Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
19 JULI 2007. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot vaststelling van het percentage of het aantal werkzoekenden en begunstigden van het leefloon (vroeger het bestaansminimum genoemd) boven hetwelk een inrichting of een vestigingsplaats voor onderwijs voor sociale promotie beschouwd kan worden als een inrichting of een vestigingsplaats die positieve discriminatie geniet (VERTALING).
Titre
19 JUILLET 2007. - Arrêté du Gouvernement de la Communauté française fixant la proportion ou le nombre de demandeurs d'emploi et de bénéficiaires du revenu d'intégration sociale (appelé autrefois minimum des moyens d'existence) au-delà desquels un établissement ou une implantation d'enseignement de promotion sociale peut être considéré comme établissement ou implantation bénéficiaire de discriminations positives.
Informations sur le document
Numac: 2007029220
Datum: 2007-07-19
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2007029220
Date: 2007-07-19
Moniteur: Voir
Tekst (4)
Texte (4)
Artikel 1. Het percentage en het aantal werkzoekenden en begunstigden van het bestaansminimum bedoeld in artikel 54, §§ 2 en 5, van het decreet van 30 juni 1998 dat erop gericht is alle leerlingen gelijke kansen op sociale emancipatie te geven, inzonderheid door de invoering van maatregelen voor positieve discriminatie, worden vastgesteld op 50 % (met een minimum van 30) en op 220.
Article 1. La proportion et le nombre de demandeurs d'emploi et de bénéficiaires de minimum des moyens d'existence visés à l'article 54, paragraphes 2 et 5, du décret du 30 juin 1998 visant à assurer à tous les élèves des chances égales d'émancipation sociale, notamment par la mise en oeuvre de discriminations positives, sont fixés à 50 % (avec un minimum de 30) et à 220.
Art. 2. Het besluit van 15 juli 2005 tot vaststelling van het percentage of het aantal werkzoekenden en begunstigden van het leefloon (vroeger het bestaansminimum genoemd) boven hetwelk een inrichting of een vestigingsplaats voor onderwijs voor sociale promotie beschouwd kan worden als een inrichting of een vestigingsplaats die positieve discriminatie geniet, wordt opgeheven.
Art. 2. L'arrêté du 15 juillet 2005 fixant la proportion ou le nombre de demandeurs d'emploi et de bénéficiaires du revenu d'intégration sociale (appelé autrefois minimum des moyens d'existence) au-delà desquels un établissement ou une implantation d'enseignement de promotion sociale peut être considéré comme établissement ou implantation bénéficiaire de discriminations positives est abrogé.
Art. 3. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2008.
Art. 3. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2008.
Art. 4. De Minister-Presidente, bevoegd voor het Leerplichtonderwijs en het Onderwijs voor Sociale Promotie, wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
  Brussel, 19 juli 2007.
  Vanwege de Regering van de Franse Gemeenschap :
  De Minister-Presidente, belast met het Leerplichtonderwijs en het Onderwijs voor Sociale Promotie,
  Mevr. M. ARENA.
Art. 4. La Ministre-Présidente en charge de l'Enseignement obligatoire et de promotion sociale est chargée de l'exécution du présent arrêté.
  Bruxelles, le 19 juillet 2007.
  Par le Gouvernement de la Communauté française :
  La Ministre-Présidente, en charge de l'Enseignement obligatoire et de Promotion sociale,
  Mme M. ARENA.