Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
10 SEPTEMBER 2009. - Koninklijk besluit betreffende de loopbaan van financieel medewerker en tot wijziging van sommige bepalingen houdende het niveau D bij de Federale Overheidsdienst Financiën en de Pensioendienst voor de Overheidssector
Titre
10 SEPTEMBRE 2009. - Arrêté royal relatif à la carrière de collaborateur financier et modifiant certaines dispositions relatives au niveau D au Service public fédéral Finances et au Service des Pensions du Secteur public
Informations sur le document
Info du document
Table des matières
Tekst (25)
Texte (27)
HOOFDSTUK I. - Wijziging van het koninklijk besluit van 29 oktober 1971 tot vaststelling van het organiek reglement van de Federale Overheidsdienst Financiën en van de bijzondere bepalingen die er voorzien in de uitvoering van het statuut van het rijkspersoneel
CHAPITRE 1er. - Modification de l'arrêté royal du 29 octobre 1971 fixant le règlement organique du Service public fédéral Finances, ainsi que les dispositions particulières y assurant l'exécution du Statut des agents de l'Etat
Artikel 1. Artikel 9quinquies decies, van het koninklijk besluit van 29 oktober 1971 tot vaststelling van het organiek reglement van de Federale Overheidsdienst Financiën en van de bijzondere bepalingen die er voorzien in de uitvoering van het statuut van het rijkspersoneel, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2005, wordt opgeheven.
Article 1er. L'article 9quinquies decies de l'arrêté royal du 29 octobre 1971 fixant le règlement organique du Service public fédéral Finances, ainsi que les dispositions particulières y assurant l'exécution du Statut des agents de l'Etat, inséré par l'arrêté royal du 3 mars 2005, est abrogé.
Art. 2. Artikel 49 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 3 maart 2005, wordt opgeheven.
Art. 2. L'article 49 du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 3 mars 2005, est abrogé.
Art. 3. In bijlage V van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 3 maart 2005 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 27 april 2007, worden opgeheven :
1° punt 6;
2° punt 7;
3° punt 8.
1° punt 6;
2° punt 7;
3° punt 8.
Art. 3. Sont abrogés, dans l'annexe V du même arrêté, remplacée par l'arrêté royal du 3 mars 2005 et modifiée par l'arrêté royal du 27 avril 2007 :
1° le point 6;
2° le point 7;
3° le point 8.
1° le point 6;
2° le point 7;
3° le point 8.
HOOFDSTUK II. - Wijziging van het koninklijk besluit van 29 oktober 1971 tot vaststelling van het organiek reglement van de Pensioendienst voor de Overheidssector en van de bijzondere bepalingen die er voorzien in de uitvoering van het statuut van het rijkspersoneel
CHAPITRE II. - Modification de l'arrêté royal du 29 octobre 1971 fixant le règlement organique du Service des Pensions du Secteur public, ainsi que les dispositions particulières y assurant l'exécution du Statut des agents de l'Etat
Art. 4. Artikel 9quinquies decies van het koninklijk besluit van 29 oktober 1971 tot vaststelling van het organiek reglement van de Pensioendienst voor de overheidssector en van de bijzondere bepalingen die er voorzien in de uitvoering van het statuut van het rijkspersoneel, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2005, wordt opgeheven.
Art. 4. L'article 9quinquies decies de l'arrêté royal du 29 octobre 1971 fixant le règlement organique du Service des Pensions du Secteur public, ainsi que les dispositions particulières y assurant l'exécution du Statut des agents de l'Etat, inséré par l'arrêté royal du 3 mars 2005, est abrogé.
Art. 5. Artikel 49 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 3 maart 2005, wordt opgeheven.
Art. 5. L'article 49 du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 3 mars 2005, est abrogé.
Art. 6. In bijlage V van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 3 maart 2005 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 27 april 2007, worden opgeheven :
1° punt 3;
2° punt 4.
1° punt 3;
2° punt 4.
Art. 6. Sont abrogés, dans l'annexe V du même arrêté, remplacée par l'arrêté royal du 3 mars 2005 et modifiée par l'arrêté royal du 27 avril 2007 :
1° le point 3;
2° le point 4.
1° le point 3;
2° le point 4.
