Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
20 NOVEMBER 2014. - Omzendbrief ter aanvulling van de omzendbrief van 7 mei 2007 betreffende de wet van 1 juli 2006 tot wijziging van de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot het vaststellen van de afstamming en de gevolgen ervan
Titre
20 NOVEMBRE 2014. - Circulaire complétant la circulaire du 7 mai 2007 relative à la loi du 1er juillet 2006 modifiant des dispositions du Code civil relatives à l'établissement de la filiation et aux effets de celle-ci
Tekst (1)
Texte (1)
Artikel M. Artikel 315 van het Burgerlijk Wetboek bevestigt het beginsel van het "vermoeden van vaderschap" van de echtgenoot, door erin te voorzien dat "het kind dat geboren is tijdens het huwelijk of binnen 300 dagen na de ontbinding of de nietigverklaring van het huwelijk, de echtgenoot tot vader heeft".
Article M. L'article 315 du Code civil consacre le principe de la "présomption de paternité" du mari en prévoyant que " l'enfant né pendant le mariage ou dans les 300 jours qui suivent la dissolution ou l'annulation du mariage, a pour père le mari ".
  Bij de wet van 1 juli 2006 tot wijziging van de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot het vaststellen van de afstamming en de gevolgen ervan, werd een artikel 316bis in het Burgerlijk Wetboek ingevoerd, dat voorziet in uitzonderingen op dit beginsel teneinde rekening te houden met de maatschappelijke evolutie, onder andere de aanzienlijke stijging van het aantal scheidingen en echtscheidingen.
  La loi du 1er juillet 2006 modifiant des dispositions du Code civil relatives à l'établissement de la filiation et aux effets de celle-ci, a introduit un article 316bis du Code civil qui prévoit des exceptions à ce principe afin de tenir compte de l'évolution des circonstances sociales, entre autres l'augmentation considérable du nombre de séparations et de divorces.
  De draagwijdte van voornoemd artikel 316bis werd toegelicht in de omzendbrief van 7 mei 2007 betreffende de wet van 1 juli 2006 tot wijziging van de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot het vaststellen van de afstamming en de gevolgen ervan, verschenen in het Belgisch Staatsblad van 30 mei 2007.
  La portée de cet article 316bis a été expliquée par la circulaire du 7 mai 2007 relative à la loi du 1er juillet 2006 modifiant des dispositions du Code civil relatives à l'établissement de la filiation et aux effets de celle-ci, publiée au Moniteur belge du 30 mai 2007.
  De interpretatie van artikel 316bis, 2°, van het Burgerlijk Wetboek blijkt evenwel aanleiding te geven tot bepaalde moeilijkheden die de federale ombudsman ertoe hebben gebracht een aanbeveling te formuleren waarbij hij "de FOD Justitie [verzoekt] een instructie [te] verspreiden over de draagwijdte van artikel 316bis, 2°, van het Burgerlijk Wetboek ter attentie van de parketten en van de ambtenaren van de burgerlijke stand, om een gelijke toepassing te garanderen van deze bepaling en de rechtszekerheid te herstellen" (Tussentijds verslag betreffende de burgerlijke staat van de Belgen in het buitenland en de nationaliteitsbetwistingen - 3e kwartaal 2013, Aanbeveling TV 2013/03).
  Il apparaît cependant que l'interprétation de l'article 316bis, 2°, du Code civil soulève certaines difficultés qui ont conduit le Médiateur fédéral à formuler une recommandation invitant " le SPF Justice [à] diffuser une instruction concernant la portée de l'article 316bis, 2°, du Code civil à l'attention des parquets et des officiers de l'état civil afin de garantir une application uniforme de cette disposition et de rétablir la sécurité juridique " (Rapport intermédiaire relatif à l'état civil des Belges à l'étranger et les contestations de nationalité du 3e trimestre 2013, Recommandation RI 2013/03).
  Deze omzendbrief omvat bijgevolg enkele verduidelijkingen betreffende de draagwijdte van artikel 316bis, 2° B.W. Deze omzendbrief is uiteraard slechts van toepassing onder voorbehoud van de beoordeling hiervan door de Hoven en rechtbanken.
  La présente circulaire vise dès lors à apporter certaines précisions quant à la portée de cet article 316bis, 2°. Il va de soi qu'elle s'applique sous réserve de l'interprétation des Cours et tribunaux.
