Artikel 1. Artikel 26 van de Overeenkomst wordt opgeheven en vervangen door de volgende bepalingen :
" Artikel 26
1. De bevoegde autoriteiten van de overeenkomstsluitende Staten wisselen de inlichtingen uit die naar verwachting relevant zullen zijn voor de uitvoering van de bepalingen van deze Overeenkomst of voor de toepassing of de tenuitvoerlegging van de nationale wetgeving met betrekking tot belastingen van elke soort of benaming die worden geheven door of ten behoeve van de overeenkomstsluitende Staten, voor zover de belastingheffing waarin die nationale wetgeving voorziet niet in strijd is met de Overeenkomst. De uitwisseling van inlichtingen wordt niet beperkt door de artikelen 1 en 2.
2. De door een overeenkomstsluitende Staat ingevolge paragraaf 1 verkregen inlichtingen worden op dezelfde wijze geheim gehouden als inlichtingen die onder de nationale wetgeving van die Staat zijn verkregen en worden alleen ter kennis gebracht van personen of autoriteiten (daaronder begrepen rechterlijke instanties en administratieve lichamen) die betrokken zijn bij de vestiging of invordering van de in paragraaf 1 bedoelde belastingen, bij de tenuitvoerlegging of vervolging ter zake van die belastingen, bij de beslissing in beroepszaken die betrekking hebben op die belastingen, of bij het toezicht daarop. Deze personen of autoriteiten gebruiken die inlichtingen slechts voor die doeleinden. Zij mogen van deze inlichtingen melding maken tijdens openbare rechtszittingen of in rechterlijke beslissingen. Niettegenstaande hetgeen voorafgaat, mogen de door een overeenkomstsluitende Staat verkregen inlichtingen voor andere doeleinden worden gebruikt indien ze overeenkomstig de wetgeving van beide Staten voor die andere doeleinden mogen worden gebruikt en indien de bevoegde autoriteit van de Staat die de inlichtingen verstrekt, de toestemming geeft voor dat gebruik.
3. In geen geval mogen de bepalingen van de paragrafen 1 en 2 aldus worden uitgelegd dat zij een overeenkomstsluitende Staat de verplichting opleggen :
a) administratieve maatregelen te nemen die afwijken van de wetgeving en de administratieve praktijk van die of van de andere overeenkomstsluitende Staat;
b) inlichtingen te verstrekken die niet verkrijgbaar zijn volgens de wetgeving of in de normale gang van de administratieve werkzaamheden van die of van de andere overeenkomstsluitende Staat;
c) inlichtingen te verstrekken die een handels-, bedrijfs-, nijverheids- of beroepsgeheim of een handelswerkwijze zouden onthullen, dan wel inlichtingen waarvan het verstrekken in strijd zou zijn met de openbare orde.
4. Wanneer op basis van dit artikel door een overeenkomstsluitende Staat om inlichtingen is verzocht, gebruikt de andere overeenkomstsluitende Staat de middelen waarover hij beschikt om de gevraagde inlichtingen te verkrijgen, zelfs al heeft die andere Staat die inlichtingen niet nodig voor zijn eigen belastingdoeleinden. De verplichting die in de vorige zin is vervat, is onderworpen aan de beperkingen waarin paragraaf 3 voorziet, behalve wanneer die beperkingen een overeenkomstsluitende Staat zouden kunnen beletten om inlichtingen te verstrekken enkel omdat die Staat geen binnenlands belang heeft bij die inlichtingen.
5. In geen geval mogen de bepalingen van paragraaf 3 aldus worden uitgelegd dat ze een overeenkomstsluitende Staat toestaan om het verstrekken van inlichtingen te weigeren enkel en alleen omdat de inlichtingen in het bezit zijn van een bank, een andere financiële instelling, een trust, een stichting, een gevolmachtigde of een persoon die werkzaam is in de hoedanigheid van een vertegenwoordiger of een zaakwaarnemer of omdat die inlichtingen betrekking hebben op eigendomsbelangen van een persoon. "
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
16 JULI 2009. - Avenant bij de Overeenkomst tussen het Koninkrijk België en het Groothertogdom Luxemburg tot het vermijden van dubbele belasting en tot regeling van sommige andere aangelegenheden inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, en het desbetreffende Slotprotocol, ondertekend te Luxemburg op 17 september 1970, zoals gewijzigd door het Avenant, ondertekend te Brussel op 11 december 2002
Titre
16 JUILLET 2009. - Avenant à la Convention entre le Royaume de Belgique et le grand-duché de Luxembourg en vue d'éviter les doubles impositions et de régler certaines autres questions en matière d'impôts sur le revenu et sur la fortune, et le Protocole final y relatif, signés à Luxembourg le 17 septembre 1970, tels que modifiés par l'Avenant, signé à Bruxelles le 11 décembre 2002
Informations sur le document
Numac: 2011A15097
Datum: 2009-07-16
Info du document
Numac: 2011A15097
Date: 2009-07-16
Tekst (6)
Texte (6)
Article. Ier. L'article 26 de la Convention est supprimé et remplacé par celui qui suit :
" Article 26
1. Les autorités compétentes des Etats contractants échangent les renseignements vraisemblablement pertinents pour appliquer les dispositions de la présente Convention ou pour l'administration ou l'application de la législation interne relative aux impôts de toute nature ou dénomination perçus par ou pour le compte des Etats contractants dans la mesure où l'imposition qu'elle prévoit n'est pas contraire à la Convention. L'échange de renseignements n'est pas restreint par les articles 1er et 2.
