Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
13 AUGUSTUS 2011. - Koninklijk besluit betreffende de betaling van de door [de Federale Pensioendienst] betaalde uitkeringen. <KB2018-03-30/21, art. 4, 002; Inwerkingtreding : 31-03-2016>(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 24-08-2011 en tekstbijwerking tot 09-01-2026)
Titre
13 AOUT 2011. - Arrêté royal relatif au paiement des prestations liquidées par [le Service fédéral des Pensions]<AR2018-03-30/21, art. 5, 002; En vigueur : 31-03-2016>(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 24-08-2011 et mise à jour au 09-01-2026)
Informations sur le document
Numac: 2011022291
Datum: 2011-08-13
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2011022291
Date: 2011-08-13
Moniteur: Voir
Tekst (30)
Texte (30)
HOOFDSTUK 1. - Toepassingsgebied
CHAPITRE 1. - Champ d'application
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit moet worden verstaan onder:
  1° de [1 Dienst]1: [1 de Federale Pensioendienst]1;
  2° de Richtlijn: de Richtlijn 2007/64/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 november 2007 betreffende betalingsdiensten in de interne markt tot wijziging van de Richtlijnen 97/7/EG, 2002/65/EG, 2005/60/EG en 2006/48/EG, en tot intrekking van Richtlijn 97/5/EG;
  3° de E.E.R. : de Europese Economische Ruimte.
  
Article 1er. Pour l'application de cet arrêté, il faut entendre par :
  1° [1 le Service]1 : [1 le Service fédéral des Pensions]1;
  2° la Directive : la Directive 2007/64/CE du Parlement européen et du Conseil du 13 novembre 2007 concernant les services de paiement dans le marché intérieur, modifiant les Directives 97/7/CE, 2002/65/CE, 2005/60/CE ainsi que 2006/48/CE et abrogeant la Directive 97/5/CE;
  3° l'E.E.E. : l'Espace économique européen
  
HOOFDSTUK 2. - De betaling per overschrijving op bankrekening
CHAPITRE 2. - Le paiement par virement sur un compte bancaire
Afdeling 1. - Gerechtigden met hoofdverblijfplaats op het grondgebied van een lidstaat van de E.E.R.
Section 1re. - Bénéficiaires avec résidence principale sur le territoire d'un Etat membre de l'E.E.E.
Art. 2. § 1. De personen aan wie de [1 Dienst]1 één of meer uitkeringen betaalt per overschrijving, verkrijgen de betaling van die uitkeringen op een [2 persoonlijke betaalrekening]2.
  § 2. De betalingen van de uitkeringen worden voor gerechtigden met hoofdverblijfplaats op het grondgebied van een lidstaat van de E.E.R. door de [1 Dienst]1 betaald in EUR of in de valuta van het land van bestemming. Zij worden uitgevoerd op een [2 persoonlijke betaalrekening]2geopend bij een financiële instelling die gevestigd is op dat grondgebied en erkend is conform de Richtlijn.
  
Art. 2. § 1er. Les personnes à qui [1 le Service]1 liquide une ou plusieurs prestations par virement, perçoivent le paiement de ces prestations sur un [2 compte de paiement personnel ]2.
  § 2. Les paiements de prestations sont effectués par [1 le Service]1 en EUR ou en devises du pays destinataire aux bénéficiaires ayant leur résidence principale sur le territoire d'un Etat membre de l'E.E.E. Ils sont exécutés sur un compte à vue personnel ouvert auprès d'un organisme financier établi sur ce territoire et reconnu conformément à la Directive.
  
