Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
4 SEPTEMBER 2014. - Koninklijk besluit ter uitvoering van de bepalingen betreffende de aanvullende beschermingscertificaten van de wet van 19 april 2014 houdende de invoeging van boek XI, "Intellectuele eigendom" in het Wetboek van economisch recht en houdende invoeging van bepalingen eigen aan boek XI in de boeken I, XV en XVII van hetzelfde Wetboek(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 11-09-2014 en tekstbijwerking tot 26-07-2019)
Titre
4 SEPTEMBRE 2014. - Arrêté royal relatif à la mise en oeuvre des dispositions relatives aux certificats complémentaires de protection de la loi du 19 avril 2014 portant insertion du livre XI, " Propriété intellectuelle " dans le Code de droit économique et portant insertion des dispositions propres au livre XI dans les livres I, XV et XVII du même Code(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 11-09-2014 et mise à jour au 26-07-2019)
Informations sur le document
Info du document
Table des matières
Tekst (14)
Texte (14)
HOOFDSTUK 1. - Uitvoeringsmaatregelen van titel 2 "Aanvullende beschermingscertificaten", van boek XI van het Wetboek van economisch recht
CHAPITRE 1er. - Mesures d'exécution du titre 2 "Certificats complémentaires de protection", du livre XI du Code de droit économique
Artikel 1. De indiening van de aanvraag voor een certificaat en voor de verlenging van de duur van het certificaat kan, onverminderd het bepaalde in artikel XI.92 van het Wetboek van economisch recht, gebeuren per fax, of via de elektronische procedure met behulp van een weblink vermeld op de pagina's "Intellectuele Eigendom" van de website van de Federale Overheidsdienst Economie.
Article 1er. Le dépôt de la demande de certificat et de prorogation du certificat peut, sans préjudice des prescriptions de l'article XI.92 du Code de droit économique, être effectué par fax, ou via la procédure électronique à l'aide d'un lien mentionné sur les pages "Propriété intellectuelle" du site web du Service public fédéral Economie.
Art.1/1. [1 De aanvraag voor een aanvullend beschermingscertificaat en de aanvraag voor de verlenging van de duur van het aanvullend beschermingscertificaat worden ingediend bij wege van een formulier, waarvan de directeur van de Dienst het model vaststelt, en dat door deze laatste ter beschikking wordt gesteld van de belanghebbenden.
Het formulier wordt naar behoren ingevuld en door de aanvrager van een aanvullend beschermingscertificaat of van een verlenging van de duur van het aanvullende beschermingscertificaat ondertekend.]1
Het formulier wordt naar behoren ingevuld en door de aanvrager van een aanvullend beschermingscertificaat of van een verlenging van de duur van het aanvullende beschermingscertificaat ondertekend.]1
Art.1/1. [1 La demande de certificat complémentaire de protection et la demande de prorogation du certificat complémentaire de protection sont introduites au moyen d'un formulaire, dont le modèle est fixé par le directeur de l'Office, mis à la disposition des intéressés par ce dernier.
Le formulaire est dûment complété et signé par le demandeur de certificat complémentaire de protection ou de prorogation du certificat complémentaire de protection. ]1
Le formulaire est dûment complété et signé par le demandeur de certificat complémentaire de protection ou de prorogation du certificat complémentaire de protection. ]1
Modifications
Art. 2. § 1. De termijn voor het regulariseren van de aanvraag en/of de betaling van de indieningstaks, voorzien in artikel XI.96, §§ 1 en 3, van het Wetboek van economisch recht, bedraagt twee maanden vanaf de datum van kennisgeving door de Dienst van de uitnodiging om te regulariseren. De regularisatietaks moet betaald worden binnen dezelfde termijn.
§ 2. Deze termijn kan verlengd worden met twee maanden indien het onmogelijk is voor de aanvrager om de regularisatie uit te voeren binnen de termijn voorzien in paragraaf 1.
§ 2. Deze termijn kan verlengd worden met twee maanden indien het onmogelijk is voor de aanvrager om de regularisatie uit te voeren binnen de termijn voorzien in paragraaf 1.
Art. 2. § 1er. Le délai de régularisation de la demande et/ou du paiement de la taxe de dépôt prévu à l'article XI.96, §§ 1eret 3, du Code de droit économique, est de deux mois à partir de la date de notification par l'Office de l'invitation à régulariser. Le paiement de la taxe de régularisation doit être effectué dans le même délai.