HOOFDSTUK III. - Wijziging van het koninklijk besluit van 3 maart 2005 houdende hervorming van de bijzondere loopbaan van sommige ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Financiën en de Administratie der pensioenen van het Ministerie van Financiën en houdende diverse bepalingen tot uitvoering van het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de rijksbesturen
CHAPITRE III. - Modification de l'arrêté royal du 3 mars 2005 portant réforme de la carrière particulière de certains agents du Service public fédéral Finances et de l'Administration des pensions du Ministère des Finances et portant diverses dispositions visant à l'exécution de l'arrêté royal du 5 septembre 2002 portant réforme de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat
Art. 7. Het opschrift van het koninklijk besluit van 3 maart 2005 houdende hervorming van de bijzondere loopbaan van sommige ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Financiën en de Administratie der pensioenen van het Ministerie van Financiën en houdende diverse bepalingen tot uitvoering van het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de rijksbesturen wordt vervangen als volgt :
" Koninklijk besluit van 3 maart 2005 houdende hervorming van de bijzondere loopbaan van sommige ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Financiën en van de Pensioendienst voor de Overheidssector en houdende diverse bepalingen tot uitvoering van het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de rijksbesturen. "
" Koninklijk besluit van 3 maart 2005 houdende hervorming van de bijzondere loopbaan van sommige ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Financiën en van de Pensioendienst voor de Overheidssector en houdende diverse bepalingen tot uitvoering van het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de rijksbesturen. "
Art. 7. L'intitulé de l'arrêté royal du 3 mars 2005 portant réforme de la carrière particulière de certains agents du Service public fédéral Finances et de l'Administration des pensions du Ministère des Finances et portant diverses dispositions visant à l'exécution de l'arrêté royal du 5 septembre 2002 portant réforme de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat est remplacé par l'intitulé suivant :
" Arrêté royal du 3 mars 2005 portant réforme de la carrière particulière de certains agents du Service public fédéral Finances et du Service des Pensions du Secteur public et portant diverses dispositions visant à l'exécution de l'arrêté royal du 5 septembre 2002 portant réforme de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat. "
" Arrêté royal du 3 mars 2005 portant réforme de la carrière particulière de certains agents du Service public fédéral Finances et du Service des Pensions du Secteur public et portant diverses dispositions visant à l'exécution de l'arrêté royal du 5 septembre 2002 portant réforme de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat. "
Art. 8. In hetzelfde besluit wordt een artikel 6bis ingevoegd, luidende :
" Art. 6bis. De in artikel 6 bedoelde ambtenaren worden op 1 augustus 2006 ambtshalve benoemd in de graad van financieel medewerker op voorwaarde dat ze, uiterlijk op 30 juni 2010, een met dit doel georganiseerde opleiding hebben gevolgd :
- bij de Nationale School voor Fiscaliteit en Financiën, wat betreft de ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Financiën;
- bij het Vormingscentrum van de Pensioendienst voor de Overheidssector, wat betreft de ambtenaren van de Pensioendienst voor de overheidssector.
De berekening van de graadanciënniteit vangt aan vanaf de datum van benoeming in de nieuwe graad.
De in het eerste lid bedoelde ambtenaren worden ingeschaald in de weddeschaal DF1 verbonden aan de graad van financieel medewerker. De bepalingen van artikel 5, § 1, tweede tot en met het zesde lid en § 2, zijn op hen van toepassing. ".
" Art. 6bis. De in artikel 6 bedoelde ambtenaren worden op 1 augustus 2006 ambtshalve benoemd in de graad van financieel medewerker op voorwaarde dat ze, uiterlijk op 30 juni 2010, een met dit doel georganiseerde opleiding hebben gevolgd :
- bij de Nationale School voor Fiscaliteit en Financiën, wat betreft de ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Financiën;
- bij het Vormingscentrum van de Pensioendienst voor de Overheidssector, wat betreft de ambtenaren van de Pensioendienst voor de overheidssector.
De berekening van de graadanciënniteit vangt aan vanaf de datum van benoeming in de nieuwe graad.
De in het eerste lid bedoelde ambtenaren worden ingeschaald in de weddeschaal DF1 verbonden aan de graad van financieel medewerker. De bepalingen van artikel 5, § 1, tweede tot en met het zesde lid en § 2, zijn op hen van toepassing. ".
Art. 8. Dans le même arrêté, il est inséré un article 6bis, rédigé comme suit :
" Art. 6bis. Les agents visés à l'article 6 sont nommés d'office le 1er août 2006 dans le grade de collaborateur financier à condition d'avoir suivi au plus tard pour le 30 juin 2010, une formation organisée à cette fin :
- à l'Ecole nationale de Fiscalité et des Finances, pour ce qui concerne les agents du Service public fédéral Finances;
- au Centre de Formation du Service des Pensions du Secteur public, pour ce qui concerne les agents du Service des Pensions du Secteur public.