Afdeling 2. - Gerechtigden met hoofdverblijfplaats op het grondgebied van een niet-lidstaat van de E.E.R.
Section 2. - Bénéficiaires avec résidence principale sur le territoire d'un Etat non membre de l'E.E.E.
Art. 3. § 1. De personen aan wie de [1 Dienst]1 één of meer uitkeringen betaalt en die hun hoofdverblijfplaats op het grondgebied van een niet-lidstaat van de E.E.R. hebben gevestigd verkrijgen de betaling van die uitkeringen:
  1° op aanvraag, per overschrijving op een [3 persoonlijke betaalrekening]3;
  2° bij gebrek aan een aanvraag, door uitgifte van een internationaal betaalmiddel.
  § 2. De vraag tot betaling op een [3 persoonlijke betaalrekening]3 wordt door de gerechtigde meegedeeld [2 door middel van het formulier beschikbaar bij de Dienst]2. Deze mededeling kan ook geschieden met een gewone brief aan de [1 Dienst]1.
  § 3. De gerechtigde kan op ieder ogenblik door middel van een gewone brief gericht aan de [1 Dienst]1 van de betaling van zijn uitkering per overschrijving afzien.
  De gerechtigde die de betaling van zijn uitkering op een andere bankrekening wenst, moet een nieuwe aanvraag aan de [1 Dienst]1 richten.
  
Art. 3. § 1er. Les personnes à qui [1 le Service]1 liquide une ou plusieurs prestations et qui ont leur résidence principale sur le territoire d'un Etat non membre de l'E.E.E., perçoivent le paiement de ces prestations :
  1° sur demande, par virement sur un [3 compte de paiement personnel ]3;
  2° en l'absence d'une demande, par l'émission d'un moyen de paiement international.
  § 2. La demande de paiement sur un [3 compte de paiement personnel ]3 est communiquée par le bénéficiaire [2 au moyen du formulaire disponible auprès du Service]2. Cette communication peut également se faire par courrier ordinaire adressé [1 au Service]1.
  § 3. A tout moment, le bénéficiaire peut renoncer au paiement de sa prestation par virement et ce, par lettre ordinaire adressée [1 au Service]1.
  Le bénéficiaire qui souhaite le paiement de sa prestation sur un autre compte bancaire, doit adresser un nouveau formulaire de demande [1 au Service]1.
  
Onderafdeling 1. - Onderdanen van een lidstaat van de E.E.R.
Sous-section 1re. - Ressortissants d'un Etat membre de l'E.E.E.
Art. 4. § 1. De onderdanen van een lidstaat van de E.E.R., evenals de staatlozen, de erkende vluchtelingen of de bevoorrechte vreemdelingen aan wie de [1 Dienst]1 één of meer uitkeringen betaalt, kunnen de betaling van die uitkeringen verkrijgen op een [2 persoonlijke betaalrekening ]2 geopend bij een financiële instelling die gevestigd is op het grondgebied van:
  1° hetzij een lidstaat van de E.E.R.;
  2° hetzij de Staat waarin zij hun hoofdverblijfplaats hebben gevestigd.
  § 2. De betaling op rekening van een financiële instelling die gevestigd is op het grondgebied van :
  1° een lidstaat van de E.E.R., geschiedt in EUR of in de valuta van het land van bestemming conform de in artikel 2 bedoelde voorwaarden;
  2° de Staat waarin zij hun hoofdverblijfplaats hebben gevestigd, geschiedt, naar keuze van de gerechtigde, in EUR of in plaatselijke valuta. De transactiekosten van de bij de financiële instelling van de gerechtigde geldende tarifering en de schommelingen van de pensioenbedragen ten gevolge van wisselkoersverschillen en door de bank van de gerechtigde aangerekende kosten, zijn uitsluitend ten laste van de gerechtigde.
  
Art. 4. §1er. Les ressortissants d'un Etat membre de l'E.E.E., ainsi que les apatrides, les réfugiés reconnus ou les étrangers privilégiés à qui [1 le Service]1 liquide une ou plusieurs prestations, peuvent obtenir le paiement de ces prestations sur un [2 compte de paiement personnel ]2 ouvert auprès d'un organisme financier établi sur le territoire :
  1° soit d'un Etat membre de l'E.E.E.;
  2° soit de l'Etat où ils ont établi leur résidence principale.
  § 2. Le paiement sur le compte d'un organisme financier établi sur le territoire :
  1° d'un Etat membre de l'E.E.E., se fait conformément aux conditions visées à l'article 2 en EUR ou en devises du pays destinataire;
  2° de l'Etat où ils ont établi leur résidence principale, se fait, au choix du bénéficiaire, en EUR ou en devise locale. Les frais de transaction de la tarification en vigueur auprès de l'organisme financier du bénéficiaire et les fluctuations des montants de pension par suite des écarts de taux de change et les frais imputés par la banque du bénéficiaire, sont exclusivement à charge du bénéficiaire.
  
