Artikel 1. § 1. De spoorwegactiva van het Fonds voor spoorweginfrastructuur (hierna het " Fonds " genoemd) worden van rechtswege overgedragen aan de naamloze vennootschap van publiek recht Infrabel (hierna " Infrabel " genoemd). Deze overdracht is tegenstelbaar aan derden zonder enige andere formaliteit vanaf de inwerkingtreding van dit artikel.
§ 2. In de zin van de eerste paragraaf, dient onder " spoorwegactiva " te worden verstaan de activa verbonden aan de spoorweginfrastructuur die aan het Fonds werden overgedragen krachtens artikel 14, § 1, 1°, van het koninklijk besluit van 14 juni 2004 tot hervorming van de beheersstructuren van de spoorweginfrastructuur, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 18 oktober 2004, zoals opgesomd in bijlage 1.1 van het koninklijk besluit van 28 januari 2005 tot aanvulling van de lijst van de activa bedoeld in artikel 454, § 2, tweede lid van de programmawet van 22 december 2003 die door de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen aan het Fonds voor spoorweginfrastructuur overgedragen worden, met dien verstande dat deze activa niet omvatten :
1° de activa die zijn vervreemd of hebben opgehouden te bestaan sedert de overdracht ervan aan het Fonds;
2° de buiten gebruik gestelde spoorwegactiva bedoeld in artikel 2;
3° de terreinen bedoeld in bijlage 1 van het koninklijk besluit van 30 december 2004 tot vaststelling van de lijsten van de passiva en van de activa bedoeld in artikel 454, § 2, tweede lid van de programmawet van 22 december 2003, die door de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen aan het Fonds voor spoorweginfrastructuur overgedragen (werden). <KB 2008-12-19/38, art. 1, 003; Inwerkingtreding : 02-10-2008>
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
28 SEPTEMBER 2008. - Koninklijk besluit betreffende de herstructurering van het Fonds voor spoorweginfrastructuur. (NOTA : Bekrachtigd met uitwerking op de datum van zijn inwerkingtreding bij W2009-08-21/05, art. 2, 1°) (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 24-12-2008 en tekstbijwerking tot 24-12-2008)
Titre
28 SEPTEMBRE 2008. - Arrêté royal relatif à la restructuration du Fonds de l'infrastructure ferroviaire. (NOTE : Confirmé avec effet à la date de son entrée en vigueur par L2009-08-21/05, art. 2, 1°) (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 24-12-2008 et mise à jour au 24-12-2008)
Informations sur le document
Info du document
Table des matières
Tekst (29)
Texte (29)
HOOFDSTUK 1. - Overdrachten van activa en passiva van het Fonds.
CHAPITRE 1er. - Transferts d'actifs et de passifs du Fonds.
Article 1. § 1er. Les actifs ferroviaires du Fonds de l'infrastructure ferroviaire (ci-après dénommé le " Fonds ") sont transférés de plein droit à la société anonyme de droit public Infrabel (ci-après dénommée " Infrabel "). Ce transfert est opposable aux tiers sans autre formalité dès l'entrée en vigueur du présent article.
§ 2. Au sens du premier paragraphe, il y a lieu d'entendre par " actifs ferroviaires " les actifs rattachés à l'infrastructure ferroviaire qui ont été transférés au Fonds en vertu de l'article 14, § 1er, 1°, de l'arrêté royal du 14 juin 2004 portant réforme des structures de gestion de l'infrastructure ferroviaire, modifié par l'arrêté royal du 18 octobre 2004, tels qu'énumérés à l'annexe 1.1 de l'arrêté royal du 28 janvier 2005 complétant la liste des actifs visés à l'article 454, § 2, alinéa 2 de la loi-programme du 22 décembre 2003 transférés par la Société nationale des Chemins de fer belges au Fonds de l'infrastructure ferroviaire, étant entendu que ces actifs ne comprennent pas :
1° les actifs qui ont été aliénés ou ont cessé d'exister depuis leur transfert au Fonds;
2° les actifs ferroviaires désaffectés visés à l'article 2;
3° les terrains visés à l'annexe 1re de l'arrêté royal du 30 décembre 2004 arrêtant les listes des passifs et actifs visés à l'article 454, § 2, alinéa 2, de la loi-programme du 22 décembre 2003, transférés par la Société nationale des Chemins de fer belges au Fonds de l'infrastructure ferroviaire.
§ 2. Au sens du premier paragraphe, il y a lieu d'entendre par " actifs ferroviaires " les actifs rattachés à l'infrastructure ferroviaire qui ont été transférés au Fonds en vertu de l'article 14, § 1er, 1°, de l'arrêté royal du 14 juin 2004 portant réforme des structures de gestion de l'infrastructure ferroviaire, modifié par l'arrêté royal du 18 octobre 2004, tels qu'énumérés à l'annexe 1.1 de l'arrêté royal du 28 janvier 2005 complétant la liste des actifs visés à l'article 454, § 2, alinéa 2 de la loi-programme du 22 décembre 2003 transférés par la Société nationale des Chemins de fer belges au Fonds de l'infrastructure ferroviaire, étant entendu que ces actifs ne comprennent pas :
1° les actifs qui ont été aliénés ou ont cessé d'exister depuis leur transfert au Fonds;
2° les actifs ferroviaires désaffectés visés à l'article 2;
3° les terrains visés à l'annexe 1re de l'arrêté royal du 30 décembre 2004 arrêtant les listes des passifs et actifs visés à l'article 454, § 2, alinéa 2, de la loi-programme du 22 décembre 2003, transférés par la Société nationale des Chemins de fer belges au Fonds de l'infrastructure ferroviaire.
Art. 2. De buiten gebruik gestelde spoorwegactiva die toebehoren aan het Fonds doch gelegen zijn op terreinen toebehorend aan de naamloze vennootschap van publiek recht NMBS Holding (hierna de " NMBS Holding " genoemd), worden van rechtswege aan de NMBS Holding overgedragen. Deze overdracht is tegenstelbaar aan derden zonder enige andere formaliteit vanaf de inwerkingtreding van dit artikel.
Art. 2. Les actifs ferroviaires désaffectés détenus par le Fonds mais situés sur des terrains appartenant à la société anonyme de droit public SNCB Holding (ci-après dénommée la " SNCB Holding ") sont transférés de plein droit à la SNCB Holding. Ce transfert est opposable aux tiers sans autre formalité dès l'entrée en vigueur du présent article.
Art. 3. Het Fonds en Infrabel stellen samen een inventaris op van de activa bedoeld in artikel 1. Het Fonds en de NMBS Holding doen dit ook voor de activa bedoeld in artikel 2.
De onroerende goederen die niet behoren tot het openbaar spoorwegdomein, worden beschreven in een bijzondere afdeling van elk van deze inventarissen. Deze bijzondere afdeling wordt overgeschreven in het daartoe bestemde register op elk kantoor van bewaring der hypotheken in wiens ambtsgebied de betrokken onroerende goederen zijn gelegen. De termijn voor de overschrijving loopt vanaf de datum van inwerkingtreding van artikel 1 of van artikel 2, naargelang het geval.