Le calcul de l'ancienneté de grade débute à la date de la nomination dans le nouveau grade.
Les agents visés à l'alinéa 1er sont intégrés dans l'échelle de traitement DF1 attachée au grade de collaborateur financier. Les dispositions de l'article 5, § 1er, alinéas 2 à 6 et § 2, leur sont d'application. ".
" Art. 6bis. Les agents visés à l'article 6 sont nommés d'office le 1er août 2006 dans le grade de collaborateur financier à condition d'avoir suivi au plus tard pour le 30 juin 2010, une formation organisée à cette fin :
- à l'Ecole nationale de Fiscalité et des Finances, pour ce qui concerne les agents du Service public fédéral Finances;
- au Centre de Formation du Service des Pensions du Secteur public, pour ce qui concerne les agents du Service des Pensions du Secteur public.
Le calcul de l'ancienneté de grade débute à la date de la nomination dans le nouveau grade.
Les agents visés à l'alinéa 1er sont intégrés dans l'échelle de traitement DF1 attachée au grade de collaborateur financier. Les dispositions de l'article 5, § 1er, alinéas 2 à 6 et § 2, leur sont d'application. ".
HOOFDSTUK IV. - Wijziging van het koninklijk besluit van 3 maart 2005 houdende de bijzondere bepalingen met betrekking tot de bezoldigingsregeling van het personeel van de Federale Overheidsdienst Financiën en van de Pensioendienst voor de overheidssector
CHAPITRE IV. - Modification de l'arrêté royal du 3 mars 2005 portant dispositions particulières concernant le statut pécuniaire du personnel du Service public fédéral Finances et du Service des Pensions du Secteur public
Art. 9. In artikel 4 van het koninklijk besluit van 3 maart 2005 houdende de bijzondere bepalingen met betrekking tot de bezoldigingsregeling van het personeel van de Federale Overheidsdienst Financiën en van de Pensioendienst voor de overheidssector, worden de bepalingen onder 1° en 2° vervangen als volgt :
" 1° weddeschaal DF1
14.322,70 - 19.505,18
3/1 x 218,66
4/2 x 259,00
10/2 x 349,05
(Kl. 18j. - N.D. - G.A.)
2° weddeschaal DF2
15.322,70 - 20.505,18
3/1 x 218,66
4/2 x 259,00
10/2 x 349,05
(Kl. 18j. - N.D. - G.A.) ".
" 1° weddeschaal DF1
14.322,70 - 19.505,18
3/1 x 218,66
4/2 x 259,00
10/2 x 349,05
(Kl. 18j. - N.D. - G.A.)
2° weddeschaal DF2
15.322,70 - 20.505,18
3/1 x 218,66
4/2 x 259,00
10/2 x 349,05
(Kl. 18j. - N.D. - G.A.) ".
Art. 9. Dans l'article 4 de l'arrêté royal du 3 mars 2005 portant dispositions particulières concernant le statut pécuniaire du personnel du Service public fédéral Finances et du Service des Pensions du Secteur public, les dispositions reprises sous les 1° et 2° sont remplacées par les dispositions suivantes :
" 1° Echelle de traitement DF1
14.322,70 - 19.505,18
3/1 x 218,66
4/2 x 259,00
10/2 x 349,05
(Cl. 18a. - N.D. - G.A.)
2° Echelle de traitement DF2
15.322,70 - 20.505,18
3/1 x 218,66
4/2 x 259,00
10/2 x 349,05
(Cl. 18a. - N.D. - G.A.) ".
" 1° Echelle de traitement DF1
14.322,70 - 19.505,18
3/1 x 218,66
4/2 x 259,00
10/2 x 349,05
(Cl. 18a. - N.D. - G.A.)
2° Echelle de traitement DF2
15.322,70 - 20.505,18
3/1 x 218,66
4/2 x 259,00
10/2 x 349,05
(Cl. 18a. - N.D. - G.A.) ".
Art. 10. In artikel 5 van hetzelfde besluit worden de bepalingen van punt D vervangen als volgt :
" D. Graden behorend tot niveau D
" D. Graden behorend tot niveau D
Art. 10. Dans l'article 5 du même arrêté, les dispositions reprises sous le point D sont remplacées par les dispositions suivantes :
" D. Grades relevant du niveau D
" D. Grades relevant du niveau D
(Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 18-09-2009, p. 62818)
(Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 18-09-2009, p. 62818)
Art. 11. Het opschrift van hoofdstuk III van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
" HOOFDSTUK III. - Competentiemetingen, gecertificeerde opleidingen en premie voor competentieontwikkeling verbonden aan sommige bijzondere graden ".
