 december 1998 tot oprichting van de "Belgische Technische Coöperatie" in de vorm van een vennootschap van publiek recht
Titre
20 JANVIER 2014. - Loi modifiant la loi du 3 novembre 2001 relative à la création de la Société belge d'Investissement pour les pays en développement et modifiant la loi du 21 décembre 1998 portant création de la "Coopération technique belge" sous la forme d'une société de droit public
Informations sur le document
Info du document
Tekst (15)
Texte (15)
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
Article 1er. La présente loi règle une matière visée à l'article 78 de la Constitution.
Art. 2. In artikel 2, tweede lid, van de wet van 3 november 2001 tot oprichting van de Belgische Investeringsmaatschappij voor Ontwikkelingslanden en tot wijziging van de wet van 21 december 1998 tot oprichting van de "Belgische Technische Coöperatie" in de vorm van een vennootschap van publiek recht, worden de woorden "of op het gebied van de sociale economie" ingevoegd tussen de woorden "van lokaal ondernemerschap" en "in ontwikkelingslanden" en de woorden "evenals de organisaties en ondernemingen waarvan de financiering van het lokaal ondernemerschap van de ontwikkelingslanden inbegrepen is in het maatschappelijk doel" worden ingevoegd na de woorden "in ontwikkelingslanden".
Art. 2. Dans l'article 2, alinéa 2, de la loi du 3 novembre 2001 relative à la création de la Société belge d'Investissement pour les Pays en Développement et modifiant la loi du 21 décembre 1998 portant création de la "Coopération technique belge" sous la forme d'une société de droit public, les mots "ou dans le domaine de l'économie sociale" sont insérés entre les mots "d'entreprises locales" et "dans les pays en développement" et les mots "ainsi que les organisations et sociétés dont l'objet social inclut le financement de l'entrepreneuriat local des pays en développement" sont insérés après les mots "dans les pays en développement".
Art. 3. In dezelfde wet wordt een artikel 2bis ingevoegd, luidende :
"Art. 2bis. § 1. De raad van bestuur bestaat uit twaalf leden, met inbegrip van zijn voorzitter.
§ 2. De raad van bestuur telt evenveel Nederlandstalige als Franstalige leden.
§ 2. De raad van bestuur bestaat voor ten hoogste twee derden uit leden van hetzelfde geslacht.
§ 3. De leden van de raad van bestuur worden benoemd op voordracht van de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegdheid heeft, bij een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op basis van hun kennis van internationale samenwerking of inzake beheer.
§ 4. Een vertegenwoordiger van de Directie-Generaal Ontwikkelingssamenwerking en Humanitaire Hulp van de FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, aangeduid door de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegheid heeft, wordt uitgenodigd op de vergaderingen van de raad van bestuur. Hij is niet stemgerechtigd.".
"Art. 2bis. § 1. De raad van bestuur bestaat uit twaalf leden, met inbegrip van zijn voorzitter.
§ 2. De raad van bestuur telt evenveel Nederlandstalige als Franstalige leden.
§ 2. De raad van bestuur bestaat voor ten hoogste twee derden uit leden van hetzelfde geslacht.
§ 3. De leden van de raad van bestuur worden benoemd op voordracht van de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegdheid heeft, bij een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op basis van hun kennis van internationale samenwerking of inzake beheer.
§ 4. Een vertegenwoordiger van de Directie-Generaal Ontwikkelingssamenwerking en Humanitaire Hulp van de FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, aangeduid door de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegheid heeft, wordt uitgenodigd op de vergaderingen van de raad van bestuur. Hij is niet stemgerechtigd.".
Art. 3. Dans la même loi, il est inséré un article 2bis rédigé comme suit :
"Art. 2bis. § 1er. Le conseil d'administration est composé de douze membres, en ce compris son président.
§ 2. Le conseil d'administration compte autant de membres d'expression française que d'expression néerlandaise.
§ 2. Le conseil d'administration compte au maximum deux tiers de membres du même sexe.
§ 3. Les membres du conseil d'administration sont nommés sur proposition du ministre ayant la Coopération au développement dans ses attributions, par arrêté royal délibéré en Conseil des ministres, sur la base de leur connaissance de la coopération internationale ou en matière de gestion.
§ 4. Un représentant de la Direction Générale de la Coopération au Développement et de l'Aide humanitaire du SPF Affaires étrangères, Commerce extérieur et Coopération au Développement, désigné par le ministre, ayant la Coopération au développement dans ses attributions, est invité aux réunions du conseil d'administration. Il ne dispose pas du droit de vote.".
"Art. 2bis. § 1er. Le conseil d'administration est composé de douze membres, en ce compris son président.
§ 2. Le conseil d'administration compte autant de membres d'expression française que d'expression néerlandaise.
§ 2. Le conseil d'administration compte au maximum deux tiers de membres du même sexe.
§ 3. Les membres du conseil d'administration sont nommés sur proposition du ministre ayant la Coopération au développement dans ses attributions, par arrêté royal délibéré en Conseil des ministres, sur la base de leur connaissance de la coopération internationale ou en matière de gestion.
§ 4. Un représentant de la Direction Générale de la Coopération au Développement et de l'Aide humanitaire du SPF Affaires étrangères, Commerce extérieur et Coopération au Développement, désigné par le ministre, ayant la Coopération au développement dans ses attributions, est invité aux réunions du conseil d'administration. Il ne dispose pas du droit de vote.".