De onroerende goederen die niet behoren tot het openbaar spoorwegdomein, worden beschreven in een bijzondere afdeling van elk van deze inventarissen. Deze bijzondere afdeling wordt overgeschreven in het daartoe bestemde register op elk kantoor van bewaring der hypotheken in wiens ambtsgebied de betrokken onroerende goederen zijn gelegen. De termijn voor de overschrijving loopt vanaf de datum van inwerkingtreding van artikel 1 of van artikel 2, naargelang het geval.
Art. 3. Le Fonds et Infrabel dressent conjointement un inventaire des actifs visés à l'article 1er. Le Fonds et la SNCB Holding font de même pour les actifs visés à l'article 2.
Les biens immeubles qui n'appartiennent pas au domaine public ferroviaire sont décrits dans une section particulière de chacun de ces inventaires. Cette section particulière est transcrite sur le registre approprié dans chaque bureau de conservation des hypothèques dans le ressort duquel les biens immeubles en question sont situés. Le délai pour la transcription court à partir de la date d'entrée en vigueur de l'article 1er ou de l'article 2, selon le cas.
Les biens immeubles qui n'appartiennent pas au domaine public ferroviaire sont décrits dans une section particulière de chacun de ces inventaires. Cette section particulière est transcrite sur le registre approprié dans chaque bureau de conservation des hypothèques dans le ressort duquel les biens immeubles en question sont situés. Le délai pour la transcription court à partir de la date d'entrée en vigueur de l'article 1er ou de l'article 2, selon le cas.
Art. 4. De overdrachten bedoeld in de artikelen 1, § 1, en 2 gebeuren met behoud van alle persoonlijke of zakelijke rechten van derden op de overgedragen goederen, inclusief, in het geval van de overdracht bedoeld in artikel 1, § 1, de gebruiksrechten van de NMBS Holding bedoeld in artikel 359bis van de wet van 20 juli 2006 houdende diverse bepalingen, ingevoegd bij de wet van 30 april 2007.
Art. 4. Les transferts visés aux articles 1er, § 1er, et 2 se font avec maintien de tous les droits personnels ou réels des tiers portant sur les biens transférés, y compris, dans le cas du transfert visé à l'article 1er, § 1er, les droits d'usage de la SNCB Holding visés à l'article 359bis de la loi du 20 juillet 2006 portant dispositions diverses, inséré par la loi du 30 avril 2007.
Art. 5. § 1. De overdrachten bedoeld in de artikelen 1 en 2 zijn vrijgesteld van elke belasting.
§ 2. Artikel 442bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 is niet van toepassing op de overdrachten bedoeld in de artikelen 1 en 2.
§ 3. Dezelfde overdrachten worden geacht geen leveringen van goederen uit te maken in de zin van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde. Infrabel of de NMBS Holding, naargelang het geval, wordt geacht de persoon van de overdrager voort te zetten voor de toepassing van hetzelfde Wetboek.
§ 2. Artikel 442bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 is niet van toepassing op de overdrachten bedoeld in de artikelen 1 en 2.
§ 3. Dezelfde overdrachten worden geacht geen leveringen van goederen uit te maken in de zin van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde. Infrabel of de NMBS Holding, naargelang het geval, wordt geacht de persoon van de overdrager voort te zetten voor de toepassing van hetzelfde Wetboek.
Art. 5. § 1er. Les transferts visés aux articles 1er et 2 sont exonérés de tout impôt.
§ 2. L'article 442bis du Code des impôts sur les revenus 1992 n'est pas applicable aux transferts visés aux articles 1er et 2.
§ 3. Les mêmes transferts sont réputés ne pas constituer des livraisons de biens au sens du Code de la taxe sur la valeur ajoutée. Infrabel ou la SNCB Holding, selon le cas, est censée continuer la personne du cédant pour l'application du même Code.
§ 2. L'article 442bis du Code des impôts sur les revenus 1992 n'est pas applicable aux transferts visés aux articles 1er et 2.
§ 3. Les mêmes transferts sont réputés ne pas constituer des livraisons de biens au sens du Code de la taxe sur la valeur ajoutée. Infrabel ou la SNCB Holding, selon le cas, est censée continuer la personne du cédant pour l'application du même Code.
Art. 6. § 1. De activa door Infrabel verworven krachtens artikel 1 worden op het actief van haar balans geboekt tegen hun werkelijke waarde (" fair value ").
Deze waarde wordt bepaald door de raad van bestuur van Infrabel met inachtneming van de criteria van voorzichtigheid, oprechtheid en goede trouw, inzonderheid rekening houdend met de bestemming van de activa voor de opdrachten van openbare dienst op het gebied van het beheer van de spoorweginfrastructuur. Bij gebrek aan objectieve en overtuigende aanwijzingen inzake de marktwaarde van de betreffende activa, kan de raad van bestuur van Infrabel een waarde aannemen die overeenstemt met deze waartegen deze activa in de boekhouding van het Fonds waren opgenomen op de datum van de overdracht bedoeld in artikel 1, § 1.
Voorafgaand aan het besluit van de raad van bestuur, maakt de waardering van de activa het voorwerp uit van een verslag van de commissarissen van Infrabel, leden van het Instituut der Bedrijfsrevisoren. Dit verslag beschrijft inzonderheid de betreffende activa en de voorgestelde waarderingsmethoden.
In voorkomend geval zet het besluit van de raad van bestuur de redenen uiteen waarom het afwijkt van de bevindingen van het verslag van de commissarissen. Dit besluit en dit verslag worden neergelegd ter griffie van de rechtbank van koophandel te Brussel.
§ 2. Infrabel is er niet toe gehouden om in haar resultatenrekening voor het boekjaar tijdens hetwelk zij de activa bedoeld in artikel 1 heeft verworven, een uitzonderlijke opbrengst te erkennen overeenstemmend met de waarde vastgesteld voor deze activa. Het bedrag dat met deze waarde overeenstemt, wordt rechtstreeks geboekt onder post " VI. Kapitaalsubsidies " op het passief van haar balans. Het wordt geleidelijk afgeboekt, via overboeking naar post " IV.C Andere financiële opbrengsten " van de resultatenrekening, volgens hetzelfde ritme als de afschrijvingen op de betreffende activa en, in geval van de realisatie of buitengebruikstelling van deze activa, ten belope van het saldo.
Een overeenkomst te sluiten tussen de Staat, vertegenwoordigd door de minister bevoegd voor de overheidsbedrijven, en Infrabel bepaalt de gevallen waarin Infrabel verplicht kan worden tot teruggave van kapitaalsubsidies betreffende activa die haar krachtens artikel 1 werden overgedragen en die niet langer zouden worden aangewend voor haar opdrachten van openbare dienst op het gebied van het beheer van de spoorweginfrastructuur, alsook de nadere regels van een dergelijke teruggave. Deze overeenkomst moet worden goedgekeurd door de Koning.