2. Les renseignements reçus en vertu du paragraphe 1er par un Etat contractant sont tenus secrets de la même manière que les renseignements obtenus en application de la législation interne de cet Etat et ne sont communiqués qu'aux personnes ou autorités (y compris les tribunaux et organes administratifs) concernées par l'établissement ou le recouvrement des impôts mentionnés au paragraphe 1er, par les procédures ou poursuites concernant ces impôts, par les décisions sur les recours relatifs à ces impôts, ou par le contrôle de ce qui précède. Ces personnes ou autorités n'utilisent ces renseignements qu'à ces fins. Elles peuvent révéler ces renseignements au cours d'audiences publiques de tribunaux ou dans des jugements. Nonobstant ce qui précède, les renseignements reçus par un Etat contractant peuvent être utilisés à d'autres fins lorsque cette possibilité résulte des lois des deux Etats et lorsque l'autorité compétente de l'Etat qui fournit les renseignements autorise cette utilisation.
3. Les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne peuvent en aucun cas être interprétées comme imposant à un Etat contractant l'obligation :
a) de prendre des mesures administratives dérogeant à sa législation et à sa pratique administrative ou à celles de l'autre Etat contractant;
b) de fournir des renseignements qui ne pourraient être obtenus sur la base de sa législation ou dans le cadre de sa pratique administrative normale ou de celles de l'autre Etat contractant;
c) de fournir des renseignements qui révéleraient un secret commercial, industriel, professionnel ou un procédé commercial ou des renseignements dont la communication serait contraire à l'ordre public.
4. Si des renseignements sont demandés par un Etat contractant conformément à cet article, l'autre Etat contractant utilise les pouvoirs dont il dispose pour obtenir les renseignements demandés, même s'il n'en a pas besoin à ses propres fins fiscales. L'obligation qui figure dans la phrase précédente est soumise aux limitations prévues au paragraphe 3 sauf si ces limitations sont susceptibles d'empêcher un Etat contractant de communiquer des renseignements uniquement parce que ceux-ci ne présentent pas d'intérêt pour lui dans le cadre national.
5. En aucun cas les dispositions du paragraphe 3 ne peuvent être interprétées comme permettant à un Etat contractant de refuser de communiquer des renseignements demandés par l'autre Etat contractant uniquement parce que ceux-ci sont détenus par une banque, un autre établissement financier, un trust, une fondation, un mandataire ou une personne agissant en tant qu'agent ou fiduciaire ou parce que ces renseignements se rattachent aux droits de propriété d'une personne. "
" Article 26
1. Les autorités compétentes des Etats contractants échangent les renseignements vraisemblablement pertinents pour appliquer les dispositions de la présente Convention ou pour l'administration ou l'application de la législation interne relative aux impôts de toute nature ou dénomination perçus par ou pour le compte des Etats contractants dans la mesure où l'imposition qu'elle prévoit n'est pas contraire à la Convention. L'échange de renseignements n'est pas restreint par les articles 1er et 2.
2. Les renseignements reçus en vertu du paragraphe 1er par un Etat contractant sont tenus secrets de la même manière que les renseignements obtenus en application de la législation interne de cet Etat et ne sont communiqués qu'aux personnes ou autorités (y compris les tribunaux et organes administratifs) concernées par l'établissement ou le recouvrement des impôts mentionnés au paragraphe 1er, par les procédures ou poursuites concernant ces impôts, par les décisions sur les recours relatifs à ces impôts, ou par le contrôle de ce qui précède. Ces personnes ou autorités n'utilisent ces renseignements qu'à ces fins. Elles peuvent révéler ces renseignements au cours d'audiences publiques de tribunaux ou dans des jugements. Nonobstant ce qui précède, les renseignements reçus par un Etat contractant peuvent être utilisés à d'autres fins lorsque cette possibilité résulte des lois des deux Etats et lorsque l'autorité compétente de l'Etat qui fournit les renseignements autorise cette utilisation.