Art. 4. Artikel 3, § 1, eerste lid, van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
"BIO heeft als maatschappelijk doel rechtstreeks of onrechtstreeks te investeren in de ontwikkeling van micro-, kleine en middelgrote ondernemingen (mkmo's) en ondernemingen van de sociale economie gevestigd in ontwikkelingslanden in het belang van de economische en sociale vooruitgang van deze landen waarbij een voldoende rendement verzekerd wordt. BIO heeft ook als maatschappelijk doel te investeren in energieprojecten en projecten die bijdragen tot de strijd tegen de klimaatverandering in ontwikkelingslanden, evenals in de ondernemingen waarvan het doel erin bestaat basisdiensten te verstrekken aan de bevolking in ontwikkelingslanden.".
"BIO heeft als maatschappelijk doel rechtstreeks of onrechtstreeks te investeren in de ontwikkeling van micro-, kleine en middelgrote ondernemingen (mkmo's) en ondernemingen van de sociale economie gevestigd in ontwikkelingslanden in het belang van de economische en sociale vooruitgang van deze landen waarbij een voldoende rendement verzekerd wordt. BIO heeft ook als maatschappelijk doel te investeren in energieprojecten en projecten die bijdragen tot de strijd tegen de klimaatverandering in ontwikkelingslanden, evenals in de ondernemingen waarvan het doel erin bestaat basisdiensten te verstrekken aan de bevolking in ontwikkelingslanden.".
Art. 4. L'article 3, § 1er, alinéa 1er, de la même loi est remplacé par ce qui suit :
"BIO a pour objet social d'investir, directement ou indirectement, dans le développement de micro-, petites et moyennes entreprises (MPME) et d'entreprises de l'économie sociale situées dans les pays en développement dans l'intérêt du progrès économique et social de ces pays tout en s'assurant d'un rendement suffisant. BIO a également pour objet social d'investir dans les projets énergétiques et les projets contribuant à la lutte contre les changements climatiques dans les pays en développement, ainsi que dans les entreprises dont l'objet est de fournir des services de base à la population dans les pays en développement.".
"BIO a pour objet social d'investir, directement ou indirectement, dans le développement de micro-, petites et moyennes entreprises (MPME) et d'entreprises de l'économie sociale situées dans les pays en développement dans l'intérêt du progrès économique et social de ces pays tout en s'assurant d'un rendement suffisant. BIO a également pour objet social d'investir dans les projets énergétiques et les projets contribuant à la lutte contre les changements climatiques dans les pays en développement, ainsi que dans les entreprises dont l'objet est de fournir des services de base à la population dans les pays en développement.".
Art. 5. Artikel 3, § 1, vijfde lid, vijfde streepje, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 20 juli 2005, wordt vervangen als volgt :
"- subsidies verlenen gericht op de financiering van programma's ter ondersteuning van de ontwikkeling van ondernemingen in het portfolio van BIO of van ondernemingen die in aanmerking komen voor een financiering door BIO, anders dan in de vorm van een subsidie. De toekenning van deze subsidies gebeurt op basis van een overeenkomst tussen BIO en de begunstigde en is gebonden aan bijzondere criteria, met name op het niveau van de begunstigden :
i) de portfoliovennootschappen. De portfoliovennootschap is een vennootschap die een financiering van BIO heeft verkregen, ongeacht de vorm, behalve in de vorm van een subsidie;
ii) de tussenstructuren die enkel gericht zijn op lokale ondernemingen, meer bepaald de commerciële of coöperatieve investeringsbanken, microkredietmaatschappijen en -instellingen, investeringsfondsen en -maatschappijen, leasingmaatschappijen en waarborg- en verzekeringsmaatschappijen gelegen in de ontwikkelingslanden en die de activiteiten en investeringen van lokale micro-, kleine en middelgrote ondernemingen financieren;
iii) de micro-, kleine en middelgrote ondernemingen van de ontwikkelingslanden die beantwoorden aan volgende criteria :
a) de waarde van de activa van de mkmo is niet groter dan 43 miljoen euro;
b) het zakencijfer van de mkmo is niet groter dan 50 miljoen euro.
De financiering van BIO beperkt zich tot 50 % van de bijstandskost.
Het bedrag van de subsidie mag niet groter zijn dan honderdduizend euro per project.
De subsidieovereenkomst bevat de omschrijving van de activiteiten, de financieringsmodaliteiten, de rapportageverplichtingen met inbegrip van de verantwoording van het gebruik van de middelen, de omstandigheden van terugbetaling van de subsidie wanneer de begunstigden in gebreke blijven en de controlemogelijkheden door BIO. BIO verantwoordt het gebruik van deze subsidies door jaarlijks een verslag aan de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegdheid heeft, over te maken waarin volgende gegevens worden opgenomen :
- een balans van de gevoerde activiteiten;
- een financiële balans;
- een evaluatie van de verworven resultaten;
- de eventuele wijzigingen van de gevolgde strategie die overwogen worden in eerbiediging van het beheerscontract.".