Deze waarde wordt bepaald door de raad van bestuur van Infrabel met inachtneming van de criteria van voorzichtigheid, oprechtheid en goede trouw, inzonderheid rekening houdend met de bestemming van de activa voor de opdrachten van openbare dienst op het gebied van het beheer van de spoorweginfrastructuur. Bij gebrek aan objectieve en overtuigende aanwijzingen inzake de marktwaarde van de betreffende activa, kan de raad van bestuur van Infrabel een waarde aannemen die overeenstemt met deze waartegen deze activa in de boekhouding van het Fonds waren opgenomen op de datum van de overdracht bedoeld in artikel 1, § 1.
Voorafgaand aan het besluit van de raad van bestuur, maakt de waardering van de activa het voorwerp uit van een verslag van de commissarissen van Infrabel, leden van het Instituut der Bedrijfsrevisoren. Dit verslag beschrijft inzonderheid de betreffende activa en de voorgestelde waarderingsmethoden.
In voorkomend geval zet het besluit van de raad van bestuur de redenen uiteen waarom het afwijkt van de bevindingen van het verslag van de commissarissen. Dit besluit en dit verslag worden neergelegd ter griffie van de rechtbank van koophandel te Brussel.
§ 2. Infrabel is er niet toe gehouden om in haar resultatenrekening voor het boekjaar tijdens hetwelk zij de activa bedoeld in artikel 1 heeft verworven, een uitzonderlijke opbrengst te erkennen overeenstemmend met de waarde vastgesteld voor deze activa. Het bedrag dat met deze waarde overeenstemt, wordt rechtstreeks geboekt onder post " VI. Kapitaalsubsidies " op het passief van haar balans. Het wordt geleidelijk afgeboekt, via overboeking naar post " IV.C Andere financiële opbrengsten " van de resultatenrekening, volgens hetzelfde ritme als de afschrijvingen op de betreffende activa en, in geval van de realisatie of buitengebruikstelling van deze activa, ten belope van het saldo.
Een overeenkomst te sluiten tussen de Staat, vertegenwoordigd door de minister bevoegd voor de overheidsbedrijven, en Infrabel bepaalt de gevallen waarin Infrabel verplicht kan worden tot teruggave van kapitaalsubsidies betreffende activa die haar krachtens artikel 1 werden overgedragen en die niet langer zouden worden aangewend voor haar opdrachten van openbare dienst op het gebied van het beheer van de spoorweginfrastructuur, alsook de nadere regels van een dergelijke teruggave. Deze overeenkomst moet worden goedgekeurd door de Koning.
Art. 6. § 1er. Les actifs acquis par Infrabel en vertu de l'article 1er sont portés à l'actif de son bilan pour leur juste valeur (" fair value ").
Cette valeur est établie par le conseil d'administration d'Infrabel dans le respect des critères de prudence, de sincérité et de bonne foi, en tenant compte notamment de l'affectation des actifs aux missions de service public dans le domaine de la gestion de l'infrastructure ferroviaire. A défaut d'indications objectives et probantes quant à la valeur de marché des actifs en question, le conseil d'administration d'Infrabel peut retenir une valeur correspondant à celle pour laquelle ces actifs figuraient dans la comptabilité du Fonds à la date du transfert visé à l'article 1er, § 1er.
Préalablement à la décision du conseil, l'évaluation des actifs fait l'objet d'un rapport des commissaires d'Infrabel, membres de l'Institut des Réviseurs d'Entreprises. Ce rapport porte notamment sur la description des actifs en question et sur les modes d'évaluation proposés.
Le cas échéant, la décision du conseil d'administration expose les raisons pour lesquelles elle s'écarte des conclusions du rapport des commissaires. Cette décision et ce rapport sont déposés au greffe du tribunal de commerce de Bruxelles.
§ 2. Infrabel n'est pas tenue de reconnaître, dans son compte de résultats pour l'exercice au cours duquel elle a acquis les actifs visés à l'article 1er, un produit exceptionnel correspondant à la valeur retenue pour ces actifs. Le montant correspondant à cette valeur est porté directement sous la rubrique " VI. Subsides en capital " du passif de son bilan. Il fait l'objet d'une réduction échelonnée, par imputation à la rubrique " IV.C Autres produits financiers " du compte de résultats, au rythme de la prise en charge des amortissements afférents aux actifs en question et, en cas de réalisation ou de mise hors service de ces actifs, à concurrence du solde.
Une convention à conclure entre l'Etat, représenté par le ministre qui a les entreprises publiques dans ses attributions, et Infrabel définit les cas dans lesquels Infrabel peut être tenue de restituer des subsides en capital afférents à des actifs qui lui ont été transférés en vertu de l'article 1er et qui cesseraient d'être affectés à ses missions de service public dans le domaine de la gestion de l'infrastructure ferroviaire, ainsi que les modalités d'une telle restitution. Cette convention doit être approuvée par le Roi.
Cette valeur est établie par le conseil d'administration d'Infrabel dans le respect des critères de prudence, de sincérité et de bonne foi, en tenant compte notamment de l'affectation des actifs aux missions de service public dans le domaine de la gestion de l'infrastructure ferroviaire. A défaut d'indications objectives et probantes quant à la valeur de marché des actifs en question, le conseil d'administration d'Infrabel peut retenir une valeur correspondant à celle pour laquelle ces actifs figuraient dans la comptabilité du Fonds à la date du transfert visé à l'article 1er, § 1er.
Préalablement à la décision du conseil, l'évaluation des actifs fait l'objet d'un rapport des commissaires d'Infrabel, membres de l'Institut des Réviseurs d'Entreprises. Ce rapport porte notamment sur la description des actifs en question et sur les modes d'évaluation proposés.
Le cas échéant, la décision du conseil d'administration expose les raisons pour lesquelles elle s'écarte des conclusions du rapport des commissaires. Cette décision et ce rapport sont déposés au greffe du tribunal de commerce de Bruxelles.
§ 2. Infrabel n'est pas tenue de reconnaître, dans son compte de résultats pour l'exercice au cours duquel elle a acquis les actifs visés à l'article 1er, un produit exceptionnel correspondant à la valeur retenue pour ces actifs. Le montant correspondant à cette valeur est porté directement sous la rubrique " VI. Subsides en capital " du passif de son bilan. Il fait l'objet d'une réduction échelonnée, par imputation à la rubrique " IV.C Autres produits financiers " du compte de résultats, au rythme de la prise en charge des amortissements afférents aux actifs en question et, en cas de réalisation ou de mise hors service de ces actifs, à concurrence du solde.