" HOOFDSTUK III. - Competentiemetingen, gecertificeerde opleidingen en premie voor competentieontwikkeling verbonden aan sommige bijzondere graden ".
Art. 11. L'intitulé du chapitre III du même arrêté est remplacé par l'intitulé suivant :
" CHAPITRE III. - Mesures de compétences, formations certifiées et prime de développement de compétences liées à certains grades particuliers ".
" CHAPITRE III. - Mesures de compétences, formations certifiées et prime de développement de compétences liées à certains grades particuliers ".
Art. 12. In hoofdstuk III van hetzelfde besluit wordt een afdeling VIIbis ingevoegd die de artikelen 22bis en 22ter bevat, luidende :
" Afdeling VIIbis - Financieel medewerker
Art. 22bis. De ambtenaar bekleed met de graad van financieel medewerker, die bezoldigd wordt in de weddeschaal DF1 en geslaagd is voor een gecertificeerde opleiding ontvangt een jaarlijkse premie voor competentieontwikkeling van 1.000 EUR.
De geldigheidsduur van de gecertificeerde opleiding verbonden aan de graad van financieel medewerker bedraagt acht jaar. "
Art. 22ter. § 1. De administratief medewerker bezoldigd :
- in de weddeschaal DA1;
- in de weddeschaal DA2 of DA3, zonder geslaagd te zijn voor een gecertificeerde opleiding die toegang verleent tot de weddeschaal DA4,
die wordt benoemd in de graad van financieel medewerker, verkrijgt de weddeschaal DF1 en mag zich onmiddellijk inschrijven voor een gecertificeerde opleiding die verbonden is aan deze graad.
In afwijking van artikel 36 van het koninklijk besluit van 7 augustus 1939 betreffende de evaluatie en de loopbaan van het rijkspersoneel, verliest de in het vorige lid bedoelde ambtenaar, in voorkomend geval, het voordeel van zijn premie voor competentieontwikkeling verbonden aan de graad van administratief medewerker.
§ 2. De administratief medewerker bezoldigd in de weddeschaal DA2 of DA3 en geslaagd in de gecertificeerde opleiding die toegang verleent tot de weddeschaal DA4, verkrijgt de weddeschaal DF1 bij zijn benoeming in de graad van financieel medewerker.
De in het vorige lid bedoelde ambtenaar behoudt of verkrijgt het recht op de premie voor competentieontwikkeling, bij zijn benoeming in de graad van financieel medewerker. Bij het verstrijken van de geldigheidsduur van de gecertificeerde opleiding wordt hij bevorderd in de weddeschaal DF2 mits de statutaire vereisten vervuld zijn.
§ 3. De administratief medewerker bezoldigd in de weddeschaal DA4, die wordt benoemd in de graad van financieel medewerker verkrijgt de weddeschaal DF2. "
" Afdeling VIIbis - Financieel medewerker
Art. 22bis. De ambtenaar bekleed met de graad van financieel medewerker, die bezoldigd wordt in de weddeschaal DF1 en geslaagd is voor een gecertificeerde opleiding ontvangt een jaarlijkse premie voor competentieontwikkeling van 1.000 EUR.
De geldigheidsduur van de gecertificeerde opleiding verbonden aan de graad van financieel medewerker bedraagt acht jaar. "
Art. 22ter. § 1. De administratief medewerker bezoldigd :
- in de weddeschaal DA1;
- in de weddeschaal DA2 of DA3, zonder geslaagd te zijn voor een gecertificeerde opleiding die toegang verleent tot de weddeschaal DA4,
die wordt benoemd in de graad van financieel medewerker, verkrijgt de weddeschaal DF1 en mag zich onmiddellijk inschrijven voor een gecertificeerde opleiding die verbonden is aan deze graad.
In afwijking van artikel 36 van het koninklijk besluit van 7 augustus 1939 betreffende de evaluatie en de loopbaan van het rijkspersoneel, verliest de in het vorige lid bedoelde ambtenaar, in voorkomend geval, het voordeel van zijn premie voor competentieontwikkeling verbonden aan de graad van administratief medewerker.
§ 2. De administratief medewerker bezoldigd in de weddeschaal DA2 of DA3 en geslaagd in de gecertificeerde opleiding die toegang verleent tot de weddeschaal DA4, verkrijgt de weddeschaal DF1 bij zijn benoeming in de graad van financieel medewerker.