"- subsidies verlenen gericht op de financiering van programma's ter ondersteuning van de ontwikkeling van ondernemingen in het portfolio van BIO of van ondernemingen die in aanmerking komen voor een financiering door BIO, anders dan in de vorm van een subsidie. De toekenning van deze subsidies gebeurt op basis van een overeenkomst tussen BIO en de begunstigde en is gebonden aan bijzondere criteria, met name op het niveau van de begunstigden :
i) de portfoliovennootschappen. De portfoliovennootschap is een vennootschap die een financiering van BIO heeft verkregen, ongeacht de vorm, behalve in de vorm van een subsidie;
ii) de tussenstructuren die enkel gericht zijn op lokale ondernemingen, meer bepaald de commerciële of coöperatieve investeringsbanken, microkredietmaatschappijen en -instellingen, investeringsfondsen en -maatschappijen, leasingmaatschappijen en waarborg- en verzekeringsmaatschappijen gelegen in de ontwikkelingslanden en die de activiteiten en investeringen van lokale micro-, kleine en middelgrote ondernemingen financieren;
iii) de micro-, kleine en middelgrote ondernemingen van de ontwikkelingslanden die beantwoorden aan volgende criteria :
a) de waarde van de activa van de mkmo is niet groter dan 43 miljoen euro;
b) het zakencijfer van de mkmo is niet groter dan 50 miljoen euro.
De financiering van BIO beperkt zich tot 50 % van de bijstandskost.
Het bedrag van de subsidie mag niet groter zijn dan honderdduizend euro per project.
De subsidieovereenkomst bevat de omschrijving van de activiteiten, de financieringsmodaliteiten, de rapportageverplichtingen met inbegrip van de verantwoording van het gebruik van de middelen, de omstandigheden van terugbetaling van de subsidie wanneer de begunstigden in gebreke blijven en de controlemogelijkheden door BIO. BIO verantwoordt het gebruik van deze subsidies door jaarlijks een verslag aan de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegdheid heeft, over te maken waarin volgende gegevens worden opgenomen :
- een balans van de gevoerde activiteiten;
- een financiële balans;
- een evaluatie van de verworven resultaten;
- de eventuele wijzigingen van de gevolgde strategie die overwogen worden in eerbiediging van het beheerscontract.".
Art. 5. L'article 3, § 1er, alinéa 5, cinquième tiret, de la même loi, inséré par la loi du 20 juillet 2005, est remplacé par ce qui suit :
"- octroyer des subsides en vue de financer des programmes de soutien au développement d'entreprises en portefeuille de BIO ou d'entreprises susceptibles de bénéficier d'un financement par BIO autrement que sous la forme d'un subside. L'octroi de ces subsides se fait sur la base d'une convention entre BIO et le bénéficiaire et est lié à des critères spécifiques, notamment au niveau des bénéficiaires :
i) les sociétés en portefeuille. La société en portefeuille est une société ayant bénéficié d'un financement par BIO, sous quelque forme que ce soit, autre que sous la forme d'un subside;
ii) les structures intermédiaires orientées exclusivement vers des entreprises locales, en l'occurrence les banques d'investissement commerciales ou coopératives, les sociétés et institutions de micro-finance, les sociétés et les fonds d'investissements, les sociétés de leasing et les sociétés de garantie et d'assurance situées dans les pays en développement et qui financent les activités et les investissements des micro-, petites et moyennes entreprises locales;
iii) les micro-, petites et moyennes entreprises des pays en développement qui répondent aux critères suivants :
a) la valeur des actifs de la MPME ne dépasse pas 43 millions d'euros;
b) le chiffre d'affaires de la MPME ne dépasse pas 50 millions d'euros.
Le financement de BIO se limite à maximum 50 % du coût de l'assistance.
Le montant du subside ne peut dépasser cent mille euros par projet.
La convention de subside comprend la description des activités, les modalités de financement, les obligations de rapportage y compris la justification de l'utilisation des moyens, les conditions de remboursement du subside si les bénéficiaires restent en défaut et les possibilités de contrôle par BIO. BIO justifie l'emploi des subsides en transmettant annuellement au ministre ayant la Coopération au développement dans ses attributions un rapport reprenant les données suivantes :
- un bilan des activités menées;
- un bilan financier;
- une évaluation des résultats obtenus;
- les adaptations éventuelles envisagées de la stratégie suivie dans le respect du contrat de gestion.".
"- octroyer des subsides en vue de financer des programmes de soutien au développement d'entreprises en portefeuille de BIO ou d'entreprises susceptibles de bénéficier d'un financement par BIO autrement que sous la forme d'un subside. L'octroi de ces subsides se fait sur la base d'une convention entre BIO et le bénéficiaire et est lié à des critères spécifiques, notamment au niveau des bénéficiaires :
i) les sociétés en portefeuille. La société en portefeuille est une société ayant bénéficié d'un financement par BIO, sous quelque forme que ce soit, autre que sous la forme d'un subside;
ii) les structures intermédiaires orientées exclusivement vers des entreprises locales, en l'occurrence les banques d'investissement commerciales ou coopératives, les sociétés et institutions de micro-finance, les sociétés et les fonds d'investissements, les sociétés de leasing et les sociétés de garantie et d'assurance situées dans les pays en développement et qui financent les activités et les investissements des micro-, petites et moyennes entreprises locales;
iii) les micro-, petites et moyennes entreprises des pays en développement qui répondent aux critères suivants :
a) la valeur des actifs de la MPME ne dépasse pas 43 millions d'euros;
b) le chiffre d'affaires de la MPME ne dépasse pas 50 millions d'euros.
Le financement de BIO se limite à maximum 50 % du coût de l'assistance.
Le montant du subside ne peut dépasser cent mille euros par projet.