Une convention à conclure entre l'Etat, représenté par le ministre qui a les entreprises publiques dans ses attributions, et Infrabel définit les cas dans lesquels Infrabel peut être tenue de restituer des subsides en capital afférents à des actifs qui lui ont été transférés en vertu de l'article 1er et qui cesseraient d'être affectés à ses missions de service public dans le domaine de la gestion de l'infrastructure ferroviaire, ainsi que les modalités d'une telle restitution. Cette convention doit être approuvée par le Roi.
Art. 7. § 1. In afwijking van de artikelen 551 tot 553 van het Burgerlijk Wetboek, verwerft Infrabel op de activa die haar krachtens artikel 1 worden overgedragen en die gelegen zijn op terreinen toebehorend aan andere personen of in de ondergrond van zulke terreinen, het eigendomsrecht voor de duur van de bestemming van deze activa voor de spoorweginfrastructuur, zoals bepaald in artikel 197, 1°, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven.
Dit recht omvat het recht om de bestaande constructies te vernieuwen of te herbouwen in geval van veroudering of vernieling.
§ 2. In geval van buitengebruikstelling van activa bedoeld in de eerste paragraaf, heeft Infrabel het recht de betreffende activa op haar kosten te verwijderen.
§ 3. Voor alles wat niet anders wordt geregeld door dit artikel of door een overeenkomst gesloten tussen Infrabel en de eigenaar van het terrein, zijn de bepalingen inzake opstal van toepassing op het eigendomsrecht van Infrabel op de activa bedoeld in de eerste paragraaf.
§ 4. Dit artikel doet geen afbreuk aan de bijzondere bepalingen die gelden voor de activa gelegen op de terreinen bedoeld in artikel 1, § 2, 3°, en die zijn opgenomen in bijlage 1.3 van voornoemd koninklijk besluit van 30 december 2004.
Dit recht omvat het recht om de bestaande constructies te vernieuwen of te herbouwen in geval van veroudering of vernieling.
§ 2. In geval van buitengebruikstelling van activa bedoeld in de eerste paragraaf, heeft Infrabel het recht de betreffende activa op haar kosten te verwijderen.
§ 3. Voor alles wat niet anders wordt geregeld door dit artikel of door een overeenkomst gesloten tussen Infrabel en de eigenaar van het terrein, zijn de bepalingen inzake opstal van toepassing op het eigendomsrecht van Infrabel op de activa bedoeld in de eerste paragraaf.
§ 4. Dit artikel doet geen afbreuk aan de bijzondere bepalingen die gelden voor de activa gelegen op de terreinen bedoeld in artikel 1, § 2, 3°, en die zijn opgenomen in bijlage 1.3 van voornoemd koninklijk besluit van 30 december 2004.
Art. 7. § 1er. Par dérogation aux articles 551 à 553 du Code civil, Infrabel acquiert sur les actifs qui lui sont transférés en vertu de l'article 1er et qui se situent sur des terrains appartenant à d'autres personnes ou dans le sous-sol de tels terrains, le droit de propriété pour la durée de l'affectation de ces actifs à l'infrastructure ferroviaire, telle que définie à l'article 197, 1°, de la loi du 21 mars 1991 portant réforme de certaines entreprises publiques économiques.
Ce droit comporte le droit de renouveler ou de reconstruire les constructions existantes en cas de vétusté ou de destruction.
§ 2. En cas de désaffectation d'actifs visés au premier paragraphe, Infrabel a le droit d'enlever les actifs en question à ses frais.
§ 3. Pour tout ce qui n'est pas réglé différemment par le présent article ou par une convention conclue entre Infrabel et le propriétaire du terrain, les dispositions en matière de superficie s'appliquent au droit de propriété d'Infrabel sur les actifs visés au premier paragraphe.
§ 4. Le présent article est sans préjudice des dispositions spéciales qui régissent les actifs situés sur les terrains visés à l'article 1er, § 2, 3°, et qui sont reprises à l'annexe 1.3 de l'arrêté royal du 30 décembre 2004 précité.
Ce droit comporte le droit de renouveler ou de reconstruire les constructions existantes en cas de vétusté ou de destruction.
§ 2. En cas de désaffectation d'actifs visés au premier paragraphe, Infrabel a le droit d'enlever les actifs en question à ses frais.
§ 3. Pour tout ce qui n'est pas réglé différemment par le présent article ou par une convention conclue entre Infrabel et le propriétaire du terrain, les dispositions en matière de superficie s'appliquent au droit de propriété d'Infrabel sur les actifs visés au premier paragraphe.
§ 4. Le présent article est sans préjudice des dispositions spéciales qui régissent les actifs situés sur les terrains visés à l'article 1er, § 2, 3°, et qui sont reprises à l'annexe 1.3 de l'arrêté royal du 30 décembre 2004 précité.
Art. 8. De schulden die krachtens artikel 14, § 1, 2°, van voornoemd koninklijk besluit van 14 juni 2004 aan het Fonds werden overgedragen, zoals opgenomen in bijlage 2 van voornoemd koninklijk besluit van 30 december 2004, en die verschuldigd blijven op de datum van inwerkingtreding van dit artikel, worden van rechtswege overgedragen aan de Staat. Te dien einde treedt de Staat van rechtswege in de plaats van het Fonds als schuldenaar van deze schulden. Deze overdracht is tegenstelbaar aan derden zonder enige andere formaliteit vanaf de inwerkingtreding van dit artikel.
Art. 8. Les dettes qui ont été transférées au Fonds en vertu de l'article 14, § 1er, 2°, de l'arrêté royal du 14 juin 2004 précité, telles que reprises à l'annexe 2 de l'arrêté royal du 30 décembre 2004 précité, et qui restent dues à la date d'entrée en vigueur du présent article sont transférées de plein droit à l'Etat. A cet effet, l'Etat est substitué de plein droit au Fonds comme débiteur de ces dettes. Ce transfert est opposable aux tiers sans autre formalité dès l'entrée en vigueur du présent article.
HOOFDSTUK 2. - Omzetting van het Fonds.
CHAPITRE 2. - Transformation du Fonds.
Art. 9. Na de overdrachten van activa en passiva bedoeld in de artikelen 1, § 1, 2 en 8, wordt het Fonds omgezet in naamloze vennootschap volgens de regels bepaald in dit hoofdstuk.
Deze omzetting brengt geen enkele wijziging mee van de rechtspersoonlijkheid van het Fonds die in de nieuwe vorm blijft voortbestaan.
Artikel 454, 4°, en boek XII van het Wetboek van vennootschappen zijn niet van toepassing op bedoelde omzetting, met uitzondering van de artikelen 783 en 784, derde lid. Dit is ook zo voor de artikelen 38 en 39, § 1, derde lid, van voornoemde wet van 21 maart 1991.
Deze omzetting brengt geen enkele wijziging mee van de rechtspersoonlijkheid van het Fonds die in de nieuwe vorm blijft voortbestaan.
Artikel 454, 4°, en boek XII van het Wetboek van vennootschappen zijn niet van toepassing op bedoelde omzetting, met uitzondering van de artikelen 783 en 784, derde lid. Dit is ook zo voor de artikelen 38 en 39, § 1, derde lid, van voornoemde wet van 21 maart 1991.