De in het vorige lid bedoelde ambtenaar behoudt of verkrijgt het recht op de premie voor competentieontwikkeling, bij zijn benoeming in de graad van financieel medewerker. Bij het verstrijken van de geldigheidsduur van de gecertificeerde opleiding wordt hij bevorderd in de weddeschaal DF2 mits de statutaire vereisten vervuld zijn.
§ 3. De administratief medewerker bezoldigd in de weddeschaal DA4, die wordt benoemd in de graad van financieel medewerker verkrijgt de weddeschaal DF2. "
Art. 12. Dans le chapitre III du même arrêté, il est inséré une section VIIbis, comportant les articles 22bis et 22ter, rédigée comme suit :
" Section VIIbis - Collaborateur financier
" Section VIIbis - Collaborateur financier
Art. 13. Artikel 28, tweede lid, van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
" De toelage blijft ten persoonlijke titel toegekend aan de ambtenaar voor de duur dat hij de functie van chef bij de dienst der inkohieringen uitoefent en sluit de toekenning uit van de jaarlijkse directiepremie, zoals bepaald in artikel 32 van het koninklijk besluit van 10 april 1995 tot vaststelling van de weddeschalen der aan verscheidene federale overheidsdiensten gemene graden. "
" De toelage blijft ten persoonlijke titel toegekend aan de ambtenaar voor de duur dat hij de functie van chef bij de dienst der inkohieringen uitoefent en sluit de toekenning uit van de jaarlijkse directiepremie, zoals bepaald in artikel 32 van het koninklijk besluit van 10 april 1995 tot vaststelling van de weddeschalen der aan verscheidene federale overheidsdiensten gemene graden. "
Art. 22bis. L'agent revêtu du grade de collaborateur financier, qui est rémunéré dans l'échelle de traitement DF1 et est lauréat d'une formation certifiée, reçoit une prime de développement de compétences annuelle de 1.000 EUR.
La durée de validité de la formation certifiée liée au grade de collaborateur financier est de huit ans. "
La durée de validité de la formation certifiée liée au grade de collaborateur financier est de huit ans. "
Art. 14. In hetzelfde besluit wordt een hoofdstuk Vbis ingevoegd dat artikel 28bis bevat, luidende :
" Hoofdstuk Vbis. - Bijzondere bepalingen met betrekking tot de directiepremie
" Hoofdstuk Vbis. - Bijzondere bepalingen met betrekking tot de directiepremie
Art. 22ter. § 1er. Le collaborateur administratif rémunéré :
- dans l'échelle de traitement DA1;
- dans l'échelle de traitement DA2 ou DA3, sans être lauréat d'une formation certifiée donnant accès à l'échelle de traitement DA4,
qui est nommé dans le grade de collaborateur financier, obtient l'échelle de traitement DF1 et peut immédiatement s'inscrire à une formation certifiée correspondant à ce grade.
Par dérogation à l'article 36 de l'arrêté royal du 7 août 1939 organisant l'évaluation et la carrière des agents de l'Etat, l'agent visé à l'alinéa précédent perd le cas échéant le bénéfice de sa prime de développement de compétences liée au grade de collaborateur administratif.
§ 2. Le collaborateur administratif rémunéré dans l'échelle de traitement DA2 ou DA3, lauréat d'une formation certifiée donnant accès à l'échelle de traitement DA4, qui est nommé dans le grade de collaborateur financier obtient l'échelle de traitement DF1.
L'agent visé à l'alinéa précédent conserve ou obtient le droit à la prime de développement de compétences, lors de sa nomination dans le grade de collaborateur financier. A l'expiration de la durée de validité de la formation certifiée, il est promu dans l'échelle de traitement DF2 pour autant que les conditions statutaires requises soient remplies.
§ 3. Le collaborateur administratif rémunéré dans l'échelle de traitement DA4, qui est nommé dans le grade de collaborateur financier obtient l'échelle de traitement DF2. "
- dans l'échelle de traitement DA1;
- dans l'échelle de traitement DA2 ou DA3, sans être lauréat d'une formation certifiée donnant accès à l'échelle de traitement DA4,
qui est nommé dans le grade de collaborateur financier, obtient l'échelle de traitement DF1 et peut immédiatement s'inscrire à une formation certifiée correspondant à ce grade.
Par dérogation à l'article 36 de l'arrêté royal du 7 août 1939 organisant l'évaluation et la carrière des agents de l'Etat, l'agent visé à l'alinéa précédent perd le cas échéant le bénéfice de sa prime de développement de compétences liée au grade de collaborateur administratif.
§ 2. Le collaborateur administratif rémunéré dans l'échelle de traitement DA2 ou DA3, lauréat d'une formation certifiée donnant accès à l'échelle de traitement DA4, qui est nommé dans le grade de collaborateur financier obtient l'échelle de traitement DF1.