§ 2. Ce délai peut être prolongé de deux mois en cas d'impossibilité pour le demandeur d'effectuer la régularisation dans le délai visé au paragraphe 1er.
§ 2. Ce délai peut être prolongé de deux mois en cas d'impossibilité pour le demandeur d'effectuer la régularisation dans le délai visé au paragraphe 1er.
Art. 3. § 1. De termijn waarbinnen een aanvrager van een certificaat of van de verlenging van de duur van het certificaat, of een houder van een certificaat het verzoek tot herstel als bedoeld in artikel XI.102, § 1, eerste lid, van het Wetboek van economisch recht, kan indienen, bedraagt, afhankelijk van welke van deze termijnen het eerste verstrijkt :
- twee maanden, te rekenen vanaf de datum waarop de oorzaak van het niet in acht nemen van de termijn voor het stellen van de desbetreffende handeling is weggenomen;
- twaalf maanden te rekenen vanaf de datum van het verstrijken van de termijn voor de desbetreffende handeling, of indien het verzoekschrift betrekking heeft op het niet-betalen van een jaartaks, twaalf maanden te rekenen van het verstrijken van de respijttermijn bedoeld in artikel XI.101, § 2, van hetzelfde Wetboek.
§ 2. De bewijzen bedoeld in artikel XI.102, § 1, derde lid, van het Wetboek van economisch recht, dienen te worden ingediend voor het verstrijken van een termijn van twee maanden te rekenen vanaf de datum van indiening van het verzoekschrift bedoeld in artikel XI.102, § 1, eerste lid, 1°, van hetzelfde Wetboek.
§ 3. De termijn voor het leveren van commentaar op de voorgenomen weigering als bedoeld in artikel XI.102, § 2, eerste lid, van het Wetboek van economisch recht, bedraagt twee maanden vanaf de datum van kennisgeving van de voorgenomen weigering.
- twee maanden, te rekenen vanaf de datum waarop de oorzaak van het niet in acht nemen van de termijn voor het stellen van de desbetreffende handeling is weggenomen;
- twaalf maanden te rekenen vanaf de datum van het verstrijken van de termijn voor de desbetreffende handeling, of indien het verzoekschrift betrekking heeft op het niet-betalen van een jaartaks, twaalf maanden te rekenen van het verstrijken van de respijttermijn bedoeld in artikel XI.101, § 2, van hetzelfde Wetboek.
§ 2. De bewijzen bedoeld in artikel XI.102, § 1, derde lid, van het Wetboek van economisch recht, dienen te worden ingediend voor het verstrijken van een termijn van twee maanden te rekenen vanaf de datum van indiening van het verzoekschrift bedoeld in artikel XI.102, § 1, eerste lid, 1°, van hetzelfde Wetboek.
§ 3. De termijn voor het leveren van commentaar op de voorgenomen weigering als bedoeld in artikel XI.102, § 2, eerste lid, van het Wetboek van economisch recht, bedraagt twee maanden vanaf de datum van kennisgeving van de voorgenomen weigering.
Art. 3. § 1er. Le délai dans lequel un demandeur de certificat ou de prorogation de certificat ou un titulaire de certificat peut déposer la requête en restauration visée à l'article XI.102, § 1er, alinéa 1er, du Code de droit économique est celui qui expire le premier parmi les délais suivants :
- deux mois, à compter de la date de la cessation de la cause de l'inobservation du délai imparti pour l'accomplissement de l'acte en question;
- douze mois, à compter de la date d'expiration du délai imparti pour l'accomplissement de l'acte en question ou, si la requête se rapporte au défaut de paiement d'une taxe annuelle, douze mois à compter de l'expiration du délai de grâce prévu à l'article XI.101, § 2, du même Code.
§ 2. Les preuves visées à l'article XI.102, § 1er, alinéa 3, du Code de droit économique, doivent être déposées avant l'expiration d'un délai de deux mois à compter de la date de dépôt de la requête visée à l'article XI.102, § 1er, alinéa 1er, 1°, du même Code.
§ 3. Le délai pour présenter des observations sur le refus envisagé tel que visé à l'article XI.102, § 2, alinéa 1er, du Code de droit économique est de deux mois à compter de la date de notification du refus envisagé.