  Ter herinnering, stelt artikel 316bis van het Burgerlijk Wetboek dat "tenzij de echtgenoten op het tijdstip van de aangifte van de geboorte een gemeenschappelijke verklaring hebben afgelegd, het in artikel 315 bedoelde vermoeden van vaderschap van de echtgenoot niet meer van toepassing is in de volgende gevallen :
  Pour rappel, l'article 316bis du Code civil prévoit que " sauf déclaration conjointe des époux au moment de la déclaration de naissance, la présomption de paternité du mari visée à l'article 315 n'est pas applicable dans les cas suivants :
  1° wanneer het kind geboren is meer dan 300 dagen nadat de rechter de overeenkomst tussen de partijen heeft bekrachtigd in verband met de aan de echtgenoten gegeven machtiging om een afzonderlijke verblijfplaats te betrekken overeenkomstig artikel 1256 van het Gerechtelijk Wetboek, of na de beschikking van de voorzitter zitting houdend in kort geding die de echtgenoten machtigt om een afzonderlijke verblijfplaats te betrekken, of na neerlegging van het verzoekschrift bedoeld in artikel 1288bis van hetzelfde Wetboek;
  1° lorsque l'enfant est né plus de 300 jours après que le juge a entériné l'accord des parties concernant l'autorisation donnée aux époux de résider séparément conformément à l'article 1256 du Code judiciaire, ou après l'ordonnance du président, siégeant en référé, autorisant les époux à résider séparément, ou après le dépôt de la requête visée à l'article 1288bis du même Code;
  2° wanneer het kind geboren is meer dan 300 dagen na de datum waarop de echtgenoten, blijkens het bevolkingsregister, het vreemdelingenregister of het wachtregister, op verschillende adressen zijn ingeschreven, voor zover zij nadien niet opnieuw zijn ingeschreven op hetzelfde adres;
  2° lorsque l'enfant est né plus de 300 jours après la date d'inscription des époux à des adresses différentes, selon le registre de la population, le registre des étrangers ou le registre d'attente, pour autant qu'ils n'aient pas été réinscrits à la même adresse par la suite;
  3° wanneer het kind geboren is meer dan 300 dagen na een krachtens artikel 223 door de vrederechter uitgesproken vonnis waarbij de echtgenoten gemachtigd worden een afzonderlijke verblijfplaats te betrekken, en minder dan 180 dagen na de datum waarop deze maatregel verstreken is, of nadat de echtgenoten feitelijk zijn herenigd."
  3° lorsque l'enfant est né plus de 300 jours après un jugement du juge de paix prononcé en vertu de l'article 223 et autorisant les époux à résider séparément, et moins de 180 jours après que cette mesure a pris fin, ou après la réunion de fait des époux. "
  De toepassing van artikel 316bis, 1° en 3°, B.W. levert geen bijzondere problemen op. De hierin bedoelde gevallen veronderstellen immers een rechterlijke beslissing of akte van rechtspleging.
  L'application de l'article 316bis, 1° et 3°, ne soulève pas de difficultés particulières. Les cas visés supposent en effet l'intervention d'une décision de justice ou d'un acte de procédure.
  De draagwijdte van artikel 316bis, 2°, B.W. wordt in de praktijk op uiteenlopende wijzen geïnterpreteerd wanneer de echtgenoten steeds ingeschreven geweest zijn op verschillende adressen.
  La portée de l'article 316bis, 2°, est, dans la pratique, sujette à des interprétations divergentes lorsque les époux ont toujours été inscrits à des adresses différentes.
  Volgend geval kan als voorbeeld gelden : Een in Parijs wonende vrouw die huwt met een Belg die in Brussel verblijft. Tijdens het huwelijk blijft het koppel een afzonderlijke verblijfplaats betrekken, bv. om professionele redenen, en is het koppel bijgevolg niet gemeenschappelijk ingeschreven in de bevolkingsregisters (of de andere vermelde registers).
  Il s'agit par exemple de la situation d'une dame habitant à Paris qui épouse un Belge résidant à Bruxelles. Le couple une fois marié, continue de résider séparément, pour des raisons professionnelles par exemple, et ne fera donc pas l'objet d'une inscription commune aux registres de la population (ou autres registres mentionnés).