La convention de subside comprend la description des activités, les modalités de financement, les obligations de rapportage y compris la justification de l'utilisation des moyens, les conditions de remboursement du subside si les bénéficiaires restent en défaut et les possibilités de contrôle par BIO. BIO justifie l'emploi des subsides en transmettant annuellement au ministre ayant la Coopération au développement dans ses attributions un rapport reprenant les données suivantes :
- un bilan des activités menées;
- un bilan financier;
- une évaluation des résultats obtenus;
- les adaptations éventuelles envisagées de la stratégie suivie dans le respect du contrat de gestion.".
Art. 6. Artikel 3, § 1, van dezelfde wet wordt aangevuld met een zesde lid, luidende :
"Komen niet in aanmerking voor de interventies van BIO (oprichting van vennootschappen, participaties, leningen, subsidies), de investeringsmaatschappijen en -fondsen, evenals de ondernemingen :
- die gevestigd zijn in elke Staat bedoeld in artikel 307, § 1, vijfde lid, a) of b), van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.
- die gevestigd zijn in een Staat, andere dan die waar de uiteindelijke begunstigde van de BIO-interventie zetelt, die voorkomt op de lijst van Staten die weigeren over een overeenkomst te onderhandelen en de overeenkomst te ondertekenen die, in overeenstemming met de standaarden van de Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling (OESO), voorziet in de automatische uitwisseling met België van inlichtingen met betrekking tot belastingaangelegenheden en bankzaken vanaf 2015. Deze lijst wordt bepaald bij een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.".
"Komen niet in aanmerking voor de interventies van BIO (oprichting van vennootschappen, participaties, leningen, subsidies), de investeringsmaatschappijen en -fondsen, evenals de ondernemingen :
- die gevestigd zijn in elke Staat bedoeld in artikel 307, § 1, vijfde lid, a) of b), van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.
- die gevestigd zijn in een Staat, andere dan die waar de uiteindelijke begunstigde van de BIO-interventie zetelt, die voorkomt op de lijst van Staten die weigeren over een overeenkomst te onderhandelen en de overeenkomst te ondertekenen die, in overeenstemming met de standaarden van de Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling (OESO), voorziet in de automatische uitwisseling met België van inlichtingen met betrekking tot belastingaangelegenheden en bankzaken vanaf 2015. Deze lijst wordt bepaald bij een koninklijk besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.".
Art. 6. L'article 3, § 1er, de la même loi est complété par un alinéa 6, rédigé comme suit :
"N'entrent pas en ligne de compte pour les interventions de BIO (création de sociétés, participations au capital, prêts, subsides) les sociétés et les fonds d'investissement ainsi que les entreprises :
- qui sont établies dans tout Etat visé à l'article 307, § 1er, alinéa 5, a) ou b), du Code des impôts sur les revenus 1992;
- qui sont établies dans un Etat, autre que celui où siège le bénéficiaire final de l'intervention de BIO, qui figure dans la liste des Etats qui refusent de négocier et de signer un accord qui prévoit, conformément aux normes de l'Organisation de coopération et de développement économiques (OCDE), l'échange automatique de renseignements en matière fiscale et bancaire avec la Belgique à partir de 2015. Cette liste est définie par un arrêté royal délibéré en Conseil des ministres. ".
"N'entrent pas en ligne de compte pour les interventions de BIO (création de sociétés, participations au capital, prêts, subsides) les sociétés et les fonds d'investissement ainsi que les entreprises :
- qui sont établies dans tout Etat visé à l'article 307, § 1er, alinéa 5, a) ou b), du Code des impôts sur les revenus 1992;
- qui sont établies dans un Etat, autre que celui où siège le bénéficiaire final de l'intervention de BIO, qui figure dans la liste des Etats qui refusent de négocier et de signer un accord qui prévoit, conformément aux normes de l'Organisation de coopération et de développement économiques (OCDE), l'échange automatique de renseignements en matière fiscale et bancaire avec la Belgique à partir de 2015. Cette liste est définie par un arrêté royal délibéré en Conseil des ministres. ".
Art. 7. Artikel 3, § 2, eerste lid, van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
" § 2. De interventies van BIO zijn uitsluitend gericht op ondernemingen uit ontwikkelingslanden uit de volgende door het Comité voor ontwikkelingshulp van de OESO bepaalde categorieën :
(i) de minst ontwikkelde landen;
(ii) de landen met een laag inkomen;
(iii) de landen met een gemiddeld inkomen, lagere schijf;
(iv) de landen met een gemiddeld inkomen, hogere schijf.".
" § 2. De interventies van BIO zijn uitsluitend gericht op ondernemingen uit ontwikkelingslanden uit de volgende door het Comité voor ontwikkelingshulp van de OESO bepaalde categorieën :
(i) de minst ontwikkelde landen;
(ii) de landen met een laag inkomen;
(iii) de landen met een gemiddeld inkomen, lagere schijf;
(iv) de landen met een gemiddeld inkomen, hogere schijf.".
Art. 7. L'article 3, § 2, alinéa 1er, de la même loi est remplacé par ce qui suit :
" § 2. Les interventions de BIO sont dirigées exclusivement vers des entreprises dans des pays en développement, appartenant aux catégories suivantes, telles que définies par le Comité d'aide au développement de l'OCDE :
(i) les pays les moins avancés;
(ii) les pays à bas revenu;
(iii) les pays à revenu intermédiaire, tranche inférieure;
(iv) les pays à revenu intermédiaire, tranche supérieure.".