- deux mois, à compter de la date de la cessation de la cause de l'inobservation du délai imparti pour l'accomplissement de l'acte en question;
- douze mois, à compter de la date d'expiration du délai imparti pour l'accomplissement de l'acte en question ou, si la requête se rapporte au défaut de paiement d'une taxe annuelle, douze mois à compter de l'expiration du délai de grâce prévu à l'article XI.101, § 2, du même Code.
§ 2. Les preuves visées à l'article XI.102, § 1er, alinéa 3, du Code de droit économique, doivent être déposées avant l'expiration d'un délai de deux mois à compter de la date de dépôt de la requête visée à l'article XI.102, § 1er, alinéa 1er, 1°, du même Code.
§ 3. Le délai pour présenter des observations sur le refus envisagé tel que visé à l'article XI.102, § 2, alinéa 1er, du Code de droit économique est de deux mois à compter de la date de notification du refus envisagé.
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen aangebracht aan het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de taksen en bijkomende taksen inzake uitvindingsoctrooien en inzake aanvullende beschermingscertificaten
CHAPITRE 2. - Modification apportée à l'arrêté royal du 18 décembre 1986 relatif aux taxes et taxes supplémentaires dues en matière de brevets d'invention et en matière de certificats complémentaires de protection
Art. 4. In de bijlage bij het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de taksen en bijkomende taksen inzake uitvindingsoctrooien en inzake aanvullende beschermingscertificaten, vervangen bij het koninklijk besluit van 9 maart 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de volgende zin wordt toegevoegd na de zin "Indiening van een aanvraag voor een aanvullend beschermingscertificaat" :
"Indiening van een aanvraag voor verlenging van de duur van een certificaat 200";
2° de zin "Regularisatie van de octrooiaanvraag of van een aanvraag voor een certificaat" wordt vervangen door de zin "Regularisatie van een octrooiaanvraag, van een aanvraag voor een certificaat of van een aanvraag voor de verlenging van de duur van een certificaat".
1° de volgende zin wordt toegevoegd na de zin "Indiening van een aanvraag voor een aanvullend beschermingscertificaat" :
"Indiening van een aanvraag voor verlenging van de duur van een certificaat 200";
2° de zin "Regularisatie van de octrooiaanvraag of van een aanvraag voor een certificaat" wordt vervangen door de zin "Regularisatie van een octrooiaanvraag, van een aanvraag voor een certificaat of van een aanvraag voor de verlenging van de duur van een certificaat".
Art. 4. Dans l'annexe de l'arrêté royal du 18 décembre 1986 relatif aux taxes et taxes supplémentaires dues en matière de brevets d'invention et en matière de certificats complémentaires de protection, remplacée par l'arrêté du 9 mars 2014, les modifications suivantes sont apportées :
1° la phrase suivante est insérée après la phrase " Dépôt d'une demande de certificat " :
" Dépôt d'une demande de prorogation du certificat 200 ";
2° la phrase " Régularisation d'une demande de brevet ou de certificat " est remplacée par la phrase " Régularisation d'une demande de brevet, de certificat ou de prorogation de certificat ".
1° la phrase suivante est insérée après la phrase " Dépôt d'une demande de certificat " :
" Dépôt d'une demande de prorogation du certificat 200 ";
2° la phrase " Régularisation d'une demande de brevet ou de certificat " est remplacée par la phrase " Régularisation d'une demande de brevet, de certificat ou de prorogation de certificat ".