  De formulering van artikel 316bis, 2°, B.W. en de voorbereidende werkzaamheden in het kader van de voornoemde wet van 1 juli 2006 laten evenwel toe om uitsluitsel te geven over de draagwijdte van deze bepaling in dergelijk geval.
  Le libellé de l'article 316bis, 2°, et les travaux préparatoires de la loi précitée du 1er juillet 2006 permettent de préciser la portée de cette disposition dans un tel cas de figure.
  Aangezien het gaat om een uitzondering op het beginsel van het vermoeden van vaderschap (Gedr. St., Kamer, Verslag namens de subcommissie 'Familierecht', nr. 51-597/024, blz. 18 en 23), dient deze strikt te worden geïnterpreteerd.
  S'agissant d'une exception au principe de la présomption de paternité (Doc. Parl., Chambre, Rapport fait au nom de la sous-commission " droit de la famille ", n° 51-597/024, pp. 18 et 23), elle est d'interprétation stricte.
  Voorts blijkt uit de voorbereidende werkzaamheden dat deze bepaling doelt op de situatie van echtgenoten die op een verschillend adres ingeschreven zijn ten gevolge van een scheiding (Gedr. St., Kamer, Verslag namens de commissie voor de Justitie, nr. 51-597/032, blz. 14) en niet op de situatie van echtgenoten die nooit ingeschreven geweest zijn op hetzelfde adres.
  De plus, il ressort des travaux préparatoires que cette disposition vise la situation des époux inscrits à des adresses différentes suite à une séparation (Doc. Parl., Chambre, Rapport fait au nom de la commission de la justice, n° 51-597/032, p. 14), et non la situation des époux qui n'ont jamais été inscrits à la même adresse.
  Ten slotte beoogt artikel 316bis, 2°, B.W. niet de hypothese waarin de echtgenoten nooit op hetzelfde adres ingeschreven waren, vermits deze bepaling de bewoordingen "opnieuw zijn ingeschreven" hanteert, hetgeen een gemeenschappelijke inschrijving van de echtgenoten op hetzelfde adres vóór de scheiding veronderstelt.
  Enfin, l'article 316bis, 2°, n'envisage pas l'hypothèse où les époux n'ont jamais été inscrits à la même adresse puisque cette disposition utilise le terme " réinscrits " qui laisse entendre une inscription commune des époux à la même adresse avant la séparation.
  Uit het voorgaande blijkt dat artikel 316bis, 2°, van het Burgerlijk Wetboek in die zin moet worden geïnterpreteerd dat indien de echtgenoten volgens het bevolkingsregister, het vreemdelingenregister of het wachtregister reeds ingeschreven zijn op verschillende adressen op het tijdstip van hun huwelijk en nooit zijn ingeschreven op hetzelfde adres sinds het begin van hun huwelijk, het vermoeden van vaderschap van toepassing blijft. Hetzelfde geldt indien één van de echtgenoten die sinds het begin van hun huwelijk op verschillende adressen hebben verbleven, nooit is ingeschreven in één van de voormelde registers.
  Il résulte de ce qui précède qu'il y a lieu d'interpréter l'article 316bis, 2°, du Code civil en ce sens que si les époux sont, selon le registre de la population, le registre des étrangers ou le registre d'attente, déjà inscrits au moment de leur mariage à des adresses différentes et n'ont jamais été inscrits à la même adresse depuis le début de leur mariage, la présomption de paternité reste d'application. Il en va de même si l'un de ces époux résidant à des adresses différentes depuis le début de leur mariage, n'a jamais été inscrit dans l'un des registres précités.
  In dergelijke gevallen is er geen reden om te twijfelen aan het vaderschap van de echtgenoot en geldt het vermoeden van vaderschap.
  Dans de tels cas, il n'y a pas de raison de douter de la paternité de l'époux et la présomption de paternité doit être appliquée.
  Ik verzoek u, Mijnheer de Procureur-generaal, het voorgaande ter kennis te brengen van de dames en heren Procureurs des Konings en de ambtenaren van de burgerlijke stand van uw rechtsgebied.
  Je vous saurai gré, M. le Procureur Général, de bien vouloir porter ce qui précède à la connaissance de Mesdames et Messieurs les Procureurs du Roi et Officiers de l'état civil de votre ressort.