3. Les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne peuvent en aucun cas être interprétées comme imposant à un Etat contractant l'obligation :
a) de prendre des mesures administratives dérogeant à sa législation et à sa pratique administrative ou à celles de l'autre Etat contractant;
b) de fournir des renseignements qui ne pourraient être obtenus sur la base de sa législation ou dans le cadre de sa pratique administrative normale ou de celles de l'autre Etat contractant;
c) de fournir des renseignements qui révéleraient un secret commercial, industriel, professionnel ou un procédé commercial ou des renseignements dont la communication serait contraire à l'ordre public.
4. Si des renseignements sont demandés par un Etat contractant conformément à cet article, l'autre Etat contractant utilise les pouvoirs dont il dispose pour obtenir les renseignements demandés, même s'il n'en a pas besoin à ses propres fins fiscales. L'obligation qui figure dans la phrase précédente est soumise aux limitations prévues au paragraphe 3 sauf si ces limitations sont susceptibles d'empêcher un Etat contractant de communiquer des renseignements uniquement parce que ceux-ci ne présentent pas d'intérêt pour lui dans le cadre national.
5. En aucun cas les dispositions du paragraphe 3 ne peuvent être interprétées comme permettant à un Etat contractant de refuser de communiquer des renseignements demandés par l'autre Etat contractant uniquement parce que ceux-ci sont détenus par une banque, un autre établissement financier, un trust, une fondation, un mandataire ou une personne agissant en tant qu'agent ou fiduciaire ou parce que ces renseignements se rattachent aux droits de propriété d'une personne. "
Art. 2. Elk van de overeenkomstsluitende Staten stelt de andere overeenkomstsluitende Staat langs diplomatieke weg in kennis van de voltooiing van de procedures die door zijn wetgeving voor de inwerkingtreding van dit Avenant bij de Overeenkomst is vereist. Het Avenant bij de Overeenkomst zal in werking treden op de datum van ontvangst van de laatste van deze kennisgevingen en het zal van toepassing zijn :
a) met betrekking tot de bij de bron verschuldigde belastingen, op inkomsten die zijn toegekend op of na 1 januari van het kalenderjaar dat onmiddellijk volgt op het jaar waarin het Avenant in werking zal treden;
b) met betrekking tot de andere belastingen geheven naar inkomsten, op belastingen die verschuldigd zijn voor elk belastbaar tijdperk dat aanvangt op of na 1 januari van het kalenderjaar dat onmiddellijk volgt op het jaar waarin het Avenant in werking zal treden;
c) met betrekking tot de andere belastingen, op belastingen waarvan het tot belasting aanleiding gevend feit zich voordoet op of na 1 januari van het kalenderjaar dat onmiddellijk volgt op het jaar waarin het Avenant in werking zal treden.
a) met betrekking tot de bij de bron verschuldigde belastingen, op inkomsten die zijn toegekend op of na 1 januari van het kalenderjaar dat onmiddellijk volgt op het jaar waarin het Avenant in werking zal treden;
b) met betrekking tot de andere belastingen geheven naar inkomsten, op belastingen die verschuldigd zijn voor elk belastbaar tijdperk dat aanvangt op of na 1 januari van het kalenderjaar dat onmiddellijk volgt op het jaar waarin het Avenant in werking zal treden;
c) met betrekking tot de andere belastingen, op belastingen waarvan het tot belasting aanleiding gevend feit zich voordoet op of na 1 januari van het kalenderjaar dat onmiddellijk volgt op het jaar waarin het Avenant in werking zal treden.
Art. 2. Chacun des Etats contractants notifiera à l'autre par la voie diplomatique l'accomplissement des procédures requises par sa législation pour la mise en vigueur du présent Avenant à la Convention. L'Avenant à la Convention entrera en vigueur à la date de réception de la dernière de ces notifications, et sera applicable :
a) en ce qui concerne les impôts retenus à la source, aux revenus attribués le ou après le 1er janvier de l'année civile suivant immédiatement l'année au cours de laquelle l'Avenant entrera en vigueur;
b) en ce qui concerne les autres impôts sur le revenu, aux impôts dus pour toute période imposable commençant le ou après le 1er janvier de l'année civile suivant immédiatement l'année au cours de laquelle l'Avenant entrera en vigueur;
c) en ce qui concerne les autres impôts, aux impositions dont le fait générateur interviendra le ou après le 1er janvier de l'année civile suivant immédiatement l'année au cours de laquelle l'Avenant entrera en vigueur.
a) en ce qui concerne les impôts retenus à la source, aux revenus attribués le ou après le 1er janvier de l'année civile suivant immédiatement l'année au cours de laquelle l'Avenant entrera en vigueur;
b) en ce qui concerne les autres impôts sur le revenu, aux impôts dus pour toute période imposable commençant le ou après le 1er janvier de l'année civile suivant immédiatement l'année au cours de laquelle l'Avenant entrera en vigueur;
c) en ce qui concerne les autres impôts, aux impositions dont le fait générateur interviendra le ou après le 1er janvier de l'année civile suivant immédiatement l'année au cours de laquelle l'Avenant entrera en vigueur.
