Artikel 1. Aan de volgende centra voor deeltijds beroepssecundair onderwijs wordt gedurende het schooljaar 2010-2011 toestemming verleend om deeltijds beroepssecundair onderwijs in een ander week- of jaarritme te organiseren :
- het Don Bosco Technisch Instituut, Valkenveld 70, te 2610 Wilrijk, voor alle jongeren :
- 20 weken van 30 wekelijkse uren zodat afwisselend één week kan gewerkt worden en één week les kan gevolgd worden;
- de Provinciale Technische Scholen Boom, Theodoor van Ryswycklaan 2, te 2850 Boom, voor de jongeren in de opleidingen procesoperator in de chemische en petrochemische nijverheid :
- ten minste gedurende 20 weken van 30 wekelijkse uren;
- het Koninklijk Atheneum Overpelt, Centrum voor Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs, Leopoldlaan 45, te 3900 Overpelt, in de vestigingsplaats te Maasmechelen voor de jongeren waarvan de ouders geen vaste verblijfplaats hebben :
- ten minste gedurende 20 weken van 30 wekelijkse uren;
- het Autonoom Centrum voor Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs, Wittemolenstraat, 9 te 9040 Gent, voor de jongeren in de opleiding Stellingbouw :
- 20 weken van 30 wekelijkse uren zodat afwisselend een week werken wordt afgewisseld met een week leren voor de jongeren die de leeftijd van 18 jaar bereiken in het kalenderjaar waarin het schooljaar begint;
- het Centrum voor Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs, Groenstraat 260, te 1800 Vilvoorde, voor jongeren waarvan de ouders geen vaste verblijfplaats hebben :
- ten minste gedurende 20 weken van 30 wekelijkse uren.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
8 JULI 2011. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende afwijking op de organisatie van deeltijds beroepssecundair onderwijs binnen het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap
Titre
8 JUILLET 2011. - Arrêté du Gouvernement flamand accordant une dérogation à l'organisation de l'enseignement secondaire professionnel à temps partiel dans le cadre du système d'apprentissage et de travail en Communauté flamande
Informations sur le document
Info du document
Tekst (3)
Texte (3)
Article 1er. Les centres d'enseignement secondaire professionnel à temps partiel visés ci-après sont autorisés à organiser, pendant l'année scolaire 2010-2011, un enseignement secondaire professionnel à temps partiel à un autre rythme hebdomadaire ou annuel :
- le " Don Bosco Technisch Instituut ", Valkenveld 70, à 2610 Wilrijk pour tous les jeunes :
- 20 semaines de 30 heures hebdomadaires, des sorte qu'ils puissent travailler pendant 1 semaine et suivre les cours pendant 1 semaine en alternance;
- les " Provinciale Technische Scholen Boom ", Theodoor van Ryswycklaan 2, à 2850 Boom, pour les jeunes dans les formations " procesoperator in de chemische en petrochemische nijverheid " :
- au moins pendant 20 semaines de 30 heures hebdomadaires;
- le " Koninklijk Atheneum Overpelt, Centrum voor Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs ", Leopoldlaan 45, à 3900 Overpelt, dans l'implantation à Maasmechelen pour les jeunes dont les parents n'ont pas de domicile fixe :
- au moins pendant 20 semaines de 30 heures hebdomadaires;
- le " Autonoom Centrum voor Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs ", Wittemolenstraat 9, à 9040 Gent, pour les jeunes dans la formation " Stellingbouw " :
- 20 semaines de 30 heures hebdomadaires, de sorte que les jeunes qui atteignent l'âge de 18 ans dans l'année calendaire dans laquelle l'année scolaire commence alternent une semaine de travail avec une semaine d'apprentissage;
- le " Centrum voor Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs ", Groenstraat 260, à 1800 Vilvoorde pour les jeunes dont les parents n'ont pas de domicile fixe :
- au moins pendant 20 semaines de 30 heures hebdomadaires.
- le " Don Bosco Technisch Instituut ", Valkenveld 70, à 2610 Wilrijk pour tous les jeunes :
- 20 semaines de 30 heures hebdomadaires, des sorte qu'ils puissent travailler pendant 1 semaine et suivre les cours pendant 1 semaine en alternance;
- les " Provinciale Technische Scholen Boom ", Theodoor van Ryswycklaan 2, à 2850 Boom, pour les jeunes dans les formations " procesoperator in de chemische en petrochemische nijverheid " :
- au moins pendant 20 semaines de 30 heures hebdomadaires;
- le " Koninklijk Atheneum Overpelt, Centrum voor Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs ", Leopoldlaan 45, à 3900 Overpelt, dans l'implantation à Maasmechelen pour les jeunes dont les parents n'ont pas de domicile fixe :
- au moins pendant 20 semaines de 30 heures hebdomadaires;
- le " Autonoom Centrum voor Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs ", Wittemolenstraat 9, à 9040 Gent, pour les jeunes dans la formation " Stellingbouw " :
- 20 semaines de 30 heures hebdomadaires, de sorte que les jeunes qui atteignent l'âge de 18 ans dans l'année calendaire dans laquelle l'année scolaire commence alternent une semaine de travail avec une semaine d'apprentissage;
- le " Centrum voor Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs ", Groenstraat 260, à 1800 Vilvoorde pour les jeunes dont les parents n'ont pas de domicile fixe :
- au moins pendant 20 semaines de 30 heures hebdomadaires.
Art. 2. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 september 2010 en houdt op uitwerking te hebben op 31 augustus 2011.
Art. 2. Le présent arrêté produit ses effets le 1er septembre 2010 et cessera de produire ses effets le 31 août 2011.
Art. 3. De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 3. Le Ministre flamand qui a l'enseignement dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
Brussel, 8 juli 2011.
De minister-president van de Vlaamse Regering,
K. PEETERS
De Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel,
P. SMET
De minister-president van de Vlaamse Regering,
K. PEETERS
De Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel,
P. SMET
Bruxelles, le 8 juillet 2011.
Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
K. PEETERS
Le Ministre flamand de l'Enseignement, de la Jeunesse, de l'Egalité des Chances et des Affaires bruxelloises,
P. SMET
Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
K. PEETERS
Le Ministre flamand de l'Enseignement, de la Jeunesse, de l'Egalité des Chances et des Affaires bruxelloises,
P. SMET