HOOFDSTUK 3. - Wijziging aangebracht aan het koninklijk besluit van 19 april 2014 tot bepaling van de inwerkingtreding van de wet van 19 april 2014 houdende de invoeging van boek XI "Intellectuele eigendom" in het Wetboek van economisch recht en houdende invoeging van bepalingen eigen aan boek XI in de boeken I, XV en XVII van hetzelfde Wetboek, en van de wet van 10 april 2014 houdende invoeging van de bepalingen die een aangelegenheid regelen als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet, in boek XI "Intellectuele eigendom" van het Wetboek van economisch recht, houdende invoeging van een bepaling eigen aan boek XI in boek XVII van hetzelfde Wetboek, en tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek wat de organisatie van de hoven en rechtbanken betreffende vorderingen inzake intellectuele eigendomsrechten en inzake transparantie van het auteursrecht en de naburige rechten betreft
CHAPITRE 3. - Modification apportée à l'arrêté royal du 19 avril 2014 fixant l'entrée en vigueur de la loi du 19 avril 2014 portant insertion du livre XI, "Propriété intellectuelle" dans le Code de droit économique, et portant insertion des dispositions propres au livre XI dans les livres I, XV et XVII du même Code, et de la loi du 10 avril 2014 portant insertion des dispositions réglant des matières visées à l'article 77 de la Constitution dans le livre XI "Propriété intellectuelle" du Code de droit économique, portant insertion d'une disposition spécifique au livre XI dans le livre XVII du même Code, et modifiant le Code judiciaire en ce qui concerne l'organisation des cours et tribunaux en matière d'actions relatives aux droits de propriété intellectuelle et à la transparence du droit d'auteur et des droits voisins
Art. 5. In het koninklijk besluit van 19 april 2014 tot bepaling van de inwerkingtreding van de wet van 19 april 2014 houdende de invoeging van boek XI "Intellectuele eigendom" in het Wetboek van economisch recht en houdende invoeging van bepalingen eigen aan boek XI in de boeken I, XV en XVII van hetzelfde Wetboek, en van de wet van 10 april 2014 houdende invoeging van de bepalingen die een aangelegenheid regelen als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet, in boek XI "Intellectuele eigendom" van het Wetboek van economisch recht, houdende invoeging van een bepaling eigen aan boek XI in boek XVII van hetzelfde Wetboek, en tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek wat de organisatie van de hoven en rechtbanken betreffende vorderingen inzake intellectuele eigendomsrechten en inzake transparantie van het auteursrecht en de naburige rechten betreft, wordt een artikel 1ter ingevoegd, luidende :
"Artikel 1ter. In afwijking van artikel 1, treden de artikelen XI.92 tot XI.103 van het Wetboek van economisch recht, ingevoegd bij artikel 3 van de wet van 19 april 2014, in werking op 22 september 2014.".
"Artikel 1ter. In afwijking van artikel 1, treden de artikelen XI.92 tot XI.103 van het Wetboek van economisch recht, ingevoegd bij artikel 3 van de wet van 19 april 2014, in werking op 22 september 2014.".
Art. 5. Dans l'arrêté royal du 19 avril 2014 fixant l'entrée en vigueur de la loi du 19 avril 2014 portant insertion du livre XI, "Propriété intellectuelle" dans le Code de droit économique, et portant insertion des dispositions propres au livre XI dans les livres I, XV et XVII du même Code, et de la loi du 10 avril 2014 portant insertion des dispositions réglant des matières visées à l'article 77 de la Constitution dans le livre XI "Propriété intellectuelle" du Code de droit économique, portant insertion d'une disposition spécifique au livre XI dans le livre XVII du même Code, et modifiant le Code judiciaire en ce qui concerne l'organisation des cours et tribunaux en matière d'actions relatives aux droits de propriété intellectuelle et à la transparence du droit d'auteur et des droits voisins, il est inséré un article 1erter rédigé comme suit :
" Article 1erter. Par dérogation à l'article 1er, les articles XI.92 à XI.103 du Code de droit économique, insérés par l'article 3 de la loi du 19 avril 2014, entrent en vigueur le 22 septembre 2014. ".
" Article 1erter. Par dérogation à l'article 1er, les articles XI.92 à XI.103 du Code de droit économique, insérés par l'article 3 de la loi du 19 avril 2014, entrent en vigueur le 22 septembre 2014. ".
HOOFDSTUK 4. - Opheffingsbepalingen
CHAPITRE 4. - Dispositions abrogatoires
Art. 6. Worden opgeheven op 22 september 2014 :
1° de wet van 29 juli 1994 betreffende het beschermingscertificaat voor geneesmiddelen, laatst gewijzigd bij de wet van 6 maart 2007, met uitzondering van artikel 1, § 1, tweede lid, en de bijlage betreffende de jaartaksen voor het instandhouden van een aanvraag voor een certificaat of voor een aanvullend beschermingscertificaat voor geneesmiddelen;
2° de wet van 5 juli 1998 betreffende het aanvullend beschermingscertificaat voor gewasbeschermingsmiddelen, laatst gewijzigd bij de wet van 6 maart 2007, met uitzondering van artikel 2, tweede lid, en de bijlage betreffende de jaartaksen voor het instandhouden van een aanvraag voor een certificaat of voor een aanvullend beschermingscertificaat voor gewasbeschermingsmiddelen;
3° het koninklijk besluit van 5 januari 1993 betreffende het aanvragen en het verlenen van aanvullende beschermingscertificaten voor geneesmiddelen;
4° het koninklijk besluit van 8 november 1998 betreffende het aanvragen en het verlenen van aanvullende beschermingscertificaten voor gewasbeschermingsmiddelen.