L'agent visé à l'alinéa précédent conserve ou obtient le droit à la prime de développement de compétences, lors de sa nomination dans le grade de collaborateur financier. A l'expiration de la durée de validité de la formation certifiée, il est promu dans l'échelle de traitement DF2 pour autant que les conditions statutaires requises soient remplies.
§ 3. Le collaborateur administratif rémunéré dans l'échelle de traitement DA4, qui est nommé dans le grade de collaborateur financier obtient l'échelle de traitement DF2. "
Art. 28bis. Onder de voorwaarden vermeld in de artikelen 32 en 33bis van het koninklijk besluit van 10 april 1995 tot vaststelling van de weddenschalen der aan verscheidene federale overheidsdiensten wordt aan de financieel medewerkers en de titularissen van de afgeschafte graad van assistent bij financiën en sectiechef bij financiën een jaarlijkse directiepremie van 500 EUR toegekend. "
Art. 13. L'article 28, alinéa 2, du même arrêté est remplacé par la disposition suivante :
" L'allocation reste allouée à l'agent, à titre personnel, pour la période pendant laquelle il exerce la fonction de chef du service enrôlement et exclut l'octroi de la prime de direction, telle que prévue par l'article 32 de l'arrêté royal du 10 avril 1995 fixant les échelles de traitement des grades communs à plusieurs services publics fédéraux. "
" L'allocation reste allouée à l'agent, à titre personnel, pour la période pendant laquelle il exerce la fonction de chef du service enrôlement et exclut l'octroi de la prime de direction, telle que prévue par l'article 32 de l'arrêté royal du 10 avril 1995 fixant les échelles de traitement des grades communs à plusieurs services publics fédéraux. "
Art. 15. In artikel 32, § 1, derde kolom, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 27 april 2007, wordt de bepaling onder 1° vervangen als volgt :
" 1° bij wege van overgangsmaatregel de administratief medewerker die op 16 augustus 2005 geslaagd was voor of vrijgesteld was van de competentietest bepaald in artikel 218 van het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de Rijksbesturen, opgeheven bij het koninklijk besluit van 10 augustus 2005. ".
" 1° bij wege van overgangsmaatregel de administratief medewerker die op 16 augustus 2005 geslaagd was voor of vrijgesteld was van de competentietest bepaald in artikel 218 van het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de Rijksbesturen, opgeheven bij het koninklijk besluit van 10 augustus 2005. ".
Art. 14. Dans le même arrêté, il est inséré un chapitre Vbis, comportant l'article 28bis, rédigé comme suit :
" Chapitre Vbis. - Dispositions particulières relatives à la prime de direction
" Chapitre Vbis. - Dispositions particulières relatives à la prime de direction
HOOFDSTUK V. - Overgangs- en slotbepalingen
Art. 28bis. Aux conditions mentionnées aux articles 32 et 33bis de l'arrêté royal du 10 avril 1995 fixant les échelles de traitement des grades communs à plusieurs services publics fédéraux, une prime annuelle de direction de 500 EUR est accordée aux collaborateurs financiers et aux titulaires du grade supprimé d'assistant des finances et chef de section des finances. "
Art. 16. §. 1. De ambtenaren die houder zijn van de graad van financieel medewerker op de datum van de bekendmaking van dit besluit in het Belgisch Staatsblad en die zich inschrijven voor de eerste gecertificeerde opleiding waarvoor zij zich kunnen inschrijven in hun functiefamilie worden geacht ingeschreven te zijn op 31 augustus 2006, mits zij op die datum de statutaire vereisten vervullen. Indien zij de vereisten vervullen na 31 augustus 2006 en voor de datum van bekendmaking van dit besluit, worden zij geacht ingeschreven te zijn op de datum waarop zij aan de voorwaarden voldoen.
Het eerste lid is eveneens van toepassing op de ambtenaren bedoeld in artikel 6bis van het koninklijk besluit van 3 maart 2005 houdende hervorming van de bijzondere loopbaan van sommige ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Financiën en van de Pensioendienst voor de Overheidssector en houdende diverse bepalingen tot uitvoering van het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de rijksbesturen, zoals ingevoegd bij dit besluit.
Het eerste lid is eveneens van toepassing op de ambtenaren bedoeld in artikel 6bis van het koninklijk besluit van 3 maart 2005 houdende hervorming van de bijzondere loopbaan van sommige ambtenaren van de Federale Overheidsdienst Financiën en van de Pensioendienst voor de Overheidssector en houdende diverse bepalingen tot uitvoering van het koninklijk besluit van 5 september 2002 houdende hervorming van de loopbaan van sommige ambtenaren in de rijksbesturen, zoals ingevoegd bij dit besluit.