Art. 3. Dit Avenant, dat een integrerend deel uitmaakt van de Overeenkomst, zal van kracht blijven zolang de Overeenkomst zelf van kracht blijft.
Ten blijke waarvan de ondergetekenden, daartoe behoorlijk gevolmachtigd, dit Avenant hebben ondertekend.
Ten blijke waarvan de ondergetekenden, daartoe behoorlijk gevolmachtigd, dit Avenant hebben ondertekend.
Art. 3. Le présent Avenant, qui fera partie intégrante de la Convention, demeurera en vigueur aussi longtemps que la Convention elle-même.
En foi de quoi, les soussignés, dûment autorisés à cet effet, ont signé le présent Avenant.
En foi de quoi, les soussignés, dûment autorisés à cet effet, ont signé le présent Avenant.
Gedaan in tweevoud te Brussel, op 16 juli 2009, in de Franse en Nederlandse taal, zijnde de twee teksten gelijkelijk authentiek.
Fait à Bruxelles, le 16 juillet 2009, en double exemplaire, en langue française et en langue néerlandaise, les deux textes faisant également foi.
BIJLAGEN.
ANNEXES.
Art. N.
Art. N.
Ambassade du grand-duché de Luxembourg à Bruxelles
Brussel, 16 juli 2009.
Excellentie,
Ik heb de eer te verwijzen naar de Overeenkomst tussen het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk België tot het vermijden van dubbele belasting en tot regeling van sommige andere aangelegenheden inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, en het desbetreffende Slotprotocol, ondertekend te Luxemburg op 17 september 1970, zoals gewijzigd door het Avenant, ondertekend te Brussel op 11 december 2002, hierna te noemen " de Overeenkomst ", en stel voor om in naam van de Regering van het Groothertogdom Luxemburg de volgende bijzonderheden toe te voegen :
1. Er is overeengekomen dat de bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat op verzoek van de bevoegde autoriteit van de verzoekende Staat de inlichtingen verstrekt voor de doeleinden zoals bedoeld in artikel 26.
2. De bevoegde autoriteit van de verzoekende Staat verstrekt de volgende inlichtingen aan de bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat wanneer zij een verzoek om inlichtingen ingevolge de Overeenkomst indient, teneinde de waarschijnlijke relevantie van de gevraagde inlichtingen aan te tonen :
(a) de identiteit van de persoon op wie een controle of een onderzoek betrekking heeft;
(b) aanwijzingen omtrent de gezochte inlichtingen, met name de aard ervan en de vorm onder dewelke de verzoekende Staat de inlichtingen wenst te ontvangen van de aangezochte Staat;
(c) het fiscale doel waarvoor de inlichtingen gevraagd worden;
(d) de redenen om aan te nemen dat de gevraagde inlichtingen zich binnen de aangezochte Staat bevinden of dat ze in het bezit zijn van of onder toezicht staan van een persoon waarover de aangezochte Staat rechtsbevoegdheid heeft;
Aan Zijne Excellentie de heer Didier Reynders,
Minster van Financiën van het Koninkrijk België
(e) voor zover gekend, de naam en het adres van elke persoon van wie verondersteld wordt dat hij in het bezit is van de gevraagde inlichtingen;
(f) een verklaring dat het verzoek in overeenstemming is met deze Overeenkomst;
(g) een verklaring dat de verzoekende Staat alle op zijn eigen grondgebied beschikbare middelen heeft gebruikt om de inlichtingen te verkrijgen, met uitzondering van de middelen die tot onevenredige moeilijkheden zouden leiden.
Ik heb de eer voor te stellen dat, indien het voorafgaande voor uw Regering aanvaardbaar is, deze brief en uw bevestiging samen een Verdrag zouden vormen tussen onze regeringen, hetwelk op de datum van inwerkingtreding van het Avenant een integrerend deel zal uitmaken van de Overeenkomst.
Met de meeste hoogachting.
Brussel, 16 juli 2009.
Excellentie,
Ik heb de eer te verwijzen naar de Overeenkomst tussen het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk België tot het vermijden van dubbele belasting en tot regeling van sommige andere aangelegenheden inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, en het desbetreffende Slotprotocol, ondertekend te Luxemburg op 17 september 1970, zoals gewijzigd door het Avenant, ondertekend te Brussel op 11 december 2002, hierna te noemen " de Overeenkomst ", en stel voor om in naam van de Regering van het Groothertogdom Luxemburg de volgende bijzonderheden toe te voegen :
1. Er is overeengekomen dat de bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat op verzoek van de bevoegde autoriteit van de verzoekende Staat de inlichtingen verstrekt voor de doeleinden zoals bedoeld in artikel 26.