Onderafdeling 2. - Onderdanen van een niet-lidstaat van de E.E.R.
Sous-section 2. - Ressortissants d'un Etat non membre de l'E.E.E.
Art. 5. Onverminderd afwijkende bepalingen in de door België afgesloten wederkerigheidovereenkomsten, kunnen de onderdanen van een niet-lidstaat van de E.E.R. aan wie de [1 Dienst]1 rechtstreeks één of meer uitkeringen betaalt, de betaling van die uitkeringen verkrijgen op een [2 persoonlijke betaalrekening]2 geopend bij een financiële instelling die gevestigd is op het grondgebied van de Staat waarin zij hun hoofdverblijfplaats hebben gevestigd
  De betaling geschiedt, naar keuze van de gerechtigde, in EUR of in plaatselijke valuta. De transactiekosten van de bij de financiële instelling van de gerechtigde geldende tarifering en de schommelingen van de pensioenbedragen ten gevolge van wisselkoersverschillen en door de bank van de gerechtigde aangerekende kosten, zijn uitsluitend ten laste van de gerechtigde.
  
Art. 5. Sans préjudice des dispositions dérogatoires dans les accords de réciprocité conclus par la Belgique, les ressortissants d'un Etat non membre de l'E.E.E. à qui [1 le Service]1 liquide directement une ou plusieurs prestations peuvent obtenir le paiement de ces prestations sur un [2 compte de paiement personnel ]2 ouvert auprès d'un organisme financier établi sur le territoire de l'Etat où ils ont établi leur résidence principale.
  Le paiement se fait, au choix du bénéficiaire, en EUR ou en devise locale. Les frais de transaction de la tarification en vigueur auprès de l'organisme financier du bénéficiaire et les fluctuations des montants de pension par suite des écarts de taux de change et les frais imputés par la banque du bénéficiaire, sont exclusivement à charge du bénéficiaire.
  
HOOFDSTUK 3. - Gemeenschappelijke bepalingen
CHAPITRE 3. - Dispositions communes
Afdeling 1. - Betaling op een [1 persoonlijke betaalrekening]1
Section 1re. - Paiement sur un [1 compte de paiement personnel ]1
Art. 6. § 1. Het [3 unieke betaalrekeningsidentificatienummer]3 wordt door de gerechtigde meegedeeld [2 door middel van het formulier beschikbaar bij de Dienst]2.
  Deze mededeling kan ook geschieden met een gewone brief aan de [1 Dienst]1.
  § 2. De [1 Dienst]1 bevestigt de registratie van het unieke identificatienummer en deelt de reglementaire verbintenissen mee die door de gerechtigde spontaan ten opzichte van de Rijksdienst moeten worden nageleefd.
  De gerechtigde verbindt zich ertoe de [1 Dienst]1 spontaan op de hoogte te brengen van iedere gebeurtenis die zijn recht op de uitbetaling van het pensioen kan wijzigen. De pensioengerechtigde is er evenwel van vrijgesteld de [1 Dienst]1 op de hoogte te brengen van elke wijziging van de informatiegegevens bedoeld bij artikel 3, eerste lid, van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen, en toegankelijk voor de [1 Dienst]1, voor zover hij deze wijziging heeft medegedeeld aan de bevoegde gemeentelijke administratie.
  § 3. Het niet naleven van de in paragraaf 2 bedoelde verbintenissen wettigt ten bewarende titel, de onmiddellijke schorsing of herleiding van de lopende betaling.
  § 4. In voorkomend geval, deelt de [1 Dienst]1 de omstandigheden of gebeurtenissen aan de gerechtigde mee die aanleiding hebben gegeven tot de toepassing van de in paragraaf 3 bedoelde maatregel of verjaring en betekent hij de schuld die het gevolg is van het niet naleven van de door de gerechtigde aangegane verbintenissen.
  § 5. Het toezenden van stukken aan de gerechtigde betreffende de betaling van de uitkeringen gebeurt op zijn hoofdverblijfplaats.
  Van deze verplichting kan, op schriftelijk verzoek van de betrokkene gericht aan de [1 Dienst]1, binnen de perken van de vigerende wetgeving worden afgeweken.
  