Art. 9. Après les transferts d'actifs et de passifs visés aux articles 1er, § 1er, 2 et 8, le Fonds est transformé en société anonyme selon les règles définies au présent chapitre.
Cette transformation n'entraîne aucun changement dans la personnalité juridique du Fonds qui subsiste sous la nouvelle forme.
L'article 454, 4°, et le livre XII du Code des sociétés ne s'appliquent pas à ladite transformation, à l'exception des articles 783 et 784, alinéa 3. Il en est de même des articles 38 et 39, § 1er, alinéa 3, de la loi du 21 mars 1991 précitée.
Cette transformation n'entraîne aucun changement dans la personnalité juridique du Fonds qui subsiste sous la nouvelle forme.
L'article 454, 4°, et le livre XII du Code des sociétés ne s'appliquent pas à ladite transformation, à l'exception des articles 783 et 784, alinéa 3. Il en est de même des articles 38 et 39, § 1er, alinéa 3, de la loi du 21 mars 1991 précitée.
Art. 10. Voorafgaand aan de omzetting bedoeld in artikel 9, stelt de raad van bestuur van het Fonds een ontwerp van statuten op van het Fonds na zijn omzetting rekening houdend met het feit dat :
1° het Fonds een aangepaste nieuwe naam zal dragen;
2° het doel van het Fonds beperkt zal zijn tot het beheer en de tegeldemaking van de terreinen bedoeld in bijlage 1 bij voornoemd koninklijk besluit van 30 december 2004 en andere commerciële activiteiten op het gebied van de ontwikkeling, de aankoop en verkoop, het beheer en de financiering van vastgoed.
1° het Fonds een aangepaste nieuwe naam zal dragen;
2° het doel van het Fonds beperkt zal zijn tot het beheer en de tegeldemaking van de terreinen bedoeld in bijlage 1 bij voornoemd koninklijk besluit van 30 december 2004 en andere commerciële activiteiten op het gebied van de ontwikkeling, de aankoop en verkoop, het beheer en de financiering van vastgoed.
Art. 10. Préalablement à la transformation visée à l'article 9, le conseil d'administration du Fonds établit un projet de statuts du Fonds après sa transformation en tenant compte du fait que :
1° le Fonds adoptera une nouvelle dénomination sociale appropriée;
2° l'objet social du Fonds sera limité à la gestion et à la valorisation des terrains visés à l'annexe 1 de l'arrêté royal du 30 décembre 2004 précité et à d'autres activités commerciales dans le domaine du développement, de l'achat et de la vente, de la gestion et du financement de l'immobilier.
1° le Fonds adoptera une nouvelle dénomination sociale appropriée;
2° l'objet social du Fonds sera limité à la gestion et à la valorisation des terrains visés à l'annexe 1 de l'arrêté royal du 30 décembre 2004 précité et à d'autres activités commerciales dans le domaine du développement, de l'achat et de la vente, de la gestion et du financement de l'immobilier.
Art. 11. § 1. Voorafgaand aan de omzetting bedoeld in artikel 9, maakt de raad van bestuur van het Fonds eveneens een staat van de activa en passiva van het Fonds op, die niet meer dan drie maanden voordien is vastgesteld.
§ 2. De staat bedoeld in de eerste paragraaf vermeldt het initieel bedrag van het maatschappelijk kapitaal van het Fonds na de omzetting ervan. Dit bedrag mag niet hoger zijn dan het netto-actief zoals dit uit die staat blijkt.
In deze staat en in de rekeningen van het Fonds na de omzetting ervan, wordt geen rekening gehouden met de activa en passiva overgedragen krachtens de artikelen 1, § 1, 2 en 8, noch met een eventueel verschil tussen de waarden waartegen deze activa en passiva in de rekeningen van het Fonds waren opgenomen, of met eventuele winst of verlies die op deze overdrachten is verwezenlijkt of vastgesteld.
§ 3. Twee bedrijfsrevisoren aangewezen door het Fonds brengen verslag uit over de staat bedoeld in de eerste paragraaf. Dit verslag vermeldt inzonderheid of deze staat al dan niet enige overwaardering van het netto-actief weerspiegelt.
§ 2. De staat bedoeld in de eerste paragraaf vermeldt het initieel bedrag van het maatschappelijk kapitaal van het Fonds na de omzetting ervan. Dit bedrag mag niet hoger zijn dan het netto-actief zoals dit uit die staat blijkt.
In deze staat en in de rekeningen van het Fonds na de omzetting ervan, wordt geen rekening gehouden met de activa en passiva overgedragen krachtens de artikelen 1, § 1, 2 en 8, noch met een eventueel verschil tussen de waarden waartegen deze activa en passiva in de rekeningen van het Fonds waren opgenomen, of met eventuele winst of verlies die op deze overdrachten is verwezenlijkt of vastgesteld.
§ 3. Twee bedrijfsrevisoren aangewezen door het Fonds brengen verslag uit over de staat bedoeld in de eerste paragraaf. Dit verslag vermeldt inzonderheid of deze staat al dan niet enige overwaardering van het netto-actief weerspiegelt.
Art. 11. § 1er. Préalablement à la transformation visée à l'article 9, le conseil d'administration du Fonds établit également un état résumant la situation active et passive du Fonds, arrêté à une date ne remontant pas à plus de trois mois.
§ 2. L'état visé au premier paragraphe indique le montant initial du capital social du Fonds après sa transformation. Ce montant ne peut être supérieur à l'actif net tel qu'il résulte de cet état.
Dans cet état et dans les comptes du Fonds après sa transformation, il n'est pas tenu compte des actifs et passifs transférés en vertu des articles 1er, § 1er, 2 et 8, ni d'une éventuelle différence entre les valeurs pour lesquelles ces actifs et passifs étaient inscrits dans les comptes du Fonds ou d'éventuels gains ou pertes réalisés ou constatés sur ces transferts.
§ 3. Deux réviseurs d'entreprises désignés par le Fonds font rapport sur l'état visé au premier paragraphe. Ce rapport indique notamment si cet état reflète ou non une surestimation de l'actif net.
§ 2. L'état visé au premier paragraphe indique le montant initial du capital social du Fonds après sa transformation. Ce montant ne peut être supérieur à l'actif net tel qu'il résulte de cet état.
Dans cet état et dans les comptes du Fonds après sa transformation, il n'est pas tenu compte des actifs et passifs transférés en vertu des articles 1er, § 1er, 2 et 8, ni d'une éventuelle différence entre les valeurs pour lesquelles ces actifs et passifs étaient inscrits dans les comptes du Fonds ou d'éventuels gains ou pertes réalisés ou constatés sur ces transferts.
§ 3. Deux réviseurs d'entreprises désignés par le Fonds font rapport sur l'état visé au premier paragraphe. Ce rapport indique notamment si cet état reflète ou non une surestimation de l'actif net.