2. De bevoegde autoriteit van de verzoekende Staat verstrekt de volgende inlichtingen aan de bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat wanneer zij een verzoek om inlichtingen ingevolge de Overeenkomst indient, teneinde de waarschijnlijke relevantie van de gevraagde inlichtingen aan te tonen :
(a) de identiteit van de persoon op wie een controle of een onderzoek betrekking heeft;
(b) aanwijzingen omtrent de gezochte inlichtingen, met name de aard ervan en de vorm onder dewelke de verzoekende Staat de inlichtingen wenst te ontvangen van de aangezochte Staat;
(c) het fiscale doel waarvoor de inlichtingen gevraagd worden;
(d) de redenen om aan te nemen dat de gevraagde inlichtingen zich binnen de aangezochte Staat bevinden of dat ze in het bezit zijn van of onder toezicht staan van een persoon waarover de aangezochte Staat rechtsbevoegdheid heeft;
Aan Zijne Excellentie de heer Didier Reynders,
Minster van Financiën van het Koninkrijk België
(e) voor zover gekend, de naam en het adres van elke persoon van wie verondersteld wordt dat hij in het bezit is van de gevraagde inlichtingen;
(f) een verklaring dat het verzoek in overeenstemming is met deze Overeenkomst;
(g) een verklaring dat de verzoekende Staat alle op zijn eigen grondgebied beschikbare middelen heeft gebruikt om de inlichtingen te verkrijgen, met uitzondering van de middelen die tot onevenredige moeilijkheden zouden leiden.
Ik heb de eer voor te stellen dat, indien het voorafgaande voor uw Regering aanvaardbaar is, deze brief en uw bevestiging samen een Verdrag zouden vormen tussen onze regeringen, hetwelk op de datum van inwerkingtreding van het Avenant een integrerend deel zal uitmaken van de Overeenkomst.
Met de meeste hoogachting.
Ambassade du grand-duché de Luxembourg à Bruxelles
Bruxelles, le 16 juillet 2009.
Excellence,
J'ai l'honneur de me référer à la Convention entre le grand-duché de Luxembourg et le Royaume de Belgique en vue d'éviter les doubles impositions et de régler certaines autres questions en matière d'impôts sur le revenu et sur la fortune et le Protocole final y relatif, signés à Luxembourg le 17 septembre 1970, tels que modifiés par l'Avenant, signé à Bruxelles le 11 décembre 2002, ci-après dénommés " la Convention ", et propose au nom du Gouvernement du grand-duché de Luxembourg d'ajouter les précisions suivantes :
1. Il est convenu que l'autorité compétente de l'Etat requis fournit sur demande de l'autorité compétente de l'Etat requérant les renseignements aux fins visées à l'article 26.
2. L'autorité compétente de l'Etat requérant fournit les informations suivantes à l'autorité compétente de l'Etat requis lorsqu'elle soumet une demande de renseignements en vertu de la Convention, afin de démontrer la pertinence vraisemblable des renseignements demandés :
(a) l'identité de la personne faisant l'objet d'un contrôle ou d'une enquête;
(b) les indications concernant les renseignements recherchés, notamment leur nature et la forme sous laquelle l'Etat requérant souhaite recevoir les renseignements de l'Etat requis;
(c) le but fiscal dans lequel les renseignements sont demandés;
(d) les raisons qui donnent à penser que les renseignements demandés sont détenus dans l'Etat requis ou sont en la possession ou sous le contrôle d'une personne relevant de la compétence de l'Etat requis;
A Son Excellence Monsieur Didier Reynders,
Ministre des Finances du Royaume de Belgique
(e) dans la mesure où ils sont connus, le nom et adresse de toute personne dont il y a lieu de penser qu'elle est en possession des renseignements demandés;
(f) une déclaration précisant que la demande est conforme à la présente Convention;
(g) une déclaration précisant que l'Etat requérant a utilisé pour obtenir les renseignements tous les moyens disponibles sur son propre territoire, hormis ceux qui susciteraient des difficultés disproportionnées.
J'ai l'honneur de proposer que, si ce qui précède est acceptable pour votre Gouvernement, la présente lettre et votre confirmation constituent ensemble un Accord entre nos gouvernements lequel deviendra partie intégrante de la Convention à la date d'entrée en vigueur de l'Avenant.
Veuillez agréer, Excellence, l'assurance de ma plus haute considération.
Bruxelles, le 16 juillet 2009.
Excellence,
J'ai l'honneur de me référer à la Convention entre le grand-duché de Luxembourg et le Royaume de Belgique en vue d'éviter les doubles impositions et de régler certaines autres questions en matière d'impôts sur le revenu et sur la fortune et le Protocole final y relatif, signés à Luxembourg le 17 septembre 1970, tels que modifiés par l'Avenant, signé à Bruxelles le 11 décembre 2002, ci-après dénommés " la Convention ", et propose au nom du Gouvernement du grand-duché de Luxembourg d'ajouter les précisions suivantes :
1. Il est convenu que l'autorité compétente de l'Etat requis fournit sur demande de l'autorité compétente de l'Etat requérant les renseignements aux fins visées à l'article 26.