Art. 15. Dans l'article 32, § 1er, colonne 1, du même arrêté, modifié par l'arrêté royal du 27 avril 2007, le 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° par mesure transitoire, le collaborateur administratif qui, au 16 août 2005, était lauréat ou dispensé du test de compétences visé à l'article 218 de l'arrêté royal du 5 septembre 2002 portant réforme de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat, abrogé par l'arrêté royal du 10 août 2005. ".
" 1° par mesure transitoire, le collaborateur administratif qui, au 16 août 2005, était lauréat ou dispensé du test de compétences visé à l'article 218 de l'arrêté royal du 5 septembre 2002 portant réforme de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat, abrogé par l'arrêté royal du 10 août 2005. ".
Art. 17. Voor de personeelsleden van het niveau D die slagen voor een gecertificeerde opleiding en de premie voor competentieontwikkeling met terugwerkende kracht uitbetaald krijgen voor vorige jaren, wordt de voor die jaren uitbetaalde integratiepremie telkens in mindering gebracht van de premie voor competentieontwikkeling.
CHAPITRE V. - Dispositions transitoires et finales
Art. 18. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 september 2007, met uitzondering van :
- de artikelen 1 en 4 die uitwerking hebben met ingang van 1 december 2008;
- artikel 2 dat uitwerking heeft met ingang van :
a) 1 september 2006 voor de titularissen van de graad van technisch medewerker;
b) 1 september 2007 voor de titularissen van de graad van administratief medewerker;
c) de datum van publicatie van dit besluit in het Belgisch Staatsblad voor de titularissen van de graad van financieel medewerker;
- de artikelen 3, 3°, 12 en 17 die uitwerking hebben met ingang van 1 september 2006;
- artikel 5 dat uitwerking heeft met ingang van :
a) 1 september 2007 voor de titularissen van de graad van administratief medewerker;
b) de datum van de bekendmaking van dit besluit in het Belgisch Staatsblad voor de titularissen van de graad van financieel medewerker;
- artikel 7 dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 2006;
- artikel 8 dat uitwerking heeft met ingang van 1 augustus 2006;
- artikel 13 dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 2007;
- de artikelen 14 en 15 die uitwerking hebben met ingang van 17 augustus 2005;
- de artikelen 3, 1°, 6, 1°, 10 en 16 die in werking treden de dag waarop dit besluit in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
- de artikelen 1 en 4 die uitwerking hebben met ingang van 1 december 2008;
- artikel 2 dat uitwerking heeft met ingang van :
a) 1 september 2006 voor de titularissen van de graad van technisch medewerker;
b) 1 september 2007 voor de titularissen van de graad van administratief medewerker;
c) de datum van publicatie van dit besluit in het Belgisch Staatsblad voor de titularissen van de graad van financieel medewerker;
- de artikelen 3, 3°, 12 en 17 die uitwerking hebben met ingang van 1 september 2006;
- artikel 5 dat uitwerking heeft met ingang van :
a) 1 september 2007 voor de titularissen van de graad van administratief medewerker;
b) de datum van de bekendmaking van dit besluit in het Belgisch Staatsblad voor de titularissen van de graad van financieel medewerker;
- artikel 7 dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 2006;
- artikel 8 dat uitwerking heeft met ingang van 1 augustus 2006;
- artikel 13 dat uitwerking heeft met ingang van 1 januari 2007;
- de artikelen 14 en 15 die uitwerking hebben met ingang van 17 augustus 2005;
- de artikelen 3, 1°, 6, 1°, 10 en 16 die in werking treden de dag waarop dit besluit in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art. 16. Les agents qui sont titulaires du grade de collaborateur financier à la date de publication du présent arrêté au Moniteur belge et qui s'inscrivent à la première formation certifiée à laquelle ils peuvent s'inscrire dans leur famille de fonctions, sont censés être inscrits au 31 août 2006, pour autant qu'ils remplissent à cette date les conditions statutaires requises. S'ils remplissent les conditions après le 31 août 2006 et avant la date de publication du présent arrêté, ils sont censés être inscrits à la date à laquelle ils satisfont aux conditions.
L'alinéa 1er est également d'application aux agents visés à l'article 6bis de l'arrêté royal du 3 mars 2005 portant réforme de la carrière particulière de certains agents du Service public fédéral Finances et du Service des Pensions du Secteur public et portant diverses dispositions visant à l'exécution de l'arrêté royal du 5 septembre 2002 portant réforme de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat, comme inséré par le présent arrêté.