Art. 6. § 1er. Le [3 numéro d'identifiant unique de compte de paiement ]3est communiqué par le bénéficiaire [2 au moyen du formulaire disponible auprès du Service]2.
  Cette communication peut également se faire par courrier ordinaire adressé [1 au Service]1.
  § 2. [1 Le Service]1 confirme l'enregistrement de l'identifiant unique et communique les engagements réglementaires qui doivent être respectés spontanément par le bénéficiaire à l'égard [1 du Service]1.
  Le bénéficiaire s'engage à informer spontanément [1 le Service]1 de tout événement pouvant modifier son droit au paiement de la pension. Le pensionné est toutefois dispensé d'informer [1 le Service]1 de toute modification aux informations visées à l'article 3, alinéa 1er, de la loi du 8 août 1983 organisant un registre national des personnes physiques et accessibles [1 à ce Service]1, pour autant qu'il ait signalé cette modification à l'administration communale compétente.
  § 3. Le non-respect des engagements visés au paragraphe 2 justifie à titre conservatoire, la suspension ou la réduction immédiate du paiement en cours.
  § 4. Le cas échéant, [1 le Service]1 communique au bénéficiaire les circonstances ou événements qui ont donné lieu à l'application de la mesure ou de la prescription visées au paragraphe 3 et il notifie la dette qui est la conséquence du non-respect des engagements contractés par le bénéficiaire.
  § 5. L'envoi de pièces au bénéficiaire concernant le paiement des prestations se fait à sa résidence principale.
  Il est possible de déroger à cette obligation, sur demande écrite de l'intéressé, adressée [1 au Service]1, dans les limites de la législation en vigueur.
  
Afdeling 2. - Levensbewijs
Section 2. - Certificat de vie
Art. 7. § 1. De [1 Dienst]1 verstuurt, ten minste één maal per jaar, aan de gerechtigden aan wie hij één of meer uitkeringen betaalt een vraag tot afgifte van een levensbewijs, waarvan hij het model bepaalt. De gerechtigde stuurt het behoorlijk ingevuld levensbewijs binnen de dertig dagen na ontvangst ervan aan de Rijksdienst terug.
  § 2. Het niet naleven van de verplichting tot aflevering van het levensbewijs leidt tot de schorsing van de betaling van de bedoelde uitkeringen. De betaling van de uitkering en van de eventuele achterstallen worden slechts hernomen bij ontvangst van het gevraagde levensbewijs en, in voorkomend geval, nadat aan de [1 Dienst]1 de nodige bewijsstukken werden overgelegd.
  § 3. De [1 Dienst]1 kan, in afwijking van de in paragrafen 1 en 2 bedoelde procedure, overeenkomsten sluiten met de financiële instellingen, met instellingen van sociale zekerheid of met iedere andere bevoegde betaalinstelling, die in een geautomatiseerde uitwisseling van sterftedata van gerechtigden voorzien.
  
Art. 7. § 1er. [1 Le Service]1 envoie, au moins une fois par année, une demande de remise d'un certificat de vie, dont il établit le modèle, aux bénéficiaires auxquels il paye une ou plusieurs prestations. Le bénéficiaire renvoie [1 au Service]1 le certificat de vie, dûment complété, dans les trente jours qui en suivent la réception.
  § 2. Le non-respect de l'obligation de délivrance du certificat de vie entraîne la suspension du paiement des prestations visées. Le paiement de la prestation et des éventuels arrérages ne reprend qu'à la réception du certificat de vie demandé et, le cas échéant, après que les pièces justificatives nécessaires ont été produites [1 au Service]1.
  § 3. Par dérogation à la procédure visée aux paragraphes 1er et 2, [1 le Service]1 peut conclure des conventions avec les organismes financiers, avec des institutions de sécurité sociale ou avec tout autre organisme payeur compétent, qui prévoient un échange automatisé de données sur le décès de bénéficiaires.
  