2. L'autorité compétente de l'Etat requérant fournit les informations suivantes à l'autorité compétente de l'Etat requis lorsqu'elle soumet une demande de renseignements en vertu de la Convention, afin de démontrer la pertinence vraisemblable des renseignements demandés :
(a) l'identité de la personne faisant l'objet d'un contrôle ou d'une enquête;
(b) les indications concernant les renseignements recherchés, notamment leur nature et la forme sous laquelle l'Etat requérant souhaite recevoir les renseignements de l'Etat requis;
(c) le but fiscal dans lequel les renseignements sont demandés;
(d) les raisons qui donnent à penser que les renseignements demandés sont détenus dans l'Etat requis ou sont en la possession ou sous le contrôle d'une personne relevant de la compétence de l'Etat requis;
A Son Excellence Monsieur Didier Reynders,
Ministre des Finances du Royaume de Belgique
(e) dans la mesure où ils sont connus, le nom et adresse de toute personne dont il y a lieu de penser qu'elle est en possession des renseignements demandés;
(f) une déclaration précisant que la demande est conforme à la présente Convention;
(g) une déclaration précisant que l'Etat requérant a utilisé pour obtenir les renseignements tous les moyens disponibles sur son propre territoire, hormis ceux qui susciteraient des difficultés disproportionnées.
J'ai l'honneur de proposer que, si ce qui précède est acceptable pour votre Gouvernement, la présente lettre et votre confirmation constituent ensemble un Accord entre nos gouvernements lequel deviendra partie intégrante de la Convention à la date d'entrée en vigueur de l'Avenant.
Veuillez agréer, Excellence, l'assurance de ma plus haute considération.
A. BERNS,
Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur van het Groothertogdom Luxemburg
Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur van het Groothertogdom Luxemburg
A. BERNS,
Ambassadeur Extraordinaire et Plénipotentiaire du grand-duché de Luxembourg
Ambassadeur Extraordinaire et Plénipotentiaire du grand-duché de Luxembourg
Koninkrijk België
Brussel, 16 juli 2009.
Excellentie,
Ik heb de eer de ontvangst van uw brief van 16 juli 2009 te bevestigen, waarvan de inhoud luidt als volgt :
" Ik heb de eer te verwijzen naar de Overeenkomst tussen het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk België tot het vermijden van dubbele belasting en tot regeling van sommige andere aangelegenheden inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, en het desbetreffende Slotprotocol, ondertekend te Luxemburg op 17 september 1970, zoals gewijzigd door het Avenant, ondertekend te Brussel op 11 december 2002, hierna te noemen " de Overeenkomst ", en stel voor om in naam van de Regering van het Groothertogdom Luxemburg de volgende bijzonderheden toe te voegen :
1. Er is overeengekomen dat de bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat op verzoek van de bevoegde autoriteit van de verzoekende Staat de inlichtingen verstrekt voor de doeleinden zoals bedoeld in artikel 26.
2. De bevoegde autoriteit van de verzoekende Staat verstrekt de volgende inlichtingen aan de bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat wanneer zij een verzoek om inlichtingen ingevolge de Overeenkomst indient, teneinde de klaarblijkelijke relevantie van de gevraagde inlichtingen aan te tonen :
(a) de identiteit van de persoon op wie een controle of een onderzoek betrekking heeft;
(b) aanwijzingen omtrent de gezochte inlichtingen, met name de aard ervan en de vorm onder dewelke de verzoekende Staat de inlichtingen wenst te ontvangen van de aangezochte Staat;
(c) het fiscale doel waarvoor de inlichtingen gevraagd worden;
(d) de redenen om aan te nemen dat de gevraagde inlichtingen zich binnen de aangezochte Staat bevinden of dat ze in het bezit zijn van of onder toezicht staan van een persoon die zich binnen het rechtsgebied van de aangezochte Staat bevindt;
Aan Zijne Excellentie de heer Alphonse BERNS,
Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur van het Groothertogdom Luxemburg
(e) voor zover gekend, de naam en het adres van elke persoon van wie verondersteld wordt dat hij in het bezit is van de gevraagde inlichtingen;
(f) een verklaring dat het verzoek in overeenstemming is met deze Overeenkomst;
(g) een verklaring dat de verzoekende Staat op zijn eigen grondgebied beschikbare middelen heeft gebruikt om de inlichtingen te verkrijgen, met uitzondering van de middelen die tot onevenredige moeilijkheden zouden leiden.
Ik heb de eer voor te stellen dat, indien het voorafgaande voor uw Regering aanvaardbaar is, deze brief en uw bevestiging samen een Verdrag zouden vormen tussen onze regeringen, hetwelk op de datum van inwerkingtreding van het Avenant een integrerend deel zal uitmaken van de Overeenkomst. "
Ik heb de eer de toestemming van de Regering van het Koninkrijk België omtrent de inhoud van uw brief te bevestigen. Bijgevolg vormen uw brief en deze bevestiging samen een Verdrag tussen onze regeringen hetwelk op de datum van inwerkingtreding van het Avenant een integrerend deel zal uitmaken van de Overeenkomst.