" § 2. Les interventions de BIO sont dirigées exclusivement vers des entreprises dans des pays en développement, appartenant aux catégories suivantes, telles que définies par le Comité d'aide au développement de l'OCDE :
(i) les pays les moins avancés;
(ii) les pays à bas revenu;
(iii) les pays à revenu intermédiaire, tranche inférieure;
(iv) les pays à revenu intermédiaire, tranche supérieure.".
Art. 8. Artikel 3, § 3, tweede lid, van dezelfde wet wordt opgeheven.
Art. 8. L'article 3, § 3, alinéa 2, de la même loi est abrogé.
Art. 9. In dezelfde wet wordt een artikel 4bis ingevoegd, luidende :
"Art. 4bis. § 1. De bijzondere regels en voorwaarden volgens dewelke BIO haar maatschappelijk doel uitvoert worden vastgelegd in een beheerscontract gesloten tussen de Belgische Staat en BIO.
§ 2. Het beheerscontract regelt tenminste de volgende onderwerpen :
1° het beleidskader;
2° de opdracht en waarden van BIO;
3° de strategische prioriteiten van het investeringsbeleid van BIO in termen van geografische, sectorale en thematische concentratie, evenals van nadere regels voor investering en van toekenningscriteria voor financieringen;
4° de financieringsmodaliteiten van BIO, zowel in de vorm van inbreng in het eigen vermogen als in de vorm van subsidies ten laste van de algemene uitgavenbegroting van de Federale Staat;
5° de specifieke en meetbare doelstellingen die BIO moet bereiken;
6° de nadere regels voor de samenwerking en de ontwikkeling van synergieën tussen BIO en de andere actoren van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking;
7° de procedures en objectieve parameters voor de jaarlijkse toetsing van het beheerscontract;
8° de financiële sancties in geval van niet-naleving door een partij van haar verbintenissen voortvloeiend uit het beheerscontract;
9° de verplichtingen inzake interne controle.
§ 3. Elke uitdrukkelijk ontbindende voorwaarde in het beheerscontract wordt voor niet geschreven gehouden.
Artikel 1184 van het Burgerlijk Wetboek is niet van toepassing op het beheerscontract. De partij jegens wie een verbintenis in het beheerscontract niet is uitgevoerd kan slechts de andere partij noodzaken de verbintenis uit te voeren en, in voorkomend geval, schadevergoeding eisen, onverminderd de toepassing van iedere sanctie bepaald in het beheerscontract.".
"Art. 4bis. § 1. De bijzondere regels en voorwaarden volgens dewelke BIO haar maatschappelijk doel uitvoert worden vastgelegd in een beheerscontract gesloten tussen de Belgische Staat en BIO.
§ 2. Het beheerscontract regelt tenminste de volgende onderwerpen :
1° het beleidskader;
2° de opdracht en waarden van BIO;
3° de strategische prioriteiten van het investeringsbeleid van BIO in termen van geografische, sectorale en thematische concentratie, evenals van nadere regels voor investering en van toekenningscriteria voor financieringen;
4° de financieringsmodaliteiten van BIO, zowel in de vorm van inbreng in het eigen vermogen als in de vorm van subsidies ten laste van de algemene uitgavenbegroting van de Federale Staat;
5° de specifieke en meetbare doelstellingen die BIO moet bereiken;
6° de nadere regels voor de samenwerking en de ontwikkeling van synergieën tussen BIO en de andere actoren van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking;
7° de procedures en objectieve parameters voor de jaarlijkse toetsing van het beheerscontract;
8° de financiële sancties in geval van niet-naleving door een partij van haar verbintenissen voortvloeiend uit het beheerscontract;
9° de verplichtingen inzake interne controle.
§ 3. Elke uitdrukkelijk ontbindende voorwaarde in het beheerscontract wordt voor niet geschreven gehouden.
Artikel 1184 van het Burgerlijk Wetboek is niet van toepassing op het beheerscontract. De partij jegens wie een verbintenis in het beheerscontract niet is uitgevoerd kan slechts de andere partij noodzaken de verbintenis uit te voeren en, in voorkomend geval, schadevergoeding eisen, onverminderd de toepassing van iedere sanctie bepaald in het beheerscontract.".
Art. 9. Dans la même loi, il est inséré un article 4bis, rédigé comme suit :
"Art. 4bis. § 1er. Les règles et conditions spéciales selon lesquelles BIO met en oeuvre son objet social sont arrêtées dans un contrat de gestion conclu entre l'Etat belge et BIO.
§ 2. Le contrat de gestion règle au moins les matières suivantes :
1° le cadre politique;
2° les missions et valeurs de BIO;
3° les axes stratégiques prioritaires de la politique d'investissement de BIO en termes de concentration géographique, sectorielle et thématique, ainsi que de modalités d'investissement et de critères d'octroi de financements;
4° les modalités de financement de BIO, tant sous forme d'apport aux fonds propres que sous forme de subventions à charge du budget général des dépenses de l'Etat fédéral;
5° les objectifs spécifiques et mesurables à atteindre par BIO;
6° les modalités de coopération et de développement des synergies entre BIO et les autres acteurs de la Coopération belge au Développement;
7° les procédures et paramètres objectifs de l'évaluation annuelle du contrat de gestion;
8° les sanctions financières en cas de non-respect par une partie de ses engagements résultant du contrat de gestion;
9° les obligations en matière de contrôle interne.
§ 3. Toute clause résolutoire expresse dans le contrat de gestion est réputée non écrite.