Afdeling 3. - Verblijfsbewijs
Section 3. - Certificat de résidence
Art. 8. § 1. [2 Ter controle van het daadwerkelijke verblijf op het Belgische grondgebied verstuurt de Dienst ten minste eenmaal per jaar, de vraag tot afgifte van een verblijfsbewijs, waarvan hij het model bepaalt, aan de gerechtigden op een uitkering die niet overal ter wereld betaalbaar is, met uitzondering van de inkomensgarantie voor ouderen. De gerechtigde stuurt het behoorlijk ingevuld verblijfsbewijs binnen de dertig kalenderdagen na ontvangst ervan aan de Dienst terug.]2
  § 2. Het niet naleven van de verplichting tot aflevering van het verblijfsbewijs leidt tot de onmiddellijke schorsing van de betaling van de bedoelde uitkering. De betaling van de uitkering en van de eventuele achterstallen worden slechts hernomen bij ontvangst van het gevraagde verblijfsbewijs en, in voorkomend geval, nadat de bewijsstukken aan de [1 Dienst]1 werden overgelegd dat aan de reglementaire verblijfsvoorwaarden werd voldaan.
  
Art. 8. § 1er. [2 En vue du contrôle de la résidence réelle sur le territoire belge, le Service envoie, au moins une fois par année, aux bénéficiaires d'une prestation non payable partout dans le monde, à l'exception de la garantie de revenus aux personnes âgées, une demande de remise d'un certificat de résidence, dont il établit le modèle. Le bénéficiaire renvoie au Service le certificat de résidence, dûment complété, dans les trente jours calendrier qui en suivent la réception.]2
  § 2. Le non-respect de l'obligation de délivrance du certificat de résidence entraîne la suspension immédiate du paiement de la prestation visée. Le paiement de la prestation et des éventuels arrérages ne reprend qu'à la réception du certificat de résidence demandé et, le cas échéant, après que les pièces justificatives ont été produites [1 au Service]1 attestant que les conditions de résidence réglementaires ont été remplies.
  
Afdeling 4. - Betaling van de uitkeringen en machtiging tot terugvordering
Section 4. - Paiement des allocations et autorisation de récupération
Art. 9. § 1. De betaling geschiedt door bemiddeling van een financiële instelling, waarvan de werking in België erkend is in toepassing van de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen, en waarmee de [1 Dienst]1 een overeenkomst heeft gesloten.
  De in het eerste lid bedoelde overeenkomst stelt de respectieve verantwoordelijkheden van de [1 Dienst]1 en de financiële instelling vast om de regelmatigheid van de overdracht van uitkeringen naar de door de uitkeringsgerechtigde gekozen financiële instelling te verzekeren. Zij stelt eveneens de waarborgen vast die deze financiële instelling aan de [1 Dienst]1 moet verstrekken teneinde ten onrechte of na het overlijden van de gerechtigde met een buitenlandse bankrekening gestorte uitkeringen bij de buitenlandse financiële instellingen terug te vorderen.
  § 2. De [1 Dienst]1 sluit een overeenkomst met de financiële instellingen van de gerechtigden van in België betaalde uitkeringen, instellingen waarvan de werking in België erkend is in toepassing van de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen.
  De in het eerste lid bedoelde overeenkomst stelt de waarborgen vast die de financiële instellingen die voor de betaling van de uitkeringen op rekening instaan, aan de [1 Dienst]1 moeten verstrekken om in naam van deze laatste de uitkeringen terug te vorderen die ten onrechte of na overlijden van de gerechtigde werden gestort.
  § 3. Alle betrokken personen laten de gekozen financiële instelling toe alle onverschuldigde uitbetaalde bedragen aan de [1 Dienst]1 terug te betalen, door debitering van hun rekening, binnen de grenzen vastgesteld door de in paragraaf 2 bedoelde overeenkomst.
  Deze machtiging blijft van kracht na het overlijden van de gerechtigde.
  