Met de meeste hoogachting.
Brussel, 16 juli 2009.
Excellentie,
Ik heb de eer de ontvangst van uw brief van 16 juli 2009 te bevestigen, waarvan de inhoud luidt als volgt :
" Ik heb de eer te verwijzen naar de Overeenkomst tussen het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk België tot het vermijden van dubbele belasting en tot regeling van sommige andere aangelegenheden inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, en het desbetreffende Slotprotocol, ondertekend te Luxemburg op 17 september 1970, zoals gewijzigd door het Avenant, ondertekend te Brussel op 11 december 2002, hierna te noemen " de Overeenkomst ", en stel voor om in naam van de Regering van het Groothertogdom Luxemburg de volgende bijzonderheden toe te voegen :
1. Er is overeengekomen dat de bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat op verzoek van de bevoegde autoriteit van de verzoekende Staat de inlichtingen verstrekt voor de doeleinden zoals bedoeld in artikel 26.
2. De bevoegde autoriteit van de verzoekende Staat verstrekt de volgende inlichtingen aan de bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat wanneer zij een verzoek om inlichtingen ingevolge de Overeenkomst indient, teneinde de klaarblijkelijke relevantie van de gevraagde inlichtingen aan te tonen :
(a) de identiteit van de persoon op wie een controle of een onderzoek betrekking heeft;
(b) aanwijzingen omtrent de gezochte inlichtingen, met name de aard ervan en de vorm onder dewelke de verzoekende Staat de inlichtingen wenst te ontvangen van de aangezochte Staat;
(c) het fiscale doel waarvoor de inlichtingen gevraagd worden;
(d) de redenen om aan te nemen dat de gevraagde inlichtingen zich binnen de aangezochte Staat bevinden of dat ze in het bezit zijn van of onder toezicht staan van een persoon die zich binnen het rechtsgebied van de aangezochte Staat bevindt;
Aan Zijne Excellentie de heer Alphonse BERNS,
Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur van het Groothertogdom Luxemburg
(e) voor zover gekend, de naam en het adres van elke persoon van wie verondersteld wordt dat hij in het bezit is van de gevraagde inlichtingen;
(f) een verklaring dat het verzoek in overeenstemming is met deze Overeenkomst;
(g) een verklaring dat de verzoekende Staat op zijn eigen grondgebied beschikbare middelen heeft gebruikt om de inlichtingen te verkrijgen, met uitzondering van de middelen die tot onevenredige moeilijkheden zouden leiden.
Ik heb de eer voor te stellen dat, indien het voorafgaande voor uw Regering aanvaardbaar is, deze brief en uw bevestiging samen een Verdrag zouden vormen tussen onze regeringen, hetwelk op de datum van inwerkingtreding van het Avenant een integrerend deel zal uitmaken van de Overeenkomst. "
Ik heb de eer de toestemming van de Regering van het Koninkrijk België omtrent de inhoud van uw brief te bevestigen. Bijgevolg vormen uw brief en deze bevestiging samen een Verdrag tussen onze regeringen hetwelk op de datum van inwerkingtreding van het Avenant een integrerend deel zal uitmaken van de Overeenkomst.
Met de meeste hoogachting.
Royaume de Belgique
Bruxelles, le 16 juillet 2009.
Excellence,
J'ai l'honneur d'accuser réception de votre lettre du 16 juillet 2009, libellée comme suit :
" J'ai l'honneur de me référer à la Convention entre le grand-duché de Luxembourg et le Royaume de Belgique en vue d'éviter les doubles impositions et de régler certaines autres questions en matière d'impôts sur le revenu et sur la fortune et le Protocole final y relatif, signés à Luxembourg le 17 septembre 1970, tels que modifiés par l'Avenant signé à Bruxelles le 11 décembre 2002, ci-après dénommés " la Convention ", et propose au nom du Gouvernement du grand-duché de Luxembourg d'ajouter les précisions suivantes :
1. Il est convenu que l'autorité compétente de l'Etat requis fournit sur demande de l'autorité compétente de l'Etat requérant les renseignements aux fins visées à l'article 26.