L'article 1184 du Code civil n'est pas applicable au contrat de gestion. La partie envers laquelle une obligation prévue dans le contrat de gestion n'est pas exécutée peut uniquement forcer l'autre partie à l'exécution de l'obligation et, le cas échéant, demander des dommages et intérêts, sans préjudice de l'application de toute sanction prévue dans le contrat de gestion.".
"Art. 4bis. § 1er. Les règles et conditions spéciales selon lesquelles BIO met en oeuvre son objet social sont arrêtées dans un contrat de gestion conclu entre l'Etat belge et BIO.
§ 2. Le contrat de gestion règle au moins les matières suivantes :
1° le cadre politique;
2° les missions et valeurs de BIO;
3° les axes stratégiques prioritaires de la politique d'investissement de BIO en termes de concentration géographique, sectorielle et thématique, ainsi que de modalités d'investissement et de critères d'octroi de financements;
4° les modalités de financement de BIO, tant sous forme d'apport aux fonds propres que sous forme de subventions à charge du budget général des dépenses de l'Etat fédéral;
5° les objectifs spécifiques et mesurables à atteindre par BIO;
6° les modalités de coopération et de développement des synergies entre BIO et les autres acteurs de la Coopération belge au Développement;
7° les procédures et paramètres objectifs de l'évaluation annuelle du contrat de gestion;
8° les sanctions financières en cas de non-respect par une partie de ses engagements résultant du contrat de gestion;
9° les obligations en matière de contrôle interne.
§ 3. Toute clause résolutoire expresse dans le contrat de gestion est réputée non écrite.
L'article 1184 du Code civil n'est pas applicable au contrat de gestion. La partie envers laquelle une obligation prévue dans le contrat de gestion n'est pas exécutée peut uniquement forcer l'autre partie à l'exécution de l'obligation et, le cas échéant, demander des dommages et intérêts, sans préjudice de l'application de toute sanction prévue dans le contrat de gestion.".
Art. 10. In dezelfde wet wordt een artikel 4ter ingevoegd, luidende :
"Art. 4ter. § 1. Bij de onderhandelingen over en het sluiten van het beheerscontract, wordt de Federale Staat vertegenwoordigd door de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegdheid heeft.
§ 2. Bij de onderhandelingen over het beheerscontract wordt BIO vertegenwoordigd in overeenstemming met de wet en de statuten. Het beheerscontract wordt voorgelegd aan de bevoegde instantie van BIO, die beslist in overeenstemming met de wet en de statuten.
§ 3. Het beheerscontract treedt slechts in werking na goedkeuring door de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op de datum vastgesteld in dit besluit.".
"Art. 4ter. § 1. Bij de onderhandelingen over en het sluiten van het beheerscontract, wordt de Federale Staat vertegenwoordigd door de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegdheid heeft.
§ 2. Bij de onderhandelingen over het beheerscontract wordt BIO vertegenwoordigd in overeenstemming met de wet en de statuten. Het beheerscontract wordt voorgelegd aan de bevoegde instantie van BIO, die beslist in overeenstemming met de wet en de statuten.
§ 3. Het beheerscontract treedt slechts in werking na goedkeuring door de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op de datum vastgesteld in dit besluit.".
Art. 10. Dans la même loi, il est inséré un article 4ter, rédigé comme suit :
"Art. 4ter. § 1er. Lors de la négociation et de la conclusion du contrat de gestion, l'Etat fédéral est représenté par le ministre ayant la Coopération au développement dans ses attributions.
§ 2. Lors de la négociation du contrat de gestion, BIO est représentée conformément à la loi et aux statuts. Le contrat de gestion est soumis à l'organe compétent de BIO, qui statue conformément à la loi et aux statuts.
§ 3. Le contrat de gestion n'entre en vigueur qu'après son approbation par le Roi, par arrêté délibéré en Conseil des ministres, à la date fixée par cet arrêté.".
"Art. 4ter. § 1er. Lors de la négociation et de la conclusion du contrat de gestion, l'Etat fédéral est représenté par le ministre ayant la Coopération au développement dans ses attributions.
§ 2. Lors de la négociation du contrat de gestion, BIO est représentée conformément à la loi et aux statuts. Le contrat de gestion est soumis à l'organe compétent de BIO, qui statue conformément à la loi et aux statuts.
§ 3. Le contrat de gestion n'entre en vigueur qu'après son approbation par le Roi, par arrêté délibéré en Conseil des ministres, à la date fixée par cet arrêté.".
Art. 11. In dezelfde wet wordt een artikel 4quater ingevoegd, luidende :
"Art. 4quater § 1. Het beheerscontract wordt jaarlijks getoetst en desgevallend aangepast aan de wijzigingen in de wetgeving die van toepassing is op BIO en op de ontwikkelingen in de sector waarin BIO evolueert, volgens een objectieve procedure en objectieve parameters bepaald in het beheerscontract.
§ 2. Iedere andere wijziging van het beheerscontract dan de wijzigingen bedoeld in § 1, die wordt voorgesteld door één of beide partijen, gebeurt in overeenstemming met artikel 4ter.".
"Art. 4quater § 1. Het beheerscontract wordt jaarlijks getoetst en desgevallend aangepast aan de wijzigingen in de wetgeving die van toepassing is op BIO en op de ontwikkelingen in de sector waarin BIO evolueert, volgens een objectieve procedure en objectieve parameters bepaald in het beheerscontract.
§ 2. Iedere andere wijziging van het beheerscontract dan de wijzigingen bedoeld in § 1, die wordt voorgesteld door één of beide partijen, gebeurt in overeenstemming met artikel 4ter.".