Art. 9. § 1er. Le paiement s'effectue par l'intermédiaire de l'organisme financier avec lequel [1 le Service]1 a conclu une convention et dont l'activité, en Belgique, est reconnue en application de la loi du 22 mars 1993 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit.
  La convention visée à l'alinéa 1er détermine les responsabilités respectives [1 du Service]1 et de cet organisme financier en vue d'assurer la régularité du transfert des prestations vers l'organisme financier choisi par le bénéficiaire des prestations. Elle détermine également les garanties que cet organisme financier doit donner [1 au Service]1 en vue de la récupération auprès des organismes financiers à l'étranger, des prestations qui ont été versées indûment ou après le décès du bénéficiaire disposant d'un compte bancaire à l'étranger.
  § 2. [1 Le Service]1 conclut une convention avec les organismes financiers des bénéficiaires des prestations payées en Belgique, organismes dont l'activité, en Belgique, est reconnue en application de la loi du 22 mars 1993 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit.
  La convention visée à l'alinéa 1er détermine les garanties que ces organismes financiers qui se chargent du paiement des prestations sur compte, doivent donner [1 au Service]1 en vue de la récupération au nom de ce dernier des prestations qui ont été versées indûment ou après le décès du bénéficiaire.
  § 3. Toutes les personnes concernées autorisent l'organisme financier choisi à rembourser [1 au Service]1, par débit de leur compte bancaire et dans les limites fixées par la convention visée au paragraphe 2, toutes les sommes payées indûment.
  Cette autorisation reste en vigueur après le décès du bénéficiaire.
  