2. L'autorité compétente de l'Etat requérant fournit les informations suivantes à l'autorité compétente de l'Etat requis lorsqu'elle soumet une demande de renseignements en vertu de la Convention, afin de démontrer la pertinence vraisemblable des renseignements demandés :
(a) l'identité de la personne faisant l'objet d'un contrôle ou d'une enquête;
(b) les indications concernant les renseignements recherchés, notamment leur nature et la forme sous laquelle l'Etat requérant souhaite recevoir les renseignements de l'Etat requis;
(c) le but fiscal dans lequel les renseignements sont demandés;
(d) les raisons qui donnent à penser que les renseignements demandés sont détenus dans l'Etat requis ou sont en la possession ou sous le contrôle d'une personne relevant de la compétence de l'Etat requis;
A Son Excellence M. Alphonse BERNS,
Ambassadeur Extraordinaire et Plénipotentiaire du grand-duché de Luxembourg
(e) dans la mesure où ils sont connus, les nom et adresse de toute personne dont il y a lieu de penser qu'elle est en possession des renseignements demandés;
(f) une déclaration précisant que la demande est conforme à la présente Convention;
(g) une déclaration précisant que l'Etat requérant a utilisé pour obtenir les renseignements tous les moyens disponibles sur son propre territoire, hormis ceux qui susciteraient des difficultés disproportionnées.
J'ai l'honneur de proposer que, si ce qui précède est acceptable pour votre Gouvernement, la présente lettre et votre confirmation constituent ensemble un Accord entre nos gouvernements lequel deviendra partie intégrante de la Convention à la date d'entrée en vigueur de l'Avenant. "
J'ai l'honneur de confirmer l'accord du Gouvernement du Royaume de Belgique sur le contenu de votre lettre. Par conséquent votre lettre et cette confirmation constituent ensemble un Accord entre nos gouvernements lequel deviendra partie intégrante de la Convention à la date de l'entrée en vigueur de l'Avenant.
Veuillez agréer, Excellence, l'assurance de ma plus haute considération.
Bruxelles, le 16 juillet 2009.
Excellence,
J'ai l'honneur d'accuser réception de votre lettre du 16 juillet 2009, libellée comme suit :
" J'ai l'honneur de me référer à la Convention entre le grand-duché de Luxembourg et le Royaume de Belgique en vue d'éviter les doubles impositions et de régler certaines autres questions en matière d'impôts sur le revenu et sur la fortune et le Protocole final y relatif, signés à Luxembourg le 17 septembre 1970, tels que modifiés par l'Avenant signé à Bruxelles le 11 décembre 2002, ci-après dénommés " la Convention ", et propose au nom du Gouvernement du grand-duché de Luxembourg d'ajouter les précisions suivantes :
1. Il est convenu que l'autorité compétente de l'Etat requis fournit sur demande de l'autorité compétente de l'Etat requérant les renseignements aux fins visées à l'article 26.
2. L'autorité compétente de l'Etat requérant fournit les informations suivantes à l'autorité compétente de l'Etat requis lorsqu'elle soumet une demande de renseignements en vertu de la Convention, afin de démontrer la pertinence vraisemblable des renseignements demandés :
(a) l'identité de la personne faisant l'objet d'un contrôle ou d'une enquête;
(b) les indications concernant les renseignements recherchés, notamment leur nature et la forme sous laquelle l'Etat requérant souhaite recevoir les renseignements de l'Etat requis;
(c) le but fiscal dans lequel les renseignements sont demandés;
(d) les raisons qui donnent à penser que les renseignements demandés sont détenus dans l'Etat requis ou sont en la possession ou sous le contrôle d'une personne relevant de la compétence de l'Etat requis;
A Son Excellence M. Alphonse BERNS,
Ambassadeur Extraordinaire et Plénipotentiaire du grand-duché de Luxembourg
(e) dans la mesure où ils sont connus, les nom et adresse de toute personne dont il y a lieu de penser qu'elle est en possession des renseignements demandés;
(f) une déclaration précisant que la demande est conforme à la présente Convention;
(g) une déclaration précisant que l'Etat requérant a utilisé pour obtenir les renseignements tous les moyens disponibles sur son propre territoire, hormis ceux qui susciteraient des difficultés disproportionnées.
J'ai l'honneur de proposer que, si ce qui précède est acceptable pour votre Gouvernement, la présente lettre et votre confirmation constituent ensemble un Accord entre nos gouvernements lequel deviendra partie intégrante de la Convention à la date d'entrée en vigueur de l'Avenant. "
J'ai l'honneur de confirmer l'accord du Gouvernement du Royaume de Belgique sur le contenu de votre lettre. Par conséquent votre lettre et cette confirmation constituent ensemble un Accord entre nos gouvernements lequel deviendra partie intégrante de la Convention à la date de l'entrée en vigueur de l'Avenant.
Veuillez agréer, Excellence, l'assurance de ma plus haute considération.
D. REYNDERS,
Minister van Financiën van het Koninkrijk België
Minister van Financiën van het Koninkrijk België
D. REYNDERS,
Ministre des Finances du Royaume de Belgique
Ministre des Finances du Royaume de Belgique
Art. N1. Bijlage 1. - Deze akten zijn in werking getreden op 25 juni 2013
Art. N1. Annexe 1. - ces actes sont entrés en vigueur le 25 juin 2013.