Art. 11. Dans la même loi, il est inséré un article 4quater rédigé comme suit :
"Art. 4quater. § 1er. Le contrat de gestion est évalué chaque année et, en cas de nécessité, adapté aux modifications de la législation applicable à BIO et aux développements du secteur dans lequel BIO évolue selon une procédure et des paramètres objectifs prévus dans le contrat de gestion.
§ 2. Toute modification du contrat de gestion non visée au § 1er proposée par une des parties ou par les deux parties est faite conformément à l'article 4ter.".
"Art. 4quater. § 1er. Le contrat de gestion est évalué chaque année et, en cas de nécessité, adapté aux modifications de la législation applicable à BIO et aux développements du secteur dans lequel BIO évolue selon une procédure et des paramètres objectifs prévus dans le contrat de gestion.
§ 2. Toute modification du contrat de gestion non visée au § 1er proposée par une des parties ou par les deux parties est faite conformément à l'article 4ter.".
Art. 12. In dezelfde wet wordt een artikel 4quinquies ingevoegd, luidende :
"Art. 4quinquies. § 1. Het beheerscontract wordt gesloten voor een duur van vijf jaar.
§ 2. Uiterlijk zes maanden vóór het verstrijken van een beheerscontract, legt BIO aan de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegdheid heeft een ontwerp van nieuw beheerscontract voor.
Indien bij het verstrijken van het beheerscontract geen nieuw beheerscontract in werking is getreden, wordt het contract van rechtswege verlengd tot op het ogenblik dat een nieuw beheerscontract in werking is getreden. Deze verlenging wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad door de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegdheid heeft.
Indien een jaar na de in het tweede lid bedoelde verlenging, geen nieuw beheerscontract in werking is getreden, kan de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de voorlopige regels vaststellen betreffende de aangelegenheden bedoeld in artikel 4ter, § 2. Deze voorlopige regels gelden als nieuw beheerscontract en zijn van toepassing tot op het ogenblik dat een nieuw beheerscontract, gesloten in overeenstemming met artikel 4ter, in werking treedt.".
"Art. 4quinquies. § 1. Het beheerscontract wordt gesloten voor een duur van vijf jaar.
§ 2. Uiterlijk zes maanden vóór het verstrijken van een beheerscontract, legt BIO aan de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegdheid heeft een ontwerp van nieuw beheerscontract voor.
Indien bij het verstrijken van het beheerscontract geen nieuw beheerscontract in werking is getreden, wordt het contract van rechtswege verlengd tot op het ogenblik dat een nieuw beheerscontract in werking is getreden. Deze verlenging wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad door de minister die Ontwikkelingssamenwerking onder zijn bevoegdheid heeft.
Indien een jaar na de in het tweede lid bedoelde verlenging, geen nieuw beheerscontract in werking is getreden, kan de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de voorlopige regels vaststellen betreffende de aangelegenheden bedoeld in artikel 4ter, § 2. Deze voorlopige regels gelden als nieuw beheerscontract en zijn van toepassing tot op het ogenblik dat een nieuw beheerscontract, gesloten in overeenstemming met artikel 4ter, in werking treedt.".
Art. 12. Dans la même loi, il est inséré un article 4quinquies rédigé comme suit :
"Art. 4quinquies. § 1er. Le contrat de gestion est conclu pour une durée de cinq ans.
§ 2. Au plus tard six mois avant l'expiration d'un contrat de gestion, BIO soumet au ministre ayant la Coopération au développement dans ses attributions un projet de nouveau contrat de gestion.
Si, à l'expiration d'un contrat de gestion, un nouveau contrat de gestion n'est pas entré en vigueur, le contrat est prorogé de plein droit jusqu'à l'entrée en vigueur d'un nouveau contrat de gestion. Cette prorogation est publiée au Moniteur belge par le ministre ayant la Coopération au développement dans ses attributions.
Si un nouveau contrat de gestion n'est pas entré en vigueur un an après la prorogation visée à l'alinéa 2, le Roi peut, par arrêté délibéré en Conseil des ministres, fixer des règles provisoires concernant les matières visées à l'article 4ter, § 2. Ces règles provisoires valent comme nouveau contrat de gestion et sont d'application jusqu'à l'entrée en vigueur d'un nouveau contrat de gestion, conclu conformément à l'article 4ter. ".
"Art. 4quinquies. § 1er. Le contrat de gestion est conclu pour une durée de cinq ans.
§ 2. Au plus tard six mois avant l'expiration d'un contrat de gestion, BIO soumet au ministre ayant la Coopération au développement dans ses attributions un projet de nouveau contrat de gestion.
Si, à l'expiration d'un contrat de gestion, un nouveau contrat de gestion n'est pas entré en vigueur, le contrat est prorogé de plein droit jusqu'à l'entrée en vigueur d'un nouveau contrat de gestion. Cette prorogation est publiée au Moniteur belge par le ministre ayant la Coopération au développement dans ses attributions.
Si un nouveau contrat de gestion n'est pas entré en vigueur un an après la prorogation visée à l'alinéa 2, le Roi peut, par arrêté délibéré en Conseil des ministres, fixer des règles provisoires concernant les matières visées à l'article 4ter, § 2. Ces règles provisoires valent comme nouveau contrat de gestion et sont d'application jusqu'à l'entrée en vigueur d'un nouveau contrat de gestion, conclu conformément à l'article 4ter. ".