Art. 12. Het ontwerp van statuten, de financiële staat en het verslag van de bedrijfsrevisoren opgesteld overeenkomstig de artikelen 10 en 11 worden ter goedkeuring voorgelegd aan de ministers respectievelijk bevoegd voor financiën en voor de overheidsbedrijven.
Na goedkeuring van deze documenten door de ministers, beslist de raad van bestuur van het Fonds over de omzetting van het Fonds in naamloze vennootschap en stelt hij de statuten van het Fonds in zijn nieuwe vorm vast. Deze besluiten worden vastgesteld bij authentieke akte, en de akte van omzetting en de nieuwe statuten worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 783 van het Wetboek van vennootschappen.
Na goedkeuring van deze documenten door de ministers, beslist de raad van bestuur van het Fonds over de omzetting van het Fonds in naamloze vennootschap en stelt hij de statuten van het Fonds in zijn nieuwe vorm vast. Deze besluiten worden vastgesteld bij authentieke akte, en de akte van omzetting en de nieuwe statuten worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 783 van het Wetboek van vennootschappen.
Art. 12. Le projet de statuts, l'état financier et le rapport des réviseurs d'entreprises établis conformément aux articles 10 et 11 sont transmis pour approbation aux ministres qui ont les finances et les entreprises publiques dans leurs attributions respectives.
Après approbation de ces documents par les ministres, le conseil d'administration du Fonds décide de la transformation du Fonds en société anonyme et arrête ses statuts sous sa nouvelle forme. Ces décisions sont constatées dans un acte authentique, et l'acte de transformation et les nouveaux statuts sont publiés, conformément à l'article 783 du Code des sociétés.
Après approbation de ces documents par les ministres, le conseil d'administration du Fonds décide de la transformation du Fonds en société anonyme et arrête ses statuts sous sa nouvelle forme. Ces décisions sont constatées dans un acte authentique, et l'acte de transformation et les nouveaux statuts sont publiés, conformément à l'article 783 du Code des sociétés.
Art. 13. De omzetting bedoeld in artikel 9 is vrijgesteld van elke belasting.
Art. 13. La transformation visée à l'article 9 est exonérée de tout impôt.
Art. 14. § 1. Alle aandelen van het Fonds die worden uitgegeven naar aanleiding van de omvorming ervan in naamloze vennootschap, worden aan de Staat toegekend.
§ 2. De Staat, vertegenwoordigd door de ministers respectievelijk bevoegd voor financiën en voor de overheidsbedrijven, brengt al zijn aandelen van het Fonds in het kapitaal van de naamloze vennootschap van publiek recht Federale Participatie- en Investeringsmaatschappij (hierna de " FPIM " genoemd).
§ 2. De Staat, vertegenwoordigd door de ministers respectievelijk bevoegd voor financiën en voor de overheidsbedrijven, brengt al zijn aandelen van het Fonds in het kapitaal van de naamloze vennootschap van publiek recht Federale Participatie- en Investeringsmaatschappij (hierna de " FPIM " genoemd).
Art. 14. § 1er. Toutes les actions du Fonds émises à l'occasion de sa transformation en société anonyme sont attribuées à l'Etat.
§ 2. L'Etat, représenté par les ministres qui ont les finances et les entreprises publiques dans leurs attributions respectives, fait apport de toutes ses actions du Fonds au capital de la société anonyme de droit public Société fédérale de Participations et d'Investissement (ci-après dénommée la " SFPI ").
§ 2. L'Etat, représenté par les ministres qui ont les finances et les entreprises publiques dans leurs attributions respectives, fait apport de toutes ses actions du Fonds au capital de la société anonyme de droit public Société fédérale de Participations et d'Investissement (ci-après dénommée la " SFPI ").
Art. 15. De mandaten van de bestuurders en commissarissen van het Fonds lopen van rechtswege af op het tijdstip van de verwezenlijking van de inbreng bedoeld in artikel 14, § 2.
Art. 15. Les mandats des administrateurs et commissaires du Fonds prennent fin de plein droit dès la réalisation de l'apport visé à l'article 14, § 2.
HOOFDSTUK 3. - Wijzigings-, opheffings- en diverse bepalingen.
CHAPITRE 3. - Dispositions modificatives, abrogatoires et diverses.
Art. 16. In artikel 15, eerste lid, van de wet van 25 juli 1891 houdende herziening der wet van 15 april 1843, op de politie der spoorwegen, opgeheven bij de wet van 3 mei 1999 en hersteld bij de wet van 9 juli 2004, worden de woorden " het Fonds voor spoorweginfrastructuur " opgeheven.
Art. 16. Dans l'article 15, premier alinéa, de la loi du 25 juillet 1891 révisant la loi du 15 avril 1843 sur la police des chemins de fer, abrogé par la loi du 3 mai 1999 et rétabli par la loi du 9 juillet 2004, les mots " du Fonds de l'infrastructure ferroviaire " sont abrogés.
Art. 17. In artikel 1 van de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut, worden de woorden " Fonds voor spoorweginfrastructuur " opgeheven.
Art. 17. Dans l'article 1er de la loi du 16 mars 1954 relative au contrôle de certains organismes d'intérêt public, les mots " Fonds de l'infrastructure ferroviaire " sont abrogés.
Art. 18. In artikel 180 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, wordt 13°, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 10 november 2006, opgeheven.
Art. 18. Dans l'article 180 du Code des impôts sur les revenus 1992, le 13°, inséré par l'arrêté royal du 10 novembre 2006, est abrogé.
Art. 19. In voornoemde wet van 21 maart 1991 worden opgeheven :
1° artikel 1, § 4, 5°, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 10 november 2006;
2° de laatste zin van artikel 200, § 4, beginnend met de woorden " Tevens raadpleegt de minister " en eindigend met de woorden " van artikel 238 ", ingevoegd bij hetzelfde besluit;
3° titel X, die de artikelen 234 tot 245 bevat, ingevoegd bij hetzelfde besluit.
1° artikel 1, § 4, 5°, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 10 november 2006;
2° de laatste zin van artikel 200, § 4, beginnend met de woorden " Tevens raadpleegt de minister " en eindigend met de woorden " van artikel 238 ", ingevoegd bij hetzelfde besluit;
3° titel X, die de artikelen 234 tot 245 bevat, ingevoegd bij hetzelfde besluit.
Art. 19. Dans la loi du 21 mars 1991 précitée, sont abrogés :
1° l'article 1er, § 4, 5°, inséré par l'arrêté royal du 10 novembre 2006;
2° la dernière phrase de l'article 200, § 4, commençant par les mots " De plus, le Ministre consultera " et finissant par les mots " de l'article 238 ", insérée par le même arrêté;
3° le titre X, comportant les articles 234 à 245, inséré par le même arrêté.