1° de wet van 29 juli 1994 betreffende het beschermingscertificaat voor geneesmiddelen, laatst gewijzigd bij de wet van 6 maart 2007, met uitzondering van artikel 1, § 1, tweede lid, en de bijlage betreffende de jaartaksen voor het instandhouden van een aanvraag voor een certificaat of voor een aanvullend beschermingscertificaat voor geneesmiddelen;
2° de wet van 5 juli 1998 betreffende het aanvullend beschermingscertificaat voor gewasbeschermingsmiddelen, laatst gewijzigd bij de wet van 6 maart 2007, met uitzondering van artikel 2, tweede lid, en de bijlage betreffende de jaartaksen voor het instandhouden van een aanvraag voor een certificaat of voor een aanvullend beschermingscertificaat voor gewasbeschermingsmiddelen;
3° het koninklijk besluit van 5 januari 1993 betreffende het aanvragen en het verlenen van aanvullende beschermingscertificaten voor geneesmiddelen;
4° het koninklijk besluit van 8 november 1998 betreffende het aanvragen en het verlenen van aanvullende beschermingscertificaten voor gewasbeschermingsmiddelen.
Art. 6. Sont abrogés le 22 septembre 2014 :
1° la loi du 29 juillet 1994 sur le certificat complémentaire de protection pour les médicaments, modifiée en dernier lieu par la loi du 6 mars 2007, à l'exception de l'article 1er, § 1er, alinéa 2, et de l'annexe relative aux taxes annuelles de maintien en vigueur d'une demande de certificat ou d'un certificat complémentaire de protection pour les médicaments;
2° la loi du 5 juillet 1998 sur le certificat complémentaire de protection pour les produits phytopharmaceutiques, modifiée en dernier lieu par la loi du 6 mars 2007, à l'exception de l'article 2, alinéa 2, et de l'annexe relative aux taxes annuelles de maintien en vigueur d'une demande de certificat ou d'un certificat complémentaire de protection pour les produits phytopharmaceutiques;
3° l'arrêté royal du 5 janvier 1993 relatif à la demande et à la délivrance de certificats complémentaires de protection pour les médicaments;
4° l'arrêté royal du 8 novembre 1998 relatif à la demande et à la délivrance de certificats complémentaires de protection pour les produits phytopharmaceutiques.
1° la loi du 29 juillet 1994 sur le certificat complémentaire de protection pour les médicaments, modifiée en dernier lieu par la loi du 6 mars 2007, à l'exception de l'article 1er, § 1er, alinéa 2, et de l'annexe relative aux taxes annuelles de maintien en vigueur d'une demande de certificat ou d'un certificat complémentaire de protection pour les médicaments;
2° la loi du 5 juillet 1998 sur le certificat complémentaire de protection pour les produits phytopharmaceutiques, modifiée en dernier lieu par la loi du 6 mars 2007, à l'exception de l'article 2, alinéa 2, et de l'annexe relative aux taxes annuelles de maintien en vigueur d'une demande de certificat ou d'un certificat complémentaire de protection pour les produits phytopharmaceutiques;
3° l'arrêté royal du 5 janvier 1993 relatif à la demande et à la délivrance de certificats complémentaires de protection pour les médicaments;
4° l'arrêté royal du 8 novembre 1998 relatif à la demande et à la délivrance de certificats complémentaires de protection pour les produits phytopharmaceutiques.
HOOFDSTUK 5. - Slotbepalingen
CHAPITRE 5. - Dispositions finales
Art. 7. Dit koninklijk besluit treedt in werking op 22 september 2014.
Art. 7. Le présent arrêté royal entre en vigueur le 22 septembre 2014.
Art. 8. De minister bevoegd voor Economie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 8. Le ministre ayant l'Economie dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.