Art. 13. In dezelfde wet wordt een artikel 4sexies ingevoegd, luidende :
"Art. 4sexies. De besluiten tot goedkeuring van een beheerscontract of tot aanpassing ervan, evenals de besluiten tot vaststelling van de voorlopige regels, worden in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.
De bepalingen van het beheerscontract worden bekendgemaakt in de bijlagen bij het koninklijk besluit, met uitzondering van de bepalingen waarvoor door of krachtens de wet een plicht tot geheimhouding werd ingesteld of waarvan de bekendmaking strijdig zou zijn met de openbare orde.".
"Art. 4sexies. De besluiten tot goedkeuring van een beheerscontract of tot aanpassing ervan, evenals de besluiten tot vaststelling van de voorlopige regels, worden in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.
De bepalingen van het beheerscontract worden bekendgemaakt in de bijlagen bij het koninklijk besluit, met uitzondering van de bepalingen waarvoor door of krachtens de wet een plicht tot geheimhouding werd ingesteld of waarvan de bekendmaking strijdig zou zijn met de openbare orde.".
Art. 13. Dans la même loi, il est inséré un article 4sexies rédigé comme suit :
"Art. 4sexies. Les arrêtés portant approbation d'un contrat de gestion ou de son adaptation, ainsi que les arrêtés fixant les règles provisoires, sont publiés au Moniteur belge.
Les dispositions du contrat de gestion sont publiées en annexes de l'arrêté royal, à l'exception de celles visées par une obligation de secret instaurée par ou en vertu de la loi ou dont la publication serait contraire à l'ordre public.".
"Art. 4sexies. Les arrêtés portant approbation d'un contrat de gestion ou de son adaptation, ainsi que les arrêtés fixant les règles provisoires, sont publiés au Moniteur belge.
Les dispositions du contrat de gestion sont publiées en annexes de l'arrêté royal, à l'exception de celles visées par une obligation de secret instaurée par ou en vertu de la loi ou dont la publication serait contraire à l'ordre public.".
Art. 14. In artikel 5, tweede lid, van dezelfde wet worden de woorden "de criteria bepaald in artikel 4 van de wet van 25 mei 1999 betreffende de Belgische internationale samenwerking" vervangen door de woorden " de criteria bepaald door het Comité voor Ontwikkelingshulp van de Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling bedoeld in artikel 32 van de wet van 19 maart 2013 betreffende de Belgische Ontwikkelingssamenwerking. ".
Art. 14. Dans l'article 5, alinéa 2, de la même loi, les mots "aux critères énoncés à l'article 4 de la loi du 25 mai 1999 relative à la Coopération internationale belge" sont remplacés par les mots "aux critères définis par le Comité d'aide au développement de l'Organisation de coopération et de développement économiques visés à l'article 32 de la loi du 19 mars 2013 relative à la Coopération belge au Développement.".
Art. 15. Artikel 8 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
"Art. 8. § 1. De interventies van BIO sluiten aan bij de algemene doelstelling van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking, met name de duurzame menselijke ontwikkeling bedoeld in artikel 3 van de wet van 19 maart 2013 betreffende de Belgische Ontwikkelingssamenwerking.
§ 2. De interventies van BIO moeten bovendien voldoen aan de criteria bepaald door het Comité voor Ontwikkelingshulp van de Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling bedoeld in artikel 32 van de wet van 19 maart 2013 betreffende de Belgische Ontwikkelingssamenwerking, te weten de relevantie, de effectiviteit, de efficiëntie, de levensvatbaarheid, de impact en de duurzaamheid.".
"Art. 8. § 1. De interventies van BIO sluiten aan bij de algemene doelstelling van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking, met name de duurzame menselijke ontwikkeling bedoeld in artikel 3 van de wet van 19 maart 2013 betreffende de Belgische Ontwikkelingssamenwerking.
§ 2. De interventies van BIO moeten bovendien voldoen aan de criteria bepaald door het Comité voor Ontwikkelingshulp van de Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling bedoeld in artikel 32 van de wet van 19 maart 2013 betreffende de Belgische Ontwikkelingssamenwerking, te weten de relevantie, de effectiviteit, de efficiëntie, de levensvatbaarheid, de impact en de duurzaamheid.".
Art. 15. L'article 8 de la même loi est remplacé par ce qui suit :
"Art. 8. § 1er. Les interventions de BIO s'inscrivent dans l'objectif général de la Coopération belge au Développement qui est le développement humain durable visé à l'article 3 de la loi du 19 mars 2013 relative à la Coopération belge au Développement.
§ 2. Les interventions de BIO doivent en outre répondre aux critères définis par le Comité d'aide au développement de l'Organisation de coopération et de développement économiques visés à l'article 32 de la loi du 19 mars 2013 relative à la Coopération belge au Développement, à savoir la pertinence, l'efficacité, l'efficience, la viabilité, l'impact et la durabilité.".
"Art. 8. § 1er. Les interventions de BIO s'inscrivent dans l'objectif général de la Coopération belge au Développement qui est le développement humain durable visé à l'article 3 de la loi du 19 mars 2013 relative à la Coopération belge au Développement.
§ 2. Les interventions de BIO doivent en outre répondre aux critères définis par le Comité d'aide au développement de l'Organisation de coopération et de développement économiques visés à l'article 32 de la loi du 19 mars 2013 relative à la Coopération belge au Développement, à savoir la pertinence, l'efficacité, l'efficience, la viabilité, l'impact et la durabilité.".