L'alinéa 1er est également d'application aux agents visés à l'article 6bis de l'arrêté royal du 3 mars 2005 portant réforme de la carrière particulière de certains agents du Service public fédéral Finances et du Service des Pensions du Secteur public et portant diverses dispositions visant à l'exécution de l'arrêté royal du 5 septembre 2002 portant réforme de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat, comme inséré par le présent arrêté.
Art. 19. Onze Eerste Minister, Onze Minister van Financiën en Onze Minister van Pensioenen zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 10 september 2009
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Financiën,
D. REYNDERS
De Minister van Begroting,
G. VANHENGEL
De Minister van Pensioenen,
M. DAERDEN
De Staatssecretaris voor Begroting,
M. WATHELET
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 10 september 2009
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Financiën,
D. REYNDERS
De Minister van Begroting,
G. VANHENGEL
De Minister van Pensioenen,
M. DAERDEN
De Staatssecretaris voor Begroting,
M. WATHELET
Art. 17. Pour les agents du niveau D qui sont lauréats d'une formation certifiée et qui perçoivent la prime de développement de compétences avec effet rétroactif pour des années antérieures, la prime d'intégration payée pour ces mêmes années est à chaque fois déduite de la prime de développement des compétences.
-
Art. 18. Le présent arrêté produit ses effets le 1er septembre 2007, à l'exception :
- des articles 1er et 4 qui produisent leurs effets le 1er décembre 2008;
- de l'article 2 qui produit ses effets :
a) le 1er septembre 2006 pour les titulaires du grade de collaborateur technique;
b) le 1er septembre 2007 pour les titulaires du grade de collaborateur administratif;
c) à la date de publication du présent arrêté au Moniteur belge pour les titulaires du grade de collaborateur financier;
- des articles 3, 3°, 12 et 17 qui produisent leurs effets le 1er septembre 2006;
- de l'article 5 qui produit ses effets :
a) le 1er septembre 2007 pour les titulaires du grade de collaborateur administratif;
b) à la date de publication du présent arrêté au Moniteur belge pour les titulaires du grade de collaborateur financier;
- de l'article 7 qui produit ses effets le 1er janvier 2006;
- de l'article 8 qui produit ses effets le 1er août 2006;
- de l'article 13 qui produit ses effets le 1er janvier 2007;
- des articles 14 et 15 qui produisent leurs effets le 17 août 2005;
- des articles 3, 1°, 6, 1°, 10 et 16 qui entrent en vigueur le jour de la publication au Moniteur belge du présent arrêté.
- des articles 1er et 4 qui produisent leurs effets le 1er décembre 2008;
- de l'article 2 qui produit ses effets :
a) le 1er septembre 2006 pour les titulaires du grade de collaborateur technique;
b) le 1er septembre 2007 pour les titulaires du grade de collaborateur administratif;
c) à la date de publication du présent arrêté au Moniteur belge pour les titulaires du grade de collaborateur financier;
- des articles 3, 3°, 12 et 17 qui produisent leurs effets le 1er septembre 2006;
- de l'article 5 qui produit ses effets :
a) le 1er septembre 2007 pour les titulaires du grade de collaborateur administratif;
b) à la date de publication du présent arrêté au Moniteur belge pour les titulaires du grade de collaborateur financier;
- de l'article 7 qui produit ses effets le 1er janvier 2006;
- de l'article 8 qui produit ses effets le 1er août 2006;
- de l'article 13 qui produit ses effets le 1er janvier 2007;
- des articles 14 et 15 qui produisent leurs effets le 17 août 2005;
- des articles 3, 1°, 6, 1°, 10 et 16 qui entrent en vigueur le jour de la publication au Moniteur belge du présent arrêté.
-
Art. 19. Notre Premier Ministre, Notre Ministre des Finances et Notre Ministre des Pensions sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.
Donné à Châteauneuf-de-Grasse, le 10 septembre 2009.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre des Finances,
D. REYNDERS
Le Ministre du Budget,
G. VANHENGEL
Le Ministre des Pensions,
M. DAERDEN
Le Secrétaire d'Etat au Budget,
M. WATHELET
Donné à Châteauneuf-de-Grasse, le 10 septembre 2009.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre des Finances,
D. REYNDERS
Le Ministre du Budget,
G. VANHENGEL
Le Ministre des Pensions,
M. DAERDEN
Le Secrétaire d'Etat au Budget,
M. WATHELET