HOOFDSTUK 4. - Wijzigende bepalingen
CHAPITRE 4. - Dispositions modificatives
Art. 10. In artikel 66 van het koninklijk besluit van 21 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen voor werknemers, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° het eerste lid, vervangen bij het koninklijk besluit van 9 maart 2004, wordt vervangen als volgt :
  " De uitkeringen bedoeld in het koninklijk besluit nr. 50 van 24 oktober 1967 of in de wet van 20 juli 1990 of in het koninklijk besluit van 23 december 1996 worden in beginsel door de Rijksdienst vereffend door middel van overschrijvingen op een persoonlijke zichtrekening overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 13 augustus 2011 betreffende de betaling van de door de Rijksdienst betaalde uitkeringen. "
  2° tussen het tweede en het derde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:
  " In afwijking van het eerste en van het tweede lid, gebeurt, bij gebreke aan een correct uniek zichtrekeningsidentificatienummer, de betaling door postassignatie waarvan het bedrag ten huize betaalbaar is in handen van de gerechtigde. "
Art. 10. Dans l'article 66 de l'arrêté royal du 21 décembre 1967 portant règlement général du régime de pension de retraite et de survie des travailleurs salariés, les modifications suivantes sont apportées :
  1° l'alinéa 1er, remplacé par l'arrêté royal du 9 mars 2004, est remplacé par ce qui suit :
  " Les prestations prévues par l'arrêté royal n° 50 du 24 octobre 1967 ou par la loi du 20 juillet 1990 ou par l'arrêté royal du 23 décembre 1996 sont liquidées par l'Office en principe par virement sur un compte à vue personnel conformément aux dispositions de l'arrêté royal du 13 août 2011 relatif au paiement des prestations liquidées par l'Office. "
  2° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 2 et 3:
  " Par dérogation aux alinéas 1er et 2 et à défaut d'un numéro d'identifiant unique correct de compte à vue, le paiement s'effectue au moyen d'assignations postales dont le montant est payable à domicile, en mains propres du bénéficiaire. "
Art. 11. In artikel 57 van het koninklijk besluit van 29 april 1969 houdende algemeen reglement betreffende het gewaarborgd inkomen voor bejaarden, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het tweede lid, vervangen bij het koninklijk besluit van 9 maart 2004, wordt vervangen als volgt :
  " Het gewaarborgd inkomen wordt door de Rijksdienst betaald door middel van overschrijvingen op een persoonlijke zichtrekening overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 13 augustus 2011 betreffende de betaling van de door de Rijksdienst betaalde uitkeringen. "
  2° tussen het derde en het vierde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:
  " In afwijking van het tweede en van het derde lid, gebeurt, bij gebreke aan een correct uniek zichtrekeningsidentificatienummer, de betaling door postassignatie waarvan het bedrag ten huize betaalbaar is in handen van de gerechtigde. "
Art. 11. Dans l'article 57 de l'arrêté royal du 29 avril 1969 portant règlement général en matière de revenu garanti aux personnes âgées, les modifications suivantes sont apportées :
  1° l'alinéa 2, remplacé par l'arrêté royal du 9 mars 2004, est remplacé par ce qui suit:
  " Le revenu garanti est payé par l'Office par virement sur un compte à vue personnel conformément aux dispositions de l'arrêté royal du 13 août 2011 relatif au paiement des prestations liquidées par l'Office. "
  2° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 3 et 4:
  " Par dérogation aux alinéas 2 et 3 et à défaut d'un numéro d'identifiant unique correct de compte à vue, le paiement s'effectue au moyen d'assignations postales dont le montant est payable à domicile, en mains propres du bénéficiaire. "
Art. 12. In artikel 40 van het koninklijk besluit van 23 mei 2001 tot instelling van een algemeen reglement betreffende de inkomensgarantie voor ouderen, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° het tweede lid, vervangen bij het koninklijk besluit van 9 maart 2004, wordt vervangen als volgt :
  " De inkomensgarantie wordt door de Rijksdienst betaald door middel van overschrijvingen op een persoonlijke zichtrekening overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 13 augustus 2011 betreffende de betaling van de door de Rijksdienst betaalde uitkeringen. "
  2° tussen het derde en het vierde lid wordt een lid ingevoegd, luidende :
  " In afwijking van het tweede en van het derde lid, gebeurt, bij gebreke aan een correct uniek zichtrekeningsidentificatienummer, de betaling door postassignatie waarvan het bedrag ten huize betaalbaar is in handen van de gerechtigde. "
Art. 12. Dans l'article 40 de l'arrêté royal du 23 mai 2001 portant règlement général en matière de garantie de revenus aux personnes âgées, les modifications suivantes sont apportées :
  1° l'alinéa 2, remplacé par l'arrêté royal du 9 mars 2004, est remplacé par ce qui suit :
  " La garantie de revenus est payée par l'Office par virement sur un compte à vue personnel conformément aux dispositions de l'arrêté royal du 13 août 2011 relatif au paiement des prestations liquidées par l'Office. "
  2° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 3 et 4:
  " Par dérogation aux alinéas 2 et 3 et à défaut d'un numéro d'identifiant unique correct de compte à vue, le paiement s'effectue au moyen d'assignations postales dont le montant est payable à domicile, en mains propres du bénéficiaire. "
HOOFDSTUK 5. - Opheffingsbepalingen
CHAPITRE 5. - Dispositions abrogatoires
Art. 13. Worden opgeheven :
  1° het koninklijk besluit van 17 oktober 1991 betreffende de betaling per overschrijving van de uitkeringen betaald door de Rijksdienst voor Pensioenen, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 9 maart 2004 en 15 september 2006;
  2° het koninklijk besluit van 28 februari 1993 betreffende de betaling per overschrijving van sommige uitkeringen betaald door de Rijksdienst voor Pensioenen, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 15 mei 1996, 29 april 1999 en 6 april 2000.
Art. 13. Sont abrogés :
  1° l'arrêté royal du 17 octobre 1991 portant le paiement par virement des prestations liquidées par l'Office national des Pensions, modifié par les arrêtés royaux des 9 mars 2004 et 15 septembre 2006 ;
  2° l'arrêté royal du 28 février 1993 relatif au paiement par virement de certains avantages liquidés par l'Office national des Pensions, modifié par les arrêtés royaux des 15 mai 1996, 29 avril 1999 et 6 avril 2000.
HOOFDSTUK 6. - Overgang- en slotbepalingen
CHAPITRE 6. - Dispositions transitoires et finales
Art. 14. De overeenkomsten met de financiële instellingen gesloten krachtens artikel 1, § 1, van het koninklijk besluit van 17 oktober 1991 betreffende de betaling per overschrijving van de uitkeringen betaald door de Rijksdienst voor Pensioenen blijven evenwel geldig tot hun vervanging door overeenkomsten in uitvoering van dit besluit.
Art. 14. Les conventions conclues avec les organismes financiers en vertu de l'article 1er, § 1er, de l'arrêté royal du 17 octobre 1991 portant le paiement par virement des prestations liquidées par l'Office national des Pensions restent d'application jusqu'à leur remplacement par des conventions en exécution du présent arrêté.
Art. 15. Dit besluit treedt in werking op de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art. 15. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.
Art. 16. De Minister bevoegd voor Pensioenen is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 16. Le Ministre qui a les Pensions dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.