1° l'article 1er, § 4, 5°, inséré par l'arrêté royal du 10 novembre 2006;
2° la dernière phrase de l'article 200, § 4, commençant par les mots " De plus, le Ministre consultera " et finissant par les mots " de l'article 238 ", insérée par le même arrêté;
3° le titre X, comportant les articles 234 à 245, inséré par le même arrêté.
Art. 20. Artikel 492 van de programmawet (I) van 24 december 2002, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 14 juni 2004, wordt opgeheven.
Art. 20. L'article 492 de la loi-programme (I) du 24 décembre 2002, modifié par l'arrêté royal du 14 juin 2004, est abrogé.
Art. 21. Artikel 10 van voornoemd koninklijk besluit van 14 juni 2004, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 18 oktober 2004 en 10 november 2006 en bekrachtig in de programmawet van 27 december 2004, wordt opgeheven.
Art. 21. L'article 10 de l'arrêté royal du 14 juin 2004 précité, modifié par les arrêtés royaux des 18 octobre 2004 et 10 novembre 2006 et confirme par la loi programme du 27 décembre 2004, est abrogé.
Art. 22. Het koninklijk besluit van 10 november 2006 tot wijziging van de beheerstructuren van de spoorweginfrastructuur, bekrachtigd bij de programmawet van 27 december 2006, wordt opgeheven.
Art. 22. L'arrêté royal du 10 novembre 2006 modifiant les structures de gestion de l'infrastructure ferroviaire, confirmé par la loi-programme du 27 décembre 2006, est abrogé.
Art. 23. Worden opgeheven :
1° het koninklijk besluit van 18 oktober 2004 tot regeling van de werking van het Fonds voor spoorweginfrastructuur, gewijzigd bij koninklijk besluit van 13 februari 2005;
2° het koninklijk besluit van 18 oktober 2004 tot vaststelling van de voorwaarden van onderhoud en beheer door Infrabel van de spoorweginfrastructuur in het bezit van het Fonds voor spoorweginfrastructuur;
3° het koninklijk besluit van 19 januari 2005 tot vaststelling van de bezoldiging van de voorzitter en de leden van de raad van bestuur van het Fonds voor spoorweginfrastructuur;
4° het koninklijk besluit van 3 juli 2005 tot vaststelling van het gedeelte van de heffingen voor het gebruik van de spoorweginfrastructuur, verschuldigd door Infrabel aan het Fonds voor spoorweginfrastructuur, gewijzigd bij koninklijk besluit van 10 oktober 2006;
5° het koninklijk besluit van 1 september 2005 tot vaststelling van een bezoldiging van een Regeringscommissaris bij het Fonds voor spoorweginfrastructuur;
6° het koninklijk besluit van 25 juli 2008 houdende benoeming van een Regeringscommissaris bij het Fonds voor Spoorweginfrastructuur;
1° het koninklijk besluit van 18 oktober 2004 tot regeling van de werking van het Fonds voor spoorweginfrastructuur, gewijzigd bij koninklijk besluit van 13 februari 2005;
2° het koninklijk besluit van 18 oktober 2004 tot vaststelling van de voorwaarden van onderhoud en beheer door Infrabel van de spoorweginfrastructuur in het bezit van het Fonds voor spoorweginfrastructuur;
3° het koninklijk besluit van 19 januari 2005 tot vaststelling van de bezoldiging van de voorzitter en de leden van de raad van bestuur van het Fonds voor spoorweginfrastructuur;
4° het koninklijk besluit van 3 juli 2005 tot vaststelling van het gedeelte van de heffingen voor het gebruik van de spoorweginfrastructuur, verschuldigd door Infrabel aan het Fonds voor spoorweginfrastructuur, gewijzigd bij koninklijk besluit van 10 oktober 2006;
5° het koninklijk besluit van 1 september 2005 tot vaststelling van een bezoldiging van een Regeringscommissaris bij het Fonds voor spoorweginfrastructuur;
6° het koninklijk besluit van 25 juli 2008 houdende benoeming van een Regeringscommissaris bij het Fonds voor Spoorweginfrastructuur;
Art. 23. Sont abrogés :
1° l'arrêté royal du 18 octobre 2004 réglant le fonctionnement du Fonds de l'infrastructure ferroviaire, modifié par l'arrêté royal du 13 février 2005;
2° l'arrêté royal du 18 octobre 2004 relatif aux conditions d'entretien et de gestion par Infrabel de l'infrastructure ferroviaire détenue par le Fonds de l'infrastructure ferroviaire;
3° l'arrêté royal du 19 janvier 2005 fixant la rémunération du président et des membres du conseil d'administration du Fonds de l'infrastructure ferroviaire;
4° l'arrete royal du 3 juillet 2005 fixant la portion des redevances d'utilisation de l'infrastructure ferroviaire due par Infrabel au Fonds de l'infrastructure ferroviaire, modifié par l'arrêté royal du 10 octobre 2006;
5° l'arrêté royal du 1er septembre 2005 fixant la rémunération d'un commissaire du Gouvernement auprès du Fonds de l'infrastructure ferroviaire;
6° l'arrêté royal du 25 juillet 2008 portant nomination d'un Commissaire du Gouvernement près le Fonds de l'Infrastructure ferroviaire.
1° l'arrêté royal du 18 octobre 2004 réglant le fonctionnement du Fonds de l'infrastructure ferroviaire, modifié par l'arrêté royal du 13 février 2005;
2° l'arrêté royal du 18 octobre 2004 relatif aux conditions d'entretien et de gestion par Infrabel de l'infrastructure ferroviaire détenue par le Fonds de l'infrastructure ferroviaire;
3° l'arrêté royal du 19 janvier 2005 fixant la rémunération du président et des membres du conseil d'administration du Fonds de l'infrastructure ferroviaire;
4° l'arrete royal du 3 juillet 2005 fixant la portion des redevances d'utilisation de l'infrastructure ferroviaire due par Infrabel au Fonds de l'infrastructure ferroviaire, modifié par l'arrêté royal du 10 octobre 2006;
5° l'arrêté royal du 1er septembre 2005 fixant la rémunération d'un commissaire du Gouvernement auprès du Fonds de l'infrastructure ferroviaire;
6° l'arrêté royal du 25 juillet 2008 portant nomination d'un Commissaire du Gouvernement près le Fonds de l'Infrastructure ferroviaire.
Art. 24. Niettegenstaande enige strijdige contractuele bepaling heeft geen van de overdrachten en geen van de hervormingen bedoeld in dit besluit tot gevolg dat de bepalingen van een overeenkomst die het Fonds of Infrabel bindt en die dateert van vóór de inwerkingtreding van dit artikel, worden gewijzigd of dat zulke overeenkomst wordt beëindigd, en geen van deze overdrachten en hervormingen geeft enige partij het recht om zulke overeenkomst eenzijdig te wijzigen of te beëindigen.
Art. 24. Nonobstant toute disposition conventionnelle contraire, aucun des transferts et aucune des réformes vises au présent arrêté ne peut avoir pour effet de modifier les termes d'une convention par laquelle le Fonds ou Infrabel est lié et qui est antérieure à la date d'entrée en vigueur du présent article, ou de mettre fin à une telle convention, et aucun de ces transferts et aucune de ces réformes ne donne à une partie le droit de modifier une telle convention ou de la résilier unilatéralement.
Art. 25. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt, met uitzondering van :
1° de artikelen 1, 2 en 8, die in werking treden op de datum bepaald door de Koning, bij besluit vastgesteld na overleg in Ministerraad;
(NOTA : Inwerkingtreding van artikelen 1 tot 2 en 8 vastgesteld op 31-12-2008 "juist vóór middernacht" door KB 2008-12-19/36, art. 1)
2° de artikelen 16 en 23, 2° en 4°, die in werking treden op de datum van inwerkingtreding van artikel 1;
3° artikel 20, dat in werking treedt op de datum van inwerkingtreding van artikel 8;
4° de (artikelen 18, 19), 21, 22 en 23, 3°, 5° en 6°, die in werking treden (op de datum van de omzetting van het Fonds voorzien in de authentieke acte bedoeld in artikel 12). <KB 2008-12-19/37, art. 1, 1°, 002; Inwerkingtreding : 02-10-2008> <KB 2008-12-19/38, art. 1, 003; Inwerkingtreding : 02-10-2008> (NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 01-01-2009, door VARIA 2009-01-27/38, art. M)
(De datum van de omzetting voorzien in) de akte bedoeld in het eerste lid, 4°, maakt het voorwerp uit van een bericht dat door toedoen van de minister bevoegd voor financiën in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. <KB 2008-12-19/37, art. 1, 2°, 002; Inwerkingtreding : 02-10-2008> (NOTA : Deze bericht werd op B.St. van 27-01-2009, p. 5385 gepubliceerd, zie 2009-01-27/38)
1° de artikelen 1, 2 en 8, die in werking treden op de datum bepaald door de Koning, bij besluit vastgesteld na overleg in Ministerraad;
(NOTA : Inwerkingtreding van artikelen 1 tot 2 en 8 vastgesteld op 31-12-2008 "juist vóór middernacht" door KB 2008-12-19/36, art. 1)
2° de artikelen 16 en 23, 2° en 4°, die in werking treden op de datum van inwerkingtreding van artikel 1;
3° artikel 20, dat in werking treedt op de datum van inwerkingtreding van artikel 8;
4° de (artikelen 18, 19), 21, 22 en 23, 3°, 5° en 6°, die in werking treden (op de datum van de omzetting van het Fonds voorzien in de authentieke acte bedoeld in artikel 12). <KB 2008-12-19/37, art. 1, 1°, 002; Inwerkingtreding : 02-10-2008> <KB 2008-12-19/38, art. 1, 003; Inwerkingtreding : 02-10-2008> (NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 01-01-2009, door VARIA 2009-01-27/38, art. M)
(De datum van de omzetting voorzien in) de akte bedoeld in het eerste lid, 4°, maakt het voorwerp uit van een bericht dat door toedoen van de minister bevoegd voor financiën in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. <KB 2008-12-19/37, art. 1, 2°, 002; Inwerkingtreding : 02-10-2008> (NOTA : Deze bericht werd op B.St. van 27-01-2009, p. 5385 gepubliceerd, zie 2009-01-27/38)
Art. 25. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge, à l'exception :
1° des articles 1er, 2 et 8, qui entrent en vigueur à la date fixée par le Roi, par arrêté délibéré en Conseil des Ministres;
(NOTE : Entrée en vigueur des articles 1 à 2 et 8 fixée au 31-12-2008 "juste avant minuit" par AR 2008-12-19/36, art. 1)
2° des articles 16 et 23, 2° et 4°, qui entrent en vigueur à la date d'entrée en vigueur de l'article 1er;
3° de l'article 20, qui entre en vigueur à la date d'entrée en vigueur de l'article 8;
4° des articles 18, 19, 21, 22 et 23, 3°, 5° et 6°, qui entrent en vigueur (à la date de la transformation du Fonds prévue dans l'acte authentique visé à l'article 12). <AR 2008-12-19/37, art. 1, 1°, 002; En vigueur : 02-10-2008> (NOTE : Entrée en vigueur fixée au 01-01-2009, par DIVERS 2009-01-27/38, art. M)
(La date de la transformation prévue dans l'acte visé au premier alinéa, 4°, fera l'objet d'un avis publié au Moniteur belge par les soins du ministre qui a les finances dans ses attributions.) <AR 2008-12-19/37, art. 1, 2°, 002; En vigueur : 02-10-2008>
(NOTE : Cet avis a été publié au M.B. du 27-01-2009, p. 5385, voir 2009-01-27/38)
1° des articles 1er, 2 et 8, qui entrent en vigueur à la date fixée par le Roi, par arrêté délibéré en Conseil des Ministres;
(NOTE : Entrée en vigueur des articles 1 à 2 et 8 fixée au 31-12-2008 "juste avant minuit" par AR 2008-12-19/36, art. 1)
2° des articles 16 et 23, 2° et 4°, qui entrent en vigueur à la date d'entrée en vigueur de l'article 1er;
3° de l'article 20, qui entre en vigueur à la date d'entrée en vigueur de l'article 8;
4° des articles 18, 19, 21, 22 et 23, 3°, 5° et 6°, qui entrent en vigueur (à la date de la transformation du Fonds prévue dans l'acte authentique visé à l'article 12). <AR 2008-12-19/37, art. 1, 1°, 002; En vigueur : 02-10-2008> (NOTE : Entrée en vigueur fixée au 01-01-2009, par DIVERS 2009-01-27/38, art. M)
(La date de la transformation prévue dans l'acte visé au premier alinéa, 4°, fera l'objet d'un avis publié au Moniteur belge par les soins du ministre qui a les finances dans ses attributions.) <AR 2008-12-19/37, art. 1, 2°, 002; En vigueur : 02-10-2008>
(NOTE : Cet avis a été publié au M.B. du 27-01-2009, p. 5385, voir 2009-01-27/38)
Art. 26. De Minister bevoegd voor financiën en de Minister bevoegd voor de overheidsbedrijven zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 28 september 2008.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Financiën,
D. REYNDERS
De Minister van Overheidsbedrijven,
Mevr. I. VERVOTTE
Gegeven te Brussel, 28 september 2008.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Financiën,
D. REYNDERS
De Minister van Overheidsbedrijven,
Mevr. I. VERVOTTE
Art. 26. Le Ministre qui a les Finances dans ses attributions et la Ministre qui a les Entreprises publiques dans ses attributions sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.
Donné à Bruxelles, le 28 septembre 2008.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre des Finances,
D. REYNDERS
La Ministre des Entreprises publiques,
Mme I. VERVOTTE.
Donné à Bruxelles, le 28 septembre 2008.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre des Finances,
D. REYNDERS
La Ministre des Entreprises publiques,
Mme I. VERVOTTE.